733712
636
Verklein
Vergroot
Pagina terug
1/650
Pagina verder
Camry Hybrid Handleiding
Camry Hybrid
Handleiding
CAMRY_HV_EE
Overzicht Zoeken op afbeelding
1Veiligheid
en beveiliging Zorg ervoor dat u dit leest
2Instrumenten-
paneel Het aflezen van de meters en tellers, het interpreteren van de
verschillende waarschuwingslampjes en controlelampjes, enz.
3Bediening
van elk
onderdeel
Openen en sluiten van de portieren en ruiten, afstellen
vóór het rijden, enz.
4Rijden Handelingen en adviezen die voor het rijden moeten
worden opgevolgd
5Voorzieningen in
het interieur Gebruik van de voorzieningen in het interieur, enz.
6Onderhoud
en verzorging De zorg voor uw auto en onderhoudsprocedures
7Bij problemen Informatie over wat u moet doen bij een storing
of noodgeval
8Voertuig-
specificaties Voertuigspecificaties, systemen met mogelijkheden voor
persoonlijke voorkeursinstellingen, enz.
Index Zoeken op symptoom
Alfabetisch zoeken
PZ49X-33F82-NL
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 1 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
INHOUDSOPGAVE
2
CAMRY_HV_EE
Ter informatie ....................................... 8
Over deze handleiding........................ 14
Zoekmethoden.................................... 15
Overzicht ............................................ 16
1-1. Voor een veilig gebruik
Voordat u gaat rijden................. 34
Veilig rijden ............................... 36
Veiligheidsgordels..................... 38
Airbags...................................... 43
Aan/uit-schakelaar airbag ......... 55
Belangrijke
voorzorgsmaatregelen in
verband met uitlaatgassen ..... 58
1-2. Veiligheidsvoorzieningen
voor kinderen
Rijden met kinderen in
de auto.................................... 59
Baby- en kinderzitjes................. 60
1-3. Noodoproep
eCall.......................................... 83
1-4. Hybridesysteem
Kenmerken hybridesysteem ... 101
Voorzorgsmaatregelen
hybridesysteem .................... 105
1-5. Antidiefstalsysteem
Startblokkering........................ 112
Alarm....................................... 125
2. Instrumentenpaneel
Waarschuwingslampjes
en controlelampjes................130
Meters en tellers......................136
Multi-informatiedisplay.............140
Head-up display.......................158
Energiemonitor/
verbruiksscherm....................164
1Veiligheid en beveiliging
2Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 2 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
3
1
8
7
6
5
4
3
2
CAMRY_HV_EE
3-1. Informatie over sleutels
Sleutels ................................... 170
3-2. Openen, sluiten en
vergrendelen van de
portieren
Portieren ................................. 174
Achterklep............................... 181
Smart entry-systeem
met startknop........................ 185
3-3. Verstellen van de stoelen
Voorstoelen............................. 238
Achterstoelen.......................... 240
Hoofdsteunen.......................... 243
3-4. Verstellen van het
stuurwiel en de spiegels
Stuurwiel ................................. 246
Binnenspiegel ......................... 248
Buitenspiegels......................... 250
3-5. Openen en sluiten van
de ruiten
Elektrisch bedienbare ruiten ... 253
4-1. Voordat u gaat rijden
Rijden met de auto ..................258
Lading en bagage....................266
Rijden met een
aanhangwagen......................267
4-2. Rijprocedures
Startknop .................................268
EV-modus................................274
Hybridetransmissie..................277
Richtingaanwijzerschakelaar...282
Parkeerrem..............................283
Brake Hold...............................287
4-3. Bedienen van verlichting
en ruitenwissers
Lichtschakelaar........................290
AHB (Automatic
High Beam) ...........................293
Schakelaar mistlampen ...........297
Ruitenwissers en -sproeiers ....298
4-4. Tanken
Openen van de tankdop ..........304
3Bediening van
elk onderdeel 4Rijden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 3 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
INHOUDSOPGAVE
4
CAMRY_HV_EE
4-5. Gebruik van de
ondersteunende
systemen
Toyota Safety Sense............... 308
PCS (Pre-Crash
Safety-systeem).................... 320
LDA (Lane Departure Alert
met stuurregeling)................. 330
RSA (Road Sign Assist).......... 340
Dynamic Radar Cruise
Control met volledig
snelheidsbereik..................... 345
GPF-systeem
(benzineroetfilter).................. 360
Ondersteunende systemen..... 361
BSM (Blind Spot Monitor) ....... 368
BSM-functie........................ 379
RCTA ................................. 382
Toyota Parking Assist-sensor . 386
Intelligent Clearance
Sonar-systeem (ICS)............ 394
Rijmodusselectie-
schakelaars .......................... 414
4-6. Rijtips
Rijden met een hybrideauto.... 416
Rijden in de winter .................. 419
5-1. Gebruik van de
airconditioning en de
achterruitverwarming
Automatische airconditioning...424
Stoelverwarming......................435
5-2. Gebruik van de
interieurverlichting
Overzicht interieurverlichting ...436
Interieurverlichting ..............437
Leeslampjes........................437
Verlichting
middenarmsteun
achterstoel ..........................438
5-3. Gebruik van de
opbergmogelijkheden
Overzicht van
opbergmogelijkheden............439
Dashboardkastje.................440
Consolevak.........................440
Muntenhouder.....................440
Fleshouders........................441
Bekerhouders .....................442
Extra opbergvakken............444
Open opbergvak.................445
Voorzieningen bagageruimte...446
5Voorzieningen in
het interieur
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 4 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
5
1
8
7
6
5
4
3
2
CAMRY_HV_EE
5-4. Overige voorzieningen
in het interieur
Overige voorzieningen
in het interieur....................... 447
Zonnekleppen .................... 447
Make-upspiegels................ 447
Accessoireaansluiting ........ 448
USB-laadaansluitingen....... 449
Draadloze lader
(indien aanwezig)............... 451
Armsteun............................ 457
Zonnescherm achterruit
(indien aanwezig)............... 458
Zonneschermen
achterportieren (indien
aanwezig)........................... 460
Handgrepen ....................... 461
Kledinghaakjes................... 461
6-1. Onderhoud en verzorging
Reinigen en beschermen van
het exterieur van uw auto......464
Reinigen en beschermen
van het interieur van
uw auto..................................469
6-2. Onderhoud
Onderhoud en reparatie ..........472
6-3. Zelf uit te voeren
onderhoud
Voorzorgsmaatregelen bij
zelf uit te voeren
onderhoud.............................475
Motorkap..................................477
Plaatsen van een
garagekrik .............................478
Motorruimte .............................479
12V-accu .................................486
Banden ....................................490
Bandenspanning......................507
Velgen .....................................509
Interieurfilter.............................511
Schoonmaken van de
ventilatieopening en het
filter van het batterijpakket
(tractiebatterij) .......................514
Batterij elektronische sleutel....519
Controleren en vervangen
van zekeringen......................522
Lampen....................................525
6Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 5 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
INHOUDSOPGAVE
6
CAMRY_HV_EE
7-1. Belangrijke informatie
Alarmknipperlichten ................ 536
Als uw auto in geval van
nood tot stilstand moet
worden gebracht................... 537
Als de auto vastzit in
stijgend water ....................... 538
7-2. Stappen die genomen moeten
worden in noodgevallen
Als uw auto moet worden
gesleept................................ 539
Als u denkt dat er iets mis is ... 544
Als een waarschuwingslampje
gaat branden of een
waarschuwingszoemer
klinkt ..................................... 545
Als er een
waarschuwingsmelding wordt
weergegeven........................ 552
Als uw auto een lekke band
heeft (auto's met een
bandenreparatieset) ............. 558
Als uw auto een lekke band
heeft (auto's met een
reservewiel) .......................... 576
Als het hybridesysteem
niet kan worden gestart ........ 590
Als de elektronische
sleutel niet goed werkt.......... 592
Als de 12V-accu van
de auto ontladen is ............... 595
Als uw auto oververhit raakt.... 602
Als de auto vast komt
te zitten................................. 607
8-1. Specificaties
Onderhoudsgegevens
(brandstof, oliepeil, enz.).......610
Informatie over brandstof.........621
8-2. Persoonlijke
voorkeursinstellingen
Systemen met mogelijkheden
voor persoonlijke
voorkeursinstellingen ............623
8-3. Te initialiseren onderdelen
Te initialiseren onderdelen ......630
7Bij problemen 8Voertuigspecificaties
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 6 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
7
1
8
7
6
5
4
3
2
CAMRY_HV_EE
Wat moet u doen als...
(Problemen oplossen) .......... 632
Alfabetische index................... 636
Index
Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem voor
meer informatie over de onderstaande uitrusting.
Navigatiesysteem
Audio-/informatiesysteem
Toyota Parking Assist Monitor
Toyota Motor Europe NV/SA, Avenue du Bourget 60 - 1140 Brussel, België
www.toyota-europe.com
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 7 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
8
CAMRY_HV_EE
Deze handleiding is bestemd voor alle uitvoeringen van dit type auto; alle mogelijke
opties zijn in deze handleiding opgenomen. Er zullen dan ook ongetwijfeld onderwer-
pen worden beschreven die niet op uw auto van toepassing zijn.
Alle specificaties in deze handleiding waren actueel ten tijde van de druk. Toyota
streeft er doorlopend naar haar producten te perfectioneren en wij behouden ons dan
ook het recht voor tussentijdse wijzigingen in specificatie en uitvoering door te voeren
zonder voorafgaande kennisgeving.
Afhankelijk van de specificaties kan de in de afbeeldingen getoonde auto afwijken van
uw auto voor wat betreft de uitrusting.
Er is een grote hoeveelheid niet-originele onderdelen en accessoires voor uw Toyota
te verkrijgen. Het gebruik van deze onderdelen en accessoires kan de veiligheid van
uw auto nadelig beïnvloeden, zelfs hoewel deze onderdelen door bepaalde instanties
in uw land kunnen zijn goedgekeurd. Toyota Motor Corporation kan daarom geen aan-
sprakelijkheid aanvaarden of betrouwbaarheid garanderen voor onderdelen en acces-
soires die geen originele Toyota-producten zijn en ook niet voor het vervangen door of
monteren van dergelijke onderdelen.
Breng geen wijzigingen aan uw Toyota aan met niet-originele Toyota-onderdelen.
Bedenk dat elke wijziging aan uw Toyota met niet-originele onderdelen een nadelige
invloed kan hebben op de prestaties, veiligheid en levensduur en zelfs in strijd kan zijn
met de wettelijke voorschriften. Bovendien worden eventuele schade en problemen
die door een dergelijke verandering ontstaan, niet gedekt door de garantie.
Het op dergelijke wijze aanpassen is van invloed op de geavanceerde veiligheidsvoor-
zieningen, zoals Toyota Safety Sense. Het gevaar bestaat dat deze systemen niet
goed zullen werken of juist in werking zullen treden wanneer dit niet de bedoeling is.
Ter infor matie
Handleiding
Accessoires, onderdelen en veranderingen aan uw Toyota
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 8 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
9
CAMRY_HV_EE
De inbouw van een zend-/ontvanginstallatie in uw auto kan elektronische systemen
beïnvloeden, zoals:
Hybridesysteem
(Sequentieel) multipoint brandstofinspuitsysteem
Toyota Safety Sense
Antiblokkeersysteem
SRS-airbagsysteem
Gordelspanner
Neem voor voorzorgsmaatregelen of speciale voorschriften met betrekking tot de
inbouw van een zend-/ontvanginstallatie contact op met een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige.
Nadere informatie met betrekking tot frequenties, vermogens, antenneposities en
montagevoorwaarden voor zend-/ontvanginstallaties is op verzoek beschikbaar bij een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
De hoogspanningsonderdelen en kabels van hybrideauto's stralen ongeveer net zo
veel elektromagnetische golven uit als conventionele auto's met een benzinemotor of
huishoudelijke elektronische apparatuur, ook al zijn ze elektromagnetisch afge-
schermd.
De ontvangst via een zend-/ontvanginstallatie kan in sommige gevallen gestoord wor-
den.
Inbouw van een zend-/ontvanginstallatie
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 9 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
10
CAMRY_HV_EE
De auto is uitgerust met geavanceerde computers die bepaalde informatie opslaan,
zoals:
Motortoerental/toerental elektromotor (toerental tractiemotor)
Status gaspedaal
Status rempedaal
•Rijsnelheid
Bedrijfsstatus van de ondersteunende systemen
Beelden van de camera's
Uw auto is uitgerust met camera's. Neem voor de locatie van registrerende
camera's contact op met uw Toyota-dealer.
De opgeslagen informatie is afhankelijk van de uitvoering en de aanwezige opties van
de auto, en van de bestemming.
Deze computers slaan geen gesprekken of geluiden op en ze slaan alleen in bepaalde
situaties beelden van buiten de auto op.
Gebruik van gegevens
Toyota kan de gegevens die door deze computer worden opgeslagen, gebruiken om
storingen vast te stellen, onderzoek te doen en de kwaliteit van haar producten te ver-
beteren.
Toyota stelt de gegevens die zijn opgeslagen niet beschikbaar aan derden, behalve:
Met toestemming van de eigenaar van de auto of, wanneer het een leaseauto
betreft, van de leaserijder van de auto
Op officieel verzoek van de politie, de rechtbank of een ander overheidsorgaan
Voor gebruik door Toyota in een rechtszaak
Voor onderzoek waarbij de gegevens niet worden gekoppeld aan een bepaalde
auto of eigenaar
Vastgelegde beeldinformatie kan door een Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige worden gewist
De beeldopnamefunctie kan worden uitgeschakeld. Maar als de functie wordt uitge-
schakeld, zijn er geen gegevens over de werking van het systeem beschikbaar.
Opslaan voertuiginformatie
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 10 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
11
CAMRY_HV_EE
Deze auto is uitgerust met een black box. De belangrijkste taak van de black box is om
bij bepaalde aanrijdingen of bijna-aanrijdingen, bijvoorbeeld wanneer de airbag wordt
geactiveerd of er tegen een obstakel wordt gereden, gegevens op te slaan waarmee
kan worden achterhaald hoe de systemen van de auto hebben gefunctioneerd. De
black box is ontworpen om gedurende korte tijd, meestal 30 seconden of minder,
gegevens op te slaan met betrekking tot het dynamische gedrag en de veiligheidssys-
temen van de auto. Afhankelijk van de ernst van de aanrijding en het soort aanrijding
worden er echter mogelijk geen gegevens opgeslagen.
De black box in deze auto is ontworpen om gegevens op te slaan zoals:
Hoe de diverse systemen in uw auto functioneerden;
Of en hoe ver de bestuurder het gaspedaal en/of het rempedaal had ingetrapt; en
Hoe hard de auto reed.
Deze gegevens kunnen inzicht geven in de omstandigheden waaronder de aanrijding
plaatsvond en welk letsel daarbij optrad.
OPMERKING: De black box slaat uitsluitend gegevens op wanneer er een aanrijding
plaatsvindt; de black box slaat onder normale rijomstandigheden dus geen gegevens
op. De black box slaat nooit persoonlijke gegevens op (zoals naam, geslacht, leeftijd,
plaats van de aanrijding). Andere partijen, zoals ordehandhavers, kunnen de gege-
vens van de black box echter koppelen aan persoonlijke gegevens die bij een onder-
zoek naar een aanrijding worden verkregen.
Om de gegevens die door de black box zijn opgeslagen uit te lezen, is speciale appa-
ratuur nodig en is toegang tot de auto of de black box vereist. Naast de autofabrikant
beschikken ook andere partijen, zoals ordehandhavers, over speciale apparatuur om
de gegevens uit te lezen, mits zij toegang hebben tot de auto of de black box.
Openbaarmaking van gegevens van de black box
Toyota stelt de gegevens die door de black box zijn opgeslagen niet beschikbaar
aan derden, behalve:
Met toestemming van de eigenaar van de auto (of, wanneer het een leaseauto
betreft, van de leaser van de auto)
Op officieel verzoek van de politie, de rechtbank of een ander overheidsorgaan
Voor gebruik door Toyota in een rechtszaak
Indien noodzakelijk kan Toyota echter:
De gegevens gebruiken voor onderzoek naar de veiligheid van de auto
De gegevens voor onderzoek beschikbaar stellen aan derden, zonder daarbij
specifieke informatie te verstrekken over de auto of de eigenaar
Black box
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 11 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
12
CAMRY_HV_EE
De airbags en de gordelspanners in uw Toyota bevatten explosieve chemicaliën.
Wanneer uw auto wordt vernietigd terwijl de airbags en/of de gordelspanners nog
intact zijn, kan tijdens de vernietiging een ontploffing plaatsvinden en brand ontstaan.
Laat daarom het airbagsysteem en de gordelspanners eerst verwijderen en afvoeren
door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Vernietigen van uw Toyota
WAARSCHUWING
Algemene voorzorgsmaatregelen tijdens het rijden
Rijden onder invloed: Ga niet rijden met uw auto als u alcohol of drugs gebruikt hebt,
omdat deze middelen invloed kunnen hebben op de rijvaardigheid. Alcohol en
bepaalde drugs vergroten de reactietijd, beïnvloeden het beoordelingsvermogen en
hebben een negatieve invloed op de coördinatie, waardoor aanrijdingen kunnen ont-
staan met ernstig letsel als gevolg.
Defensief rijden: Rijd altijd defensief. Anticipeer op fouten die andere bestuurders of
voetgangers zouden kunnen maken omdat u hierdoor wellicht een ongeluk kunt
voorkomen.
Afleiding van de bestuurder: Houd altijd uw volledige aandacht bij het verkeer. Alles
wat de aandacht van de bestuurder kan afleiden, zoals het veranderen van instellin-
gen, telefoneren of lezen, kan leiden tot een aanrijding waarbij u, de andere inzitten-
den van de auto of anderen ernstig letsel kunnen oplopen.
Algemene voorzorgsmaatregelen met betrekking tot veiligheid van kinderen
Laat kinderen nooit alleen in de auto achter en laat ze nooit met de sleutel spelen.
Kinderen zullen wellicht proberen de auto te starten of de neutraalstand in te schake-
len. Daarnaast kunnen kinderen zich bezeren als ze met de ruiten of andere syste-
men in de auto spelen. Verder kan de temperatuur in de auto zo hoog oplopen of zo
ver dalen dat dat kinderen fataal kan worden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 12 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
13
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 13 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
14
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING:
Geeft uitleg over iets dat kan resulteren in ernstig letsel wanneer de
voorzorgsmaatregelen niet in acht worden genomen.
OPMERKING:
Geeft uitleg over iets dat kan resulteren in schade of storingen aan de
auto of de uitrusting wanneer de voorzorgsmaatregelen niet in acht
worden genomen.
Geeft bedienings- of werkingsprocedures aan. Volg de stappen in
de aangegeven volgorde.
Geeft de handeling aan voor
het bedienen van schakelaars
en dergelijke (drukken, draaien,
enz.).
Geeft het resultaat van een
handeling aan (er wordt bijvoor-
beeld een klep geopend).
Geeft het onderdeel of de posi-
tie aan waarover uitleg wordt
gegeven.
Dit betekent dat er iets niet mag
worden gedaan of niet mag
gebeuren.
Over deze handleiding
123
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 14 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
15
CAMRY_HV_EE
Zoeken op naam
Alfabetische index ........Blz. 636
Zoeken op montagepositie
Overzicht ........................Blz. 16
Zoeken op symptoom of geluid
Wat moet u doen als...
(Problemen oplossen) ..Blz. 632
Zoeken op titel
Inhoudsopgave.................Blz. 2
Zoekmethoden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 15 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
16
CAMRY_HV_EE
Overzicht
Overzicht
Exterieur
Portieren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 174
Vergrendelen/ontgrendelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 174
Openen/sluiten van de zijruiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 253
Vergrendelen/ontgrendelen met de mechanische sleutel . . . . . . . . .Blz. 592
Achterklep. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 181
Openen van binnenuit . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 181
Openen van buitenaf . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 181
Buitenspiegels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 250
Verstellen van de spiegelhoek . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 250
Inklappen van de buitenspiegels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 250
Ontwasemen van de spiegels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 428
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 16 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
17
Overzicht
CAMRY_HV_EE
Ruitenwissers voor . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 298
Voorzorgsmaatregelen bij rijden in de winter . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 419
Voorzorgsmaatregelen voor de wasstraat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 466
Tankdopklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 304
Tanken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 304
Brandstofsoort/inhoud brandstoftank . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 612, 621
Banden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 490
Bandenmaat/bandenspanning . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 618
Winterbanden/sneeuwkettingen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 419
Controleren/wisselen/bandenspanningswaarschuwingssysteem . . .Blz. 490
In geval van een lekke band. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 558, 576
Motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 477
Openen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 477
Motorolie. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 613
In geval van oververhitting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 602
Koplampen/richtingaanwijzers voor/
parkeerlichten voor/dagrijverlichting. . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 282, 290
Mistlampen voor. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 297
Richtingaanwijzers opzij . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 282
Richtingaanwijzers achter/contourlichten achter/
achterlichten/remlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 282, 290
Achterlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 290
Achteruitrijlichten
De selectiehendel in stand R zetten. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 277
Mistachterlicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 297
Kentekenplaatverlichting. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 290
4
5
6
7
Lampen voor verlichting buitenzijde tijdens rijden
(vervangingsmethode: Blz. 525, wattage: Blz. 620)
8
9
10
11
12
13
14
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 17 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
18 Overzicht
CAMRY_HV_EE
Dashboard (auto's met linkse besturing)
Startknop. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 268
Starten van het hybridesysteem/wijzigen van de modi . . . . . . . . . . .Blz. 268
Noodstop van het hybridesysteem. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 537
Als het hybridesysteem niet gestart kan worden . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 590
Selectiehendel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 277
Wijzigen van de schakelstand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 277
Voorzorgsmaatregelen bij slepen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 539
Als de selectiehendel niet in een andere stand kan worden gezet . .Blz. 280
Tellers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 136
Aflezen van de tellers/afstellen van de dashboardverlichting. . . . . . .Blz. 136
Waarschuwingslampjes/controlelampjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 130
Als een waarschuwingslampje gaat branden. . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 545
Multi-informatiedisplay . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 140
Display . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 140
Als een waarschuwingsmelding wordt weergegeven. . . . . . . . . . . . .Blz. 552
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 18 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
19
Overzicht
CAMRY_HV_EE
Richtingaanwijzerschakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 282
Lichtschakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 290
Koplampen/parkeerlichten voor/achterlichten/
contourlichten achter/kentekenplaatverlichting
dagrijverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 290
Mistlampen voor/mistachterlicht. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 297
Schakelaar ruitenwissers en -sproeiers. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 298
Gebruik. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 298
Bijvullen van ruitensproeiervloeistof. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 485
Koplampsproeiers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 298
Schakelaar alarmknipperlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 536
Ontgrendelingshendel motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 477
Bedieningshendel stuurverstelling*1. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 246
Schakelaar stuurverstelling*1. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 246
Afstellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 246
Airconditioning. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 424
Gebruik. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 424
Achterruitverwarming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 428
Audio-/informatiesysteem*2
Klok*2
4
5
6
7
8
9
10
11
*1: Indien aanwezig
*2: Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 19 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
20 Overzicht
CAMRY_HV_EE
Schakelaars (auto's met linkse besturing)
Automatic High Beam-schakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 293
Schakelaar VSC OFF . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 363
Ontgrendelschakelaar achterklep. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 181
Ontgrendelschakelaar tankdopklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 306
Toets ODO/TRIP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 142
Dimmer dashboardverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 137
Schakelaars buitenspiegels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 250
Schakelaars centrale vergrendeling. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 176
Schakelaars ruitbediening. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 253
Blokkeerschakelaar ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 253
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 20 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
21
Overzicht
CAMRY_HV_EE
Bedieningstoetsen instrumentenpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 142
Afstandsschakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 352
Cruise control-schakelaars
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik . . . . . .Blz. 345
Afstandsbediening audiosysteem*
Toets LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling) . . . . . . . . . Blz. 330
Telefoontoets*
Spraaktoets*
1
2
3
4
5
6
7
*: Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 21 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
22 Overzicht
CAMRY_HV_EE
Schakelaar draadloze lader*1. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 451
Stoelverwarmingsschakelaars*1 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 435
Parkeerrem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 283
Activeren/deactiveren. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 283, 284
Voorzorgsmaatregelen bij rijden in de winter . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 420
Waarschuwingslampje/waarschuwingszoemer/
waarschuwingsmelding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 286, 545
EV-modusschakelaar. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 274
Brake Hold-schakelaar. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 287
Rijmodusselectieschakelaars. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 414
1
2
3
4
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 22 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
23
Overzicht
CAMRY_HV_EE
Interieur (auto's met linkse besturing)
Airbags . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 43
Vloermat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 34
Voorstoelen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 238
Hoofdsteunen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 243
Veiligheidsgordels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 38
Consolevak. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 440
Vergrendelknoppen binnenzijde portier. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 176
Bekerhouders. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 442
Achterstoelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 240
Handgrepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 461
Bedieningspaneel achter*1
Positie achterstoel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 241
Airconditioning achter. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 425
Zonnescherm achterruit . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 458
Audio-/informatiesysteem*2
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
*1: Indien aanwezig
*2: Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 23 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
24 Overzicht
CAMRY_HV_EE
Interieurverlichting/leeslampjes*1 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 436
Toets SOS*2 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 83
Make-upspiegels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 447
Zonnekleppen*3. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 447
Binnenspiegel. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 248
1
2
3
4
5
*1: De afbeelding toont de voorzijde, maar ze kunnen ook aan de achterzijde zijn
geplaatst.
*2: Indien aanwezig
*3: Gebruik NOOIT een tegen de rij-
richting in geplaatst baby- of kin-
derzitje op een stoel met een
INGESCHAKELDE AIRBAG,
omdat het KIND anders ERN-
STIG LETSEL kan oplopen als de
airbag wordt geactiveerd.
(Blz. 64)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 24 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
25
Overzicht
CAMRY_HV_EE
Dashboard (auto's met rechtse besturing)
Startknop. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 268
Starten van het hybridesysteem/wijzigen van de modi . . . . . . . . . . Blz. 268
Noodstop van het hybridesysteem. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 537
Als het hybridesysteem niet gestart kan worden . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 590
Selectiehendel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 277
Wijzigen van de schakelstand . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 277
Voorzorgsmaatregelen bij slepen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 539
Als de selectiehendel niet in een andere stand kan worden gezet . .Blz. 280
Tellers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 136
Aflezen van de tellers/afstellen van de dashboardverlichting. . . . . . .Blz. 136
Waarschuwingslampjes/controlelampjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 130
Als een waarschuwingslampje gaat branden. . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 545
Multi-informatiedisplay . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 140
Display . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 140
Als een waarschuwingsmelding wordt weergegeven. . . . . . . . . . . . .Blz. 552
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 25 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
26 Overzicht
CAMRY_HV_EE
Richtingaanwijzerschakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 282
Lichtschakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 290
Koplampen/parkeerlichten voor/achterlichten/
contourlichten achter/kentekenplaatverlichting
dagrijverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 290
Mistlampen voor/mistachterlicht. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 297
Schakelaar ruitenwissers en -sproeiers. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 298
Gebruik. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 298
Bijvullen van ruitensproeiervloeistof. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 485
Koplampsproeiers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 298
Schakelaar alarmknipperlichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 536
Ontgrendelingshendel motorkap . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 477
Bedieningshendel stuurverstelling*1. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 246
Schakelaar stuurverstelling*1. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 246
Afstellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 246
Airconditioning. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 424
Gebruik. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 424
Achterruitverwarming . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 428
Audio-/informatiesysteem*2
Klok*2
4
5
6
7
8
9
10
11
*1: Indien aanwezig
*2: Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 26 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
27
Overzicht
CAMRY_HV_EE
Schakelaars (auto's met rechtse besturing)
Ontgrendelschakelaar tankdopklep . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 306
Ontgrendelschakelaar achterklep. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 181
Schakelaar VSC OFF . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 363
Automatic High Beam-schakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 293
Toets ODO/TRIP . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 142
Dimmer dashboardverlichting . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 137
Schakelaars buitenspiegels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 250
Schakelaars centrale vergrendeling. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 176
Schakelaars ruitbediening. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 253
Blokkeerschakelaar ruitbediening . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 253
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 27 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
28 Overzicht
CAMRY_HV_EE
Bedieningstoetsen instrumentenpaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 142
Afstandsschakelaar . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 352
Cruise control-schakelaars
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik . . . . . .Blz. 345
Afstandsbediening audiosysteem*1
Toets LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling) . . . . . . . . . Blz. 330
Telefoontoets*1
Spraaktoets*1
1
2
3
4
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 28 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
29
Overzicht
CAMRY_HV_EE
Schakelaar draadloze lader*2. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 451
Rijmodusselectieschakelaars. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 414
Brake Hold-schakelaar. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 287
Parkeerrem . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 283
Activeren/deactiveren. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 283, 284
Voorzorgsmaatregelen bij rijden in de winter . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 420
Waarschuwingslampje/waarschuwingszoemer/
waarschuwingsmelding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Blz. 286, 545
EV-modusschakelaar. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 274
Stoelverwarmingsschakelaars*2 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 435
1
2
3
4
5
6
*1: Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem.
*2: Indien aanwezig
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 29 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
30 Overzicht
CAMRY_HV_EE
Interieur (auto's met rechtse besturing)
Airbags . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 43
Vloermatten. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 34
Voorstoelen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 238
Hoofdsteunen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 243
Veiligheidsgordels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 38
Consolevak. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 440
Vergrendelknoppen binnenzijde portier. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 176
Bekerhouders. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 442
Achterstoelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 240
Handgrepen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 461
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 30 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
31
Overzicht
CAMRY_HV_EE
Interieurverlichting/leeslampjes*1 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 436
Toets SOS . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 83
Make-upspiegels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 447
Zonnekleppen*2. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 447
Binnenspiegel. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Blz. 248
1
2
3
4
5
*1: De afbeelding toont de voorzijde, maar ze kunnen ook aan de achterzijde zijn
geplaatst.
*2: Gebruik NOOIT een tegen de rij-
richting in geplaatst baby- of kin-
derzitje op een stoel met een
INGESCHAKELDE AIRBAG,
omdat het KIND anders ERN-
STIG LETSEL kan oplopen als de
airbag wordt geactiveerd.
(Blz. 64)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 31 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
32 Overzicht
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 32 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
33
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
1-1. Voor een veilig gebruik
Voordat u gaat rijden.................34
Veilig rijden................................ 36
Veiligheidsgordels ..................... 38
Airbags ...................................... 43
Aan/uit-schakelaar airbag .........55
Belangrijke
voorzorgsmaatregelen in
verband met uitlaatgassen......58
1-2. Veiligheidsvoorzieningen
voor kinderen
Rijden met kinderen
in de auto................................59
Baby- en kinderzitjes................. 60
1-3. Noodoproep
eCall .......................................... 83
1-4. Hybridesysteem
Kenmerken hybridesysteem....101
Voorzorgsmaatregelen
hybridesysteem..................... 105
1-5. Antidiefstalsysteem
Startblokkering ........................ 112
Alarm....................................... 125
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 33 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
34
CAMRY_HV_EE
1-1. Voor een veilig gebruik
Gebruik alleen vloermatten die speciaal zijn ontworpen voor auto's van het-
zelfde model en modeljaar als uw auto. Bevestig ze op de juiste wijze op de
vloerbedekking.
Steek de klemhaken (clips) in de
ringen in de vloermat.
Draai het bovenste hendeltje van
de klemhaken (clips) om de vloer-
matten te bevestigen.
*: Breng de merktekens altijd in lijn.
De vorm van de klemhaken (clips) wijkt mogelijk af van wat is aangegeven in de
afbeelding.
Voordat u gaat rijden
Vloermat
1
*
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 34 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
35
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Als u dat niet doet, kan de vloermat van de bestuurder gaan schuiven, wat de bedie-
ning van de pedalen tijdens het rijden kan hinderen. Hierdoor kan de snelheid plotse-
ling toenemen of kan mogelijk niet geremd worden. Dit kan leiden tot een ongeval
waarbij ernstig letsel kan ontstaan.
Wanneer u de vloermat van de bestuurder plaatst
Gebruik geen vloermatten die zijn ontworpen voor auto's van een ander model en/
of modeljaar, zelfs niet als het gaat om originele Toyota-vloermatten.
Gebruik alleen vloermatten die zijn ontworpen voor de bestuurderszijde.
Zet de vloermat altijd vast met behulp van de meegeleverde klemhaken (clips).
Leg nooit twee of meer vloermatten boven op elkaar.
Bevestig de vloermat niet met de onderzijde naar boven of in de verkeerde richting.
Voordat u gaat rijden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 35 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
36 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
Pas de hoek van de rugleuning zo
aan dat u rechtop zit en niet voor-
over hoeft te leunen om te kunnen
sturen. (Blz. 238)
Pas de zitting zo aan dat u de
pedalen helemaal kunt intrappen
en dat uw armen licht gebogen zijn
bij de ellebogen wanneer u het
stuurwiel vasthoudt. (Blz. 238)
Vergrendel de hoofdsteun met het midden zo dicht mogelijk bij de boven-
kant van uw oren. (Blz. 243)
Draag de veiligheidsgordel op de juiste wijze. (Blz. 38)
Controleer voordat u wegrijdt eerst of alle inzittenden de veiligheidsgordel
dragen. (Blz. 38)
Gebruik een passend baby- of kinderzitje tot het kind groot genoeg is om de
veiligheidsgordel van de auto op de juiste wijze te dragen.
(Blz. 60)
Veilig rijden
Om veilig te kunnen rijden, moet u vooraf de stoel in de juiste positie
zetten en de spiegels afstellen.
De juiste houding achter het stuur
1
2
Juist gebruik van de veiligheidsgordels
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 36 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
37
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Zorg ervoor dat u goed achteruit kunt kijken door de binnenspiegel en de bui-
tenspiegels goed af te stellen. (Blz. 248, 250)
Afstellen van de spiegels
WAARSCHUWING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg
hebben.
Verstel de bestuurdersstoel niet tijdens het rijden.
Als u dat wel doet, kunt u de controle over de auto verliezen.
Plaats geen kussen tussen de bestuurder of voorpassagier en de rugleuning.
Gebruik van een kussen kan ertoe leiden dat de zithouding niet correct is, waar-
door het effect van de veiligheidsgordel en de hoofdsteun in negatieve zin kan wor-
den beïnvloed.
Plaats geen voorwerpen onder de voorstoelen.
Voorwerpen onder de voorstoelen kunnen klem komen te zitten in de stoelslede,
waardoor de stoelen wellicht niet goed vergrendeld worden. Dit kan leiden tot een
ongeval en ook kan het stelmechanisme beschadigd raken.
Houd u altijd aan de wettelijke maximumsnelheid wanneer u op de openbare weg
rijdt.
Neem, wanneer u lange afstanden rijdt, geregeld een pauze voordat u zich moe
begint te voelen.
Als u zich tijdens het rijden moe of slaperig voelt, moet u zichzelf niet dwingen om
verder te rijden, maar direct een pauze nemen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 37 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
38 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
Trek de schoudergordel zo ver
naar buiten dat de gordel goed
tegen de schouder aan ligt en niet
van de schouder af glijdt of tegen
de nek aan ligt.
Plaats het heupgedeelte van de
gordel zo laag mogelijk over de
heupen.
Stel de rugleuning af. Ga zo
rechtop mogelijk in de stoel zitten
met uw rug stevig tegen de leu-
ning.
Zorg ervoor dat de veiligheidsgordel niet gedraaid zit.
Maak de veiligheidsgordel vast
door de gesp in de gordelsluiting te
drukken totdat u een klik hoort.
De veiligheidsgordel kan worden
losgemaakt door de ontgrendel-
knop in te drukken.
Veiligheidsgordels
Controleer voordat u wegrijdt eerst of alle inzittenden de veiligheids-
gordel dragen.
Juist gebruik van de veiligheidsgordels
Vast- en losmaken van de veiligheidsgordel
Ontgren-
delknop
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 38 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
39
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Duw het schouderbevestigingspunt
omlaag terwijl u de ontgrendelknop
indrukt.
Duw het schouderbevestigingspunt
omhoog.
Zet het bovenste bevestigingspunt in
de gewenste positie en laat het los als
u een klik hoort.
De gordelspanners helpen bij het op
hun plaats houden van de inzittenden
doordat ze de gordels snel strak
tegen het lichaam aan trekken bij
bepaalde soorten zware frontale aan-
rijdingen en aanrijdingen van opzij.
De gordelspanners worden niet geacti-
veerd bij lichtere frontale aanrijdingen
of aanrijdingen van opzij, bij aanrijdin-
gen van achteren of wanneer de auto
over de kop slaat.
Afstellen van de hoogte van het schouderbevestigingspunt van de
veiligheidsgordel (voorstoelen)
Ontgrendelknop
1
2
Gordelspanners (voorstoelen en buitenste zitplaatsen achter)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 39 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
40 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
Blokkeerautomaat (ELR)
De blokkeerautomaat blokkeert de gordel als u zeer krachtig remt of betrokken raakt
bij een aanrijding. De blokkeerautomaat kan ook in werking treden als u te snel voor-
overbuigt. Door rustig te bewegen kan de veiligheidsgordel afrollen, zodat u vrij kunt
bewegen.
Gebruik van veiligheidsgordels door kinderen
De veiligheidsgordels van uw auto zijn in principe ontworpen voor gebruik door vol-
wassenen.
Gebruik een passend baby- of kinderzitje tot het kind groot genoeg is om de veilig-
heidsgordel van de auto op de juiste wijze te dragen. (Blz. 60)
Als het kind groot genoeg is om de veiligheidsgordel op een juiste manier te dragen,
volg dan de instructies met betrekking tot het gebruik van de veiligheidsgordel op.
(Blz. 38)
Vervangen van de veiligheidsgordel als de gordelspanner geactiveerd is geweest
Als de auto betrokken is bij meerdere aanrijdingen, wordt de gordelspanner geacti-
veerd voor de eerste aanrijding, maar niet voor de tweede of voor volgende aanrijdin-
gen.
Wetgeving met betrekking tot veiligheidsgordels
Als er in het land waarin u woont regels zijn voor veiligheidsgordels, neem dan contact
op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar beho-
ren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige voor het vervangen of plaatsen van vei-
ligheidsgordels.
Veiligheidsgordel achter
Als de veiligheidsgordel niet meer in de gelei-
der zit, voer hem dan door de geleider voordat
u hem gebruikt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 40 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
41
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht om de kans op letsel bij plotseling
remmen, plotseling uitwijken of een ongeval te beperken.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg heb-
ben.
Dragen van een veiligheidsgordel
Zorg ervoor dat alle inzittenden de veiligheidsgordel dragen.
Draag de veiligheidsgordel altijd op de juiste manier.
Elke veiligheidsgordel mag maar door één persoon worden gebruikt. Gebruik een
veiligheidsgordel niet voor twee personen tegelijk, ook niet als de tweede persoon
een kind is.
Toyota beveelt aan dat kinderen op de achterstoel plaatsnemen en altijd op de
juiste manier gebruikmaken van de veiligheidsgordels en/of het baby- of kinder-
zitje.
Laat om de juiste zitpositie in te stellen de rugleuning niet verder achterover hellen
dan nodig is. De veiligheidsgordels werken het best wanneer de inzittenden geheel
rechtop en goed tegen de rugleuning zitten.
Draag het schouderdeel van uw gordel nooit onder uw arm.
Draag de veiligheidsgordel altijd laag en goed aansluitend over uw heupen.
Zwangere vrouwen
Mensen met fysieke beperkingen
Win medisch advies in en draag de veiligheidsgordel op de juiste manier. (Blz. 38)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 41 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
42 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Als er kinderen in de auto aanwezig zijn
Blz. 78
Gordelspanners
Het waarschuwingslampje SRS gaat branden als een gordelspanner is geactiveerd.
De veiligheidsgordel kan in dit geval niet meer worden gebruikt en moet worden ver-
vangen door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Verstelbaar schouderbevestigingspunt
Zorg ervoor dat de gordel goed over het midden van de schouder ligt. De gordel mag
niet tegen de nek aanliggen, maar ook niet van uw schouder afglijden. Als u hier niet
voor zorgt, wordt de mate van bescherming bij plotseling remmen, uitwijken of een
ongeval minder en de kans op ernstig letsel groter. (Blz. 39)
Beschadiging en slijtage van veiligheidsgordels
Zorg ervoor dat de veiligheidsgordels niet beschadigd raken doordat de riem, de
gesp of de gordelsluiting bekneld raakt tussen het portier en de carrosserie.
Controleer het veiligheidsgordelsysteem regelmatig. Let op beschadigingen, zoals
scheuren en rafels, en op losse onderdelen. Gebruik een beschadigde veiligheids-
gordel niet, maar laat hem zo snel mogelijk vervangen. Een beschadigde veilig-
heidsgordel kan de veiligheid van de desbetreffende inzittende niet waarborgen.
Controleer of de gordel en de gesp vergrendeld zijn en of de gordel niet gedraaid
is.
Neem direct contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als de veilig-
heidsgordel niet goed werkt.
Laat de stoelen, inclusief de veiligheidsgordels, vervangen als de auto betrokken is
geweest bij een ernstig ongeval, ook al is er geen zichtbare schade.
Probeer de veiligheidsgordels niet zelf te plaatsen, verwijderen, wijzigen, demonte-
ren of af te voeren. Laat eventueel noodzakelijke reparaties uitvoeren door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwa-
lificeerde en uitgeruste deskundige. Als de veiligheidsgordels niet op de juiste wijze
worden gebruikt, werken ze mogelijk niet meer naar behoren.
Controleer bij gebruik van de veiligheidsgordel altijd of de schoudergordel door de
geleider loopt. Als dit niet het geval is, biedt de veiligheidsgordel bij een ongeval
geen optimale bescherming en kunt u bij een aanrijding of noodstop ernstig letsel
oplopen.
Controleer altijd of de gordel niet gedraaid is, niet vastzit in de geleider of achter de
rugleuning en zich in de juiste positie bevindt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 42 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
43
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Airbags voor
Bestuurdersairbag/voorpassagiersairbag
Helpen het hoofd en de borst van de bestuurder en de voorpassagier te
beschermen tegen contact met onderdelen van het interieur
Knie-airbag bestuurder
Helpt de bestuurder te beschermen
Side airbags en curtain airbags
Side airbags voor
Helpen het bovenlichaam van de voorste inzittenden te beschermen
Curtain airbags
Helpen het hoofd van de passagiers op de buitenste zitplaatsen voor en
achter te beschermen
Airbags
De airbags worden geactiveerd als de auto betrokken raakt bij bepaalde
soorten zware aanrijdingen, die zouden kunnen leiden tot ernstig letsel
voor de inzittenden. Ze werken samen met de veiligheidsgordels om de
kans op ernstig letsel te beperken.
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 43 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
44 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
De belangrijkste onderdelen van het SRS-airbagsysteem zijn hierboven afge-
beeld. Het SRS-airbagsysteem wordt aangestuurd door de airbag-ECU. Bij
het activeren van de airbags zorgt een chemische reactie in de ontstekings-
mechanismen ervoor dat de airbags snel gevuld worden met niet-giftig gas
om de beweging van de inzittenden te helpen beperken.
Onderdelen SRS-airbagsysteem
Sensoren frontale aanrijding
Knie-airbag bestuurder
Sensoren aanrijding opzij
(voorportier)
Sensoren aanrijding opzij (voor)
Voorpassagiersairbag
Side airbags voor
Curtain airbags
Aan/uit-schakelaar airbag
(indien aanwezig)
Controlelampje AIR BAG ON en
AIR BAG OFF
(indien aanwezig)
Waarschuwingslampje SRS
Airbag-ECU
Sensoren aanrijding opzij (achter)
Bestuurdersairbag
Gordelspanners en spankracht-
begrenzers
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 44 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
45
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Voorzorgsmaatregelen airbags
Neem met betrekking tot de airbags de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg
hebben.
Alle inzittenden dienen hun veiligheidsgordel op de juiste manier te dragen.
De airbags zijn aanvullende middelen die samen met de veiligheidsgordels
gebruikt moeten worden.
De bestuurdersairbag wordt met een aanzienlijke kracht geactiveerd, waardoor
ernstig letsel kan ontstaan, vooral wanneer de bestuurder zich erg dicht bij de air-
bag bevindt.
Het gevaarlijkst bij de activering van de airbag zijn de eerste 50 - 75 mm; door een
afstand van minimaal 250 mm tot het stuurwiel aan te houden, hanteert u een vei-
lige marge. Dit is de afstand gemeten vanaf het midden van het stuurwiel tot aan
uw borstbeen. Als u nu minder dan 250 mm van de airbag zit, kunt u uw zitpositie
op verschillende manieren wijzigen:
Plaats uw stoel zo ver mogelijk naar achteren terwijl de pedalen nog goed kun-
nen worden bediend.
Zet de rugleuning iets achterover.
Hoewel auto's verschillen, verkrijgen veel bestuurders, zelfs met de bestuur-
dersstoel helemaal naar voren, de afstand van 250 mm door simpelweg de rug-
leuning iets achterover te zetten. Als u door het achterover zetten van uw stoel
de weg niet goed meer kunt zien, kunt u een stevig, niet-glad kussen gebruiken
om hoger te zitten, of uw stoel hoger zetten wanneer uw auto deze mogelijkheid
biedt.
Als het stuurwiel verstelbaar is, kantel het dan naar beneden. Hierdoor wijst de
airbag naar uw borst in plaats van naar uw hoofd en nek.
De stoel dient te worden afgesteld zoals hierboven aanbevolen, terwijl de pedalen
en het stuurwiel nog steeds goed bediend kunnen worden en u het instrumenten-
paneel nog goed kunt zien.
De voorpassagiersairbag wordt ook met een aanzienlijke kracht geactiveerd waar-
door ernstig letsel kan ontstaan, vooral wanneer de voorpassagier zich erg dicht bij
de airbag bevindt. De voorpassagiersstoel dient zo ver mogelijk van de airbag af te
staan, met de rugleuning rechtop.
Kinderen die niet goed op de stoel zitten en/of niet goed vastzitten, kunnen ernstig
letsel oplopen door een geactiveerde airbag. Gebruik de veiligheidsgordels nooit
voor baby's of kleine kinderen, maar zet hen goed vast in een baby- of kinderzitje.
Toyota beveelt ten zeerste aan dat alle kinderen op de achterstoelen plaatsnemen
en op de juiste wijze vastzitten. Achterin zitten kinderen veiliger dan op de voorpas-
sagiersstoel. (Blz. 60)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 45 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
46 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Voorzorgsmaatregelen airbags
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 46 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
47
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Voorzorgsmaatregelen airbags
Hang geen kleerhangers of andere harde voorwerpen aan de kledinghaakjes. Der-
gelijke voorwerpen kunnen als een projectiel gelanceerd worden en ernstig letsel
veroorzaken wanneer de curtain airbags geactiveerd worden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 47 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
48 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Voorzorgsmaatregelen airbags
Zorg ervoor dat het gedeelte waar de knie-airbag wordt geactiveerd niet door iets
wordt afgedekt.
Gebruik geen accessoires op de stoelen die het gedeelte van de stoel waarin de
side airbags aanwezig zijn afdekken omdat dat een negatieve invloed kan hebben
op een juiste werking van de side airbags. Dergelijke accessoires kunnen tot resul-
taat hebben dat de side airbags niet op de juiste wijze geactiveerd worden, hele-
maal niet geactiveerd worden of per ongeluk geactiveerd worden, waardoor ernstig
letsel kan ontstaan.
Oefen geen overmatige kracht uit op delen waarin onderdelen van het airbagsys-
teem aanwezig zijn of op de voorportieren.
Als dat wel gebeurt, kunnen er storingen aan de airbags ontstaan.
Raak onderdelen van het airbagsysteem niet aan direct nadat de airbags geacti-
veerd zijn, omdat deze heet kunnen zijn.
Als u na het activeren van de airbags moeilijkheden met de ademhaling ondervindt,
open dan een portier of zijruit om frisse lucht binnen te laten of verlaat de auto als u
dat op een veilige manier kunt doen. Als er poederdeeltjes op uw huid zijn terecht-
gekomen, was deze er dan zo snel mogelijk af om huidirritatie te voorkomen.
Als de delen van de auto waarin airbags ondergebracht zijn, zoals het stuurwiel-
kussen en de bekleding van de voor- en achterstijlen, beschadigd of gescheurd
zijn, laat deze dan vervangen door een erkende Toyota-dealer of hersteller/repara-
teur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 48 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
49
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Wijzigingen aan en afvoeren van onderdelen van het airbagsysteem
Voer uw auto niet af en voer geen van onderstaande veranderingen uit zonder eerst
een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige te raadplegen. De airbags kunnen defect
raken of per ongeluk worden geactiveerd (opgeblazen), waardoor ernstig letsel kan
ontstaan.
Plaatsen, verwijderen, demonteren en repareren van de airbags
Reparatie, aanpassing, verwijdering of vervanging van stuurwiel, instrumentenpa-
neel, dashboard, stoelen of stoelbekleding, voor-, midden- en achterstijlen, dakzij-
rails, voorportierpanelen, voorportierbekleding of luidsprekers in de voorportieren
Aanpassing van het voorportierpaneel (bijvoorbeeld een gat erin maken)
Reparaties of wijzigingen aan het voorspatbord, de voorbumper of de zijkant van
het passagierscompartiment
Plaatsen van een bullbar, sneeuwploeg of lier
Wijzigingen aan de wielophanging van de auto
Plaatsen van elektronische apparatuur als een mobiele tweewegradio (zend-/ont-
vanginstallatie) of CD-speler
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 49 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
50 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
Als de airbags worden geactiveerd
U kunt lichte schaafplekken, brandwonden, kneuzingen, e.d. oplopen als gevolg van
de zeer hoge snelheid waarmee de airbags worden geactiveerd door hete gassen.
Er is een luide knal hoorbaar en er komt wit poeder vrij.
Gedurende enkele minuten na het activeren van de airbags kunnen de onderdelen
van de airbagmodule (stuurwielnaaf, afdekkap airbag en ontstekingsmechanisme)
evenals de voorstoelen, delen van de voor- en achterstijlen en de daklijstbekleding
nog heet zijn. De airbag zelf kan ook heet zijn.
De voorruit kan barsten.
Het hybridesysteem wordt uitgezet en de brandstoftoevoer naar de motor wordt
gestopt. (Blz. 106)
Alle portieren worden ontgrendeld. (Blz. 179)
Het remsysteem en de remlichten worden automatisch aangestuurd. (Blz. 361)
De interieurverlichting gaat automatisch branden. (Blz. 438)
De alarmknipperlichten worden automatisch ingeschakeld. (Blz. 536)
Auto's met eCall: Als een van de volgende situaties zich voordoet, verstuurt het sys-
teem automatisch een noodoproep* naar het controlecentrum van eCall. De locatie
van de auto wordt doorgegeven (zonder dat de toets SOS hoeft te worden ingedrukt)
en een medewerker zal proberen om met de inzittenden te praten om de ernst van de
situatie vast te stellen en te bepalen of hulp nodig is. Als de inzittenden niet in staat
zijn om te communiceren, behandelt de medewerker de oproep automatisch als een
noodgeval en schakelt hij of zij de noodzakelijke hulpdiensten in. (Blz. 83)
Een airbag is geactiveerd.
Een gordelspanner is geactiveerd.
De auto is betrokken bij een ernstige aanrijding van achteren.
*: In sommige gevallen kan er geen oproep worden verzonden. (Blz. 86)
Voorwaarden voor activering van de airbags (airbags voor)
De airbags voor worden geactiveerd als een bepaalde drempelwaarde wordt over-
schreden (vergelijkbaar met een frontale aanrijding met een snelheid van ongeveer
20 - 30 km/h tegen een muur die niet kan bewegen of vervormen).
Deze drempelsnelheid kan in de volgende situaties echter veel hoger liggen:
Wanneer de auto iets raakt dat kan bewegen en/of vervormen, zoals een gepar-
keerde auto of lantaarnpaal
Wanneer de auto betrokken raakt bij een ongeval waarbij de neus van de auto
onder een vrachtwagen terechtkomt
Afhankelijk van het type aanrijding worden mogelijk alleen de gordelspanners geacti-
veerd.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 50 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
51
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Voorwaarden voor activering van de airbags (SRS side airbags en curtain air-
bags)
De side airbags en curtain airbags worden geactiveerd als een bepaalde drempel-
waarde wordt overschreden (vergelijkbaar met ter plaatse van het passagierscom-
partiment aangereden worden met een snelheid van ongeveer 20 - 30 km/h door een
ongeveer 1.500 kg wegend voertuig, komend vanuit een richting die haaks staat op
de positie van de auto).
Beide curtain airbags worden mogelijk ook geactiveerd bij een zware frontale aanrij-
ding.
Omstandigheden waarbij de airbags geactiveerd kunnen worden, anders dan bij
een aanrijding
De airbags voor en de curtain airbags kunnen ook geactiveerd worden bij zware stoten
tegen de onderkant van de auto. Zie de afbeelding voor een aantal voorbeelden.
Soorten aanrijdingen waarbij de airbags soms niet geactiveerd worden (airbags
voor)
De airbags voor worden over het algemeen niet geactiveerd bij aanrijdingen van opzij
of van achteren, als de auto over de kop slaat of bij een frontale aanrijding op lage
snelheid. Maar wanneer een aanrijding voldoende voorwaartse deceleratie veroor-
zaakt, worden de airbags voor mogelijk geactiveerd.
Raken van een stoeprand of een ander hard
voorwerp
In of over een diepe kuil rijden
Hard neerkomen
Aanrijding van opzij
Aanrijding van achteren
Over de kop slaan
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 51 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
52 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
Soorten aanrijdingen waarbij de side airbags en de curtain airbags mogelijk niet
worden geactiveerd
De side airbags en curtain airbags treden mogelijk niet in werking bij aanrijdingen van
opzij onder een bepaalde hoek of bij aanrijdingen van opzij waarbij het passagiers-
compartiment niet wordt geraakt.
De side airbags treden over het algemeen niet in werking bij aanrijdingen van voren of
van achteren, als de auto over de kop slaat of bij een aanrijding van opzij op lage snel-
heid.
De curtain airbags treden over het algemeen niet in werking bij aanrijdingen van ach-
teren, als de auto over de kop slaat of bij een aanrijding van opzij of bij een frontale
aanrijding op lage snelheid.
Aanrijding van opzij waarbij het passagiers-
compartiment niet wordt geraakt
Aanrijding van opzij onder een hoek
Aanrijding van voren
Aanrijding van achteren
Over de kop slaan
Aanrijding van achteren
Over de kop slaan
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 52 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
53
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Wanneer moet u contact opnemen met een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige
In de volgende gevallen zal controle en/of reparatie van de auto nodig zijn. Neem zo
snel mogelijk contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Nadat een of meer airbags zijn geactiveerd.
De voorzijde van de auto is beschadigd of
vervormd of de auto was betrokken bij een
ongeval dat niet van zodanige aard was dat
de airbags vóór werden geactiveerd.
Bij beschadiging of vervorming van een
gedeelte van een portier of het omliggende
gebied, wanneer er een gat in is gemaakt of
bij een ongeval dat niet van zodanige aard
was dat de side airbags en curtain airbags
werden geactiveerd.
Bij krassen, scheuren of andere beschadigin-
gen aan het stuurwielkussen of het dash-
board bij de voorpassagiersairbag of het
onderste gedeelte van het instrumentenpa-
neel.
Bij krassen, scheuren of andere beschadigin-
gen aan de zijkant van de leuning van een
voorstoel met een side airbag.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 53 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
54 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
Bij krassen, scheuren of andere beschadigin-
gen in het deel van de voor- en achterstijl en
de daklijstbekleding met de curtain airbags.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 54 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
55
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Controlelampje PASSENGER AIR-
BAG
Het controlelampje ON gaat branden
als het airbagsysteem is ingeschakeld
en gaat na ongeveer 60 seconden uit
(alleen als het contact AAN staat).
Aan/uit-schakelaar airbag
Aan/uit-schakelaar airbag
Met dit systeem kan de voorpassagiersairbag worden uitgeschakeld.
Schakel deze airbag alleen uit als er een baby- of kinderzitje op de
voorpassagiersstoel wordt gebruikt.
Type A Type B
1
2
: Indien aanwezig
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 55 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
56 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
Druk de knop in.
Steek de mechanische sleutel in
de slotcilinder en zet de slotcilinder
in stand OFF.
Het controlelampje OFF gaat branden
(alleen als het contact AAN staat).
Informatie over controlelampje PASSENGER AIRBAG
Als een van de onderstaande problemen optreedt, is er mogelijk een storing in het sys-
teem aanwezig. Laat de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Het controlelampje OFF gaat niet branden als de aan/uit-schakelaar van de airbag in
stand OFF wordt gezet.
Het controlelampje reageert niet wanneer de aan/uit-schakelaar van de airbag van
ON naar OFF wordt gezet.
Airbags voor voorpassagier uitschakelen
1
Type A Type B
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 56 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
57
1-1. Voor een veilig gebruik
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Als er een baby- of kinderzitje wordt geplaatst
Plaats vanwege veiligheidsredenen het baby- of kinderzitje altijd op een achterstoel.
Als de achterstoel niet kan worden gebruikt, mag de voorstoel worden gebruikt zo
lang de aan/uit-schakelaar van de airbag in stand OFF wordt gezet.
Als de aan/uit-schakelaar van de airbag in stand ON blijft staan, kan de kracht die
met het activeren (opblazen) van de airbag gepaard gaat, ernstig letsel veroorzaken.
Als er geen baby- of kinderzitje op de voorpassagiersstoel is geplaatst
Controleer of de aan/uit-schakelaar van de airbag in stand ON staat.
Als de schakelaar in stand OFF staat, zal de airbag in geval van een ongeval niet
worden geactiveerd, waardoor ernstig letsel kan ontstaan.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 57 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
58 1-1. Voor een veilig gebruik
CAMRY_HV_EE
Belangrijke voorzorgsmaatregelen in
verband met uitlaatgassen
Uitlaatgassen bevatten stoffen die schadelijk zijn bij inademing.
WAARSCHUWING
Uitlaatgassen bevatten het schadelijke koolmonoxide (CO). Dit is een kleurloos en
reukloos gas. Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Als u deze voorzorgsmaatregelen niet in acht neemt, kunnen er uitlaatgassen in de
auto terechtkomen waardoor de bestuurder duizelig kan worden en een ongeval kan
veroorzaken, of waardoor de gezondheid van de inzittenden ernstig kan worden
geschaad.
Belangrijke punten tijdens het rijden
Houd de achterklep gesloten.
Als u uitlaatgassen ruikt in de auto, zelfs als de achterklep gesloten is, moet u de
ruiten openzetten en de auto zo snel mogelijk laten nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde
en uitgeruste deskundige.
Tijdens het parkeren
Als de auto zich in een slecht geventileerde omgeving of een afgesloten ruimte
bevindt, zoals een garage, moet u het hybridesysteem uitschakelen.
Laat bij stilstaande auto het hybridesysteem niet langdurig ingeschakeld.
Als dat niet anders kan, parkeer de auto dan op een open plek en zorg ervoor dat
er geen uitlaatgassen in het interieur terecht kunnen komen.
Laat het hybridesysteem niet draaien op een plaats waar sneeuw de afvoer van de
uitlaatgassen zou kunnen hinderen. Als zich sneeuw rond de auto ophoopt terwijl
het hybridesysteem draait, kunnen uitlaatgassen zich verzamelen en in de auto
terechtkomen.
Uitlaatpijp
Het uitlaatsysteem dient regelmatig te worden gecontroleerd. Laat uw auto nakijken
en repareren door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige bij gaten of scheuren als
gevolg van corrosie of beschadigingen aan verbindingsstukken, of bij een abnormaal
geluid aan het uitlaatsysteem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 58 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
59
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
U wordt aangeraden om kinderen op de achterstoelen te vervoeren om te
voorkomen dat ze per ongeluk tegen onderdelen aankomen, zoals de
selectiehendel, de ruitenwisserschakelaar, enz.
Gebruik het kinderslot van het achterportier of de blokkeerschakelaar van
de ruitbediening om te voorkomen dat kinderen het portier openen tijdens
het rijden of per ongeluk de elektrisch bedienbare ruit bedienen.
Laat kleine kinderen geen onderdelen bedienen waarbij lichaamsdelen
vast kunnen komen te zitten of bekneld kunnen raken, zoals de elektrisch
bedienbare ruiten, de motorkap, de achterklep en de stoelen.
Rijden met kinderen in de auto
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht als er kinderen in de
auto aanwezig zijn.
Gebruik een passend baby- of kinderzitje tot het kind groot genoeg is
om de veiligheidsgordel van de auto op de juiste wijze te dragen.
WAARSCHUWING
Laat kinderen nooit alleen in de auto achter en laat ze nooit met de sleutel spelen.
Kinderen zullen wellicht proberen de auto te starten of de neutraalstand in te schake-
len. Daarnaast kunnen kinderen zich bezeren als ze met de ruiten of andere syste-
men in de auto spelen. Verder kan de temperatuur in de auto zo hoog oplopen of zo
ver dalen dat dat kinderen fataal kan worden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 59 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
60 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
Punten om rekening mee te houden............................................... Blz. 60
Bij gebruik van een baby- of kinderzitje .......................................... Blz. 62
Geschiktheid baby- en kinderzitjes voor elke zitpositie....................Blz. 66
Plaatsingsmethode baby- of kinderzitje ...........................................Blz. 74
Vastgezet met een veiligheidsgordel .......................................... Blz. 76
Vastgezet met een onderste ISOfix-bevestigingspunt ................ Blz. 79
Met een bevestigingspunt voor de bovenste gordel ................... Blz. 81
Geef prioriteit aan de waarschuwingen en neem deze in acht. Houd u
daarnaast ook aan de wetgeving en voorschriften met betrekking tot baby-
en kinderzitjes.
Gebruik een baby- of kinderzitje tot het kind groot genoeg is om de stan-
daard gemonteerde veiligheidsgordel op de juiste wijze te gebruiken.
Kies een baby- of kinderzitje dat past bij de leeftijd en de lengte van het
kind.
Let erop dat niet alle baby- of kinderzitjes in alle auto's kunnen worden
gemonteerd.
Controleer, voordat u een baby- of kinderzitje koopt of gebruikt, of het zitje
geschikt is voor de stoelposities. (Blz. 66)
Baby- en kinderzitjes
Voordat u een baby- of kinderzitje in de auto plaatst, zijn er voorzorgs-
maatregelen die u in acht moet nemen, verschillende soorten baby- en
kinderzitjes en verschillende plaatsingsmethoden, enz. Deze staan
beschreven in deze handleiding.
Gebruik een baby- of kinderzitje wanneer er een klein kind in de auto
meerijdt dat nog niet op de juiste wijze gebruik kan maken van een vei-
ligheidsgordel. Plaats voor de veiligheid van het kind het baby- of kinder-
zitje op een achterstoel. Zorg ervoor dat u de plaatsingsmethode opvolgt
die in de handleiding van het baby- of kinderzitje staat.
Wij raden het gebruik van een origineel baby- of kinderzitje van Toyota
aan, aangezien dit in het gebruik veiliger is in deze auto. De originele
baby- of kinderzitjes van Toyota zijn speciaal gemaakt voor auto's van
Toyota. U kunt ze kopen bij een Toyota-dealer.
Inhoudsopgave
Punten om rekening mee te houden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 60 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
61
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Wanneer er een kind in de auto meerijdt
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg
hebben.
Voor de meest effectieve bescherming van een kind tijdens een ongeval of bij hard
remmen moet een kind goed vastzitten, met een veiligheidsgordel of een baby- of
kinderzitje dat op de juiste wijze is geplaatst. Raadpleeg voor informatie over het
plaatsen de bij het baby- of kinderzitje bijgesloten handleiding. In deze handleiding
vindt u algemene aanwijzingen met betrekking tot het plaatsen.
Toyota adviseert met klem gebruik te maken van een geschikt zitje dat past bij het
gewicht en de lengte van het kind en dat op de achterstoel is geplaatst. In ongeval-
lenstatistieken is aangetoond dat kinderen minder verwondingen oplopen als zij op
de achterstoelen op de juiste wijze vastzitten dan als zij op de voorstoel zitten.
Het vasthouden van een kind in de armen is geen vervanging voor een baby- of
kinderzitje. Bij een ongeval kan een kind dan de voorruit raken of klem komen te
zitten tussen degene die het kind vasthoudt en delen van het interieur.
Behandelen van baby- en kinderzitjes
Als het baby- of kinderzitje niet goed wordt vastgezet, kan het kind of een andere
passagier bij plotseling remmen, een uitwijkmanoeuvre of een aanrijding ernstig let-
sel oplopen.
Als de auto een hevige impact te verduren krijgt, bijvoorbeeld als gevolg van een
ongeval, kan er schade ontstaan aan het baby- of kinderzitje die niet direct zicht-
baar is. Gebruik het baby- of kinderzitje in dergelijke gevallen niet meer.
Afhankelijk van het baby- of kinderzitje kan het zijn dat dit moeilijk of onmogelijk
kan worden geplaatst. Controleer in dergelijke gevallen of het baby- of kinderzitje
geschikt is voor plaatsing in de auto. (Blz. 66) Houdt u zich bij het plaatsen en
gebruik aan de voorschriften voor het vastzetten van het zitje in deze handleiding
en de handleiding van het baby- of kinderzitje. Lees deze voorschriften zorgvuldig.
Laat het zitje goed vastzitten op de stoel, zelfs als het niet wordt gebruikt. Plaats
het baby- of kinderzitje niet los in het passagierscompartiment.
Wanneer u het zitje toch moet verwijderen, bewaar het dan buiten de auto of zet
het vast in de bagageruimte.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 61 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
62 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
Als er een baby- of kinderzitje wordt geplaatst op de voorpassagiers-
stoel
Plaats voor de veiligheid van het kind een baby- of kinderzitje op een ach-
terstoel. Als het plaatsen van een zitje op de voorpassagiersstoel onver-
mijdelijk is, stel dan de stoel als volgt af en plaats het baby- of kinderzitje.
Schuif de voorstoel helemaal
naar achteren. Als de hoogte
van de passagiersstoel kan wor-
den versteld, dan moet deze in
de hoogste positie staan.
Zet de rugleuning zo veel moge-
lijk rechtop.
Indien er bij het plaatsen van
een in de rijrichting geplaatst
kinderzitje een opening aanwe-
zig is tussen het kinderzitje en
de rugleuning, stel de rugleu-
ning dan af totdat het zitje en de
rugleuning goed contact maken.
Verwijder indien mogelijk de hoofdsteun indien deze de werking van het
baby- of kinderzitje hindert.
Zet anders de hoofdsteun in de hoogste stand.
Niet geschikt voor baby- of kinderzitjes met steunpoot.
Bij gebruik van een baby- of kinderzitje
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 62 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
63
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Bij gebruik van een baby- of kinderzitje
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg
hebben.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 63 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
64 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Bij gebruik van een baby- of kinderzitje
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 64 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
65
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Bij gebruik van een baby- of kinderzitje
Controleer als er een zitkussen geplaatst is altijd of de schoudergordel over het
midden van de schouder van het kind loopt. De gordel mag niet langs de nek van
het kind lopen, maar mag ook niet van de schouder van het kind vallen.
Gebruik een baby- of kinderzitje dat past bij de leeftijd en de grootte van het kind
en plaats dit op de achterstoel.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 65 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
66 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
Geschiktheid baby- en kinderzitjes voor elke zitpositie
De geschiktheid voor elke zitpositie bij een baby- of kinderzitje (Blz. 68)
geeft met symbolen aan welke typen baby- of kinderzitjes kunnen worden
gebruikt en de mogelijke zitposities bij het plaatsen.
Ook kunt u het aanbevolen baby- of kinderzitje dat geschikt is voor uw kind
selecteren.
Controleer anders [Tabel m.b.t. geschiktheid en aanbevolen baby- en kin-
derzitjes] voor de aanbevolen baby- of kinderzitjes. (Blz. 72)
Controleer het geselecteerde baby- of kinderzitje en het volgende [Voordat
u de geschiktheid van elke zitpositie bij een baby- of kinderzitje contro-
leert].
Voordat u de geschiktheid van elke zitpositie bij een baby- of kinder-
zitje controleert
Controleren van de normen voor baby- en kinderzitjes.
Gebruik een baby- of kinderzitje dat voldoet aan de VN ECE R44*1 of
VN (ECE) R129*1, 2-norm.
Het onderstaande erkende keurmerk staat op de baby- en kinderzitjes.
Controleer of het baby- of kinderzitje is voorzien van het juiste keur-
merk.
Voorbeeld van het weergegeven
nummer van het voorschrift
Typegoedkeuringsmerk VN
ECE R44*3
De gewichtsklasse van kinde-
ren die in aanmerking komen
voor een zitje met het type-
goedkeuringsmerk VN ECE
R44 wordt weergegeven.
Typegoedkeuringsmerk VN
ECE R129*3
De lengtecategorie en
gewichtsklasse van kinderen
die in aanmerking komen
voor een zitje met het type-
goedkeuringsmerk VN ECE
R129 worden weergegeven.
Geschiktheid baby- en kinderzitjes voor elke zitpositie
1
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 66 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
67
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
*1: VN ECE R44 en VN ECE R129 zijn voorschriften van de VN voor baby- en
kinderzitjes.
*2: De in de tabel genoemde baby- en kinderzitjes zijn mogelijk niet verkrijgbaar
buiten de EU.
*3: Het weergegeven keurmerk kan per product verschillend zijn.
Controleren van de categorie van het baby- of kinderzitje.
Controleer het typegoedkeuringsmerk van het baby- of kinderzitje om te
zien voor welke van de onderstaande categorieën het zitje geschikt is.
Indien u twijfelt, controleer dan de gebruikershandleiding van het baby-
of kinderzitje of neem contact op met de verkoper van het zitje.
“universeel”
“semi-universeel”
“beperkt”
“voertuigspecifiek”
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 67 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
68 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
Geschiktheid van elke zitpositie bij een baby- of kinderzitje
Auto's met linkse besturing Auto's met rechtse besturing
*1, 2, 3, 5 *4
*2, 3
*3, 5
*2, 3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 68 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
69
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
*1: Schuif de voorstoel helemaal naar achteren. Als de hoogte van de passagiers-
stoel kan worden versteld, dan moet deze in de hoogste positie staan.
*2: Zet de rugleuning zo veel mogelijk
rechtop.
Indien er bij het plaatsen van een in
de rijrichting geplaatst kinderzitje een
opening aanwezig is tussen het kin-
derzitje en de rugleuning, stel de rug-
leuning dan af totdat het zitje en de
rugleuning goed contact maken.
*3: Verwijder indien mogelijk de hoofdsteun indien deze de werking van het baby- of
kinderzitje hindert.
Zet anders de hoofdsteun in de hoogste stand.
*4: Auto's zonder aan/uit-schakelaar airbag: Gebruik alleen een in de rijrichting
geplaatst baby- of kinderzitje.
Auto's met aan/uit-schakelaar airbag: Gebruik alleen een in de rijrichting geplaatst
baby- of kinderzitje als de aan/uit-schakelaar voor de airbag in stand ON staat.
*5: Niet geschikt voor baby- of kinderzitjes met steunpoot.
Geschikt voor een “universeel” baby- of kinderzitje vastgezet
met een veiligheidsgordel.
Geschikt voor een baby- of kinderzitje dat is vermeld in de tabel
m.b.t. geschiktheid en aanbevolen baby- en kinderzitjes
(Blz. 72)
Geschikt voor i-Size- en ISOfix-baby- of kinderzitjes.
Met een bevestigingspunt voor de bovenste gordel.
Auto's zonder aan/uit-schakelaar airbag:
Gebruik nooit een tegen de rijrichting in geplaatst baby- of kin-
derzitje op de voorpassagiersstoel.
Auto's met aan/uit-schakelaar airbag:
Gebruik nooit een tegen de rijrichting in geplaatst baby- of kin-
derzitje op de voorpassagiersstoel als de aan/uit-schakelaar
voor de airbag in stand ON staat.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 69 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
70 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
Meer informatie over het plaatsen van baby- en kinderzitjes
ISOfix-baby- of kinderzitjes worden onderverdeeld in verschillende “beves-
tigingen”. Het baby- of kinderzitje kan worden gebruikt voor de zitposities
voor de in de bovenstaande tabel genoemde “bevestigingen”. Raadpleeg
de onderstaande tabel voor het soort “bevestiging”.
Als uw baby- of kinderzitje geen soort “bevestiging” heeft (of wanneer u de
informatie niet in de onderstaande tabel kunt vinden), raadpleeg dan de
“voertuiglijst” van het baby- of kinderzitje voor informatie over de geschikt-
heid of informeer bij de verkoper van uw kinderzitje.
Stoelpositienummer
Zitpositie
Auto's zonder
aan/uit-
schakelaar
airbag
Auto's met
aan/uit-schakelaar
airbag
AAN UIT
Zitpositie geschikt
voor universeel zitje
vastgezet met
gordel (Ja/Nee)
Ja
Alleen in
de rijrichting
Ja
Alleen in
de rijrich-
ting
Ja Ja Ja Ja
Zitpositie i-Size
(Ja/Nee) Nee Nee Nee Ja Nee Ja
Zitpositie geschikt
voor zijwaarts
geplaatst zitje
(L1/L2/Nee)
Nee Nee Nee Nee Nee Nee
Geschikte
bevestiging voor
tegen de rijrichting
in geplaatst zitje
(R1/R2X/R2/R3/
Nee)
Nee Nee Nee
R1,
R2X,
R2,
R3
Nee
R1,
R2X,
R2,
R3
Geschikte
bevestiging voor in
de rijrichting
geplaatst zitje
(F2X/F2/F3/Nee)
Nee Nee Nee F2X,
F2,
F3 Nee F2X,
F2,
F3
Geschikte
bevestiging
voor zitkussen
(B2/B3/Nee)
Nee Nee Nee B2,
B3 Nee B2,
B3
1
234
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 70 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
71
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Bevesti-
ging Beschrijving
F3 In de rijrichting geplaatst baby- of kinderzitje, volledige hoogte
F2 In de rijrichting geplaatst baby- of kinderzitje, verlaagd
F2X In de rijrichting geplaatst baby- of kinderzitje, verlaagd
R3 Tegen de rijrichting in geplaatst baby- of kinderzitje, volledig formaat
R2 Tegen de rijrichting in geplaatst baby- of kinderzitje, kleiner formaat
R2X Tegen de rijrichting in geplaatst baby- of kinderzitje, kleiner formaat
R1 Tegen de rijrichting in geplaatst babyzitje
L1 Naar links gericht babyzitje (reiswieg)
L2 Naar rechts gericht babyzitje (reiswieg)
B2 Zitkussen
B3 Zitkussen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 71 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
72 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
Tabel m.b.t. geschiktheid en aanbevolen baby- en kinderzitjes
Gewichts-
groepen Aanbevolen
baby- of kinderzitje
Zitpositie
Auto's
zonder
aan/uit-
schakelaar
airbag
Auto's met aan/
uit-schakelaar
airbag
AAN UIT
0, 0+
maximaal
13 kg
G0+, BABY
SAFE PLUS
(Ja/Nee) Nee Nee Ja Ja Ja Ja
G0+ BABY SAFE
PLUS met
VEILIGHEIDS-
GORDELBEVES-
TIGING, BASE
PLATFORM
(Ja/Nee)
Nee Nee Nee Ja Nee Ja
I
9 - 18 kg DUO PLUS
(Ja/Nee)
Ja
Uitsluitend
vastzetten
met gordel
Ja
Uitslui-
tend
vast-
zetten
met
gordel
Ja
Uitslui-
tend
vast-
zetten
met
gordel
Ja Nee Ja
II, III
15 - 36
kg
KIDFIX XP
SICT (Ja/Nee) Nee Nee Nee Ja Nee Ja
MAXI PLUS
(Ja/Nee)
Ja
Uitsluitend
vastzetten
met gordel
Ja
Uitslui-
tend
vast-
zetten
met
gordel
Ja
Uitslui-
tend
vast-
zetten
met
gordel
Ja Nee Ja
1
234
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 72 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
73
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
De in de tabel genoemde baby- en kinderzitjes zijn mogelijk niet verkrijg-
baar buiten de EU.
Bij het vastzetten van sommige typen baby- of kinderzitjes op de achter-
stoel kunnen de veiligheidsgordels op de plaatsen naast het zitje mogelijk
niet goed worden gebruikt en komen ze mogelijk in aanraking met het zitje.
Ook kan de werking van de veiligheidsgordel negatief worden beïnvloed.
Draag uw veiligheidsgordel goed aansluitend over uw schouder en laag
over uw heupen. Wanneer dit niet het geval is of wanneer hij in aanraking
komt met het zitje, ga dan ergens anders zitten.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot
gevolg hebben.
Verstel bij het plaatsen van een baby- of kinderzitje op de achterstoelen
de voorstoel zodanig dat deze niet in aanraking komt met het kind of het
baby- of kinderzitje.
Indien bij het plaatsen van een kinderzitje met steunvoet de rugleuning
in de weg zit wanneer u het zitje op de steunvoet wilt bevestigen, zet
dan de rugleuning naar achteren tot er voldoende ruimte is.
Als het schouderbevestigings-
punt van de veiligheidsgordel
zich vóór de gordelgeleider van
het kinderzitje bevindt, ver-
plaatst u de zitting naar voren.
Indien bij het plaatsen van een zitkussen het kind in het baby- of kinder-
zitje erg rechtop zit, zet u de rugleuning in een comfortabelere stand. En
als het schouderbevestigingspunt van de veiligheidsgordel zich vóór de
gordelgeleider van het kinderzitje bevindt, verplaatst u de zitting naar
voren.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 73 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
74 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
Controleer aan de hand van de bij het baby- of kinderzitje bijgesloten handlei-
ding de plaatsing van het zitje.
Plaatsingsmethode baby- of kinderzitje
Plaatsingsmethode Bladzijde
Bevestiging met veilig-
heidsgordel Blz. 76
Bevestiging onderste
ISOfix-bevestigingspunt Blz. 79
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 74 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
75
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Bevestiging bevestigings-
punt bovenste gordel
Stoelen met verstelbare hoofdsteun
Blz. 81
Stoelen met geïntegreerde
hoofdsteun
Plaatsingsmethode Bladzijde
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 75 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
76 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
Een baby- of kinderzitje plaatsen met behulp van een veiligheidsgor-
del
Plaats het baby- of kinderzitje aan de hand van de bijgesloten handleiding.
Als het desbetreffende baby- of kinderzitje niet binnen de “universele”
categorie valt (of de benodigde informatie staat niet in de tabel), raadpleeg
dan de “voertuiglijst” van de fabrikant van het baby- of kinderzitje voor de
diverse mogelijke montageposities of doe navraag naar de compatibiliteit
bij de verkoper van het zitje. (Blz. 67, 68)
Stel de stoel af
Wanneer de voorpassagiersstoel wordt gebruikt
Als het plaatsen van een baby- of kinderzitje op de voorpassagiersstoel
onvermijdelijk is, raadpleeg dan Blz. 62 voor het afstellen van de voor-
passagiersstoel.
Bij gebruik van de achterstoelen met rugleuningverstelling
Zet de rugleuning zo veel mogelijk rechtop.
Indien er bij het plaatsen van een in de rijrichting geplaatst kinderzitje
een opening aanwezig is tussen het kinderzitje en de rugleuning, stel de
rugleuning dan af totdat het zitje en de rugleuning goed contact maken.
Verwijder indien mogelijk de hoofdsteun indien deze de werking van het
baby- of kinderzitje hindert.
Zet anders de hoofdsteun in de hoogste stand.
(Blz. 243)
Voer de veiligheidsgordel door
het baby- of kinderzitje en steek
de gesp in de gordelsluiting.
Controleer of de gordel niet
gedraaid is. Maak de veilig-
heidsgordel goed vast aan het
baby- of kinderzitje aan de hand
van de bijgesloten handleiding.
Baby- of kinderzitje vastgezet met een veiligheidsgordel
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 76 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
77
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Als uw baby- of kinderzitje niet
is voorzien van een vergrendel-
systeem voor de veiligheidsgor-
del, zet het zitje dan vast met
een blokkeerclip.
Beweeg het baby- of kinderzitje na het plaatsen naar achteren en naar
voren om te controleren of het goed vastzit. (Blz. 78)
Verwijderen van een baby- of kinderzitje dat is vastgezet met een vei-
ligheidsgordel
Druk de ontgrendelknop op de gordelsluiting in en laat de gordel helemaal
oprollen.
Bij het losmaken van de gordelsluiting komt het baby- of kinderzitje mogelijk een
stukje omhoog als gevolg van de terugwerking van de zitting. Maak de gordel-
sluiting los terwijl u het baby- en kinderzitje tegenhoudt.
De veiligheidsgordel rolt automatisch op. Houd de gordel vast, zodat het oprol-
len rustig gebeurt.
Als er een baby- of kinderzitje wordt geplaatst
U moet bij het plaatsen van het zitje mogelijk gebruikmaken van een blokkeerclip. Volg
de aanwijzingen van de fabrikant van het baby- of kinderzitje. Als uw zitje niet over een
blokkeerclip beschikt, kunt u deze kopen bij een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige:
blokkeerclip voor baby- of kinderzitje (onderdeelnr. 73119-22010)
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 77 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
78 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Als er een baby- of kinderzitje wordt geplaatst
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg
hebben.
Laat kinderen niet met de veiligheidsgordel spelen. Als de veiligheidsgordel om de
nek van het kind draait, kan het kind stikken of ernstig letsel oplopen. Als dit
gebeurt en de gordelsluiting niet kan worden losgemaakt, knip de gordel dan door
met een schaar.
Controleer of de gesp goed in de gordelsluiting is vergrendeld en of de veiligheids-
gordel niet gedraaid is.
Beweeg het baby- of kinderzitje naar links en naar rechts en naar voren en naar
achteren om te controleren of het goed is geplaatst.
Verstel de rugleuning niet meer nadat het baby- of kinderzitje is geplaatst.
Controleer als er een zitkussen geplaatst is altijd of de schoudergordel over het
midden van de schouder van het kind loopt. De gordel mag niet langs de nek van
het kind lopen, maar mag ook niet van de schouder van het kind vallen.
Volg bij het plaatsen van een baby- of kinderzitje altijd de gebruiksaanwijzing van
de fabrikant.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 78 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
79
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Onderste ISOfix-bevestigingspunten (ISOfix-baby- of kinderzitje)
Voor de buitenste zitplaatsen ach-
ter zijn lage bevestigingspunten
aanwezig. (Merktekens geven aan
waar de bevestigingspunten zich in
de stoelen bevinden.)
Plaatsing met onderste ISOfix-bevestigingspunt (ISOfix-baby- of kin-
derzitje)
Plaats het baby- of kinderzitje aan de hand van de bijgesloten handleiding.
Als het desbetreffende baby- of kinderzitje niet binnen de “universele”
categorie valt (of de benodigde informatie staat niet in de tabel), raadpleeg
dan de “voertuiglijst” van de fabrikant van het baby- of kinderzitje voor de
diverse mogelijke montageposities of doe navraag naar de compatibiliteit
bij de verkoper van het zitje. (Blz. 67, 68)
Stel de stoel af
Bij gebruik van de achterstoelen met rugleuningverstelling
Zet de rugleuning zo veel mogelijk rechtop.
Indien er bij het plaatsen van een in de rijrichting geplaatst kinderzitje
een opening aanwezig is tussen het kinderzitje en de rugleuning, stel de
rugleuning dan af totdat het zitje en de rugleuning goed contact maken.
Verwijder indien mogelijk de hoofdsteun indien deze de werking van het
baby- of kinderzitje hindert.
Zet anders de hoofdsteun in de hoogste stand.
(Blz. 243)
Verwijder de klepjes van de
bevestigingspunten.
Baby- of kinderzitje vastgezet met een onderste
ISOfix-bevestigingspunt
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 79 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
80 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
Controleer de posities van de
speciale stangen en plaats het
zitje op de stoel.
De stangen worden achter de klep-
jes van de bevestigingspunten
geplaatst.
Beweeg het baby- of kinderzitje na het plaatsen naar achteren en naar
voren om te controleren of het goed vastzit. (Blz. 78)
4
WAARSCHUWING
Als er een baby- of kinderzitje wordt geplaatst
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg
hebben.
Verstel de rugleuning niet meer nadat het baby- of kinderzitje is geplaatst.
Controleer bij het gebruik van de onderste bevestigingspunten of er geen vreemde
voorwerpen rond de bevestigingspunten aanwezig zijn en of de gordel niet klem zit
achter het zitje.
Volg bij het plaatsen van een baby- of kinderzitje altijd de gebruiksaanwijzing van
de fabrikant.
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 80 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
81
1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Bevestigingspunten bovenste gordel
Voor de buitenste zitplaatsen achter zijn bevestigingspunten voor de
bovenste gordel aanwezig.
Gebruik de bevestigingspunten voor de bovenste gordel bij het vastmaken
van de bovenste gordel.
Bovenste gordel vastmaken aan het bevestigingspunt voor de boven-
ste gordel
Plaats het baby- of kinderzitje aan de hand van de bijgesloten handleiding.
Zet de hoofdsteun in de hoogste
stand.
Verwijder indien mogelijk de hoofd-
steun indien deze de werking van
het baby- of kinderzitje hindert.
Zet anders de hoofdsteun in de
hoogste stand. (Blz. 243)
Met een bevestigingspunt voor de bovenste gordel
Stoelen met verstelbare
hoofdsteun
Stoelen met geïntegreerde
hoofdsteun
Bovenste gordel
Bevestigingspunten
bovenste gordel
Bovenste gordel
Bevestigingspunten
bovenste gordel
1
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 81 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
82 1-2. Veiligheidsvoorzieningen voor kinderen
CAMRY_HV_EE
Open het klepje van het bevestigingspunt voor de bovenste gordel, zet de
haak vast aan het bevestigingspunt voor de bovenste gordel en trek de
bovenste gordel aan.
Controleer of de bovenste gordel goed vastzit. (Blz. 78)
Wanneer u het baby- of kinderzitje plaatst terwijl de hoofdsteun omhoog staat, zorg
er dan voor dat de bovenste gordel onder de hoofdsteun door loopt.
2
Stoelen met verstelbare hoofd-
steun
Stoelen met geïntegreerde hoofd-
steun
WAARSCHUWING
Als er een baby- of kinderzitje wordt geplaatst
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg
hebben.
Bevestig de bovenste gordel stevig en controleer of de gordel niet gedraaid is.
Bevestig de bovenste gordel uitsluitend aan het bevestigingspunt voor de bovenste
gordel.
Verstel de rugleuning niet meer nadat het baby- of kinderzitje is geplaatst.
Volg bij het plaatsen van een baby- of kinderzitje altijd de gebruiksaanwijzing van
de fabrikant.
Wanneer u het baby- of kinderzitje plaatst terwijl de hoofdsteun omhoog staat,
nadat de hoofdsteun omhoog is gezet en het bevestigingspunt voor de bovenste
gordel vervolgens is vastgemaakt, zet de hoofdsteun dan niet in een lagere stand.
OPMERKING
Bevestigingspunt bovenste gordel
Sluit het klepje wanneer het bevestigingspunt niet wordt gebruikt. Wanneer het
klepje open blijft, kan het beschadigd raken.
Haak
Bovenste gordel
Haak
Bovenste gordel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 82 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
83
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
1-3. Noodoproep
Microfoon
Toets SOS*
Controlelampjes
Luidspreker
*: Deze toets is bestemd voor communi-
catie met de eCall-medewerker.
Andere SOS-toetsen van overige sys-
temen van een auto hebben geen
betrekking op het apparaat en zijn niet
bestemd voor communicatie met de
eCall-medewerker.
: Indien aanwezig
eCall
eCall is een telematicadienst die gebruikmaakt van gegevens van het
Global Navigation Satellite System (GNSS) en ingebouwde cellulaire
technologie, waardoor de volgende noodoproepen mogelijk zijn: auto-
matische noodoproepen (automatische melding van een aanrijding) en
handmatige noodoproepen (door het indrukken van de toets SOS). Het
systeem werkt binnen het eCall-dekkingsgebied. Deze dienst is door
regelgeving van de Europese Unie verplicht gesteld. De systeemnaam
kan per land verschillend zijn.
Systeemonderdelen
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 83 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
84 1-3. Noodoproep
CAMRY_HV_EE
Automatische noodoproepen
Als een airbag wordt geactiveerd, belt het systeem automatisch het eCall-
controlecentrum.*
De medewerker van het controlecentrum ontvangt de locatie van de auto,
het tijdstip waarop het ongeval plaatsvond en het VIN van de auto, en pro-
beert de inzittenden van de auto te spreken om de ernst van de situatie te
beoordelen.
Als de inzittenden niet in staat zijn om te communiceren, behandelt de
medewerker de oproep als een noodgeval, neemt hij of zij contact op met
de dichtstbijzijnde hulpdiensten (112, enz.) en verzoekt hij of zij om assis-
tentie ter plaatse.
*: In sommige gevallen kan er geen oproep worden verzonden. (Blz. 86)
Handmatige noodoproepen
Druk in een noodsituatie op de
toets SOS om het eCall-controle-
centrum te bellen.*
De medewerker van het controle-
centrum zal de locatie van uw auto
bepalen, de situatie beoordelen en
de benodigde hulpdiensten sturen.
Open de afdekking voordat u op de
toets SOS drukt.
Als u per ongeluk op de toets SOS hebt gedrukt, zeg dan tegen de mede-
werker dat er geen sprake is van een noodgeval.
*: In sommige gevallen kan er geen oproep worden verzonden. (Blz. 86)
Noodoproepdiensten
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 84 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
85
1-3. Noodoproep
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Wanneer het contact AAN wordt gezet, gaat het rode controlelampje gedu-
rende 10 seconden branden en gaat vervolgens het groene controlelampje
branden om aan te geven dat het systeem is ingeschakeld. De controlelamp-
jes geven het volgende aan:
Als het groene controlelampje gaat branden en blijft branden, is het sys-
teem ingeschakeld.
Als het groene controlelampje tweemaal per seconde knippert, wordt er
een automatische of handmatige noodoproep gedaan.
Als er geen controlelampjes branden, is het systeem niet ingeschakeld.
Als het rode controlelampje brandt op een ander moment dan direct na het
AAN zetten van het contact, is er mogelijk een storing in het systeem aan-
wezig of is de back-upbatterij mogelijk leeg.
Als het rode controlelampje gedurende ongeveer 30 seconden knippert tij-
dens een noodoproep, is de verbinding verbroken of is het signaal van het
mobiele netwerk te zwak.
De levensduur van de back-upbatterij is hooguit 3 jaar.
Vrije software en opensourcesoftware
Dit product bevat vrije software/opensourcesoftware (FOSS).
Licentie-informatie en/of de broncode van FOSS is beschikbaar op de volgende URL:
https://www.denso.com/global/en/opensource/dcm/toyota/
Controlelampjes
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 85 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
86 1-3. Noodoproep
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Wanneer er mogelijk geen noodoproep wordt verstuurd
In de volgende situaties kunnen mogelijk geen noodoproepen worden gedaan.
Neem in dergelijke gevallen op een andere wijze contact op met hulpdiensten (112,
enz.).
Zelfs als de auto zich in het dekkingsgebied van het mobiele-telefoonnetwerk
bevindt, kan het moeilijk zijn om contact te leggen met het eCall-controlecen-
trum als de ontvangst slecht is of de lijn bezet is. In dergelijke gevallen krijgt u
mogelijk geen contact met het eCall-controlecentrum en kunt u dus geen
noodoproepen doen en kunnen hulpdiensten niet worden ingeschakeld, ook al
probeert het systeem verbinding te maken met het eCall-controlecentrum.
Wanneer de auto zich buiten het dekkingsgebied van het mobiele-telefoonnet-
werk bevindt, kunnen er geen noodoproepen worden verzonden.
Wanneer er een storing aanwezig is in de bijbehorende apparatuur (zoals het
paneel van de toets SOS, de controlelampjes, microfoon, luidspreker, DCM,
antenne of op de apparatuur aangesloten bedrading) of deze beschadigd of
kapot is, kan er geen noodoproep worden geplaatst.
Tijdens een noodoproep doet het systeem herhaaldelijk een poging om contact
op te nemen met het eCall-controlecentrum. Als er echter als gevolg van een
slechte ontvangst geen contact kan worden gelegd met het eCall-controlecen-
trum, kan het systeem mogelijk geen contact maken met het mobiele netwerk
en wordt de noodoproep beëindigd zonder dat er verbinding is gemaakt. Het
rode controlelampje knippert gedurende ongeveer 30 seconden om aan te
geven dat de verbinding is verbroken.
Als de spanning van de 12V-accu afneemt of als de accu is losgenomen, kan het
systeem mogelijk geen verbinding maken met het eCall-controlecentrum.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 86 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
87
1-3. Noodoproep
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Als het noodoproepsysteem wordt vervangen door een nieuw exemplaar
Het noodoproepsysteem moet worden geregistreerd. Neem contact op met een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwali-
ficeerde en uitgeruste deskundige.
Voor uw veiligheid
Rijd voorzichtig.
De functie van dit systeem is om u te helpen bij het plaatsen van een noodoproep
bij ongevallen, zoals een verkeersongeval of een plotseling medisch noodgeval.
Het systeem biedt de bestuurder en de passagiers op geen enkele wijze bescher-
ming. Rijd voorzichtig en doe voor uw veiligheid altijd uw veiligheidsgordel om.
Geef bij noodgevallen uw leven en de levens van anderen topprioriteit.
Wanneer u een branderige lucht of anderszins een vreemde lucht ruikt, verlaat dan
de auto en zoek onmiddellijk een veilige plek op.
Als de airbags worden geactiveerd terwijl het systeem normaal werkt, verzendt het
systeem een noodoproep. Het systeem verzendt ook een noodoproep als de auto
van achteren wordt aangereden, zelfs als de airbags niet worden geactiveerd.
Plaats om veiligheidsredenen geen noodoproep tijdens het rijden.
Wanneer u tijdens het rijden belt, kan het zijn dat u het stuurwiel niet goed kunt
bedienen, waardoor er een ongeval kan ontstaan. Breng de auto tot stilstand en
controleer of de omgeving veilig is alvorens een noodoproep te plaatsen.
Vervang zekeringen altijd door de voorgeschreven zekeringen. Als u andere zeke-
ringen gebruikt, kan er kortsluiting in het circuit optreden en kan er brand ontstaan.
Wanneer u het systeem gebruikt terwijl er rook is of sprake is van een ongewone
geur, kan er brand ontstaan. Stop onmiddellijk met het gebruik van het systeem en
neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
OPMERKING
Voorkomen van schade
Voorkom dat er vloeistof op het paneel van de toets SOS, enz. komt en sla er niet
tegenaan.
In geval van een storing in het paneel van de toets SOS, de luidspreker of de
microfoon tijdens een noodoproep of een handmatige onderhoudscontrole
Het is wellicht niet mogelijk om noodoproepen te doen, de systeemstatus te bevesti-
gen of te communiceren met de medewerker van het eCall-controlecentrum. Als de
apparatuur beschadigd is, neem dan contact op met een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 87 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
88 1-3. Noodoproep
CAMRY_HV_EE
Gegevensverwerkingsschema
De klant activeert de dienst op het Toyota-klantenportaal en gaat
akkoord met de voorwaarden van de dienst conform de AVG.
De server activeert de dienst in de DCM en bepaalt welke voertuiggege-
vens worden verzameld.
De desbetreffende voertuiggegevens worden verzameld door de DCM.
De gegevens worden gedeeld met de server.
De gegevens worden opgeslagen op de server.
De gegevens worden verwerkt op de server om de dienst te kunnen
leveren.
De verwerkte gegevens worden aan de klant gepresenteerd.
Ga naar het Toyota-klantenportaal voor de lijst van beschikbare diensten.
Overzicht systeem van toegevoegde diensten
Server
Opslag Verwerking
DCM
1
2
3
4
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 88 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
89
1-3. Noodoproep
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Uitvoeren van de regelgeving
Gebruikersinformatie uitvoering regelgeving, bijlage 1, DEEL 3 Conformiteit
1. BESCHRIJVING IN VOERTUIG GEÏNTEGREERD ECALL-SYSTEEM
1.1. Overzicht, werking en functionaliteiten van het in
het voertuig geïntegreerde op 112 gebaseerde
eCall-systeem O
1.2. De op 112 gebaseerde eCall-dienst is een
publieke dienst van algemeen nut die gratis
beschikbaar is. O
1.3.
Het in het voertuig geïntegreerde op 112 geba-
seerde eCall-systeem is standaard ingeschakeld.
Bij een ernstige aanrijding wordt het systeem auto-
matisch geactiveerd door signalen van sensoren in
het voertuig. Het wordt ook automatisch geacti-
veerd als de auto is voorzien van een TPS-sys-
teem dat niet werkt bij een ernstige aanrijding.
O
1.4.
Het in het voertuig geïntegreerde op 112 geba-
seerde eCall-systeem kan indien nodig ook hand-
matig worden geactiveerd. Instructies voor het
handmatig activeren van het systeem
O
1.5.
Als door een ernstige systeemstoring het in het
voertuig geïntegreerde op 112 gebaseerde eCall-
systeem wordt uitgeschakeld, krijgen de inzitten-
den van het voertuig de volgende waarschuwing
O
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 89 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
90 1-3. Noodoproep
CAMRY_HV_EE
2. INFORMATIE OVER GEGEVENSVERWERKING
2.1.
Elke verwerking van persoonsgegevens die via het
in het voertuig geïntegreerde op 112 gebaseerde
eCall-systeem zijn verzameld, moet voldoen aan
de regelgeving met betrekking tot persoonsgege-
vens zoals vastgelegd in richtlijn 95/46/EG en
2002/58/EG, en moet met name zijn gebaseerd op
de noodzaak om de vitale belangen van personen
te beschermen, conform artikel 7(d) van richtlijn
95/46/EG.
O
2.2.
De verwerking van dergelijke gegevens dient strikt
beperkt te blijven tot het doel van het behandelen
van de eCall-noodoproep naar het Europese
alarmnummer 112.
O
2.3. Soorten gegevens en hun ontvangers
2.3.1.
Het in het voertuig geïntegreerde op 112 geba-
seerde eCall-systeem kan alleen de volgende
gegevens verzamelen en verwerken: voertuigiden-
tificatienummer, type voertuig (personenauto of
lichte bestelwagen), type brandstof/aandrijving van
het voertuig (benzine/diesel/aardgas/LPG/elektrici-
teit/waterstof), laatste drie locaties en rijrichting
van het voertuig, logbestand van de automatische
activering van het systeem inclusief tijdstip van
activering
O
2.3.2.
De ontvangers van de door het in het voertuig
geïntegreerde op 112 gebaseerde eCall-systeem
verwerkte gegevens zijn de relevante openbare
alarmcentrales die zijn aangewezen door de
publieke autoriteiten van het land waarin deze
centrales zijn gevestigd om als eerste eCall-oproe-
pen naar het Europese alarmnummer 112 te ont-
vangen en te verwerken.
O
Gebruikersinformatie uitvoering regelgeving, bijlage 1, DEEL 3 Conformiteit
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 90 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
91
1-3. Noodoproep
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
2.4. Maatregelen m.b.t. de gegevensverwerking
2.4.1.
Het in het voertuig geïntegreerde op 112 geba-
seerde eCall-systeem is zo ontworpen dat de
gegevens in het geheugen van het systeem niet
toegankelijk zijn voordat een eCall wordt verzon-
den.
O
2.4.2.
Het in het voertuig geïntegreerde op 112 geba-
seerde eCall-systeem is zo ontworpen dat het niet
te traceren is en niet constant kan worden
getraceerd tijdens de normale werkingsstatus van
het systeem.
O
2.4.3.
Het in het voertuig geïntegreerde op 112 geba-
seerde eCall-systeem is zo ontworpen dat de
gegevens in het interne geheugen van het sys-
teem automatisch en permanent worden gewist.
O
2.4.3.1.
De gegevens over de locatie van het voertuig wor-
den op zo'n manier permanent overschreven in het
interne geheugen van het systeem dat altijd maxi-
maal de drie laatste actuele locaties van het voer-
tuig bewaard blijven. Deze locaties zijn nodig voor
de normale werking van het systeem.
O
2.4.3.2.
Het logbestand van de activiteitengegevens in het
in het voertuig geïntegreerde op 112 gebaseerde
eCall-systeem wordt niet langer bewaard dan
nodig is voor het doel van de verwerking van de
eCall-noodoproep en in elk geval niet langer dan
13 uur gerekend vanaf het moment dat de eCall-
noodoproep was verzonden.
O
Gebruikersinformatie uitvoering regelgeving, bijlage 1, DEEL 3 Conformiteit
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 91 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
92 1-3. Noodoproep
CAMRY_HV_EE
2.5. Voorwaarden voor uitoefenen van rechten door betrokkenen
2.5.1.
De betrokkene (de eigenaar van het voertuig)
heeft het recht op inzage in de gegevens en, in
voorkomende gevallen, het recht op rectificatie,
wissen of blokkeren van gegevens over hem of
haar als de verwerking van de gegevens niet over-
eenkomt met de bepalingen in richtlijn 95/46/EG.
Derden die de gegevens hebben ontvangen moe-
ten worden geïnformeerd over de rectificatie, het
wissen of het blokkeren van deze gegevens, uitge-
voerd conform deze richtlijn, behalve als kan wor-
den bewezen dat dit onmogelijk is of onevenredig
veel inspanning vereist.
O
2.5.2.
De betrokkene heeft het recht een klacht in te die-
nen bij de bevoegde gegevensbeschermingsauto-
riteit als hij of zij van mening is dat zijn of haar
rechten zijn geschonden door de verwerking van
zijn of haar persoonsgegevens.
O
2.5.3.
Klantenservice die verantwoordelijk is voor het
behandelen van verzoeken om inzage (indien van
toepassing):
Blz. 94
O
Gebruikersinformatie uitvoering regelgeving, bijlage 1, DEEL 3 Conformiteit
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 92 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
93
1-3. Noodoproep
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
3. INFORMATIE OVER DIENSTEN VAN DERDEN EN ANDERE DIENSTEN MET
TOEGEVOEGDE WAARDE (INDIEN VAN TOEPASSING)
3.1. Beschrijving van de werking en de functionaliteiten
van het TPS-systeem/dienst met toegevoegde
waarde
Blz. 88
3.2.
Elke verwerking van persoonsgegevens die via het
TPS-systeem/een andere dienst met toegevoegde
waarde zijn verzameld, moet voldoen aan de
regelgeving met betrekking tot persoonsgegevens
zoals vastgelegd in richtlijn 95/46/EG en 2002/58/
EG.
O
3.2.1.
Wettelijke basis voor het gebruik van het TPS-sys-
teem en/of de diensten met toegevoegde waarde,
en voor het verwerken van gegevens die via dit
systeem/deze diensten zijn verzameld
De Euro-
pese Alge-
mene
Verordening
Gegevensbe-
scherming
3.3.
Alleen op basis van de uitdrukkelijke toestemming
van de betrokkene (de eigenaar(s) van het voer-
tuig) mogen persoonsgegevens worden verwerkt
door het TPS-systeem en/of andere diensten met
toegevoegde waarde.
O
3.4.
Voorwaarden voor het verwerken van gegevens
via het TPS-systeem en/of andere diensten met
toegevoegde waarde, inclusief de noodzakelijke
aanvullende informatie over de traceerbaarheid,
het traceren en het verwerken van persoonsgege-
vens
Blz. 88
3.5.
De eigenaar van een auto met een TPS eCall-sys-
teem en/of een andere dienst met toegevoegde
waarde die tevens beschikt over het in het voertuig
geïntegreerde op 112 gebaseerde eCall-systeem
heeft het recht te kiezen voor het in het voertuig
geïntegreerde op 112 gebaseerde eCall-systeem
in plaats van voor het TPS eCall-systeem en
andere diensten met toegevoegde waarde.
O
3.5.1. Contactgegevens voor het behandelen van ver-
zoeken om uitschakeling van het TPS eCall-sys-
teem N.b.
Gebruikersinformatie uitvoering regelgeving, bijlage 1, DEEL 3 Conformiteit
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 93 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
94 1-3. Noodoproep
CAMRY_HV_EE
Klantenservice die verantwoordelijk is voor het behandelen van verzoeken om
inzage
Land Contactgegevens
België/Luxemburg privacy@toyota.be
Denemarken toyota@toyota.dk
Duitsland Toyota.Datenschutz@toyota.de
Estland privacy@toyota.ee
Finland tietosuoja@toyota.fi
Frankrijk delegue.protectiondonnees@toyota-europe.com
Griekenland customer@toyota.gr
Groot-Brittannië privacy@tgb.toyota.co.uk
Ierland customerservice@toyota.ie
IJsland personuvernd@toyota.is
Italië tmi.dpo@toyota-europe.com
Kroatië dpcp@toyota.hr
Nederland www.toyota.nl/klantenservice
Noorwegen personvern@toyota.no
Oostenrijk datenschutz@toyota-frey.at
Polen klient@toyota.pl
Portugal gestaodadospessoais@toyotacaetano.pt
Roemenië relatii.clienti@toyota.ro
Slovenië dpcp@toyota.si
Spanje clientes@toyota.es/dpo@toyota.es
Tsjechië/Hongarije/
Slowakije adatvedelem@toyota-ce.com
Zweden integritet@toyota.se
Zwitserland info@toyota.ch
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 94 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
95
1-3. Noodoproep
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Verklaring voor eCall
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 95 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
96 1-3. Noodoproep
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 96 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
97
1-3. Noodoproep
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 97 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
98 1-3. Noodoproep
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 98 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
99
1-3. Noodoproep
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 99 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
100 1-3. Noodoproep
CAMRY_HV_EE
Wet op de consumentenbescherming
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 100 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
101
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
1-4. Hybridesysteem
De afbeelding dient slechts ter illustratie en wijkt mogelijk af van de werkelijk-
heid.
Benzinemotor
Elektromotor (tractiemotor)
Kenmerken hybridesysteem
Uw auto is een hybridevoertuig. De eigenschappen van uw auto zijn
anders dan die van conventionele auto's. Zorg ervoor dat u de eigen-
schappen van uw auto goed leert kennen en gebruik de functies voor-
zichtig.
Bij het hybridesysteem werken een benzinemotor en een elektromotor
(tractiemotor) samen, afhankelijk van de rijomstandigheden, om het
brandstofverbruik en de uitlaatgasemissie te verlagen.
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 101 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
102 1-4. Hybridesysteem
CAMRY_HV_EE
Bij stilstand/tijdens wegrijden
Wanneer de auto stilstaat, wordt de benzinemotor uitgeschakeld*. Bij het
wegrijden wordt de auto aangedreven door de elektromotor (tractiemotor).
Bij het rijden met lage snelheid of bij het afrijden van een flauwe helling
wordt de benzinemotor uitgeschakeld* en wordt de elektromotor (tractie-
motor) ingeschakeld.
Wanneer de selectiehendel in stand N staat, wordt het batterijpakket (trac-
tiebatterij) niet opgeladen.
*: Wanneer het batterijpakket (tractiebatterij) moet worden opgeladen of wanneer de
motor aan het opwarmen is, enz., wordt de benzinemotor niet automatisch uitge-
schakeld.
(Blz. 103)
Tijdens normaal rijden
De auto wordt voornamelijk aangedreven door de benzinemotor. De elek-
tromotor (tractiemotor) laadt zo nodig het batterijpakket (tractiebatterij) op.
Tijdens sterk accelereren
Wanneer het gaspedaal volledig wordt ingetrapt, wordt de energie van het
batterijpakket (tractiebatterij) toegevoegd aan de energie die de benzine-
motor levert via de elektromotor (tractiemotor).
Tijdens het remmen (regeneratief remmen)
De wielen drijven de elektromotor (tractiemotor) aan, waardoor energie
wordt opgewekt en het batterijpakket (tractiebatterij) wordt opgeladen.
Als u rijdt met uitgeschakelde benzinemotor, wordt er een geluid, dat aange-
past wordt aan de rijsnelheid, afgespeeld om mensen in de buurt te waar-
schuwen dat de auto nadert. Het geluid stopt als de rijsnelheid hoger wordt
dan ongeveer 25 km/h.
Akoestisch voertuigwaarschuwingssysteem (indien aanwezig)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 102 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
103
1-4. Hybridesysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Regeneratief remmen
In de volgende situaties wordt kinetische energie omgezet in elektrische energie en
wordt er een afremmingskracht gegenereerd terwijl tegelijkertijd het batterijpakket
(tractiebatterij) wordt opgeladen.
Het gaspedaal wordt losgelaten terwijl de selectiehendel in stand D of S staat.
Het rempedaal wordt ingetrapt terwijl de selectiehendel in stand D of S staat.
Behalve Oekraïne: als het benzineroetfiltersysteem (Blz. 360) in werking is om het
uitlaatgasfilter te regenereren, wordt het batterijpakket (tractiebatterij) mogelijk niet
opgeladen.
EV-controlelampje
Omstandigheden waarin de benzinemotor mogelijk niet wordt uitgeschakeld
De benzinemotor wordt automatisch gestart en uitgeschakeld. Hij wordt echter onder
de volgende omstandigheden mogelijk niet automatisch uitgeschakeld*:
Tijdens de opwarmfase van de benzinemotor
Tijdens het opladen van het batterijpakket (tractiebatterij)
Als de temperatuur van het batterijpakket (tractiebatterij) hoog of laag is
Als de verwarming is ingeschakeld
*: Afhankelijk van de omstandigheden wordt de benzinemotor mogelijk ook niet auto-
matisch uitgeschakeld in andere dan de hiervoor genoemde situaties.
Opladen van het batterijpakket (tractiebatterij)
Omdat het batterijpakket (tractiebatterij) indien nodig door de benzinemotor wordt
opgeladen, hoeft het niet door een externe bron te worden opgeladen. Als de auto
echter gedurende lange tijd wordt geparkeerd, wordt het batterijpakket (tractiebatterij)
langzaam ontladen. Daarom moet u ervoor zorgen dat er elke paar maanden gedu-
rende minimaal 30 minuten of 16 km met de auto gereden wordt. Als het batterijpakket
(tractiebatterij) volledig ontladen raakt en u het hybridesysteem niet meer kunt starten,
neem dan contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Opladen van de 12V-accu
Blz. 598
Het EV-controlelampje gaat branden wanneer
de auto alleen door de elektromotor (tractiemo-
tor) wordt aangedreven of de benzinemotor
niet draait.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 103 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
104 1-4. Hybridesysteem
CAMRY_HV_EE
Als de 12V-accu leeg is, vervangen is of verwijderd is geweest.
De benzinemotor stopt mogelijk niet, ook niet als de auto door het batterijpakket (trac-
tiebatterij) wordt aangedreven. Als dit probleem enkele dagen aanhoudt, neem dan
contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Geluiden en trillingen die kenmerkend zijn voor een hybrideauto
Mogelijk zijn er geen motorgeluiden hoorbaar of trillingen voelbaar terwijl de auto wel
kan rijden en het controlelampje READY brandt. Activeer na het parkeren uit veilig-
heidsoverwegingen de parkeerrem en zet de selectiehendel in stand P.
De volgende geluiden of trillingen kunnen hoorbaar of voelbaar zijn als het hybridesys-
teem in werking is en deze duiden niet op een defect:
Er kunnen motorgeluiden hoorbaar zijn uit het motorcompartiment.
Bij het inschakelen of uitschakelen van het hybridesysteem kan er geluid hoorbaar
zijn dat afkomstig is van het batterijpakket (tractiebatterij) onder de achterstoelen.
Bij het inschakelen of uitschakelen van het hybridesysteem zijn er mogelijk werkings-
geluiden van het relais te horen, zoals een klik of een vaag gerammel, dat afkomstig
is van het batterijpakket (tractiebatterij) onder de achterstoelen.
Er kunnen geluiden van het hybridesysteem hoorbaar zijn wanneer de achterklep
geopend is.
Als de benzinemotor start of stopt, bij rijden met lage snelheden of als de motor met
stationair toerental draait, kunnen er geluiden hoorbaar zijn van de transmissie.
Bij sterk accelereren kunnen er motorgeluiden hoorbaar zijn.
Als het rempedaal wordt ingetrapt of het gaspedaal wordt losgelaten, kunnen er
geluiden hoorbaar zijn die worden veroorzaakt door het regeneratief remmen.
Als de benzinemotor start of stopt, kunnen trillingen voelbaar zijn.
Via de ventilatieopening kunnen geluiden hoorbaar zijn die afkomstig zijn van de
koelventilator. (Blz. 106)
Akoestisch voertuigwaarschuwingssysteem (indien aanwezig)
In de volgende gevallen is het akoestische voertuigwaarschuwingssysteem mogelijk
moeilijk te horen voor mensen in de buurt.
In gebieden met harde omgevingsgeluiden
In de wind of regen
Ook is het akoestische voertuigwaarschuwingssysteem achter de auto mogelijk moei-
lijker te horen dan vóór de auto omdat het systeem aan de voorzijde van de auto is
geïnstalleerd.
Onderhoud, reparatie, recycling en afvoer
Neem voor onderhoud, reparatie, recycling en afvoer contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en
uitgeruste deskundige. Voer de auto niet zelf af.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 104 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
105
1-4. Hybridesysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
De afbeelding dient slechts ter illustratie en wijkt mogelijk af van de werkelijk-
heid.
Voorzorgsmaatregelen hybridesysteem
Wees voorzichtig met het hybridesysteem, aangezien dit een hoog-
spanningssysteem (max. ongeveer 650 V) bevat, evenals onderdelen
die extreem heet worden als het hybridesysteem in werking is. Volg de
aanwijzingen op de waarschuwingslabels op.
Waarschuwingslabel
Servicestekker
Batterijpakket (tractiebatterij)
Hoogspanningskabels (oranje)
Elektromotor (tractiemotor)
Vermogensregeleenheid
Aircocompressor
1
2
3
4
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 105 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
106 1-4. Hybridesysteem
CAMRY_HV_EE
Voor het koelen van het batterijpakket
(tractiebatterij) is er onder de rechter-
zijde van de achterstoel een ventila-
tieopening aanwezig. Als deze
ventilatieopening wordt afgedekt, kan
het batterijpakket (tractiebatterij)
oververhit raken, waardoor het laden/
ontladen van het batterijpakket (trac-
tiebatterij) beperkt kan worden.
Het uitschakelsysteem voor noodgevallen zorgt ervoor dat het hoogspan-
ningssysteem en de brandstofpomp worden uitgeschakeld als de botsings-
sensor een aanrijding met een kracht boven een bepaalde drempelwaarde
heeft gesignaleerd, om de kans op een elektrische schok en brandstof-
lekkage tot een minimum te beperken. Als het uitschakelsysteem voor nood-
gevallen in werking is getreden, kunt u uw auto niet meer starten. Neem voor
het herstarten van het hybridesysteem contact op met een erkende Toyota-
dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde
en uitgeruste deskundige.
Als er een storing in het hybridesysteem optreedt, of als het systeem onjuist
wordt bediend, wordt automatisch een melding weergegeven.
Lees de op het multi-informatiedis-
play weergegeven waarschuwings-
melding en volg de aanwijzingen op.
(Blz. 552)
Ventilatieopening batterijpakket (tractiebatterij)
Uitschakelsysteem voor noodgevallen
Waarschuwingsmelding hybridesysteem
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 106 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
107
1-4. Hybridesysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Als er een waarschuwingslampje gaat branden of een waarschuwingsmelding
wordt weergegeven of als de 12V-accu wordt losgekoppeld
Mogelijk start het hybridesysteem niet. Probeer in dit geval het systeem opnieuw te
starten. Neem als het controlelampje READY niet gaat branden contact op met een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
Als de brandstof opraakt
Als de brandstof op is en het hybridesysteem niet kan worden gestart, vult u de tank
met ten minste de hoeveelheid benzine die nodig is om het waarschuwingslampje laag
brandstofniveau (Blz. 547) uit te laten gaan. Als er slechts een kleine hoeveelheid
brandstof in de tank zit, kan het hybridesysteem mogelijk niet worden gestart. (De
standaardhoeveelheid brandstof is ongeveer 8,8 liter, als de auto op een vlakke onder-
grond staat. Deze waarde kan afwijken als de auto op een helling staat. Vul extra
brandstof bij wanneer de auto schuin staat.)
Elektromagnetische golven
De hoogspanningsonderdelen en -kabels van hybrideauto's zijn voorzien van een
afscherming voor elektromagnetische golven en zenden ongeveer net zo veel elek-
tromagnetische golven uit als conventionele auto's met een benzinemotor, of elektro-
nische huishoudapparatuur.
Uw auto kan storingen veroorzaken in niet-originele audio-onderdelen.
Batterijpakket (tractiebatterij)
De levensduur van het batterijpakket (tractiebatterij) is niet onbeperkt. De levensduur
van het batterijpakket (tractiebatterij) kan veranderen afhankelijk van de rijstijl en de
rijomstandigheden.
Declaration of conformity
De uitstoot van waterstof van dit model voldoet aan reglement ECE100 (voor de veilig-
heid van elektrisch aangedreven auto's met batterijen).
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 107 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
108 1-4. Hybridesysteem
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Voorzorgsmaatregelen hoogspanningssysteem
Deze auto heeft zowel hoogspanningssystemen (wissel- en gelijkspanning) als een
12V-systeem. Beide hoogspanningssystemen (wissel- en gelijkspanning) zijn zeer
gevaarlijk en kunnen zeer ernstig letsel, ernstige brandwonden en elektrische schok-
ken veroorzaken.
Verwijder of vervang nooit hoogspanningscomponenten, hoogspanningskabels en
de stekkers ervan, raak ze niet aan en haal ze niet uit elkaar.
Het hybridesysteem wordt na het starten heet, aangezien het systeem gebruik-
maakt van hoogspanning. Wees alert op zowel hoogspanning als hoge temperatu-
ren en volg altijd de aanwijzingen op de waarschuwingslabels op.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 108 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
109
1-4. Hybridesysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Waarschuwingen voor het geval de auto bij een ongeval betrokken raakt
Neem de volgende voorschriften in acht om de kans op ernstig letsel te beperken:
Duw of sleep uw auto indien mogelijk van de weg, activeer de parkeerrem, zet de
selectiehendel in stand P en schakel het hybridesysteem uit.
Raak de onderdelen, kabels en stekkers waar hoogspanning op staat niet aan.
Als binnen of buiten de auto elektrische bedrading blootligt, kan er een elektrische
schok optreden. Raak blootliggende elektrische bedrading nooit aan.
Raak bij een eventuele vloeistoflekkage de vloeistof niet aan omdat het geconcen-
treerde alkalische elektrolyt uit het batterijpakket (tractiebatterij) kan zijn. Spoel
vloeistof die op uw huid of in uw ogen terecht is gekomen direct af met veel water
of, indien mogelijk, met boorwater. Schakel onmiddellijk medische hulp in.
Als er elektrolyt lekt uit het batterijpakket (tractiebatterij), kom dan niet in de buurt
van de auto.
Zelfs wanneer het batterijpakket (tractiebatterij) onverhoopt beschadigd is geraakt,
zal de inwendige constructie van het batterijpakket voorkomen dat er grote hoe-
veelheden elektrolyt lekken. De elektrolyt die echter wel uit het batterijpakket lekt,
geeft een damp af. Deze damp irriteert de huid en ogen en kan, wanneer deze
wordt ingeademd, acute vergiftiging veroorzaken.
Stap zo snel mogelijk uit als er brand uitbreekt in de hybrideauto. Gebruik nooit een
brandblusser die niet is bedoeld voor het blussen van brand als gevolg van een
elektrische storing. Zelfs het gebruik van een geringe hoeveelheid water om te
blussen kan al gevaarlijk zijn.
Als uw auto gesleept moet worden, dient dit te gebeuren met de voorwielen van de
grond. Als de wielen die gekoppeld zijn aan de elektromotor (tractiemotor) tijdens
het slepen de grond raken, kan de elektromotor elektriciteit blijven opwekken. Hier-
door kan brand ontstaan. (Blz. 539)
Controleer het wegdek/de bodem onder de auto zorgvuldig. Als er vloeistoflekkage
waarneembaar is, kan het brandstofsysteem beschadigd zijn. Verlaat uw auto zo
spoedig mogelijk.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 109 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
110 1-4. Hybridesysteem
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Batterijpakket (tractiebatterij)
U mag het batterijpakket nooit doorverkopen, overdragen aan iemand anders of
aanpassen. Om ongelukken te voorkomen worden batterijpakketten die uit afge-
dankte auto's worden gehaald, ingezameld door een erkende Toyota-dealer of her-
steller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige. Voer het batterijpakket niet zelf af.
Als batterijpakketten niet juist worden ingezameld, kan het volgende gebeuren,
met ernstig letsel tot gevolg:
Het batterijpakket kan illegaal worden verkocht of ergens worden gedumpt, het
is schadelijk voor het milieu en iemand kan een onderdeel aanraken dat onder
hoogspanning staat en een elektrische schok krijgen.
Het batterijpakket is bedoeld om uitsluitend te worden gebruikt in uw hybride-
auto. Als het batterijpakket buiten uw auto wordt gebruikt of op een of andere
manier wordt aangepast, kunnen er ongelukken mee gebeuren: iemand kan
een elektrische schok krijgen, het batterijpakket kan hitte en rook genereren, er
kan zich een ontploffing voordoen en er kan elektrolyt uit het batterijpakket lek-
ken.
Wanneer u uw auto doorverkoopt of overdraagt, is het risico van een ongeval zeer
groot, omdat de persoon die de auto ontvangt mogelijk niet op de hoogte is van
deze gevaren.
Als uw auto wordt afgevoerd zonder dat het batterijpakket is verwijderd, bestaat de
kans op zware elektrische schokken als hoogspanningsonderdelen, kabels en aan-
sluitingen hiervan aangeraakt worden. Wanneer uw auto moet worden afgevoerd,
dient het batterijpakket te worden afgevoerd door een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige. Als het batterijpakket niet op de juiste manier wordt afgevoerd, kan dit
elektrische schokken veroorzaken, waardoor ernstig letsel kan ontstaan.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 110 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
111
1-4. Hybridesysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Ventilatieopening batterijpakket (tractiebatterij)
Voorkom dat zaken als stoelbekleding, plastic hoezen en bagage de ventilatieope-
ning blokkeren. Het batterijpakket (tractiebatterij) kan oververhit en beschadigd
raken.
Als er zich stof, enz. heeft verzameld in de ventilatieopening, maak deze dan
schoon met een stofzuiger om te voorkomen dat de opening verstopt raakt.
Laat de ventilatieopening niet nat of vuil worden, anders kan er kortsluiting ont-
staan en kan het batterijpakket (tractiebatterij) beschadigd raken.
Vervoer geen grote hoeveelheden water, zoals een gevuld reservoir voor een
waterdispenser, in de auto. Als er water op het batterijpakket (tractiebatterij) komt,
kan het batterijpakket beschadigd raken. Laat de auto nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde
en uitgeruste deskundige.
Op de ventilatieopening is een filter geplaatst. Als het filter zelfs na het schoonma-
ken van de ventilatieopening nog zichtbaar vuil is, raden wij u aan het filter te reini-
gen of vervangen. Raadpleeg Blz. 514 voor het reinigen van het filter.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 111 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
112
CAMRY_HV_EE
1-5. Antidiefstalsysteem
Het controlelampje knippert nadat het
contact UIT is gezet om aan te geven
dat het systeem in werking is.
Het controlelampje stopt met knippe-
ren als het contact in stand ACC of
AAN wordt gezet om aan te geven dat
het systeem is uitgeschakeld.
Onderhoud van het systeem
De auto is voorzien van een onderhoudsvrije startblokkering.
Omstandigheden waardoor het systeem mogelijk niet goed werkt
Als de greep van de sleutel tegen een metalen voorwerp wordt gehouden
Als de sleutel dicht bij of tegen een sleutel met ingebouwde transponderchip van een
andere auto wordt gehouden
Startblokkering
De sleutels van de auto zijn uitgerust met ingebouwde transponder-
chips die voorkomen dat het hybridesysteem gestart kan worden met
een sleutel die niet in een eerder stadium is geregistreerd in de compu-
ter van de auto.
Laat de sleutels nooit in de auto achter als u de auto verlaat.
Dit systeem is ontworpen om autodiefstal te voorkomen, maar absolute
beveiliging tegen elke vorm van diefstal kan niet worden gegarandeerd.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 112 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
113
1-5. Antidiefstalsysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Verklaring voor de startblokkering
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 113 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
114 1-5. Antidiefstalsysteem
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 114 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
115
1-5. Antidiefstalsysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 115 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
116 1-5. Antidiefstalsysteem
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 116 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
117
1-5. Antidiefstalsysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 117 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
118 1-5. Antidiefstalsysteem
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 118 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
119
1-5. Antidiefstalsysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 119 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
120 1-5. Antidiefstalsysteem
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 120 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
121
1-5. Antidiefstalsysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 121 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
122 1-5. Antidiefstalsysteem
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 122 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
123
1-5. Antidiefstalsysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 123 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
124 1-5. Antidiefstalsysteem
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Ervoor zorgen dat het systeem goed werkt
Verander of verwijder het systeem niet. Na veranderen of verwijderen kan de juiste
werking van het systeem niet worden gegarandeerd.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 124 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
125
1-5. Antidiefstalsysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Met licht en geluid worden alarmsignalen gegeven wanneer er een inbraak-
poging wordt gedetecteerd.
Wanneer het alarmsysteem is ingeschakeld, wordt het alarm onder de vol-
gende omstandigheden geactiveerd:
Een vergrendeld portier of de achterklep wordt ontgrendeld of geopend
zonder gebruik te maken van de instapfunctie of de afstandsbediening.
(De portieren zullen automatisch opnieuw worden vergrendeld.)
De motorkap wordt geopend.
Sluit de portieren, de achterklep en
de motorkap en vergrendel alle por-
tieren met de instapfunctie of de
afstandsbediening. Na 30 seconden
wordt het systeem automatisch inge-
schakeld.
Het systeem is ingeschakeld zodra het
controlelampje niet meer constant
brandt maar knippert.
Voer een van de onderstaande handelingen uit om het alarm te deactiveren
of uit te schakelen:
Ontgrendel de portieren of open de achterklep met de instapfunctie of de
afstandsbediening.
Schakel het hybridesysteem in. (Het alarm wordt na enkele seconden
gedeactiveerd of uitgeschakeld.)
Alarm
Het alarm
Inschakelen van het alarmsysteem
: Indien aanwezig
Deactiveren of uitschakelen van het alarm
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 125 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
126 1-5. Antidiefstalsysteem
CAMRY_HV_EE
Onderhoud van het systeem
De auto is voorzien van een onderhoudsvrij alarmsysteem.
Zaken die gecontroleerd moeten worden alvorens de auto te vergrendelen
Controleer onderstaande zaken om ongewild activeren van het alarm en diefstal te
voorkomen:
Er is niemand in de auto.
De ruiten zijn gesloten voordat het alarm wordt ingeschakeld.
Er zijn geen waardevolle spullen of persoonlijke zaken in de auto achtergebleven.
Activeren van het alarm
Het alarm wordt in de volgende gevallen mogelijk geactiveerd:
(Het alarmsysteem wordt door het stoppen van het alarm uitgeschakeld.)
De portieren worden ontgrendeld met de
mechanische sleutel.
De achterklep kan met de mechanische sleu-
tel worden geopend.
Iemand in de auto opent een portier, de ach-
terklep of de motorkap of ontgrendelt de
auto.
De 12V-accu wordt opgeladen of vervangen
terwijl de auto is vergrendeld. (Blz. 598)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 126 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
127
1-5. Antidiefstalsysteem
1
Veiligheid en beveiliging
CAMRY_HV_EE
Door alarmsysteem bediende portiervergrendeling
In de volgende gevallen worden, afhankelijk van de situatie, de portieren automatisch
vergrendeld om potentiële indringers buiten de auto te houden:
Wanneer een in de auto achtergebleven persoon het portier ontgrendelt en het alarm
wordt geactiveerd.
Terwijl het alarm is geactiveerd, ontgrendelt een in de auto achtergebleven persoon
het portier.
Bij het bijladen of vervangen van de 12V-accu
OPMERKING
Ervoor zorgen dat het systeem goed werkt
Verander of verwijder het systeem niet. Na veranderen of verwijderen kan de juiste
werking van het systeem niet worden gegarandeerd.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 127 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
128 1-5. Antidiefstalsysteem
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 128 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
129
2
Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2. Instrumentenpaneel
Waarschuwingslampjes
en controlelampjes................ 130
Meters en tellers......................136
Multi-informatiedisplay ............ 140
Head-up display......................158
Energiemonitor/
verbruiksscherm ...................164
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 129 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
130
CAMRY_HV_EE
2. Instrumentenpaneel
Waarschuwingslampjes en controlelampjes
De waarschuwingslampjes en controlelampjes op het instrumentenpa-
neel, het middenpaneel en de buitenspiegels informeren de bestuurder
over de status van de diverse systemen van de auto.
Om de functie van alle lampjes uit te leggen, zijn in de volgende afbeel-
ding alle waarschuwingslampjes en controlelampjes brandend afge-
beeld.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 130 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
131
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Waarschuwingslampjes informeren de bestuurder over storingen in de syste-
men van de auto.
Waarschuwingslampjes
*1
(Rood)
Waarschuwingslampje
remsysteem (Blz. 545)
*1
(Knippert
of brandt)
Waarschuwingslampje
PCS
(Blz. 547)
*1
(Geel)
Waarschuwingslampje
remsysteem (Blz. 545)
*1, 2
(indien
aanwezig)
Controlelampje ICS OFF
(Blz. 547)
*1Motorcontrolelampje
(Blz. 545) (Geel)
Controlelampje LDA (Lane
Departure
Alert)
(Blz. 546)
*1Waarschuwingslampje
SRS
(Blz. 546)
*1Controlelampje Traction
Control (Blz. 547)
*1Waarschuwingslampje
ABS
(Blz. 546)
Waarschuwingslampje laag
brandstofniveau
(Blz. 547)
Waarschuwingslampje par-
keerrem
(Blz. 546)
Controlelampje
bestuurders- en
voorpassagiersgordel
(Blz. 548)
*1, 2 Controlelampje Brake
Hold-systeem in
werking (Blz. 546)
*1Centraal waarschuwings-
lampje
(Blz. 548)
*1
(Rood/
geel)
Waarschuwingslampje
elektrische stuurbekrachti-
ging
(Blz. 546)
*1
Waarschuwingslampje lage
bandenspanning
(Blz. 548)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 131 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
132 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
*1: Deze lampjes gaan branden als het contact AAN wordt gezet om aan te geven dat
er een systeemcontrole wordt uitgevoerd. Ze gaan uit nadat het hybridesysteem is
ingeschakeld of na enkele seconden. Er kan een storing in een systeem aanwezig
zijn als een lampje niet gaat branden of uitgaat. Laat de auto nakijken door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwa-
lificeerde en uitgeruste deskundige.
*2: Dit lampje knippert om een storing aan te geven.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 132 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
133
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
De controlelampjes informeren de bestuurder over de bedrijfsstatus van de
verschillende systemen van de auto.
Controlelampjes
Controlelampje
richtingaanwijzers
(Blz. 282)
Controlelampje
cruise control
(Blz. 345)
Controlelampje achterlicht
(Blz. 290)
Controlelampje Dynamic
Radar Cruise Control
(Blz. 345)
Controlelampje
grootlicht (Blz. 290)
Controlelampje
cruise control SET
(Blz. 345)
Controlelampje Automatic
High Beam-systeem
(Blz. 293)
*1, 2 Waarschuwingslampje
PCS
(Blz. 320)
Controlelampje mistlam-
pen voor
(Blz. 297)
*1, 2
(indien
aanwezig)
Controlelampje ICS OFF
(Blz. 394)
Controlelampje
mistachterlicht
(Blz. 297) (Wit)
Controlelampje LDA
(Lane Departure Alert)
(Blz. 330)
Controlelampje AGC (Auto
Glide Control) (Blz. 415) (Groen)
Controlelampje LDA
(Lane Departure Alert)
(Blz. 330)
Waarschuwingslampje
parkeerrem
(Blz. 283)
*3
(Geel)
Controlelampje LDA
(Lane Departure Alert)
(Blz. 330)
*1Controlelampje Brake
Hold-systeem in werking
(Blz. 287)
*1, 3 Controlelampje Traction
Control (Blz. 362)
*1Controlelampje stand-by-
stand Brake Hold-
systeem (Blz. 287)
*1, 2 Controlelampje VSC OFF
(Blz. 363)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 133 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
134 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
*1: Deze lampjes gaan branden als het contact AAN wordt gezet om aan te geven dat
er een systeemcontrole wordt uitgevoerd. Ze gaan uit nadat het hybridesysteem is
ingeschakeld of na enkele seconden. Er kan een storing in een systeem aanwezig
zijn als een lampje niet gaat branden of uitgaat. Laat de auto nakijken door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwa-
lificeerde en uitgeruste deskundige.
*2: Dit lampje gaat branden wanneer het systeem is uitgeschakeld.
*3: Dit lampje knippert om aan te geven dat het systeem in werking is.
*4: Dit lampje brandt in het centrale paneel.
*5: Wanneer de buitentemperatuur ongeveer 3°C of lager is, gaat dit controlelampje
gedurende ongeveer 10 seconden knipperen en blijft daarna branden.
(indien
aanwezig)
Controlelampje BSM
(Blz. 368) Controlelampje SPORT
(Blz. 414)
(indien
aanwezig)
Controlelampje RCTA
(Blz. 368)
Controlelampje
ECO MODE
(Blz. 414)
*6, 7
(indien
aanwezig)
BSM-indicatoren
(Blind Spot Monitor) in de
buitenspiegels
(Blz. 368)
Controlelampje READY
(Blz. 268)
*1, 4
(indien
aanwezig)
(type A)
Controlelampje
PASSENGER AIRBAG
(Blz. 55)
EV-controlelampje
(Blz. 103)
*1, 4
(indien
aanwezig)
(type B)
Controlelampje
PASSENGER AIRBAG
(Blz. 55)
Controlelampje EV MODE
(Blz. 274)
*4Controlelampje
antidiefstalsysteem
(Blz. 112, 125)
*5Controlelampje
lage buitentemperatuur
(Blz. 136)
Controlelampje Toyota
Parking Assist-sensor
(Blz. 386)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 134 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
135
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
*6: Deze controlelampjes gaan branden in de volgende situaties om aan te geven dat
de zelftest van het systeem wordt uitgevoerd:
Wanneer de BSM-functie of RCTA is ingeschakeld en het contact AAN wordt
gezet.
Wanneer het contact AAN staat en de BSM-functie wordt ingeschakeld.
Wanneer het contact AAN staat en de RCTA wordt ingeschakeld. (Er klinkt op
dat moment ook een zoemer.)
De controlelampjes gaan na enkele seconden uit. Als de controlelampjes niet
gaan branden of uitgaan, of als er geen zoemer klinkt als de RCTA wordt inge-
schakeld, is er mogelijk een storing aanwezig in het systeem. Laat de auto nakij-
ken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
*7: Dit lampje gaat branden in de buitenspiegels.
WAARSCHUWING
Als een waarschuwingslampje van een veiligheidssysteem niet gaat branden
Als een lampje van een veiligheidssysteem zoals het ABS of het waarschuwings-
lampje SRS niet gaat branden als u het hybridesysteem start, kan dat betekenen dat
deze systemen niet beschikbaar zijn om u te beschermen in geval van een ongeval,
waardoor ernstig letsel zou kunnen ontstaan. Laat, als dit gebeurt, de auto onmiddel-
lijk nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 135 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
136 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
De eenheden die voor de tellers worden gebruikt, kunnen per regio verschillen.
Hybridesysteemindicator
Geeft het vermogen of het regeneratieniveau van het hybridesysteem weer
(Blz. 138)
Schakelstand (Blz. 277)
Buitentemperatuur
Geeft de buitentemperatuur aan binnen het bereik -40°C tot 50°C. Het controle-
lampje lage buitentemperatuur gaat branden als de buitentemperatuur 3°C of lager
is.
Multi-informatiedisplay
Geeft de bestuurder allerlei gegevens met betrekking tot de auto (Blz. 140)
Geeft bij een storing waarschuwingsmeldingen weer (Blz. 552)
Snelheidsmeter
Brandstofmeter
Kilometerteller en dagteller (Blz. 155)
Koelvloeistoftemperatuurmeter
Geeft de koelvloeistoftemperatuur weer
Meters en tellers
1
2
3
4
5
6
7
8
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 136 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
137
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
De helderheid van de dashboardverlichting kan worden ingesteld.
Donkerder
Helderder
De helderheid van de dashboard-
verlichting kan afzonderlijk worden
ingesteld voor de dagmodus en de
nachtmodus*.
Als de helderheid wordt ingesteld
wanneer de omgeving licht is en de
achterlichten branden (instellen hel-
derheid dagmodus), wordt de hel-
derheid van de nachtmodus gelijktij-
dig ingesteld.
*: Dagmodus en nachtmodus: Blz. 138
Dimmer dashboardverlichting
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 137 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
138 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Tellers en display worden verlicht als
Het contact AAN staat.
Helderheid van de tellers (dagmodus en nachtmodus)
De helderheid van de tellers wordt gewisseld tussen dagmodus en nachtmodus.
Dagmodus: Wanneer de achterlichten zijn uitgeschakeld of wanneer de achter-
lichten zijn ingeschakeld, maar de omgeving licht is
Nachtmodus: Wanneer de achterlichten zijn ingeschakeld en de omgeving donker
is
In de nachtmodus wordt de helderheid van de tellers iets minder, tenzij de maximale
helderheid van de tellers is ingesteld.
Hybridesysteemindicator
Als u probeert om de naald tijdens het rijden in het Eco-gebied te houden, rijdt u mili-
euvriendelijker.
In het oplaadgebied wordt de regeneratiestatus* aangegeven. De geregenereerde
energie wordt gebruikt om het batterijpakket te laden.
*: Met “regenereren” wordt in deze handleiding het omzetten van bewegingsenergie
van de auto in elektrische energie bedoeld.
In de volgende situaties werkt de hybridesysteemindicator niet.
Het controlelampje READY brandt niet.
De selectiehendel staat in een andere stand dan D of S.
Laadgebied
Laat het regeneratieve opladen zien.
Hybride eco-gebied
Laat zien dat er niet vaak gebruik wordt
gemaakt van het vermogen van de benzine-
motor.
De benzinemotor wordt automatisch gestopt
en opnieuw gestart onder verschillende
omstandigheden.
Eco-gebied
Laat zien dat er milieuvriendelijk wordt gere-
den.
Power-gebied
Laat zien dat de grens van een bereik voor
milieuvriendelijk rijden wordt overschreden
(bij rijden op vol vermogen en dergelijke).
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 138 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
139
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Motortoerental
Bij hybrideauto's wordt het motortoerental nauwkeurig aangestuurd, vooral om het
brandstofverbruik te verlagen en de uitstoot van schadelijke stoffen te beperken.
Het kan voorkomen dat het weergegeven motortoerental varieert, terwijl de rijomstan-
digheden gelijk blijven.
Weergave buitentemperatuur
Onder de volgende omstandigheden wordt mogelijk niet de juiste buitentemperatuur
weergegeven of duurt het langer voordat de weergave wordt gewijzigd:
Wanneer de auto stilstaat of met lage snelheid rijdt (lager dan 25 km/h)
Wanneer de buitentemperatuur plotseling verandert (bijvoorbeeld bij het in- of uitrij-
den van een garage of tunnel)
Wanneer − − of E wordt weergegeven, zit er mogelijk een storing in het systeem.
Laat de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
OPMERKING
Voorkomen van schade aan de motor en onderdelen ervan
Als de naald van de koelvloeistoftemperatuurmeter in het rode gebied (H) staat, kan
de motor oververhit zijn. Breng in dat geval de auto zo snel mogelijk op een veilige
plaats tot stilstand en controleer de motor nadat deze volledig is afgekoeld.
(Blz. 602)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 139 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
140 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Het multi-informatiedisplay verschaft de bestuurder uiteenlopende rijgerela-
teerde informatie, inclusief de actuele buitentemperatuur. Het multi-informa-
tiedisplay kan ook worden gebruikt voor het wijzigen van de display-
instellingen en andere instellingen.
Controlelampjes (Blz. 130)
Displayzone Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik/
LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling)
Hiermee wordt de status van de volgende systemen weergegeven:
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik (Blz. 345)
LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling) (Blz. 330)
RSA (Road Sign Assist) (indien aanwezig) (Blz. 340)
Klok (Blz. 153)
Snelheidsmeter
De weergave van de snelheidsmeter kan worden ingeschakeld/uitgeschakeld
op het multi-informatiedisplay. (Blz. 148)
Multi-informatiedisplay
Overzicht van functies
1
2
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 140 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
141
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Displayzone inhoud
Er kunnen verschillende soorten informatie worden weergegeven door een menu-
icoon te selecteren. Daarnaast kunnen in bepaalde situaties pop-updisplays met
waarschuwingen of suggesties/tips worden weergegeven.
Inhoud menu-icoon (Blz. 143)
Suggestiefunctie (Blz. 155)
Waarschuwingsmelding (Blz. 552)
Kilometerteller/dagteller (Blz. 155)
Schakelstand (Blz. 277)
Buitentemperatuur (Blz. 136)
Menu-iconen (Blz. 143)
Toets ODO/TRIP (Blz. 142)
Bedieningstoetsen instrumentenpaneel (Blz. 142)
6
7
8
9
10
11
12
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 141 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
142 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Gebruik van de displayzone voor de inhoud
De displayzone voor inhoud wordt bediend met de bedieningstoetsen van
het instrumentenpaneel.
Schermen verschuiven*, de
weergegeven informatie wijzi-
gen* en de cursor bewegen
Indrukken: Invoeren/instellen
Ingedrukt houden: Resetten/
weergeven van het volgende
scherm
Terugkeren naar het vorige
scherm
Als de toets ingedrukt wordt gehouden, wordt het eerste scherm van het gese-
lecteerde menu-icoon weergegeven.
Weergeven van verzonden/ontvangen oproepen en oproepge-
schiedenis
Wanneer het handsfree-systeem is aangesloten, worden de verzonden
en ontvangen oproepen weergegeven. Raadpleeg de handleiding voor
het navigatie- en multimediasysteem voor meer informatie over het
handsfree-systeem.
*: Als het scherm verschoven kan worden of verschillende informatie kan worden
weergegeven, wordt er een markering, zoals een pijl, weergegeven om aan te
geven welke toets kan worden bediend.
Gebruik van de kilometerteller/dagteller
Deze zone kan worden bediend met de toets ODO/TRIP.
Indrukken: Weergegeven onder-
werp wijzigen
Het onderwerp verandert iedere
keer dat op de knop of toets wordt
gedrukt.
Ingedrukt houden: Resetten
Geef de gewenste dagteller weer en
houd de toets ingedrukt om de dag-
teller te resetten.
Gebruik van het multi-informatiedisplay
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 142 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
143
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Selecteer een menu-icoon om de inhoud ervan weer te geven.
Weergave waarschuwingsmeldingen (Blz. 552)
Dit menu-icoon wordt alleen weergegeven als er een waarschuwingsmelding
kan worden getoond.
Hiermee kunnen waarschuwingsmeldingen en te nemen maatregelen worden
weergegeven als een storing wordt gesignaleerd.
Informatie over milieubewust rijden (Blz. 144)
Hiermee kunt u de verbruiksgegevens op verschillende manieren weergeven.
Informatie ondersteunende systemen
Hiermee kan het volgende worden uitgevoerd:
Weergeven van de werkingsstatus van de volgende systemen:
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik (Blz. 345)
LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling) (Blz. 330)
Weergeven van de volgende aan het navigatiesysteem gekoppelde informatie
(indien aanwezig):
Routebegeleiding
Kompasdisplay (weergave rijrichting boven)
Aan audiosysteem gekoppelde weergave (indien aanwezig)
Hiermee kunt u een audiobron of nummer selecteren op het instrumentenpaneel
met behulp van de bedieningstoetsen van het instrumentenpaneel.
Voertuiginformatie
Hiermee kan het volgende worden uitgevoerd:
Weergeven van de volgende informatie:
Energiemonitor (Blz. 164)
In- of uitschakelen van het volgende systeem:
Parking Assist (Toyota Parking Assist-sensor) (Blz. 386)
BSM-functie (Blind Spot Monitor) (indien aanwezig) (Blz. 368)
RCTA (Rear Crossing Traffic Alert) (indien aanwezig) (Blz. 368)
Deze functie kan worden ingeschakeld/uitgeschakeld via .
Weergave instellingen (Blz. 148)
Hiermee kunnen de instellingen van de weergave van het instrumentenpaneel
en andere instellingen worden gewijzigd.
Menu-iconen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 143 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
144 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Brandstofverbruik
Actueel brandstofverbruik
Geeft het actuele brandstofverbruik
weer.
Gemiddeld brandstofverbruik
(sinds starten)
Geeft het gemiddelde brandstofver-
bruik weer sinds het starten van het
hybridesysteem.*1
Actieradius
Geeft de actieradius weer met de resterende hoeveelheid brandstof.*2, 3
Gadget*4
De volgende onderwerpen kunnen worden weergegeven door de instellingen
voor de gadgetinhoud en type brandstofverbruik via te wijzigen. (Blz. 148)
Informatie over milieubewust rijden ( )
1
2
3
4
Onderwerp dat kan worden
weergegeven Inhoud
Gadget-
inhoud Type
brandstofverbruik
Gemid-
delde rij-
snelheid
Reis
(sinds starten) Geeft de gemiddelde rijsnelheid sinds het starten
van het hybridesysteem weer.
Totaal
(sinds resetten)
Geeft de gemiddelde rijsnelheid sinds het resetten
van de weergave weer.*5
Afstand
Reis
(sinds starten) Geeft de gereden afstand sinds het starten van de
motor weer.
Totaal
(sinds resetten)
Geeft de afgelegde afstand sinds het resetten van
het display weer.*5
Verstre-
ken tijd
Reis
(sinds starten) Geeft de verstreken tijd sinds het starten van het
hybridesysteem weer.
Totaal
(sinds resetten)
Geeft de verstreken tijd sinds het resetten van het
display weer.*5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 144 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
145
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Gemiddeld brandstofverbruik
Het weergegeven onderwerp (zie onderstaande lijst) kan worden gewijzigd op
het scherm type brandstofverbruik van . (Blz. 148)
Totaal (sinds resetten)
Geeft het gemiddelde brandstofverbruik sinds het resetten van de weergave
weer.*1, 5
Tank (sinds tanken)
Geeft het gemiddelde brandstofverbruik sinds het tanken weer.*1, 2
*1: Gebruik het weergegeven brandstofverbruik slechts ter referentie.
*2: Als er een kleine hoeveelheid brandstof wordt getankt, wordt de weergave
mogelijk niet bijgewerkt.
Zet tijdens het tanken het contact UIT. Als brandstof wordt getankt terwijl het
contact niet UIT staat, wordt de weergave mogelijk niet bijgewerkt.
*3: Deze afstand wordt berekend op basis van het gemiddelde brandstofverbruik.
Hierdoor kan de werkelijke afstand die nog kan worden gereden, afwijken van
de weergegeven afstand.
*4: De standaardinstelling is geen weergave.
*5: Deze weergave kan worden gereset door ingedrukt te houden terwijl dit
wordt weergegeven.
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 145 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
146 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
ECO-begeleiding
De ECO-begeleiding geeft begeleiding weer voor milieubewust accelere-
ren en scores die een evaluatie voorstellen van hoe ecologisch gezien met
de auto gereden is in verschillende stadia.
Begeleiding milieubewust bedie-
nen gaspedaal
Eco Score
Begeleiding milieubewust bedienen gaspedaal
Eco-gebied
Laat zien dat er milieuvriendelijk
wordt gereden.
Power-gebied
Geeft aan dat de grens van een
bereik voor milieuvriendelijk rijden
wordt overschreden (bij rijden op vol
vermogen en dergelijke).
De mate van milieuvriendelijk rijden op basis van acceleratie
Zone ECO-acceleratie
Stelt een bereik voor waarin milieubewust geaccelereerd kan worden.
De zone van ECO-acceleratie wijzigt overeenkomstig de situatie, zoals bij het
wegrijden vanuit stilstand of rijden met constante snelheid.
Milieubewust accelereren kan worden bereikt door de balk voor de mate van
milieuvriendelijk rijden op basis van acceleratie in de zone van ECO-acceleratie
te houden. (Blz. 259)
1
2
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 146 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
147
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Eco Score
De volgende 3 Eco-rijmethoden worden geëvalueerd op 5 niveaus: soepel
wegrijden vanuit stilstand, rijden zonder plotselinge acceleratie en soepel
tot stilstand komen. Bij stilstaande auto wordt er een Eco-score van maxi-
maal 100 weergegeven.
Eco-status wegrijden vanuit stil-
stand
Eco-status rijden met constante
snelheid
Eco-status tot stilstand brengen
Score
Lezen van het staafdisplay:
Nadat het hybridesysteem is gestart, wordt de Eco-score niet weerge-
geven zolang de rijsnelheid lager is dan ongeveer 20 km/h.
De Eco-score wordt iedere keer wanneer het hybridesysteem wordt
gestart, gereset.
Als het hybridesysteem uitgezet wordt, wordt de totale score van de hui-
dige rit weergegeven.
1
2
3
4
Nog niet geëvalueerd Laag Vol
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 147 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
148 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Wijzigen van instellingen
Wijzig de instellingen met behulp van de bedieningstoetsen van het instru-
mentenpaneel op het stuurwiel.
Druk op of om te selecteren.
Bedien de toetsen om het gewenste onderwerp te selecteren.
Houd ingedrukt of druk erop.
De beschikbare instellingen verschillen afhankelijk van of wordt inge-
drukt of ingedrukt wordt gehouden. Volg de instructies op het display.
In te stellen onderwerpen
LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling) (Blz. 330)
Houd ingedrukt om de instellingen van de volgende onderwerpen
te wijzigen:
Weergave instellingen ( )
1
2
3
Onderwerp Instellingen Details
Stuurassistentie Aan Hiermee kan de stuurassistentie
worden in- of uitgeschakeld.
Uit
Gevoeligheid waar-
schuwing
Hoog Hiermee kunt u de gevoeligheid van
de waarschuwing instellen.
Std.
Waarschuwing voor
slingeren
Aan Hiermee kunt u de waarschuwing
voor slingeren in- of uitschakelen.
Uit
Gevoeligheid waar-
schuwing voor slinge-
ren
Hoog Hiermee kunt u de gevoeligheid van
de waarschuwing voor slingeren
instellen.
Std.
Laag
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 148 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
149
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
PCS (Pre-Collision-systeem) (Blz. 320)
Houd ingedrukt om de instellingen van de volgende onderwerpen
te wijzigen:
BSM (Blind Spot Monitor) (indien aanwezig) (Blz. 368)
Druk op om de Blind Spot Monitor-functie in of uit te schakelen.
Houd ingedrukt om de instellingen van het volgende onderwerp te
wijzigen:
Onderwerp Instellingen Details
PCS Aan Hiermee kunt u het Pre-Collision-
systeem in- of uitschakelen.
Uit
Gevoeligheid
waarschuwing Hiermee kunt u het waarschuwings-
tijdstip wijzigen.
Onderwerp Instellingen Details
BSM Aan Hiermee kunt u de Blind Spot Moni-
tor-functie in- of uitschakelen.
Uit
Onderwerp Instellingen Details
Helderheid indicator
in buitenspiegel
Helder
Hiermee kunt u de helderheid van de
indicatoren in de buitenspiegels wijzigen.
Gedimd
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 149 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
150 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
RCTA (Rear Crossing Traffic Alert) (indien aanwezig) (Blz. 368)
Druk op om de Rear Crossing Traffic Alert-functie in of uit te scha-
kelen.
Houd ingedrukt om de instellingen van het volgende onderwerp te
wijzigen:
ICS (Intelligent Clearance Sonar) (indien aanwezig) (Blz. 394)
Druk op om de Intelligent Clearance Sonar in of uit te schakelen.
Parking Assist (Toyota Parking Assist-sensor) (Blz. 386)
Druk op om de Toyota Parking Assist-sensor in of uit te schakelen.
Houd ingedrukt om de instellingen van het volgende onderwerp te
wijzigen:
Onderwerp Instellingen Details
RCTA Aan
Hiermee kunt u het Rear Crossing
Traffic Alert-functie in- of uitschakelen.
Uit
Onderwerp Instellingen Details
Volume
RCTA-zoemer
1 (laag)
Hiermee kunt u het volume van de
RCTA-zoemer wijzigen.
2 (gemiddeld)
3 (luid)
Onderwerp Instellingen Details
ICS Aan Hiermee kunt u het Intelligent Clear-
ance Sonar-systeem in- of uitscha-
kelen.
Uit
Onderwerp Instellingen Details
Toyota Parking
Assist-sensor
Aan Hiermee kan de Toyota Parking
Assist-sensor worden in- of uitge-
schakeld.
Uit
Onderwerp Instellingen Details
Volume
1 (laag) Hiermee kunt u het volume van de
zoemer van de Toyota Parking
Assist-sensor wijzigen.
2 (gemiddeld)
3 (luid)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 150 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
151
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
HUD (head-up display) (indien aanwezig) (Blz. 158)
Druk op om het head-up display in of uit te schakelen.
Houd ingedrukt om de instellingen van de volgende onderwerpen
te wijzigen:
Zonnescherm achterruit (indien aanwezig) (Blz. 458)
Druk op om het zonnescherm van de achterruit omhoog of omlaag
te bewegen.
Onderwerp Instellingen Details
HUD Aan Hiermee kunt u het head-up display
in- of uitschakelen.
Uit
Onderwerp Instellingen Details
Helderheid/positie HUD
Hiermee kan de helderheid/positie
van het head-up display worden
ingesteld.
Druk op de toets / om de
helderheid van het display in te
stellen.
Druk op de toets / om de
positie van het display in te stellen.
Rijondersteuning
HUD
Instellingen toeren-
teller
Hiermee kunt u de weergave wijzi-
gen tussen de onderwerpen:
Hybridesysteemindicator
Toerenteller
Geen inhoud
Navigatiesysteem
Hiermee kunt u de inhoud van het
head-up display in- of uitschakelen.
Ondersteunend sys-
teem
Kompas
Audiosysteem
Wisselen
Hiermee kan de hoek van het head-
up display worden ingesteld.
Druk op de toets / om de
hoek van het display in te stellen.
Onderwerp Instellingen Details
Zonnescherm
achterruit
Omhoog Hiermee kunt u het zonnescherm
van de achterruit omhoog of omlaag
bewegen.
Omlaag
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 151 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
152 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
RSA (Road Sign Assist) (indien aanwezig) (Blz. 340)
Houd ingedrukt om de instellingen van de volgende onderwerpen
te wijzigen:
Onderwerp Instellingen Details
RSA Aan Hiermee kunt u de RSA in- of uit-
schakelen.
Uit
Meldingswijze
Melding te hoge
snelheid
Hiermee kan de wijze waarop de
bestuurder wordt gewaarschuwd als
de op het verkeersbord op het multi-
informatiedisplay weergegeven snel-
heidslimiet wordt overschreden, wor-
den geselecteerd.
Beschikbare methoden:
Geen melding
Alleen visueel
Visueel en hoorbaar
Andere waarschu-
wingen
Hiermee kan de wijze waarop het
systeem de bestuurder waarschuwt
voor het volgende worden geselec-
teerd:
Als de auto inhaalt terwijl het ver-
keersbord met een inhaalverbod
op het multi-informatiedisplay
wordt weergegeven.
Beschikbare methoden:
Geen melding
Alleen visueel
Visueel en hoorbaar
Meldingsniveau snel-
heidsoverschrijding
10 km/h (5 mph) Hiermee kan worden geselecteerd
bij welke snelheidsoverschrijding de
waarschuwing snelheidsoverschrij-
ding wordt geactiveerd als de op het
verkeersbord op het multi-informatie-
display weergegeven snelheidsli-
miet wordt overschreden.
5 km/h (3 mph)
2 km/h (1 mph)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 152 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
153
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Voertuiginstellingen
Houd ingedrukt om de instellingen van de volgende onderwerpen
te wijzigen:
Instellingen instrumentenpaneel
Houd ingedrukt om de instellingen van de volgende onderwerpen
te wijzigen:
Onderwerp Instellingen Details
TPWS (bandenspanningswaarschuwingssysteem) (Blz. 491)
Stel bandenspanning in (initialisatie banden-
spanningswaarschuwingssysteem)
Hiermee kan het bandenspannings-
waarschuwingssysteem worden
geïnitialiseerd. Houd om de initialisa-
tie uit te voeren de toets
ingedrukt.
Zorg dat alle banden op de voorge-
schreven spanning zijn gebracht
voordat u de initialisatie uitvoert.
(Blz. 492)
Wijzig wiel (wijzig de ingestelde identificatie-
code van de sensor van het bandenspan-
ningswaarschuwingssysteem)
Hiermee kunt u de ingestelde identi-
ficatiecode van de sensor van het
bandenspanningswaarschuwings-
systeem wijzigen.
Om deze functie te kunnen inscha-
kelen moet een tweede set identifi-
catiecodes van de sensoren van het
bandenspanningswaarschuwings-
systeem door een erkende Toyota-
dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige
worden geregistreerd. Neem voor
meer informatie over het wijzigen
van de geregistreerde identificatie-
code contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/repara-
teur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige. (Blz. 493)
Onderwerp Instellingen Details
Taal Hiermee kan de weergegeven taal
worden gewijzigd.
Eenheden Hiermee kunnen de weergegeven
meeteenheden worden gewijzigd.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 153 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
154 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
*1: Door dit onderwerp te selecteren verandert ook de gadget.
*
2
: Door dit onderwerp te selecteren wordt de weergave van de gadget uitgeschakeld.
(EV-controle-
lampje)
Aan Hiermee kunt u de werking van het
EV-controlelampje in- of uitschake-
len. (Blz. 103)
Uit
Snelheidsmeter Aan Hiermee kan de weergave van de
snelheidsmeter worden in- of uitge-
schakeld.
Uit
Gadgetinhoud
Uit Geen weergave
Gemiddelde
rijsnelheid Hiermee kunt u de weergave van
een gadget wijzigen.
Afstand
Verstreken tijd
Type brandstofver-
bruik
Reis (sinds
starten)*1
Hiermee kunt u de weergave van het
gemiddelde brandstofverbruik en
een onderwerp dat wordt weergege-
ven als gadget wijzigen.
Totaal (sinds
resetten)
Tank
(sinds tanken)*2
Multi-informatiedisplay UIT
Hiermee kunt u het multi-informatie-
display uitzetten.
Druk op een van de richtingtoetsen
(///) om het multi-
informatiedisplay weer aan te zetten.
Pop-updisplay
Kruispuntenbegelei-
ding (indien aanwe-
zig) Hiermee kunt u het pop-updisplay in-
of uitschakelen.
Inkomende
oproepen
Instelling helderheid
Klok
12/24 uur Hiermee kunt u de tijd aanpassen.
Druk op de toets / om op het
display te wisselen tussen 12-uurs
en 24-uurs weergave of om de uren
of minuten in te stellen.
Uur
Minuut
Standaardinstelling
Hiermee kunnen de instellingen van
de weergave van het instrumenten-
paneel worden gereset naar de stan-
daardinstelling.
Onderwerp Instellingen Details
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 154 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
155
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Kilometerteller
Geeft de totale afstand weer die met de auto gereden is.
Dagteller A/dagteller B
Geeft de afstand weer die met de auto gereden is sinds de teller de laatste
keer op nul is gezet. Dagteller A en B kunnen onafhankelijk van elkaar
worden gebruikt en verschillende afstanden weergeven.
Geef om een dagteller te resetten de gewenste dagteller weer en houd vervol-
gens de toets ODO/TRIP ingedrukt.
Hiermee worden suggesties voor de bestuurder weergegeven in de onder-
staande situaties. U kunt een reactie op de weergegeven suggestie selecte-
ren met behulp van de bedieningstoetsen van het instrumentenpaneel.
De suggestiefunctie kan worden in- en uitgeschakeld.
(Systemen met mogelijkheden voor persoonlijke voorkeursinstellingen:Blz. 623)
Suggestie om de koplampen uit te schakelen
Als de koplampen gedurende een bepaalde tijd ingeschakeld blijven terwijl
de lichtschakelaar in de stand AUTO staat nadat het contact UIT is gezet,
wordt er een melding van de suggestiefunctie weergegeven met de vraag
of u de koplampen wilt uitschakelen. Selecteer “Yes” (ja) om de koplampen
uit te schakelen.
Als een voorportier wordt geopend nadat het contact UIT is gezet, wordt deze
melding van de suggestiefunctie niet weergegeven.
Suggestie om de elektrisch bedienbare ruiten te sluiten (gekoppeld
aan de werking van de ruitenwissers)
Als de ruitenwissers worden bediend terwijl één of meer elektrisch bedien-
bare ruiten zijn geopend, verschijnt een melding van de suggestiefunctie
met de vraag of u de elektrisch bedienbare ruiten wilt sluiten. Selecteer
“Yes” (ja) om alle elektrisch bedienbare ruiten te sluiten.
Als de blokkeerschakelaar voor de ruitbediening is ingeschakeld, wordt de mel-
ding van de suggestiefunctie niet weergegeven.
Kilometerteller/dagteller
Suggestiefunctie
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 155 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
156 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Suggestie om de elektrisch bedienbare ruiten te sluiten (gekoppeld
aan de rijsnelheid)
Als gedurende een bepaalde tijd met hoge snelheden gereden wordt ter-
wijl een elektrisch bedienbare ruit geopend is, verschijnt een melding van
de suggestiefunctie met de vraag of u de elektrisch bedienbare ruiten wilt
sluiten. Selecteer “Ja” om alle elektrisch bedienbare ruiten te sluiten.
Als de blokkeerschakelaar voor de ruitbediening is ingeschakeld, wordt de mel-
ding van de suggestiefunctie niet weergegeven.
De ECO-begeleiding werkt niet wanneer
De ECO-begeleiding werkt in de volgende situaties niet:
De hybridesysteemindicator werkt niet.
Er wordt met de auto gereden terwijl de Dynamic Radar Cruise Control met volledig
snelheidsbereik is ingeschakeld.
Onderbreking van de weergave van de instellingen
Bepaalde instellingen kunnen niet gewijzigd worden tijdens het rijden. Breng de auto
op een veilige plaats tot stilstand voordat u instellingen wijzigt.
Als er een waarschuwingsmelding wordt weergegeven, kan het instelscherm tijdelijk
niet worden bediend.
LCD-scherm
Op het scherm kunnen kleine vlekjes of lichte puntjes verschijnen. Dit verschijnsel is
kenmerkend voor LCD-schermen en u kunt het scherm zonder problemen blijven
gebruiken.
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 148, 623)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 156 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
157
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
WAARSCHUWING
Waarschuwingen voor het gebruik tijdens het rijden
Wanneer u het multi-informatiedisplay tijdens het rijden bedient, let dan extra goed
op de veiligheid rondom de auto.
Kijk tijdens het rijden niet voortdurend op het multi-informatiedisplay, aangezien u
anders voetgangers, objecten op de weg, enz. over het hoofd kunt zien.
Informatiedisplay bij lage temperaturen
Laat het interieur van de auto op temperatuur komen alvorens het informatiedisplay
te gebruiken. Bij extreem lage temperaturen kan het informatiedisplay trager reage-
ren en worden wijzigingen mogelijk met enige vertraging weergegeven.
Zo kan er bijvoorbeeld een vertraging ontstaan tussen het schakelen door de
bestuurder en de weergave van de ingeschakelde versnelling op het display. Deze
vertraging kan de bestuurder doen besluiten nogmaals terug te schakelen, waardoor
er snel en te sterk op de motor wordt afgeremd en er een aanrijding kan ontstaan,
mogelijk met ernstig letsel tot gevolg.
Waarschuwing bij het instellen van het display
Zorg dat de auto geparkeerd staat op een plaats met voldoende ventilatie, aange-
zien het hybridesysteem tijdens het instellen van het display moet draaien. In een
afgesloten ruimte, zoals een garage, kunnen uitlaatgassen die het schadelijke kool-
monoxide (CO) bevatten, zich ophopen en in de auto terechtkomen. Dit kan zeer
schadelijk zijn voor de gezondheid.
OPMERKING
Tijdens het instellen van het display
Zorg ervoor dat het hybridesysteem draait tijdens het instellen van het display om te
voorkomen dat de 12V-accu leeg raakt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 157 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
158 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Het head-up display is gekoppeld aan het instrumentenpaneel en het naviga-
tiesysteem en geeft verschillende informatie weer in het directe blikveld van
de bestuurder, zoals de actuele rijsnelheid.
Status ondersteunend systeem/aan navigatiesysteem gekoppelde display-
zone (Blz. 160)
De volgende pop-updisplays worden in bepaalde situaties weergegeven:
Pre-Crash-waarschuwing (Pre-Crash Safety-systeem)
Waarschuwing van het Intelligent Clearance Sonar-systeem
Weergave schakelstand (Blz. 277)
Weergave rijsnelheid
Hybridesysteemindicator/toerenteller (Blz. 160)
Informatiedisplayzone (Blz. 161)
De volgende pop-updisplays worden in bepaalde situaties weergegeven:
Waarschuwing/melding
Status handsfree-systeem
Status bediening audiosysteem
Head-up display
Overzicht van functies
: Indien aanwezig
1
2
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 158 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
159
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Selecteer op het multi-informatiedisplay (Blz. 148) en vervolgens .
Inschakelen/uitschakelen van het head-up display
Druk op om het head-up display in of uit te schakelen.
Wijzigen van de instellingen van het head-up display
Houd ingedrukt om de volgende instellingen te wijzigen:
Hybridesysteemindicator/toerenteller
Hiermee kan de weergave worden ingesteld op hybridesysteemindicator/
toerenteller/geen informatie.
Helderheid/positie display
Hiermee kunt u de helderheid en de positie van het head-up display instel-
len.
Informatie op het display
Hiermee kan de weergave van de volgende onderwerpen worden in- of uit-
geschakeld:
Routebegeleiding naar bestemming
Status Driving Assist System
Kompas
Status bediening audiosysteem
Hoek display
Hiermee kan de hoek van het head-up display worden ingesteld.
Gebruik van het head-up display
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 159 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
160 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Display status ondersteunend systeem
Hiermee wordt de status van de volgende systemen weergegeven:
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik
(Blz. 345)
LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling) (Blz. 330)
Toyota Parking Assist-sensor (Blz. 386)
Aan navigatiesysteem gekoppelde displayzone
De volgende gegevens van het navigatiesysteem worden weergegeven:
Routebegeleiding naar bestemming
Wordt weergegeven als het navigatiesysteem met een routebegeleiding
bezig is. Wanneer er een kruising nadert, wordt een pijl weergegeven om
aan te geven welke kant u op moet.
Kompas
Geeft de rijrichting aan.
Hybridesysteemindicator
Laadgebied
Hybride eco-gebied
Eco-gebied
Power-gebied
Er wordt dezelfde informatie weer-
gegeven als op het instrumentenpa-
neel (hybridesysteemindicator). Zie
Blz. 138 voor meer informatie.
Toerenteller
Geeft het motortoerental aan in omwentelingen per minuut.
Status ondersteunend systeem/aan navigatiesysteem
gekoppelde displayzone
Hybridesysteemindicator/toerenteller
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 160 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
161
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Geeft afhankelijk van de situatie de volgende zaken weer:
Waarschuwing/melding
Waarschuwing van de LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling)
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik
Melding
Wordt weergegeven als op het multi-informatiedisplay een pop-updisplay met
een suggestie/tip wordt weergegeven. (Blz. 155)
Melding
Wordt weergegeven als op het multi-informatiedisplay een waarschuwingsmel-
ding wordt weergegeven. (Blz. 552)
Buitentemperatuur
Wordt weergegeven in de volgende situaties:
Wanneer het contact AAN wordt gezet
Wanneer het controlelampje lage buitentemperatuur knippert
Er wordt dezelfde informatie weergegeven als op het multi-informatiedisplay. Zie
voor meer informatie de beschrijving van de weergave van de buitentempera-
tuur op het multi-informatiedisplay. (Blz. 136)
Status handsfree-systeem
Wordt weergegeven als het handsfree-systeem wordt bediend.
Status bediening audiosysteem
Wordt weergegeven als het audiosysteem wordt bediend.
Informatiedisplayzone
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 161 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
162 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Head-up display
Met een (gepolariseerde) zonnebril op is het head-up display soms moeilijk aflees-
baar.
Pas de helderheid van het head-up display aan of zet uw zonnebril af.
Helderheid display
De helderheid van het head-up display kan worden ingesteld via op het multi-infor-
matiedisplay. Bovendien wordt de helderheid automatisch aangepast aan de licht-
sterkte van de omgeving.
Inschakelen/uitschakelen van het head-up display
Als het head-up display is uitgeschakeld, blijft het uitgeschakeld als het contact UIT en
vervolgens weer AAN wordt gezet.
WAARSCHUWING
Voordat u het head-up display gebruikt
Controleer of de positie en de helderheid van het head-up display geen belemme-
ring vormen voor veilig rijden. Als de positie of de helderheid van het display niet
goed is afgesteld, kan het zicht van de bestuurder worden belemmerd, waardoor
een ongeval en ernstig letsel kunnen ontstaan.
Kijk tijdens het rijden niet voortdurend op het head-up display, aangezien u anders
voetgangers, objecten op de weg, enz. over het hoofd kunt zien.
Waarschuwing met betrekking tot het instellen van het head-up display
Zorg dat de auto geparkeerd staat op een plaats met voldoende ventilatie, aange-
zien het hybridesysteem tijdens het instellen van het head-up display moet draaien.
In een afgesloten ruimte, zoals een garage, kunnen uitlaatgassen die het schadelijke
koolmonoxide (CO) bevatten, zich ophopen en in de auto terechtkomen. Dit kan zeer
schadelijk zijn voor de gezondheid.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 162 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
163
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
OPMERKING
Voorkomen van beschadiging van de onderdelen
Bij het wijzigen van de instellingen van het head-up display
Zorg ervoor dat het hybridesysteem tijdens het instellen van het head-up display
draait, om te voorkomen dat de 12V-accu ontladen raakt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 163 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
164 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Scherm audiosysteem
Multi-informatiedisplay
Druk op de toets MENU.
Selecteer “Info” op het scherm
“Menu”.
Als het scherm “Ritinformatie” of
“Geschiedenis” wordt weergegeven,
selecteert u “Energie”.
Multi-informatiedisplay
Druk een aantal keer op de bedie-
ningstoetsen van het instrumentenpa-
neel op het stuurwiel om de weergave
van de energiemonitor te selecteren.
Energiemonitor/verbruiksscherm
U kunt de status van het hybridesysteem zien op het multi-informatie-
display en op het scherm van het audiosysteem.
Deze afbeeldingen hebben betrekking op een auto met linkse bestu-
ring.
1
2
Energiemonitor
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 164 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
165
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Scherm audiosysteem Multi-informatiedisplay
Wanneer de auto
wordt aangedre-
ven door de elek-
tromotor
(tractiemotor)
Wanneer de auto
wordt aangedre-
ven door de benzi-
nemotor
Wanneer de auto
wordt aangedre-
ven door de benzi-
nemotor en de
elektromotor (trac-
tiemotor)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 165 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
166 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Wanneer het bat-
terijpakket (tractie-
batterij) wordt ge-
laden
Wanneer er geen
energieoverdracht
plaatsvindt
Status batterijpak-
ket (tractiebatterij)
Bijna leeg Vol Laag Vol
Scherm audiosysteem Multi-informatiedisplay
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 166 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
167
2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
2
Instrumentenpaneel
Ritinformatie
Druk op de toets MENU.
Selecteer “Info” op het scherm “Menu”.
Als het scherm “Energiemonitor” of “Geschiedenis” wordt weergegeven, selec-
teert u “Ritinformatie”.
Resetten van de verbruiksge-
gevens
Weergave van de gemid-
delde rijsnelheid sinds het
starten van het hybridesys-
teem.
Weergave van de verstreken
tijd sinds het starten van het
hybridesysteem
Het brandstofverbruik gedurende de laatste 15 minuten
Actieradius
De geregenereerde energie gedurende de laatste 15 minuten
Eén symbool staat voor 30 Wh. Er worden maximaal 5 symbolen
getoond.
De afbeelding is slechts een voorbeeld en kan afwijken van de werkelijke
situatie.
Actueel brandstofverbruik
Scherm brandstofverbruik
1
2
1
2
3
4
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 167 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
168 2. Instrumentenpaneel
CAMRY_HV_EE
Geschiedenis
Druk op de toets MENU.
Selecteer “Info” op het scherm “Menu”.
Als het scherm “Energiemonitor” of “Ritinformatie” wordt weergegeven, selec-
teert u “Geschiedenis”.
De historische gegevens
resetten
Laagste brandstofverbruik in
het verleden
Actueel brandstofverbruik
Vorige gemeten brandstofver-
bruik
Geeft het gemiddelde dagelijkse brandstofverbruik weer.
Het gemiddelde brandstofverbruik bijwerken
Toont een maximumaantal van vijf vorige metingen van het gemiddelde
brandstofverbruik.
De afbeelding is slechts een voorbeeld en kan afwijken van de werkelijke
situatie.
Resetten van de verbruiksgegevens
Als u “Wissen” kiest op het scherm “Ritinformatie”, worden het brandstofverbruik en de
geregenereerde energie van de laatste 15 minuten gereset. Door “Wissen” te selecte-
ren op het scherm “Geschiedenis”, worden de vorige data en het beste opgeslagen
brandstofverbruik gereset. Als u “Ja” kiest op het volgende scherm, worden alle gege-
vens gereset.
1
2
1
2
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 168 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
169
3
Bediening van
elk onderdeel
CAMRY_HV_EE
3-1. Informatie over sleutels
Sleutels ...................................170
3-2. Openen, sluiten en
vergrendelen van
de portieren
Portieren..................................174
Achterklep ............................... 181
Smart entry-systeem
met startknop........................ 185
3-3. Verstellen van de stoelen
Voorstoelen............................. 238
Achterstoelen .......................... 240
Hoofdsteunen.......................... 243
3-4. Verstellen van het stuurwiel
en de spiegels
Stuurwiel .................................246
Binnenspiegel..........................248
Buitenspiegels......................... 250
3-5. Openen en sluiten
van de ruiten
Elektrisch bedienbare ruiten....253
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 169 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
170
CAMRY_HV_EE
3-1. Informatie over sleutels
Bij de auto worden de volgende sleutels geleverd.
Elektronische sleutels
Bedienen van het Smart entry-sys-
teem met startknop (Blz. 185)
Gebruik van de afstandsbediening
(Blz. 170)
Mechanische sleutels
Plaatje met sleutelnummer
Vergrendelen van alle portieren
(Blz. 174)
Sluiten van de ruiten* (Blz. 174)
Ontgrendelen van alle portieren
(Blz. 174)
Openen van de ruiten*
(Blz. 174)
Openen van de achterklep
(Blz. 182)
*: Deze instelling moet aan de persoon-
lijke voorkeur worden aangepast door
een erkende Toyota-dealer of herstel-
ler/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
Sleutels
De sleutels
1
2
3
Afstandsbediening
1
2
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 170 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
171
3-1. Informatie over sleutels
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Schuif het ontgrendelknopje opzij om
de mechanische sleutel uit de elektro-
nische sleutel te verwijderen.
De mechanische sleutel kan maar in
één richting ingestoken worden, aan-
gezien slechts één zijde van de sleutel
van een groef is voorzien. Als u de
sleutel niet in de slotcilinder kunt ste-
ken, draait u de sleutel om en probeert
u het opnieuw.
Bewaar de mechanische sleutel na gebruik in de elektronische sleutel. Zorg dat u
de mechanische sleutel en de elektronische sleutel bij u hebt. Als de batterij van de
elektronische sleutel leeg is of de instapfunctie niet goed werkt, bent u op de
mechanische sleutel aangewezen. (Blz. 592)
Wanneer u de sleutel van de auto moet achterlaten bij een parkeerwachter
Vergrendel indien nodig het dashboardkastje. (Blz. 440)
Verwijder de mechanische sleutel voor eigen gebruik en geef alleen de elektronische
sleutel aan de parkeerwachter.
Als u uw sleutels verliest
Een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige kan een nieuwe originele sleutel maken met
behulp van de andere originele mechanische sleutel en het sleutelnummer op uw pla-
atje met sleutelnummer. Bewaar het plaatje met het sleutelnummer op een veilige
plaats buiten de auto, bijvoorbeeld in uw portemonnee.
Aan boord van een vliegtuig
Zorg ervoor dat u aan boord van een vliegtuig niet op de toetsen van de elektronische
sleutel drukt. Zorg ervoor dat de toetsen niet per ongeluk ingedrukt kunnen worden als
u de elektronische sleutel in bijvoorbeeld een tas hebt opgeborgen. Bij het indrukken
van de toetsen kan de elektronische sleutel radiogolven uitzenden die de bediening
van het vliegtuig kunnen beïnvloeden.
Gebruik van de mechanische sleutel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 171 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
172 3-1. Informatie over sleutels
CAMRY_HV_EE
Omstandigheden die de werking kunnen beïnvloeden
Blz. 188
Leegraken batterij elektronische sleutel
De standaard levensduur van de batterij is 1 - 2 jaar.
Als de batterij bijna leeg is, klinkt een waarschuwingssignaal in de auto als het hybri-
desysteem wordt uitgeschakeld.
Omdat de elektronische sleutel altijd radiogolven ontvangt, raakt de batterij ook ont-
laden wanneer de elektronische sleutel niet wordt gebruikt. De volgende symptomen
geven aan dat de batterij van de elektronische sleutel mogelijk ontladen is. Vervang
de batterij indien nodig. (Blz. 519)
Het Smart entry-systeem met startknop of de afstandsbediening werkt niet.
Het detectiegebied wordt kleiner.
Het ledcontrolelampje in de sleutel gaat niet branden.
Schakel de energiebespaarmodus van de elektronische sleutel in om te voorkomen
dat de batterij van de elektronische sleutel leegraakt wanneer deze gedurende lan-
gere tijd niet wordt gebruikt.
(Blz. 187)
Houd, om de levensduur van de batterij niet nodeloos te bekorten, de elektronische
sleutel op een afstand van minimaal 1 m van de volgende elektrische apparaten met
een magnetisch veld:
Televisietoestellen
•Computers
Mobiele telefoons, draadloze telefoons en batterijladers
Oplaadapparatuur voor draadloze en mobiele telefoons
Tafellampen
Inductiekookplaten
Batterij vervangen
Blz. 519
Bevestiging van het aantal geregistreerde sleutels
Het aantal al geregistreerde sleutels kan worden bevestigd. Neem voor meer informa-
tie contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Als een verkeerde sleutel wordt gebruikt
De slotcilinder zal vrij kunnen draaien.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 172 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
173
3-1. Informatie over sleutels
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
OPMERKING
Voorkomen van beschadiging van de sleutel
Laat de sleutels niet vallen, stel ze niet bloot aan sterke schokken en buig ze niet.
Stel de sleutels niet langdurig bloot aan hoge temperaturen.
Voorkom dat de sleutels nat worden en reinig ze niet in een ultrasoon reinigingsbad
of iets dergelijks.
Bevestig geen metaalhoudende of magnetische voorwerpen aan de sleutels en
houd de sleutels uit de buurt van dergelijke voorwerpen.
Haal de sleutels niet uit elkaar.
Plak geen stickers o.i.d. op het oppervlak van de elektronische sleutel.
Houd de sleutels uit de buurt van apparaten die magnetische velden opwekken
(bijvoorbeeld televisietoestellen, audiosystemen, inductiekookplaten en medische
apparatuur, zoals laagfrequente therapeutische uitrusting).
De elektronische sleutel bij u dragen
Houd de elektronische sleutel altijd ten minste 10 cm uit de buurt van ingeschakelde
elektrische apparaten. Radiogolven die worden uitgezonden door elektrische appa-
raten die zich minder dan 10 cm van de elektronische sleutel vandaan bevinden,
kunnen de correcte werking van de sleutel hinderen.
In geval van storingen in het Smart entry-systeem met startknop of andere pro-
blemen met de sleutel
Breng uw auto, inclusief alle elektronische sleutels die bij uw auto zijn geleverd, naar
een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Wanneer u een elektronische sleutel verliest
Als de elektronische sleutel zoek blijft, wordt het risico aanzienlijk groter dat de auto
wordt gestolen. Ga onmiddellijk met alle overgebleven elektronische sleutels die bij
uw auto zijn geleverd naar een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 173 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
174
CAMRY_HV_EE
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
Smart entry-systeem met startknop
Zorg dat u de elektronische sleutel bij u hebt om deze functie in te kunnen
schakelen.
Pak de voorportiergreep vast
om alle portieren te ontgrende-
len*.
Zorg ervoor dat u de sensor aan de
achterzijde van de portiergreep aan-
raakt.
De portieren en de achterklep kun-
nen gedurende 3 seconden na het
vergrendelen niet worden ontgren-
deld.
*: De instellingen voor het ontgrende-
len van de portieren kunnen worden
gewijzigd. (Blz. 178)
Raak de vergrendelsensor (de uitholling aan de zijkant van de voorpor-
tiergreep) aan om de portieren te vergrendelen.
Controleer of het portier goed vergrendeld is.
Afstandsbediening
Vergrendelen van alle portieren
Controleer of het portier goed ver-
grendeld is.
Houd deze toets ingedrukt om de
ruiten te sluiten.*
Ontgrendelen van alle portieren
Houd deze toets ingedrukt om de
ruiten te openen.*
*: Deze instelling moet aan de per-
soonlijke voorkeur worden aange-
past door een erkende Toyota-
dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
Portieren
Van buitenaf ontgrendelen en vergrendelen van de portieren
1
2
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 174 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
175
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Feedbacksignalen
Portieren:
De alarmknipperlichten knipperen om aan te geven dat de portieren zijn vergrendeld/
ontgrendeld. (Vergrendeld: eenmaal; ontgrendeld: tweemaal)
Ruiten:
Er klinkt een zoemer om aan te geven dat de ruiten bediend worden.
Beveiligingsfunctie
Als er niet binnen ongeveer 30 seconden na het ontgrendelen van de auto een portier
wordt geopend, zorgt de beveiligingsfunctie ervoor dat de auto weer automatisch
wordt vergrendeld.
Wanneer het portier niet kan worden vergrendeld met de vergrendelsensor op
het oppervlak van de portiergreep
Zoemer centrale vergrendeling
Als een portier niet volledig gesloten is, klinkt er constant een zoemer als geprobeerd
wordt de portieren te vergrendelen. Sluit het portier volledig om de zoemer uit te scha-
kelen en vergrendel de portieren opnieuw.
Het alarm inschakelen (indien aanwezig)
Wanneer de portieren worden vergrendeld, wordt het alarmsysteem ingeschakeld.
(Blz. 125)
Wanneer het Smart entry-systeem met startknop of de afstandsbediening niet
goed werkt
Gebruik de mechanische sleutel om de portieren te vergrendelen en ontgrendelen.
(Blz. 592)
Vervang de batterij door een nieuw exemplaar als deze ontladen raakt. (Blz. 519)
Wanneer het portier niet kan worden vergren-
deld, zelfs als u de vergrendelsensor op het
oppervlak van de portiergreep met uw vinger
aanraakt, raak dan de vergrendelsensor aan
met uw handpalm.
Wanneer u handschoenen draagt, trek deze
dan uit.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 175 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
176 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
Schakelaars centrale vergrendeling
Vergrendelen van alle portieren
Ontgrendelen van alle portieren
Vergrendelknoppen binnenzijde portier
Vergrendelen van het portier
Ontgrendelen van het portier
Zelfs als de vergrendelknop in de
stand vergrendeld staat, kan het
bestuurdersportier met de binnen-
portiergreep worden geopend.
Zet de vergrendelknop aan de binnenzijde in de vergrendelde stand.
Sluit het portier met de portiergreep uitgetrokken.
Het portier kan niet worden vergrendeld als het contact in de stand ACC of
AAN staat of als de elektronische sleutel zich nog in de auto bevindt.
De sleutel wordt mogelijk niet juist gesignaleerd waardoor het portier wellicht ver-
grendeld wordt.
Van binnenuit ontgrendelen en vergrendelen van de portieren
1
2
1
2
Vergrendelen van de voorportieren van buitenaf zonder
gebruik te maken van een sleutel
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 176 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
177
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Het portier kan niet vanaf de binnen-
zijde van de auto worden geopend
wanneer het kinderslot is geactiveerd.
Ontgrendelen
Vergrendelen
Hierdoor wordt voorkomen dat kinde-
ren per ongeluk de achterportieren
openen. Druk de schakelaars op beide
achterportieren naar beneden om de
kindersloten te activeren.
De volgende functies kunnen worden in- of uitgeschakeld:
Raadpleeg Blz. 625 voor instructies voor het aanpassen aan de persoonlijke voor-
keur.
Kindersloten achterportieren
1
2
Automatische vergrendel- en ontgrendelsystemen van de portieren
Functie Handeling
Functie koppeling van rijsnelheid aan
portiervergrendeling
Alle portieren worden automatisch ver-
grendeld wanneer de rijsnelheid onge-
veer 20 km/h of hoger is.
Functie koppeling van stand selectiehen-
del aan portiervergrendeling Alle portieren worden automatisch ver-
grendeld wanneer de selectiehendel in
een andere stand dan P wordt gezet.
Functie koppeling van stand selectiehen-
del aan portierontgrendeling Alle portieren worden automatisch ont-
grendeld wanneer de selectiehendel in
stand P wordt gezet.
Functie koppeling portierontgrendeling
aan bestuurdersportier Alle portieren worden automatisch ont-
grendeld wanneer het bestuurdersportier
wordt geopend.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 177 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
178 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
Instellen van de ontgrendelfunctie
Het is mogelijk om in te stellen welke portieren met de instapfunctie via de afstandsbe-
diening worden ontgrendeld.
Zet het contact UIT.
Houd de toets of ingedrukt en houd tegelijkertijd de toets gedu-
rende ongeveer 5 seconden ingedrukt als het controlelampje in de sleutel uit is.
De instelling verandert telkens wanneer een handeling wordt uitgevoerd, zoals hieron-
der is aangegeven. (Als u de instelling opnieuw wilt wijzigen, laat u de toetsen los,
wacht u ten minste 5 seconden en herhaalt u vervolgens stap .)
Auto's met een alarm: om te voorkomen dat het alarm onbedoeld wordt geactiveerd,
moet u de portieren ontgrendelen met de afstandsbediening en een portier eenmaal
openen en sluiten als de instellingen zijn gewijzigd. (Als er binnen 30 seconden nadat
op is gedrukt geen portier wordt geopend, worden de portieren weer vergrendeld
en wordt het alarm automatisch ingeschakeld.)
Zet het alarm onmiddellijk uit wanneer dit wordt geactiveerd. (Blz. 125)
1
2
2
Multi-informatiedis-
play Portieren ontgrendelen Piepsignaal
(auto's met linkse
besturing)
Als u de portiergreep van het
bestuurdersportier vasthoudt,
wordt alleen het bestuurders-
portier ontgrendeld. Exterieur: 3 keer een piep-
signaal
Interieur: Eén belsignaal
(auto's met rechtse
besturing)
Als u de portiergreep van het
voorpassagiersportier vast-
houdt, worden alle portieren
ontgrendeld.
Als u een voorportiergreep
vasthoudt, worden alle portie-
ren ontgrendeld.
Exterieur: Twee piepsig-
nalen
Interieur: Eén belsignaal
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 178 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
179
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Systeem voor crashportierontgrendeling
Als de auto aan een sterke schok wordt blootgesteld, worden alle portieren ontgren-
deld. Of het systeem in werking treedt, is afhankelijk van de kracht van de schok of het
type ongeval.
Waarschuwingszoemer open portier/achterklep
Als de rijsnelheid 5 km/h wordt, knippert het centrale waarschuwingslampje en klinkt er
een zoemer om aan te geven dat een of meer portieren nog niet goed gesloten zijn.
Het open portier wordt weergegeven op het multi-informatiedisplay.
Gebruik van de mechanische sleutel
De portieren kunnen ook worden vergrendeld en ontgrendeld met de mechanische
sleutel.
(Blz. 592)
Omstandigheden die de werking van het Smart entry-systeem met startknop en
de afstandsbediening beïnvloeden
Blz. 188
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 623)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 179 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
180 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Voorkomen van ongevallen
Neem bij het rijden met de auto de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van deze voorzorgsmaatregelen kan ertoe leiden dat er per
ongeluk een portier wordt geopend en dat er iemand uit de auto valt, waardoor ern-
stig letsel kan ontstaan.
Controleer of alle portieren volledig gesloten en vergrendeld zijn.
Trek tijdens het rijden niet aan de binnenportiergreep.
Wees vooral voorzichtig bij het voorportier. Dit portier kan zelfs worden geopend
als de vergrendelknoppen in de stand vergrendeld staan.
Activeer de kindersloten op de achterportieren als er kinderen achter in de auto
vervoerd worden.
Als een portier wordt geopend of gesloten
Controleer de omgeving van de auto; let er bijvoorbeeld op of de auto op een helling
staat, of er voldoende ruimte is om het portier te openen en of het hard waait.
Houd bij het openen of sluiten van het portier de portiergreep goed vast, zodat u bent
voorbereid op eventuele onverwachte bewegingen.
Bij het gebruik van de afstandsbediening en het bedienen van de elektrisch
bedienbare ruiten
Bedien de elektrisch bedienbare ruiten nadat u hebt gecontroleerd of er geen risico
is dat een passagier met een lichaamsdeel bekneld kan raken tussen de ruiten. Laat
tevens de afstandsbediening niet bedienen door kinderen. Het kan gebeuren dat
een lichaamsdeel van een kind of een andere passagier klem komt te zitten door het
bedienen van de elektrisch bedienbare ruiten.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 180 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
181
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Houd de ontgrendelschakelaar van de achterklep ingedrukt.
Smart entry-systeem met startknop
Druk de schakelaar op de achter-
klep in terwijl u de elektronische
sleutel bij u hebt.
Wanneer beide portieren op een
van de onderstaande manieren zijn
ontgrendeld, kan de achterklep wor-
den geopend zonder de elektroni-
sche sleutel:
Instapfunctie
Afstandsbediening
Schakelaars centrale vergrendeling
Automatische portierontgrendeling
Mechanische sleutel
Achterklep
De achterklep kan worden geopend met het openingssysteem van de
achterklep, de instapfunctie of de afstandsbediening.
De bagageruimte van binnenuit openen
Auto's met linkse besturing Auto's met rechtse besturing
De bagageruimte van buitenaf openen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 181 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
182 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
Afstandsbediening
Houd de schakelaar ingedrukt.
Trek de achterklep aan de greep in de
klep naar beneden zonder kracht te
gebruiken en duw de achterklep ver-
volgens van buitenaf naar beneden
om deze te sluiten.
Bagageruimteverlichting
De bagageruimteverlichting gaat branden als de achterklep wordt geopend.
Functie die voorkomt dat de achterklep wordt vergrendeld terwijl de elektroni-
sche sleutel zich in de bagageruimte bevindt
Er klinkt een geluidssignaal als de achterklep wordt gesloten terwijl alle portieren zijn
vergrendeld en de elektronische sleutel zich in de bagageruimte bevindt.
In dat geval kan de achterklep worden geopend door op de schakelaar van de ach-
terklep te drukken.
Als de elektronische reservesleutel zich in de bagageruimte bevindt en alle portieren
zijn vergrendeld, kan de beveiligingsfunctie tegen het insluiten van de sleutel worden
geactiveerd, zodat de achterklep kan worden geopend. Neem alle elektronische
sleutels mee als u de auto achterlaat om diefstal te voorkomen.
Als de elektronische sleutel zich in de bagageruimte bevindt en alle portieren zijn
vergrendeld, wordt de sleutel mogelijk niet gesignaleerd afhankelijk van de locatie
van de sleutel en de aanwezige radiogolven. In dit geval kan de beveiliging sleutel
insluiten niet worden geactiveerd, zodat de portieren zullen worden vergrendeld als
de achterklep wordt gesloten. Zorg ervoor dat de sleutel zich niet in de auto bevindt
als u de achterklep sluit.
De beveiliging sleutel insluiten kan niet worden geactiveerd als een van de portieren
ontgrendeld is. Open in dit geval de achterklep met het openingssysteem van de
achterklep.
Bij het sluiten van de achterklep
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 182 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
183
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Waarschuwingszoemer open achterklep
Als de rijsnelheid 5 km/h wordt, knippert het centrale waarschuwingslampje en klinkt er
een zoemer om aan te geven dat de achterklep nog niet goed gesloten zijn.
Wanneer het Smart entry-systeem met startknop of de afstandsbediening niet
goed werkt
Gebruik de mechanische sleutel om de achterklep te ontgrendelen. (Blz. 593)
Vervang de sleutelbatterij door een nieuw exemplaar als deze ontladen raakt.
(Blz. 519)
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 623)
WAARSCHUWING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg heb-
ben.
Voordat u gaat rijden
Zorg ervoor dat de achterklep volledig gesloten is. Als de achterklep niet volledig is
gesloten, kan deze tijdens het rijden onverwacht opengaan en nabij gelegen objec-
ten raken en kunnen er voorwerpen of bagage uit de bagageruimte vallen, waar-
door een ongeval kan ontstaan.
Laat kinderen niet in de bagageruimte spelen.
Als een kind per ongeluk in de bagageruimte opgesloten wordt, kan het ernstig let-
sel oplopen als gevolg van blootstelling aan hoge temperaturen of stikken.
Laat nooit kinderen de achterklep openen of sluiten.
Anders wordt de achterklep mogelijk onbedoeld geopend en kan een hand, het
hoofd of de nek van een kind bekneld raken bij het sluiten van de achterklep.
Belangrijke punten tijdens het rijden
Sta nooit toe dat personen in de bagageruimte meerijden. In het geval van plotseling
remmen of een aanrijding kunnen ze ernstig letsel oplopen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 183 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
184 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Gebruik van de bagageruimte
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ertoe leiden dat lichaams-
delen bekneld raken, met ernstig letsel tot gevolg.
Verwijder sneeuw en ijs en dergelijke van de achterklep voordat u deze opent. Als
u dat niet doet, kan de achterklep na het openen plotseling weer dichtvallen.
Controleer de omgeving om er zeker van te zijn dat u de achterklep veilig kunt ope-
nen en sluiten.
Als zich personen in de buurt bevinden, zorg er dan voor dat deze niet in gevaar
worden gebracht en laat ze weten dat de achterklep geopend of gesloten gaat wor-
den.
Wees extra voorzichtig wanneer u de achterklep opent of sluit wanneer er veel
wind staat, aangezien sterke wind ervoor kan zorgen dat de achterklep plotseling
beweegt.
Wanneer de auto op een helling staat is het moeilijker om de achterklep te openen
of te sluiten dan wanneer de auto vlak staat. Let er dus op dat de achterklep niet
onverwachts vanzelf open gaat of sluit. Zorg ervoor dat de achterklep volledig
geopend is voordat u de bagageruimte gebruikt.
Bevestig alleen originele Toyota-accessoires aan de achterklep. Door het extra
gewicht op de achterklep kan de achterklep, nadat deze is geopend, plotseling
weer dichtvallen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 184 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
185
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Vergrendelen en ontgrendelen van de portieren (Blz. 174)
Openen van de achterklep (Blz. 181)
Inschakelen van het hybridesysteem (Blz. 268)
Plaats van antenne
Smart entry-systeem met startknop
De volgende handelingen kunnen worden uitgevoerd als u de elektroni-
sche sleutel bij u hebt, bijvoorbeeld in uw zak. De bestuurder moet de
elektronische sleutel altijd bij zich hebben.
Antennes aan de buitenzijde
Antennes in het interieur
Antenne in de bagageruimte
Antenne buiten de bagageruimte
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 185 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
186 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
Bereik (gebieden waarin de elektronische sleutel wordt gesignaleerd)
Alarmsignalen en waarschuwingen
Een combinatie van een in en buiten de auto hoorbaar alarm en waarschuwingsmel-
dingen op het multi-informatiedisplay zorgen ervoor dat diefstal van de auto en onge-
lukken door een onjuiste bediening worden voorkomen. Neem de juiste maatregelen
als reactie op de waarschuwingsmeldingen op het multi-informatiedisplay. (Blz. 552)
In onderstaande tabel worden de omstandigheden en de correctieprocedures
beschreven in die gevallen waarin alleen een alarm klinkt.
Bij het vergrendelen of ontgrendelen
van de portieren
Het systeem kan worden bediend als
de elektronische sleutel zich binnen
ongeveer 0,7 m van een van de buiten-
portiergrepen voor bevindt. (Alleen de
portieren die de sleutel signaleren,
kunnen worden geopend of gesloten.)
Bij het starten van het hybridesysteem of veranderen van de standen van
het contact
Het systeem werkt als de elektronische sleutel zich in de auto bevindt.
Bij het openen van de achterklep
Het systeem werkt als de elektronische sleutel zich binnen 0,7 m van de
knop voor het ontgrendelen van de achterklep bevindt.
Alarm Situatie Correctieprocedure
Het buiten de auto hoor-
bare alarm klinkt één keer
gedurende 5 seconden
Er is geprobeerd de auto
te vergrendelen terwijl er
nog een portier geopend
was.
Sluit alle portieren en ver-
grendel ze opnieuw.
De achterklep werd geslo-
ten terwijl de elektroni-
sche sleutel zich nog in de
bagageruimte bevond en
alle portieren waren ver-
grendeld.
Neem de elektronische
sleutel uit de bagage-
ruimte en sluit de achter-
klep.
Het alarm in de auto
klinkt herhaaldelijk
Het contact werd in de
stand ACC gezet terwijl
het bestuurdersportier
geopend was (het
bestuurdersportier werd
geopend terwijl het con-
tact in de stand ACC
stond).
Zet het contact UIT en
sluit het bestuurderspor-
tier.
Het contact werd UIT
gezet terwijl het bestuur-
dersportier geopend was.
Sluit het bestuurderspor-
tier.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 186 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
187
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Energiebesparende functie
De energiebesparende functie wordt geactiveerd om te voorkomen dat de batterij van
de elektronische sleutel en de 12V-accu leeg raken wanneer de auto gedurende lan-
gere tijd niet wordt gebruikt.
In de volgende situaties kan het enige tijd duren voordat de portieren met het Smart
entry-systeem met startknop ontgrendeld kunnen worden.
De elektronische sleutel bevindt zich gedurende 10 minuten of langer op een
afstand van ongeveer 2 m van de auto.
Het Smart entry-systeem met startknop is gedurende 5 dagen of langer niet
gebruikt.
Als het Smart entry-systeem met startknop gedurende 14 dagen of langer niet
gebruikt is, kunnen de portieren alleen via het bestuurdersportier worden ontgren-
deld. Pak in dat geval de greep van het bestuurdersportier vast of gebruik de
afstandsbediening of de mechanische sleutel om de portieren te ontgrendelen.
Energiebesparende functie voor de batterij van de elektronische sleutel
Wanneer de energiebespaarmodus is ingeschakeld, loopt de batterij veel minder snel
leeg omdat de ontvangst van radiogolven door de elektronische sleutel wordt gestopt.
Druk twee keer in terwijl u inge-
drukt houdt. Ga na of het controlelampje van
de elektronische sleutel 4 keer knippert.
Het Smart entry-systeem met startknop kan
niet worden gebruikt als de energiebespaar-
modus is ingeschakeld. Druk op een van de
toetsen van de elektronische sleutel om de
functie te annuleren.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 187 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
188 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
Omstandigheden die de werking kunnen beïnvloeden
Het Smart entry-systeem met startknop, de afstandsbediening en de startblokkering
maken gebruik van zwakke radiogolven. In de volgende situaties kunnen storingen
optreden in de communicatie tussen de elektronische sleutel en de auto, waardoor het
Smart entry-systeem met startknop, de afstandsbediening en de startblokkering
mogelijk niet goed werken: (Oplossingen: Blz. 592)
Wanneer de batterij van de elektronische sleutel leeg is
In de buurt van een televisiezendmast, elektriciteitscentrale, tankstation, radiozen-
der, videowall, luchthaven of andere locatie waar sterke radiogolven of elektromag-
netische velden aanwezig zijn
Wanneer de elektronische sleutel tegen een van de volgende metalen voorwerpen
wordt gehouden of erdoor wordt bedekt
Kaarten met aluminiumfolie
Sigarettenpakjes met aluminiumfolie erin
Metalen portemonnees of tassen
•Muntgeld
Metalen handwarmers
Media zoals CD's en DVD's
Als er andere sleutels met afstandsbediening (die radiogolven uitzenden) in de buurt
gebruikt worden
Als u de elektronische sleutel bij u draagt samen met de volgende apparaten die
radiogolven uitzenden
Een draagbare radio, mobiele telefoon, draadloze telefoon of andere draadloze
communicatiemiddelen
De elektronische sleutel van een andere auto, een andere elektronische sleutel
van uw auto of een sleutel met afstandsbediening die radiogolven uitzendt
Computers of pda's
Digitale audioapparatuur
Draagbare spelcomputers
Als een metalen coating of metalen voorwerpen aan de achterruit zijn bevestigd
Wanneer de elektronische sleutel in de buurt van een batterijlader of elektronische
apparaten wordt gehouden
Wanneer de auto op een parkeerplaats voor betaald parkeren staat waar radiogol-
ven worden verzonden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 188 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
189
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Aanwijzing voor de instapfunctie
Zelfs als de elektronische sleutel zich binnen het detectiegebied bevindt, werkt het
systeem in de volgende gevallen mogelijk niet juist:
De elektronische sleutel bevindt zich te dicht bij de ruit of buitenportiergreep, te
dicht bij de grond of te hoog als de portieren worden vergrendeld of ontgrendeld.
De elektronische sleutel bevindt zich te dicht bij de grond of te hoog of te dicht bij
het midden van de achterbumper bij het ontgrendelen van de achterklep.
De elektronische sleutel ligt op het dashboard, de hoedenplank of de vloer achter
of in een portiervak of het dashboardkastje als het hybridesysteem wordt gestart
of met de startknop een andere stand wordt geselecteerd.
Laat de elektronische sleutel niet boven op het dashboard of in de buurt van de por-
tiervakken liggen wanneer u de auto verlaat. Afhankelijk van de ontvangst van de
radiogolven wordt door de antenne mogelijk waargenomen dat de sleutel zich buiten
de auto bevindt en kunnen de portieren worden vergrendeld vanaf de buitenzijde,
waardoor de elektronische sleutel mogelijk in de auto wordt opgesloten.
Zolang de elektronische sleutel zich binnen het detectiegebied bevindt, kunnen de
portieren door een willekeurige persoon worden vergrendeld en ontgrendeld. De
auto kan echter alleen worden ontgrendeld via de portieren die de elektronische
sleutel signaleren.
Zelfs als de elektronische sleutel zich buiten de auto bevindt, kan het hybridesys-
teem mogelijk worden gestart als de elektronische sleutel zich in de buurt van de ruit
bevindt.
Als de sleutel zich binnen het ontvangstgebied bevindt en er een grote hoeveelheid
water op de portiergreep terechtkomt (bijvoorbeeld tijdens een zware regenbui of het
wassen van de auto), kunnen de portieren worden ontgrendeld of vergrendeld. (Als
de portieren niet worden geopend en gesloten, worden deze na ongeveer 30 secon-
den automatisch weer vergrendeld.)
Als de afstandsbediening wordt gebruikt om de portieren te vergrendelen terwijl de
elektronische sleutel zich in de nabijheid van de auto bevindt, bestaat de mogelijk-
heid dat de portieren niet ontgrendeld worden door de instapfunctie. (Gebruik de
afstandsbediening om de portieren te ontgrendelen.)
Wanneer u de vergrendelsensor aanraakt terwijl u handschoenen draagt, kan de
reactie van het systeem trager zijn of worden de portieren mogelijk niet ontgrendeld.
Trek uw handschoenen uit en raak de vergrendelsensor opnieuw aan.
Wanneer de vergrendelactie is uitgevoerd met de vergrendelsensor, worden maxi-
maal tweemaal achter elkaar identificatiesignalen getoond. Vervolgens worden geen
identificatiesignalen gegeven.*
Als de portiergreep nat wordt terwijl de elektronische sleutel zich binnen het werk-
zame gebied bevindt, kan het portier herhaaldelijk worden vergrendeld en ontgren-
deld. Volg in dit geval de correctieprocedure hieronder bij het wassen van de auto:
Plaats de elektronische sleutel op een afstand van ten minste 2 meter van de
auto. (Zorg ervoor dat de sleutel niet gestolen wordt.)
Schakel de energiebespaarmodus van de elektronische sleutel in om het Smart
entry-systeem met startknop uit te schakelen. (Blz. 187)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 189 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
190 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
Als de elektronische sleutel zich in de auto bevindt en een portiergreep wordt nat tij-
dens het wassen van de auto, wordt er mogelijk een melding weergegeven op het
multi-informatiedisplay en klinkt er een zoemer buiten de auto. Vergrendel alle portie-
ren om het alarm uit te schakelen.
De vergrendelsensor werkt mogelijk niet goed wanneer deze in contact komt met ijs,
sneeuw, modder, enz. Maak de vergrendelsensor schoon en probeer deze nogmaals
te bedienen.
Bij een plotselinge nadering van het detectiegebied of de portiergreep kan het voor-
komen dat de portieren niet ontgrendeld worden. Laat in dat geval de portiergreep
los en controleer of de portieren worden ontgrendeld voordat u opnieuw aan de por-
tiergreep trekt.
Als er zich een andere elektronische sleutel binnen het detectiegebied bevindt, is de
reactietijd voor het ontgrendelen van de portieren nadat een portiergreep is vastge-
pakt, mogelijk langer.
Bij het gebruik van de portiergreep kunnen uw nagels over het portier krassen. Zorg
ervoor dat uw nagels of de lak van het portier niet beschadigd raken.
*: Deze instelling kan aan de persoonlijke voorkeur worden aangepast door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwali-
ficeerde en uitgeruste deskundige.
Als er gedurende langere tijd niet met de auto wordt gereden
Bewaar, om diefstal van de auto te voorkomen, de elektronische sleutel niet binnen
een afstand van 2 m van de auto.
Het Smart entry-systeem met startknop kan vooraf worden uitgeschakeld.
(Blz. 623)
Het inschakelen van de energiebespaarmodus van de elektronische sleutel helpt te
voorkomen dat de sleutelbatterij leegraakt. (Blz. 187)
Voor een juiste bediening van het systeem
Zorg ervoor dat u de elektronische sleutel bij u hebt als u het systeem bedient. Houd
de elektronische sleutel niet te dicht bij de auto als u het systeem van buitenaf bedient.
Afhankelijk van de positie en de conditie waarin de elektronische sleutel wordt
bewaard, wordt de sleutel mogelijk niet correct door het systeem gesignaleerd, waar-
door het systeem wellicht niet juist functioneert. (Het alarm kan per ongeluk afgaan of
de functie die voorkomt dat de portieren per ongeluk worden vergrendeld, werkt wel-
licht niet.)
Als het Smart entry-systeem met startknop niet goed werkt
Vergrendelen en ontgrendelen van de portieren en achterklep: gebruik de mechani-
sche sleutel.
(Blz. 592)
Starten van het hybridesysteem: Blz. 593
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 623)
Als het Smart entry-systeem met startknop is uitgeschakeld via de persoonlijke
voorkeursinstellingen
Vergrendelen en ontgrendelen van de portieren en openen van de achterklep:
Gebruik de afstandsbediening of de mechanische sleutel. (Blz. 174, 182, 592)
Starten van het hybridesysteem en wijzigen van de standen van het contact:
Blz. 593
Uitschakelen van het hybridesysteem: Blz. 268
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 190 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
191
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Verklaring voor het Smart entry-systeem met startknop
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 191 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
192 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 192 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
193
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 193 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
194 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 194 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
195
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 195 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
196 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 196 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
197
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 197 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
198 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 198 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
199
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 199 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
200 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 200 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
201
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 201 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
202 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 202 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
203
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 203 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
204 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 204 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
205
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 205 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
206 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 206 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
207
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 207 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
208 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 208 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
209
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 209 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
210 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 210 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
211
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 211 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
212 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 212 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
213
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 213 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
214 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 214 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
215
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 215 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
216 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 216 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
217
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 217 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
218 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 218 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
219
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 219 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
220 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 220 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
221
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 221 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
222 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 222 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
223
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 223 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
224 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 224 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
225
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 225 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
226 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 226 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
227
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 227 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
228 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 228 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
229
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 229 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
230 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 230 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
231
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 231 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
232 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 232 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
233
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 233 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
234 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 234 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
235
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 235 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
236 3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 236 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
237
3-2. Openen, sluiten en vergrendelen van de portieren
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
WAARSCHUWING
Waarschuwing met betrekking tot beïnvloeding van elektronische apparatuur
Mensen met geïmplanteerde pacemakers, CRT-pacemakers of geïmplanteerde
hartdefibrillatoren moeten uit de buurt blijven van de antennes van het Smart entry-
systeem met startknop. (Blz. 185)
Radiogolven kunnen de werking van dergelijke apparatuur beïnvloeden. Indien
nodig kan de instapfunctie worden uitgeschakeld. Neem voor meer informatie over
bijvoorbeeld de frequentie van de radiogolven en de momenten waarop deze wor-
den uitgezonden, contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/repara-
teur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Raadpleeg vervolgens uw arts om na te gaan of de instapfunctie moet worden uit-
geschakeld.
Gebruikers van elektrische medische apparatuur anders dan geïmplanteerde
pacemakers, CRT-pacemakers en geïmplanteerde hartdefibrillatoren moeten con-
tact opnemen met de fabrikant van deze producten om te informeren of radiosigna-
len invloed uitoefenen op de werking van deze apparatuur.
Radiogolven kunnen onverwachte effecten hebben op de werking van dergelijke
medische apparatuur.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige voor meer informatie
over het uitschakelen van de instapfunctie.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 237 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
238
CAMRY_HV_EE
3-3. Verstellen van de stoelen
Handmatig verstelbare stoel
Hendel stoelpositieverstelling
Hendel rugleuningverstelling
Hendel hoogteverstelling
Elektrisch verstelbare stoel
Schakelaar stoelpositie
Schakelaar rugleuningverstelling
Schakelaar hoekverstelling zitting
(voorzijde)
Schakelaar hoogteverstelling
Schakelaar lendensteunverstelling
Voorstoelen
Procedure voor het verstellen
1
2
3
1
2
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 238 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
239
3-3. Verstellen van de stoelen
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
WAARSCHUWING
Wanneer de positie van de stoel wordt versteld
Let er bij het verstellen van de positie van de stoel op dat de stoel de overige inzit-
tenden van de auto niet raakt, omdat deze hierdoor wellicht letsel zouden kunnen
oplopen.
Houd uw handen niet onder de stoel of in de buurt van bewegende onderdelen om
letsel te voorkomen.
Uw vingers of handen zouden bekneld kunnen raken in het stoelmechanisme.
Zorg ervoor voor dat er voldoende ruimte overblijft voor de voeten, zodat ze niet
vast komen te zitten.
Stoel afstellen
Let erop dat de stoel geen passagiers of bagage raakt.
Om te voorkomen dat u bij een aanrijding onder de veiligheidsgordel doorschuift, is
het raadzaam de leuning niet verder achterover te zetten dan strikt noodzakelijk is.
Als de rugleuning te ver achterover staat, kan bij een ongeval het heupgedeelte
over uw heupen heen schuiven, waardoor er te veel kracht op uw buik wordt uitge-
oefend, of kan het schoudergedeelte van de gordel in contact komen met uw nek,
waardoor ernstig letsel kan ontstaan.
Verstel de bestuurdersstoel niet tijdens het rijden, aangezien de stoel dan onver-
wachts kan bewegen. Hierdoor kan de bestuurder de controle over de auto verlie-
zen.
Alleen handmatig verstelbare stoel: Controleer na het verstellen of de stoel goed is
vergrendeld.
OPMERKING
Wanneer een voorstoel wordt versteld
Let er bij het verstellen van een voorstoel op dat de hoofdsteun de hemelbekleding
niet raakt. Anders kunnen de hoofdsteun en de hemelbekleding beschadigd raken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 239 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
240 3-3. Verstellen van de stoelen
CAMRY_HV_EE
Trek aan de hendel in de bagage-
ruimte voor de rugleuning die u wilt
neerklappen en klap de rugleuning
naar beneden.
Achterstoelen
Neerklapbaar:
De rugleuningen van de achterstoelen kunnen worden neergeklapt.
Met rugleuningverstelling:
De rugleuningen van de achterstoelen kunnen in een comfortabele
stand worden gezet.
Rugleuningen achter neerklappen (neerklapbare stoel)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 240 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
241
3-3. Verstellen van de stoelen
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Druk op om de toetsen weer
te geven en kies vervolgens
of . De rugleuning beweegt
zolang de toets wordt bediend.
Naar voren bewegen
Naar achteren bewegen
Persoonlijke voorkeursinstellingen (met rugleuningverstelling)
Wijzigen van de instellingen van het bedieningspaneel achter (Blz. 432)
Verstellen van de rugleuning (met rugleuningverstelling)
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 241 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
242 3-3. Verstellen van de stoelen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Als de rugleuningen worden neergeklapt (neerklapbare stoel)
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht. Het niet in acht nemen van de
voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg hebben.
Klap de rugleuningen niet neer tijdens het rijden.
Parkeer de auto op een vlakke ondergrond, activeer de parkeerrem en zet de
selectiehendel in stand P.
Laat geen personen op een neergeklapte rugleuning of in de bagageruimte zitten
tijdens het rijden.
Laat geen kinderen toe in de bagageruimte.
Als de stoel in de oorspronkelijke positie wordt teruggezet (neerklapbare stoel)
Zorg ervoor dat de veiligheidsgordel niet vast komt te zitten tussen of achter de
stoelen.
Leid de veiligheidsgordel door de geleider als deze eruit verwijderd is. (Blz. 40)
Stoel afstellen
Met rugleuningverstelling: Om te voorkomen dat u bij een aanrijding onder de vei-
ligheidsgordel doorschuift, is het raadzaam de leuning niet verder achterover te
zetten dan strikt noodzakelijk is.
Als de rugleuning te ver achterover staat, kan bij een ongeval het heupgedeelte
over uw heupen heen schuiven, waardoor er te veel kracht op uw buik wordt uitge-
oefend, of kan het schoudergedeelte van de gordel in contact komen met uw nek,
waardoor ernstig letsel kan ontstaan.
Verstel de bestuurdersstoel niet tijdens het rijden, aangezien de stoel dan onver-
wachts kan bewegen. Hierdoor kan de bestuurder de controle over de auto verlie-
zen.
Neerklapbare stoel: Let er bij het neerklappen van de rugleuning op dat uw handen
of voeten niet bekneld raken tussen het achterste deel van de middenconsole en
de achterstoelen.
Nadat de rugleuning rechtop is gezet (neerklapbare stoel)
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht. Het niet in acht nemen van de
voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg hebben.
Controleer of de rugleuning goed is vergrendeld door de bovenzijde van de rugleu-
ning vooruit en achteruit te duwen.
Controleer of de veiligheidsgordels niet gedraaid zijn of vastzitten in de rugleuning.
Zorg ervoor dat de veiligheidsgordel door de geleider loopt.
OPMERKING
Als de rugleuning rechts is neergeklapt (neerklapbare stoel)
Pas op dat de bagage in de vergrote bagageruimte de band van de middelste veilig-
heidsgordel achter niet beschadigt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 242 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
243
3-3. Verstellen van de stoelen
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Verstelbaar type
Omhoog
Trek de hoofdsteun omhoog.
Omlaag
Duw de hoofdsteun omlaag en houd
daarbij de ontgrendelknop ingedrukt.
Geïntegreerd type
De hoofdsteunen kunnen niet worden versteld en verwijderd.
Verwijderen van de hoofdsteunen
Hoofdsteunen
Alle zitplaatsen zijn voorzien van een hoofdsteun.
Ontgrendelknop
1
2
Trek de hoofdsteun omhoog en houd daarbij
de ontgrendelknop ingedrukt.
Voorstoelen: Wanneer de hoofdsteun het dak
raakt waardoor het verwijderen ervan wordt
bemoeilijkt, wijzig dan de stoelhoogte of de -
hoek.
(Blz. 238)
Ontgrendel-
knop
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 243 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
244 3-3. Verstellen van de stoelen
CAMRY_HV_EE
Plaatsen van de hoofdsteunen
Voorstoelen en buitenste zitplaatsen achter met rugleuningverstelling
Middelste zitplaats achter met rugleuningverstelling en neerklapbare buitenste zit-
plaatsen achter
Afstellen van de hoogte van de hoofdsteunen (voorstoelen en buitenste zitplaat-
sen achter met rugleuningverstelling)
Afstellen van de hoofdsteun achter (behalve buitenste zitplaatsen achter met
rugleuningverstelling)
Stel de hoofdsteunen voor gebruik altijd minimaal in op de op een na laagste stand.
Breng de hoofdsteun in lijn met de bevesti-
gingsgaten en schuif hem omlaag tot hij in de
vergrendeling klikt.
Houd de ontgrendelknop ingedrukt wanneer u
de hoofdsteun laat zakken.
Houd de pootjes van de hoofdsteun boven de
bevestigingsgaten en schuif de steun omlaag
in de laagste vergrendelingspositie terwijl u de
ontgrendelknop ingedrukt houdt.
Stel de hoofdsteunen zo in dat het midden van
de hoofdsteun zich zo dicht mogelijk bij de
bovenzijde van uw oren bevindt.
Ontgrendel-
knop
Ontgrendel-
knop
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 244 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
245
3-3. Verstellen van de stoelen
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
WAARSCHUWING
Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik van de hoofdsteunen
Neem met betrekking tot de hoofdsteunen de volgende voorzorgsmaatregelen in
acht. Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot
gevolg hebben.
Plaats de hoofdsteunen altijd op de bijbehorende stoel.
Stel de hoofdsteunen altijd goed af.
Druk de hoofdsteunen na het plaatsen naar beneden om te controleren of ze goed
vergrendeld zijn.
Rijd nooit zonder hoofdsteunen.
(Als een hoofdsteun echter de plaatsing van een baby- of kinderzitje hindert, kan
de hoofdsteun worden verwijderd om het baby- of kinderzitje te plaatsen: Blz. 60)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 245 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
246
CAMRY_HV_EE
3-4. Verstellen van het stuurwiel en de spiegels
Handmatige verstelling
Houd het stuurwiel vast en druk de
hendel omlaag.
Zet het stuurwiel in de ideale posi-
tie door het in horizontale en verti-
cale richting te bewegen.
Trek na de verstelling de hendel
omhoog om het stuurwiel te borgen.
Elektrische verstelling
Door de schakelaar te bedienen kan het stuur in de volgende richtingen ver-
steld worden:
Omhoog
Omlaag
Naar de bestuurder toe
Van de bestuurder af
Stuurwiel
Procedure voor het verstellen
1
2
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 246 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
247
3-4. Verstellen van het stuurwiel en de spiegels
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Als het contact UIT wordt gezet, keert
het stuurwiel terug naar de ruststand
door omhoog en van de bestuurder af
te kantelen, waardoor het in- en uit-
stappen vergemakkelijkt wordt.
Als het contact in stand ACC of AAN
wordt gezet, keert het stuurwiel terug
naar de oorspronkelijke positie.
Druk op of vlak bij het symbool
om te claxonneren.
Het stuurwiel kan worden versteld wanneer (elektrische verstelling)
Het contact in stand ACC of AAN staat.
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 623)
Automatisch wegkantelen (elektrische verstelling)
Claxon
WAARSCHUWING
Wees voorzichtig tijdens het rijden
Verstel het stuurwiel niet tijdens het rijden.
Anders kunt u de macht over het stuur verliezen en een ongeval veroorzaken, waar-
door ernstig letsel kan ontstaan.
Na het afstellen van het stuurwiel (handmatige verstelling)
Zorg ervoor dat het stuurwiel goed vergrendeld is.
Anders kan het stuurwiel plotseling bewegen, waardoor een ongeval kan ontstaan
met ernstig letsel tot gevolg. Ook klinkt de claxon wellicht niet als het stuurwiel niet
goed is vergrendeld.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 247 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
248 3-4. Verstellen van het stuurwiel en de spiegels
CAMRY_HV_EE
De hoogte van de binnenspiegel kan worden afgestemd op uw houding ach-
ter het stuur.
Stel de hoogte van de binnenspiegel
af door de spiegel omhoog of omlaag
te bewegen.
De hoeveelheid gereflecteerd licht wordt automatisch gereduceerd op basis
van de helderheid van de koplampen van achteropkomend verkeer.
De modus voor de automatische anti-
verblindingsstand wijzigen
Aan/uit
Wanneer de automatische antiverblin-
dingsstand is ingeschakeld, brandt het
controlelampje.
De functie wordt ingeschakeld telkens
wanneer het contact AAN wordt gezet.
Druk op de toets om de functie uit te
schakelen. (Het controlelampje gaat
ook uit.)
Binnenspiegel
De positie van de binnenspiegel kan worden afgesteld zodat de
bestuurder voldoende zicht naar achteren heeft.
Afstellen van de hoogte van de binnenspiegel
Antiverblindingsstand
Controlelampje
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 248 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
249
3-4. Verstellen van het stuurwiel en de spiegels
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Voorkomen van een onjuiste werking van de sensoren
Raak de sensoren niet aan en bedek ze ook
niet, omdat hierdoor de werking van de senso-
ren in negatieve zin beïnvloed kan worden.
WAARSCHUWING
Verstel de spiegel niet tijdens het rijden.
Hierdoor kunt u de macht over het stuur verliezen en een ongeval veroorzaken,
waardoor ernstig letsel kan ontstaan.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 249 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
250 3-4. Verstellen van het stuurwiel en de spiegels
CAMRY_HV_EE
Draai de schakelaar om een bui-
tenspiegel te selecteren.
Links
Rechts
Bedien de schakelaar om de spie-
gel te verstellen.
Omhoog
Rechts
Omlaag
Links
Inklappen van de spiegels
Uitklappen van de spiegels
Als de schakelaar van de inklapbare
buitenspiegels in de middenstand
staat, wordt de automatische stand
ingeschakeld.
De automatische stand maakt het
mogelijk om het inklappen of uitklap-
pen van de spiegels te koppelen aan
het vergrendelen/ontgrendelen van de
portieren.
Buitenspiegels
Procedure voor het verstellen
1
1
2
2
1
2
3
4
Inklappen en uitklappen van de spiegels
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 250 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
251
3-4. Verstellen van het stuurwiel en de spiegels
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
De spiegelhoek kan worden versteld wanneer
Het contact in stand ACC of AAN staat.
Spiegels voorzien van regenafstotende coating (indien aanwezig)
Waterdruppels die zich hebben verzameld op het spiegeloppervlak, worden door een
coating met een regenafstotend (hydrofiel) effect verspreid, waardoor het zicht in de
regen helderder is.
Wanneer zich vuil, stof, enz. op het spiegeloppervlak verzamelt, is het regenafsto-
tende effect tijdelijk minder. De spiegels hebben echter een functie die ervoor zorgt dat
eventueel aanwezig vuil, stof, enz. bij blootstelling aan direct zonlicht chemisch wordt
afgebroken, waardoor het regenafstotende effect geleidelijk terugkeren.
In de volgende gevallen zal het regenafstotende effect tijdelijk minder zijn, maar na 1
of 2 dagen blootstelling aan direct zonlicht tijdens zonnig weer geleidelijk terugkeren.
Wanneer u het regenafstotende effect snel wilt herstellen, voer dan de handelingen
voor herstel van het regenafstotende effect uit. (Blz. 465)
Wanneer er zich vuil e.d. op het spiegeloppervlak bevindt, iemand met een blote
hand het spiegeloppervlak heeft aangeraakt, het spiegeloppervlak is afgeveegd
met een vuile doek, enz.
Wanneer er na het wassen van uw auto reinigingsmiddel of was op het spiegelop-
pervlak aanwezig is
Nadat uw auto gedurende langere tijd in een ondergrondse parkeergarage heeft
gestaan of op een plek waar geen direct zonlicht is
Wees in de volgende situaties extra voorzichtig. Het regenafstotende effect kan niet
worden hersteld.
Wanneer onderhoudsproducten voor de auto die siliconen bevatten in aanraking
komen met het spiegeloppervlak
Wanneer er krassen op de spiegel zitten
Als de spiegels beslagen zijn
De buitenspiegels kunnen worden ontwasemd met de spiegelverwarming. Door de
achterruitverwarming in te schakelen wordt de buitenspiegelverwarming ingeschakeld.
(Blz. 428)
Gebruik van de automatische stand bij koud weer
Wanneer de automatische stand wordt gebruikt bij koud weer, kan de buitenspiegel
bevriezen en wordt de spiegel mogelijk niet automatisch in- en uitgeklapt. Verwijder in
dit geval sneeuw en ijs van de spiegel en bedien de spiegel vervolgens met de hand-
matige modus of beweeg de spiegel met de hand.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 251 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
252 3-4. Verstellen van het stuurwiel en de spiegels
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Belangrijke punten tijdens het rijden
Neem tijdens het rijden de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Als u dat niet doet, kunt u de macht over het stuur verliezen en een ongeval veroor-
zaken, waardoor ernstig letsel kan ontstaan.
Verstel de spiegels niet tijdens het rijden.
Rijd niet met de auto als de spiegels zijn ingeklapt.
Beide buitenspiegels dienen in de normale stand te staan en goed te zijn ingesteld
alvorens met de auto wordt gereden.
Wanneer een spiegel wordt versteld
Zorg ervoor dat uw hand niet bekneld raakt tussen de bewegende spiegel en het
spiegelhuis om letsel en storingen te voorkomen.
Als de spiegelverwarming is ingeschakeld
Raak het oppervlak van de spiegels niet aan, omdat dit heet kan worden en brand-
wonden kan veroorzaken.
OPMERKING
Omgaan met spiegels voorzien van regenafstotende coating (indien aanwezig)
Het regenafstotende effect is beperkt. Neem de volgende voorzorgsmaatregelen om
de regenafstotende werking van de spiegels te behouden:
Let er bij gebruik van een waterafstotend middel, olieverwijderaar, was of andere
onderhoudsproducten voor uw auto die siliconen bevatten op dat dit niet op het
spiegeloppervlak blijft zitten.
Veeg het spiegeloppervlak niet schoon met een doek waar zand, olieverwijderaar,
schuurmiddelen of andere zaken aan zitten die krassen op het spiegeloppervlak
kunnen achterlaten.
Als de spiegels zijn bevroren, gebruik dan warm water om het ijs te verwijderen.
Gebruik echter geen krabber om ijs van de spiegels te verwijderen.
Wanneer u uw auto wast met autoshampoo met waterafstotend effect, spoel het
spiegeloppervlak dan af met veel water en verwijder de waterdruppels met een
schone en zachte doek.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 252 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
253
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
3-5. Openen en sluiten van de ruiten
De elektrisch bedienbare ruiten kunnen worden geopend en gesloten met
behulp van de schakelaars.
Door de schakelaar te bedienen bewegen de ruiten als volgt:
Sluiten
One-touch sluiten*
Openen
One-touch openen*
*: De ruit stopt in een tussenstand door
de schakelaar in de andere richting te
bewegen.
Druk de schakelaar in om de schake-
laars voor de ruiten van de passa-
giers te blokkeren.
Gebruik deze schakelaar om te voorko-
men dat kinderen per ongeluk een pas-
sagiersruit openen of sluiten.
De elektrisch bedienbare ruiten kunnen bediend worden als
Het contact AAN staat.
Bedienen van de elektrisch bedienbare ruiten nadat het hybridesysteem is uitge-
schakeld
Zelfs nadat het contact in stand ACC of UIT is gezet, kunnen de elektrisch bedienbare
ruiten nog gedurende ongeveer 45 seconden worden bediend. Ze kunnen echter niet
meer worden bediend zodra een van de voorportieren is geopend.
Klembeveiliging
Als tijdens het sluiten van de ruit een object bekneld raakt tussen de ruit en het ruit-
frame, stopt de beweging van de ruit en wordt de ruit weer iets geopend.
Elektrisch bedienbare ruiten
Openen en sluiten
1
2
3
4
Blokkeerschakelaar ruitbediening
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 253 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
254 3-5. Openen en sluiten van de ruiten
CAMRY_HV_EE
Knelbeveiliging
Als tijdens het openen van de ruit een object bekneld raakt tussen het portier en de
ruit, stopt de beweging van de ruit.
Als de ruit niet kan worden geopend of gesloten
Wanneer de klembeveiliging of de knelbeveiliging niet goed werkt en de portierruit niet
kan worden geopend of gesloten, voer dan de onderstaande handelingen uit met de
schakelaar van de ruitbediening van dat portier.
Breng de auto tot stilstand. Zorg ervoor dat het contact AAN staat en bedien de scha-
kelaar van de ruitbediening continu in de one-touch sluitpositie of de one-touch open-
positie binnen 4 seconden nadat de klembeveiliging of knelbeveiliging werd
geactiveerd, zodat de portierruit kan worden geopend en gesloten.
Als de portierruit ook na het uitvoeren van bovenstaande handelingen niet kan wor-
den geopend of gesloten, voer dan de onderstaande procedure uit voor initialisatie
van de functie.
Zet het contact AAN.
Houd de schakelaar voor de ruitbediening omhoog getrokken in de one-touch
sluitpositie en sluit de portierruit volledig.
Laat de schakelaar voor de ruitbediening even los en houd vervolgens de schake-
laar gedurende ten minste ongeveer 6 seconden in de one-touch sluitpositie.
Houd de schakelaar van de ruitbediening ingedrukt in de one-touch openpositie.
Blijf de schakelaar, nadat de portierruit volledig is geopend, nog eens ten minste 1
seconde in die positie vasthouden.
Laat de schakelaar voor de ruitbediening even los en houd vervolgens de schake-
laar gedurende ten minste ongeveer 4 seconden in de one-touch openpositie.
Houd de schakelaar voor de ruitbediening nogmaals omhoog getrokken in de
one-touch sluitpositie. Blijf de schakelaar, nadat de portierruit volledig is gesloten,
nog eens ten minste 1 seconde in die positie vasthouden.
Herhaal de procedure vanaf het begin als u de schakelaar hebt losgelaten terwijl de
ruit nog in beweging was.
Als de ruit in de tegengestelde richting beweegt en niet volledig kan worden gesloten
of geopend, laat dan de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
1
2
3
4
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 254 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
255
3-5. Openen en sluiten van de ruiten
CAMRY_HV_EE
3
Bediening van elk onderdeel
Aan portierslot gekoppelde werking ruiten
De elektrisch bedienbare ruiten kunnen worden geopend en gesloten met behulp
van de mechanische sleutel.* (Blz. 592)
De elektrisch bedienbare ruiten kunnen worden geopend en gesloten met behulp
van de afstandsbediening.* (Blz. 174)
*: Deze instellingen moeten aan de persoonlijke voorkeur worden aangepast door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwali-
ficeerde en uitgeruste deskundige.
Alarm (indien aanwezig)
Het alarm kan worden geactiveerd als het alarm is ingeschakeld en een elektrisch
bedienbare ruit wordt gesloten met de aan het portierslot gekoppelde werking van de
elektrisch bedienbare ruit. (Blz. 126)
Waarschuwingszoemer bij geopende elektrisch bedienbare ruiten
Er klinkt een zoemer en er wordt een melding weergegeven op het multi-informatiedis-
play in het instrumentenpaneel wanneer het contact UIT staat en u het bestuurders-
portier opent terwijl de elektrisch bedienbare ruiten geopend zijn.
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 623)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 255 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
256 3-5. Openen en sluiten van de ruiten
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Anders kan er ernstig letsel ontstaan.
Openen en sluiten van de ruiten
De bestuurder is verantwoordelijk voor de bediening van de elektrisch bedienbare
ruiten, ook voor die van de passagiers. Laat, om onbedoelde bediening, met name
door kinderen, te voorkomen, de elektrisch bedienbare ruiten niet door kinderen
bedienen. Het kan gebeuren dat een lichaamsdeel van een kind of een andere
passagier klem komt te zitten tussen de elektrisch bedienbare ruit. Wanneer er een
kind in de auto zit, verdient het aanbeveling om de blokkeerschakelaar voor de ruit-
bediening te gebruiken. (Blz. 253)
Wanneer de elektrisch bedienbare ruiten worden bediend met de afstandsbedie-
ning of mechanische sleutel, bedien dan de elektrisch bedienbare ruit nadat u hebt
gecontroleerd of er geen risico is dat een passagier met een lichaamsdeel bekneld
kan raken tussen de ruit. Laat kinderen de ruit niet bedienen via de afstandsbedie-
ning of mechanische sleutel. Het kan gebeuren dat een lichaamsdeel van een kind
of een andere passagier klem komt te zitten door het bedienen van de elektrisch
bedienbare ruit.
Wanneer u uit de auto stapt, zet dan het contact UIT en neem de sleutel en het
kind met u mee. Anders kan het kind de auto mogelijk onbedoeld, uit kattenkwaad,
enz. bedienen, wat tot een ongeval kan leiden.
Klembeveiliging
Gebruik geen lichaamsdelen om de klembeveiliging opzettelijk te activeren.
De klembeveiliging werkt mogelijk niet als iets klem komt te zitten als de ruit bijna
volledig gesloten is. Zorg ervoor dat er geen lichaamsdelen klem komen te zitten
tussen de ruit.
Knelbeveiliging
Steek geen lichaamsdelen of kledingstukken in de opening om te proberen of de
knelbeveiliging werkt.
De knelbeveiliging werkt mogelijk niet als iets bekneld raakt op het moment dat de
ruit bijna volledig geopend is. Zorg ervoor dat er geen lichaamsdelen of kleding-
stukken klem komen te zitten tussen de ruit.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 256 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
257
4
Rijden
CAMRY_HV_EE
4-1. Voordat u gaat rijden
Rijden met de auto ..................258
Lading en bagage....................266
Rijden met een
aanhangwagen......................267
4-2. Rijprocedures
Startknop .................................268
EV-modus................................274
Hybridetransmissie..................277
Richtingaanwijzerschakelaar...282
Parkeerrem..............................283
Brake Hold...............................287
4-3. Bedienen van verlichting
en ruitenwissers
Lichtschakelaar........................290
AHB (Automatic High Beam)...293
Schakelaar mistlampen ...........297
Ruitenwissers en -sproeiers ....298
4-4. Tanken
Openen van de tankdop..........304
4-5. Gebruik van de
ondersteunende systemen
Toyota Safety Sense............... 308
PCS (Pre-Crash Safety-
systeem) ............................... 320
LDA (Lane Departure Alert
met stuurregeling)................. 330
RSA (Road Sign Assist)..........340
Dynamic Radar Cruise
Control met volledig
snelheidsbereik..................... 345
GPF-systeem
(benzineroetfilter)..................360
Ondersteunende systemen.....361
BSM (Blind Spot Monitor)........368
BSM-functie........................379
RCTA..................................382
Toyota Parking Assist-
sensor...................................386
Intelligent Clearance Sonar-
systeem (ICS).......................394
Rijmodusselectie-
schakelaars...........................414
4-6. Rijtips
Rijden met een hybrideauto ....416
Rijden in de winter...................419
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 257 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
258
CAMRY_HV_EE
4-1. Voordat u gaat rijden
Blz. 268
Zet met ingetrapt rempedaal de selectiehendel in stand D. (Blz. 277)
Deactiveer de parkeerrem. (Blz. 283)
Laat het rempedaal geleidelijk opkomen en trap langzaam het gaspedaal
in om de auto in beweging te brengen.
Trap, terwijl de selectiehendel in stand D staat, het rempedaal in.
Activeer indien nodig de parkeerrem.
Zet de selectiehendel in stand P als er gedurende langere tijd wordt gestopt.
(Blz. 277)
Trap, terwijl de selectiehendel in stand D staat, het rempedaal in.
Activeer de parkeerrem (Blz. 283) en zet de selectiehendel in stand P
(Blz. 277).
Druk op de startknop om het hybridesysteem te stoppen.
Vergrendel de portieren nadat u gecontroleerd hebt of u de sleutel bij u
hebt.
Plaats bij het parkeren op een helling indien nodig wielblokken.
Activeer de parkeerrem en zet de selectiehendel in stand D.
Trap het gaspedaal geleidelijk in.
Deactiveer de parkeerrem.
Rijden met de auto
Volg om veilig te kunnen rijden de onderstaande procedures:
Starten van het hybridesysteem
Rijden
Tot stilstand brengen van de auto
Parkeren van de auto
Wegrijden op een steile helling omhoog
1
2
3
1
2
1
2
3
4
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 258 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
259
4-1. Voordat u gaat rijden
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Als u wegrijdt op een helling omhoog
De Hill Start Assist Control wordt geactiveerd. (Blz. 362)
Rijden met een gunstig brandstofverbruik
Houd er rekening mee dat hybrideauto's vergelijkbaar zijn met conventionele auto's en
dat het belangrijk is dat u niet plotseling accelereert, enz. (Blz. 416)
Uitrollen (Auto Glide Control)
Wanneer de ECO-rijmodus is geselecteerd, treedt de Auto Glide Control onder
bepaalde omstandigheden automatisch in werking en laat dit systeem de auto uitrol-
len, wat zorgt voor een lager brandstofverbruik. (Blz. 415)
Rijden in de regen
Rijd voorzichtig als het regent, omdat het zicht dan minder is, de ruiten beslagen kun-
nen zijn en de weg glad kan zijn.
Rijd extra voorzichtig wanneer het begint te regenen, de weg kan dan immers bijzon-
der glad zijn.
Matig uw snelheid bij het rijden in de regen, tussen band en wegdek kan er zich dan
immers een waterfilm vormen die het sturen en remmen kan bemoeilijken.
Beperken van het vermogen van het hybridesysteem (Brake Override-systeem)
Wanneer het gaspedaal en rempedaal gelijktijdig worden ingetrapt, wordt het vermo-
gen van het hybridesysteem mogelijk beperkt.
Er wordt een waarschuwingsmelding weergegeven op het multi-informatiedisplay
terwijl het systeem in werking is.
“ECO Accelerator Guidance” (begeleiding milieubewust bedienen gaspedaal)
(Blz. 146)
Milieuvriendelijk rijden is gemakkelijker te realiseren door in de zone ECO-acceleratie
te blijven. Verder is het door binnen de zone ECO-acceleratie te blijven gemakkelijker
om een goede ECO-score te behalen.
Bij het wegrijden:
Trap, terwijl u binnen de zone ECO-acceleratie blijft, het gaspedaal geleidelijk in en
accelereer tot aan de gewenste snelheid. Door niet overmatig snel te accelereren,
kan er een goede ECO-score voor het wegrijden worden behaald.
Tijdens het rijden:
Laat, nadat u de gewenste snelheid hebt bereikt, het gaspedaal los en rijd met een
constante snelheid binnen de zone ECO-acceleratie. Door binnen de zone ECO-
acceleratie te blijven, kan er een goede ECO-score voor het rijden met constante
snelheid worden behaald.
Bij het tot stilstand brengen van de auto:
Door bij het decelereren het gaspedaal vroegtijdig los te laten, kan er een goede
ECO-score voor het tot stilstand brengen van de auto worden behaald.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 259 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
260 4-1. Voordat u gaat rijden
CAMRY_HV_EE
Beperken plotseling wegrijden (wegrijregeling)
Wanneer de onderstaande ongewone bediening plaatsvindt, wordt het vermogen van
het hybridesysteem mogelijk beperkt.
Wanneer de selectiehendel van R in D, van D in R, van N in R, van P in D of van
P in R wordt gezet (D omvat S) terwijl het gaspedaal wordt ingetrapt, verschijnt er
een waarschuwingsmelding op het multi-informatiedisplay.
Wanneer het gaspedaal te diep wordt ingetrapt terwijl de auto in zijn achteruit
staat.
Wanneer de wegrijregeling wordt geactiveerd, heeft uw auto mogelijk moeite met het
wegrijden in modder of op verse sneeuw. Deactiveer in zo'n geval de TRC
(Blz. 363) om de wegrijregeling uit te schakelen, zodat de auto makkelijker wegrijdt
in modder of op verse sneeuw.
Inrijden van uw nieuwe Toyota
Voor een maximale levensduur van de auto adviseren wij rekening te houden met
onderstaande aanwijzingen:
De eerste 300 km:
Voorkom plotseling sterk afremmen.
De eerste 1.000 km:
Rijd niet met extreem hoge snelheden.
Vermijd plotseling sterk accelereren.
Rijd niet langdurig in een lage versnelling.
Rijd niet langdurig met een constante snelheid.
Rijden in het buitenland
Zorg ervoor dat uw auto voldoet aan de in het desbetreffende land geldende wettelijke
voorschriften en controleer of de juiste brandstof verkrijgbaar is. (Blz. 612, 621)
Milieubewust rijden
Blz. 146, 160
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 260 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
261
4-1. Voordat u gaat rijden
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg heb-
ben.
Bij het starten van de auto
Houd het rempedaal altijd ingetrapt als de auto stilstaat en het controlelampje
READY brandt. Dit voorkomt kruipen van de auto.
Tijdens het rijden
Zorg ervoor dat u, voordat u wegrijdt, blindelings het gas- en rempedaal kunt vin-
den.
Als u per ongeluk in plaats van het rempedaal het gaspedaal intrapt, zal de auto
onverwacht accelereren, wat een ongeval tot gevolg kan hebben.
Bij het achteruitrijden draait u wellicht uw lichaam, waardoor het bedienen van
de pedalen moeilijk wordt. Zorg dat u de pedalen altijd goed kunt bedienen.
Zorg dat u altijd in de juiste houding achter het stuur zit, ook als de auto maar
kort hoeft te rijden. Zo kunt u rem- en gaspedaal goed bedienen.
Trap het rempedaal met uw rechtervoet in. Wanneer u het rempedaal met uw
linkervoet intrapt, kan in een noodgeval uw reactie vertraagd worden, waardoor
een ongeval kan ontstaan.
Auto's zonder akoestisch voertuigwaarschuwingssysteem: De bestuurder moet
extra goed letten op voetgangers als de auto alleen wordt aangedreven door de
elektromotor (tractiemotor). Aangezien er geen motorgeluiden zijn, kunnen voet-
gangers de beweging van de auto misschien onjuist inschatten.
Auto's met akoestisch voertuigwaarschuwingssysteem: De bestuurder moet extra
goed letten op voetgangers als de auto alleen wordt aangedreven door de elektro-
motor (tractiemotor). Aangezien er geen motorgeluiden zijn, kunnen voetgangers
de beweging van de auto misschien onjuist inschatten. Hoewel uw auto is voorzien
van een akoestisch voertuigwaarschuwingssysteem, dient u voorzichtig te rijden,
aangezien voetgangers in de buurt de auto mogelijk nog steeds niet opmerken als
er veel omgevingsgeluid is.
Rijd niet met de auto over licht ontvlambare materialen en parkeer de auto ook niet
in de buurt van dergelijke materialen.
Het uitlaatsysteem en de uitlaatgassen kunnen zeer heet worden. Deze hete
onderdelen kunnen brand veroorzaken als er licht ontvlambaar materiaal aanwezig
is.
Schakel het hybridesysteem tijdens normaal rijden niet uit. Door het uitschakelen
van het hybridesysteem tijdens het rijden verliest u niet de controle over het stuur-
wiel of de remmen. De stuurbekrachtiging werkt echter niet meer. Hierdoor zal het
sturen veel zwaarder gaan dan normaal. Zet in dat geval de auto aan de kant zodra
dit veilig kan.
In geval van nood, bijvoorbeeld als de auto onmogelijk op de normale manier tot
stilstand kan worden gebracht: Blz. 537
Rem bij het afdalen van een steile helling af op de motor (terugschakelen) om een
veilige snelheid aan te kunnen houden.
Het continu gebruiken van de remmen kan leiden tot oververhitting en een vermin-
derde remwerking. (Blz. 277)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 261 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
262 4-1. Voordat u gaat rijden
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg heb-
ben.
Tijdens het rijden
Verstel het stuurwiel, de stoel en de binnen- of buitenspiegel niet tijdens het rijden.
Als u dat wel doet, kunt u de macht over het stuur verliezen.
Controleer altijd of alle passagiers hun armen, hoofd en andere lichaamsdelen bin-
nen de auto houden.
Rijden op glad wegdek
Door plotseling remmen, accelereren en sturen kunnen de banden hun grip verlie-
zen, met controleverlies tot gevolg.
Door plotseling accelereren, afremmen op de motor als gevolg van schakelen, of
wijzigingen in het motortoerental kan de auto in een slip raken.
Trap, nadat u door een plas bent gereden, het rempedaal lichtjes in om ervoor te
zorgen dat de remmen goed werken. Door natte remblokken kan de remwerking
afnemen. Remmen die aan één kant van de auto nat zijn en niet goed werken, kun-
nen de besturing bemoeilijken.
Bedienen van de selectiehendel
Laat de auto niet achteruit rollen als de vooruitversnelling is ingeschakeld of vooruit
rollen terwijl de selectiehendel in stand R staat.
Als u dit toch doet, kan een ongeval of schade aan de auto het gevolg zijn.
Zet de selectiehendel tijdens het rijden niet in stand P.
Als u dat wel doet, kan er schade aan de transmissie ontstaan waardoor u de con-
trole over de auto kunt verliezen.
Zet de selectiehendel tijdens het vooruitrijden niet in stand R.
Als u dat wel doet, kan er schade aan de transmissie ontstaan waardoor u de con-
trole over de auto kunt verliezen.
Zet de selectiehendel tijdens het achteruitrijden niet in een vooruitversnelling.
Als u dat wel doet, kan er schade aan de transmissie ontstaan waardoor u de con-
trole over de auto kunt verliezen.
Wanneer u de selectiehendel tijdens het rijden in stand N zet, wordt het hybridesys-
teem uitgeschakeld. Als de selectiehendel in stand N staat, is afremmen op de
motor niet mogelijk.
Zet de selectiehendel niet in een andere stand als het gaspedaal is ingetrapt. Als
de selectiehendel in een andere stand dan P of N wordt gezet, kan de auto onver-
wacht snel accelereren, waardoor een ongeval en ernstig letsel kunnen ontstaan.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 262 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
263
4-1. Voordat u gaat rijden
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg heb-
ben.
Als u een piepend of krassend geluid hoort (remblokslijtage-indicatoren)
Laat de remblokken zo snel mogelijk nakijken en indien nodig vervangen door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
De remschijven kunnen beschadigd raken als de remblokken niet op tijd worden ver-
vangen.
Het rijden met een auto waarvan de remblokken en/of de remschijven de slijtageli-
miet hebben overschreden, is gevaarlijk.
Bij stilstaande auto
Trap het gaspedaal niet onnodig in.
Als de selectiehendel in een andere stand dan P of N staat, kan de auto onver-
wacht in beweging komen, waardoor er een ongeval kan ontstaan.
Voorkom het ontstaan van ongevallen door het wegrollen van de auto, houd altijd
het rempedaal ingetrapt zolang het controlelampje READY brandt en activeer de
parkeerrem indien nodig.
Voorkom voor- of achteruitrollen van de auto bij stoppen op een helling, waardoor
een ongeval kan ontstaan: trap altijd het rempedaal in en activeer de parkeerrem
indien nodig.
Voorkom dat de motor met een te hoog toerental draait.
Als de motor met een hoog toerental draait terwijl de auto stilstaat, kan het uit-
laatsysteem oververhit raken, hetgeen brand kan veroorzaken als er brandbaar
materiaal aanwezig is.
Als de auto geparkeerd is
Laat geen brillen, aanstekers, spuitbussen of blikken frisdrank in de auto liggen als
deze in de zon geparkeerd staat.
Dit kan resulteren in het volgende:
Een aansteker of spuitbus kan gas gaan lekken, waardoor brand kan ontstaan.
De temperatuur in de auto kan zo hoog oplopen dat kunststof brillenglazen en
kunststof monturen kunnen vervormen of barsten.
Blikjes frisdrank kunnen openbarsten, waardoor de inhoud in het interieur
terechtkomt. Bovendien kan de vloeistof kortsluiting in de elektrische compo-
nenten van de auto veroorzaken.
Laat geen aanstekers achter in de auto. Als een aansteker in het dashboardkastje
of op de vloer ligt, kan deze per ongeluk gaan branden als er bagage wordt
geplaatst of een stoel wordt afgesteld en brand veroorzaken.
Plak geen parkeerschijven op de voorruit of andere ruiten. Plaats geen reservoirs
zoals luchtverfrissers op het instrumentenpaneel of dashboard. Deze parkeerschij-
ven of reservoirs kunnen als een lens werken en brand veroorzaken in de auto.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 263 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
264 4-1. Voordat u gaat rijden
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg heb-
ben.
Als de auto geparkeerd is
Laat geen portier of ruit open als het gebogen glas van naastliggende gebouwen
voorzien is van een gemetalliseerde film, bijvoorbeeld een zilverkleurige folie.
Weerkaatst zonlicht kan van het glas een lens maken en brand veroorzaken.
Activeer altijd de parkeerrem, zet de selectiehendel in stand P, schakel het hybride-
systeem uit en vergrendel de auto.
Laat de auto niet onbeheerd achter als het controlelampje READY brandt.
Als de auto is geparkeerd met de selectiehendel in stand P, terwijl de parkeerrem
niet is geactiveerd, zou de auto in beweging kunnen komen, wat kan leiden tot een
ongeval.
Raak de uitlaatpijp niet aan als het controlelampje READY brandt of direct na het
uitschakelen van het hybridesysteem.
Anders kunt u brandwonden oplopen.
Als u even gaat slapen in de auto
Schakel altijd het hybridesysteem uit. Anders zou u per ongeluk de selectiehendel
kunnen verplaatsen of het gaspedaal in kunnen trappen, waardoor een ongeval zou
kunnen ontstaan of het hybridesysteem oververhit zou kunnen raken en brand kan
ontstaan. Verder kunnen uitlaatgassen in een slecht geventileerde omgeving in de
auto terechtkomen, hetgeen zeer schadelijk is voor de gezondheid.
Bij het remmen
Rijd voorzichtiger wanneer de remmen nat zijn.
De remweg neemt toe als de remmen nat zijn en bovendien kan vocht ertoe leiden
dat de ene kant van de auto sterker afgeremd wordt dan de andere kant. Ook de
werking van de parkeerrem kan door vocht in negatieve zin beïnvloed worden.
Het remsysteem bestaat uit 2 of meer afzonderlijke hydraulische systemen: als een
van de systemen uitvalt, werkt het andere systeem/werken de andere systemen
nog wel. In dat geval moet het rempedaal krachtiger worden ingetrapt dan gewoon-
lijk en neemt ook de remweg toe. Laat uw remmen onmiddellijk repareren.
Rijd niet te dicht achter een andere auto als het elektronisch geregelde remsys-
teem niet werkt en vermijd afdalingen en scherpe bochten die afremmen noodza-
kelijk maken.
In dit geval kan de auto nog wel worden afgeremd, maar moet er een grotere
kracht op het rempedaal worden uitgeoefend dan normaal. De remweg zal ook lan-
ger zijn. Laat uw remmen onmiddellijk repareren.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 264 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
265
4-1. Voordat u gaat rijden
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
OPMERKING
Tijdens het rijden
Trap tijdens het rijden niet tegelijkertijd het gaspedaal en het rempedaal in, anders
neemt het vermogen van het hybridesysteem mogelijk af.
Gebruik het gaspedaal niet om de auto op een helling op zijn plaats te houden en
trap daartoe ook niet het rempedaal en het gaspedaal gelijktijdig in.
Bij het parkeren
Activeer altijd de parkeerrem en zet de selectiehendel altijd in stand P. Anders kan
de auto onverwachts accelereren als het gaspedaal per ongeluk wordt ingetrapt.
Vermijd schade aan onderdelen van de auto
Draai het stuurwiel niet gedurende langere tijd in een van beide richtingen tegen de
aanslag aan.
Anders kan schade aan de stuurbekrachtigingsmotor ontstaan.
Rijd zo langzaam mogelijk over oneffenheden in de weg om schade aan de wielen,
de onderzijde van de auto, enz. te vermijden.
Als u tijdens het rijden een lekke band krijgt
Een lekke of beschadigde band kan leiden tot de onderstaande situaties. Houd het
stuurwiel stevig vast en trap het rempedaal geleidelijk in om de auto tot stilstand te
brengen.
Het kan moeilijk zijn om de auto onder controle te houden.
De auto kan abnormale geluiden maken of trillen.
De auto kan abnormaal gaan overhellen.
Informatie over wat u moet doen in het geval van een lekke band (Blz. 558, 576)
Overstroomde wegen
Rijd niet op wegen die na zware regenval e.d. zijn overstroomd. Indien u dat toch
doet, kan de auto hierdoor ernstig beschadigd raken:
Motor slaat af
Kortsluiting in elektrische componenten
Motorschade door onderdompeling in water
Na het rijden op een overstroomde weg moet het volgende worden nagekeken door
een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige:
Remwerking
Veranderingen in het peil en de kwaliteit van de olie en vloeistoffen voor de motor,
de hybridetransmissie, enz.
Smering van de lagers en de wielophanging (indien mogelijk) en de werking van
alle koppelingen, lagers, enz.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 265 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
266 4-1. Voordat u gaat rijden
CAMRY_HV_EE
Lading en bagage
Lees onderstaande informatie over voorzorgsmaatregelen, laadvermo-
gen en belading zorgvuldig door:
WAARSCHUWING
Zaken die niet in de bagageruimte vervoerd mogen worden
De volgende zaken kunnen brand veroorzaken als ze in de bagageruimte vervoerd
worden:
Jerrycans met benzine
Spuitbussen
Voorzorgsmaatregelen bij opbergen
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ertoe leiden dat de peda-
len niet goed kunnen worden ingetrapt, dat het zicht van de bestuurder wordt gehin-
derd of dat de bestuurder of passagiers door voorwerpen geraakt worden, wat een
ongeval kan veroorzaken.
Vervoer lading en bagage indien mogelijk altijd in de bagageruimte.
Neerklapbare achterstoelen: Stapel bagage in de vergrote bagageruimte nooit
hoger dan de rugleuningen, om te voorkomen dat goederen tijdens hard remmen
naar voren schuiven. Plaats bagage altijd zo laag mogelijk.
Leg geen lading of bagage op de volgende plaatsen:
In de voetenruimte bij de bestuurder
Op de voorpassagiersstoel of de achterstoelen (als er goederen op elkaar
gestapeld worden)
Op de hoedenplank
Op het instrumentenpaneel
Op het dashboard
Zorg dat alle voorwerpen die zich in het passagierscompartiment bevinden, zijn
opgeborgen of vastgezet.
Neerklapbare achterstoelen: Plaats als u de achterstoelen neerklapt geen lange
voorwerpen direct achter de voorstoelen.
Neerklapbare achterstoelen: Sta nooit toe dat er personen in de vergrote bagage-
ruimte meerijden. De bagageruimte is niet ontworpen om personen te vervoeren.
Personen dienen plaats te nemen op een zitplaats en een gordel op de juiste
manier om te doen.
Lading en gewichtsverdeling
Overlaad uw auto niet.
Verdeel het gewicht gelijkmatig.
Een onjuiste belading kan de besturing en de remwerking in negatieve zin beïn-
vloeden, waardoor een ongeval met ernstig letsel zou kunnen ontstaan.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 266 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
267
4-1. Voordat u gaat rijden
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Rijden met een aanhangwagen
Toyota adviseert u niet met een aanhangwagen te rijden. Toyota advi-
seert u bovendien geen trekhaak te laten monteren voor het gebruik
van bijvoorbeeld een fietsendrager. Uw auto is niet ontworpen voor het
rijden met een aanhangwagen of het gebruik van op de trekhaak beves-
tigde fietsendragers en dergelijke.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 267 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
268
CAMRY_HV_EE
4-2. Rijprocedures
Controleer of de parkeerrem is geactiveerd.
Controleer of de selectiehendel in stand P staat.
Trap het rempedaal stevig in.
en een melding worden op het multi-informatiedisplay weergegeven.
Als dit niet wordt weergegeven, kan het hybridesysteem niet worden gestart.
Druk kort en krachtig op de start-
knop.
Eén keer kort en stevig indrukken van
de startknop is voldoende om deze te
bedienen. U hoeft de startknop niet
ingedrukt te houden.
Als het controlelampje READY gaat
branden, werkt het hybridesysteem
normaal.
Houd het rempedaal ingetrapt tot het
controlelampje READY brandt.
Het hybridesysteem kan vanuit iedere
stand van het contact worden gestart.
Controleer of het controlelampje READY brandt.
Wanneer het controlelampje READY uit is, kunt u niet wegrijden.
Breng de auto volledig tot stilstand.
Activeer de parkeerrem (Blz. 283) en zet de selectiehendel in stand P.
Druk op de startknop.
Er wordt rijgerelateerde informatie op het multi-informatiedisplay weergegeven.
Startknop
Als u de volgende handelingen uitvoert terwijl u een elektronische sleu-
tel bij u hebt, wordt het hybridesysteem gestart of de stand van het
contact veranderd.
Starten van het hybridesysteem
1
2
3
4
Uitschakelen van het hybridesysteem
5
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 268 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
269
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
De standen kunnen worden gewijzigd door op de startknop te drukken als het
rempedaal niet wordt ingetrapt. (De stand verandert iedere keer dat op de
knop wordt gedrukt.)
UIT*
De alarmknipperlichten kunnen worden
gebruikt.
Stand ACC
Sommige elektrische componenten
zoals het audiosysteem kunnen wor-
den gebruikt.
Er wordt een melding op het multi-infor-
matiedisplay weergegeven waarin
wordt aangegeven hoe het hybridesys-
teem moet worden gestart.
Stand AAN
Alle elektrische componenten kunnen
worden gebruikt.
Er wordt een melding op het multi-informatiedisplay weergegeven waarin wordt
aangegeven hoe het hybridesysteem moet worden gestart.
*: Als de selectiehendel niet in stand P staat en het hybridesysteem wordt uitgezet,
wordt het contact in stand ACC gezet in plaats van UIT.
Als de selectiehendel niet in stand P staat en het hybridesysteem wordt uitge-
zet, wordt het contact in plaats van UIT in stand ACC gezet. Voer de vol-
gende procedure uit om het contact UIT te zetten:
Controleer of de parkeerrem is geactiveerd.
Zet de selectiehendel in stand P.
Controleer of “Turn Power OFF” (zet contact UIT) op het multi-informatie-
display wordt weergegeven en druk de startknop eenmaal in.
Controleer of “Turn Power OFF” (zet contact UIT) niet meer op het multi-
informatiedisplay wordt weergegeven.
Wijzigen van de standen van het contact
1
2
3
Uitschakelen van het hybridesysteem met de selectiehendel in een
andere stand dan P
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 269 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
270 4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
Auto power off-functie
Als het contact langer dan 20 minuten in stand ACC of langer dan een uur AAN staat
(hybridesysteem niet in werking) terwijl de selectiehendel in stand P is staat, wordt het
contact automatisch UIT gezet. Deze functie kan echter niet geheel uitsluiten dat de
12V-accu ontladen raakt. Laat de auto niet gedurende langere tijd in stand ACC of
AAN staan terwijl het hybridesysteem niet in werking is.
Geluiden en trillingen die kenmerkend zijn voor een hybrideauto
Blz. 104
Leegraken batterij elektronische sleutel
Blz. 172
Als de buitentemperatuur laag is, bijvoorbeeld bij rijden in de winter
Als het hybridesysteem gestart wordt, knippert het controlelampje READY mogelijk
lang. Bedien de auto niet totdat het controlelampje READY continu brandt. Continu
branden betekent dat de auto in beweging kan komen.
Omstandigheden die de werking kunnen beïnvloeden
Blz. 188
Aanwijzingen voor de instapfunctie
Blz. 189
Als het hybridesysteem niet kan worden ingeschakeld
De startblokkering is mogelijk niet uitgeschakeld. (Blz. 112)
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Controleer of de selectiehendel goed in stand P staat. Mogelijk kan het hybridesys-
teem niet worden gestart als de selectiehendel niet goed in stand P staat.
Lees de op het multi-informatiedisplay weergegeven melding m.b.t. het starten en
volg de aanwijzingen op.
Stuurslot
Nadat het contact UIT is gezet en de portieren zijn geopend en gesloten, wordt het
stuurwiel vergrendeld met de stuurslotfunctie. Als u nogmaals op de startknop drukt,
wordt het stuurslot automatisch weer uitgeschakeld.
Wanneer het stuurslot niet kan worden ontgrendeld
Er wordt een melding weergegeven op het
multi-informatiedisplay waarin de bestuurder
wordt geïnformeerd dat het stuurwiel is ver-
grendeld.
Controleer of de selectiehendel in stand P
staat. Druk op de startknop terwijl u het stuur-
wiel naar links en rechts beweegt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 270 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
271
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Oververhitting van de elektromotor van het stuurslot voorkomen
Om te voorkomen dat de elektromotor van het stuurslot oververhit raakt, kan de wer-
king worden onderbroken als het hybridesysteem in korte tijd herhaaldelijk wordt in- en
uitgeschakeld. Schakel het hybridesysteem in dat geval niet in of uit. Na ongeveer 10
seconden zal de elektromotor van het stuurslot weer functioneren.
Wanneer er een melding wordt weergegeven op het multi-informatiedisplay
waarin wordt verzocht om het Smart entry-systeem met startknop te controleren.
Er is mogelijk een storing in het systeem aanwezig. Laat de auto onmiddellijk nakijken
door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Als het controlelampje READY niet gaat branden
Neem, als het controlelampje READY niet gaat branden nadat de juiste procedure
voor het starten van de auto is gevolgd, direct contact op met een erkende Toyota-
dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitge-
ruste deskundige.
Wanneer er een storing in het hybridesysteem aanwezig is
Blz. 106
Als de batterij van de elektronische sleutel ontladen is
Blz. 519
Bedienen van de startknop
Als de knop niet kort en krachtig wordt ingedrukt, wijzigt de stand van het contact
mogelijk niet of wordt het hybridesysteem niet gestart.
Als u probeert het hybridesysteem opnieuw te starten direct nadat het contact UIT is
gezet, dan start het hybridesysteem in sommige gevallen mogelijk niet. Wacht nadat
u het contact UIT hebt gezet een paar seconden voordat u het hybridesysteem
opnieuw start.
Als het Smart entry-systeem met startknop is uitgeschakeld via de persoonlijke
voorkeursinstellingen
Blz. 592
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 271 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
272 4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Starten van het hybridesysteem
Ga altijd op de bestuurdersstoel zitten alvorens het hybridesysteem te starten. Trap
onder geen enkele voorwaarde het gaspedaal in bij het starten van het hybridesys-
teem.
Als u dat wel doet, kan dat leiden tot een ongeval waarbij ernstig letsel kan ontstaan.
Wees voorzichtig tijdens het rijden
Als een storing aan het hybridesysteem zich voordoet terwijl de auto rijdt, vergrendel
of open de portieren dan niet totdat de auto veilig en volledig tot stilstand is geko-
men. Als onder deze omstandigheden het stuurslot wordt geactiveerd, kan dit leiden
tot een ongeval waarbij ernstig letsel kan ontstaan.
Uitschakelen van het hybridesysteem in noodgevallen
Als u in een noodgeval het hybridesysteem tijdens het rijden wilt stoppen, houdt u
de startknop langer dan 2 seconden ingedrukt of drukt u deze minstens 3 keer kort
achter elkaar in. (Blz. 537)
Raak de startknop echter tijdens het rijden niet aan, behalve in geval van nood.
Door het uitschakelen van het hybridesysteem tijdens het rijden verliest u niet de
controle over het stuurwiel of de remmen. De stuurbekrachtiging werkt echter niet
meer. Hierdoor zal het sturen veel zwaarder gaan dan normaal. Zet in dat geval de
auto aan de kant zodra dit veilig kan.
Als de startknop wordt bediend terwijl de auto rijdt, verschijnt er een waarschu-
wingsmelding op het multi-informatiedisplay en klinkt er een zoemer.
Druk op de startknop om het hybridesysteem opnieuw te starten nadat dit ten
gevolge van een noodsituatie tijdens het rijden is uitgeschakeld. Wanneer u na het
tot stilstand brengen van de auto het hybridesysteem opnieuw start, zet dan de
selectiehendel in stand P en druk vervolgens de startknop in.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 272 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
273
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
OPMERKING
Voorkomen van ontlading van de 12V-accu
Laat het contact niet gedurende een langere periode in stand ACC of AAN staan
terwijl het hybridesysteem niet is ingeschakeld.
Als ACCESSORY (stand ACC) of IGNITION ON (contact AAN) op het multi-infor-
matiedisplay wordt weergegeven, is het contact niet UIT. Verlaat de auto nadat u
het contact UIT hebt gezet.
Schakel het hybridesysteem niet uit als de selectiehendel in een andere stand dan
P staat. Als het hybridesysteem wordt uitgeschakeld met de selectiehendel in een
andere stand wordt het contact niet UIT maar in stand ACC gezet. Als de auto
wordt achtergelaten met het contact in stand ACC, kan de 12V-accu ontladen
raken.
Starten van het hybridesysteem
Trap het gaspedaal niet onnodig in.
Indien het hybridesysteem moeilijk start, laat uw auto dan onmiddellijk controleren
door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar beho-
ren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Symptomen die kunnen duiden op een defect in de startknop
Als de startknop anders lijkt te werken dan normaal, bijvoorbeeld als de knop iets
blijft hangen, kan de startknop defect zijn. Neem onmiddellijk contact op met een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwali-
ficeerde en uitgeruste deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 273 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
274 4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
Schakelt EV-modus in/uit
Als de EV-modus wordt ingeschakeld,
gaat het controlelampje EV MODE
branden. Door in de EV-modus de
schakelaar in te drukken, wordt terug-
gekeerd naar normaal rijden (aandrij-
ving door de benzinemotor en de
elektromotor [tractiemotor]).
Omstandigheden waarin de EV-modus niet kan worden ingeschakeld
In de volgende gevallen kan de EV-modus mogelijk niet worden ingeschakeld. Als de
stand niet ingeschakeld kan worden, klinkt er een zoemer en verschijnt er een melding
op het multi-informatiedisplay.
De temperatuur van het hybridesysteem is te hoog.
De auto heeft lang in de zon gestaan of na het oprijden van een helling, het rijden
met hoge snelheid, enz.
De temperatuur van het hybridesysteem is te laag.
De auto heeft bijvoorbeeld lang in een omgeving met een temperatuur lager dan
ongeveer 0°C gestaan.
De benzinemotor is aan het opwarmen.
Het batterijpakket (tractiebatterij) is bijna leeg.
De resterende capaciteit van het batterijpakket die op de energiemonitor wordt aan-
gegeven, is laag. (Blz. 164)
Rijsnelheid is hoog.
Het gaspedaal wordt stevig ingetrapt of de auto rijdt op een helling, enz.
De voorruitverwarming is ingeschakeld.
EV-modus
In de EV-modus wordt er elektrisch vermogen geleverd door het batte-
rijpakket (tractiebatterij) en wordt alleen de elektromotor (tractiemotor)
gebruikt voor de aandrijving van de auto.
Deze modus is geschikt voor het 's nachts of in de vroege morgen door
woonwijken rijden of het rijden in een parkeergarage, enz. zonder dat u
zich zorgen hoeft te maken over geluidsoverlast of uitlaatgassen.
Auto's met akoestisch voertuigwaarschuwingssysteem:
Als echter het akoestische voertuigwaarschuwingssysteem actief is,
maakt de auto mogelijk geluid.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 274 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
275
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
De EV-modus inschakelen wanneer de benzinemotor koud is
Als de benzinemotor nog koud is en het hybridesysteem wordt gestart, wordt na korte
tijd automatisch de benzinemotor gestart, zodat deze op temperatuur kan komen. In
dat geval kan de EV-modus niet worden ingeschakeld.
Druk zodra het hybridesysteem is gestart en het controlelampje READY brandt en
voordat de benzinemotor start op de EV-modusschakelaar om de EV-modus in te
schakelen.
Automatische uitschakeling van de EV-modus
Tijdens het rijden in de EV-modus, kan in de volgende gevallen automatisch de benzi-
nemotor worden gestart. Als de EV-modus wordt uitgeschakeld, klinkt een zoemer en
knippert het controlelampje EV MODE, waarna het uitgaat.
Het batterijpakket (tractiebatterij) raakt leeg.
De resterende capaciteit van het batterijpakket die op de energiemonitor wordt aan-
gegeven, is laag. (Blz. 164)
Rijsnelheid is hoog.
Het gaspedaal wordt stevig ingetrapt of de auto rijdt op een helling, enz.
Als het mogelijk is om de bestuurder vooraf over het automatisch uitschakelen te infor-
meren, gebeurt dit met een melding op het multi-informatiedisplay.
Maximale rijafstand in EV-modus
De maximale rijafstand in de EV-modus varieert van een paar honderd meter tot onge-
veer 1 km. Er zijn afhankelijk van de omstandigheden van de auto echter situaties
waarbij de EV-modus niet kan worden gebruikt.
(De maximale rijafstand is afhankelijk van de laadtoestand van het batterijpakket [trac-
tiebatterij] en de rijomstandigheden.)
Brandstofverbruik
Het hybridesysteem is ontworpen voor een zo laag mogelijk brandstofverbruik onder
normale rijomstandigheden (aandrijving door benzinemotor en elektromotor [tractie-
motor]). Als de EV-modus vaker wordt gebruikt dan nodig is, zal het brandstofverbruik
hoger zijn.
Als “EV Mode Unavailable” (EV-modus niet beschikbaar) wordt weergegeven op
het multi-informatiedisplay
De EV-modus is niet beschikbaar. De reden dat de EV-modus niet beschikbaar is
(motor draait stationair, ladingstoestand batterijpakket is laag, rijsnelheid is hoger dan
de snelheid waarbij de EV-modus werkt of gaspedaal is te ver ingetrapt) kan worden
weergegeven. Gebruik de EV-modus wanneer deze beschikbaar is.
Als “EV Mode Deactivated” (EV-modus uitgeschakeld) wordt weergegeven op
het multi-informatiedisplay
De EV-modus is automatisch uitgeschakeld. De reden dat de EV-modus niet beschik-
baar is (ladingstoestand batterijpakket is laag, rijsnelheid is hoger dan de snelheid
waarbij de EV-modus werkt of gaspedaal is te ver ingetrapt) kan worden weergege-
ven. Rijd een tijdje met de auto alvorens te proberen de EV-modus weer in te schake-
len.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 275 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
276 4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Wees voorzichtig tijdens het rijden (auto's zonder akoestisch voertuigwaar-
schuwingssysteem)
Controleer tijdens het rijden in de EV-modus zorgvuldig de omgeving van de auto.
Omdat er geen motorgeluiden zijn, merken voetgangers, fietsers of andere verkeers-
deelnemers en voertuigen in de omgeving mogelijk niet dat de auto wegrijdt of hen
nadert. Wees dus tijdens het rijden extra alert.
Wees voorzichtig tijdens het rijden (auto's met akoestisch voertuigwaarschu-
wingssysteem)
Tijdens het rijden in de EV-modus is er geen motorgeluid te horen. Hierdoor merken
voetgangers, fietsers of andere verkeersdeelnemers en voertuigen in de omgeving
mogelijk niet dat de auto wegrijdt of hen nadert. Wees daarom tijdens het rijden extra
voorzichtig, zelfs als het akoestische voertuigwaarschuwingssysteem actief is.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 276 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
277
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Houd, terwijl het contact AAN staat, het rempedaal ingetrapt* en zet
de selectiehendel in een andere stand terwijl u de ontgrendelknop
van de schakelblokkering ingedrukt houdt.
Zet de selectiehendel in een andere stand terwijl u de ontgrendel-
knop van de schakelblokkering ingedrukt houdt.
Zet de selectiehendel in een andere stand, zoals u normaliter doet.
Breng de auto altijd eerst geheel tot stilstand en houd het rempedaal inge-
trapt voordat u schakelt tussen stand P en D.
*: Om de selectiehendel vanuit stand P in een andere stand te zetten, moet u
het rempedaal intrappen voordat u de ontgrendelknop van de schakelblokke-
ring indrukt. Als de ontgrendelknop van de schakelblokkering eerst wordt
ingedrukt, wordt de schakelblokkering niet gedeblokkeerd.
Hybridetransmissie
Bedienen van de selectiehendel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 277 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
278 4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
*1: Zet de selectiehendel onder normale rijomstandigheden in stand D voor een zo
laag mogelijk brandstofverbruik en een zo laag mogelijke geluidsproductie.
*2: Door in stand S een schakelbereik te selecteren, kunt u de mate van accelereren
en afremmen op de motor beïnvloeden.
Blz. 414
Als de selectiehendel in stand S staat, kan deze als volgt worden bediend:
Opschakelen
Terugschakelen
Het standaard schakelbereik in stand
S is automatisch beperkt tot S5 of S4
afhankelijk van de rijsnelheid.
Schakelbereiken en hun functies
U kunt kiezen uit 6 niveaus voor de mate van accelereren en afremmen
op de motor.
Bij een kleiner schakelbereik wordt er sterker geaccelereerd en op de
motor afgeremd dan bij een groter schakelbereik en ook neemt het toe-
rental toe.
Als u accelereert in de standen 1 - 4 wordt mogelijk automatisch opge-
schakeld naar een hoger schakelbereik overeenkomstig de rijsnelheid.
Doel van de schakelstanden
Schakelstand Doel of functie
PParkeren van de auto/inschakelen van het hybridesysteem
RAchteruit
NNeutraalstand
DNormaal rijden*1
SRijden in S-modus*2 (Blz. 278)
Selecteren van de rijmodus
Wijzigen van het schakelbereik in stand S
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 278 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
279
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
S-modus
Als het schakelbereik S4 of lager is en de selectiehendel in de richting van de +
wordt bewogen, wordt het schakelbereik S6 ingesteld.
Om te voorkomen dat de motor met een te hoog toerental gaat draaien, kan opscha-
kelen automatisch gebeuren.
Waarschuwingszoemer bij beperking terugschakelmogelijkheid (stand S)
Uit veiligheidsoverwegingen en om het rijgedrag niet in negatieve zin te beïnvloeden,
kan er onder bepaalde omstandigheden beperkt worden teruggeschakeld. In sommige
omstandigheden kan er helemaal niet worden teruggeschakeld met de selectiehendel.
(Er klinkt tweemaal een zoemer.)
Tijdens het rijden met ingeschakelde Dynamic Radar Cruise Control met volledig
snelheidsbereik
Ook wanneer de volgende handelingen worden uitgevoerd met als doel op de motor af
te remmen, wordt er niet op de motor afgeremd omdat de Dynamic Radar Cruise Con-
trol met volledig snelheidsbereik niet wordt uitgeschakeld.
Als er tijdens het rijden in stand S wordt teruggeschakeld naar stand 5 of 4.
(Blz. 345)
Als tijdens het rijden in stand D de sportmodus wordt ingeschakeld. (Blz. 414)
Beperken plotseling wegrijden (wegrijregeling)
Blz. 260
Schakelblokkeersysteem
Het schakelblokkeersysteem is een systeem dat voorkomt dat de selectiehendel tij-
dens het starten per ongeluk in een andere stand gezet wordt.
De selectiehendel kan alleen uit stand P worden gezet wanneer het contact AAN
staat, het rempedaal wordt ingetrapt en de ontgrendelknop van de selectiehendel
wordt ingedrukt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 279 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
280 4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
Als de selectiehendel niet in een andere stand dan P kan worden gezet
Controleer eerst of het rempedaal is ingetrapt.
Als de selectiehendel niet in een andere stand gezet kan worden terwijl u het rempe-
daal ingetrapt hebt en de ontgrendelknop van de selectiehendel indrukt, kan er een
probleem aanwezig zijn in het schakelblokkeersysteem. Laat de auto onmiddellijk
nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Met de volgende procedure kan in noodgevallen de blokkering van de selectiehendel
ongedaan worden gemaakt.
Uitschakelen van de schakelblokkering:
Activeer de parkeerrem.
Zet het contact UIT.
Trap het rempedaal in.
Als het controlelampje S niet gaat branden of als het controlelampje D brandt
nadat de selectiehendel in stand S is gezet
Dit kan duiden op een storing in de automatische transmissie. Laat de auto onmiddel-
lijk nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
(In deze situatie werkt de transmissie alsof de selectiehendel in stand D staat.)
Wrik het afdekplaatje omhoog met een sleuf-
kopschroevendraaier o.i.d.
Omwikkel het uiteinde van de schroeven-
draaier met een doek om schade aan het
afdekplaatje te voorkomen.
Houd de deblokkeerschakelaar ingedrukt en
druk de knop van de selectiehendelknop in.
De selectiehendel kan worden verplaatst als
beide knoppen ingedrukt zijn.
1
2
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 280 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
281
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Rijden op glad wegdek
Niet abrupt accelereren of schakelen.
Door plotseling afremmen op de motor kan de auto in een slip raken, wat kan leiden
tot een ongeval.
Voorkomen van ongevallen bij het uitschakelen van de schakelblokkering
Activeer de parkeerrem en trap het rempedaal in alvorens de deblokkeerschakelaar
in te drukken.
Als per ongeluk het gaspedaal in plaats van het rempedaal wordt ingetrapt als de
deblokkeerschakelaar wordt ingedrukt en de selectiehendel uit stand P wordt gezet,
kan de auto plotseling wegrijden, hetgeen kan leiden tot een ongeval, waardoor ern-
stig letsel kan ontstaan.
OPMERKING
Voorzorgsmaatregelen bij het laden van het batterijpakket (tractiebatterij)
Als de selectiehendel in stand N staat, wordt het batterijpakket (tractiebatterij) niet
opgeladen, ook al draait de motor. Als de auto lang in stand N blijft staan, ontlaadt
het batterijpakket (tractiebatterij) dus en start de auto mogelijk niet.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 281 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
282 4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
Rechts afslaan
Rijstrookwisseling naar rechts
(beweeg de hendel iets in de rich-
ting van de pijl en laat hem los)
De richtingaanwijzers aan de rechter-
zijde zullen drie keer knipperen.
Rijstrookwisseling naar links
(beweeg de hendel iets in de rich-
ting van de pijl en laat hem los)
De richtingaanwijzers aan de linker-
zijde zullen drie keer knipperen.
Links afslaan
De richtingaanwijzers kunnen bediend worden als
Het contact AAN staat.
Als het controlelampje sneller knippert dan normaal
Controleer of er een lamp van de richtingaanwijzer voor of achter is doorgebrand.
Als de richtingaanwijzers stoppen met knipperen voordat van rijstrook is veran-
derd
Bedien de hendel nogmaals.
Om het knipperen van de richtingaanwijzers gedurende het veranderen van rij-
strook te onderbreken
Beweeg de hendel in de tegenovergestelde richting.
Richtingaanwijzerschakelaar
Bedieningsinstructies
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 282 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
283
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
De parkeerrem wordt automatisch geactiveerd of gedeactiveerd overeen-
komstig de bediening van de selectiehendel.
Ook wanneer de automatische modus is ingeschakeld, kan de parkeerrem
handmatig worden geactiveerd en gedeactiveerd. (Blz. 284)
Schakelt de automatische stand in
(houd bij stilstaande auto de par-
keerremschakelaar omhoog
getrokken totdat een melding wordt
weergegeven op het multi-informa-
tiedisplay)
Wanneer u de selectiehendel uit
stand P zet, wordt de parkeerrem
gedeactiveerd en doven het waar-
schuwingslampje van de parkeer-
rem en het lampje van de
parkeerrem.
Wanneer u de selectiehendel in
stand P zet, wordt de parkeerrem
geactiveerd en gaan het waarschu-
wingslampje van de parkeerrem en
het lampje van de parkeerrem bran-
den.
Bedien de selectiehendel terwijl u het
rempedaal intrapt.
Schakelt de automatische stand uit (houd bij stilstaande auto de parkeer-
remschakelaar ingedrukt totdat een melding wordt weergegeven op het
multi-informatiedisplay)
Bedien de parkeerremschakelaar terwijl u het rempedaal intrapt.
Parkeerrem
U kunt uit onderstaande modi een modus selecteren.
Automatische stand
Waarschuwings-
lampje parkeerrem
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 283 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
284 4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
De parkeerrem kan handmatig worden geactiveerd en gedeactiveerd.
Activeren van de parkeerrem
Het waarschuwingslampje van de par-
keerrem en het lampje van de parkeer-
rem gaan branden.
Houd de parkeerremschakelaar
omhoog getrokken als u in geval van
nood de parkeerrem tijdens het rijden
moet bedienen.
Deactiveren van de parkeerrem
Bedien de parkeerremschakelaar ter-
wijl u het rempedaal intrapt. Controleer
of het waarschuwingslampje van de
parkeerrem of het lampje van de par-
keerrem dooft.
Als het waarschuwingslampje van de
parkeerrem of het lampje van de par-
keerrem knippert, bedien de schake-
laar dan nogmaals. (Blz. 546)
Stand handmatige bediening
Waarschuwings-
lampje parkeerrem
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 284 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
285
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Parkeren van de auto
Blz. 420
Werking van parkeerrem
Als het contact niet AAN staat, kunt u de parkeerrem niet met de schakelaar deacti-
veren.
Als het contact niet AAN staat, is de automatische stand (automatische activering en
deactivering) niet beschikbaar.
Automatisch deactiveren
De parkeerrem wordt automatisch gedeactiveerd wanneer u het gaspedaal langzaam
intrapt.
De parkeerrem wordt in de volgende situaties automatisch gedeactiveerd:
Het bestuurdersportier is gesloten.
De veiligheidsgordel van de bestuurder is vastgemaakt.
Zet de selectiehendel in een vooruit- of achteruitversnelling.
Het motorcontrolelampje of het waarschuwingslampje van het remsysteem brandt
niet.
Als de functie voor het automatisch deactiveren niet werkt, deactiveer de parkeerrem
dan handmatig.
Als “Parking Brake Temporarily Unavailable” (parkeerrem tijdelijk niet beschik-
baar) wordt weergegeven op het multi-informatiedisplay
Als de parkeerrem herhaaldelijk gedurende korte tijd bediend wordt, zal het systeem
de werking beperken om oververhitting te voorkomen. Gebruik de parkeerrem niet als
dit gebeurt. Na ongeveer 1 minuut zal de werking weer normaal zijn.
Als “Parking Brake Unavailable” (parkeerrem niet beschikbaar) wordt weergege-
ven op het multi-informatiedisplay
Bedien de parkeerremschakelaar. Als de melding niet verdwijnt nadat de schakelaar
een aantal keer is bediend, zit er mogelijk een storing in het systeem. Laat de auto
onmiddellijk nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Geluid parkeerrem
Wanneer de parkeerrem geactiveerd is, kan het geluid van een elektromotor (zoe-
mend geluid) hoorbaar zijn. Dit is normaal en duidt niet op een storing.
Waarschuwingslampje parkeerrem en lampje parkeerrem
Afhankelijk van de stand van het contact gaan het waarschuwingslampje parkeerrem
en het lampje van de parkeerrem branden en blijven ze branden zoals hieronder
beschreven:
AAN: Gaat branden totdat de parkeerrem wordt gedeactiveerd.
Niet AAN: Blijft gedurende ongeveer 15 seconden branden.
Wanneer het contact UIT wordt gezet en de parkeerrem geactiveerd is, blijven het
waarschuwingslampje parkeerrem en het lampje van de parkeerrem gedurende
ongeveer 15 seconden branden. Dit is normaal en duidt niet op een storing.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 285 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
286 4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
Waarschuwingszoemer geactiveerde parkeerrem
De zoemer klinkt als er met de auto wordt gereden terwijl de parkeerrem is geacti-
veerd. “Release Parking Brake” (deactiveer parkeerrem) wordt weergegeven op het
multi-informatiedisplay.
Waarschuwingsmeldingen en zoemers
Waarschuwingsmeldingen en zoemers worden gebruikt om een systeemstoring aan te
geven of om de bestuurder te informeren dat hij extra moet opletten. Lees de op het
multi-informatiedisplay weergegeven waarschuwingsmelding en volg de aanwijzingen
op.
Als het waarschuwingslampje van het remsysteem gaat branden
Blz. 545
Gebruik in de winter
Blz. 419
WAARSCHUWING
Bij het parkeren
Laat een kind niet alleen in de auto achter. De parkeerrem kan onbedoeld worden
gedeactiveerd en er bestaat het gevaar dat de auto in beweging komt. Dit kan leiden
tot een ongeval waarbij ernstig letsel kan ontstaan.
Parkeerremschakelaar
Plaats geen objecten in de buurt van de parkeerremschakelaar. Objecten kunnen de
schakelaar hinderen en er mogelijk toe leiden dat de parkeerrem onverwachts wordt
bediend.
OPMERKING
Bij het parkeren
Zet de selectiehendel in stand P en activeer de parkeerrem voordat u de auto verlaat
en controleer of de auto niet beweegt.
Wanneer een storing in het systeem optreedt
Breng de auto op een veilige plaats tot stilstand en controleer de waarschuwings-
meldingen.
Wanneer de parkeerrem niet gedeactiveerd kan worden door een storing
Als u gaat rijden terwijl de parkeerrem is geactiveerd, kunnen de onderdelen van het
remsysteem oververhit raken, waardoor de remprestaties in negatieve zin kunnen
worden beïnvloed en de onderdelen van het remsysteem sneller slijten. Neem wan-
neer dit gebeurt onmiddellijk contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 286 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
287
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Activeert het Brake Hold-systeem
Het controlelampje voor de stand-bys-
tand van het Brake Hold-systeem
(groen) gaat branden. Als het systeem
de remmen vasthoudt, gaat het contro-
lelampje Brake Hold-systeem in wer-
king (geel) branden.
*1: Controlelampje stand-bystand Brake
Hold-systeem
*2: Controlelampje Brake Hold-systeem in
werking
Voorwaarden voor werking Brake Hold-systeem
Het Brake Hold-systeem kan onder de volgende omstandigheden niet geactiveerd
worden:
Het bestuurdersportier is niet gesloten.
De bestuurder draagt geen veiligheidsgordel.
Als onder een van de bovenstaande omstandigheden het Brake Hold-systeem is inge-
schakeld, wordt het systeem uitgeschakeld en gaat het controlelampje voor de stand-
bystand van het Brake Hold-systeem uit. Wanneer een van deze omstandigheden zich
voordoet terwijl het systeem de remmen vasthoudt, klinkt een waarschuwingszoemer
en wordt een melding weergegeven op het multi-informatiedisplay. De parkeerrem
wordt dan automatisch geactiveerd.
Brake Hold
Het Brake Hold-systeem houdt na activering de remmen vast wanneer
de selectiehendel in stand D, S of N staat en het rempedaal ingetrapt
werd om de auto tot stilstand te brengen. Het systeem laat de rem los
wanneer het gaspedaal ingetrapt wordt en de selectiehendel in stand D
of S staat om zo voor soepel wegrijden te zorgen.
*1*2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 287 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
288 4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
Brake Hold-functie
Nadat het systeem ongeveer 3 minuten de remmen heeft vastgehouden en het rem-
pedaal niet ingetrapt wordt, wordt automatisch de parkeerrem geactiveerd. In dat
geval klinkt een zoemer en verschijnt er een waarschuwingsmelding op het multi-
informatiedisplay.
Trap het rempedaal krachtig in en druk opnieuw op de schakelaar om het systeem te
deactiveren.
De Brake Hold-functie kan de auto mogelijk niet stilhouden op een steile helling. In
deze situatie kan het nodig zijn dat de bestuurder zelf het rempedaal ingetrapt houdt.
Er klinkt een waarschuwingszoemer en het multi-informatiedisplay zal de bestuurder
over de situatie informeren. Lees de op het multi-informatiedisplay weergegeven
waarschuwingsmelding en volg de aanwijzingen op.
Wanneer de parkeerrem automatisch geactiveerd wordt terwijl het systeem de
remmen vasthoudt
Voer een van de volgende handelingen uit om de parkeerrem te deactiveren.
Trap het gaspedaal in. (De parkeerrem zal niet automatisch gedeactiveerd worden
als de veiligheidsgordel niet is vastgemaakt.)
Bedien de parkeerremschakelaar terwijl u het rempedaal intrapt.
Controleer of het waarschuwingslampje van de parkeerrem uitgaat. (Blz. 283)
Wanneer een controle door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige nodig is
Als het controlelampje stand-bystand Brake Hold-systeem (groen) niet brandt terwijl
de Brake Hold-schakelaar wordt ingedrukt en aan de werkingsvoorwaarden van het
Brake Hold-systeem is voldaan, is het systeem mogelijk defect. Laat de auto nakijken
door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Als “Brake Hold Malfunction Press Brake to Deactivate Visit Your Dealer” (Sto-
ring in Brake Hold-functie. Trap rempedaal in om te deactiveren. Ga naar uw dea-
ler) of “Brake Hold Malfunction Visit Your Dealer” (Storing in Brake Hold-functie.
Ga naar uw dealer) op het multi-informatiedisplay wordt weergegeven
Er is mogelijk een storing in het systeem aanwezig. Laat de auto nakijken door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
Waarschuwingsmeldingen en zoemers
Waarschuwingsmeldingen en zoemers worden gebruikt om een systeemstoring aan te
geven of om de bestuurder te informeren dat hij extra moet opletten. Lees de op het
multi-informatiedisplay weergegeven waarschuwingsmelding en volg de aanwijzingen
op.
Als het controlelampje Brake Hold-systeem in werking knippert
Blz. 546
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 288 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
289
4-2. Rijprocedures
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Als de auto op een steile helling staat
Wees voorzichtig wanneer u het Brake Hold-systeem gebruikt op een steile helling.
De Brake Hold-functie kan de auto in een dergelijke situatie mogelijk niet stilhouden.
Wanneer u stilhoudt op een glad wegdek
Het systeem kan de auto niet stilhouden wanneer de banden hun grip hebben verlo-
ren. Gebruik het systeem niet wanneer u stilhoudt op een glad wegdek.
OPMERKING
Bij het parkeren
Het Brake Hold-systeem is niet ontworpen voor langdurig gebruik bij het parkeren
van de auto. Als u het contact UIT zet terwijl het systeem de remmen vasthoudt, wor-
den de remmen mogelijk gelost, waardoor de auto in beweging komt. Trap het rem-
pedaal in, zet de selectiehendel in stand P en activeer de parkeerrem wanneer u de
startknop bedient.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 289 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
290
CAMRY_HV_EE
4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
Bedien de schakelaar om de verlichting als volgt in te schakelen:
De koplampen, de dagrij-
verlichting (Blz. 291) en
alle verlichting die hieron-
der genoemd is, worden
automatisch in- en uitge-
schakeld.
(Wanneer het contact
AAN staat.)
De parkeerlichten voor,
achterlichten, contourlich-
ten achter, kenteken-
plaat- en dashboardver-
lichting gaan branden.
De koplampen en alle verlichting die hierboven genoemd is, gaan
branden.
Druk bij ingeschakelde koplampen
de hendel van u af om het groot-
licht in te schakelen.
Door de hendel weer in de midden-
stand te zetten, wordt het grootlicht
weer uitgeschakeld.
Trek de hendel naar u toe en laat
deze meteen weer los om één keer
met het grootlicht te knipperen.
U kunt lichtsignalen geven met de koplampen in- of uitgeschakeld.
Lichtschakelaar
De koplampen kunnen handmatig of automatisch worden bediend.
Bedieningsinstructies
1
2
Inschakelen van het grootlicht
3
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 290 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
291
4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Dagrijverlichting
Om uw auto overdag beter zichtbaar te maken voor andere weggebruikers, wordt de
dagrijverlichting automatisch ingeschakeld als het hybridesysteem wordt gestart en de
parkeerrem wordt gedeactiveerd met de lichtschakelaar uit of in de stand .
(Brandt helderder dan de parkeerlichten voor.) Dagrijverlichting is niet ontworpen voor
gebruik in het donker.
Sensor koplampregeling
Automatisch uitschakelsysteem verlichting
Behalve Oekraïne
Wanneer de lichtschakelaar in stand of staat: De koplampen en mist-
lampen voor worden automatisch uitgeschakeld wanneer het contact in stand ACC
of UIT wordt gezet.
Wanneer de lichtschakelaar in stand staat: De koplampen en alle verlichting
worden automatisch uitgeschakeld als het contact in stand ACC of UIT wordt gezet.
Zet, om de verlichting weer in te schakelen, het contact AAN of zet de lichtschakelaar
een keer in de stand en vervolgens weer in de stand of .
Oekraïne
De koplampen en alle verlichting wordt uitgeschakeld als het contact in stand ACC of
UIT wordt gezet en het bestuurdersportier wordt geopend.
Zet, om de verlichting weer in te schakelen, het contact AAN of zet de lichtschakelaar
een keer in de stand en vervolgens weer in de stand of .
Zoemer verlichting (behalve wanneer de lichtschakelaar in de stand staat)
Een zoemer klinkt als het contact UIT of in stand ACC wordt gezet en het bestuurders-
portier wordt geopend terwijl de verlichting is ingeschakeld.
Automatische verticale koplampverstelling
De koplamphoogte wordt automatisch geregeld op basis van het aantal passagiers in
de auto en de mate van belading om verblinding van andere weggebruikers door de
koplampen te voorkomen.
De werking van de sensor kan in negatieve zin
beïnvloed worden als er iets over de sensor
heen geplaatst wordt of als er iets op de ruit
wordt aangebracht waardoor de sensor wordt
afgeschermd.
Hierdoor kan de sensor niet op de juiste
manier de hoeveelheid omgevingslicht signale-
ren, waardoor het automatische koplampsys-
teem mogelijk onjuist functioneert.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 291 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
292 4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
Energiebesparende functie 12V-accu
Behalve Oekraïne
Om te voorkomen dat de 12V-accu van de auto ontladen raakt wanneer de lichtscha-
kelaar in de stand of staat terwijl het contact in stand ACC of UIT wordt
gezet, schakelt de energiebesparende functie van de 12V-accu alle verlichting na
ongeveer 20 minuten automatisch uit. Wanneer het contact AAN wordt gezet, wordt de
energiebesparende functie van de 12V-accu uitgeschakeld.
Onder de volgende omstandigheden wordt de energiebesparende functie van de 12V-
accu eenmaal uitgeschakeld en vervolgens weer geactiveerd. Alle verlichting gaat 20
minuten nadat de energiebesparende functie van de 12V-accu weer is geactiveerd
automatisch uit:
Wanneer de lichtschakelaar wordt bediend
Wanneer een portier of de achterklep wordt geopend of gesloten
Oekraïne
Om te voorkomen dat de 12V-accu van de auto ontladen raakt wanneer de koplampen
en/of de achterlichten aan zijn terwijl het contact in stand ACC of UIT wordt gezet,
schakelt de energiebesparende functie van de 12V-accu alle verlichting na ongeveer
20 minuten automatisch uit. Wanneer het contact AAN wordt gezet, wordt de energie-
besparende functie van de 12V-accu uitgeschakeld.
Onder de volgende omstandigheden wordt de energiebesparende functie van de 12V-
accu eenmaal uitgeschakeld en vervolgens weer geactiveerd. Alle verlichting gaat 20
minuten nadat de energiebesparende functie van de 12V-accu weer is geactiveerd
automatisch uit:
Wanneer de lichtschakelaar wordt bediend
Wanneer een portier of de achterklep wordt geopend of gesloten
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 623)
OPMERKING
Voorkomen van ontlading van de 12V-accu
Laat de verlichting niet langer ingeschakeld dan noodzakelijk is als het hybridesys-
teem niet is ingeschakeld.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 292 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
293
4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Duw de hendel van u af terwijl de
lichtschakelaar in de stand
of staat.
Druk de Automatic High Beam-
schakelaar in.
Het controlelampje van het Automatic
High Beam-systeem gaat branden als
het systeem werkt.
AHB (Automatic High Beam)
Het Automatic High Beam-systeem gebruikt een camera aan de boven-
zijde van de voorruit om de helderheid van de verlichting van tegenlig-
gers en voorliggers, straatverlichting, enz. te beoordelen en schakelt,
indien nodig, het grootlicht automatisch in en uit.
WAARSCHUWING
Beperkingen van het Automatic High Beam-systeem
Vertrouw niet blindelings op het Automatic High Beam-systeem. Rijd altijd voorzich-
tig en houd hierbij de omgeving in de gaten en schakel indien nodig handmatig het
grootlicht in of uit.
Voorkomen van onjuiste werking van het Automatic High Beam-systeem
Voorkom overbelading van uw auto.
Inschakelen van het Automatic High Beam-systeem
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 293 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
294 4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
Dimlicht inschakelen
Trek de hendel in de oorspronke-
lijke stand.
Het controlelampje van het Automa-
tic High Beam-systeem dooft.
Duw de hendel van u af om het
Automatic High Beam-systeem
weer in te schakelen.
Grootlicht inschakelen
Druk de Automatic High Beam-
schakelaar in.
Het controlelampje van het Automa-
tic High Beam-systeem dooft en het
controlelampje van het grootlicht
gaat branden.
Druk de schakelaar in om het Auto-
matic High Beam-systeem weer in
te schakelen.
Handmatig in- en uitschakelen van het grootlicht
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 294 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
295
4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Voorwaarden voor het automatisch in- en uitschakelen van het grootlicht
Als aan alle onderstaande voorwaarden wordt voldaan, wordt het grootlicht automa-
tisch ingeschakeld (na ongeveer 1 seconde):
De rijsnelheid is ongeveer 40 km/h of hoger.
Het gebied voor de auto is niet verlicht.
Er zijn geen tegenliggers of voorliggers met ingeschakelde koplampen of achter-
lichten.
Er bevinden zich weinig straatlantaarns op de weg voor u.
Als aan een van onderstaande voorwaarden wordt voldaan, wordt het grootlicht
automatisch uitgeschakeld:
De rijsnelheid is lager dan ongeveer 30 km/h.
Het gebied voor de auto is verlicht.
Tegenliggers of voorliggers hebben de koplampen of achterlichten ingeschakeld.
Er bevinden zich veel straatlantaarns op de weg voor u.
Detectie-informatie camera voor
In de volgende situaties wordt het grootlicht mogelijk niet automatisch uitgeschakeld:
Als plotseling een tegenligger uit een bocht opdoemt
Als plotseling een andere auto voor de eigen auto invoegt
Als tegenliggers of voorliggers niet kunnen worden gesignaleerd als gevolg van
een reeks bochten, wegafscheidingen of bomen langs de weg
Wanneer tegenliggers opdoemen in de rechter tegemoetkomende rijstrook op
een brede weg
Wanneer de verlichting van tegenliggers of voorliggers niet is ingeschakeld
Het grootlicht wordt mogelijk uitgeschakeld als een tegenligger wordt gesignaleerd
die zijn mistlampen aan heeft terwijl de koplampen uit zijn.
Door de aanwezigheid van huisverlichting, straatverlichting, verkeerslichten of ver-
lichte billboards en andere reflecterende objecten wordt mogelijk geschakeld van
grootlicht naar dimlicht of blijft het dimlicht mogelijk ingeschakeld.
De volgende factoren kunnen van invloed zijn op de reactietijd voor het in- of uitscha-
kelen van het grootlicht:
De helderheid van koplampen, mistlampen en achterlichten van tegenliggers en
voorliggers
De beweging en richting van tegenliggers en voorliggers
Als de verlichting van een tegenligger of voorligger slechts aan één kant werkt
Als een tegenligger of voorligger een voertuig op twee wielen betreft
De toestand van de weg (stijgingspercentage, bochten, toestand van het wegdek,
enz.)
Het aantal inzittenden en de hoeveelheid bagage in de auto
Het grootlicht wordt mogelijk onverwacht in- of uitgeschakeld.
Fietsen of vergelijkbare voertuigen worden mogelijk niet gesignaleerd.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 295 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
296 4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
In de volgende situaties kan het systeem de helderheid van het omgevingslicht
mogelijk niet juist signaleren. Hierdoor blijven de dimlichten mogelijk branden of gaat
het grootlicht knipperen of worden voetgangers, tegenliggers of voorliggers verblind.
Als dat het geval is, moet handmatig geschakeld worden tussen grootlicht en dim-
licht.
Bij rijden in slecht weer (zware regenval, mist, sneeuw, zandstormen, enz.)
Als het zicht door de voorruit wordt belemmerd door damp, wasem, ijs, vuil, enz.
Als de voorruit gebarsten of beschadigd is
Als de camera voor vervormd of vuil is
Als de temperatuur van de camera voor extreem hoog is
Als de helderheid van het omgevingslicht overeenkomt met die van koplampen,
achterlichten of mistlampen
Als de koplampen of achterlichten van tegenliggers of voorliggers zijn uitgescha-
keld, vuil zijn, een andere kleur hebben of niet correct zijn afgesteld
Als de auto wordt geraakt door water, sneeuw, stof, enz. van een voorligger
In gebieden waar lichte en donkere stukken elkaar afwisselen.
Als geregeld en herhaaldelijk over stijgende en dalende wegen wordt gereden, of
over wegen met een slecht of oneffen wegdek (zoals klinkerwegen, grindwegen,
enz.)
Als geregeld en herhaaldelijk over bochtige wegen wordt gereden.
Als er zich een sterk spiegelend voorwerp, zoals een verkeersbord of spiegel,
voor de auto bevindt
Als de achterzijde van een voorligger sterk spiegelend is, zoals een container op
een truck
Als de koplampen van de auto beschadigd of vuil zijn, of niet correct zijn afgesteld
Als de auto naar één kant overhelt door bijvoorbeeld een lekke band, of aan de
achterzijde wat lager ligt doordat een aanhangwagen is aangekoppeld, enz.
Als herhaaldelijk op een abnormale manier wordt geschakeld tussen grootlicht en
dimlicht
Als de bestuurder meent dat het grootlicht mogelijk knippert of voetgangers of
andere bestuurders verblindt
Als de auto wordt gebruikt in een gebied waar men aan de andere kant van de
weg rijdt. Bijvoorbeeld, een auto bestemd voor rechtsrijdend verkeer in een
gebied voor linksrijdend verkeer of vice versa
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 296 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
297
4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Schakelt de mistlampen
voor en de mistachterlich-
ten uit
Schakelt de mistlampen
voor in
Schakelt de mistlampen
voor en het mistachterlicht
in
Als de schakelaarring wordt losgelaten,
keert de ring terug naar de stand .
Door de schakelaarring nogmaals te
draaien, wordt alleen het mistachter-
licht uitgeschakeld.
Mistlampen kunnen worden gebruikt als
Mistlampen voor: De koplampen of parkeerlichten voor zijn ingeschakeld.
Mistachterlicht: De mistlampen voor zijn ingeschakeld.
Schakelaar mistlampen
De mistlampen zorgen voor uitstekend zicht bij ongunstige rijomstan-
digheden, zoals bij regen of mist.
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 297 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
298 4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
In de stand AUTO werken de ruitenwissers automatisch wanneer de sensor
signaleert dat het regent. De wissnelheid wordt automatisch afgestemd op de
hoeveelheid neerslag en de rijsnelheid.
Stand AUTO
Lage snelheid ruitenwis-
sers
Hoge snelheid ruitenwis-
sers
Enkele slag
Ruitenwissers en -sproeiers
Bedienen van de ruitenwisserhendel
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 298 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
299
4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
In de stand AUTO kan de gevoeligheid van de sensor als volgt worden inge-
steld door de schakelaarring te draaien.
Verhoogt de gevoeligheid van de
ruitenwisser met regensensor
Verlaagt de gevoeligheid van de
ruitenwisser met regensensor
Gelijktijdig inschakelen rui-
tensproeiers en ruitenwis-
sers
Door aan de hendel te trekken treden
de ruitenwissers en -sproeiers in wer-
king.
De ruitenwissers zullen automatisch
een aantal slagen maken als de ruiten-
sproeiers worden ingeschakeld.
(Na enkele slagen volgt een pauze en
maken de wissers nog een slag om de
laatste druppels te verwijderen. Als de
auto rijdt, wordt de wisslag om de laat-
ste druppels te verwijderen niet
gemaakt.)
Als het contact AAN staat, de koplampen zijn ingeschakeld en u de hendel naar u
toe trekt, werken de koplampsproeiers één keer. Daarna werken de koplampsproei-
ers elke vijfde keer dat u de hendel naar u toe trekt.
De ruitenwissers en ruitensproeiers kunnen worden bediend als
Het contact AAN staat.
Effecten van de rijsnelheid op de ruitenwisserwerking
De rijsnelheid heeft invloed op de intervalwerking.
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 299 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
300 4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
Regensensor
Als de ruitenwisserschakelaar in de stand AUTO wordt gezet terwijl het contact AAN
staat, werken de ruitenwissers één keer om aan te geven dat de stand AUTO is
geactiveerd.
Als de temperatuur van de regensensor 85°C of hoger is, of -30°C of lager is, werkt
de automatische functie mogelijk niet. Zet de ruitenwisserschakelaar in dat geval in
een andere stand dan AUTO.
Als er geen vloeistof uit de ruitensproeiers komt
Controleer of er ruitensproeiervloeistof in het reservoir aanwezig is en controleer als
dat het geval is of de sproeierkoppen niet verstopt zijn.
Functie aan het openen van het voorportier gekoppeld onderbreken van de rui-
tenwissers voor
Als, terwijl de auto stilstaat, een voorportier wordt geopend wanneer AUTO is geselec-
teerd en de ruitenwissers voor werken, wordt de werking van de ruitenwissers voor
onderbroken om te voorkomen dat iemand in de buurt van de auto natgespetterd
wordt. Als het voorportier wordt gesloten, wordt de werking van de ruitenwissers her-
vat.
Bij het uitzetten van de motor in een noodgeval tijdens het rijden
Als de ruitenwissers voor werken wanneer het hybridesysteem wordt uitgezet, zullen
ze op hoge snelheid werken. Zodra de auto stilstaat, wordt de werking weer normaal
als het contact AAN wordt gezet, of stopt de werking als het bestuurdersportier wordt
geopend.
De regensensor registreert de hoeveelheid
neerslag.
De auto is voorzien van een optische sen-
sor. Deze werkt mogelijk niet goed als zon-
licht van de opkomende of ondergaande zon
af en toe op de voorruit valt of als er insecten
o.i.d. op de voorruit zitten.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 300 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
301
4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Waarschuwing met betrekking tot het gebruik van de ruitenwissers in de stand
AUTO
De ruitenwissers voor kunnen onverwacht in werking treden als de sensor wordt
aangeraakt of als de voorruit aan trillingen wordt blootgesteld terwijl de ruitenwissers
in de stand AUTO staan. Let erop dat u zich niet kunt bezeren als de ruitenwissers in
werking treden.
Waarschuwing met betrekking tot het gebruik van ruitensproeiervloeistof
Gebruik bij koud weer de ruitensproeiervloeistof pas wanneer de voorruit warm is.
De vloeistof kan anders op de voorruit bevriezen en zo het zicht belemmeren. Dit
kan leiden tot een ongeval waarbij ernstig letsel kan ontstaan.
OPMERKING
Als de voorruit droog is
Gebruik de ruitenwissers niet als de voorruit droog is omdat hierdoor de voorruit
beschadigd kan worden.
Als het sproeierreservoir leeg is
Als u de hendel gedurende langere tijd naar u toe getrokken houdt, kan de sproeier-
pomp beschadigd raken.
Wanneer een sproeier verstopt raakt
Neem in dit geval contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur
of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Probeer als een sproeierkop verstopt is geraakt deze niet schoon te maken met een
naald of iets dergelijks. Hierdoor kan de sproeierkop beschadigd raken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 301 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
302 4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
Als de ruitenwissers voor niet worden gebruikt, keren ze terug tot onder de
motorkap. Om de ruitenwissers voor te kunnen optillen bij parkeren onder
koude omstandigheden of bij het vervangen van een ruitenwisserrubber,
moeten de ruitenwissers voor met de ruitenwisserhendel vanuit de ruststand
in de servicestand gezet worden.
De ruitenwissers in de servicestand zetten
Zet binnen ongeveer 45 seconden
na het UIT zetten van het contact
de ruitenwisserhendel in de stand
en houd hem gedurende
ten minste ongeveer 2 seconden in
die stand.
De ruitenwissers bewegen naar de
servicestand.
Optillen van de ruitenwissers voor
Houd het haakgedeelte van de rui-
tenwisserarm vast en til de ruiten-
wisser voor van de voorruit.
Wijzigen van de ruststand van de ruitenwissers voor/optillen van de
ruitenwissers voor
Haakgedeelte
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 302 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
303
4-3. Bedienen van verlichting en ruitenwissers
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
De ruitenwissers voor in de ruststand zetten
Zet het contact AAN en zet de ruitenwisserhendel in een werkingsstand terwijl de rui-
tenwissers voor op de voorruit geplaatst zijn. Als de ruitenwisserschakelaar wordt uit-
geschakeld, stoppen de ruitenwissers voor in de ruststand.
OPMERKING
Bij het optillen van de ruitenwissers voor
Til de ruitenwissers voor niet op als ze in de ruststand onder de motorkap staan.
Als u dat wel doet, raken de ruitenwissers voor mogelijk de motorkap, hetgeen kan
resulteren in schade aan de ruitenwissers voor en/of de motorkap.
Bedien de ruitenwisserhendel niet wanneer de ruitenwissers voor zijn opgetild. Als
u dat wel doet, raken de ruitenwissers voor mogelijk de motorkap, hetgeen kan
resulteren in schade aan de ruitenwissers voor en/of de motorkap.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 303 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
304
CAMRY_HV_EE
4-4. Tanken
Sluit alle portieren en ruiten en zet het contact UIT.
Controleer de brandstofsoort.
Brandstofsoorten
Blz. 612, 621
Vulopening brandstoftank voor loodvrije benzine
Om vergissingen bij tankstations te voorkomen, is uw Toyota uitgerust met een klei-
nere vulopening.
Openen van de tankdop
Voer de volgende stappen uit om de tankdop te openen:
Voor het tanken
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 304 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
305
4-4. Tanken
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Bij het tanken
Neem bij het tanken de volgende voorzorgsmaatregelen in acht. Het niet in acht
nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg hebben.
Raak na het verlaten van de auto en voor het openen van de tankdopklep een
ongeverfd metalen oppervlak aan om eventuele statische elektriciteit af te voeren.
Het is belangrijk om statische elektriciteit af te voeren voordat u gaat tanken, omdat
vonken als gevolg van statische elektriciteit brandstofdampen tot ontbranding kun-
nen brengen.
Pak de tankdop bij de greep vast en draai hem langzaam los.
Tijdens het losdraaien van de tankdop kan er een sissend geluid hoorbaar zijn.
Wacht tot het geluid verdwenen is alvorens de tankdop te verwijderen. Bij hoge bui-
tentemperaturen kan er brandstof uit de vulpijp spuiten en letsel veroorzaken.
Zorg ervoor dat er niemand die de eventueel aanwezige statische elektriciteit van
zijn lichaam niet heeft afgevoerd, in de buurt van een niet afgesloten brandstoftank
komt.
Adem de brandstofdampen niet in.
Brandstof bevat stoffen die schadelijk zijn als ze ingeademd worden.
Rook niet tijdens het tanken.
Als u dat wel doet, kan er brand ontstaan.
Keer niet naar de auto terug als u statisch geladen bent.
Statische elektriciteit kan vonkvorming en daarmee brand veroorzaken.
Bij het tanken
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht om te voorkomen dat de brand-
stoftank overstroomt:
Plaats het vulpistool nauwkeurig in de vulpijp.
Stop met het vullen van de tank wanneer het vulpistool automatisch uit klikt.
Vul de brandstoftank niet tot de rand.
OPMERKING
Tanken
Mors geen brandstof tijdens het tanken.
Anders kan schade aan de auto ontstaan, zoals het slecht functioneren van het
emissieregelsysteem, of beschadiging van de onderdelen van het brandstofsys-
teem of van de lak.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 305 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
306 4-4. Tanken
CAMRY_HV_EE
Houd de ontgrendelschakelaar ingedrukt om de tankdopklep te openen.
Draai de tankdop langzaam open
en plaats hem in de houder op de
tankdopklep.
Openen van de tankdop
1
Auto's met linkse besturing Auto's met rechtse besturing
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 306 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
307
4-4. Tanken
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Draai na het tanken van brandstof de
tankdop tot u een klik hoort. Als u de
dop loslaat, zal hij iets in de andere
richting draaien.
Als de tankdopklep niet kan worden geopend
Sluiten van de tankdop
Verwijder het deksel in de bagageruimte en
trek aan de hendel.
WAARSCHUWING
Vervangen van de tankdop
Gebruik alleen de originele Toyota-tankdop voor uw auto. Anders kan er brand ont-
staan of kunnen zich andere ongevallen voordoen, wat kan leiden tot ernstig letsel.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 307 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
308
CAMRY_HV_EE
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
PCS (Pre-Crash Safety-systeem)
Blz. 320
LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling)
Blz. 330
AHB (Automatic High Beam)
Blz. 293
RSA (Road Sign Assist)
Blz. 340
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik
Blz. 345
Toyota Safety Sense
Toyota Safety Sense bestaat uit de volgende ondersteunende syste-
men en draagt bij aan een veilige en comfortabele rijervaring:
Ondersteunend systeem
WAARSCHUWING
Toyota Safety Sense
Toyota Safety Sense is ontworpen om te werken met als uitgangspunt dat de
bestuurder voorzichtig rijdt om te helpen de gevolgen van een aanrijding voor de
inzittenden en de auto te beperken of de bestuurder te assisteren onder normale
rijomstandigheden.
Vertrouw niet blindelings op het systeem, aangezien er een grens is aan de mate
van nauwkeurigheid bij de herkenning en de ondersteunende mogelijkheden die dit
systeem kan bieden. De bestuurder moet te allen tijde aandacht besteden aan de
omgeving van de auto en veilig rijden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 308 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
309
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Twee soorten sensoren, die zich achter de grille en de voorruit bevinden, sig-
naleren informatie die nodig is voor de werking van de ondersteunende sys-
temen.
Radarsensor
Camera voor
Sensoren
1
2
WAARSCHUWING
Voorkomen van storingen in de radarsensor
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Als u dat niet doet, werkt de radarsensor mogelijk niet goed, hetgeen kan leiden tot
een ongeval waarbij ernstig letsel kan ontstaan.
Houd de radarsensor en de afdekking van de radarsensor altijd schoon.
Bevestig geen accessoires, (doorzichtige) stickers of andere zaken op de radar-
sensor, de afdekking van de radarsensor of het omliggende gebied.
Stel de radarsensor en de omgeving van de sensor niet bloot aan krachtige schok-
ken.
Laat de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als de radar-
sensor, de grille of de voorbumper is blootgesteld aan krachtige schokken.
Haal de radarsensor niet uit elkaar.
Wijzig of spuit de radarsensor of de kap van de radarsensor niet.
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 309 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
310 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
In de volgende gevallen moet de radarsensor opnieuw worden gekalibreerd. Neem
voor meer informatie contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/repa-
rateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Als de radarsensor of de grille is verwijderd en geplaatst of vervangen
Als de voorbumper is vervangen
Storingen in de camera voor voorkomen
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Als u dat niet doet, werkt de camera voor mogelijk niet goed, hetgeen kan leiden tot
een ongeval waarbij ernstig letsel kan ontstaan.
Houd de voorruit te allen tijde schoon.
Reinig de voorruit als deze vuil is of als er een dun olielaagje, waterdruppels,
sneeuw, enz. op zit(ten).
Als er een ruitencoating op de voorruit is aangebracht, moeten waterdruppels
e.d. nog steeds met de ruitenwissers voor worden verwijderd van het gedeelte
van de voorruit vóór de camera voor.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als de binnen-
zijde van de voorruit waar de camera voor is geplaatst vuil is.
B: Ongeveer 20 cm (ongeveer 10 cm naar links en rechts vanuit het midden van
de camera voor)
Als de voorruit vóór de camera voor is beslagen of wanneer er condens of ijs op de
voorruit zit, gebruik dan de voorruitverwarming om de condens van de voorruit te
verwijderen of de voorruit te ontdooien. (Blz. 428)
Vervang het ruitenwisserrubber of het ruitenwisserblad als de ruitenwissers vóór
de waterdruppels niet goed kunnen verwijderen van het gedeelte van de voorruit
vóór de camera vóór.
Plak geen ruitfolie op de voorruit.
Vervang de voorruit als deze beschadigd is of als er een barst in zit.
Na vervanging van de voorruit moet de camera voor opnieuw worden gekalibreerd.
Neem voor meer informatie contact op met een erkende Toyota-dealer of herstel-
ler/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskun-
dige.
Zorg ervoor dat er geen vloeistoffen op de camera voor terechtkomen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 310 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
311
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Voorkom dat er fel licht op de camera voor schijnt.
Zorg ervoor dat de camera voor niet vuil wordt of beschadigd raakt.
Zorg er bij het reinigen van de binnenzijde van de voorruit voor dat er geen glasrei-
niger op de lens van de camera voor terechtkomt. Raak de lens ook niet aan.
Neem, als de lens vuil of beschadigd is, contact op met een erkende Toyota-dealer
of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
Stel de camera voor niet bloot aan sterke schokken.
Wijzig de montagepositie of -richting van de camera voor niet en verwijder de
camera niet.
Haal de camera voor niet uit elkaar.
Wijzig geen onderdelen van de auto rond de camera voor (binnenspiegel, enz.) of
het dak.
Bevestig geen accessoires die de camera voor kunnen hinderen op de motorkap,
de grille of de voorbumper. Neem voor meer informatie contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde
en uitgeruste deskundige.
Zorg er als een surfplank of een ander lang voorwerp op het dak moet worden
geplaatst voor dat de camera voor er niet door wordt gehinderd.
Breng geen wijzigingen aan de koplampen of andere lichten aan.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 311 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
312 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Verklaring
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 312 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
313
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 313 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
314 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 314 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
315
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 315 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
316 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 316 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
317
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 317 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
318 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Als een waarschuwingsmelding wordt weergegeven op het multi-informatiedis-
play
Een van de systemen is mogelijk tijdelijk niet beschikbaar of er is mogelijk sprake van
een storing in het betreffende systeem.
Voer in de volgende situaties de in de tabel aangegeven acties uit. Als wordt gesig-
naleerd dat weer aan de normale werkingsvoorwaarden wordt voldaan, verdwijnt de
melding en werkt het systeem weer normaal.
Neem, als de melding niet verdwijnt, contact op met een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige.
Situatie Handelingen
Als het gedeelte rondom een camera
bedekt is met vuil, vocht (condens, ijs,
enz.) of andere verontreinigingen
Verwijder het vuil e.d. met behulp van de
ruitenwissers en de airco. (Blz. 298,
428).
Als de temperatuur rondom de camera
voor niet binnen het werkingsbereik ligt,
bijvoorbeeld doordat de auto in de zon of
een zeer koude omgeving staat
Als de camera voor heet is, bijvoorbeeld
doordat de auto in de zon heeft gestaan,
maak dan gebruik van de airconditioning
om het gedeelte rondom de camera voor
af te koelen.
Als bij het parkeren van de auto gebruik
is gemaakt van een zonnescherm, kan
bij bepaalde typen zonnescherm door
het zonlicht dat door het oppervlak ervan
wordt gereflecteerd de temperatuur van
de camera voor extreem hoog oplopen.
Als de camera voor koud is, bijvoorbeeld
doordat de auto in een zeer koude
omgeving heeft gestaan, maak dan
gebruik van het airconditioningsysteem
om het gedeelte rondom te camera voor
op te warmen.
Het gedeelte vóór de camera voor wordt
afgedekt, bijvoorbeeld doordat de motor-
kap is geopend of doordat een sticker op
het gedeelte van de voorruit vóór de
camera voor is geplakt.
Sluit de motorkap, verwijder de sticker,
enz., zodat de camera voor niet meer
wordt afgedekt.
Wanneer “Pre-Collision System
Unavailable” (Pre-Crash Safety-sys-
teem niet beschikbaar) wordt weergege-
ven
Controleer of er materialen op de radar-
sensor of de afdekking van de radarsen-
sor zijn bevestigd en verwijder deze zo
nodig.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 318 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
319
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Als in de volgende situaties de situatie is gewijzigd (of enige tijd met de auto is gere-
den) en wordt gesignaleerd dat weer aan de normale werkingsvoorwaarden wordt
voldaan, verdwijnt de melding en werkt het systeem weer normaal.
Neem, als de melding niet verdwijnt, contact op met een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige.
Als de temperatuur rondom de camera voor niet binnen het werkingsbereik ligt,
bijvoorbeeld doordat de auto in de zon of een zeer koude omgeving staat
Als de camera voor geen objecten voor de auto kan detecteren, zoals 's nachts op
een onverlichte weg, bij sneeuw, bij mist of als er fel licht in de camera voor schijnt
Afhankelijk van de omstandigheden in de omgeving van de auto oordeelt de radar
mogelijk dat de omgeving niet goed kan worden herkend. In dat geval wordt “Pre-
Collision System Unavailable” (Pre-Crash Safety-systeem niet beschikbaar)
weergegeven.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 319 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
320 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Pre-Crash-waarschuwing
Wanneer het systeem oordeelt dat
een aanrijding aan de voorzijde
waarschijnlijk is, klinkt er een zoe-
mer en wordt er een waarschu-
wingsmelding weergegeven op het
multi-informatiedisplay om de
bestuurder aan te sporen om uit te
wijken.
Pre-Crash Brake Assist
Wanneer het systeem oordeelt dat een aanrijding aan de voorzijde waar-
schijnlijk is, past het een grotere remkracht toe in relatie tot de kracht
waarmee het rempedaal wordt ingetrapt.
Pre-Crash Brake-functie
Als het systeem vaststelt dat de kans op een frontale aanrijding groot is,
waarschuwt het systeem de bestuurder. Als het systeem vaststelt dat de
kans op een frontale aanrijding zeer groot is, worden de remmen automa-
tisch geactiveerd om de aanrijding te helpen voorkomen of de snelheid
waarmee de aanrijding plaatsvindt te beperken.
PCS (Pre-Crash Safety-systeem)
Het Pre-Crash Safety-systeem maakt gebruik van een radarsensor en
een camera voor om voertuigen en voetgangers voor uw auto te signa-
leren. Wanneer het systeem oordeelt dat een aanrijding aan de voor-
zijde met een voertuig of een voetganger waarschijnlijk is, wordt een
waarschuwing geactiveerd om de bestuurder aan te sporen om uit te
wijken en wordt de potentiële remdruk verhoogd om de bestuurder te
helpen een aanrijding te voorkomen. Wanneer het systeem oordeelt dat
een aanrijding aan de voorzijde met een voertuig of een voetganger
zeer waarschijnlijk is, worden de remmen automatisch bekrachtigd om
te helpen een aanrijding te voorkomen of om de impact van een aanrij-
ding te helpen verminderen.
Het Pre-Crash Safety-systeem kan worden in-/uitgeschakeld en het waar-
schuwingstijdstip kan worden gewijzigd. (Blz. 323)
CTH45BT030NL
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 320 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
321
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Beperkingen van het Pre-Crash Safety-systeem
De bestuurder is zelf verantwoordelijk voor een veilig rijgedrag. Rijd altijd veilig en
houd rekening met de omgeving.
Gebruik het Pre-Crash Safety-systeem nooit in plaats van normaal remmen. Dit
systeem voorkomt niet in alle gevallen een aanrijding en vermindert ook niet altijd
de schade of het letsel bij de aanrijding. Vertrouw niet uitsluitend op dit systeem.
Als u dat wel doet, kan dat leiden tot een ongeval, met ernstig letsel tot gevolg.
Hoewel dit systeem is ontworpen om aanrijdingen te helpen voorkomen of de
impact van een aanrijding te helpen verminderen, is het effect afhankelijk van aller-
lei omstandigheden. Hierdoor bereikt het systeem mogelijk niet altijd hetzelfde
prestatieniveau.
Lees de hierna gegeven aanwijzingen aandachtig door. Vertrouw niet blindelings
op dit systeem en rijd altijd voorzichtig.
Omstandigheden waaronder het systeem mogelijk werkt, zelfs als er geen kans
op een aanrijding is: Blz. 325
Omstandigheden waaronder het systeem mogelijk niet juist werkt: Blz. 327
Probeer niet zelf de werking van het Pre-Crash Safety-systeem te testen.
Afhankelijk van de objecten die voor het testen worden gebruikt (dummy's, karton-
nen imitaties van signaleerbare objecten, enz.) werkt het systeem mogelijk niet
goed, hetgeen kan leiden tot een ongeval.
Pre-Crash Brake-functie
Als de Pre-Crash Brake-functie in werking is, wordt er veel remkracht toegepast.
Als de auto wordt stilgezet door de werking van de Pre-Crash Brake-functie, wordt
de werking van de functie na ongeveer 2 seconden uitgeschakeld. Trap indien
nodig het rempedaal in.
De Pre-Crash Brake-functie werkt mogelijk niet, afhankelijk van de bediening van
de auto door de bestuurder. Als het gaspedaal diep wordt ingetrapt of het stuurwiel
wordt gedraaid, oordeelt het systeem mogelijk dat de bestuurder een uitwijkactie
uitvoert en werkt het Pre-Crash Brake-systeem mogelijk niet.
Terwijl het Pre-Crash Brake-systeem is ingeschakeld, wordt in sommige gevallen
de werking ervan mogelijk uitgeschakeld, wanneer het gaspedaal diep wordt inge-
trapt of het stuurwiel wordt gedraaid en het systeem oordeelt dat de bestuurder een
uitwijkactie uitvoert.
Als het rempedaal wordt ingetrapt, oordeelt het systeem mogelijk dat de bestuurder
een uitwijkactie uitvoert en stelt het mogelijk het werkingstijdstip van de Pre-Crash
Brake-functie uit.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 321 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
322 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Wanneer moet het Pre-Crash Safety-systeem worden uitgeschakeld
Schakel in de volgende situaties het systeem uit, omdat het mogelijk niet juist werkt,
hetgeen kan leiden tot een ongeval waarbij ernstig letsel kan ontstaan:
Als de auto wordt gesleept
Bij het slepen van een andere auto
Bij het vervoeren van de auto op een vrachtwagen, boot, trein of vergelijkbaar
transportmiddel
Wanneer de auto wordt opgetakeld terwijl het hybridesysteem aan staat en de wie-
len vrij kunnen draaien
Bij het controleren van de auto op een rollenbank, bijvoorbeeld een vermogens-
bank of een snelheidsmetertester, of bij het balanceren van de wielen op de auto
Als er veel kracht wordt uitgeoefend op de voorbumper of de grille door een aanrij-
ding of een andere oorzaak
Als niet op een stabiele wijze kan worden gereden met de auto, bijvoorbeeld als hij
betrokken is geweest bij een ongeval of als er storingen zijn
Als met een sportieve rijstijl of in het terrein wordt gereden
Als de banden niet de juiste bandenspanning hebben
Als de banden zeer versleten zijn
Als er een andere maat banden dan voorgeschreven is gemonteerd
Als er sneeuwkettingen zijn aangebracht
Wanneer er een compact reservewiel is gemonteerd of een bandenreparatieset is
gebruikt
Als er tijdelijk uitrusting (sneeuwploeg, enz.) die de radarsensor of de camera voor
kan hinderen op de auto is geplaatst
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 322 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
323
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
In-/uitschakelen van het Pre-Crash Safety-systeem
Het Pre-Crash Safety-systeem kan worden ingeschakeld/uitgeschakeld
via (Blz. 148) van het multi-informatiedisplay.
Het systeem wordt automatisch ingeschakeld telkens wanneer het contact AAN
wordt gezet.
Als het systeem wordt uitgescha-
keld, gaat het waarschuwings-
lampje PCS branden en wordt er
een melding weergegeven op het
multi-informatiedisplay.
Wijzigen van de timing van de Pre-Crash-waarschuwing
De timing van de Pre-Crash-waarschuwing kan worden gewijzigd via
(Blz. 148) van het multi-informatiedisplay.
De instelling van de timing blijft behouden als het contact UIT wordt gezet.
Ver weg
De waarschuwing treedt eerder in
werking dan bij de standaardtiming.
Gemiddeld
Dit is de standaardinstelling.
Dichtbij
De waarschuwing treedt later in
werking dan bij de standaardtiming.
Wijzigen van instellingen van het Pre-Crash Safety-systeem
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 323 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
324 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Werkingsvoorwaarden
Het Pre-Crash Safety-systeem wordt ingeschakeld en het systeem oordeelt dat een
aanrijding aan de voorzijde met een voertuig of een voetganger waarschijnlijk is.
Voor de werking van elke functie gelden de volgende snelheden:
Pre-Crash-waarschuwing:
De rijsnelheid ligt tussen ongeveer 10 en 180 km/h. (Voor het signaleren van
een voetganger ligt de rijsnelheid tussen ongeveer 10 en 80 km/h.)
Het snelheidsverschil tussen uw auto en het voertuig of de voetganger voor u is
ongeveer 10 km/h of groter.
Pre-Crash Brake Assist:
De rijsnelheid ligt tussen ongeveer 30 en 180 km/h. (Voor het signaleren van een
voetganger ligt de rijsnelheid tussen ongeveer 30 en 80 km/h.)
Het snelheidsverschil tussen uw auto en het voertuig of de voetganger is onge-
veer 30 km/h of groter.
Pre-Crash Brake-systeem:
De rijsnelheid ligt tussen ongeveer 10 en 180 km/h. (Voor het signaleren van
een voetganger ligt de rijsnelheid tussen ongeveer 10 en 80 km/h.)
Het snelheidsverschil tussen uw auto en het voertuig of de voetganger voor u is
ongeveer 10 km/h of groter.
Het systeem werkt in de volgende situaties mogelijk niet:
Als een accupool is losgenomen en weer aangesloten en er vervolgens gedurende
een bepaalde tijd niet met de auto is gereden
Als de selectiehendel in stand R staat
Als de VSC wordt uitgeschakeld (alleen de Pre-Crash-waarschuwingsfunctie werkt)
Voetgangerdetectiefunctie
Het Pre-Crash Safety-systeem signaleert voet-
gangers op basis van de grootte, het profiel en
de beweging van een gesignaleerd object.
Afhankelijk van de helderheid van het omge-
vingslicht en de beweging, het postuur en de
hoek van het gesignaleerde object wordt een
voetganger mogelijk niet gesignaleerd, waar-
door het systeem niet goed werkt. (Blz. 329)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 324 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
325
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Uitschakelen van het Pre-Crash Brake-systeem
Als zich een van de volgende situaties voordoet terwijl het Pre-Crash Brake-systeem
in werking is, wordt dit systeem uitgeschakeld:
Het gaspedaal wordt diep ingetrapt.
Er wordt een scherpe stuurbeweging gemaakt of het stuurwiel wordt plotseling
gedraaid.
Omstandigheden waaronder het systeem mogelijk werkt, zelfs als er geen kans
op een aanrijding is
In bepaalde situaties, zoals de onderstaande, oordeelt het systeem mogelijk dat een
aanrijding aan de voorzijde waarschijnlijk is en treedt het in werking.
Wanneer een voertuig of een voetganger wordt gepasseerd
Wanneer van rijstrook wordt gewisseld bij het inhalen van een voorligger
Bij het inhalen van een voorligger die van rijstrook verandert
Wanneer u snel een voorligger nadert
Als de voorzijde van de auto omhoog of omlaag gaat, bijvoorbeeld op een oneffen
of golvend wegdek
Bij het naderen van objecten in de berm, zoals vangrails, telefoonpalen, bomen of
muren
Bij het inhalen van een voorligger die een
bocht naar links of rechts maakt
Bij het passeren van een voertuig dat stil-
staat op de rijstrook voor het tegemoetko-
mend verkeer om rechtsaf of linksaf te
slaan
Bij het rijden op een weg waar de relatieve
positie ten opzichte van de voorligger in
een naastliggende rijstrook kan verande-
ren, zoals op een bochtige weg
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 325 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
326 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Bij het rijden op een smalle rijbaan omringd door een constructie, zoals een tunnel
of een stalen brug
Als er zich metalen objecten (putdeksel, staalplaat, enz.), opstaande randen of
uitstekende delen bevinden op het wegdek of in de berm
Bij het snel naderen van een slagboom van een elektronische tolpoort, slagboom
bij een parkeerterrein of andere afscheiding die open en dicht gaat
Bij het wassen van de auto in een wasstraat
Wanneer er bij het begin van een bocht
een voertuig, voetganger of object naast
de weg aanwezig is
Als een overstekende voetganger de auto
zeer dicht nadert
Wanneer wordt gereden op plaatsen met
een lage constructie boven de weg (laag
plafond, verkeersbord, enz.)
Wanneer boven op een helling onder een
object (billboard, enz.) door wordt gereden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 326 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
327
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Als de auto wordt geraakt door water, sneeuw, stof, enz. dat wordt opgeworpen
door een voorligger
Bij het rijden door stoom of rook
Als er patronen of verf op de weg of op een muur aanwezig zijn/is die kunnen/kan
worden aangezien voor een voertuig of voetganger
Wanneer dicht bij een object wordt gereden dat radiogolven weerkaatst, zoals
een grote vrachtwagen of een vangrail
Als wordt gereden in de buurt van een televisiezendmast, radiozender, elektrici-
teitscentrale of andere locatie waar sterke radiogolven of elektromagnetische vel-
den aanwezig zijn
Situaties waarin het systeem mogelijk niet goed werkt
In bepaalde situaties, zoals onderstaande, wordt een voertuig mogelijk niet gesigna-
leerd door de radarsensor en de camera voor, waardoor het systeem niet goed
werkt:
Als een tegenligger de auto nadert
Als de voorligger een motorfiets of fiets is
Bij het naderen van de zijkant of voorkant van een voertuig
Als de achterzijde van de voorligger smal is, zoals een lege truck
Als de voorligger een lading vervoert die uitsteekt voorbij de achterbumper
Bij het rijden door of onder objecten die in
contact kunnen komen met de auto, zoals
hoog gras, boomtakken of een spandoek
Als de voorligger een lage achterzijde
heeft, zoals een oprijwagen
Als de voorligger een extreem grote
bodemvrijheid heeft
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 327 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
328 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Als een voorligger een onregelmatige vorm heeft, zoals een tractor of een zijspan
Als de zon of ander licht rechtstreeks op een voorligger schijnt
Als een voertuig de auto snijdt of plotseling opdoemt van naast een ander voer-
tuig
Als de voorligger een abrupte beweging maakt (zoals een uitwijkmanoeuvre, plot-
seling versnellen of afremmen)
Bij het plotseling invoegen vlak achter een voorligger
Bij slecht weer zoals bij hevige regen, mist, sneeuw of een zandstorm
Als de auto wordt geraakt door water, sneeuw, stof, enz. dat wordt opgeworpen
door een voorligger
Bij het rijden door stoom of rook
Wanneer er wordt gereden op een plek waar de helderheid van het omgevings-
licht plotseling verandert, zoals bij het in- of uitrijden van een tunnel
Wanneer een zeer fel licht, bijvoorbeeld de zon of de koplampen van tegemoetko-
mend verkeer, rechtstreeks in de camera voor schijnt
Als er weinig omgevingslicht is, zoals tijdens de schemering, of 's nachts of in een
tunnel
Nadat het hybridesysteem gestart is, is er gedurende een bepaalde tijd niet met
de auto gereden
Bij het afslaan naar links/rechts en gedurende een paar seconden na het afslaan
naar links/rechts
Bij het rijden in een bocht en een paar seconden na het rijden in een bocht
Wanneer uw auto slipt
Als de wielen niet goed zijn uitgelijnd
Als een ruitenwisserblad de camera voor blokkeert
De auto schommelt
Er wordt gereden met extreem hoge snelheden
Als op een helling wordt gereden
Wanneer de radarsensor of de camera voor niet goed is uitgelijnd
Als de voorligger zich niet direct voor uw
auto bevindt
Wanneer de voorzijde van de auto is ver-
hoogd of verlaagd
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 328 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
329
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
In sommige situaties, zoals de onderstaande, kan wellicht onvoldoende remkracht
worden gerealiseerd, waardoor het systeem mogelijk niet goed werkt:
Als de remfuncties niet optimaal kunnen functioneren, bijvoorbeeld doordat
onderdelen van het remsysteem extreem koud of warm, of nat zijn
Als de auto niet goed wordt onderhouden (extreem versleten remdelen of banden,
onjuiste bandenspanning, enz.)
Als er met de auto gereden wordt op grind of een andere gladde ondergrond
Sommige voetgangers, zoals onderstaande, worden mogelijk niet gesignaleerd door
de radarsensor en de camera voor, waardoor het systeem niet goed werkt:
Voetgangers kleiner dan ongeveer 1 m of groter dan ongeveer 2 m
Voetgangers die ruimvallende kleding (een regenjas, lange rok, enz.) dragen
waardoor hun silhouet vaag wordt
Voetgangers die grote voorwerpen dragen, een paraplu vasthouden, enz. waar-
door een deel van hun lichaam niet zichtbaar is
Voetgangers die vooroverbuigen of gehurkt zitten
Voetgangers die een wandelwagentje, rolstoel, fiets of ander voertuig voortduwen
Groepen voetgangers die dicht bij elkaar lopen
Voetgangers die witte kleding dragen en er extreem licht uitzien
Voetgangers in het donker, bijvoorbeeld 's nachts of in een tunnel
Voetgangers waarvan de kleding ongeveer dezelfde kleur of helderheid heeft als
de omgeving
Voetgangers vlak bij muren, hekken, vangrails of grote objecten
Voetgangers die zich op de weg op een metalen object (putdeksel, stalen plaat,
enz.) bevinden
Voetgangers die snel lopen
Voetgangers die plotseling van snelheid veranderen
Voetgangers die van achter een voertuig of een groot object komen rennen
Voetgangers die zich heel dicht bij de zijkant van de auto (buitenspiegel, enz.)
bevinden
Als de VSC wordt uitgeschakeld
Als de VSC wordt uitgeschakeld (Blz. 363), worden ook het Pre-Crash Brake
Assist-systeem en de Pre-Crash Brake-functie uitgeschakeld.
Het waarschuwingslampje PCS gaat branden en “VSC Turned OFF Pre-Collision
Brake System Unavailable” (VSC uitgeschakeld, Pre-Crash Brake-systeem niet
beschikbaar) wordt weergegeven op het multi-informatiedisplay.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 329 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
330 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Als wordt gereden op autowegen en snelwegen met witte (gele) lijnen waar-
schuwt deze functie de bestuurder als de auto de rijstrook dreigt te verlaten
en helpt hij om de auto in de rijstrook te houden door het stuurwiel te bedie-
nen.
Het LDA-systeem herkent zichtbare
witte (gele) lijnen met de camera voor
aan de bovenzijde van de voorruit.
LDA (Lane Departure Alert met
stuurregeling)
Overzicht van functies
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 330 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
331
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Lane Departure Alert-functie
Wanneer het systeem vaststelt dat
de auto de rijstrook dreigt te verla-
ten, wordt een waarschuwing
weergegeven op het multi-informa-
tiedisplay en klinkt de waarschu-
wingszoemer om de bestuurder te
waarschuwen.
Wanneer de waarschuwingszoe-
mer klinkt, controleer dan de situatie
op de weg en bedien het stuurwiel
voorzichtig om weer naar het mid-
den van de rijstrook terug te keren.
Stuurregelingsfunctie
Wanneer het systeem vaststelt dat
de auto de rijstrook dreigt te verla-
ten, helpt het voor zover nodig om
de auto in de rijstrook te houden
door kortstondig het stuurwiel licht
te bedienen.
Als het systeem signaleert dat het
stuurwiel een bepaalde periode niet
bediend is of dat het stuurwiel niet
stevig wordt vastgehouden, wordt
een waarschuwing weergegeven op
het multi-informatiedisplay en wordt
de functie tijdelijk uitgeschakeld.
Functies die zijn opgenomen in het LDA-systeem
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 331 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
332 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Waarschuwingsfunctie slingeren auto
Wanneer de auto slingert of meer-
dere malen de rijstrook dreigt te
verlaten, klinkt de waarschuwings-
zoemer en wordt een melding
weergegeven op het multi-informa-
tiedisplay om de bestuurder te
waarschuwen.
WAARSCHUWING
Voordat u het LDA-systeem gebruikt
Vertrouw niet uitsluitend op het LDA-systeem. Het LDA-systeem is geen systeem
dat de auto automatisch bestuurt of de hoeveelheid aandacht die moet worden
besteed aan het gebied vóór de auto beperkt. De bestuurder dient altijd volledige
verantwoordelijkheid te nemen voor een veilig rijgedrag door de omgeving steeds
goed in de gaten te houden en het stuurwiel te bedienen om de rijrichting van de
auto te corrigeren. De bestuurder moet ook zorgen voor voldoende pauzes als hij
moe is, bijvoorbeeld als hij langere tijd heeft gereden.
Als u niet op de juiste manier rijdt en niet goed oplet, kunt u een ongeval veroorza-
ken, waardoor ernstig letsel kan ontstaan.
Onbedoelde werking van het LDA-systeem voorkomen
Als u het LDA-systeem niet gebruikt, zet het systeem dan uit met de toets LDA.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 332 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
333
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Situaties die niet geschikt zijn voor gebruik van het LDA-systeem
Gebruik het LDA-systeem niet in de volgende situaties.
Het systeem werkt mogelijk niet goed, hetgeen kan leiden tot een ongeval waarbij
ernstig letsel kan ontstaan.
Er is/zijn een reservewiel, sneeuwkettingen, enz. gemonteerd.
Als de banden erg versleten zijn of als de bandenspanning te laag is.
Er worden banden gebruikt met verschillende structuren of profielen of van ver-
schillende fabrikanten of merken.
Er bevinden zich naast de weg objecten die onterecht kunnen worden aangezien
voor witte (gele) lijnen (vangrails, stoepranden, reflecterende palen, enz.).
Er wordt gereden op een met sneeuw bedekte weg.
Witte (gele) lijnen zijn moeilijk te zien door regen, sneeuw, mist, stof, enz.
Vanwege wegwerkzaamheden bevinden zich asfaltreparatiemarkeringen, witte
(gele) lijnmarkeringen, enz. op de weg.
Er wordt gereden in een tijdelijke rijstrook of een smalle rijstrook door wegwerk-
zaamheden.
Er wordt gereden op een wegdek dat glad is door regenachtig weer, sneeuwval,
vorst, enz.
Er wordt gereden op andere wegen dan autowegen en snelwegen.
Er wordt gereden in een gebied met wegwerkzaamheden.
Tijdens het slepen in een noodgeval.
Voorkomen van storingen in het LDA-systeem en onbedoeld uitgevoerde han-
delingen
Breng geen wijzigingen aan de koplampen aan en plak geen stickers op het lamp-
glas.
Breng geen wijzigingen aan de wielophanging, enz. aan. Als onderdelen van de
wielophanging moeten worden vervangen, neem dan contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde
en uitgeruste deskundige.
Monteer of plaats geen voorwerpen op de motorkap of de grille. Monteer ook geen
accessoires aan de voorzijde van de auto (bullbars, enz.).
Als uw voorruit gerepareerd moet worden, neem dan contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde
en uitgeruste deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 333 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
334 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Druk op de toets LDA om het LDA-
systeem in te schakelen.
Het controlelampje LDA gaat branden
en er wordt een melding weergegeven
op het multi-informatiedisplay.
Druk nogmaals op de toets LDA om het
LDA-systeem uit te schakelen.
Als het LDA-systeem wordt in- of uitge-
schakeld, blijft de status van het LDA-
systeem de volgende keer dat het
hybridesysteem wordt gestart ongewij-
zigd.
Inschakelen van het LDA-systeem
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 334 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
335
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
De getoonde afbeelding dient slechts als voorbeeld en verschilt mogelijk van
het werkelijke beeld op het multi-informatiedisplay.
Controlelampje LDA
Aan de hand van de verlichtings-
status van de indicator wordt de
bestuurder geïnformeerd over de
bedrijfsstatus van het systeem.
Brandt wit:
LDA-systeem is in werking.
Brandt groen:
Stuurassistentie van de stuurregelings-
functie is in werking.
Knippert geel:
Lane Departure Alert-functie is in wer-
king.
Display werking van ondersteuning stuurwielbediening
Geeft aan de stuurassistentie van de stuurregelingsfunctie in werking is.
Display Lane Departure Alert-functie
Wordt weergegeven wanneer het multi-informatiedisplay wordt overge-
schakeld op het informatiescherm voor ondersteunende systemen.
Meldingen op het multi-informatiedisplay
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 335 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
336 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Voorwaarden voor werking van de functies
Lane Departure Alert-functie
Deze functie werkt wanneer aan alle onderstaande voorwaarden wordt voldaan.
De LDA is ingeschakeld.
De rijsnelheid is ongeveer 50 km/h of hoger.
Het systeem herkent witte (gele) lijnen.
De breedte van de rijstrook is ten minste ongeveer 3 m.
De richtingaanwijzerschakelaar wordt niet bediend.
Er wordt gereden op een rechte weg of in een flauwe bocht met een straal van
meer dan ongeveer 150 m.
Er worden geen systeemstoringen gesignaleerd. (Blz. 339)
Stuurregelingsfunctie
Deze functie werkt wanneer niet alleen aan alle werkingsvoorwaarden voor de Lane
Departure Alert-functie wordt voldaan, maar ook aan alle onderstaande voorwaar-
den.
De instelling voor “Steering Assist” (stuurassistentie) in van het multi-informa-
tiedisplay is “On” (aan). (Blz. 148)
Er wordt niet in een vastgestelde mate of sneller geaccelereerd of gedecelereerd.
Het stuurwiel wordt niet bediend met een stuurkracht die geschikt is voor het ver-
anderen van rijstrook.
Het ABS, de VSC, de TRC en het PCS werken niet.
De TRC of VSC is niet uitgeschakeld.
De waarschuwing handen van het stuurwiel wordt niet weergegeven. (Blz. 337)
Binnenzijde van de weergegeven
witte lijnen is wit
Binnenzijde van de weergegeven
witte lijnen is zwart
Dit geeft aan dat het systeem witte
(gele) lijnen herkent. Als de auto de
rijstrook verlaat, knippert de witte lijn
die wordt weergegeven aan de zijde
waar de auto de strook verlaat geel.
Dit geeft aan dat het systeem witte
(gele) lijnen niet kan herkennen of
tijdelijk is uitgeschakeld.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 336 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
337
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Waarschuwingsfunctie slingeren auto
Deze functie werkt wanneer aan alle onderstaande voorwaarden wordt voldaan.
De instelling voor “Sway Warning” (waarschuwing voor slingeren) in van het
multi-informatiedisplay is “On” (aan). (Blz. 148)
De rijsnelheid is ongeveer 50 km/h of hoger.
De breedte van de rijstrook is ten minste ongeveer 3 m.
Er worden geen systeemstoringen gesignaleerd. (Blz. 339)
Tijdelijk uitschakelen van functies
Als niet langer aan de werkingsvoorwaarden wordt voldaan, wordt een functie mogelijk
tijdelijk uitgeschakeld. Als echter weer aan de werkingsvoorwaarden wordt voldaan,
wordt de werking van de functie automatisch hervat. (Blz. 336)
Stuurregelingsfunctie
Afhankelijk van de rijsnelheid, de situatie rondom het verlaten van de rijstrook, de
wegomstandigheden, enz. merkt de bestuurder mogelijk niet dat de functie in werking
is of werkt de functie mogelijk helemaal niet.
Lane Departure Alert-functie
De waarschuwingszoemer is mogelijk slecht te horen door geluiden van buiten, afspe-
len van muziek, enz.
Waarschuwing handen van het stuurwiel
Als de bestuurder zijn handen van het stuurwiel blijft houden, worden een waarschu-
wingsmelding en het in de afbeelding weergegeven symbool op het multi-informatie-
display weergegeven en wordt de functie tijdelijk uitgeschakeld. Deze waarschuwing
werkt op dezelfde wijze als de bestuurder het stuurwiel licht blijft vasthouden. Houd uw
handen altijd aan het stuurwiel wanneer u dit systeem gebruikt, ongeacht eventuele
waarschuwingen.
Afhankelijk van de auto en de conditie van de weg, wordt er mogelijk geen waarschu-
wing gegeven.
Als het systeem oordeelt dat de bestuurder zijn
handen van het stuurwiel heeft genomen ter-
wijl de stuurregelingsfunctie in werking is,
wordt op het multi-informatiedisplay een waar-
schuwingsmelding weergegeven om de
bestuurder aan te sporen het stuurwiel vast te
houden. Tevens wordt het in de afbeelding
weergegeven symbool op het multi-informatie-
display weergegeven.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 337 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
338 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Waarschuwingsfunctie slingeren auto
Er bevinden zich maar aan één kant van de weg witte (gele) lijnen
Het LDA-systeem zal niet werken voor de zijde waar geen witte (gele) lijnen konden
worden herkend.
Omstandigheden waaronder de functies mogelijk niet goed werken
In de volgende situaties signaleert de camera voor witte (gele) lijnen mogelijk niet en
werken verschillende functies mogelijk niet normaal.
Er zijn schaduwen op de weg die parallel lopen aan de witte (gele) lijnen of deze
bedekken.
Er wordt met de auto gereden in een gebied zonder witte (gele) lijnen, zoals voor een
tolboom of kaartautomaat of op een kruising.
De witte (gele) lijnen zijn onderbroken of er zijn verhoogde rijstrookmarkeringen of
stenen aanwezig.
De witte (gele) lijnen zijn niet of moeilijk te zien door zand, enz.
Er wordt met de auto gereden op een wegdek dat nat is door regen, plassen, enz.
De verkeerslijnen zijn geel (waardoor ze mogelijk moeilijker te herkennen zijn dan
witte lijnen).
De witte (gele) lijnen lopen over een stoeprand, enz.
Er wordt met de auto gereden op een helder oppervlak, zoals beton.
Er wordt met de auto gereden op een oppervlak dat helder is als gevolg van gereflec-
teerd licht, enz.
Er wordt met de auto gereden in een gebied waar de helderheid plotseling verandert,
zoals bij in- en uitgangen van tunnels.
Licht van de koplampen van een tegenligger, de zon, enz. dringt de camera binnen.
Er wordt met de auto gereden op een plaats waar de weg zich splitst, wegen samen-
komen, enz.
Er wordt gereden op een helling.
Er wordt gereden op een weg die naar links of rechts helt of op een bochtige weg.
Er wordt gereden op een onverharde of ongelijkmatige weg.
Er wordt gereden in een scherpe bocht.
De rijstrook is zeer smal of breed.
De auto helt sterk over door het vervoeren van zware bagage of door een onjuiste
bandenspanning.
De afstand tot de voorligger is extreem kort.
Als het systeem oordeelt dat de auto slingert
terwijl de waarschuwingsfunctie voor het slin-
geren van de auto in werking is, klinkt er een
zoemer en wordt er een waarschuwingsmel-
ding weergegeven om de bestuurder aan te
sporen rust te nemen. Tegelijkertijd wordt het
in de afbeelding weergegeven symbool op het
multi-informatiedisplay weergegeven.
Afhankelijk van de auto en de conditie van de
weg, wordt er mogelijk geen waarschuwing
gegeven.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 338 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
339
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
De auto beweegt vaak op en neer ten gevolge van de wegomstandigheden tijdens
het rijden (slechte wegen of naden in het wegdek).
De koplampglazen zijn vuil en laten 's nachts weinig licht door, of de lichtbundel wijkt
af.
De auto heeft last van zijwind.
De auto is net van rijstrook gewisseld of een kruising overgestoken.
Er zijn winterbanden, enz. gemonteerd.
Als het controlelampje LDA geel brandt en er een waarschuwingsmelding wordt
weergegeven op het multi-informatiedisplay
Blz. 546
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 148)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 339 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
340 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
De RSA herkent bepaalde verkeers-
borden door gebruik te maken van de
camera voor en voorziet de bestuur-
der via het multi-informatiedisplay van
informatie.
Als het systeem vaststelt dat de snelheidslimiet wordt overschreden, of wan-
neer er bijvoorbeeld verboden acties ten opzichte van de herkende verkeers-
borden worden uitgevoerd, wordt de bestuurder m.b.v. een
waarschuwingsdisplay en waarschuwingszoemer gewaarschuwd*.
*: U kunt deze instelling aan uw persoonlijke voorkeur aanpassen.
RSA (Road Sign Assist)
Overzicht van de functie
Camera voor
: Indien aanwezig
WAARSCHUWING
Voordat u de RSA gebruikt
Vertrouw niet uitsluitend op het RSA-systeem. De RSA is een systeem dat de
bestuurder ondersteunt middels het bieden van informatie, maar het is geen vervan-
ging van het eigen inzicht en de oplettendheid van de bestuurder. Rijd voorzichtig
door altijd goed op de verkeersregels te letten.
Onjuist of nalatig rijgedrag kan resulteren in een ongeval.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 340 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
341
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Nadat een verkeersbord door de camera voor is herkend, wordt deze op het
multi-informatiedisplay weergegeven wanneer de auto het verkeersbord pas-
seert.
De getoonde afbeelding dient slechts als voorbeeld en verschilt mogelijk van
het werkelijke beeld op het multi-informatiedisplay.
Er kunnen maximaal 3 verkeers-
borden worden weergegeven.
(Blz. 140)
Weergave op het multi-informatiedisplay
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 341 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
342 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
De volgende soorten verkeersborden, inclusief elektronische verkeersborden
en knipperende verkeersborden, worden herkend.
Niet-officiële (niet aan het Verdrag van Wenen voldoende) of recentelijk geïntrodu-
ceerde verkeersborden worden mogelijk niet herkend.
*: Als de richtingaanwijzers bij het wisselen van rijstrook niet worden bediend, wordt
het teken niet weergegeven.
Soorten herkende verkeersborden
Soort Multi-informatiedisplay
Begin/einde snelheidslimiet
Begin/einde autoweg
Snelheidslimiet met
aanvullend teken
(Gelijktijdig met snel-
heidslimiet weerge-
geven)
(Voorbeeld display)
Nat
Regen
IJs
Oprit/afrit*
Er is een aanvullend
teken
(Inhoud wordt niet
herkend)
Begin/einde inhaalverbod
Einde alle verboden
(Einde van alle verboden. Terugkeer naar
de standaard verkeersregelgeving.)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 342 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
343
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
In de volgende situaties waarschuwt het RSA-systeem de bestuurder m.b.v.
een waarschuwingsdisplay.
Wanneer de rijsnelheid de drempelwaarde voor de snelheidswaarschu-
wing in relatie tot de maximumsnelheid op het op het multi-informatiedis-
play weergegeven verkeersbord overschrijdt, verandert de kleur van het
verkeersbord.
Als wordt gesignaleerd dat uw auto een ander voertuig inhaalt terwijl er
een verkeersbord voor een inhaalverbod wordt weergegeven op het multi-
informatiedisplay, gaat het verkeersbord knipperen.
Afhankelijk van de situatie wordt de verkeerssituatie (richting en snelheid van
het verkeer en hoeveelheid verkeer) mogelijk niet goed gesignaleerd en
werkt de waarschuwingsfunctie mogelijk niet goed.
Automatisch uitschakelen van weergave verkeersborden RSA
In de volgende situaties worden een of meer verkeersborden automatisch uitgescha-
keld.
Een nieuw verkeersbord wordt over een bepaalde afstand niet herkend.
De weg verandert als gevolg van een afslag naar links of rechts, enz.
Omstandigheden waaronder de functie mogelijk niet goed werkt of niet goed sig-
naleert
In de volgende situaties werkt de RSA niet normaal en worden verkeersborden moge-
lijk niet herkend, worden onjuiste verkeersborden weergegeven, enz. Dit duidt echter
niet op een storing.
De camera voor is niet goed uitgelijnd doordat de sensor, enz. is blootgesteld aan
hevige schokken.
Er zit(ten) vuil, sneeuw, stickers, enz. op de voorruit in de buurt van de camera voor.
Onder barre weersomstandigheden, bijvoorbeeld bij zware regenval, mist, sneeuw of
zandstormen
Licht van een tegenligger, de zon, enz. dringt de camera voor binnen.
Het verkeersbord is vuil of vervaagd, staat scheef of is krom of, in geval van een
elektronisch verkeersbord, het contrast is slecht.
Het verkeersbord gaat helemaal of gedeeltelijk verscholen achter boombladeren,
een paal, o.i.d.
Het verkeersbord is alleen korte tijd zichtbaar voor de camera voor.
De omgeving (bij afslaan, rijstrookwisseling, enz.) wordt onjuist beoordeeld.
Ook wanneer een verkeersbord niet van toepassing is op de rijstrook waar op dat
moment op wordt gereden, staat dit bord wel direct na een vertakking van de snel-
weg of bij een aangrenzende rijstrook net voordat rijstroken samenkomen.
Er zitten stickers op de achterzijde van de voorligger.
Er wordt een verkeersbord herkend dat lijkt op een verkeersbord dat compatibel is
met het systeem.
Waarschuwingsfunctie
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 343 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
344 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Er wordt met de auto in een land gereden waar het verkeer aan de andere kant rijdt.
Mogelijk worden verkeersborden met de snelheidslimiet voor parallelwegen gesigna-
leerd en weergegeven (wanneer deze in het zicht van de camera voor staan) terwijl
de auto op de hoofdweg rijdt.
Mogelijk worden verkeersborden met de maximaal toegestane snelheid voor afsla-
gen van rotondes gesignaleerd en weergegeven (wanneer deze in het zicht van de
camera voor staan) terwijl de auto op de rotonde rijdt.
De snelheidsinformatie die op het instrumentenpaneel wordt weergegeven verschilt
mogelijk van de informatie die wordt weergegeven op het navigatiesysteem als
gevolg van de gebruikte kaartgegevens van het navigatiesysteem.
In-/uitschakelen van het systeem
Druk op / van de bedieningstoetsen van het instrumentenpaneel en selecteer
.
Druk op / van de bedieningstoetsen van het instrumentenpaneel en selecteer
.
Druk op van de bedieningstoets van het instrumentenpaneel.
Elke keer dat op wordt gedrukt, wisselt de functie tussen aan en uit.
Weergave verkeersbord snelheidslimiet
Als het contact de laatste keer UIT werd gezet terwijl er een verkeersbord met de
maximaal toegestane snelheid op het multi-informatiedisplay werd weergegeven,
wordt datzelfde verkeersbord weer weergegeven wanneer het contact AAN wordt
gezet.
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 148)
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 344 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
345
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Wanneer de afstandsregelmodus is ingeschakeld, accelereert, decelereert
en stopt de auto automatisch overeenkomstig de veranderingen in snelheid
van de voorligger, zelfs wanneer het gaspedaal niet wordt ingetrapt. In de
constante-snelheidsregelmodus rijdt de auto met een constante snelheid.
Gebruik de Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik op
autowegen en snelwegen.
Afstandsregelmodus (Blz. 349)
Constante-snelheidsregelmodus (Blz. 355)
Weergave instrumentenpaneel
Display
Ingestelde snelheid
Controlelampjes
Bedieningsschakelaars
Afstandsschakelaar
Schakelaar + RES
Cruise control-hoofdschakelaar
Uitschakeltoets
Schakelaar - SET
Dynamic Radar Cruise Control met
volledig snelheidsbereik
Overzicht van functies
1
2
3
1
2
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 345 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
346 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Voordat u de Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik
gebruikt
Voor veilig rijden is alleen de bestuurder verantwoordelijk. Vertrouw niet alleen op
het systeem en rijd voorzichtig door altijd goed op de omgeving te letten.
De Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik biedt ondersteu-
ning bij het rijden om de bestuurder te ontlasten. Er zijn echter grenzen aan de
geboden ondersteuning.
Lees de hierna gegeven aanwijzingen aandachtig door. Vertrouw niet blindelings
op dit systeem en rijd altijd voorzichtig.
Omstandigheden waarin de sensor voorliggers mogelijk niet op de juiste manier
signaleert:
Blz. 358
Omstandigheden waaronder de afstandsregelmodus mogelijk niet goed werkt:
Blz. 359
Stel de geschikte snelheid in op basis van de snelheidslimiet, de verkeersintensi-
teit, de wegcondities, de weersomstandigheden, enz. De bestuurder is verantwoor-
delijk voor het controleren van de ingestelde snelheid.
Zelfs als het systeem normaal werkt, kan de door het systeem gesignaleerde sta-
tus van de voorligger afwijken van de door de bestuurder waargenomen status.
Daarom moet de bestuurder altijd alert blijven, het gevaar van elke situatie inschat-
ten en veilig rijden. Volledig afgaan op het systeem of aannemen dat het systeem
de veiligheid garandeert tijdens het rijden kan leiden tot een ongeval met ernstig
letsel als gevolg.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 346 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
347
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Waarschuwingen met betrekking tot de ondersteunende systemen
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht, aangezien er grenzen zijn aan de
door het systeem geboden ondersteuning.
Als u dat niet doet, kunt u een ongeval veroorzaken, waardoor ernstig letsel kan ont-
staan.
De bestuurder helpen bij het meten van de volgafstand
De Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik dient alleen ter
ondersteuning van de bestuurder bij het bepalen van de volgafstand tussen de
eigen auto en een bepaalde voorligger. Het systeem is niet bedoeld om zorgeloos
of roekeloos rijgedrag te rechtvaardigen en kan de bestuurder ook niet helpen tij-
dens het rijden bij slecht zicht. Het blijft noodzakelijk dat de bestuurder zelf de
omgeving van de auto goed in de gaten houdt.
De bestuurder helpen bij het bepalen van de juiste volgafstand
De Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik bepaalt of de volg-
afstand tussen de eigen auto en een bepaalde voorligger binnen een vastgelegd
bereik ligt. Het systeem kan geen andere beoordelingen maken. Het is daarom
strikt noodzakelijk dat u zelf alert blijft en inschat of een situatie mogelijk gevaarlijk
is.
De bestuurder helpen bij het bedienen van de auto
De Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik kan maar beperkt
aanrijdingen met een voorligger voorkomen. Daarom dient u wanneer er gevaar
dreigt direct de controle over de auto te nemen en juist te handelen om de veilig-
heid van alle betrokkenen te garanderen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 347 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
348 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Onbedoeld activeren van de Dynamic Radar Cruise Control met volledig snel-
heidsbereik voorkomen
Schakel de Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik uit met de
cruise control-hoofdschakelaar als deze niet wordt gebruikt.
Situaties waarin de Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik
niet kan worden gebruikt
Gebruik de Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik niet in de
volgende situaties.
Als u dat wel doet, wordt de snelheid mogelijk niet goed geregeld, waardoor een
ongeval met ernstig letsel kan ontstaan.
Op wegen met voetgangers, fietsers, enz.
In druk verkeer
Op wegen met scherpe bochten
Op slingerende wegen
Op wegen die door regen, ijs of sneeuw glad zijn
Op steile afdalingen of bij afwisselend sterk dalende en sterk stijgende wegen
Bij het afdalen van een helling kan de rijsnelheid de geprogrammeerde snelheid
overschrijden.
Op invoegstroken van autowegen en snelwegen
Als de weersomstandigheden zo slecht zijn dat ze een juiste signalering door de
sensoren onmogelijk zouden kunnen maken (mist, sneeuw, zandstorm, zware
regenval, enz.)
Als er regen, sneeuw, enz. op de voorzijde van de radarsensor of de camera voor
zit
In verkeersomstandigheden waarbij herhaaldelijk accelereren en decelereren
noodzakelijk is
Tijdens het slepen in een noodgeval
Als er vaak een naderingswaarschuwing hoorbaar is
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 348 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
349
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
In deze modus registreert een radarsensor of er binnen ongeveer 100 meter
voor u een voertuig rijdt. Deze sensor wordt tevens gebruikt om de afstand
tussen uw auto en de voorligger te berekenen en een geschikte afstand tus-
sen uw auto en de voorligger te handhaven.
Let erop dat de afstand tot uw voorligger kleiner wordt als u een helling afrijdt.
Voorbeeld van het rijden met een constante snelheid
Wanneer er geen voorliggers zijn
De auto rijdt met de snelheid die door de bestuurder is ingesteld. De gewenste tus-
senafstand kan tevens met de afstandsschakelaar worden ingesteld.
Voorbeeld van deceleratie en het volgen van een auto
Wanneer een voorligger langzamer rijdt dan de ingestelde snelheid
Als er een voorligger wordt gesignaleerd, verlaagt het systeem automatisch de
snelheid van uw auto. Als de snelheid nog meer moet worden gereduceerd, scha-
kelt het systeem het remsysteem in (de remlichten gaan dan branden). Het sys-
teem regelt de snelheid van de auto zo dat de afstand die de bestuurder heeft
ingesteld tot de voorligger gehandhaafd blijft. Als het systeem de snelheid niet
genoeg kan verlagen om een veilige afstand tot de voorligger te creëren, klinkt er
een naderingswaarschuwing.
Wanneer uw voorligger stopt, stopt uw auto ook (de auto wordt door het systeem
stilgezet). Als uw voorligger begint te rijden, wordt het rijden met de volgregeling
hervat wanneer u op de schakelaar + RES drukt of het gaspedaal intrapt.
Voorbeeld van acceleratie
Als er geen voorliggers meer zijn die langzamer rijden dan de ingestelde
snelheid
Het systeem verhoogt de snelheid totdat de ingestelde snelheid bereikt wordt. Het
systeem schakelt vervolgens weer over op het rijden met constante snelheid.
Rijden in de afstandsregelmodus
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 349 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
350 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Druk op de cruise control-hoofd-
schakelaar om de cruise control in
te schakelen.
Het controlelampje van de Dynamic
Radar Cruise Control gaat branden en
er wordt een melding weergegeven op
het multi-informatiedisplay.
Druk nogmaals op de schakelaar om
de cruise control uit te schakelen.
Als de cruise control-hoofdschakelaar gedurende ten minste 1,5 seconden inge-
drukt wordt gehouden, schakelt het systeem over op de constante-snelheidsregel-
modus. (Blz. 355)
Accelereer of decelereer met
behulp van het gaspedaal naar de
gewenste rijsnelheid (ongeveer 50
km/h of hoger) en druk op de scha-
kelaar - SET om de snelheid op te
slaan.
Het controlelampje cruise control SET
gaat branden.
De rijsnelheid op het moment dat de
schakelaar wordt losgelaten, wordt de
ingestelde snelheid.
Als de schakelaar wordt bediend terwijl de rijsnelheid lager is dan ongeveer 50 km/
h en er een voorligger aanwezig is, wordt de snelheid ingesteld op ongeveer 50 km/
h.
Instellen van de rijsnelheid (afstandsregelmodus)
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 350 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
351
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Bedien, om de ingestelde snelheid te wijzigen, de schakelaar +RES of de
schakelaar -SET totdat de gewenste snelheid wordt weergegeven.
Verhogen van de snelheid
(Behalve wanneer de auto door het
systeem is stilgezet in de afstandsre-
gelmodus)
Verlagen van de snelheid
Fijnafstelling: Druk op de schakelaar.
Ruime afstelling: Houd de schakelaar
ingedrukt om de snelheid te wijzigen
en laat hem los als de gewenste snel-
heid is bereikt.
Als de afstandsregelmodus is ingeschakeld, wordt de ingestelde snelheid als
volgt verhoogd of verlaagd:
Europa
Fijnafstelling: 5 km/h (3,1 mph)*1 of 5 mph (8 km/h)*2, telkens als de schakelaar
wordt ingedrukt
Ruime afstelling: In stappen van 5 km/h (3,1 mph)*1 of 5 mph (8 km/h)*2 zolang de
schakelaar ingedrukt wordt gehouden
Behalve Europa
Fijnafstelling: 1 km/h (0,6 mph)*1 of 1 mph (1,6 km/h)*2, telkens als de schakelaar
wordt ingedrukt
Ruime afstelling: In stappen van 5 km/h (3,1 mph)*1 of 5 mph (8 km/h)*2 zolang de
schakelaar ingedrukt wordt gehouden
In de constante-snelheidsregelmodus (Blz. 355) wordt de ingestelde snel-
heid als volgt verhoogd of verlaagd:
Fijnafstelling: 1 km/h (0,6 mph)*1 of 1 mph (1,6 km/h)*2, telkens als de schakelaar
wordt ingedrukt
Ruime afstelling: Zolang de schakelaar ingedrukt wordt gehouden, wordt de snel-
heid gewijzigd.
*1: Wanneer de ingestelde snelheid wordt getoond in “km/h”
*2: Wanneer de ingestelde snelheid getoond wordt in “MPH”
Wijzigen van de ingestelde snelheid
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 351 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
352 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Door de schakelaar in te drukken
wordt de afstand tot de voorligger als
volgt gewijzigd:
Lang
Gemiddeld
Kort
De tussenafstand wordt automatisch
op lang ingesteld als het contact AAN
wordt gezet.
Als er een auto voor u rijdt, wordt het symbool voor een voorligger ook weergege-
ven.
Selecteer een afstand in de onderstaande tabel. Houd er rekening mee dat
de aangegeven afstanden overeenkomen met een rijsnelheid van 80 km/h.
De tussenafstand is afhankelijk van de rijsnelheid. Wanneer de auto wordt
stilgezet door het systeem, stopt de auto op een bepaalde tussenafstand,
afhankelijk van de situatie.
Wijzigen van de tussenafstand (afstandsregelmodus)
Symbool
voorligger
1
2
3
Instellingen tussenafstand (afstandsregelmodus)
Afstandsopties Tussenafstand
Lang Ongeveer 50 m
Gemiddeld Ongeveer 40 m
Kort Ongeveer 30 m
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 352 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
353
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Druk op de schakelaar + RES als uw
voorligger begint te rijden.
Het volgen van uw voorligger wordt
ook hervat als u het gaspedaal intrapt
wanneer uw voorligger begint te rij-
den.
Als u op de uitschakeltoets drukt,
wordt de snelheidsregeling uitge-
schakeld.
De snelheidsregeling wordt eveneens
uitgeschakeld als het rempedaal wordt
ingetrapt.
(Als de auto is stilgezet door het sys-
teem, wordt de snelheidsinstelling niet
geannuleerd als het rempedaal wordt
ingetrapt.)
Als u op de schakelaar + RES drukt, wordt de cruise control hervat en
wordt de ingestelde rijsnelheid hervat.
Wanneer er echter geen voorligger wordt gesignaleerd, wordt de cruise control niet
hervat wanneer de rijsnelheid ongeveer 40 km/h of lager is.
Hervatten van het rijden met de volgregeling als de auto is stilgezet
door het systeem (afstandsregelmodus)
Uitschakelen en hervatten van de snelheidsregeling
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 353 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
354 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Wanneer uw auto een voorligger te
dicht nadert en automatisch decelere-
ren door middel van de cruise control
niet mogelijk is, zal het scherm gaan
knipperen en een zoemer klinken om
de bestuurder te waarschuwen. Dit
kan bijvoorbeeld gebeuren als een
andere bestuurder vóór u invoegt ter-
wijl u een voorligger volgt. Trap het
rempedaal in om voldoende afstand
tot uw voorligger te houden.
Mogelijk worden geen waarschuwingen gegeven
In de volgende gevallen worden mogelijk geen waarschuwingen gegeven
als de tussenafstand klein is.
Als de snelheid van de voorligger gelijk is aan of hoger is dan de snel-
heid van uw eigen auto
Als de voorligger extreem langzaam rijdt
Direct nadat de snelheid van de cruise control is ingesteld
Bij het intrappen van het gaspedaal
Naderingswaarschuwing (afstandsregelmodus)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 354 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
355
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Wanneer de constante-snelheidsregelmodus is geselecteerd, blijft de auto
met een ingestelde snelheid rijden, zonder de tussenafstand te regelen.
Selecteer deze modus alleen wanneer de afstandsregelmodus niet goed
werkt als gevolg van een vuile radarsensor, enz.
Houd bij uitgeschakelde cruise
control de cruise control-hoofd-
schakelaar gedurende ten minste
1,5 seconden ingedrukt.
Direct nadat op de schakelaar is
gedrukt, gaat het controlelampje Dyna-
mic Radar Cruise Control branden.
Vervolgens gaat het controlelampje
cruise control branden.
Overschakelen naar de constante-snelheidsregelmodus is alleen mogelijk als de
schakelaar wordt bediend terwijl de cruise control uit staat.
Accelereer of decelereer met
behulp van het gaspedaal naar de
gewenste rijsnelheid (ongeveer 40
km/h of hoger) en druk op de scha-
kelaar - SET om de snelheid op te
slaan.
Het controlelampje cruise control SET
gaat branden.
De rijsnelheid op het moment dat de schakelaar wordt losgelaten, wordt de inge-
stelde snelheid.
Wijzigen van de ingestelde snelheid: Blz. 351
Uitschakelen en hervatten van de snelheidsregeling: Blz. 353
Selecteren van de constante-snelheidsregelmodus
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 355 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
356 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
De Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik kan worden
gebruikt als
De selectiehendel in stand D of in schakelbereik 4S of hoger staat.
De rijsnelheid is ongeveer 50 km/h of hoger. Als echter een voorligger wordt gesigna-
leerd, kan de Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik zelfs wor-
den ingeschakeld als de rijsnelheid lager is dan ongeveer 50 km/h.
Accelereren na het instellen van de rijsnelheid
Bedien het gaspedaal om te accelereren. Na het accelereren gaat de auto weer rijden
met de ingestelde snelheid. Als de afstandsregelmodus is ingeschakeld, neemt de rij-
snelheid echter mogelijk af tot onder de ingestelde snelheid, zodat de afstand tot de
voorligger gehandhaafd blijft.
Als de auto stopt tijdens rijden met de volgregeling
Door op de schakelaar + RES te drukken terwijl de voorligger stopt, wordt, als de
voorligger begint te rijden, binnen ongeveer 3 seconden nadat op de schakelaar is
gedrukt het rijden met de volgregeling hervat.
Als de voorligger binnen 3 seconden nadat uw auto is gestopt begint te rijden, wordt
het rijden met de volgregeling hervat.
Automatisch uitschakelen van de afstandsregelmodus
De afstandsregelmodus wordt automatisch uitgeschakeld in de volgende situaties:
De werkelijke rijsnelheid zakt tot ongeveer 40 km/h of lager en er worden geen voor-
liggers gesignaleerd.
De voorligger verlaat de rijstrook terwijl uw auto rijdt met een rijsnelheid van onge-
veer 40 km/h of lager. Anders kan de sensor de auto niet op de juiste manier signale-
ren. (“Radar Cruise Control Unavailable” (Dynamic Radar Cruise Control-systeem
niet beschikbaar) wordt weergegeven op het multi-informatiedisplay)
De VSC is geactiveerd.
De TRC is gedurende een bepaalde periode geactiveerd.
Wanneer de VSC of TRC wordt uitgeschakeld.
De sensor kan niet goed signaleren omdat hij ergens door bedekt is.
Pre Crash Brake-functie is geactiveerd.
De parkeerrem is geactiveerd.
De auto wordt door het systeem stilgezet op een steile helling.
Als de auto door het systeem is stilgezet, wordt het volgen van de voorligger in de
volgende gevallen niet hervat:
De bestuurder draagt geen veiligheidsgordel.
Het bestuurdersportier wordt geopend.
De auto heeft ongeveer 3 minuten stilgestaan.
Als de afstandsregelmodus om een andere dan de hierboven genoemde redenen
automatisch uitgeschakeld wordt, kan er een storing in het systeem aanwezig zijn.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 356 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
357
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Automatisch uitschakelen van de constante-snelheidsregelmodus
De constante-snelheidsregelmodus wordt automatisch uitgeschakeld in de volgende
situaties:
Actuele rijsnelheid zakt tot meer dan ongeveer 16 km/h onder de ingestelde rijsnel-
heid.
Werkelijke rijsnelheid zakt onder ongeveer 40 km/h.
De VSC is geactiveerd.
De TRC is gedurende een bepaalde periode geactiveerd.
Wanneer de VSC of TRC wordt uitgeschakeld.
Pre Crash Brake-functie is geactiveerd.
Als de constante-snelheidsregelmodus om een andere dan de hierboven genoemde
redenen automatisch uitgeschakeld wordt, kan er een storing in het systeem aanwezig
zijn. Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Geluid remsysteem
Als de remmen automatisch worden geactiveerd wanneer de auto zich in de afstands-
regelmodus bevindt, kan het geluid van een geactiveerd remsysteem hoorbaar zijn.
Dit is normaal en duidt niet op een storing.
Waarschuwingsmeldingen en zoemers voor de Dynamic Radar Cruise Control
met volledig snelheidsbereik
Waarschuwingsmeldingen en zoemers worden gebruikt om een systeemstoring aan te
geven of om de bestuurder te informeren dat hij tijdens het rijden extra moet opletten.
Lees de op het multi-informatiedisplay weergegeven waarschuwingsmelding en volg
de aanwijzingen op.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 357 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
358 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Omstandigheden waarin de sensor voorliggers mogelijk niet op de juiste manier
signaleert
Bedien in onderstaande gevallen en afhankelijk van de omstandigheden het rempe-
daal wanneer het systeem onvoldoende decelereert of bedien het gaspedaal wanneer
moet worden geaccelereerd.
Omdat de sensor deze voertuigen wellicht niet op de juiste manier signaleert, wordt er
mogelijk geen naderingswaarschuwing (Blz. 354) gegeven.
Auto's die plotseling voor u invoegen
Auto's die met lage snelheden rijden
Auto's die niet op dezelfde rijstrook rijden
Voertuigen met een relatief kleine achterzijde (aanhangwagens zonder lading, enz.)
Motorfietsen die op dezelfde rijstrook rijden
Als door omringend verkeer opgeworpen water of sneeuw de signalering door de
sensor hindert
Als de achterzijde van de auto ver ingezakt
is (omdat er zware lading in de bagage-
ruimte vervoerd wordt, enz.)
De voorligger heeft een extreem grote
bodemvrijheid
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 358 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
359
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Omstandigheden waaronder de afstandsregelmodus mogelijk niet goed werkt
Bedien indien nodig in onderstaande gevallen het rempedaal (of, afhankelijk van de
situatie, het gaspedaal).
Doordat de sensor voorliggers mogelijk niet op de juiste manier signaleert, werkt het
systeem mogelijk niet goed.
Als uw voorligger plotseling decelereert
Als u op een weg rijdt die wordt omgeven door een constructie, zoals in een tunnel of
op een ijzeren brug
Als de rijsnelheid afneemt tot de ingestelde snelheid na acceleratie van de auto door
intrappen van het gaspedaal.
Als de weg erg bochtig is of de rijstroken erg
smal zijn
Als u veelvuldig stuurcorrecties moet uitvoe-
ren of frequent van rijstrook wisselt
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 359 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
360 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Als “Exhaust Filter Full See Owner’s Manual” (Uitlaatgasfiltersysteem vol, zie
handleiding) op het multi-informatiedisplay wordt weergegeven
Deze melding wordt mogelijk weergegeven wanneer de auto tijdens het rijden zwaar
wordt belast terwijl roetdeeltjes zich ophopen.
Het vermogen van het hybridesysteem (motortoerental) wordt beperkt bij een
bepaalde hoeveelheid roetdeeltjes. Er kan echter nog met de auto worden gereden,
tenzij het motorcontrolelampje gaat branden.
Roetdeeltjes hopen zich sneller op wanneer er regelmatig korte ritten worden gere-
den met de auto, wanneer er met lage snelheden wordt gereden of als het hybride-
systeem regelmatig wordt gestart in een extreem koude omgeving. Overmatige
ophoping van roetdeeltjes kan worden voorkomen door periodiek lange afstanden te
rijden waarbij het gaspedaal af en toe wordt losgelaten, zoals bij het rijden op auto-
wegen en snelwegen.
Als het motorcontrolelampje gaat branden of “Engine Maintenance Required
Visit Your Dealer” (Motor moet worden onderhouden, ga naar uw dealer) wordt
weergegeven op het multi-informatiedisplay
De hoeveelheid opgehoopte roetdeeltjes heeft een bepaald niveau overschreden.
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/repa-
rateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
GPF-systeem (benzineroetfilter)
Het benzineroetfiltersysteem verzamelt met behulp van een uitlaatgas-
filter roetdeeltjes in de uitlaatgassen.
Het systeem werkt om het filter automatisch te regenereren, afhankelijk
van de voertuigcondities.
: Indien aanwezig
OPMERKING
Voorkomen dat het benzineroetfiltersysteem niet goed werkt
Gebruik geen andere brandstof dan het voorgeschreven type brandstof
Breng geen wijzigingen aan de uitlaatpijp aan
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 360 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
361
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
ECB (elektronisch geregeld remsysteem)
Het elektronisch geregelde remsysteem genereert remkracht overeenkom-
stig de bediening van de remmen.
ABS (antiblokkeersysteem)
Helpt het blokkeren van de wielen te voorkomen bij plotseling remmen of
remmen op een glad wegdek
Brake Assist
Zorgt voor een grotere remkracht nadat het rempedaal is ingetrapt als het
systeem oordeelt dat er sprake is van een noodstop
VSC (Vehicle Stability Control)
Helpt de bestuurder de auto onder controle te houden bij uitwijkmanoeu-
vres en het nemen van bochten op een glad wegdek.
VSC+ (Vehicle Stability Control+)
Coördineert de werking van ABS-, TRC-, VSC- en EPS-systemen.
Zorgt ervoor dat de voertuigstabiliteit behouden blijft bij uitwijkmanoeuvres
op een glad wegdek door de stuurcommando's aan te passen.
Secondary Collision Brake
Als de airbagsensor een aanrijding signaleert en het systeem in werking is,
worden de remmen en remlichten automatisch geregeld om de rijsnelheid
te verlagen en te helpen de kans op verdere schade ten gevolge van een
tweede aanrijding te verkleinen.
TRC (Traction Control)
Zorgt ervoor dat de aandrijfkracht behouden blijft en voorkomt dat de aan-
drijvende wielen gaan doorslippen bij het wegrijden met de auto of bij het
accelereren op gladde wegen
Ondersteunende systemen
Om de veiligheid en de prestaties tijdens het rijden te verbeteren is uw
auto uitgerust met de volgende systemen die automatisch in werking
treden als de omstandigheden daar om vragen. Houd er echter reke-
ning mee dat dit aanvullende systemen zijn en vertrouw niet in al te
sterke mate op deze systemen als u de auto bedient.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 361 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
362 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Hill Start Assist Control
Helpt te voorkomen dat de auto achteruit rolt bij helling op wegrijden
EPS (elektrische stuurbekrachtiging)
Maakt gebruik van een elektromotor om de benodigde kracht voor het
ronddraaien van het stuurwiel te verminderen
PCS (Pre-Crash Safety-systeem)
Blz. 320
Noodstopsignaal
Als het rempedaal plotseling wordt ingetrapt, gaan de alarmknipperlichten
automatisch knipperen om het achteropkomende verkeer te waarschu-
wen.
BSM (Blind Spot Monitor) (indien aanwezig)
Blz. 368
Het controlelampje Traction Control
knippert wanneer het TRC/VSC/ABS-
systeem in werking is.
Als het TRC/VSC/ABS-systeem in werking is
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 362 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
363
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Als u met uw auto vast komt te zitten in modder of sneeuw, kan het TRC-sys-
teem het aandrijfvermogen van het hybridesysteem naar de wielen beperken.
Als u op drukt om het systeem uit te schakelen, kunt u de auto waar-
schijnlijk gemakkelijker los krijgen door te ‘schommelen’.
Schakel het TRC-systeem uit door
snel in te drukken en weer los
te laten.
“Traction Control Turned OFF” (Trac-
tiecontrole UIT) wordt op het multi-
informatiedisplay weergegeven.
Druk nogmaals op om het sys-
teem weer in te schakelen.
Zowel TRC als VSC uitschakelen
Houd meer dan 3 seconden ingedrukt terwijl de auto stilstaat om de TRC en
VSC uit te schakelen.
Het controlelampje VSC OFF gaat branden en “Traction Control Turned OFF” (Tractie-
controle UIT) wordt op het multi-informatiedisplay weergegeven.*
Druk nogmaals op om de systemen weer in te schakelen.
*: Pre-Crash Brake Assist en het Pre-Crash Brake-systeem worden ook uitgescha-
keld. Het waarschuwingslampje PCS gaat branden en de melding wordt op het
multi-informatiedisplay weergegeven. (Blz. 329)
Wanneer de melding dat de TRC is uitgeschakeld wordt weergegeven op het
multi-informatiedisplay, zelfs al is niet ingedrukt
TRC is tijdelijk uitgeschakeld. Als de melding niet verdwijnt neem dan contact op met
een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Uitschakelen van het TRC-systeem
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 363 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
364 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Voorwaarden voor werking Hill Start Assist Control
Als aan de volgende vier voorwaarden wordt voldaan, werkt de Hill Start Assist Con-
trol:
De selectiehendel staat in een andere stand dan P of N (bij het vooruit/achteruit ber-
gop wegrijden)
De auto staat stil
Het gaspedaal wordt niet ingetrapt
De parkeerrem is niet geactiveerd
Automatisch uitschakelen van Hill Start Assist Control
De Hill Start Assist Control wordt in de volgende situaties uitgeschakeld:
De selectiehendel staat in stand P of N
Het gaspedaal wordt ingetrapt
De parkeerrem wordt geactiveerd
Er zijn maximaal 2 seconden verstreken nadat het rempedaal is losgelaten.
Bijgeluiden en trillingen die veroorzaakt worden door de ABS-, Brake Assist-,
VSC-, TRC- en Hill Start Assist Control-systemen
Het is mogelijk dat u tijdens het starten van het hybridesysteem of bij het wegrijden
een geluid in de motorruimte hoort wanneer het rempedaal herhaaldelijk wordt inge-
trapt. Dit duidt niet op een storing in een van deze systemen.
De volgende verschijnselen kunnen zich voordoen als bovenstaande systemen in
werking zijn. Geen van deze verschijnselen duidt op een storing.
Er kunnen trillingen gevoeld worden in de carrosserie en de stuurinrichting.
Nadat de auto tot stilstand is gekomen, kan het geluid van een elektromotor hoor-
baar zijn.
Werkingsgeluiden ECB
In de volgende gevallen zijn mogelijk werkingsgeluiden van de ECB te horen. Dit duidt
echter niet op een storing.
Werkingsgeluiden vanuit de motorruimte die zich voordoen wanneer het rempedaal
wordt bediend.
Wanneer het bestuurdersportier wordt geopend, kan aan de voorzijde van de auto
een geluid hoorbaar zijn dat afkomstig is van het remsysteem.
Werkingsgeluiden vanuit de motorruimte die zich voordoen wanneer nadat na het uit-
schakelen van het hybridesysteem een of twee minuten zijn verstreken.
Geluid EPS
Wanneer het stuurwiel bediend wordt, kan het geluid van een elektromotor (zoemend
geluid) hoorbaar zijn. Dit is normaal en duidt niet op een storing.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 364 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
365
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Automatisch opnieuw inschakelen van de TRC- en VSC-systemen
Als de TRC- en VSC-systemen zijn uitgeschakeld, worden deze automatisch opnieuw
ingeschakeld in de volgende situaties:
Als het contact UIT wordt gezet
Als alleen het TRC-systeem wordt uitgeschakeld, wordt de TRC weer ingeschakeld
zodra de rijsnelheid toeneemt.
Als zowel het TRC- als het VSC-systeem is uitgeschakeld, worden deze niet automa-
tisch weer ingeschakeld als de rijsnelheid toeneemt.
Werkingsvoorwaarden Secondary Collision Brake
Het systeem werkt als de airbagsensor een aanrijding signaleert terwijl de auto in
beweging is.
Het systeem werkt echter niet onder de volgende omstandigheden.
De rijsnelheid is lager dan 10 km/h.
Er zijn componenten beschadigd
Automatisch uitschakelen Secondary Collision Brake
De Secondary Collision Brake wordt in de volgende situaties automatisch uitgescha-
keld:
De rijsnelheid wordt lager dan ongeveer 10 km/h
Er verstrijkt een bepaalde tijd tijdens de werking
Het gaspedaal wordt flink ingetrapt.
Gereduceerde bekrachtiging door het EPS-systeem
De mate van bekrachtiging door het EPS-systeem wordt gereduceerd om het systeem
tegen oververhitting te beschermen als er gedurende langere tijd veel stuurbewegin-
gen worden uitgevoerd. Hierdoor kan de besturing zwaar aanvoelen. Probeer als dat
het geval is minder frequent te sturen of breng de auto tot stilstand en schakel het
hybridesysteem UIT. Het EPS-systeem moet binnen 10 minuten weer normaal wer-
ken.
Voorwaarden voor werking noodstopsignaal
Als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan, werkt het noodstopsignaal:
De alarmknipperlichten zijn uit
De werkelijke rijsnelheid is hoger dan 55 km/h
Het systeem oordeelt op basis van de deceleratie van de auto dat het om een nood-
stop gaat.
Automatisch uitschakelen van noodstopsignaal
Het noodstopsignaal wordt in de volgende situaties uitgeschakeld:
De alarmknipperlichten worden ingeschakeld
Het systeem oordeelt op basis van de deceleratie van de auto dat het niet om een
noodstop gaat
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 365 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
366 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Het ABS werkt niet effectief als
De maximale grip van de banden overschreden wordt (bijvoorbeeld versleten ban-
den op een weg die bedekt is met sneeuw).
Er sprake is van aquaplaning bij hoge snelheid op een nat of glad wegdek.
De remweg met ABS in werking kan langer zijn dan onder normale omstandig-
heden
Het ABS is niet ontworpen om de remweg van de auto te verkorten. Houd altijd vol-
doende afstand tot uw voorligger, met name in de volgende gevallen:
Als wordt gereden op wegen met grind, zand en dergelijke, of op besneeuwde
wegen
Als wordt gereden met sneeuwkettingen
Bij het rijden over oneffenheden in het wegdek
Als wordt gereden over wegen met diepe gaten of andere grote oneffenheden
De TRC/VSC werkt mogelijk niet effectief als
Het insturen van de juiste richting en het overbrengen van de aandrijfkracht kunnen
op een gladde weg niet onder alle omstandigheden gerealiseerd worden, zelfs niet
als het TRC/VSC-systeem in werking is.
Rijd voorzichtig met de auto onder omstandigheden waarbij de stabiliteit en de aan-
drijfkracht verloren kunnen gaan.
Hill Start Assist Control werkt niet effectief als
Vertrouw niet uitsluitend op de Hill Start Assist Control. De Hill Start Assist Control
werkt mogelijk niet effectief op steile hellingen en op met ijs bedekte wegen.
In tegenstelling tot de parkeerrem is de Hill Start Assist Control niet bedoeld om de
auto gedurende langere tijd op zijn plaats te houden. Gebruik de Hill Start Assist
Control niet om de auto op een helling op zijn plaats te houden omdat dat kan lei-
den tot een ongeval.
Als de TRC/het ABS/de VSC is geactiveerd
Het controlelampje Traction Control knippert. Rijd altijd voorzichtig. Roekeloos rijge-
drag kan leiden tot ongevallen. Wees bijzonder voorzichtig als het controlelampje
knippert.
Als het TRC/VSC-systeem is uitgeschakeld
Wees zeer voorzichtig en pas uw snelheid aan de conditie van het wegdek aan.
Schakel de TRC en de VSC alleen in geval van nood uit, aangezien deze systemen
zorgdragen voor de voertuigstabiliteit en het aandrijfvermogen.
Secondary Collision Brake
Vertrouw niet uitsluitend en alleen op de Secondary Collision Brake. Dit systeem is
ontworpen om te helpen de kans op verdere schade ten gevolge van een tweede
aanrijding te verkleinen, maar het effect is afhankelijk van diverse omstandigheden.
Te veel vertrouwen op het systeem kan ernstig letsel tot gevolg hebben.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 366 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
367
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Vervangen van banden
Controleer of alle banden dezelfde maat hebben, van hetzelfde merk zijn en het-
zelfde profiel en draagvermogen hebben. Controleer verder of alle banden de aan-
bevolen spanning hebben.
Het ABS-, TRC- en VSC-systeem werken niet goed als er verschillende banden
onder de auto gemonteerd zijn.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige voor meer informatie
over het vervangen van de wielen of banden.
Omgaan met banden en wielophanging
Problemen met de banden of wijzigingen aan de wielophanging hebben een negatief
effect op de ondersteunende systemen en kunnen een storing veroorzaken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 367 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
368 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
De Blind Spot Monitor is een systeem met 2 functies;
De BSM-functie (Blind Spot Monitor)
Helpt de bestuurder bij het nemen van een beslissing als van rijstrook
wordt gewisseld
De RCTA (Rear Crossing Traffic Alert)
Helpt de bestuurder bij het achteruitrijden
Deze functies maken gebruik van dezelfde sensoren.
Multi-informatiedisplay
In-/uitschakelen van de BSM-functie/RCTA. (Blz. 369)
Indicatoren in buitenspiegel
BSM-functie:
Als een auto in de dode hoek wordt gesignaleerd, gaat de indicator in de buiten-
spiegel branden als de richtingaanwijzerschakelaar niet wordt bediend en gaat de
indicator in de buitenspiegel knipperen als de richtingaanwijzerschakelaar wel
wordt bediend.
RCTA:
Wanneer een auto wordt gesignaleerd die van rechts of links achter nadert, gaan
de indicatoren in de buitenspiegels knipperen.
Controlelampje BSM/controlelampje RCTA
Als de BSM-functie/RCTA is ingeschakeld, brandt het controlelampje.
BSM (Blind Spot Monitor)
Overzicht van de Blind Spot Monitor
: Indien aanwezig
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 368 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
369
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Scherm audiosysteem (alleen RCTA)
Wanneer een auto wordt gesignaleerd die van rechts of links achter nadert, wordt
het RCTA-icoon (Blz. 382) voor de desbetreffende zijde weergegeven.
RCTA-zoemer (alleen RCTA)
Wanneer een auto wordt gesignaleerd die van rechts of links achter nadert, klinkt
een zoemer vanachter de achterstoel.
Druk op / van de bedieningstoetsen van het instrumentenpaneel en
selecteer .
Druk op / van de bedieningstoetsen van het instrumentenpaneel en
selecteer of .
Druk op van de bedieningstoets van het instrumentenpaneel.
Elke keer dat op wordt gedrukt, wisselt de functie tussen aan en
uit.
De zichtbaarheid van de indicatoren in de buitenspiegels
Mogelijk zijn de indicatoren in de buitenspiegels bij fel zonlicht niet goed te zien.
Hoorbaarheid RCTA-zoemer
De RCTA-zoemer komt mogelijk moeilijk boven harde geluiden uit, zoals wanneer het
volume van het audiosysteem hoog staat.
Wanneer “Blind Spot Monitor Unavailable” (Blind Spot Monitor niet beschikbaar)
en “Rear Cross Traffic Alert Unavailable” (Rear Cross Traffic Alert niet beschik-
baar) worden weergegeven op het multi-informatiedisplay
Er zit mogelijk ijs, sneeuw, modder, enz. rond de sensoren in de achterbumper.
(Blz. 378)
Na het verwijderen van het ijs, de sneeuw, de modder, enz. van de achterbumper moet
het systeem weer normaal gaan werken.
Ook werken de sensoren mogelijk niet normaal bij extreem warm of koud weer.
Als er een storing in de Blind Spot Monitor aanwezig is
Als er een systeemstoring wordt gesignaleerd om een van onderstaande redenen,
wordt er een waarschuwingsmelding weergegeven:
Er zit een storing in de sensoren
De sensoren zijn vuil geworden
De buitentemperatuur is zeer hoog of zeer laag
De sensorspanning is niet in orde
In-/uitschakelen van de BSM-functie/RCTA
4
5
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 369 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
370 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Verklaring bij de Blind Spot Monitor
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 370 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
371
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 371 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
372 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 372 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
373
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 373 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
374 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 374 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
375
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 375 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
376 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 376 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
377
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 377 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
378 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Omgaan met de radarsensor
In de linker- en rechterzijde van de achterbumper van de auto wordt respectievelijk
één Blind Spot Monitor-sensor geplaatst. Houd u aan het volgende om ervoor te zor-
gen dat de Blind Spot Monitor goed werkt.
Stel de sensor en de omgeving ervan op de achterbumper niet bloot aan krachtige
schokken.
Als een sensor ook maar iets wordt verplaatst, werkt het systeem mogelijk niet
goed meer en worden auto's mogelijk niet meer correct gesignaleerd.
Laat in de volgende gevallen uw auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
Een sensor of de omgeving ervan is blootgesteld aan krachtige schokken.
Als er krassen op of deuken in de omgeving van de sensor aanwezig zijn of als
een deel van de sensoren is losgekomen.
Neem de sensor niet uit elkaar.
Monteer geen accessoires op de sensor of het omliggende gebied op de bumper
en plak er geen stickers op.
Breng geen wijzigingen aan de sensor of het omliggende gebied op de bumper
aan.
Breng geen andere kleur lak dan een officiële Toyota-kleur aan op de achterbum-
per.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 378 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
379
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
De BSM maakt gebruik van radarsensoren om auto's te signaleren die in een
aangrenzende rijstrook rijden in het gebied dat meestal niet in de buitenspie-
gel is te zien (de dode hoek) en brengt de bestuurder hiervan op de hoogte
via de indicator in de buitenspiegel.
Hieronder staan de gebieden aangegeven waarin auto's kunnen worden
gesignaleerd.
Het detectiegebied reikt tot:
Ongeveer 3,5 m vanaf de zijkant
van de auto
De eerste 0,5 m vanaf de zijkant van
de auto bevindt zich buiten het detec-
tiegebied
Ongeveer 3 m achter de achter-
bumper
Ongeveer 1 m vóór de achterbum-
per
BSM-functie
Detectiegebieden BSM-functie
1
2
3
WAARSCHUWING
Waarschuwingen met betrekking tot het gebruik van het systeem
De bestuurder is zelf verantwoordelijk voor een veilig rijgedrag. Rijd altijd veilig en
houd rekening met de omgeving.
De BSM-functie is een aanvullend systeem dat de bestuurder waarschuwt voor een
auto in de dode hoek. Vertrouw niet alleen op de BSM-functie. De functie kan niet
beoordelen of u veilig van rijstrook kunt wisselen. Wanneer u alleen op de functie
vertrouwt, kunnen zich ongevallen voordoen die tot ernstig letsel kunnen leiden.
Afhankelijk van de omstandigheden werkt het systeem mogelijk niet goed. Daarom
dient de bestuurder altijd zelf visueel de veiligheid te controleren.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 379 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
380 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
De BSM-functie werkt wanneer
De BSM-functie is ingeschakeld.
De rijsnelheid hoger is dan ongeveer 16 km/h.
De BSM-functie signaleert een auto wanneer
Een auto in een aangrenzende rijstrook uw auto inhaalt.
Een andere auto binnen het detectiegebied komt wanneer deze van rijstrook wisselt.
Omstandigheden waaronder de BSM-functie een auto niet signaleert
De BSM-functie is niet ontworpen om de volgende typen voertuigen en/of objecten te
signaleren:
Kleine motorfietsen, fietsen, voetgangers, enz.*
Tegemoetkomende auto's
Vangrails, muren, bebording, geparkeerde auto's en vergelijkbare stilstaande objec-
ten*
Auto's achter u die op dezelfde rijstrook rijden*
Auto's die 2 rijstroken van uw auto verwijderd zijn*
*: Afhankelijk van de omstandigheden wordt er mogelijk een auto en/of object gesig-
naleerd.
Omstandigheden waaronder de BSM-functie mogelijk niet goed werkt
Onder de volgende omstandigheden signaleert de BSM-functie auto's mogelijk niet
correct:
Als de sensor niet goed is uitgelijnd doordat de sensor of de omgeving ervan is
blootgesteld aan hevige schokken
Onder slechte weersomstandigheden, bijvoorbeeld bij zware regenval, mist en
sneeuw
Wanneer er ijs of modder e.d. op de achterbumper zit
Bij het rijden op een nat wegdek als gevolg van regen, plassen op de weg,
sneeuw, enz.
Bij een duidelijk verschil in snelheid tussen uw auto en de auto die binnen het
detectiegebied komt
Wanneer een auto zich bij stilstand in het detectiegebied bevindt en in dat gebied
blijft wanneer uw auto accelereert
Bij het op- of afrijden van opeenvolgende steile hellingen, zoals heuvels, een
daling in de weg, enz.
Bij het rijden op wegen met scherpe bochten, opeenvolgende bochten of oneffen-
heden
Wanneer meerdere auto's naderen met slechts weinig ruimte tussen elke auto
Wanneer de rijstroken breed zijn en de auto in de volgende rijstrook te ver van uw
auto vandaan is
Wanneer de auto die binnen het detectiegebied komt met ongeveer dezelfde
snelheid rijdt als uw auto
Bij een duidelijk verschil in hoogte tussen uw auto en de auto die binnen het
detectiegebied komt
Direct nadat de BSM-functie is ingeschakeld
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 380 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
381
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Onder de volgende omstandigheden is de kans dat de BSM-functie onnodig een
auto en/of object signaleert groter:
Als de sensor niet goed is uitgelijnd doordat de sensor of de omgeving ervan is
blootgesteld aan hevige schokken
Wanneer er slechts weinig ruimte zit tussen uw auto en een vangrail, muur, enz.
Wanneer er slechts weinig ruimte zit tussen uw auto en een auto achter u
Wanneer rijstroken smal zijn en een auto die 2 rijstroken van uw auto verwijderd is
binnen het detectiegebied komt
Wanneer voorwerpen zoals een fietsendrager op de achterzijde van de auto zijn
gemonteerd
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 381 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
382 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
De RCTA werkt wanneer de achteruitversnelling is ingeschakeld. Hij kan
andere auto's signaleren die van rechts of links achter naderen. Hij maakt
gebruik van radarsensoren om de bestuurder te waarschuwen voor de aan-
wezigheid van andere auto's: de indicatoren in de buitenspiegels gaan knip-
peren en er klinkt een zoemer.
Weergave RCTA-icoon
Wanneer een auto wordt gesignaleerd die van rechts of links achter
nadert, wordt het volgende weergegeven op het scherm van het audiosys-
teem.
: Er is een storing aanwezig in de RCTA (Blz. 369)
RCTA
Naderende auto's Detectiegebieden
1 2
Toyota Parking
Assist Monitor Inhoud
Er nadert een voertuig van links of rechts achter
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 382 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
383
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Waarschuwingen met betrekking tot het gebruik van het systeem
De bestuurder is zelf verantwoordelijk voor een veilig rijgedrag. Rijd altijd veilig en
houd rekening met de omgeving.
De RCTA dient slechts ter ondersteuning, vertrouw daarom niet uitsluitend op dit
systeem. Ook bij gebruik van de RCTA dient de bestuurder altijd voorzichtig te zijn
bij het achteruitrijden. U dient als bestuurder zelf de omgeving achter uw auto visu-
eel te controleren en voordat u achteruitrijdt te controleren of zich geen voetgangers,
andere voertuigen, enz. achter de auto bevinden. Het niet in acht nemen van de
voorzorgsmaatregelen kan resulteren in ernstig letsel.
Afhankelijk van de omstandigheden werkt het systeem mogelijk niet goed. Daarom
dient de bestuurder altijd zelf visueel de veiligheid te controleren.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 383 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
384 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Hieronder staan de gebieden aangegeven waarin auto's kunnen worden
gesignaleerd.
Om ervoor te zorgen dat de bestuurder een consistente reactietijd heeft, kan
de zoemer een waarschuwing geven voor snellere auto's die verder weg zijn.
Bijvoorbeeld:
De RCTA werkt wanneer:
De RCTA is ingeschakeld.
De selectiehendel in stand R staat.
De rijsnelheid lager is dan ongeveer 8 km/h.
De rijsnelheid van de naderende auto tussen ongeveer 8 km/h en 28 km/h ligt.
Omstandigheden waaronder de RCTA een auto niet signaleert
De RCTA is niet ontworpen om de volgende typen voertuigen en/of objecten te signa-
leren:
Kleine motorfietsen, fietsen, voetgangers, enz.*
Voertuigen die van direct achter de auto naderen
Vangrails, muren, bebording, geparkeerde auto's en vergelijkbare stilstaande objec-
ten*
Voertuigen die van de auto af bewegen
Voertuigen die naderen vanuit parkeerruimtes naast uw auto*
Voertuigen die achteruit inparkeren in de parkeerruimtes naast uw auto*
*: Afhankelijk van de omstandigheden wordt er mogelijk een auto en/of object gesig-
naleerd.
Detectiegebieden RCTA
Naderende auto Snelheid Afstand
waarschuwing
(bij benadering)
Snel 28 km/h 20 m
Langzaam 8 km/h 5,5 m
1
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 384 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
385
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Omstandigheden waaronder de RCTA mogelijk niet goed werkt
De RCTA-functie signaleert andere auto's mogelijk niet goed onder de volgende
omstandigheden:
Als de sensor niet goed is uitgelijnd doordat de sensor of de omgeving ervan is
blootgesteld aan hevige schokken
Wanneer er ijs of modder e.d. op de achterbumper zit
Onder slechte weersomstandigheden, bijvoorbeeld bij zware regenval, mist en
sneeuw
Wanneer er continu meerdere auto's naderen
Parkeren onder een kleine hoek
Wanneer een auto met hoge snelheid nadert
Bij het parkeren op een steile helling, zoals op een heuvel, een daling in de weg,
enz.
Direct nadat de RCTA is ingeschakeld
Direct nadat het hybridesysteem is gestart terwijl de RCTA is ingeschakeld
Wanneer voorwerpen zoals een fietsendrager op de achterzijde van de auto zijn
gemonteerd
Onder de volgende omstandigheden is de kans dat de RCTA onnodig een auto en/of
object signaleert groter:
Wanneer een voertuig uw auto van opzij passeert
Wanneer de afstand tussen uw auto en metalen objecten, zoals een vangrail,
muur, verkeersbord of geparkeerde auto, die mogelijk elektrische golven richting
de achterzijde van de auto reflecteren, kort is
De helderheid van de indicatoren in de buitenspiegels en het volume van de
RCTA-zoemer kunnen worden gewijzigd via (Blz. 148) op het multi-
informatiedisplay.
Voertuigen die niet kunnen worden waar-
genomen door de sensoren als gevolg
van obstakels
Wanneer de parkeerplaats uitkijkt op een
straat en er auto's over die straat rijden
Wijzigen van de instellingen voor de indicatoren in de buitenspiegels
en de RCTA-zoemer
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 385 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
386 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Hoeksensoren voor
Binnenste sensoren voor
(indien aanwezig)
Hoeksensoren achter
Binnenste sensoren achter
(indien aanwezig)
Druk op / van de bedie-
ningstoetsen van het instrumen-
tenpaneel en selecteer .
Druk op / van de bedie-
ningstoetsen van het instrumen-
tenpaneel en selecteer .
Druk op van de bedie-
ningstoets van het instrumenten-
paneel.
Elke keer dat op wordt gedrukt, wisselt de functie tussen aan en
uit.
Als de schakelaar aan is, gaat het controlelampje branden om de bestuurder
te informeren dat het systeem geactiveerd is.
Toyota Parking Assist-sensor
De afstand van uw auto tot stilstaande objecten bij het fileparkeren en
achteruit inparkeren in een garage wordt gemeten door sensoren en
wordt doorgegeven via de displays en een zoemer. Controleer bij
gebruik van dit systeem ook altijd zelf de omgeving.
Soorten sensoren
1
2
3
4
Toyota Parking Assist-sensor in-/uitschakelen
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 386 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
387
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Wanneer de sensoren een object signaleren, wordt de bestuurder door mid-
del van de volgende displays geïnformeerd over de positie en afstand tot het
object.
De getoonde afbeelding dient slechts als voorbeeld en verschilt mogelijk van
het werkelijke beeld op het multi-informatiedisplay.
Multi-informatiedisplay
Werking hoeksensor voor
Werking binnenste sensor voor
(indien aanwezig)
Werking hoeksensor achter
Werking binnenste sensor ach-
ter (indien aanwezig)
Scherm audiosysteem
Toyota Parking Assist-sensor
Wanneer de auto achteruitrijdt.
Bij detectie van een object ver-
schijnt er in het bovenste deel van
het scherm een vereenvoudigde
weergave.
Uitschakelen van het geluid van de zoemer
Dempen van het geluid van de zoemer
De zoemer kan tijdelijk worden gedempt door op van de bedieningstoetsen
van het instrumentenpaneel te drukken terwijl een objectdetectiedisplay wordt weer-
gegeven op het multi-informatiedisplay.
Weer inschakelen van het geluid
Het dempen wordt in de volgende situaties automatisch geannuleerd:
Als de selectiehendel in een andere stand wordt gezet
Als de rijsnelheid 10 km/h of hoger wordt terwijl de selectiehendel in stand D staat
Als de Toyota Parking Assist-sensor eenmaal wordt uitgeschakeld en weer wordt
ingeschakeld
Als het contact eenmaal UIT en weer AAN wordt gezet
Wanneer een sensor defect is
Weergave
1
2
3
4
1
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 387 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
388 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Weergave afstand
Sensoren die een object signaleren, branden continu of knipperen.
*: De afbeeldingen wijken mogelijk af van de getoonde afbeeldingen. (Blz. 387)
Weergave sensorsignalering, afstand tot object
Multi-informatie-
display*
Hulpdisplay Globale afstand tot object
Toyota Parking
Assist Monitor
Binnenste
sensoren voor en
achter
(indien aanwezig)
Hoeksensoren
voor en achter
(continu) (langzaam knip-
peren)
Ver
weg
Dichtbij
Binnenste sen-
sor voor:
100 cm -
60 cm
Binnenste sen-
sor achter:
150 cm -
60 cm
(continu) (knipperen)
60 cm - 45 cm 60 cm - 45 cm
(continu) (snel
knipperen)
45 cm - 35 cm 45 cm - 35 cm
(knipperen) (continu)
Minder dan
35 cm Minder dan
35 cm
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 388 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
389
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Werking zoemer en afstand tot een object
Een zoemer klinkt als de sensoren in werking zijn.
De geluidssignalen volgen elkaar sneller op naarmate de auto dichter
bij het object komt.
Als de auto het object genaderd is tot de volgende afstand, klinkt er een
continu geluidssignaal: ongeveer 35 cm.
Als er gelijktijdig 2 of meer objecten worden gesignaleerd, reageert het
zoemersysteem op het dichtstbijzijnde object. Als een of beide obsta-
kels dichter bij de auto komen dan hierboven vermeld staat, klinkt er
een langdurig piepsignaal, gevolgd door elkaar snel opvolgende piep-
signalen.
Ongeveer 100 cm (indien aanwe-
zig)
Ongeveer 150 cm (indien aanwe-
zig)
Ongeveer 60 cm
Het schema toont het detectiebereik
van de sensoren. Houd er rekening
mee dat de sensoren geen objecten
kunnen signaleren die zich extreem
dicht bij de auto bevinden.
Het bereik van de sensoren kan ver-
schillend zijn, afhankelijk van bijvoor-
beeld de vorm van het object.
Het volume van de zoemer kan worden gewijzigd via het multi-informatiedis-
play (Blz. 148) als het contact AAN staat.
Detectiebereik van de sensoren
1
2
3
Het geluidsvolume van de zoemer wijzigen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 389 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
390 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
De Toyota Parking Assist-sensor kan worden gebruikt als
Hoeksensoren voor:
Het contact AAN staat.
De selectiehendel in een andere stand dan P staat.
De rijsnelheid lager is dan ongeveer 10 km/h.
Binnenste sensoren voor (indien aanwezig):
Het contact AAN staat.
De selectiehendel in een andere stand dan P of R staat.
De rijsnelheid lager is dan ongeveer 10 km/h.
Hoeksensoren achter:
Het contact AAN staat.
De selectiehendel in stand R staat.
De rijsnelheid lager is dan ongeveer 10 km/h.
Binnenste sensoren achter (indien aanwezig):
Het contact AAN staat.
De selectiehendel in stand R staat.
De rijsnelheid lager is dan ongeveer 10 km/h.
Weergave Toyota Parking Assist-sensor
Wanneer er een object wordt gesignaleerd als de Toyota Parking Assist Monitor in
werking is, verschijnt er een waarschuwing in het bovenste deel van het scherm, zelfs
als de weergave is uitgeschakeld.
Detectie-informatie sensoren
Het detectiegebied van de sensoren is beperkt tot het gebied rond de bumper van de
auto.
Afhankelijk van de vorm van het object en andere factoren kan de detectieafstand
korter worden of kan detectie niet mogelijk zijn.
Mogelijk worden objecten niet gesignaleerd als deze zich te dicht bij de sensor bevin-
den.
Tussen het signaleren van een object en de weergave zit een kleine vertraging. Zelfs
als er met lage snelheid wordt gereden, bestaat de mogelijkheid dat het object bin-
nen het detectiegebied van de sensoren komt voordat het display wordt weergege-
ven en het waarschuwingssignaal hoorbaar is.
Smalle paaltjes of objecten die lager zijn dan de sensor worden mogelijk niet gesig-
naleerd wanneer u ze nadert, zelfs als ze eenmaal zijn gesignaleerd.
Het kan moeilijk zijn om de geluidssignalen te horen als de audio-installatie hard
staat of als de luchtcirculatie van de airconditioning veel geluid produceert.
Als “Parking Assist Unavailable Please Clean Parking Assist Sensor” (Parking
Assist niet beschikbaar, reinig Parking Assist-sensor) wordt weergegeven op het
multi-informatiedisplay
Mogelijk is een sensor vuil of bedekt met sneeuw of ijs. Wanneer dit in zo'n geval van
de sensor wordt verwijderd, moet het systeem weer normaal werken.
Ook kan het gebeuren dat er een storing wordt weergegeven of een object niet wordt
gesignaleerd doordat de sensor bij lage buitentemperaturen is bevroren. Als de sensor
is ontdooid, moet het systeem weer normaal werken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 390 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
391
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Als “Parking Assist Unavailable” (Parking Assist niet beschikbaar) wordt weer-
gegeven op het multi-informatiedisplay
Er kan continu water over de sensor stromen, zoals bij zware regenval. Als het sys-
teem signaleert dat de toestand weer normaal is, zal het systeem weer normaal wer-
ken.
WAARSCHUWING
Bij gebruik van de Toyota Parking Assist-sensor
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Anders kan een ongeval het gevolg zijn.
Rijd als het systeem is ingeschakeld niet harder dan 10 km/h.
Het detectiegebied van de sensoren en de reactietijden zijn beperkt. Controleer tij-
dens het voor- of achteruitrijden of de omgeving (vooral naast de auto) veilig is en
rijd langzaam. Regel de snelheid met het rempedaal.
Monteer geen accessoires binnen de detectiegebieden van de sensoren.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 391 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
392 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Sensoren
De staat van de auto en de omgeving kunnen van invloed zijn op de capaciteit van
de sensor om een object correct te signaleren. Specifieke situaties waarin dit voor
kan komen ziet u hieronder.
Er zit vuil, sneeuw of ijs op de sensor. (Het reinigen van de sensoren zal het pro-
bleem oplossen.)
De sensor is bevroren. (Het ontdooien van de sensor zal het probleem oplossen.)
Vooral bij lage buitentemperaturen kan het gebeuren dat er ten gevolge van een
bevroren sensor een abnormaal beeld te zien is op het display of dat objecten niet
worden gesignaleerd.
De sensor is op een of andere manier afgedekt.
De auto helt sterk over naar één zijde.
De auto rijdt op een bijzonder hobbelige weg, op een helling, op grind of op gras.
Er is veel omgevingslawaai rond de auto van claxons, motorfietsmotoren, lucht-
remmen van vrachtwagens of andere geluidsbronnen die ultrasone geluidsgolven
produceren.
Er is een andere auto uitgerust met Parking Assist-sensoren in de nabije omge-
ving.
De sensor is bedekt met een laklaag of een overvloedige hoeveelheid regenwater.
De sensor wordt doornat als gevolg van een overstroomde weg.
De auto is uitgerust met een staafantenne of een draadloze antenne.
Er zijn sleepogen geplaatst.
Als de bumper of sensor een sterke schok ondergaat.
De auto nadert een hoge of gebogen stoeprand.
Het detectiegebied wordt verkleind als gevolg van een object, zoals een verkeers-
bord.
In fel zonlicht of zeer koud weer.
Objecten direct onder de bumper worden niet waargenomen.
Als het object zich te dicht bij de sensor bevindt.
Als een niet-originele Toyota-wielophanging (bijvoorbeeld verlaagde wielop-
hanging) is gemonteerd.
Er is een kentekenplaat met achtergrondverlichting gemonteerd.
Naast bovenstaande voorbeelden zijn er situaties waarin verkeersborden en andere
objecten vanwege hun vorm door de sensor dichterbij worden gezien dan ze in wer-
kelijkheid zijn.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 392 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
393
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Objecten die mogelijk niet goed worden gesignaleerd
Door de vorm van het object kan een sensor het mogelijk niet signaleren. Let goed
op bij de volgende objecten:
Kabels, hekken, touwen, enz.
Katoen, sneeuw en andere materialen die geluidsgolven absorberen
Zeer hoekige objecten
Lage objecten
Hoge obstakels waarbij het bovenste deel uitsteekt in de richting van uw auto
Mogelijk worden mensen die bepaalde soorten kleding dragen niet gesignaleerd.
OPMERKING
Als de Toyota Parking Assist-sensor in gebruik is
In de volgende gevallen werkt het systeem mogelijk niet goed als gevolg van een
storing in een sensor, enz. Laat de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige.
Het bedieningsdisplay van de Toyota Parking Assist-sensor knippert en er klinkt
een zoemer terwijl er geen object is gesignaleerd.
Als het gedeelte rond de sensor in aanraking komt met iets of wordt blootgesteld
aan een krachtige schok.
Als de bumper ergens tegenaan komt.
Als het display continu te zien is en er geen piepsignaal klinkt, behalve wanneer
het volume van de zoemer is gedempt.
Controleer eerst de sensor als er een weergavefout optreedt.
Als de fout zich voordoet terwijl er geen ijs, sneeuw of modder op de sensor zit, is
de sensor waarschijnlijk defect.
Opmerkingen bij het wassen van de auto
Stel de omgeving van de sensoren niet bloot aan sterke waterstralen of stoom.
Anders kan de sensor defect raken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 393 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
394 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Het systeem werkt in situaties zoals hieronder aangegeven wanneer in de rij-
richting van de auto een obstakel wordt gesignaleerd.
Er wordt langzaam gereden en het rempedaal wordt niet of te laat
ingetrapt
Intelligent Clearance Sonar-systeem (ICS)
Wanneer zich bij het parkeren of het rijden met een lage snelheid moge-
lijk een aanrijding met een obstakel zal voordoen als de auto plotseling
naar voren beweegt doordat het gaspedaal per ongeluk wordt inge-
trapt, of wanneer de auto de verkeerde kant op rijdt doordat de ver-
keerde schakelstand wordt geselecteerd, signaleren de sensoren
obstakels in de rijrichting van de auto en werkt het systeem om de
gevolgen van een aanrijding met obstakels zoals een muur zo veel
mogelijk te beperken.
Voorbeelden van de werking van het systeem
: Indien aanwezig
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 394 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
395
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Wanneer het gaspedaal diep wordt ingetrapt
Wanneer de auto de verkeerde kant op rijdt doordat de verkeerde
schakelstand is geselecteerd
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 395 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
396 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Als de radarsensor een auto signaleert die van rechts of links achter nadert
en zich een aanrijding hiermee zou kunnen voordoen, activeert deze functie
de remmen om de kans op een aanrijding met de naderende auto te verklei-
nen.
Voorbeelden van de werking van het systeem
Het systeem werkt in situaties zoals hieronder aangegeven wanneer in de
rijrichting van de auto een obstakel wordt gesignaleerd.
Bij het achteruitrijden nadert een auto en het rempedaal wordt niet of
te laat ingetrapt
Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 396 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
397
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Hoeksensoren voor
Binnenste sensoren voor
Hoeksensoren achter
Binnenste sensoren achter
Druk op / van de bedie-
ningstoetsen van het instrumen-
tenpaneel en selecteer .
Druk op / van de bedie-
ningstoetsen van het instrumen-
tenpaneel en selecteer .
Druk op van de bedie-
ningstoets van het instrumenten-
paneel.
Selecteer “Yes” (ja) en druk op .
Wanneer het Intelligent Clearance Sonar-systeem wordt uitgeschakeld, gaat het
controlelampje ICS OFF branden.
Als het systeem is uitgeschakeld en u het weer wilt inschakelen, selecteer dan
op het multi-informatiedisplay, selecteer en vervolgens “On” (aan). Als het sys-
teem door middel van deze methode is uitgeschakeld, wordt het niet automatisch
weer ingeschakeld nadat het contact UIT en weer AAN is gezet.
Soorten sensoren
1
2
3
4
In-/uitschakelen van het Intelligent Clearance Sonar-systeem
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 397 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
398 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Als de begrenzingsregeling van het hybridesysteem of de remregeling in wer-
king is, klinkt een zoemer en wordt een melding weergegeven op het multi-
informatiedisplay om de bestuurder te waarschuwen.
Afhankelijk van de situatie werkt de begrenzingsregeling van het hybridesysteem
om hetzij de acceleratie te begrenzen hetzij het vermogen zo veel mogelijk te
beperken.
Als de Intelligent Clearance Sonar-functie signaleert dat er een risico op een
aanrijding met een obstakel bestaat, wordt het vermogen van het hybridesys-
teem verminderd om een toename van de rijsnelheid te beperken. (Begren-
zingsregeling hybridesysteem: zie A hieronder.)
Bovendien treedt wanneer u het gaspedaal ingetrapt blijft houden automa-
tisch het remsysteem in werking om de rijsnelheid te verlagen. (Remregeling:
zie B hieronder.)
Weergaven en zoemers voor begrenzingsregeling hybridesysteem
en remregeling
Regeling Situatie Multi-informatiedis-
play
Controle-
lampje
ICS OFF Zoemer
De begrenzingsre-
geling van het
hybridesysteem is
in werking (begren-
zing acceleratie)
Er kan niet sneller
dan een bepaalde
waarde worden
geaccelereerd.
“Object Detected
Ahead Speed
Reduced” (Object
voor de auto
gesignaleerd,
snelheid
begrensd)
Brandt
niet Kort
piepsig-
naal
De begrenzingsre-
geling van het
hybridesysteem is
in werking (vermo-
gen zo veel moge-
lijk beperkt)
Er moet harder dan
normaal worden
geremd. “Brake!” (Rem-
men!)
De remregeling is
in werking Noodstop noodza-
kelijk.
Auto tot stilstand
gebracht door de
werking van het
systeem
De auto is tot stil-
stand gebracht
door de remrege-
ling.
“Switch to Brake”
(Trap het rempe-
daal in) Brandt
Intelligent Clearance Sonar-functie
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 398 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
399
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Aan
Uit
Tijd
Omlaag
Aan
Uit
Tijd
Aan
Uit
Tijd
Omlaag
Omhoog
Gaspedaal
Rempedaal
Vermogen hybridesysteem
Remkracht
Start regeling
Grote kans op aanrijding
Zeer grote kans op aanrijding
1
2
3
4
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 399 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
400 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Voorwaarden voor de werking van de Intelligent Clearance Sonar-functie
De functie werkt als het controlelampje ICS OFF niet brandt of knippert (Blz. 397,
404) en aan alle onderstaande voorwaarden wordt voldaan:
Begrenzingsregeling hybridesysteem
Het Intelligent Clearance Sonar-systeem is ingeschakeld.
De rijsnelheid is 15 km/h of lager.
Er bevindt zich een obstakel in de rijrichting van de auto, op een afstand van 2 tot
4 m.
Het systeem stelt vast dat er harder dan normaal moet worden geremd om een
aanrijding te voorkomen.
Remregeling
De begrenzingsregeling van het hybridesysteem is in werking.
Het systeem stelt vast dat een noodstop noodzakelijk is om een aanrijding te
voorkomen.
Voorwaarden voor het stoppen van de werking van de Intelligent Clearance
Sonar-functie
De werking van de functie stopt als aan één van de volgende voorwaarden wordt vol-
daan:
Begrenzingsregeling hybridesysteem
Het Intelligent Clearance Sonar-systeem is uitgeschakeld.
De aanrijding kan worden voorkomen met normaal remmen.
Het obstakel bevindt zich niet langer op een afstand van 2 tot 4 m in de rijrichting
van de auto.
Remregeling
Het Intelligent Clearance Sonar-systeem is uitgeschakeld.
Er zijn ongeveer 2 seconden verstreken nadat de auto door de remregeling tot
stilstand is gebracht.
Het rempedaal wordt ingetrapt nadat de auto tot stilstand is gebracht door de rem-
regeling.
Het obstakel bevindt zich niet langer op een afstand van 2 tot 4 m in de rijrichting
van de auto.
Detectiebereik van de Intelligent Clearance Sonar-functie
Het detectiebereik van de Intelligent Clearance Sonar-functie verschilt van dat van de
Toyota Parking Assist-sensor. (Blz. 389)
Daardoor wordt de Intelligent Clearance Sonar-functie mogelijk niet geactiveerd, ook
al signaleert de Toyota Parking Assist-sensor een obstakel en wordt er een waarschu-
wing gegeven.
Als de Intelligent Clearance Sonar-functie in werking is geweest
Als de auto is stilgezet door de werking van de Intelligent Clearance Sonar-functie,
wordt het Intelligent Clearance Sonar-systeem uitgeschakeld en gaat het controle-
lampje ICS OFF branden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 400 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
401
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Weer inschakelen van het Intelligent Clearance Sonar-systeem
Wanneer het Intelligent Clearance Sonar-systeem is uitgeschakeld door de werking
van de Intelligent Clearance Sonar-functie, kunt u zelf het systeem weer inschakelen
(Blz. 397) of het contact UIT en vervolgens weer AAN zetten.
Het systeem wordt automatisch weer ingeschakeld als het obstakel zich niet langer in
de rijrichting van de auto bevindt of als de auto van rijrichting verandert (bijvoorbeeld
achteruit in plaats van vooruit of andersom).
Objecten die de Intelligent Clearance Sonar-functie mogelijk niet signaleert
Het kan voorkomen dat de sensoren bepaalde obstakels niet signaleren, zoals de vol-
gende obstakels:
Katoen, sneeuw of andere materialen die ultrasoongolven slecht weerkaatsen.
(Mensen die bepaalde soorten kleding dragen, worden mogelijk niet gesignaleerd.)
Objecten die niet loodrecht op de grond staan, objecten die niet in een rechte hoek
ten opzichte van de rijrichting van de auto staan en ongelijkmatige of golvende objec-
ten.
Lage objecten
Dunne objecten zoals draden, hekken, touwen en palen van verkeersborden
Objecten die zich extreem dicht bij de bumper bevinden
Situaties waarin de Intelligent Clearance Sonar mogelijk niet goed werkt
Als de selectiehendel in stand N staat.
Zoemer Toyota Parking Assist-sensor
Als, ongeacht of het Toyota Parking Assist Sensor-systeem is ingeschakeld of niet
(Blz. 386), het Intelligent Clearance Sonar-systeem is ingeschakeld (Blz. 397) en
de sensoren voor en achter een obstakel signaleren en de remregeling wordt uitge-
voerd, klinkt de zoemer van het Toyota Parking Assist Sensor-systeem om de
geschatte afstand tot het obstakel aan te geven.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 401 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
402 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Omstandigheden waaronder de Intelligent Clearance Sonar-functie mogelijk
werkt, zelfs als er geen kans op een aanrijding is
Onder sommige omstandigheden, zoals de onderstaande, werkt de Intelligent Clear-
ance Sonar-functie mogelijk zelfs als er geen kans op een aanrijding is.
Omgeving van de auto
Wanneer richting een spandoek of vlag, een laaghangende tak of een slagboom
(zoals wordt gebruikt bij spoorwegovergangen, tolpoortjes en parkeerplaatsen)
wordt gereden
Bij het rijden op een smalle rijbaan omringd door een constructie, zoals een tunnel
of een stalen brug
Bij fileparkeren
Bij een groef of gat in het wegdek
Wanneer de auto over een metalen afdekking (rooster) rijdt, zoals gebruikt boven
afvoergoten
Bij het rijden op een steile helling
Als een sensor wordt geraakt door een grote hoeveelheid water, zoals bij het rij-
den op een overstroomde weg
Weer
Als een sensor is bedekt met bijvoorbeeld ijs, sneeuw of vuil (nadat de sensor is
schoongemaakt, zal het systeem weer normaal werken)
Bij zware regenval of als er veel water op een sensor terechtkomt
Bij het rijden onder barre weersomstandigheden, bijvoorbeeld bij mist, sneeuw of
een zandstorm
Andere bronnen van ultrasoongolven
Wanneer in de omgeving van de auto ultrasoongolven worden geproduceerd door
claxons, voertuigdetectiesystemen, motorfietsmotoren, luchtremmen van vracht-
wagens, sonarsystemen van andere auto's of andere bronnen.
Als een sticker of een elektronisch onderdeel zoals een kentekenplaat met achter-
grondverlichting (met name fluorescerende), een mistlamp, een spatbordantenne
of een draadloze antenne in de buurt van een van de sensoren is geplaatst
Wanneer op een smalle weg wordt gere-
den
Wanneer op een grindweg of in een
omgeving met hoog gras wordt gereden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 402 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
403
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Wijzigingen in de stand van de auto ten opzichte van de weg
Als de auto sterk naar één kant helt
Als de voorzijde van de auto omhoog of omlaag staat door de belading van de
auto
Als de stand van een sensor is gewijzigd door een aanrijding o.i.d.
Als de Intelligent Clearance Sonar-functie onnodig wordt geactiveerd, bijvoor-
beeld op een spoorwegovergang
Zelfs in het onwaarschijnlijke geval dat het Intelligent Clearance Sonar-systeem onno-
dig in werking treedt op een spoorwegovergang e.d., wordt de remregeling na onge-
veer 2 seconden uitgeschakeld, zodat u verder kunt rijden en de plek kunt verlaten. De
remregeling kan ook worden geannuleerd door het rempedaal in te trappen. Wanneer
u het gaspedaal weer intrapt, kunt u weer verder rijden en de plek verlaten.
Omstandigheden waaronder de remfunctie van het Intelligent Clearance Sonar-
systeem mogelijk niet goed werkt
Onder sommige omstandigheden, zoals de onderstaande, werkt deze functie mogelijk
niet goed.
Weer
Als een sensor is bedekt met bijvoorbeeld ijs, sneeuw of vuil (nadat de sensor is
schoongemaakt, zal het systeem weer normaal werken)
Bij zware regenval of als er veel water op een sensor terechtkomt
Bij het rijden onder barre weersomstandigheden, bijvoorbeeld bij mist, sneeuw of
een zandstorm
Omgeving van de auto
Wanneer zich tussen de auto en een gesignaleerd obstakel een object bevindt dat
niet kan worden gesignaleerd
Als een object zoals een auto, motorfiets, fiets of voetganger voor de auto langs
komt of plotseling van opzij opduikt.
Wanneer een sensor of de omgeving van
een sensor zeer heet of koud is
Wanneer het stevig waait
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 403 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
404 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Andere bronnen van ultrasoongolven
Wanneer in de omgeving van de auto ultrasoongolven worden geproduceerd door
claxons, voertuigdetectiesystemen, motorfietsmotoren, luchtremmen van vracht-
wagens, sonarsystemen van andere auto's of andere bronnen.
Als een sticker of een elektronisch onderdeel zoals een kentekenplaat met achter-
grondverlichting (met name fluorescerende), een mistlamp, een spatbordantenne
of een draadloze antenne in de buurt van een van de sensoren is geplaatst
Wijzigingen in de stand van de auto ten opzichte van de weg
Als de auto sterk naar één kant helt
Als de voorzijde van de auto omhoog of omlaag staat door de belading van de
auto
Als de stand van een sensor is gewijzigd door een aanrijding o.i.d.
Als een accuklem is losgenomen en weer is aangesloten
Het systeem moet worden geïnitialiseerd.
Rijd om het systeem te initialiseren gedurende ten minste 5 seconden recht vooruit
met een snelheid van ongeveer 35 km/h of hoger.
Wanneer “PKSB Unavailable” (PKSB niet beschikbaar) op het multi-informatie-
display wordt weergegeven en het controlelampje ICS OFF knippert
Mogelijk is het systeem na het losnemen en weer aansluiten van een accuklem niet
geïnitialiseerd. Initialiseer het systeem. (Blz. 404)
Als deze melding na de initialisatie nog steeds wordt weergegeven, laat de auto dan
controleren door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Wanneer “PKSB Unavailable” (PKSB niet beschikbaar) en “Parking Assist
Unavailable Please Clean Parking Assist Sensor” (Parking Assist niet beschik-
baar, reinig Parking Assist-sensor) op het multi-informatiedisplay worden weer-
gegeven en het controlelampje ICS OFF knippert
Mogelijk is een van de sensoren bedekt met bijvoorbeeld ijs, sneeuw of vuil. Verwij-
der dit dan van de sensor om te zorgen dat het systeem weer normaal werkt. Laat de
auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als deze melding ook na het
verwijderen van het vuil van de sensor wordt weergegeven of wordt weergegeven
wanneer de sensor helemaal niet vuil was.
Mogelijk is een van de sensoren bevroren. Zodra het ijs smelt, zal het systeem weer
normaal werken.
Er kan continu water over de sensor stromen, zoals bij zware regenval. Als het sys-
teem signaleert dat de toestand weer normaal is, zal het systeem weer normaal wer-
ken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 404 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
405
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
WAARSCHUWING
Beperkingen van het Intelligent Clearance Sonar-systeem
Vertrouw niet blindelings op het systeem, omdat dit kan leiden tot een ongeval.
De bestuurder is zelf verantwoordelijk voor een veilig rijgedrag. Rijd altijd voorzich-
tig en houd rekening met de omgeving. Het Intelligent Clearance Sonar-systeem is
ontworpen om te helpen de ernst van een aanrijding te verminderen. Onder som-
mige omstandigheden is het echter mogelijk dat het systeem niet werkt.
Het Intelligent Clearance Sonar-systeem is niet ontworpen om de auto volledig tot
stilstand te brengen. Bovendien is het, zelfs wanneer het systeem de auto tot stil-
stand heeft gebracht, noodzakelijk om onmiddellijk het rempedaal in te trappen,
omdat de remregeling na ongeveer 2 seconden wordt uitgeschakeld.
Om ervoor te zorgen dat het Intelligent Clearance Sonar-systeem goed werkt
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen met betrekking tot de sensoren in acht
(Blz. 397). Het niet in acht nemen van de voorschriften kan er toe leiden dat een
sensor niet goed werkt, waardoor een ongeval kan ontstaan.
Wijzig, demonteer of spuit de sensoren niet.
Vervang een defecte sensor uitsluitend door een originele sensor.
Stel een sensor en zijn omgeving niet bloot aan krachtige schokken.
Beschadig de sensoren niet en houd ze altijd schoon.
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen met betrekking tot de radarsensoren in
acht (Blz. 378). Het niet in acht nemen van de voorschriften kan er toe leiden dat
een radarsensor niet goed werkt, waardoor een ongeval kan ontstaan.
Wijzig, demonteer of spuit de sensoren niet.
Vervang een radarsensor uitsluitend door een originele sensor.
Stel een radarsensor en zijn omgeving niet bloot aan krachtige schokken.
Voorkom dat de radarsensoren beschadigd raken en houd de radarsensoren en
hun omgeving op de bumper te allen tijde schoon.
Omgaan met de wielophanging
Breng geen wijzigingen aan de wielophanging aan, aangezien veranderingen in de
wagenhoogte of de hellingshoek van de auto ervoor kunnen zorgen dat de sensoren
objecten niet juist signaleren, dat het systeem niet werkt of dat het systeem onnodig
werkt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 405 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
406 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Voorkomen van storingen in de werking van het systeem
Wanneer het gebied rondom een sensor wordt blootgesteld aan een krachtige
schok, werkt het systeem mogelijk niet goed meer doordat de sensor niet goed
meer is uitgelijnd. Laat de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of herstel-
ler/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskun-
dige.
Spuit bij het wassen van de auto met een hogedrukreiniger niet rechtstreeks op de
sensoren, omdat dit er toe kan leiden dat een sensor niet meer goed werkt.
Richt bij het wassen van de auto met stoom de stoom niet rechtstreeks op de sen-
soren, omdat dit er toe kan leiden dat een sensor niet meer goed werkt.
Voorkomen van storingen in de werking van een radarsensor
Wanneer het gebied rondom een radarsensor wordt blootgesteld aan een krach-
tige schok, werkt het systeem mogelijk niet goed meer doordat de sensor niet goed
meer werkt. Laat de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Neem de voorzorgsmaatregelen met betrekking tot het omgaan met de radarsen-
sor in acht. (Blz. 378)
Voorkomen van het onnodig in werking treden van het Intelligent Clearance
Sonar-systeem
Schakel in de onderstaande situaties het Intelligent Clearance Sonar-systeem uit,
omdat het systeem anders mogelijk zelfs werkt als er geen kans op een aanrijding is.
Bij een controle van de auto op een rollenbank o.i.d.
Wanneer de auto op een schip, vrachtwagen of ander transportmiddel wordt gela-
den
Als de wielophanging is gewijzigd of als er een andere maat banden dan voorge-
schreven is gemonteerd
Als de voorzijde van de auto omhoog of omlaag staat door de belading van de auto
Als er uitrusting die een sensor kan hinderen, zoals een sleepoog, bumperbescher-
mer (een extra beschermstrip, enz.), fietsendrager of sneeuwploeg, is geplaatst
Bij het wassen van de auto in een wasstraat
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 406 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
407
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Als de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie signaleert dat er een risico
op een aanrijding met een naderende auto bestaat, wordt het vermogen van
het hybridesysteem verminderd om een toename van de rijsnelheid te beper-
ken. (Begrenzingsregeling hybridesysteem: zie A hieronder.)
Bovendien treedt wanneer u het gaspedaal ingetrapt blijft houden automa-
tisch het remsysteem in werking om de rijsnelheid te verlagen. (Remregeling:
zie B hieronder.)
Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 407 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
408 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Aan
Uit
Tijd
Omlaag
Aan
Uit
Tijd
Aan
Uit
Tijd
Omlaag
Omhoog
Gaspedaal
Rempedaal
Vermogen hybridesysteem
Remkracht
Start regeling
Grote kans op aanrijding
Zeer grote kans op aanrijding
1
2
3
4
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 408 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
409
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Voorwaarden voor de werking van de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie
De functie werkt als het controlelampje ICS OFF niet brandt of knippert (Blz. 397,
404) en aan alle onderstaande voorwaarden wordt voldaan:
Begrenzingsregeling hybridesysteem
Het Intelligent Clearance Sonar-systeem met Rear Crossing Traffic Auto Brake-
functie is ingeschakeld.
De rijsnelheid is 15 km/h of lager.
De selectiehendel in stand R staat.
Het systeem stelt vast dat er harder dan normaal moet worden geremd om een
aanrijding met een naderende auto te voorkomen.
Remregeling
De begrenzingsregeling van het hybridesysteem is in werking.
Het systeem stelt vast dat een noodstop noodzakelijk is om een aanrijding met
een naderende auto te voorkomen.
Voorwaarden voor het stoppen van de werking van de Rear Crossing Traffic Auto
Brake-functie
De werking van de functie stopt als aan één van de volgende voorwaarden wordt vol-
daan:
Begrenzingsregeling hybridesysteem
Het Intelligent Clearance Sonar-systeem met Rear Crossing Traffic Auto Brake-
functie is uitgeschakeld.
De aanrijding kan worden voorkomen met normaal remmen.
Er nadert niet langer een auto van rechts of links achter de auto.
Remregeling
Het Intelligent Clearance Sonar-systeem met Rear Crossing Traffic Auto Brake-
functie is uitgeschakeld.
Er zijn ongeveer 2 seconden verstreken nadat de auto door de remregeling tot
stilstand is gebracht.
Het rempedaal wordt ingetrapt nadat de auto tot stilstand is gebracht door de rem-
regeling.
Er nadert niet langer een auto van rechts of links achter de auto.
Detectiegebied van de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie
Het detectiebereik van de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie verschilt van dat
van de RCTA-functie (Blz. 384).
Daardoor wordt de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie mogelijk niet geactiveerd,
ook al signaleert de RCTA-functie een auto en wordt er een waarschuwing gegeven.
Als de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie in werking is geweest
Als de auto is stilgezet door de werking van de Rear Crossing Traffic Auto Brake-func-
tie, wordt de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie uitgeschakeld en gaat het con-
trolelampje ICS OFF branden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 409 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
410 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Weer inschakelen van de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie
Wanneer de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie is uitgeschakeld terwijl deze
functie in werking was, kunt u zelf het Intelligent Clearance Sonar-systeem weer
inschakelen (Blz. 397) of het contact UIT en vervolgens weer AAN zetten. Wanneer
de functie wordt uitgeschakeld, gaat het controlelampje ICS OFF branden.
(Blz. 133)
Het systeem wordt automatisch weer ingeschakeld als er bij het achteruitrijden niet
langer een auto van rechts of links achter de auto nadert of als de auto van rijrichting
verandert (bijvoorbeeld achteruit in plaats van vooruit). Wanneer de functie weer wordt
ingeschakeld, dooft het controlelampje ICS OFF.
Omstandigheden waaronder de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie een
auto niet signaleert
De Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie is niet ontworpen om de volgende typen
voertuigen en/of objecten te signaleren:
Voertuigen die van direct achter de auto naderen
Voertuigen die achteruit inparkeren in een parkeerruimte naast uw auto
Vangrails, muren, bebording, geparkeerde auto's en vergelijkbare stilstaande objec-
ten*
Kleine motorfietsen, fietsen, voetgangers, enz.*
Voertuigen die van de auto af bewegen
Voertuigen die naderen vanuit parkeerruimtes naast uw auto*
*: Afhankelijk van de omstandigheden wordt er mogelijk een auto en/of object gesig-
naleerd.
RCTA-zoemer
Als, ongeacht of de RCTA-functie is ingeschakeld of niet (Blz. 369), de Rear Cros-
sing Traffic Auto Brake-functie is ingeschakeld en de remregeling wordt uitgevoerd,
klinkt een zoemer om de bestuurder hierop te attenderen.
Voertuigen die niet kunnen worden gesigna-
leerd door de sensoren als gevolg van obsta-
kels
Voertuigen vlak bij uw auto die plotseling
accelereren of decelereren
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 410 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
411
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Omstandigheden waaronder het systeem mogelijk werkt, zelfs als er geen kans
op een aanrijding is
Onder sommige omstandigheden, zoals de onderstaande, werkt de Rear Crossing
Traffic Auto-functie mogelijk zelfs als er geen kans op een aanrijding is.
Als er water op de achterbumper spat of gespoten wordt, bijvoorbeeld van een
sproeier
Wanneer de parkeerplaats uitkijkt op een
straat en er auto's over die straat rijden
Wanneer een gesignaleerde naderende auto
een bocht maakt
Wanneer een voertuig uw auto van opzij pas-
seert
Wanneer de afstand tussen uw auto en
metalen objecten, zoals een vangrail, muur,
verkeersbord of geparkeerde auto, die moge-
lijk elektrische golven richting de achterzijde
van de auto reflecteren, kort is
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 411 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
412 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Omstandigheden waaronder de Rear Crossing Traffic Auto Brake-functie moge-
lijk niet goed werkt
Onder sommige omstandigheden, zoals de onderstaande, werkt deze functie mogelijk
niet goed.
De radarsensoren zijn niet ontworpen om de volgende soorten objecten en voertui-
gen te signaleren:
Stilstaande objecten
Voertuigen die van uw auto af bewegen
Voetgangers, motorfietsen, fietsen, enz.*
Objecten die zich zeer dicht bij een radarsensor bevinden
Voertuigen die de auto van rechts of links achter de auto naderen met een snel-
heid van minder dan ongeveer 8 km/h
Voertuigen die de auto van rechts of links achter de auto naderen met een snel-
heid van meer dan ongeveer 24 km/h
*: Afhankelijk van de omstandigheden wordt er mogelijk een auto en/of object gesig-
naleerd.
Omstandigheden waaronder de radarsensoren een object mogelijk niet signaleren
Wanneer een sensor of de omgeving van een sensor zeer heet of koud is
Als de achterbumper is bedekt met bijvoorbeeld ijs, sneeuw of vuil
Zware regenval of een andere oorzaak waardoor er veel water op uw auto
terechtkomt
Wanneer een voertuig naast uw auto het detectiegebied van een radarsensor
blokkeert
Als de auto sterk naar één kant helt
Als er uitrusting die een sensor kan hinderen, zoals een sleepoog, bumperbe-
schermer (een extra beschermstrip, enz.), fietsendrager of sneeuwploeg, is
geplaatst
Als de wielophanging is gewijzigd of als er een andere maat banden dan voorge-
schreven is gemonteerd
Als de voorzijde van de auto omhoog of omlaag staat door de belading van de
auto
Als een sticker of een elektronisch onderdeel zoals een kentekenplaat met achter-
grondverlichting (met name fluorescerende), een mistlamp, een spatbordantenne
of een draadloze antenne in de buurt van een van de radarsensoren is geplaatst
Als de stand van een radarsensor is gewijzigd door een aanrijding o.i.d. of na het
verwijderen en plaatsen van een radarsensor
Wanneer meerdere auto's naderen met slechts weinig ruimte tussen elke auto
Wanneer een auto met hoge snelheid nadert
Omstandigheden waaronder de radarsensor een voertuig mogelijk niet signaleert
Wanneer een voertuig van rechts of links
achter de auto nadert terwijl u achteruitrij-
dend een bocht maakt
Wanneer u achteruitrijdend een bocht
maakt
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 412 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
413
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Omgaan met de radarsensoren
Blz. 378
Bij het onder een kleine hoek achteruit uit-
rijden van een parkeerplaats
Voertuigen die niet kunnen worden gesig-
naleerd door de sensoren als gevolg van
obstakels
Bij het achteruitrijden op een helling met
een grote verandering in het hellingsper-
centage
Wanneer een voertuig een bocht maakt in
het detectiegebied
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 413 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
414 4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
Normale modus
Voor normaal gebruik.
Druk wanneer de ECO-rijmodus of de sportmodus is geselecteerd op de schake-
laar om de rijmodus te wijzigen naar de normale modus.
ECO-rijmodus
Gebruik de ECO-rijmodus voor een laag brandstofverbruik tijdens ritten
waarbij vaak wordt geaccelereerd.
Wanneer de ECO-modusschakelaar wordt ingedrukt, gaat het controlelampje ECO
MODE in het instrumentenpaneel branden.
Sportmodus
Gebruik de sportmodus wanneer een grotere acceleratierespons en nauw-
keurig rijgedrag gewenst zijn, bijvoorbeeld bij het rijden op bergwegen.
Wanneer de SPORT-schakelaar wordt ingedrukt, gaat het controlelampje SPORT
in het instrumentenpaneel branden.
Rijmodusselectieschakelaars
De rijmodi kunnen worden geselecteerd overeenkomstig de
rijomstandigheden.
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 414 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
415
4-5. Gebruik van de ondersteunende systemen
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Werking van de airconditioning in de ECO-rijmodus
De ECO-rijmodus regelt het verwarmen/koelen en de aanjagersnelheid van het aircon-
ditioningsysteem om brandstof te besparen (Blz. 424). Stel de aanjagersnelheid af
of schakel de ECO-modus uit om de prestaties van de airconditioning te verbeteren.
Auto Glide Control
Wanneer de Auto Glide Control in werking is, gaat het controlelampje AGC branden.
De Auto Glide Control werkt in de volgende situaties mogelijk niet:
Als het rempedaal wordt ingetrapt
Wanneer een andere schakelstand dan D is geselecteerd
Wanneer de rijsnelheid ongeveer 15 km/h of lager is
Wanneer de auto op een aflopende helling accelereert
Wanneer het PCS (Pre-Crash Safety-systeem) in werking is
Wanneer de Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik is inge-
schakeld
Wanneer het Intelligent Clearance Sonar-systeem in werking is (indien aanwezig)
Wanneer het TRC- of VSC-systeem in werking is
Wanneer het TRC- of VSC-systeem wordt uitgeschakeld door het indrukken van
de schakelaar VSC OFF
Automatisch uitschakelen van de sportmodus
De sportmodus wordt automatisch uitgeschakeld als na het rijden in deze stand het
contact UIT wordt gezet.
Als u tijdens het rijden in de ECO-rijmodus
met ingeschakelde stand D het gaspedaal
loslaat, wordt onder bepaalde voorwaarden
de Auto Glide Control geactiveerd. (Mogelijk
wordt de Auto Glide Control geactiveerd
voordat u het gaspedaal volledig hebt losge-
laten.)
Wanneer de Auto Glide Control in werking
is, wordt de elektromotor (tractiemotor) gere-
geld, zodat er minder hard wordt gedecele-
reerd. Hierdoor kan de auto uitrollen en
wordt er minder brandstof verbruikt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 415 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
416
CAMRY_HV_EE
4-6. Rijtips
Gebruik van de ECO-rijmodus
Bij gebruik van de ECO-rijmodus kan het koppel dat correspondeert met
de mate waarin het gaspedaal wordt ingetrapt geleidelijker worden afgege-
ven dan onder normale omstandigheden. Bovendien wordt de werking van
de airconditioning (verwarmen/koelen) geminimaliseerd zodat er minder
brandstof verbruikt wordt. (Blz. 424)
Gebruik van de hybridesysteemindicator
Milieubewust rijden is mogelijk door de naald van de hybridesysteemindi-
cator binnen de Eco-zone te houden. (Blz. 138)
Bedienen van de selectiehendel
Zet de selectiehendel in stand D als u moet wachten bij een verkeerslicht
of als u in druk verkeer rijdt. Selecteer stand P wanneer de auto gepar-
keerd wordt. Als u stand N gebruikt, is er geen positief effect op het brand-
stofverbruik. In stand N werkt de benzinemotor, maar kan er geen
elektriciteit worden opgewekt. Ook bij gebruik van de airconditioning, enz.
wordt het vermogen van het batterijpakket (tractiebatterij) verbruikt.
Bedienen van het gaspedaal/rempedaal
Rijd zo vloeiend mogelijk. Voorkom onnodig snel accelereren en hard
remmen. Wanneer geleidelijk wordt geaccelereerd en gedecelereerd,
worden de voordelen van de elektromotor (tractiemotor) beter benut,
zodat het brandstofverbruik van de benzinemotor lager is.
Voorkom herhaaldelijk accelereren. Herhaaldelijk accelereren put het
batterijpakket (tractiebatterij) uit waardoor de auto meer brandstof ver-
bruikt. Het batterijpakket kan worden opgeladen door tijdens het rijden
het gaspedaal iets te laten opkomen.
Rijden met een hybrideauto
Besteed aandacht aan de volgende punten om zuinig en milieuvriende-
lijk te rijden:
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 416 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
417
4-6. Rijtips
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Bij het remmen
Rem rustig en tijdig. Er kan meer elektrische energie worden geregene-
reerd tijdens het decelereren.
Files
Herhaaldelijk accelereren en decelereren en ook langdurig wachten bij
verkeerslichten veroorzaakt een hoog brandstofverbruik. Raadpleeg de
verkeersberichten en vermijd files zo veel mogelijk. Laat, als u in een file
komt te staan, het rempedaal geleidelijk opkomen zodat de auto zachtjes
vooruitrijdt en vermijd overmatig gebruik van het gaspedaal. Dit helpt het
benzineverbruik te beperken.
Rijden op de snelweg
Rijd met een constante snelheid. Neem als u ergens moet stoppen de tijd
voor het loslaten van het gaspedaal en trap rustig het rempedaal in. Er kan
meer elektrische energie worden geregenereerd tijdens het decelereren.
Airconditioning
Maak alleen gebruik van de airconditioning als dat nodig is. Dit helpt het
benzineverbruik te beperken.
In de zomer: Gebruik bij hoge temperaturen de recirculatiemodus. Dit
beperkt de belasting van de airconditioning en vermindert ook het brand-
stofverbruik.
In de winter: De benzinemotor wordt pas automatisch uitgeschakeld als de
benzinemotor en het interieur warm zijn en verbruikt dus brandstof. Het
brandstofverbruik kan worden verminderd door overmatig gebruik van de
verwarming te vermijden.
Controle van bandenspanning
Controleer de bandenspanning regelmatig. Een onjuiste bandenspanning
kan leiden tot een hoog brandstofverbruik.
Winterbanden kunnen veel wrijving veroorzaken en kunnen, als ze worden
gebruikt op droge wegen, dus ook een hoger verbruik veroorzaken.
Gebruik banden die geschikt zijn voor het seizoen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 417 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
418 4-6. Rijtips
CAMRY_HV_EE
Bagage
Zware bagage leidt tot een hoger brandstofverbruik. Neem geen onnodige
bagage mee. Ook een groot imperiaal leidt tot een hoger brandstofver-
bruik.
Opwarmen voor het rijden
Opwarmen van de motor is niet nodig, omdat de benzinemotor als hij koud
is automatisch start en weer wordt uitgeschakeld. Als vaak korte afstanden
worden gereden, warmt de motor herhaaldelijk op en ook dat kan leiden tot
een hoger brandstofverbruik.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 418 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
419
4-6. Rijtips
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
Gebruik vloeistoffen die geschikt zijn voor winterse omstandigheden.
Motorolie
Koelvloeistof motor/vermogensregeleenheid
Ruitensproeiervloeistof
Laat de toestand van de 12V-accu controleren door een monteur.
Laat vier winterbanden onder uw auto monteren of schaf een set sneeuw-
kettingen voor de voorwielen aan*
Controleer of alle banden dezelfde maat hebben en van hetzelfde merk zijn en con-
troleer of de sneeuwkettingen geschikt zijn voor de bandenmaat van uw auto.
*: 18 inch banden kunnen niet worden voorzien van sneeuwkettingen.
Voer, afhankelijk van de omstandigheden, de volgende handelingen uit:
Probeer een vastgevroren ruit niet met kracht te openen en zet de ruiten-
wissers niet aan als deze vastgevroren zijn. Giet warm water over het
bevroren gedeelte om het ijs te laten smelten. Veeg het water direct weg
om te voorkomen dat het bevriest.
Verwijder de eventueel aanwezige sneeuw van de luchtinlaten voor de
voorruit om zeker te kunnen zijn van een juiste werking van de aanjager
van het airconditioningsysteem.
Controleer of er sprake is van ijs- of sneeuwophopingen op de verlichting
aan de buitenzijde, op het dak, op het chassis, rond de banden of op de
remmen, en verwijder deze indien dat het geval is.
Verwijder sneeuw en modder van de onderzijde van uw schoenen voordat
u in de auto stapt.
Rijden in de winter
Tref voor het aanbreken van de winter de noodzakelijke voorbereidin-
gen en voer de benodigde controles uit. Pas uw rijgedrag altijd aan de
actuele weersomstandigheden aan.
Voorbereiding voor de winter
Voordat u met de auto gaat rijden
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 419 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
420 4-6. Rijtips
CAMRY_HV_EE
Verhoog de snelheid geleidelijk, houd een veilige afstand tussen u en uw
voorligger en pas de snelheid aan aan de conditie van de weg.
Parkeer de auto en zet de selectiehendel in stand P, maar activeer de par-
keerrem niet. De parkeerrem kan vastvriezen en bij het deactiveren niet
vrij komen. Blokkeer bij het parkeren van de auto de wielen zonder de par-
keerrem te gebruiken.
Het niet in acht nemen hiervan kan gevaarlijk zijn omdat de auto onver-
wacht in beweging kan komen, hetgeen kan leiden tot een ongeval.
Controleer als de auto geparkeerd is zonder de parkeerrem te activeren of
de selectiehendel niet uit stand P kan worden gezet*.
*: De selectiehendel wordt geblokkeerd als wordt geprobeerd deze vanuit stand P in
een andere stand te zetten zonder het rempedaal in te trappen. Als de selectiehen-
del niet uit stand P kan worden gezet, kan er een probleem aanwezig zijn in het
schakelblokkeersysteem. Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde
en uitgeruste deskundige.
Auto's met 17 inch banden
Gebruik de juiste maat sneeuwkettingen.
De maat van de sneeuwkettingen is afgestemd op de bandenmaat.
Zijketting:
diameter 3 mm
breedte 10 mm
lengte 30 mm
Dwarsketting:
diameter 4 mm
breedte 14 mm
lengte 25 mm
Auto's met 18 inch banden
Er kunnen geen sneeuwkettingen worden gemonteerd.
Gebruik in plaats daarvan winterbanden.
Tijdens het rijden
Bij het parkeren
Kiezen van sneeuwkettingen
1
2
3
4
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 420 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
421
4-6. Rijtips
CAMRY_HV_EE
4
Rijden
De wetgeving met betrekking tot het gebruik van sneeuwkettingen verschilt
per land en per soort weg. Stel u op de hoogte van lokale voorschriften alvo-
rens sneeuwkettingen te monteren.
Monteren van sneeuwkettingen
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht bij het monteren en verwijderen van
sneeuwkettingen:
Monteer en verwijder de sneeuwkettingen op een veilige locatie.
Monteer de sneeuwkettingen op de voorwielen. Gebruik geen sneeuwkettingen om
de achterwielen.
Plaats de sneeuwkettingen zo strak mogelijk om de voorwielen. Zet de sneeuwkettin-
gen na 0,5 1,0 km opnieuw vast.
Monteer de sneeuwkettingen volgens de meegeleverde gebruiksaanwijzing.
Wetgeving met betrekking tot het gebruik van sneeuwkettingen
WAARSCHUWING
Rijden met winterbanden
Neem om de kans op ongevallen te beperken de volgende voorzorgsmaatregelen in
acht.
Als u dat niet doet, kunt u de macht over het stuur verliezen, waardoor ernstig letsel
kan ontstaan.
Gebruik winterbanden met de voorgeschreven maat.
Zorg ervoor dat de bandenspanning aan de specificatie voldoet.
Rijd niet harder dan de toegestane snelheid of harder dan de snelheidslimiet die
geldt voor de gebruikte winterbanden.
Monteer winterbanden op alle wielen.
Rijden met sneeuwkettingen (auto's met 17 inch banden)
Neem om de kans op ongevallen te beperken de volgende voorzorgsmaatregelen in
acht.
Anders kunnen een aanrijding en ernstig letsel het gevolg zijn.
Rijd niet harder dan de maximaal toegestane snelheid voor de gebruikte sneeuw-
kettingen of niet harder dan 50 km/h, afhankelijk van welke snelheid de laagste is.
Vermijd het rijden over slechte wegdekken en over gaten.
Vermijd plotseling accelereren, abrupte stuuracties, plotseling remmen en schakel-
handelingen die een plotselinge motorremwerking veroorzaken.
Minder uw snelheid alvorens een bocht aan te snijden zodanig, dat u zeker weet
dat de auto bestuurbaar blijft.
Gebruik het LDA-systeem (Lane Departure Alert met stuurregeling) niet.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 421 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
422 4-6. Rijtips
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Repareren of vervangen van winterbanden
Laat winterbanden repareren of vervangen door een erkende Toyota-dealer of her-
steller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskun-
dige of door een bandenspecialist.
Het verwijderen en plaatsen van winterbanden heeft namelijk invloed op de werking
van de bandenspanningssensoren en -zenders.
Monteren van sneeuwkettingen (auto's met 17 inch banden)
Als er sneeuwkettingen gemonteerd zijn, werken de bandenspanningssensoren en -
zenders mogelijk niet goed.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 422 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
423
5
Voorzieningen in
het interieur
CAMRY_HV_EE
5-1. Gebruik van de airconditioning
en de achterruitverwarming
Automatische airconditioning...424
Stoelverwarming......................435
5-2. Gebruik van de
interieurverlichting
Overzicht interieurverlichting ...436
Interieurverlichting ..............437
Leeslampjes........................437
Verlichting middenarmsteun
achterstoel ..........................438
5-3. Gebruik van de
opbergmogelijkheden
Overzicht van
opbergmogelijkheden............439
Dashboardkastje.................440
Consolevak.........................440
Muntenhouder.....................440
Fleshouders........................441
Bekerhouders .....................442
Extra opbergvakken............444
Open opbergvak .................445
Voorzieningen bagageruimte...446
5-4. Overige voorzieningen in
het interieur
Overige voorzieningen
in het interieur....................... 447
Zonnekleppen.....................447
Make-upspiegels ................ 447
Accessoireaansluiting.........448
USB-laadaansluitingen.......449
Draadloze lader..................451
Armsteun............................ 457
Zonnescherm achterruit .....458
Zonneschermen
achterportieren ................... 460
Handgrepen........................461
Kledinghaakjes...................461
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 423 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
424
CAMRY_HV_EE
5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
Bedieningspaneel voor
Type A
Type B
Automatische airconditioning
De uitstroomopeningen waaruit de lucht komt en de aanjagersnelheid
worden automatisch geregeld op basis van de gekozen temperatuur.
Deze afbeeldingen hebben betrekking op een auto met linkse bestu-
ring.
De positie van toetsen kan iets afwijken bij auto's met rechtse bestu-
ring.
Verder zijn de positie van het display en de knoppen per systeem ver-
schillend.
Bedieningspaneel airconditioning
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 424 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
425
5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Bedieningspaneel achter (indien aanwezig)
Wijzigen van de ingestelde temperatuur
Bedieningspaneel voor
Draai rechtsom om de temperatuur te verhogen en linksom om de
temperatuur te verlagen.
Als niet is ingedrukt, blaast het systeem lucht met de omgevingstempe-
ratuur of verwarmde lucht in het interieur.
Bedieningspaneel achter (indien aanwezig)
Voer de volgende procedure uit om de ingestelde temperatuur te wijzigen:
Klap de armsteun achter omlaag (Blz. 457)
Druk op om het bedieningspaneel achter in te schakelen.
Kies van om de temperatuur te verhogen en om de
temperatuur te verlagen.
Het bedieningspaneel achter wordt uitgeschakeld wanneer dit gedurende onge-
veer 10 seconden niet wordt bediend.
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 425 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
426 5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
Instellen van de aanjagersnelheid
Pas de aanjagersnelheid aan door op te drukken om de aanjager-
snelheid te verhogen of op om de aanjagersnelheid te verlagen.
Druk op om de aanjager uit te schakelen.
Wijzigen van de luchtcirculatiemodus
Druk op om de luchtcircu-
latiemodus te wijzigen.
Iedere keer dat er op de toets wordt
gedrukt, worden er andere uit-
stroomopeningen geselecteerd.
Er stroomt lucht naar het boven-
lichaam.
Er stroomt lucht naar het boven-
lichaam en de voeten.
Er stroomt lucht naar de voeten.
Er stroomt lucht naar de voeten
en de voorruitverwarming is in
werking.
Druk op .
De ontvochtigingsfunctie wordt ingeschakeld. De uitstroomopeningen
waaruit de lucht komt en de aanjagersnelheid worden automatisch gere-
geld op basis van de gekozen temperatuur.
Wijzig de ingestelde temperatuur.
Druk op om de werking te beëindigen.
Controlelampje automatische modus
Als de instelling van de aanjagersnelheid of de luchtcirculatiemodi worden
bediend, dooft het controlelampje van de automatische modus. De auto-
matische modus blijft echter ingeschakeld voor de andere functies dan die
worden bediend.
1
2
3
4
Gebruik van de automatische modus
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 426 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
427
5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Afzonderlijk instellen van de temperatuur voor de bestuurder en voor
de voorpassagier (auto's met modus gescheiden bediening)
Voer een van de volgende procedures uit om de modus voor gescheiden
bediening in te schakelen:
Druk op .
Wijzig de ingestelde temperatuur aan passagierszijde.
Als de modus voor gescheiden bediening is ingeschakeld, gaat het controle-
lampje branden.
Afzonderlijk regelen van de temperatuur voor de bestuurder, voor-
passagier en achterpassagiers (auto's met 3-ZONE-regelmodus)
Voer een van de volgende procedures uit om de 3-ZONE-regelmodus in te
schakelen:
Druk op .
Wijzig de ingestelde temperatuur aan passagierszijde.
Wijzig de temperatuur voor de achterstoelen.
Als de 3-ZONE-regelmodus is ingeschakeld, gaat het controlelampje branden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 427 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
428 5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
Schakelen tussen buitenluchtmodus en recirculatiemodus
Druk op .
Iedere keer als op wordt gedrukt, schakelt de luchttoevoer tussen de
buitenluchtmodus (controlelampje uit) en de recirculatiemodus (controlelampje
aan).
Ontwasemen van de voorruit
De ruitverwarming wordt gebruikt om de voorruit en de zijruiten voor te ont-
wasemen.
Druk op .
De ontvochtigingsfunctie werkt en de aanjagersnelheid neemt toe.
Zet, als de recirculatiemodus is ingeschakeld, de luchttoevoertoets in de buiten-
luchtmodus. (Mogelijk gaat dit automatisch.)
Verhoog de aanjagersnelheid en de temperatuur om de voorruit en zijruiten
sneller te ontwasemen.
Druk wanneer de voorruit is ontwasemd nogmaals op om terug te keren
naar de vorige modus.
Ontwasemen van de achterruit en buitenspiegels
De achterruit- en buitenspiegelverwarming worden gebruikt om de achter-
ruit te ontwasemen en om regendruppels, dauw en ijs van de buitenspie-
gels te verwijderen.
Druk op .
De achterruit- en buitenspiegelverwarming wordt na een tijdje automatisch uit-
geschakeld.
Persoonlijke voorkeursinstellingen aanjager (auto's met schakelaar
FAST/ECO)
De instelling van de aanjagersnelheid tijdens bediening in de automatische
modus kan aan de persoonlijke voorkeur worden aangepast.
Druk op om de instellingsmodus voor de aanjagersnelheid te wij-
zigen.
Elke keer dat op wordt gedrukt, verandert de instellingsmodus voor de
aanjagersnelheid als volgt.
Normaal ECO* FAST* Normaal
*: Wanneer dit wordt geselecteerd, wordt dit op het bedieningspaneel voor weer-
gegeven.
Overige functies
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 428 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
429
5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Plaats van uitstroomopeningen
De uitstroomopeningen en lucht-
hoeveelheid veranderen overeen-
komstig de geselecteerde
luchtcirculatiemodus.
Afstellen van de stand en de mate van opening van de uitstroomope-
ningen
Richt de luchtstroom naar links of rechts, boven of beneden.
Draai aan de knop om de uitstroomopening te openen of te sluiten.
Uitstroomopeningen
Voor Achter
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 429 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
430 5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
Gebruik van de automatische modus
De aanjagersnelheid wordt automatisch geregeld op basis van de gekozen tempera-
tuur en de omgevingscondities.
Direct na het indrukken van kan de aanjager even worden uitgeschakeld tot er
voldoende warme of koude lucht voorhanden is.
Beslaan van de ruiten
Wanneer de luchtvochtigheid in de auto hoog is, zullen de ruiten gemakkelijk
beslaan. Wanneer wordt ingeschakeld, wordt de lucht die via de uitstroom-
openingen stroomt ontvochtigd en wordt de voorruit efficiënt ontwasemd.
Als u uitschakelt, zullen de ruiten mogelijk sneller beslaan.
De ruiten zullen mogelijk beslaan als de recirculatiemodus is ingeschakeld.
Bij het rijden op stoffige wegen
Sluit alle ruiten. Als er na het sluiten van de ruiten nog altijd stof wordt aangezogen,
zet dan de luchttoevoerregeling in de buitenluchtmodus en schakel de aanjager in.
Buitenlucht-/recirculatiemodus
Het wordt aangeraden om de recirculatiemodus tijdelijk in te schakelen om te voorko-
men dat er vuile lucht wordt aangevoerd en om de auto te helpen koelen wanneer
het buiten warm is.
Mogelijk wordt de buitenluchtmodus/recirculatiemodus automatisch ingeschakeld
afhankelijk van de ingestelde temperatuur of de temperatuur in de auto.
Wanneer de buitentemperatuur laag is
De ontwasemingsfunctie werkt mogelijk niet, ook niet als op wordt gedrukt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 430 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
431
5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
nanoe *1
Deze auto is uitgerust met een biocide.
Geïoniseerde lucht die wordt gegenereerd door een apparaat in de auto zuivert de
lucht in het interieur door bacteriën te onderdrukken.
Actieve stoffen: Vrije radicalen die ter plekke worden gegenereerd uit omgevingslucht
of water.
Deze technologie helpt het interieur te voorzien van frisse lucht door licht zuurhou-
dende en met waterdeeltjes bedekte nanoe-ionen te verspreiden via de uitstroom-
opening opzij aan bestuurderszijde. Deze deeltjes zijn zacht voor haar en huid.*2
Als nanoe werkt onder de volgende omstandigheden werkt, werkt het systeem opti-
maal. Als niet aan de volgende voorwaarden wordt voldaan, werkt nanoe mogelijk
niet op volle kracht.
De uitstroomopeningen , en worden gebruikt.
De uitstroomopening opzij aan bestuurderszijde is geopend.
Als er “nanoe” gegenereerd wordt, komt er een kleine hoeveelheid ozon vrij die
onder sommige omstandigheden te ruiken is. De concentratie is ongeveer gelijk aan
die in de vrije natuur voorkomt, bijvoorbeeld in het bos, en heeft geen invloed op het
menselijk lichaam.
Als het systeem in werking is, kan er een licht geluid hoorbaar zijn. Dit duidt niet op
een storing.
*1: nanoe en het nanoe-symbool zijn handelsmerken van Panasonic Corporation.
*2: Afhankelijk van de temperatuur en de luchtvochtigheid, de aanjagersnelheid en de
richting van de luchtstroom, kan het zijn dat de nanoe niet op volle kracht werkt.
Werking van de airconditioning in de ECO-rijmodus
In de ECO-rijmodus wordt ECO weergegeven op het airconditioningscherm en wordt
de airconditioning als volgt geregeld om te zorgen voor een laag brandstofverbruik:
Het motortoerental en de werking van de compressor worden geregeld om de ver-
warm-/koelcapaciteit te beperken
Wanneer de automatische modus is gekozen, wordt de aanjagersnelheid beperkt
Doe het volgende om de prestaties van de airconditioning te verbeteren:
Wijzig de aanjagersnelheid
Schakel de ECO-rijmodus uit
Auto's met een functie voor persoonlijke voorkeursinstellingen voor de aanjager:
Zelfs wanneer de rijmodus is ingesteld op de ECO-rijmodus, kan de ECO-modus van
de airconditioning worden uitgeschakeld door in te drukken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 431 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
432 5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
Geuren ventilatie en airconditioning
Zet de airconditioning in de buitenluchtmodus om frisse lucht binnen te laten.
Tijdens het gebruik kunnen verschillende geuren van binnen en buiten de auto in het
airconditioningsysteem terechtkomen. Dit kan tot gevolg hebben dat de lucht die uit
de uitstroomopeningen komt niet lekker ruikt.
Het voorkomen van mogelijke geuren:
We raden u aan het airconditioningsysteem in de buitenluchtmodus te zetten
voordat u de motor uitschakelt.
Mogelijk wordt het inschakelen van de aanjager direct nadat de airconditioning in
de automatische modus wordt ingeschakeld even vertraagd.
Interieurfilter
Blz. 511
Wijzigen van de instellingen van het bedieningspaneel achter (indien aanwezig)
De volgende instellingen kunnen worden gewijzigd:
Reactietijd wanneer er een toets op het bedieningspaneel achter wordt aangeraakt.
Bedieningsgeluid toets (aan/uit) wanneer er een toets op het bedieningspaneel ach-
ter wordt aangeraakt.
Parkeer de auto op een veilige plaats en zet het contact UIT.
Druk, zonder het rempedaal in te trappen, eenmaal op de startknop om het contact
in stand ACC te zetten. (Blz. 269)
Wanneer het contact AAN staat, kunnen de instellingen niet worden gewijzigd.
Laat de toets los zodra een zoemer klinkt.
1
2
Raak de toets links gedurende onge-
veer 10 seconden aan terwijl u
indrukt.
3
4
Selecteer het gewenste onderwerp voor de
persoonlijke voorkeursinstellingen.
Wijzigen van de reactietijd: Kies de toets
links.
Inschakelen/uitschakelen van het bedie-
ningsgeluid van de toets: Kies de toets
links.
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 432 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
433
5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Kies de juiste toets overeenkomstig onderstaande tabel om de gewenste instelling
te wijzigen en controleer of de toets het juiste aantal keer knippert.
Voer een van de volgende handelingen uit om het aanpassen aan de persoonlijke
voorkeursinstellingen te voltooien:
Druk op .
Druk op de startknop.
Wacht tot het bedieningspaneel achter automatisch wordt uitgeschakeld (raak het
paneel gedurende ten minste 10 seconden niet aan).
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 628)
6
Functie Te kiezen toets (rechts) Instelling Weergave toets
Reactietijd
Toets Langst Knippert 3 keer
Lang Knippert 4 keer
Standaardinstelling Standaard Knippert 5 keer
Toets Kort Knippert 6 keer
Kortst Knippert 7 keer
Bedieningsgeluid
toets
Toets Aan Knippert 1 keer
Toets Uit Knippert 2 keer
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 433 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
434 5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Voorkomen dat de voorruit beslaat
Gebruik niet in combinatie met koele lucht bij zeer vochtig weer. Het verschil
tussen de buitentemperatuur en de temperatuur van de voorruit zorgt ervoor dat de
buitenkant van de voorruit beslaat, waardoor het zicht wordt belemmerd.
Voorkomen van brandwonden
Raak het spiegeloppervlak van de buitenspiegels niet aan wanneer de buitenspie-
gelverwarming is ingeschakeld.
nanoe
Demonteer het systeem niet en probeer het ook niet te repareren aangezien het
hoogspanningsonderdelen bevat. Neem als het systeem moet worden gerepareerd
contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
OPMERKING
Voorkomen van ontlading van de 12V-accu
Laat, als het hybridesysteem is uitgeschakeld, de airconditioning niet langer inge-
schakeld dan noodzakelijk is.
Voorkomen van beschadiging van nanoe
Steek geen voorwerpen in de uitstroomopening aan bestuurderszijde, bevestig niets
aan de uitstroomopening en gebruik in de omgeving van de uitstroomopening geen
sprays. Deze handelingen kunnen ertoe leiden dat het systeem niet goed werkt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 434 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
435
5-1. Gebruik van de airconditioning en de achterruitverwarming
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Elke keer dat de schakelaar wordt
ingedrukt, wijzigt de werking als volgt.
hoog (3 segmenten branden) mid-
den (2 segmenten branden) laag
(1 segment brandt) uit
De niveau-indicator (oranje) gaat tij-
dens de werking branden.
De stoelverwarming kan worden gebruikt wanneer het contact AAN staat.
Stoelverwarming
WAARSCHUWING
Wees voorzichtig wanneer iemand uit onderstaande categorieën in contact komt
met de stoelen wanneer de stoelverwarming is ingeschakeld:
Baby's, kleine kinderen, oudere personen, zieken en gehandicapten
Personen met een gevoelige huid
Personen die oververmoeid zijn
Personen die alcohol hebben gedronken of personen die rustgevende medicij-
nen (slaapmiddel, middel tegen verkoudheid, enz.) hebben gebruikt
Neem, om de kans op lichte brandwonden of oververhitting te beperken, de vol-
gende voorzorgsmaatregelen in acht
Bedek de stoel niet met een kleed of kussen als de stoelverwarming in gebruik
is.
Gebruik de stoelverwarming niet langer dan noodzakelijk is.
OPMERKING
Plaats geen zware voorwerpen met een ongelijkmatig oppervlak op de stoel en leg
geen scherpe voorwerpen (naalden, punaises, enz.) op de stoel.
Gebruik de functies niet wanneer het hybridesysteem niet is ingeschakeld, om te
voorkomen dat de 12V-accu ontladen raakt.
: Indien aanwezig
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 435 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
436
CAMRY_HV_EE
5-2. Gebruik van de interieurverlichting
Interieurverlichting voor/leeslampjes (Blz. 437)
Selectiehendelverlichting
Verlichting binnenportiergreep
Verlichting middenarmsteun achterstoel (Blz. 438)
Leeslampjes achter (Blz. 437)
Instapverlichting
Verlichting middenconsole voor
Voetenruimteverlichting
Overzicht interieurverlichting
1
2
3
4
5
6
7
8
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 436 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
437
5-2. Gebruik van de interieurverlichting
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
De leeslampjes achter worden samen met de interieurverlichting voor in-/uit-
geschakeld.
Schakelt de verlichting in/uit
(gekoppeld aan positie portieren).
Schakelt de verlichting in/uit
Voor
Schakelt de verlichting in/uit
Achter
Schakelt de verlichting in/uit
Interieurverlichting
1
2
Leeslampjes
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 437 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
438 5-2. Gebruik van de interieurverlichting
CAMRY_HV_EE
Schakelt de verlichting in/uit (wan-
neer de achterlichten zijn ingescha-
keld)
Instapverlichting
De verlichting wordt automatisch in- en uitgeschakeld, afhankelijk van de stand van
het contact, de aanwezigheid van de elektronische sleutel, het vergrendeld/ontgren-
deld zijn van de portieren en het geopend/gesloten zijn van de portieren.
Voorkomen dat de 12V-accu te ver ontladen raakt
Als de interieurverlichting blijft branden nadat het contact UIT is gezet, gaat de verlich-
ting na 20 minuten automatisch uit.
De interieurverlichting kan automatisch gaan branden als
Als een van de airbags wordt geactiveerd of bij een harde aanrijding van achteren
wordt de interieurverlichting automatisch ingeschakeld.
De interieurverlichting wordt na ongeveer 20 minuten automatisch uitgeschakeld.
De interieurverlichting kan handmatig worden uitgeschakeld. Om verdere aanrijdingen
te voorkomen verdient het echter aanbeveling de verlichting te laten branden totdat de
veiligheid gegarandeerd is.
(De interieurverlichting worden mogelijk niet automatisch ingeschakeld, afhankelijk
van de kracht en de omstandigheden van de aanrijding.)
Persoonlijke voorkeursinstellingen
Bepaalde functies kunnen worden aangepast aan de persoonlijke voorkeur.
(Blz. 628)
Verlichting middenarmsteun achterstoel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 438 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
439
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
5-3. Gebruik van de opbergmogelijkheden
Overzicht van opbergmogelijkheden
Extra opbergvak
(indien aanwezig)
(Blz. 444)
Dashboardkastje (Blz. 440)
Fleshouders/portiervakken
(Blz. 441)
Bekerhouders (Blz. 442)
Consolevak (Blz. 440)
Extra opbergvak/open opbergvak
(Blz. 444, 445)
Muntenhouder (Blz. 440)
WAARSCHUWING
Laat geen brillen, aanstekers of spuitbussen in de opbergvakken liggen. Als u dat
wel doet, kan dat bij hoge temperaturen leiden tot het volgende:
Brillen kunnen vervormen als de temperatuur in de auto te hoog oploopt of bar-
sten als ze in contact komen met andere voorwerpen.
Aanstekers en spuitbussen kunnen exploderen. Als ze in contact komen met
andere voorwerpen, kunnen aanstekers vlam vatten en kunnen spuitbussen gas
gaan lekken, waardoor brand kan ontstaan.
Houd de deksels gesloten tijdens het rijden of als de opbergvakken niet in gebruik
zijn.
Bij plotseling remmen of uitwijken kan letsel ontstaan doordat een inzittende wordt
geraakt door de open klep of door voorwerpen in het opbergvak.
1
2
3
4
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 439 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
440 5-3. Gebruik van de opbergmogelijkheden
CAMRY_HV_EE
Ontgrendelen met de mechanische
sleutel
Vergrendelen met de mechanische
sleutel
Openen (trek aan de hendel)
De verlichting van het dashboardkastje gaat branden als de achterlichten branden.
Druk de knop in.
Trek aan de hendel om hem te ope-
nen.
Dashboardkastje
1
2
3
Consolevak
Muntenhouder
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 440 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
441
5-3. Gebruik van de opbergmogelijkheden
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Sluit de kap als er een fles wordt opgeborgen.
De fles kan mogelijk niet worden opgeborgen als gevolg van de grootte of vorm
ervan.
Fleshouders
Voor Achter
WAARSCHUWING
Zet niets anders dan flessen in de fleshouders.
Andere voorwerpen kunnen bij een ongeval of plotseling remmen uit de bekerhou-
ders worden geslingerd en letsel veroorzaken.
OPMERKING
Plaats alleen afgesloten flessen in de fleshouder. Plaats geen flessen zonder dop of
glazen of papieren bekers met vloeistof in de fleshouders. De inhoud kan gemorst
worden en de glazen bekers kunnen breken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 441 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
442 5-3. Gebruik van de opbergmogelijkheden
CAMRY_HV_EE
Voor
Achter
Bekerhouders
Type A Type B
Trek de armsteun naar beneden. Trek de armsteun naar beneden en
til het deksel op.
Type C
Trek de armsteun naar beneden
en druk de knop in.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 442 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
443
5-3. Gebruik van de opbergmogelijkheden
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Het inzetstuk voor de bekerhouders achter kan
worden verwijderd, zodat het kan worden
schoongemaakt. (type B)
WAARSCHUWING
Zet niets anders in de bekerhouders dan bekers of blikjes. Andere voorwerpen
kunnen bij een ongeval of plotseling remmen naar buiten worden geslingerd en let-
sel veroorzaken.
Dek indien mogelijk warme dranken die in de bekerhouders staan af om verbran-
ding te voorkomen.
Bekerhouders achter (behalve type A): Houd de bekerhouders gesloten wanneer
deze niet worden gebruikt. Anders kunt u in geval van een ongeval of plotseling
remmen letsel oplopen.
OPMERKING
Bekerhouders achter (type C): Berg om schade aan de bekerhouder achter te voor-
komen de bekerhouder op alvorens de armsteun in te klappen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 443 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
444 5-3. Gebruik van de opbergmogelijkheden
CAMRY_HV_EE
Wanneer er kleine voorwerpen op het vak worden gelegd (type B)
Extra opbergvakken
Type A (indien aanwezig) Type B
Druk op het deksel. Openen:
Duw het vak naar voren tot het ver-
grendelt.
Sluiten:
Duw het vak naar voren om de ver-
grendeling ongedaan te maken. Het
vak sluit automatisch.
Het vak kan worden geopend wanneer er
kleine voorwerpen op zijn gelegd.
WAARSCHUWING
Wees voorzichtig tijdens het rijden (type A)
Houd het extra opbergvak tijdens het rijden gesloten.
Er kunnen voorwerpen naar buiten vallen die ernstig letsel kunnen veroorzaken bij
een ongeval of plotseling remmen.
Voorwerpen die niet geschikt zijn om op te bergen (type A)
Berg geen voorwerpen op die zwaarder zijn dan 0,2 kg.
Zwaardere voorwerpen kunnen ervoor zorgen dat het extra opbergvak opengaat,
waardoor het voorwerp naar buiten kan vallen en letsel kan veroorzaken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 444 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
445
5-3. Gebruik van de opbergmogelijkheden
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Bij gebruik van een draadloze lader (indien aanwezig)
Blz. 451
OPMERKING
Bij het openen of sluiten van het vak (type B)
Zorg er bij het openen van het vak voor dat de kleine voorwerpen die erop zijn
gelegd niet klem komen te zitten, anders kunnen de voorwerpen beschadigd raken.
Trek niet aan het vak om hem te sluiten. Anders kan het vak beschadigd raken.
Open opbergvak
WAARSCHUWING
Neem bij het plaatsen van voorwerpen in het open opbergvak de volgende voor-
zorgsmaatregelen in acht. Als u dit niet doet, kunnen voorwerpen uit het opbergvakje
worden geslingerd bij plotseling remmen of een uitwijkmanoeuvre. Daarbij kunnen
deze voorwerpen het bedienen van de pedalen hinderen of de bestuurder afleiden,
wat tot een ongeval kan leiden.
Plaats geen voorwerpen in het opbergvakje die er gemakkelijk uit kunnen schuiven
of rollen.
Stapel voorwerpen niet zodanig in het opbergvak dat ze boven de rand ervan uitko-
men.
Plaats geen voorwerpen in het opbergvak die hoger zijn dan de rand ervan.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 445 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
446 5-3. Gebruik van de opbergmogelijkheden
CAMRY_HV_EE
Voorzieningen bagageruimte
Tashaken
OPMERKING
Plaats geen al te zware last op de haken om schade aan de haken te voorkomen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 446 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
447
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
5-4. Overige voorzieningen in het interieur
Klap de zonneklep omlaag om
deze in de vooruitgerichte stand te
zetten.
Klap de zonneklep omlaag, maak
de klep los en draai deze naar de
zijkant om de zonneklep in de zij-
delingse stand te zetten.
Verschuif het klepje om de spiegel te
openen.
De verlichting gaat branden als het
afdekklepje opzij geschoven wordt.
Als de make-upverlichting gedurende 20 minuten blijft branden terwijl het hybridesys-
teem is uitgeschakeld, wordt de verlichting automatisch uitgeschakeld.
Overige voorzieningen in het interieur
Zonnekleppen
1
2
Make-upspiegels
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 447 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
448 5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
Gebruik deze als voeding voor elektronische accessoires die minder dan 12
V/10 A verbruiken (stroomverbruik van 120 W).
Open het klepje.
De accessoireaansluiting kan worden gebruikt als
Het contact in stand ACC of AAN staat.
Als het hybridesysteem wordt uitgeschakeld
Koppel aangesloten elektrische apparaten met een oplaadfunctie, zoals een power-
bank, los.
Als dergelijke apparaten niet worden losgekoppeld, wordt het hybridesysteem mogelijk
niet op de normale manier uitgeschakeld.
Accessoireaansluiting
OPMERKING
Sluit het kapje van de accessoireaansluiting als de aansluiting niet in gebruik is, om
schade aan de accessoireaansluiting te voorkomen.
Vreemde voorwerpen of vloeistoffen die in de accessoireaansluiting terechtkomen,
kunnen kortsluiting veroorzaken.
Gebruik de accessoireaansluiting niet langer dan noodzakelijk is als het hybride-
systeem niet is ingeschakeld, om te voorkomen dat de 12V-accu ontladen raakt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 448 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
449
5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
De USB-laadaansluitingen worden gebruikt om externe apparaten bij 5 V van
2,1 A aan stroom te voorzien (stroomverbruik van 10,5 W).
De USB-laadaansluitingen zijn uitsluitend bedoeld voor opladen. Ze zijn niet
ontworpen voor het overbrengen van gegevens of andere doeleinden.
Afhankelijk van het draagbare apparaat wordt er mogelijk niet goed opgela-
den. Raadpleeg de handleiding van het apparaat voordat u de laadaanslui-
ting gebruikt.
Gebruik van de USB-laadaansluitingen
Open het klepje.
De USB-laadaansluitingen kunnen worden gebruikt als
Het contact in stand ACC of AAN staat.
Situaties waarin de USB-laadaansluitingen mogelijk niet goed werken
Als er een apparaat dat meer dan 2,1 A bij 5 V verbruikt, wordt aangesloten (stroom-
verbruik van 10,5 W).
Als er een apparaat dat is ontworpen voor communicatie met een pc, zoals een USB-
geheugen, wordt aangesloten
Als het aangesloten externe apparaat wordt uitgeschakeld (afhankelijk van het appa-
raat)
Als de temperatuur in de auto hoog is, bijvoorbeeld nadat de auto in de zon heeft
gestaan
Over aangesloten externe apparaten
Afhankelijk van het aangesloten externe apparaat wordt het opladen mogelijk een
enkele keer onderbroken en vervolgens weer gestart. Dit duidt niet op een storing.
USB-laadaansluitingen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 449 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
450 5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Voorkomen van schade aan de USB-laadaansluitingen
Steek geen vreemde voorwerpen in de aansluitingen.
Mors geen water of andere vloeistoffen in de aansluitingen.
Sluit de klepjes als de USB-laadaansluitingen niet worden gebruikt. Vreemde voor-
werpen of vloeistoffen die in een aansluiting terechtkomen, kunnen kortsluiting ver-
oorzaken.
Oefen geen overmatige kracht uit op de USB-laadaansluitingen en stel ze niet
bloot aan hevige schokken.
Demonteer of wijzig de USB-laadaansluitingen niet.
Voorkomen van schade aan externe apparaten
Laat externe apparaten niet achter in de auto. De temperatuur in de auto kan hoog
oplopen, waardoor het externe apparaat beschadigd kan raken.
Druk niet op een extern apparaat of de kabel ervan en oefen er geen onnodige
druk op uit terwijl het apparaat is aangesloten.
Voorkomen van ontlading van de 12V-accu
Gebruik de USB-laadaansluitingen niet gedurende lange tijd wanneer het hybride-
systeem is uitgeschakeld.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 450 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
451
5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
U kunt een draagbaar apparaat, zoals een smartphone of mobiele telefoon,
opladen door het simpelweg op het laadgebied te plaatsen, mits het apparaat
compatibel is met de Qi draadloze-laadstandaard van het Wireless Power
Consortium.
De draadloze lader kan niet worden gebruikt met een draagbaar apparaat dat
groter is dan het laadgebied. Ook werkt de draadloze lader afhankelijk van
het draagbare apparaat mogelijk niet goed. Raadpleeg de handleiding van
het draagbare apparaat.
Symbool “Qi”
Het symbool “Qi” is een handelsmerk van het Wireless Power Consortium.
Namen van alle onderdelen
Voedingsschakelaar
Werkingsindicator
Laadgebied
Draadloze lader (indien aanwezig)
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 451 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
452 5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
Gebruik van de draadloze lader
Druk op de voedingsschakelaar
van de draadloze lader.
Door nogmaals op de schakelaar te
drukken wordt de draadloze lader
uitgeschakeld.
Wanneer de schakelaar aan is, gaat
de werkingsindicator (groen) bran-
den.
Als het contact UIT wordt gezet,
wordt de aan-/uitstatus van de
draadloze lader in het geheugen
opgeslagen.
Plaats een draagbaar apparaat
op het laadgebied met het
laadoppervlak omlaag gericht
Tijdens het laden gaat de werkings-
indicator (oranje) branden.
Wanneer het laden niet begint,
plaats dan het draagbare apparaat
zo dicht mogelijk bij het midden van
het laadgebied.
Wanneer het laden is voltooid, gaat de werkingsindicator (groen) branden.
Oplaadfunctie
Als er een poosje is verstreken sinds het laden is voltooid en het
draagbare apparaat niet is verplaatst, begint de draadloze lader
opnieuw met laden.
Als het draagbare apparaat binnen het laadgebied wordt verplaatst,
wordt het laden tijdelijk onderbroken en gaat vervolgens verder.
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 452 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
453
5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Status werkingsindicator
*: Afhankelijk van het draagbare apparaat blijft de werkingsindicator mogelijk (oranje)
branden nadat het laden is voltooid.
Als de werkingsindicator knippert
Als er een fout is gesignaleerd, knippert de werkingsindicator (oranje).
Neem de juiste maatregelen volgens onderstaande tabel.
Werkingsindicator Status
Uit De draadloze lader staat uit
Groen (brandt) Stand-by (laden is mogelijk)
Laden is voltooid*
Oranje (brandt)
Er is een draagbaar apparaat op het laadgebied
geplaatst (het draagbare apparaat wordt geïdenti-
ficeerd)
Bezig met laden
Werkingsindicator Vermoedelijke oorzaken Maatregel
Knippert continu (oranje)
met een interval van een
seconde
Fout in communicatie tus-
sen auto en lader.
Neem contact op met een
erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of
een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitge-
ruste deskundige.
Knippert 3 keer achter
elkaar (oranje)
Er bevindt zich een
vreemd object tussen het
draagbare apparaat en
het laadgebied.
Verwijder het vreemde
object.
Het draagbare apparaat is
niet op de juiste manier op
het laadgebied geplaatst.
Verplaats het draagbare
apparaat naar het midden
van het laadgebied.
Knippert 4 keer achter
elkaar (oranje)
De temperatuur van de
draadloze lader is
extreem hoog.
Stop direct met laden en
ga na een poosje weer
verder met laden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 453 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
454 5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
De draadloze lader kan worden bediend als
Het contact in stand ACC of AAN staat.
Draagbare apparaten die kunnen worden geladen
Draagbare apparaten die compatibel zijn met de Qi draadloze-laadstandaard kunnen
worden geladen met de draadloze lader. Compatibiliteit met alle apparaten die aan
de Qi draadloze-laadstandaard voldoen is echter niet gegarandeerd.
De draadloze lader is ontworpen voor het leveren van een laag vermogen (5 W of
lager) aan een mobiele telefoon, smartphone of ander draagbaar apparaat.
Wanneer er een hoesje om het draagbare apparaat zit of wanneer er een acces-
soire aan is bevestigd
Laad het draagbare apparaat niet wanneer er een hoesje om het draagbare apparaat
zit of wanneer er een accessoire aan is bevestigd die niet Qi-compatibel is. Afhankelijk
van het type hoesje en/of accessoire kan het zijn dat het laden van het draagbare
apparaat niet mogelijk is. Als het draagbare apparaat op het laadgebied is geplaatst
en niet wordt geladen, verwijder dan het hoesje en/of het accessoire.
Als er tijdens het laden ruis is te horen bij AM-radio-uitzendingen
Schakel de draadloze lader uit en controleer of de ruis is afgenomen. Als de ruis is
afgenomen, druk dan gedurende 2 seconden op de voedingsschakelaar van de draad-
loze lader. De frequentie van de draadloze lader wordt gewijzigd en de ruis neemt
mogelijk af. Wanneer de frequentie wordt gewijzigd, knippert de werkingsindicator
(oranje) 2 maal.
Voorzorgsmaatregelen bij opladen
Als de elektronische sleutel niet in het interieur kan worden gesignaleerd, kan er niet
worden geladen. Wanneer een portier wordt geopend en gesloten, wordt het laden
mogelijk tijdelijk onderbroken.
Tijdens het laden worden de draadloze lader en het draagbare apparaat warm. Dit
duidt niet op een storing.
Wanneer een draagbaar apparaat tijdens het laden warm wordt en het laden stopt
als gevolg van de beschermingsfunctie van het draagbare apparaat, wacht dan tot
het draagbare apparaat is afgekoeld en laad dan opnieuw.
Geluid gegenereerd tijdens de bediening
Wanneer de voedingsschakelaar wordt ingeschakeld of tijdens het identificeren van
een draagbaar apparaat, zijn er mogelijk werkingsgeluiden te horen. Dit duidt niet op
een storing.
Schoonmaken van de draadloze lader
Blz. 470
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 454 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
455
5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
WAARSCHUWING
Wees voorzichtig tijdens het rijden
Wanneer een draagbaar apparaat wordt opgeladen, dient de bestuurder uit veilig-
heidsoverwegingen het draagbare apparaat niet te bedienen tijdens het rijden.
Waarschuwing met betrekking tot beïnvloeding van elektronische apparatuur
Mensen met geïmplanteerde pacemakers, CRT-pacemakers, geïmplanteerde hart-
defibrillatoren of andere elektrische medische apparaten dienen hun arts te raadple-
gen m.b.t. het gebruik van de draadloze lader.
De werking van de draadloze lader heeft mogelijk invloed op de medische appara-
ten.
Voorkomen van schade en brandwonden
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Anders kan er brand of een storing of schade ontstaan in de apparatuur en kunnen
brandwonden ontstaan als gevolg van hitte.
Plaats tijdens het laden geen metalen voorwerpen tussen het laadgebied en het
draagbare apparaat.
Breng geen metaalhoudende voorwerpen, zoals aluminium stickers, aan op het
laadgebied.
Dek de draadloze lader tijdens het laden niet af met een doek of ander voorwerp.
Probeer geen draagbare apparaten op te laden die niet compatibel zijn met de Qi
draadloze-laadstandaard.
Breng geen wijzigingen aan de draadloze lader aan en wijzig of verwijder hem niet.
Oefen geen kracht uit of de draadloze lader en stel hem niet bloot aan stoten.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 455 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
456 5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Omstandigheden waaronder de draadloze lader mogelijk niet goed werkt
In de volgende situaties werkt de draadloze lader mogelijk niet goed:
Wanneer een draagbaar apparaat volledig is geladen
Wanneer zich verontreinigingen bevinden tussen het laadgebied en het draagbare
apparaat
Wanneer een draagbaar apparaat tijdens het laden heet wordt
Wanneer een draagbaar apparaat op het laadgebied is geplaatst met het laadop-
pervlak naar boven gericht
Wanneer een draagbaar apparaat niet in het midden van het laadgebied is
geplaatst
Wanneer de auto zich in de buurt bevindt van een televisiezendmast, elektriciteits-
centrale, tankstation, radiozender, videowall, luchthaven of andere locatie waar
sterke radiogolven of elektromagnetische velden aanwezig zijn
Wanneer het draagbare apparaat tegen een van de volgende metalen voorwerpen
wordt gehouden of erdoor wordt bedekt:
Kaarten met aluminiumfolie
Sigarettenpakjes met aluminiumfolie erin
Metalen portemonnees of tassen
•Muntgeld
Metalen handwarmers
Media zoals CD's en DVD's
Als er andere sleutels met afstandsbediening (die radiogolven uitzenden) dan die
van uw auto in de buurt gebruikt worden.
Als in andere dan de hierboven genoemde situaties de draadloze lader niet goed
werkt of als de werkingsindicator knippert, is de draadloze lader mogelijk defect.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Voorkomen van storingen of schade aan gegevens
Houd tijdens het laden geen magnetische kaarten (zoals creditcards) of magneti-
sche opslagmedia in de buurt van de draadloze lader. Anders kunnen onder
invloed van magnetisme gegevens verloren gaan.
Houd ook precisie-onderdelen zoals polshorloges uit de buurt van de draadloze
lader, aangezien deze voorwerpen defect kunnen raken.
Laat draagbare apparaten niet in de auto achter. De temperatuur in de auto kan in
de zon hoog oplopen, waardoor het apparaat beschadigd kan raken.
Voorkomen van ontlading van de 12V-accu
Gebruik de draadloze lader niet gedurende lange tijd wanneer het hybridesysteem is
uitgeschakeld.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 456 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
457
5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Klap de armsteun omlaag om deze te
kunnen gebruiken.
Armsteun
Type A Type B
Type C
OPMERKING
Plaats geen al te zware last op de armsteun om schade aan de armsteun te voorko-
men.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 457 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
458 5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
Het zonnescherm voor de achterruit
kan op onderstaande wijze omhoog
en omlaag worden bewogen.
Bedieningstoetsen instrumentenpaneel
Selecteer op het multi-informatiedisplay met de bedieningstoetsen
voor het instrumentenpaneel op het stuurwiel. (Blz. 148)
Selecteer en druk vervolgens op .
Telkens wanneer wordt ingedrukt, wordt de bedieningsrichting van het
zonnescherm voor de achterruit gewijzigd.
Vanaf een achterstoel
Klap de armsteun achter omlaag. (Blz. 457)
Druk op om het bedie-
ningspaneel achter in te schake-
len.
Kies de toets .
Telkens wanneer de toets
wordt gekozen, wordt de bedie-
ningsrichting van het zonnescherm
voor de achterruit gewijzigd.
Zonnescherm achterruit (indien aanwezig)
1
2
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 458 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
459
5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Het zonnescherm voor de achterruit kan worden gebruikt wanneer het contact AAN
staat.
Ook nadat het contact UIT is gezet, kan het zonnescherm voor de achterruit nog
gedurende ongeveer 1 minuut worden bediend.
Automatisch oprollen bij achteruitrijden: voor een optimaal zicht naar achteren wordt
het zonnescherm voor de achterruit automatisch opgerold als de selectiehendel in
stand R wordt gezet.
Het zonnescherm gaat weer omhoog onder de volgende omstandigheden:
De toets wordt nogmaals ingedrukt.
De selectiehendel wordt in stand P gezet.
De selectiehendel is uit stand R gezet en de rijsnelheid wordt minimaal 15 km/h.
Het contact wordt UIT gezet.
Het automatisch oprollen bij achteruitrijden werkt onder bepaalde omstandigheden
mogelijk niet. Druk in dergelijke gevallen op de toets om het zonnescherm voor de
achterruit omlaag/omhoog te bewegen.
Het bedieningspaneel achter wordt uitgeschakeld wanneer dit gedurende ongeveer
10 seconden niet wordt bediend.
Wijzigen van de instellingen van het bedieningspaneel achter (Blz. 432)
WAARSCHUWING
Zorg ervoor dat er geen vingers of voorwerpen tussen het zonnescherm en de gelei-
ders aanwezig zijn wanneer het zonnescherm voor de achterruit wordt bediend.
Deze zouden bekneld kunnen raken, waardoor letsel of schade kan ontstaan.
OPMERKING
Bedien het zonnescherm voor de achterruit niet als het hybridesysteem niet is
ingeschakeld, om te voorkomen dat de 12V-accu ontladen raakt.
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht voor een optimale werking van
het zonnescherm achter.
Belast de motor of andere componenten van het zonnescherm voor de achter-
ruit niet overmatig.
Plaats geen voorwerpen waar deze het openen/sluiten van het zonnescherm
kunnen hinderen.
Bevestig niets aan het zonnescherm.
Houd de opening schoon en plaats ook niets op de opening.
Bedien het zonnescherm voor de achterruit niet gedurende een langere tijd ach-
ter elkaar.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 459 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
460 5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
Trek het lipje omhoog en haak het
zonnescherm vast aan de bevesti-
gingspunten.
Trek om het zonnescherm te laten zak-
ken het lipje iets omhoog om het zon-
nescherm los te maken van de
bevestigingspunten en laat het zonne-
scherm langzaam zakken.
Zonneschermen achterportieren (indien aanwezig)
WAARSCHUWING
Zorg ervoor dat er geen vingers of voorwerpen tussen het zonnescherm en de gelei-
ders aanwezig zijn wanneer de zonneschermen voor de achterportieren worden
bediend. Deze zouden bekneld kunnen raken, waardoor letsel of schade kan ont-
staan.
OPMERKING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht voor een optimale werking van de
zonneschermen voor de achterportieren:
Plaats geen voorwerpen waar deze het openen/sluiten van het zonnescherm kun-
nen hinderen.
Plaats geen voorwerpen op de zonneschermen.
Houd de opening schoon en plaats ook niets op de opening.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 460 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
461
5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
5
Voorzieningen in het interieur
Een handgreep aan het dak kan ter
ondersteuning van uw lichaam wor-
den gebruikt wanneer u zit.
De handgrepen achter zijn voorzien
van kledinghaakjes.
Handgrepen
WAARSCHUWING
Gebruik de handgreep niet bij het in- of uitstappen of bij het opstaan vanaf uw zit-
plaats.
OPMERKING
Belast de handgreep niet overmatig, om beschadiging van de handgreep te voorko-
men.
Kledinghaakjes
WAARSCHUWING
Hang geen kleerhangers, harde voorwerpen of voorwerpen met scherpe punten aan
het kledinghaakje. Als de curtain airbags geactiveerd worden, kunnen deze voorwer-
pen projectielen worden en ernstig letsel veroorzaken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 461 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
462 5-4. Overige voorzieningen in het interieur
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 462 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
463
6
Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_EE
6-1. Onderhoud en verzorging
Reinigen en beschermen
van het exterieur
van uw auto ..........................464
Reinigen en beschermen
van het interieur
van uw auto ..........................469
6-2. Onderhoud
Onderhoud en reparatie..........472
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
Voorzorgsmaatregelen
bij zelf uit te voeren
onderhoud.............................475
Motorkap ................................. 477
Plaatsen van een garagekrik...478
Motorruimte............................. 479
12V-accu................................. 486
Banden.................................... 490
Bandenspanning .....................507
Velgen.....................................509
Interieurfilter ............................ 511
Schoonmaken van
de ventilatieopening en het
filter van het batterijpakket
(tractiebatterij).......................514
Batterij elektronische sleutel ...519
Controleren en vervangen
van zekeringen .....................522
Lampen ...................................525
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 463 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
464
CAMRY_HV_EE
6-1. Onderhoud en verzorging
Spoel de auto van boven naar beneden af met veel water en verwijder zo
vuil en stof van de carrosserie, uit de wielkasten en van de onderkant van
de auto.
Was de auto met een spons of een zachte doek (bijv. een zeemlap).
Verwijder hardnekkige vlekken met een autowasmiddel en spoel grondig
af met water.
Veeg overtollig water weg.
Wanneer het water niet meer in druppels op de lak blijft liggen, moet de
auto opnieuw in de was worden gezet.
Zet de auto alleen in de was als de carrosserie is afgekoeld.
Wassen in de wasstraat
Zorg ervoor dat de buitenspiegels zijn ingeklapt voordat u van een wasstraat gebruik-
maakt. Begin met wassen vanaf de voorzijde van de auto. Klap de spiegels weer uit
voordat u gaat rijden.
Sommige borstels in wasstraten kunnen krassen veroorzaken op de carrosserie en
andere onderdelen (velgen, enz.), waardoor de lak van uw auto wordt beschadigd.
Hogedrukreinigers
Spuit niet van dichtbij op de randen van de portieren of de ruiten en blijf er niet langdu-
rig op spuiten, omdat er anders water in het interieur terecht kan komen.
Bij gebruik van een wasstraat
Als de portiergreep nat wordt terwijl de elektronische sleutel zich binnen het werkzame
gebied bevindt, kan het portier herhaaldelijk worden vergrendeld en ontgrendeld. Volg
in dat geval de correctieprocedure hieronder bij het wassen van de auto:
Leg de sleutel op een afstand van ten minste 2 m van de auto als u de auto wast.
(Zorg ervoor dat de sleutel niet gestolen wordt.)
Schakel de energiebespaarmodus van de elektronische sleutel in om het Smart
entry-systeem met startknop uit te schakelen. (Blz. 187)
Reinigen en beschermen van het
exterieur van uw auto
Voer het volgende uit om uw auto te beschermen en in perfecte staat te
houden:
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 464 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
465
6-1. Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Velgen en wieldoppen
Verwijder vuil onmiddellijk met een neutraal reinigingsmiddel.
Spoel het reinigingsmiddel direct na het gebruik weg met water.
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht om de lak tegen beschadiging te
beschermen.
Gebruik geen zuurhoudende of alkalische middelen of schuurmiddelen
Gebruik geen harde borstels
Reinig de velgen niet met reinigingsmiddelen als de velgen, bijvoorbeeld na het
rijden of stilstaan bij warm weer, nog warm zijn
Bumpers
Gebruik geen schuurmiddelen.
Herstel van het regenafstotende effect van het spiegeloppervlak (indien aanwe-
zig)
Het regenafstotende effect van het spiegeloppervlak zal geleidelijk terugkeren na
blootstelling aan zonlicht (Blz. 251).
Wanneer u het regenafstotende effect echter direct wilt herstellen, voer dan de vol-
gende procedures uit:
Spoel het spiegeloppervlak af met water om vuil te verwijderen.
Verwijder het vuil met een schone, zachte en natte doek.
Reinig het spiegeloppervlak met ruitenreiniger of schoonmaakmiddel. Als schoon-
maakmiddel wordt gebruikt, spoel het spiegeloppervlak dan af met veel water.
Verwijder water van het spiegeloppervlak met een schone, zachte doek, enz.
Parkeer uw auto buiten om het spiegeloppervlak ongeveer 5 uur aan zonlicht bloot
te stellen. (De hersteltijd varieert afhankelijk van de hoeveelheid en het soort vuil.)
Verchroomde delen
Als het vuil niet kan worden verwijderd, reinig de onderdelen dan als volgt:
Gebruik een zachte doek en sop met ongeveer 5% neutraal reinigingsmiddel om het
vuil te verwijderen.
Veeg daarna het resterende vocht van het leder af met een droge, schone doek.
Gebruik met alcohol natgemaakte doekjes o.i.d. om olieresten te verwijderen.
1
2
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 465 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
466 6-1. Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Bij het wassen van de auto
Zorg dat er geen water in de motorruimte komt. Anders kunnen de elektrische com-
ponenten, enz. vlam vatten.
Bij het wassen van de voorruit
Wanneer het bovenste deel van de voorruit waar de regensensor is geplaatst met
de hand wordt aangeraakt
Wanneer een natte doek of iets dergelijks in de buurt van de regensensor wordt
gehouden
Als iets tegen de voorruit stoot
Als u het regensensorhuis aanraakt of als iets in aanraking komt met de regensen-
sor
Voorzorgsmaatregelen met betrekking tot de uitlaatpijp
Uitlaatgassen zorgen ervoor dat de uitlaatpijp tamelijk heet wordt.
Raak wanneer u de auto wast de uitlaatpijp niet aan totdat deze voldoende is afge-
koeld, aangezien het aanraken van een hete uitlaatpijp brandwonden kan veroorza-
ken.
Voorzorgsmaatregelen met betrekking tot de achterbumper met de Blind Spot
Monitor (indien aanwezig)
Als de lak van de achterbumper is geschilferd of bekrast, kan een storing optreden in
het systeem. Neem, als dit gebeurt, contact op met een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige en gebruik het systeem niet.
Uit
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 466 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
467
6-1. Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
OPMERKING
Aantasting van de lak en corrosie van de carrosserie en onderdelen (lichtmeta-
len velgen, enz.) voorkomen
Was de auto zo spoedig mogelijk:
Na het rijden in een kustgebied
Na het rijden over gepekelde wegen
Als er zich teer of boomsappen op de lak bevinden
Als er zich dode insecten, insecten- of vogelpoep op de lak bevinden
Na het rijden in gebieden waar sprake is van veel rook, stof, ijzerdeeltjes of che-
mische stoffen
Als de auto erg vuil is geworden van stof of modder
Als er brandstof op de lak is gemorst
Als de lak is geschilferd of bekrast, laat deze dan direct herstellen.
Verwijder vuil van de velgen en berg ze op een droge plaats op om te voorkomen
dat de velgen tijdens de opslag gaan corroderen.
Schoonmaken van de verlichting aan de buitenzijde
Was deze met de nodige voorzichtigheid. Gebruik geen organische oplosmiddelen
en borstel ze ook niet af met een harde borstel.
Dit kan het oppervlak van de lampen beschadigen.
Breng geen was aan op de lenzen.
Was kan het lampglas beschadigen.
Bij het wassen van de auto in een wasstraat
Zet de ruitenwisserschakelaar in stand OFF.
Als de ruitenwisserschakelaar in stand AUTO staat, kunnen de ruitenwissers in wer-
king treden waardoor de ruitenwisserbladen beschadigd kunnen raken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 467 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
468 6-1. Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Reinigen met een hogedrukreiniger
Spuit geen water rechtstreeks op de radar die achter het embleem is aangebracht.
Anders kan het systeem beschadigd raken.
Houd de sproeierkop uit de buurt van hoezen (rubberen of kunststof afdekkingen),
stekkers of de volgende onderdelen. Wanneer onderdelen in aanraking komen met
sterke waterstralen, kunnen ze beschadigd raken.
Aan tractie gerelateerde onderdelen
Onderdelen stuurinrichting
Onderdelen wielophanging
Onderdelen remsysteem
Houd de sproeierkop op ten minste 30 cm van de carrosserie. Anders kunnen
kunststof delen, zoals lijsten en bumpers, vervormd of beschadigd raken. Houd de
sproeierkop ook niet de hele tijd op dezelfde plek.
Spuit niet continu met water op het onderste gedeelte van de voorruit.
Daar bevindt zich de luchtinlaatopening voor de airconditioning en als daar water
doorheen komt, werkt de airconditioning mogelijk niet goed.
Reinig de onderzijde van de auto niet met een hogedrukreiniger.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 468 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
469
6-1. Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Verwijder vuil en stof met een stofzuiger. Veeg vuile oppervlakken schoon
met een in lauw water gedompelde doek.
Als het vuil niet kan worden verwijderd, verwijder het dan met een zachte
doek met water met ongeveer 1% reinigingsmiddel.
Verwijder alle sporen van het reinigingsmiddel en water grondig met een
schone, vochtige doek.
Verwijder vuil met een zachte doek of synthetische zeem die vochtig is
gemaakt in een sop met zuiveringszout.
Gebruik sop met maximaal 9% zuiveringszout opgelost in water.
Veeg daarna het resterende vocht van het leder af met een droge, schone
doek.
Verwijder vuil en stof met een stofzuiger.
Veeg overtollig vuil en stof weg met een zachte doek die is bevochtigd met
een verdund reinigingsmiddel.
Gebruik sop met ongeveer 5% wolreinigingsmiddel.
Verwijder alle sporen van het reinigingsmiddel grondig met een schone,
vochtige doek.
Veeg daarna het resterende vocht van het leder af met een droge, schone
doek. Laat de lederen bekleding drogen in een geventileerde ruimte in de
schaduw.
Reinigen en beschermen van het interieur
van uw auto
Voer het volgende uit om het interieur van uw auto te beschermen en in
perfecte staat te houden:
Beschermen van het interieur
Schoonmaken van de metaalaccenten met satijnglans
Schoonmaken van lederen bekleding
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 469 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
470 6-1. Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_EE
Verwijder vuil en stof met een stofzuiger.
Verwijder het met een zachte vochtige doek met ongeveer 1% reinigings-
middel.
Verwijder alle sporen van het reinigingsmiddel en water grondig met een
schone, vochtige doek.
Onderhoud van lederen bekleding
Om het interieur in een goede conditie te houden, raadt Toyota u aan het ten minste
twee keer per jaar schoon te maken.
Schoonmaken van de vloerbedekking
Er zijn verschillende reinigingsmiddelen op schuimbasis in de handel verkrijgbaar.
Gebruik een spons of een borstel om het schuim aan te brengen. Wrijf met elkaar
overlappende cirkels. Gebruik geen water. Veeg vuile oppervlakken schoon en laat ze
drogen. Het beste resultaat wordt verkregen als de vloerbedekking zo droog mogelijk
wordt gehouden.
Veiligheidsgordels
Maak de veiligheidsgordels schoon met een mild sop, lauw water en een doek of
spons. Controleer ook de gordels regelmatig op overmatige slijtage, rafels en scheu-
ren.
Schoonmaken van kunstleder
WAARSCHUWING
Water in de auto
Mors geen vloeistof in de auto, zoals op de vloer, in de ventilatieopening van het
batterijpakket (tractiebatterij) of in de bagageruimte.
Anders kunnen het batterijpakket, elektrische onderdelen en dergelijke defect
raken of vlam vatten.
Voorkom dat onderdelen of de bedrading van het airbagsysteem in het interieur nat
worden.
(Blz. 44)
Een elektrische storing kan ervoor zorgen dat de airbags worden geactiveerd of
niet op de juiste wijze werken, waardoor ernstig letsel kan ontstaan.
Auto's met draadloze lader: Laat de draadloze lader (Blz. 451) niet nat worden.
Als dat wel gebeurt, kan de lader oververhit raken, wat kan leiden tot brandwonden
of een elektrische schok, waarbij ernstig letsel kan ontstaan.
Reinigen van het interieur (met name het dashboard)
Gebruik geen autowas of lakcleaner. Het dashboard kan in de voorruit worden weer-
kaatst; hierdoor kan het gezichtsveld van de bestuurder worden belemmerd wat een
ernstig ongeval tot gevolg kan hebben.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 470 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
471
6-1. Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
OPMERKING
Reinigingsmiddelen
Gebruik de volgende reinigingsmiddelen niet, omdat ze verkleuring van het interi-
eur of strepen en beschadigingen van gelakte oppervlakken kunnen veroorzaken:
Andere gebieden dan de stoelen of het stuurwiel: organische reinigingsmidde-
len zoals wasbenzine of terpentine, alkalische of zuurhoudende middelen, tex-
tielverf of bleekmiddel
Stoelen: Alkalische en zuurhoudende middelen, zoals thinner, wasbenzine en
alcohol
Stuurwiel: organische reinigingsmiddelen, zoals thinner, en reinigingsmiddelen
met alcohol
Gebruik geen autowas of lakcleaner. Het dashboard of andere gelakte delen van
het interieur kunnen beschadigd raken.
Voorkomen van beschadiging van lederen bekleding
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht om beschadiging en vroegtijdige
slijtage van lederen bekleding te voorkomen:
Verwijder stof en vuil onmiddellijk van de bekleding.
Stel de auto niet langdurig bloot aan direct zonlicht. Parkeer uw auto in de scha-
duw, vooral bij warm weer.
Leg geen vinyl of plastic voorwerpen of artikelen die was bevatten op de bekleding,
aangezien ze bij hoge temperaturen in het interieur mogelijk aan het leer vast blij-
ven kleven.
Water op de vloerbedekking
Was de vloerbedekking van de auto niet met water.
Water dat in contact komt met elektrische onderdelen boven of onder de vloerbedek-
king, kan schade aan de verschillende systemen van de auto veroorzaken, bijvoor-
beeld aan het audiosysteem. Water kan bovendien roest aan de carrosserie
veroorzaken.
Bij het schoonmaken van de binnenzijde van de voorruit
Zorg ervoor dat er geen glasreiniger op de lens terechtkomt. Raak de lens ook niet
aan. (Blz. 309)
Schoonmaken van de binnenzijde van de achterruit
Gebruik geen ruitenreiniger om de achterruit schoon te maken. Hierdoor kunnen de
verwarmingsdraden en antenne beschadigd raken. Veeg de ruit voorzichtig schoon
met een doek en lauw water. Veeg de ruit schoon in dezelfde richting als de ver-
warmingsdraden en antenne.
Voorkom beschadiging van de verwarmingsdraden en de antenne.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 471 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
472
CAMRY_HV_EE
6-2. Onderhoud
Laat het periodiek onderhoud aan uw auto uitvoeren volgens het onder-
houdsschema.
Zie het onderhouds- en garantieboekje voor het onderhoudsschema.
Waar naartoe voor goed onderhoud?
Om uw auto in de best mogelijke staat te houden, raadt Toyota u aan om alle
onderhoudswerkzaamheden, inspecties en reparaties te laten uitvoeren door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwa-
lificeerde en uitgeruste deskundige. Laat door de garantie gedekte reparaties en
servicewerkzaamheden uitvoeren door een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur, die originele Toyota-onderdelen gebruikt bij het oplossen van eventuele
problemen met uw auto. Er kunnen ook voordelen aan zitten om niet door de
garantie gedekte reparaties en servicewerkzaamheden te laten uitvoeren door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur, omdat die u met zijn expertise kan
helpen eventuele problemen met uw auto op te lossen.
Uw Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige voert alle onderhoudswerkzaamheden aan uw
auto betrouwbaar en tegen zo laag mogelijke kosten uit, dankzij zijn ervaring met
Toyota's.
Onderhoud en reparatie
Om veilig en zuinig te kunnen rijden is het van essentieel belang dat uw
auto goed verzorgd en onderhouden wordt. Toyota raadt u aan uw auto
als volgt te onderhouden:
Periodiek onderhoud
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 472 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
473
6-2. Onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Hoe zit het met zelf uit te voeren onderhoud?
Als u een beetje technisch inzicht en wat eenvoudig gereedschap hebt, zijn veel
onderhoudswerkzaamheden zelf uit te voeren.
Houd er echter rekening mee dat voor bepaalde werkzaamheden speciaal gereed-
schap en kennis benodigd zijn.
Dit soort werkzaamheden kunt u beter overlaten aan een deskundig monteur. Zelfs
als u een ervaren doe-het-zelfmonteur bent, raden wij u aan om reparaties en
onderhoud door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige uit te laten voeren. Een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur houdt de onderhoudshistorie van uw
Toyota bij, wat handig kan zijn als u ooit werkzaamheden moet laten uitvoeren die
onder de garantie vallen. Indien u de service- of onderhoudswerkzaamheden door
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige dan een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur laat uitvoeren, raden wij u aan te
vragen of de onderhoudshistorie kan worden bijgehouden.
Wanneer moet uw auto worden gerepareerd?
Wees attent op veranderingen in de prestaties en geluiden en op zichtbare tekenen
die erop wijzen dat onderhoud noodzakelijk is. Een paar belangrijke aanwijzingen zijn:
De motor hapert, stottert of slaat over
Een merkbaar verlies aan trekkracht
Vreemde motorgeluiden
Sporen van lekkage onder de auto (na gebruik van de airconditioning is waterlekk-
age echter normaal)
Verandering in het uitlaatgeluid (dit kan wijzen op een zeer gevaarlijk koolmonoxide-
lek. Rijd met alle ruiten open en laat het uitlaatsysteem onmiddellijk controleren).
Abnormaal zachte banden, ongewoon veel bandengepiep bij het nemen van bochten
of ongelijkmatige bandenslijtage
De auto trekt naar één kant, terwijl u rechtuitrijdt op een vlakke weg
Vreemde geluiden die kennelijk in verband staan met de bewegingen van de wielop-
hanging
Verlies van remkracht; “sponzig” aanvoelend rempedaal; het pedaal kan bijna tot op
de vloer worden ingetrapt; scheeftrekken van de auto bij remmen
Motortemperatuur voortdurend hoger dan normaal
Als u een van deze zaken merkt, laat dan uw auto zo snel mogelijk nakijken door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige. Mogelijk moet uw auto afgesteld of gerepareerd
worden.
Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 473 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
474 6-2. Onderhoud
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Wanneer uw auto niet volgens de voorschriften is onderhouden
Onjuist onderhoud kan ernstige schade aan de auto en ernstig letsel veroorzaken.
Belangrijke gezondheids- en veiligheidsinformatie
12V-accupolen, aansluitingen en bijbehorende onderdelen bevatten lood. Een lood-
vergiftiging kan hersenbeschadiging veroorzaken. Was daarom na werkzaamheden
altijd uw handen. (Blz. 486)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 474 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
6
Onderhoud en verzorging
475
CAMRY_HV_EE
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
Voorzorgsmaatregelen bij zelf uit te
voeren onderhoud
Als u controles en onderhoudswerkzaamheden uitvoert, dient u dit pre-
cies te doen zoals in dit hoofdstuk wordt beschreven.
Onderwerp Benodigdheden
Conditie 12V-accu
(Blz. 486) •Vet
Universele sleutel (voor de bouten van de accukabels)
Koelvloeistofniveau
motor/vermogens-
regeleenheid
(Blz. 483)
Toyota Super Long Life Coolant of een gelijkwaardig pro-
duct
Toyota Super Long Life koelvloeistof is voorgemixt met
50% koelvloeistof en 50% gedestilleerd water.
Trechter (uitsluitend voor het bijvullen van koelvloeistof)
Motoroliepeil
(Blz. 480)
Originele Toyota-motorolie of gelijkwaardig
Doek of poetspapier
Trechter (uitsluitend voor het bijvullen van motorolie)
Zekeringen
(Blz. 522) Zekering met dezelfde stroomsterkte als de oorspronkelijke
zekering
Ventilatieopening
batterijpakket
(tractiebatterij)
(Blz. 514)
Stofzuiger, enz.
Kruiskopschroevendraaier
Lampen
(Blz. 525)
Lamp met hetzelfde nummer en vermogen als het oor-
spronkelijke exemplaar
Sleufkopschroevendraaier
•Sleutel
Radiateur/conden-
sor (Blz. 484)
Bandenspanning
(Blz. 507) Bandenspanningsmeter
Compressor
Ruitensproeiervloei-
stof (Blz. 485)
Water of ruitensproeiervloeistof met antivries (voor gebruik
onder winterse omstandigheden)
Trechter (uitsluitend voor het bijvullen van ruitensproeier-
vloeistof)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 475 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
476 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
In de motorruimte bevinden zich allerlei mechanismen en vloeistoffen die plotseling in
beweging kunnen komen, heet kunnen worden of elektrisch geladen kunnen worden.
Neem onderstaande voorzorgsmaatregelen in acht om ernstig letsel te voorkomen.
Tijdens werkzaamheden in de motorruimte
Controleer of het controlelampje READY niet brandt.
Houd handen, kleding en gereedschap uit de buurt van de draaiende ventilator en
de aandrijfriem.
Raak de motor, de vermogensregeleenheid, de radiateur, het uitlaatspruitstuk, enz.
niet direct na het rijden aan, aangezien deze onderdelen heet kunnen zijn. De olie
en andere vloeistoffen kunnen ook heet zijn.
Laat geen brandbare voorwerpen, zoals een stuk papier of een doek, achter in de
motorruimte.
Rook niet, veroorzaak geen vonken en voorkom open vuur in de buurt van brand-
stof. Brandstofdampen zijn licht ontvlambaar.
Wees voorzichtig, want remvloeistof is gevaarlijk voor uw handen en ogen en kan
gelakte oppervlakken beschadigen. Als u remvloeistof op uw handen of in uw ogen
krijgt, spoel ze dan onmiddellijk met schoon water.
Raadpleeg een arts als u last blijft houden.
Werkzaamheden bij de elektrische koelventilator of de radiateur
Zorg ervoor dat het contact UIT staat. Wanneer het contact AAN staat, kan de elek-
trische koelventilator automatisch worden ingeschakeld als de airconditioning wordt
ingeschakeld en/of als de koelvloeistoftemperatuur hoog is. (Blz. 484)
Veiligheidsbril
Draag een veiligheidsbril om uw ogen te beschermen tegen rondvliegend of vallend
materiaal, een straal vloeistof, enz.
OPMERKING
Wanneer u het luchtfilter verwijdert
Rijden zonder luchtfilter kan leiden tot overmatige motorslijtage door vuil in de inlaat-
lucht.
Als het vloeistofniveau te laag of te hoog is
Het is normaal dat het remvloeistofniveau iets lager wordt door slijtage van de rem-
blokken of door een hoog vloeistofniveau in de accumulator.
Als het reservoir regelmatig moet worden bijgevuld, kan dit duiden op een serieus
probleem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 476 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
477
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Trek de ontgrendelingshendel van
de motorkap naar u toe.
De motorkap zal iets omhoog springen.
Trek de veiligheidshaak omhoog
en open de motorkap.
Waarschuwingszoemer open motorkap
Als de rijsnelheid 5 km/h wordt, knippert het centrale waarschuwingslampje en klinkt er
een zoemer om aan te geven dat de motorkap niet goed is gesloten.
Motorkap
Ontgrendelen van de motorkap vanuit het interieur.
1
2
WAARSCHUWING
Controle voor het rijden
Controleer of de motorkap goed dicht en vergrendeld is.
Als de motorkap niet goed vergrendeld is, kan hij tijdens het rijden onverwacht open-
gaan, waardoor een ongeval kan ontstaan met mogelijk ernstig letsel tot gevolg.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 477 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
478 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Voor
Achter
Plaatsen van een garagekrik
Volg bij het gebruik van een garagekrik altijd de bij de krik geleverde
handleiding en wees voorzichtig.
Krik de auto uitsluitend op met de garagekrik onder een van de aange-
geven kriksteunpunten. Als de auto wordt opgekrikt terwijl de krik niet
goed is geplaatst, kan de auto beschadigd raken of van de krik vallen
en ernstig letsel veroorzaken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 478 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
479
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Motorruimte
Zekeringkasten (indien aanwezig)
(Blz. 522)
Motorolievuldop
(Blz. 481)
Oliepeilstok
(Blz. 480)
Radiateur (Blz. 484)
Elektrische koelventilator
Condensor (Blz. 484)
Koelvloeistofreservoir
vermogensregeleenheid
(Blz. 483)
Koelvloeistofreservoir
(Blz. 483)
Sproeierreservoir (Blz. 485)
1
2
3
4
5
6
7
8
9
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 479 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
480 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Controleer het oliepeil met behulp van de peilstok bij bedrijfswarme, afge-
zette motor.
Controle van motorolie
Plaats de auto op een horizontale ondergrond. Wacht, nadat de motor
op bedrijfstemperatuur is gekomen en het hybridesysteem is uitgescha-
keld, minstens 5 minuten om de olie de gelegenheid te geven naar het
carter terug te stromen.
Trek de peilstok uit de motor ter-
wijl u een doek onder het uit-
einde houdt.
Veeg de peilstok met een schone doek af.
Steek de peilstok weer volledig in de motor.
Trek de peilstok uit de motor en controleer het oliepeil terwijl u een doek
onder het uiteinde houdt.
Laag
Normaal
Te hoog
De vorm van de peilstok is afhanke-
lijk van de uitvoering van de auto en
het motortype.
Veeg de peilstok af en steek deze helemaal terug in de houder.
Motorolie
1
2
3
4
5
1
2
3
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 480 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
481
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Motorolie bijvullen
Als het oliepeil onder het onderste
merkteken of er net boven ligt,
moet u olie bijvullen van het type
zoals hierna is vermeld, of van het-
zelfde type als waarmee de motor
eerder werd gevuld.
Controleer welke kwaliteit motorolie wordt voorgeschreven en leg de beno-
digdheden voor het bijvullen klaar.
Verwijder de olievuldop door deze linksom te draaien.
Giet beetje voor beetje motorolie in de vulopening en controleer onder-
tussen het oliepeil steeds door middel van de peilstok.
Plaats de olievuldop door deze rechtsom te draaien.
Olieverbruik
Er wordt tijdens het rijden een bepaalde hoeveelheid motorolie verbruikt. In de vol-
gende situaties neemt het olieverbruik mogelijk toe en moet er mogelijk tussen de
onderhoudsintervallen motorolie worden bijgevuld.
Als de motor nog nieuw is, bijvoorbeeld direct na aanschaf van de auto of nadat de
motor is vervangen
Als een lagere kwaliteit motorolie of motorolie met een verkeerde viscositeit wordt
gebruikt
Bij het rijden met hoge motortoerentallen of met een zwaar beladen auto, of veelvul-
dig optrekken en afremmen
Als de motor langdurig stationair draait, of bij veelvuldig rijden in druk verkeer
Keuze motorolie Blz. 613
Oliehoeveelheid
(minimaal
maximaal) 1,5 l (1,6 qt., 1,3 Imp.qt.)
Onderwerp Schone trechter
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 481 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
482 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Afgewerkte motorolie
Afgewerkte motorolie bevat schadelijke stoffen die huidaandoeningen zoals ontste-
king of huidkanker kunnen veroorzaken. Wees daarom voorzichtig en vermijd lang-
durig en herhaaldelijk contact met de huid. Verwijder afgewerkte motorolie door
goed met water en zeep te wassen.
Voer afgewerkte motorolie en gebruikte oliefilters op een veilige en acceptabele
manier af. Gooi afgewerkte motorolie en gebruikte oliefilters nooit weg in de vuilnis-
bak, in het riool of zomaar ergens.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur, een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige, tankstation of een
automaterialenzaak voor meer informatie over recycling of afvoeren.
Houd motorolie buiten het bereik van kinderen.
OPMERKING
Voorkomen van ernstige schade aan de motor
Controleer regelmatig het oliepeil.
Bij het olie verversen of bijvullen
Let erop dat er geen motorolie op onderdelen van de auto terechtkomt.
Vul nooit te veel olie bij, anders kan de motor beschadigd raken.
Controleer na het olie verversen altijd het oliepeil met de peilstok.
Controleer of de olievuldop goed is vastgedraaid.
Als er olie wordt gemorst op de motorafdekplaat
Verwijder eventueel aanwezige motorolie zo snel mogelijk van de motorafdekplaat
met een neutraal reinigingsmiddel om te voorkomen dat de motorafdekplaat bescha-
digd raakt.
Gebruik geen organisch oplosmiddel, zoals remmenreiniger.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 482 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
483
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Koelvloeistofreservoir
Het koelvloeistofniveau is correct als het zich tussen de streepjes F en L
bevindt wanneer het hybridesysteem koud is.
Dop reservoir
Streepje F
Streepje L
Als het niveau zich op of onder het
onderste streepje (L) bevindt, moet
koelvloeistof worden bijgevuld tot aan
het bovenste streepje (F). (Blz. 602)
Koelvloeistofreservoir vermogensregeleenheid
Het koelvloeistofniveau is correct als het zich bij koude motor tussen het
FULL- en het LOW-streepje bevindt.
Dop reservoir
FULL-streepje
LOW-streepje
Als het niveau zich op of onder het
LOW-streepje bevindt, moet koelvloei-
stof worden bijgevuld tot aan het FULL-
streepje. (Blz. 602)
Selectie van koelvloeistof
Gebruik alleen Toyota Super Long Life Coolant of een gelijkwaardig product.
Toyota Super Long Life Coolant is een mengsel van 50% koelvloeistof en 50% gede-
mineraliseerd water. (Minimumtemperatuur: -35°C)
Neem voor meer informatie over koelvloeistof contact op met een erkende Toyota-dea-
ler of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
Als het koelvloeistofniveau korte tijd na het bijvullen weer is gezakt
Controleer de radiateurs, de slangen, de doppen van de koelvloeistofreservoirs, de
aftapkraan en de waterpomp.
Als u geen lek kunt vinden, laat dan een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur
of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige de druk op de
dop nakijken en controleren op lekkages in het koelsysteem.
Koelvloeistof
1
2
3
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 483 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
484 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Controleer de radiateur en de condensor en verwijder eventueel vuil.
Als een van bovenstaande onderdelen erg vuil is of als u niet zeker bent van
de staat ervan, laat dan uw auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitge-
ruste deskundige.
WAARSCHUWING
Wanneer het hybridesysteem heet is
Verwijder de dop van het koelvloeistofreservoir van de motor/vermogensregeleen-
heid of de radiateurdop niet.
Als het koelsysteem nog onder druk staat, kan hete koelvloeistof uit de vulopening
spuiten als de dop wordt verwijderd en brandwonden of ander ernstig letsel veroor-
zaken.
OPMERKING
Bij het bijvullen van koelvloeistof
Gebruik geen onverdunde antivries of alleen water. Een goede mengverhouding van
water en antivries zorgt voor een goede smering, corrosiebescherming en koeling.
Lees altijd de informatie op het etiket van de antivries of koelvloeistof.
Als u koelvloeistof morst
Verwijder de koelvloeistof met veel water om te voorkomen dat het de lak of onder-
delen aantast.
Radiateur en condensor
WAARSCHUWING
Wanneer het hybridesysteem heet is
Raak om brandwonden te voorkomen de radiateur of de condensor niet aan, aange-
zien deze heet kunnen zijn.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 484 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
485
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Vul in de volgende situaties ruiten-
sproeiervloeistof bij:
Een sproeier werkt niet.
“Windshield Washer Fluid Low”
(laag ruitensproeiervloeistofni-
veau) wordt weergegeven op het
multi-informatiedisplay.
Ruitensproeiervloeistof
WAARSCHUWING
Bij het bijvullen van ruitensproeiervloeistof
Vul geen ruitensproeiervloeistof bij als het hybridesysteem warm is of nog werkt.
Ruitensproeiervloeistof bevat alcohol en kan vlam vatten als het bijvoorbeeld op hete
motoronderdelen wordt gemorst.
OPMERKING
Vul het reservoir uitsluitend met ruitensproeiervloeistof
Gebruik geen zeepsop of motorantivries in plaats van ruitensproeiervloeistof.
Wanneer u dit wel doet, kan de lak van uw auto worden aangetast en de pomp
beschadigd raken, waardoor er geen ruitensproeiervloeistof meer kan worden
gesproeid.
Verdunnen van ruitensproeiervloeistof
Verdun ruitensproeiervloeistof indien nodig met water.
Raadpleeg de op het etiket van de ruitensproeiervloeistoffles aangegeven tempera-
turen voor de juiste mengverhouding.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 485 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
486 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
De 12V-accu bevindt zich rechts in de
bagageruimte.
Til de afdekkap van de 12V-accu op
terwijl u aan de klauwen trekt en ver-
wijder hem.
Controleer de 12V-accu op gecorrodeerde en loszittende klemmen, scheuren
en een loszittende klembeugel.
Accupolen
Klembeugel
12V-accu
Plaats
Verwijderen van de afdekkap van de 12V-accu
Exterieur
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 486 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
487
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Controleer de toestand van de 12V-accu aan de hand van de indicatorkleur.
Blauw:
in orde
Rood:
opladen is noodzakelijk.
Laat de auto nakijken door een
erkende Toyota-dealer of herstel-
ler/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitge-
ruste deskundige.
Helder:
Accuvloeistofniveau is laag.
Laat de 12V-accu nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige.
Voorzorgsmaatregelen voor het opladen van de accu
Tijdens het opladen van de 12V-accu ontstaat het licht ontvlambare en explosieve
waterstof. Houd u daarom voor het opladen aan de volgende voorzorgsmaatregelen:
Als de 12V-accu in de auto is gemonteerd, moet voorafgaand aan het opladen de
massakabel worden losgenomen.
Zorg ervoor dat de acculader tijdens het aansluiten en losnemen van de accuklem-
men is uitgeschakeld.
Na het laden/aansluiten van de 12V-accu
Nadat de 12V-accu losgenomen is geweest en weer is aangesloten, is het wellicht
niet meteen mogelijk om de portieren met het Smart entry-systeem met startknop te
ontgrendelen. Gebruik in dat geval de afstandsbediening of de mechanische sleutel
om de portieren te vergrendelen of ontgrendelen.
Start het hybridesysteem met het contact in stand ACC. Het hybridesysteem kan niet
worden gestart als het contact UIT staat. Het hybridesysteem werkt vanaf de tweede
poging echter normaal.
De stand van het contact wordt door de auto geregistreerd. Als de 12V-accu weer
wordt aangesloten, keert de startknop terug naar de stand die was geselecteerd
voordat de 12V-accu werd losgenomen. Controleer of het contact UIT is gezet voor-
dat u de 12V-accu losneemt. Wees extra voorzichtig als niet bekend is wat de stand
van de startknop was voordat de 12V-accu leeg raakte.
Neem, als het systeem na meerdere pogingen nog niet start, contact op met een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
Toestand 12V-accu controleren
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 487 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
488 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Chemicaliën in de 12V-accu
Het zwavelzuur in de 12V-accu is giftig en bijtend en kan het ontstaan van het licht
ontvlambare en explosieve waterstof veroorzaken. Neem bij werkzaamheden bij of
aan de 12V-accu de volgende voorzorgsmaatregelen in acht om ernstig letsel te
voorkomen:
Veroorzaak geen vonken met gereedschap.
Rook nooit en steek nooit een lucifer of een aansteker aan bij de 12V-accu.
Voorkom dat ogen, huid of kleren in contact komen met de elektrolyt.
Adem of slik nooit elektrolyt in.
Gebruik een veiligheidsbril als u bij de 12V-accu bezig bent.
Laat kinderen niet in de buurt spelen als u met de 12V-accu bezig bent.
Een veilige plaats voor het opladen van de 12V-accu
Laad de 12V-accu altijd op in een open ruimte. Laad de 12V-accu niet op in een
garage of in een afgesloten ruimte waar onvoldoende ventilatie is.
Noodmaatregelen met betrekking tot elektrolyt
Als er elektrolyt in uw ogen terechtkomt
Spoel de ogen minstens 15 minuten met water en schakel direct medische hulp in.
Blijf zo mogelijk water met een spons of doek op de ogen deppen, terwijl u naar
een arts of het ziekenhuis gaat.
Als er elektrolyt op uw huid terechtkomt
Was de huid zorgvuldig met veel water. Als het pijn doet of brandt, roept u meteen
medische hulp in.
Als er elektrolyt op uw kleding terechtkomt
De elektrolyt kan via de kleding op uw huid terechtkomen. Trek onmiddellijk de kle-
ding uit en volg, indien nodig, de procedure zoals hierboven beschreven.
Als u per ongeluk elektrolyt binnenkrijgt
Drink zo veel mogelijk water of melk. Schakel zo snel mogelijk medische hulp in.
Accukabels van de 12V-accu losnemen
Neem de negatieve (-) accupool niet los van de carrosseriezijde. De losgenomen
negatieve (-) accupool kan in contact komen met de positieve (+) accupool, waar-
door ernstig letsel als gevolg van een kortsluiting kan ontstaan.
Vervangen van de 12V-accu
Gebruik alleen een voor deze auto ontworpen 12V-accu. Anders kan er gas (water-
stof) in het passagierscompartiment komen, waardoor brand of een explosie kan
ontstaan.
Neem voor de vervanging van de 12V-accu contact op met een erkende Toyota-dea-
ler of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 488 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
489
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
OPMERKING
Wanneer de 12V-accu wordt opgeladen
Laad de 12V-accu nooit op wanneer het hybridesysteem in werking is. Controleer
ook of alle accessoires zijn uitgeschakeld.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 489 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
490 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Controleer of de slijtage-indicatoren op de banden te zien zijn. Controleer de
banden tevens op ongelijkmatige slijtage, zoals overmatige slijtage aan een
zijde van het loopvlak.
Controleer de staat en de bandenspanning van het reservewiel ook als het
niet gebruikt wordt.
Nieuwe band
Versleten loopvlak
Slijtage-indicator
De plaats van de slijtage-indicatoren wordt aangegeven met de tekst TWI of Δ op
de wang van de band.
Vervang de band als de slijtage-indicatoren te zien zijn.
Banden
Vervang of verwissel banden afhankelijk van het onderhoudsschema
en het slijtagepatroon.
Controleren van de banden
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 490 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
491
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Wissel de banden zoals aangegeven in de afbeelding.
Toyota beveelt aan om de banden ongeveer elke 10.000 km van plaats te wisselen
om een gelijkmatig slijtagepatroon en een langere levensduur van de banden te
verkrijgen.
Vergeet niet na het wisselen van de banden het bandenspanningswaarschuwings-
systeem te initialiseren.
Uw auto is uitgerust met een bandenspanningswaarschuwingssysteem dat
gebruikmaakt van bandenspanningssensoren en -zenders om een lage ban-
denspanning te signaleren voordat deze tot problemen leidt.
Als de bandenspanning onder een bepaalde waarde komt, wordt de bestuur-
der door middel van een waarschuwingslampje gewaarschuwd. (Blz. 548)
Plaatsen van bandenspanningssensoren en -zenders
Bij het vervangen van banden of velgen moeten de bandenspanningssen-
soren en -zenders op de te monteren velgen worden geplaatst.
Als er nieuwe bandenspanningssensoren en -zenders geplaatst worden,
moeten de identificatiecodes van deze componenten worden geregis-
treerd in de bandenspanningswaarschuwingssysteem-ECU en moet het
bandenspanningswaarschuwingssysteem worden geïnitialiseerd.
(Blz. 493)
Wisselen van banden
Auto's met een compact reserve-
wiel
Auto's met een volwaardig reser-
vewiel
Voor
Voor
Bandenspanningswaarschuwingssysteem
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 491 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
492 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Initialiseren van het bandenspanningswaarschuwingssysteem
Het bandenspanningswaarschuwingssysteem moet worden geïnitia-
liseerd onder de volgende omstandigheden:
Als de bandenspanning wordt gewijzigd (bijvoorbeeld wanneer de rij-
snelheid of de belading verandert).
Bij het wijzigen van de bandenspanning omdat er een andere banden-
maat gemonteerd is.
Bij het wisselen van wielen.
Na het uitvoeren van de procedure voor de zenderidentificatiecodere-
gistratie. (Blz. 493)
Als het bandenspanningswaarschuwingssysteem wordt geïnitialiseerd,
wordt de actuele bandenspanning als referentiespanning beschouwd.
Initialiseren van het bandenspanningswaarschuwingssysteem
Parkeer de auto op een veilige plaats en zet het hybridesysteem gedu-
rende ten minste 20 minuten uit.
De initialisatieprocedure kan niet worden gestart als de auto rijdt.
Breng de banden op de voorgeschreven spanning bij koude banden.
(Blz. 618)
Breng de banden op de voorgeschreven spanning voor de banden in koude toe-
stand. Deze spanning vormt de referentiespanning voor het bandenspannings-
waarschuwingssysteem.
Schakel het hybridesysteem in. (Blz. 268)
Selecteer op het multi-informatiedisplay met de bedieningstoetsen
voor het instrumentenpaneel op het stuurwiel. (Blz. 148).
Selecteer en houd vervolgens ingedrukt.
Selecteer TPWS en druk vervolgens op .
1
2
3
4
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 492 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
493
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Selecteer “Set Pressure” (stel
bandenspanning in) en houd
vervolgens ingedrukt tot
het waarschuwingslampje lage
bandenspanning 3 keer knip-
pert.
Vervolgens wordt er een melding
weergegeven op het multi-informa-
tiedisplay.
Registreren van identificatiecodes
Elke bandenspanningssensor en -zender is voorzien van een unieke iden-
tificatiecode. Naast de set identificatiecodes van de sensoren van het ban-
denspanningswaarschuwingssysteem die al bij de auto is geregistreerd,
kan een tweede set identificatiecodes worden geregistreerd.
Een tweede set identificatiecodes van de sensoren van het bandenspan-
ningswaarschuwingssysteem kan door een erkende Toyota-dealer of her-
steller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en
uitgeruste deskundige worden geregistreerd. Als er 2 sets identificatieco-
des zijn geregistreerd, kunnen beide sets identificatiecodes worden gese-
lecteerd.
Wijzigen van de beschikbare set identificatiecodes
Als er 2 sets identificatiecodes zijn geregistreerd, kan de overeenkomstige
identificatiecode die is ingesteld voor de gemonteerde wielen worden
geselecteerd via op het multi-informatiedisplay. De identificatiecodes
hoeven niet telkens opnieuw te worden geregistreerd wanneer de wielen
zijn gewisseld.
Neem voor meer informatie over het wijzigen van de geregistreerde identi-
ficatiecodes contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/repa-
rateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 493 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
494 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Wanneer moeten banden worden vervangen
Banden moeten worden vervangen als:
De slijtage-indicatoren zijn te zien op een band.
De banden beschadigingen vertonen, zoals insnijdingen, scheuren of barsten die zo
diep zijn dat het binnenmateriaal zichtbaar wordt en bulten die duiden op een interne
beschadiging
Een band vaak leegloopt of niet goed kan worden gerepareerd vanwege de grootte
of plaats van de beschadiging
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als u er niet zeker van
bent.
Vervangen van banden en velgen
Als de identificatiecodes van de bandenspanningssensoren en -zenders niet zijn gere-
gistreerd, werkt het bandenspanningswaarschuwingssysteem niet correct. In dat geval
gaat na ongeveer 10 minuten rijden het waarschuwingslampje lage bandenspanning
gedurende ongeveer 1 minuut knipperen en blijft het daarna branden om aan te geven
dat er een storing in het systeem aanwezig is.
Levensduur van de banden
Banden die ouder zijn dan 6 jaar moeten altijd door gekwalificeerd werkplaatsperso-
neel worden gecontroleerd, zelfs als er niet of nauwelijks met de banden is gereden en
de banden niet beschadigd lijken te zijn.
Periodieke controle van de bandenspanning
Het bandenspanningswaarschuwingssysteem vervangt de periodieke controle van de
bandenspanning niet. Controleer daarom ook zelf regelmatig de bandenspanning.
Brede banden (auto's met 18 inch wielen)
In het algemeen slijten brede banden eerder en kan de grip op besneeuwde en/of
gladde wegen beperkt zijn in vergelijking met standaard banden. Gebruik daarom win-
terbanden op besneeuwde en/of gladde wegen en rijd voorzichtig waarbij u uw snel-
heid aanpast aan de toestand van de weg en de weersomstandigheden.
Als de profieldiepte van winterbanden minder is dan 4 mm
In dat geval gaat de werkzaamheid van de winterbanden verloren.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 494 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
495
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Situaties waarin het bandenspanningswaarschuwingssysteem mogelijk niet
goed werkt
In de volgende gevallen werkt het bandenspanningswaarschuwingssysteem moge-
lijk niet goed.
Als er niet-originele Toyota-velgen zijn gemonteerd.
Als een band is vervangen door een exemplaar dat niet overeenkomt met de OE-
specificaties (Original Equipment).
Als een band is vervangen door een exemplaar dat niet de voorgeschreven maat
heeft.
Als er sneeuwkettingen, enz. zijn gemonteerd.
Als de ruiten zijn voorzien van een coating die de ontvangst van de radiografische
signalen nadelig beïnvloedt.
Als de auto bedekt is met sneeuw of ijs, vooral bij de wielen of de wielkasten.
Als de bandenspanning aanzienlijk hoger is dan de voorgeschreven waarde.
Als er banden zonder bandenspanningssensoren en -zenders worden gebruikt.
Als de identificatiecodes van de bandenspanningssensoren en -zenders niet zijn
geregistreerd in de bandenspanningswaarschuwingssysteem-ECU.
Als het reservewiel zich op een plaats bevindt waar een slechte ontvangst van
radiosignalen is.*
Als er zich in de bagageruimte een groot metalen object bevindt dat de ontvangst
van signalen kan verstoren.*
*: Alleen auto's met een volwaardig reservewiel
In de volgende situaties kunnen de prestaties worden beïnvloed.
Wanneer u in de buurt van een televisiezendmast, elektriciteitscentrale, tanksta-
tion, radiozender, videowall, luchthaven of andere locatie rijdt waar sterke radio-
golven of elektromagnetische velden aanwezig zijn
Als u een draagbare radio, mobiele telefoon, draadloze telefoon of een ander
draadloos communicatiemiddel bij u draagt
Wanneer de auto tot stilstand is gebracht, kan het langer duren voordat de waar-
schuwing verschijnt of verdwijnt.
Wanneer de bandenspanning snel daalt, zoals bij een klapband, verschijnt de waar-
schuwing mogelijk niet.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 495 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
496 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Initialisatieprocedure
Voer de initialisatieprocedure uit na het op spanning brengen van de banden.
Zorg er daarnaast voor dat de banden koud zijn voordat de initialisatieprocedure
wordt uitgevoerd of de banden op spanning worden gebracht.
Als u het contact tijdens de initialisatie UIT hebt gezet, is het niet noodzakelijk de ini-
tialisatieprocedure weer opnieuw vanaf het begin te starten, omdat de initialisatie
automatisch wordt herstart wanneer het contact weer AAN wordt gezet.
Als u per ongeluk de initialisatie start wanneer dit niet nodig is, breng de banden dan
op de juiste spanning wanneer ze koud zijn en voer de initialisatieprocedure opnieuw
uit.
Waarschuwingen bandenspanningswaarschuwingssysteem
De eventuele waarschuwing van het bandenspanningswaarschuwingssysteem is
gebaseerd op de omstandigheden waaronder het systeem geïnitialiseerd is. Daarom
laat het systeem mogelijk zelfs een waarschuwing zien wanneer de bandenspanning
niet laag genoeg is of wanneer de druk hoger is dan de druk die was ingesteld tijdens
het initialiseren van het systeem.
Als het bandenspanningswaarschuwingssysteem niet goed is geïnitialiseerd
De initialisatie kan worden uitgevoerd in enkele minuten. In de volgende gevallen wor-
den de instellingen echter niet opgeslagen en zal het systeem niet goed werken. Laat,
als herhaalde pogingen de bandenspanning op te slaan mislukken, de auto nakijken
door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Als het waarschuwingslampje lage bandenspanning niet 3 keer knippert wanneer
wordt geprobeerd om de initialisatie te starten.
Als het waarschuwingslampje lage bandenspanning gedurende ongeveer 1 minuut
knippert en vervolgens blijft branden wanneer er na de initialisatie gedurende onge-
veer 20 minuten met de auto is gereden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 496 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
497
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Verklaring bandenspanningswaarschuwingssysteem
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 497 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
498 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 498 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
499
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 499 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
500 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 500 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
501
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 501 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
502 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 502 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
503
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 503 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
504 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 504 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
505
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
WAARSCHUWING
Bij het controleren of vervangen van de banden
Houd u aan de volgende voorzorgsmaatregelen om ongevallen te voorkomen.
Het niet in acht nemen van deze voorzorgsmaatregelen, kan schade aan de aandrijf-
lijn veroorzaken en gevaarlijke rijeigenschappen tot gevolg hebben, waardoor een
ongeval met ernstig letsel kan ontstaan.
Gebruik geen banden van verschillende merken, types of profielen.
Gebruik ook geen banden met duidelijk verschillende slijtagepatronen door elkaar.
Gebruik uitsluitend de door Toyota voorgeschreven bandenmaat.
Gebruik geen verschillende soorten banden (radiaalbanden, gordelbanden met
diagonaalkarkas en diagonaalbanden) door elkaar.
Gebruik geen zomer-, all-season- en winterbanden door elkaar.
Gebruik nooit banden onder uw auto die zijn gebruikt onder een andere auto.
Door het gebruik van banden waarvan het verleden onbekend is, loopt u extra
risico.
Bij het initialiseren van het bandenspanningswaarschuwingssysteem
Initialiseer het bandenspanningswaarschuwingssysteem niet zonder eerst de ban-
den op de voorgeschreven spanning te brengen. Anders kan het voorkomen dat het
waarschuwingslampje voor de lage bandenspanning niet gaat branden terwijl de
bandenspanning te laag is, of wel gaat branden terwijl de bandenspanning in orde is.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 505 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
506 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Repareren of vervangen van banden, velgen, bandenspanningssensoren, -zen-
ders en ventieldopjes
Neem voor het verwijderen en plaatsen van wielen, banden of bandenspannings-
sensoren en -zenders contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/repa-
rateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige,
omdat de bandenspanningssensoren en -zenders beschadigd kunnen raken als er
niet voorzichtig mee wordt omgegaan.
Vergeet niet de dopjes weer op de ventielen aan te brengen. Als de ventieldopjes
niet worden geplaatst, kan er water in de bandenspanningssensoren terechtkomen
en kunnen ze vast gaan zitten.
Vervang de ventieldopjes niet door metalen dopjes of andere ventieldopjes dan
voorgeschreven, anders kunnen ze vast komen te zitten.
Voorkomen van schade aan de bandenspanningssensoren en -zenders
Als een band is gerepareerd met bandenreparatievloeistof, werken de bandenspan-
ningssensor en -zender mogelijk niet goed. Neem wanneer bandenreparatievloeistof
is gebruikt zo snel mogelijk contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Vervang bij het vervangen van de band de bandenspanningssensor en -zender.
(Blz. 491)
Rijden over onverharde wegen
Wees extra voorzichtig bij het rijden over onverharde wegen en wegen met kuilen.
Dergelijke omstandigheden hebben mogelijk een verlaging van de bandenspanning
tot gevolg, waardoor de verende werking van de banden vermindert. Bovendien kun-
nen de banden zelf en de velgen en carrosserie beschadigd raken bij het rijden over
onverharde wegen.
Brede banden (auto's met 18 inch wielen)
Het gebruik van brede banden kan leiden tot meer schade aan de velg bij het rijden
op een slecht wegdek. Let daarom goed op de volgende punten:
Zorg ervoor dat de banden de juiste spanning hebben. Bij een te lage bandenspan-
ning zullen de banden sneller beschadigd raken.
Rijd niet door diepe gaten of tegen hoge of scherpe voorwerpen aan of eroverheen.
Anders kunnen de banden en velgen ernstig beschadigd raken.
Als tijdens het rijden in elke band een te lage bandenspanning ontstaat
Rijd niet verder als de bandenspanning te laag is, anders kunnen de banden en/of
velgen ernstig beschadigd raken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 506 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
507
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Gevolgen van een onjuiste bandenspanning
Het rijden met een onjuiste bandenspanning kan de volgende gevolgen hebben:
Hoger brandstofverbruik
Verminderd rijcomfort en een slechte handling
Kortere levensduur van de banden als gevolg van slijtage
Een onveilige auto
Beschadiging van de aandrijflijn
Als een band vaak moet worden opgepompt, laat deze dan controleren door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
Instructies voor het controleren van de bandenspanning
Let bij het controleren van de bandenspanning op het volgende:
Controleer de bandenspanning alleen als de banden koud zijn.
Als uw auto ten minste 3 uur heeft stilgestaan of niet meer dan 1,5 km heeft gereden,
kunt u de bandenspanning voor koude banden correct aflezen.
Gebruik altijd een bandenspanningsmeter.
Het is moeilijk te bepalen of een band de juiste bandenspanning heeft op basis van
alleen het uiterlijk.
Het is normaal dat de spanning van een band na een rit is opgelopen aangezien
warmte wordt gegenereerd in de band. Laat na het rijden geen lucht uit de banden
lopen om de spanning te verlagen.
Verdeel de passagiers en het gewicht van de bagage gelijkmatig over de auto.
Bandenspanning
Zorg ervoor dat de banden de juiste spanning hebben. De bandenspan-
ning moet ten minste eenmaal per maand gecontroleerd worden.
Toyota beveelt u echter aan de bandenspanning eens per twee weken
te controleren. (Blz. 618)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 507 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
508 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Een goede bandenspanning zorgt voor een langere levensduur van de banden
Houd de bandenspanning op de juiste waarde.
Als de banden niet de juiste spanning hebben, kunnen onderstaande zaken zich
voordoen. Dit kan leiden tot een ongeval waarbij ernstig letsel kan ontstaan.
Overmatige slijtage
Ongelijkmatige slijtage
Slecht rijgedrag
Mogelijke klapband door oververhitting
Luchtlekkage tussen de band en velg
Wielvervorming en/of beschadiging van de band
Groter risico op beschadiging van de band tijdens het rijden (als gevolg van voor-
werpen op het wegdek, verbindingsstukken of scherpe randen in het wegdek, enz.)
OPMERKING
Controleren en op de juiste spanning brengen van de banden
Plaats na controle altijd de ventieldopjes.
Zonder de ventieldopjes kan er vuil en vocht in het inwendige van de ventielen door-
dringen. Hierdoor kan de afdichting in gevaar komen, wat kan leiden tot een lagere
bandenspanning.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 508 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
509
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Let er bij het vervangen van velgen op dat deze hetzelfde draagvermogen,
dezelfde diameter, velgbreedte en ET-waarde* hebben.
Vervangende velgen zijn verkrijgbaar bij een erkende Toyota-dealer of her-
steller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
*: “Offset” is de gebruikelijke term.
Toyota adviseert u het volgende niet te gebruiken:
Velgen van verschillende maten of types
Gebruikte velgen
Verbogen velgen die hersteld zijn
Gebruik uitsluitend de Toyota-wielmoeren en de Toyota-wielmoersleutel bij
uw lichtmetalen velgen.
Controleer de wielmoeren na de eerste 1.600 km telkens als een band is
verwisseld, een band is gerepareerd of is vervangen.
Pas op dat lichtmetalen velgen niet beschadigd raken als u sneeuwkettin-
gen gebruikt.
Bij het balanceren moet gebruik worden gemaakt van Toyota- of gelijk-
waardige balanceergewichtjes, die geplaatst dienen te worden met een
kunststof of rubber hamer.
Vervangen van velgen
De velgen van uw auto zijn uitgerust met bandenspanningssensoren en -zenders voor
het bandenspanningswaarschuwingssysteem, dat in een vroegtijdig stadium waar-
schuwt als de bandenspanning te laag wordt. Bij het vervangen van velgen moeten er
bandenspanningssensoren en -zenders worden geplaatst.
(Blz. 491)
Velgen
Als een velg verbuigingen of scheuren vertoont of erg gecorrodeerd is,
moet deze vervangen worden. Anders kan de band van de velg raken of
kan de auto moeilijk beheersbaar worden.
Keuze van velg
Belangrijke aanwijzingen voor lichtmetalen velgen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 509 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
510 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Vervangen van velgen
Gebruik alleen de in deze handleiding aanbevolen maat velgen en banden. Een
andere maat kan resulteren in een slechtere controle over de auto.
Gebruik nooit een binnenband bij een poreuze velg die ontworpen is voor een tube-
less band. Als u dat wel doet, kan dat leiden tot een ongeval waarbij ernstig letsel
kan ontstaan.
Plaatsen van wielmoeren
Breng nooit olie of vet aan op de wielbouten of -moeren.
Door het gebruik van olie of vet worden de wielmoeren mogelijk te vast aangedraaid
waardoor de bouten of de velg beschadigd kunnen raken. Daarnaast kunnen de
wielmoeren loslopen en de wielen losraken, wat kan leiden tot een ongeval met ern-
stig letsel als gevolg. Verwijder olie of vet van de wielbouten of wielmoeren.
OPMERKING
Vervangen van bandenspanningssensoren en -zenders
Omdat het repareren of vervangen van een band invloed kan hebben op de ban-
denspanningssensoren en -zenders, adviseren we u deze werkzaamheden uit te
laten voeren door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige. Ga ook voor de aanschaf
van bandenspanningssensoren en -zenders naar een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
Gebruik voor uw auto alleen originele Toyota-velgen.
Bij niet-originele velgen kan niet worden gegarandeerd dat de bandenspannings-
sensoren en -zenders goed werken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 510 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
511
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Zet het contact UIT.
Open het dashboardkastje. Maak
de demper los.
Duw aan beide zijden van het
dashboardkastje om de bovenste
klauwen los te maken. Trek vervol-
gens het dashboardkastje naar
buiten en maak de onderste klau-
wen vrij.
Interieurfilter
Het interieurfilter moet regelmatig worden vervangen om de optimale
werking van de airconditioning te behouden.
Verwijderen
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 511 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
512 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Verwijder de afdekkap van het filter.
Ontgrendel de afdekkap van het filter.
Beweeg de afdekkap van het filter in de richting van de pijl en trek hem
los uit de klauwen.
Verwijder de filterhouder.
Er kunnen verontreinigingen boven op
het interieurfilter liggen.
Verwijder het interieurfilter uit de fil-
terhouder en vervang het.
Plaats het filter en de filterhouder met
de aanduiding UP naar boven gericht
in het dashboardkastje.
4
1
2
Auto's met linkse besturing Auto's met rechtse besturing
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 512 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
513
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Controle-interval
Controleer en vervang het interieurfilter volgens het onderhoudsschema. In gebieden
met veel stof of met veel verkeer moet vervanging vaker plaatsvinden. (Zie het onder-
houdsboekje of het garantieboekje voor het onderhoudsschema.)
Als er te weinig lucht uit de ventilatieroosters stroomt
Het filter kan verstopt zitten. Controleer het filter en vervang het indien nodig.
Interieurfilter met luchtreinigingsfunctie
Als er geurstoffen in uw auto zijn geplaatst, kan de luchtreinigingsfunctie in korte tijd
aanzienlijk achteruit gaan.
Als er constant een airconditioninglucht te ruiken is, moet het interieurfilter worden ver-
vangen.
OPMERKING
Bij het gebruik van de airconditioning
Controleer of het interieurfilter aanwezig is.
Als de airconditioning zonder filter gebruikt wordt, kan het systeem beschadigd
raken.
Voorkomen van schade aan de afdekkap van het filter
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 513 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
514 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Verwijder verontreinigingen met een
stofzuiger o.i.d. uit de ventilatieope-
ning.
Zorg ervoor dat u alleen een vacuüm
gebruikt om stof en verontreinigingen
op te zuigen. Wanneer u stof en veront-
reinigingen probeert weg te blazen met
een blower of iets dergelijks kunnen
deze verder in de ventilatieopening
worden gedrukt. (Blz. 518)
Als de verontreinigingen niet volledig kunnen worden verwijderd met de
afdekkap van de ventilatieopening in gemonteerde toestand moet de afdek-
kap worden verwijderd en moet het filter worden gereinigd.
Zet het contact UIT.
Gebruik een kruiskopschroeven-
draaier om de clip te verwijderen.
Schoonmaken van de ventilatieopening
en het filter van het batterijpakket
(tractiebatterij)
Controleer, om een hoger brandstofverbruik te voorkomen, de ventila-
tieopening van het batterijpakket (tractiebatterij) periodiek op verontrei-
nigingen. Als “Maintenance Required for Traction Battery Cooling Parts
See Owner's Manual” (Onderhoud vereist voor koelonderdelen tractie-
batterij, zie handleiding) wordt weergegeven op het multi-informatiedis-
play, moet de ventilatieopening worden gereinigd volgens onder-
staande procedure:
Schoonmaken van de ventilatieopening
Als verontreinigingen niet volledig kunnen worden verwijderd
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 514 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
515
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Verwijder de kap van de ventilatie-
opening.
Trek aan de kap zoals aange-
geven in de afbeelding om de 7
klauwen los te maken. Begin bij
de klauw in de rechter boven-
hoek.
Trek de kap in de richting van de
voorzijde van de auto om hem
te verwijderen.
Verwijder het filter van de ventila-
tieopening.
Neem de 3 klauwen los zoals
aangegeven in de afbeelding.
Verwijder het filter uit de afdek-
kap.
Verwijder het stof en verontreini-
gingen met een stofzuiger o.i.d. uit
het filter.
Verwijder tevens stof en verontreinigin-
gen aan de binnenzijde van de kap van
de ventilatieopening.
3
1
2
4
1
2
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 515 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
516 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Plaats het filter op de kap.
Maak het filter vast aan de 2
klauwen zoals aangegeven in
de afbeelding.
Zet de 3 klauwen vast om het fil-
ter te plaatsen.
Zorg ervoor dat het filter niet geknikt of
verbogen wordt bij het plaatsen.
Plaats de kap op de ventilatieope-
ning.
Plaats de gesp van de kap zoals
aangegeven in de afbeelding.
Druk op de kap om de 7 klau-
wen vast te maken.
Plaats de clip met een kruiskop-
schroevendraaier.
6
1
2
7
1
2
8
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 516 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
517
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Wanneer is vaker periodiek onderhoud nodig?
Afhankelijk van de gebruiksomstandigheden van de auto, zoals veelvuldig gebruik of
bij het rijden in druk verkeer of in stoffige gebieden, moet de ventilatieopening mogelijk
vaker worden schoongemaakt. Zie voor details het onderhoudsboekje of het garantie-
boekje.
Schoonmaken van de ventilatieopening
Stof in de ventilatieopening kan de koeling van het batterijpakket (tractiebatterij)
beïnvloeden. Als het laden/ontladen van het batterijpakket (tractiebatterij) beperkt
wordt, kan de afstand waarover gereden kan worden op de elektromotor (tractiemo-
tor) kleiner worden en kan het brandstofverbruik toenemen.
Controleer en reinig de ventilatieopening regelmatig.
Onjuist omgaan met de kap en het filter van de ventilatieopening kan schade eraan
tot gevolg hebben. Indien u twijfels hebt over het schoonmaken van het filter, neem
dan contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Als “Maintenance Required for Traction Battery Cooling Parts See Owner's
Manual” (Onderhoud vereist voor koelonderdelen tractiebatterij, zie handleiding)
wordt weergegeven op het multi-informatiedisplay
Verwijder de afdekkap van de ventilatieopeningen en reinig het filter als deze waar-
schuwingsmelding wordt weergegeven op het multi-informatiedisplay. (Blz. 514)
Start na het reinigen van de ventilatieopening het hybridesysteem en controleer of de
waarschuwingsmelding niet langer wordt weergegeven.
Het kan tot 20 minuten rijden met de auto na het starten van het hybridesysteem
duren voordat de waarschuwingsmelding uitgaat. Laat de auto nakijken door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige wanneer de waarschuwingsmelding na ongeveer
20 minuten rijden niet verdwijnt.
WAARSCHUWING
Bij het schoonmaken van de ventilatieopening
Maak de ventilatieopening niet schoon met water of andere vloeistoffen. Als er
water op het batterijpakket (tractiebatterij) of andere componenten terechtkomt,
kan dit leiden tot een storing of brand.
Zet het contact UIT om het hybridesysteem uit te schakelen alvorens de ventilatie-
opening schoon te maken.
Bij het verwijderen van de afdekkap van de ventilatieopening
Raak de servicestekker die zich in de buurt van de ventilatieopening bevindt niet
aan. (Blz. 108)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 517 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
518 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Bij het schoonmaken van de ventilatieopening
Voorkomen van beschadigingen aan de auto
Zorg dat er geen water en verontreinigingen in de ventilatieopening terechtkomen
als de afdekkap is verwijderd.
Ga voorzichtig om met het filter om te voorkomen dat het filter beschadigd raakt.
Laat een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar beho-
ren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige een beschadigd filter vervangen door
een nieuw filter.
Plaats het filter en de afdekkap na het reinigen in hun oorspronkelijke positie.
Plaats alleen het voor deze auto bestemde filter in de ventilatieopening en gebruik
de auto niet terwijl het filter verwijderd is.
Als “Onderhoud vereist voor koelonderdelen tractiebatterij, zie handleiding”
wordt weergegeven op het multi-informatiedisplay
Als er met de auto wordt doorgereden terwijl de waarschuwingsmelding (die aan-
geeft dat het laden/ontladen van het batterijpakket (tractiebatterij) wordt begrensd)
wordt weergegeven, kan het batterijpakket (tractiebatterij) oververhit raken waardoor
er een storing kan ontstaan. Reinig de ventilatieopening onmiddellijk als een waar-
schuwingsmelding wordt weergegeven.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 518 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
519
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Sleufkopschroevendraaier
Kleine sleufkopschroevendraaier
Lithiumbatterij CR2032
Maak de borging los en verwijder
de mechanische sleutel.
Verwijder het kapje van de sleutel.
Omwikkel het uiteinde van de sleufkop-
schroevendraaier met een doek om
schade aan de sleutel te voorkomen.
Verwijder de lege batterij met een
kleine sleufkopschroevendraaier.
Bij het verwijderen van het kapje kan
de module van de elektronische sleutel
aan het kapje vastzitten, waardoor de
batterij niet zichtbaar is. Verwijder in
dat geval de module van de elektroni-
sche sleutel om de batterij te kunnen
verwijderen.
Plaats een nieuwe batterij met de positieve aansluiting + naar boven.
Batterij elektronische sleutel
Vervang de batterij door een nieuw exemplaar als deze ontladen raakt.
De volgende zaken zijn benodigd:
Batterij vervangen
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 519 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
520 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Voer voor het plaatsen van het kapje van de mechanische sleutel en
in omgekeerde volgorde uit.
Druk op de toets of en controleer of de portieren worden
vergrendeld/ontgrendeld.
Bij het vervangen van de sleutelbatterij
Zorg ervoor dat u de batterij of andere kleine onderdelen niet kwijtraakt.
Gebruik een CR2032 lithiumbatterij
Batterijen zijn verkrijgbaar bij een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige, plaatselijke
elektrozaken of fotospeciaalzaken.
Vervang de batterij alleen door het door de fabrikant aanbevolen type.
Gooi batterijen niet weg, maar lever ze in als KCA.
Als de sleutelbatterij ontladen is
De volgende verschijnselen kunnen zich voordoen:
Het Smart entry-systeem met startknop en de afstandsbediening zullen niet goed
werken.
Het bereik van de afstandsbediening zal kleiner worden.
4 2
1
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 520 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
521
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
WAARSCHUWING
Voorzorgsmaatregelen met betrekking tot de accu
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht. Het niet in acht nemen van de
voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg hebben.
Slik de batterij niet in. Anders kunt u chemische brandwonden oplopen.
De elektronische sleutel is uitgerust met een knoopcel, ook wel knoopbatterij
genoemd. Als een batterij wordt ingeslikt, kan deze binnen 2 uur ernstige chemi-
sche brandwonden veroorzaken, met ernstig letsel als gevolg.
Houd nieuwe en gebruikte batterijen buiten bereik van kinderen.
Als het kapje niet goed kan worden gesloten, gebruik de elektronische sleutel dan
niet en berg deze buiten bereik van kinderen op. Neem vervolgens contact op met
een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Als u per ongeluk een batterij inslikt of een batterij in een deel van uw lichaam
plaatst, roep dan onmiddellijk medische hulp in.
Voorkomen dat de batterij ontploft of brandbare vloeistoffen of gassen vrijko-
men
Vervang de batterij door een nieuw exemplaar van hetzelfde type. Als een verkeerd
type batterij wordt gebruikt, kan deze ontploffen.
Stel batterijen niet bloot aan een extreem lage druk als gevolg een grote hoogte of
extreem hoge temperaturen.
Verbrand een batterij niet en breek of snijd hem niet open.
Verklaring voor de lithiumbatterij
WAARSCHUWING:
ALS DE BATTERIJ DOOR EEN ONJUIST TYPE BATTERIJ WORDT VERVANGEN,
KAN EEN EXPLOSIE OPTREDEN. GOOI BATTERIJEN NIET WEG, MAAR LEVER
ZE IN ALS KCA.
OPMERKING
Voor een goede werking na het vervangen van de batterij
Houd u aan de volgende voorzorgsmaatregelen om ongevallen te voorkomen:
Zorg altijd dat uw handen droog zijn.
Door vocht kan de batterij gaan corroderen.
Voorkom dat andere onderdelen in de afstandsbediening worden aangeraakt of
bewogen.
Verbuig de aansluitingen van de batterij niet.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 521 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
522 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Zet het contact UIT.
Open het deksel van de zekeringenkast.
Controleren en vervangen van zekeringen
Als een bepaalde stroomverbruiker niet werkt, kan het zijn dat een
zekering is doorgebrand. Controleer in dat geval de desbetreffende
zekering en vervang deze indien nodig.
1
2
Motorruimte (type A) Motorruimte (type B)
Druk de borglippen in en til de klep
eraf.
Druk de borglippen in en til de klep
eraf.
Onder het dashboard aan bestuur-
derszijde (auto met linkse bestu-
ring)
Onder het dashboard aan passa-
gierszijde (auto's met rechtse
besturing)
Verwijder de klep.
Druk tijdens het verwijderen/plaatsen
van de klep de klauw in.
Verwijder de klep.
Druk tijdens het verwijderen/plaatsen
van de klep de klauw in.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 522 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
523
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Verwijder de zekering met de zeke-
ringtrekker.
Alleen zekering type A kan worden ver-
wijderd met de zekeringtrekker.
Controleer of de zekering is doorgebrand.
3
4
Type A Type B
Type C
Goede zekering
Defecte zekering
Vervang de doorgebrande zekering door een nieuwe zekering met de juiste stroom-
sterkte. De stroomsterkte staat vermeld op het deksel van de zekeringenkast.
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 523 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
524 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Na het vervangen van een zekering
Als na het vervangen van de zekering de verlichting nog niet werkt, kan het zijn dat
de lamp moet worden vervangen. (Blz. 525)
Laat, als de nieuwe zekering direct doorbrandt, de auto controleren door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
Als de stroomafname van een circuit te groot is
De zekeringen zullen doorbranden voordat de bedrading van de auto onherstelbaar
beschadigd raakt.
WAARSCHUWING
Voorkomen van storingen en het ontstaan van brand
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan resulteren in schade aan
de auto, brand en ernstig letsel.
Monteer nooit een zekering voor een hogere stroomsterkte dan aangegeven, of
een stukje metaal.
Gebruik altijd een originele Toyota-zekering of een gelijkwaardige zekering.
Vervang de zekering nooit door een stukje draad of metaal, ook niet tijdelijk.
Breng geen wijzigingen aan de zekeringen of de zekeringenkasten aan.
OPMERKING
Voordat u een zekering vervangt
Laat de oorzaak van de te grote stroomafname zo snel mogelijk vaststellen en repa-
reren door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 524 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
525
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Controleer het vermogen van de defecte lamp. (Blz. 620)
Lampen
U kunt de onderstaande lampen desgewenst zelf vervangen. Sommige
lampen zijn eenvoudiger te vervangen dan andere lampen. Neem con-
tact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als het
vervangen van de lampen moeilijk gaat.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/repara-
teur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskun-
dige voor meer informatie over het vervangen van overige lampen.
Voorbereiden van het vervangen van een lamp
Plaats lampen
Voor Achter
Richtingaanwijzers voor
(gloeilamp)
Achteruitrijlichten (gloeilamp)
Richtingaanwijzers achter
(gloeilamp)
1 1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 525 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
526 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Richtingaanwijzers voor (gloeilamp)
Draai de lamphouder linksom.
De vorm van de lamphouder is
mogelijk anders dan in de afbeel-
ding weergegeven, afhankelijk van
de bestemming van de auto.
Verwijder de lamp.
Plaats een nieuwe lamp en ver-
volgens de lamphouder in de
lichtunit door de lamphouder
erin te steken en hem rechtsom
te draaien.
Lampen vervangen
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 526 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
527
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Achteruitrijlichten (gloeilamp)
Open de achterklep en verwijder
de clips.
Verwijder het kapje van de ach-
terklep gedeeltelijk.
Draai de lamphouder linksom.
Verwijder de lamp.
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 527 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
528 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Plaats een nieuwe lamp en ver-
volgens de lamphouder in de
lichtunit door de lamphouder
erin te steken en hem rechtsom
te draaien.
Plaats het kapje van de achter-
klep terug met de clips.
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 528 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
529
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Richtingaanwijzers achter (gloeilamp)
Open de achterklep en breng
beschermende tape aan op de
carrosserie rond de lichtunit.
Gebruik afplaktape of iets dergelijks
en geen duct tape, aangezien dit
lijmresten achter kan laten of de lak
kan beschadigen bij het verwijde-
ren.
Verwijder de afdekkap.
Steek een sleufkopschroe-
vendraaier tussen de afdek-
kap en de lichtunit en wrik de
afdekkap op verschillende
plaatsen open, zoals aange-
geven in de afbeelding, om
de klauwen (weergegeven
met een stippellijn) los te
maken.
Trek de afdekkap naar de
achterzijde van de auto om
de klauwen (weergegeven
met een stippellijn) los te
maken en verwijder de afdek-
kap.
Omwikkel het uiteinde van de sleuf-
kopschroevendraaier met een doek
of iets dergelijks om krassen te
voorkomen.
Verwijder de 2 bouten.
1
2
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 529 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
530 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Verwijder de lichtmodule.
Plak een lang stuk verpak-
kingstape op de lichtunit en
vouw het overtollige deel
dubbel.
Houd het dubbelgevouwen
deel beet en trek het naar
achteren om de lichtunit uit
de auto te verwijderen.
Draai de lamphouder linksom.
Verwijder de lamp.
4
1
2
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 530 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
531
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Plaats een nieuwe lamp en ver-
volgens de lamphouder in de
lichtunit door de lamphouder
erin te steken en hem rechtsom
te draaien.
Plaats de lichtunit.
Breng de lipjes in lijn en druk de
lichtunit richting de voorzijde van de
auto om de module te plaatsen.
Plaats de 2 bouten.
7
8
9
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 531 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
532 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
Plaats de afdekkap.
Verwijder de beschermende tape.
Vervangen van de volgende lampen
Laat de onderstaande lampen vervangen door een erkende Toyota-dealer
of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uit-
geruste deskundige.
Koplampen
Dagrijverlichting/parkeerlichten voor
Richtingaanwijzers voor (led)
Mistlampen voor
Richtingaanwijzers opzij
Achterlichten
Contourlichten achter
Remlichten
Richtingaanwijzers achter (led)
Achteruitrijlicht (led)
Mistachterlicht
Derde remlicht
Kentekenplaatverlichting
10
11
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 532 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
533
6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
6
Onderhoud en verzorging
Ledlampen
Behalve de richtingaanwijzers voor (gloeilamp), het achteruitrijlicht (gloeilamp) en de
richtingaanwijzers achter (gloeilamp) zijn alle lampen voorzien van een aantal leds.
Laat een defecte led vervangen door een erkende Toyota-dealer of hersteller/repara-
teur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Condensvorming aan de binnenzijde van het lampglas
Het tijdelijk beslaan van de binnenzijde van het koplampglas is normaal.
Neem in de volgende gevallen contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige voor
meer informatie:
Als er erg veel condens aan de binnenzijde van het koplampglas zit.
Als de binnenzijde van de koplamp nat is en blijft.
WAARSCHUWING
Lampen vervangen
Schakel de verlichting uit. Wacht na het uitschakelen van de verlichting tot de lam-
pen zijn afgekoeld.
De lampen kunnen erg heet worden en brandwonden veroorzaken.
Raak het glas van de lamp niet aan met blote handen. Als u het glas van de lamp
toch moet vastpakken, gebruik daarvoor dan een schone droge doek, om te voor-
komen dat er vocht of olie op de lamp komt.
Als de lamp een kras heeft of is gevallen, kan deze defect raken of breken.
Zorg ervoor dat de lamp en de borgclips goed vastzitten. Anders kan de lamp door
oververhitting beschadigd raken, kan brand ontstaan of kan water binnendringen in
de koplampunit. Hierdoor kunnen de koplampen beschadigd raken en kan con-
densvorming in de koplamp optreden.
Voorkomen van schade en brand
Controleer of de lampen en borgclips goed vastzitten.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 533 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
534 6-3. Zelf uit te voeren onderhoud
CAMRY_HV_EE
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 534 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
535
7
Bij problemen
CAMRY_HV_EE
7-1. Belangrijke informatie
Alarmknipperlichten................. 536
Als uw auto in geval van nood
tot stilstand moet worden
gebracht................................ 537
Als de auto vastzit in stijgend
water..................................... 538
7-2. Stappen die genomen moeten
worden in noodgevallen
Als uw auto moet worden
gesleept ................................539
Als u denkt dat er iets mis is ...544
Als een waarschuwingslampje
gaat branden of een
waarschuwingszoemer
klinkt......................................545
Als er een
waarschuwingsmelding
wordt weergegeven ..............552
Als uw auto een lekke band
heeft (auto's met een
bandenreparatieset)..............558
Als uw auto een lekke band
heeft (auto's met een
reservewiel) ..........................576
Als het hybridesysteem
niet kan worden gestart ........590
Als de elektronische sleutel
niet goed werkt .....................592
Als de 12V-accu van de
auto ontladen is .................... 595
Als uw auto oververhit raakt....602
Als de auto vast
komt te zitten ........................607
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 535 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
536
CAMRY_HV_EE
7-1. Belangrijke informatie
Druk op de schakelaar.
Alle richtingaanwijzers gaan knipperen.
Druk nogmaals op de schakelaar om
ze weer uit te schakelen.
Alarmknipperlichten
Als de alarmknipperlichten gedurende langere tijd worden gebruikt terwijl het hybri-
desysteem niet in werking is (terwijl het controlelampje READY niet brandt) kan de
12V-accu ontladen raken.
Als een van de airbags wordt geactiveerd of bij een harde aanrijding van achteren
worden de alarmknipperlichten automatisch ingeschakeld.
De alarmknipperlichten worden na ongeveer 20 minuten automatisch uitgeschakeld.
Druk twee keer op de schakelaar om de alarmknipperlichten handmatig uit te scha-
kelen.
(De alarmknipperlichten worden mogelijk niet automatisch ingeschakeld, afhankelijk
van de kracht en de omstandigheden van de aanrijding.)
Alarmknipperlichten
De alarmknipperlichten worden gebruikt om andere bestuurders te
waarschuwen wanneer de auto tot stilstand moet worden gebracht, bij-
voorbeeld bij pech.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 536 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
537
7-1. Belangrijke informatie
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Trap het rempedaal met beide voeten stevig in.
Rem niet “pompend”; hierdoor is meer kracht nodig om de auto tot stilstand te bren-
gen.
Zet de selectiehendel in stand N.
Als de selectiehendel in stand N staat
Zet na het afremmen de auto stil op een veilige plaats langs de weg.
Schakel het hybridesysteem uit.
Als de selectiehendel niet in stand N kan worden gezet
Blijf het rempedaal met beide voeten intrappen om de rijsnelheid van de
auto zo veel mogelijk af te remmen.
Om het hybridesysteem uit te
schakelen, houdt u de startknop
langer dan 2 seconden ingedrukt
of drukt u deze driemaal of vaker
kort na elkaar in.
Breng de auto op een veilige plaats langs de weg tot stilstand.
Als uw auto in geval van nood tot stilstand
moet worden gebracht
Breng de auto alleen in noodgevallen, bijvoorbeeld wanneer de auto
niet op de normale manier stilgezet kan worden, als volgt tot stilstand:
1
2
3
4
3
Gedurende ten minste 2 seconden inge-
drukt houden of 3 maal achter elkaar kort
4
WAARSCHUWING
Als het hybridesysteem tijdens het rijden uitgeschakeld moet worden
De stuurbekrachtiging zal niet meer werken, waardoor het verdraaien van het stuur-
wiel zwaarder gaat. Minder zo veel mogelijk vaart voordat u het hybridesysteem uit-
schakelt.
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 537 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
538 7-1. Belangrijke informatie
CAMRY_HV_EE
Doe eerst de veiligheidsgordel af.
Als het portier geopend kan worden, open het dan en verlaat de auto.
Als het portier niet geopend kan worden, open dan de ruit met de schake-
laar voor de ruitbediening en verlaat de auto via de ruitopening.
Als de ruit niet geopend kan worden met de schakelaar voor de ruitbedie-
ning, blijf dan kalm en wacht tot het waterniveau in de auto stijgt tot het
punt waarop de waterdruk in de auto gelijk is aan de waterdruk buiten de
auto. Open vervolgens het portier en verlaat de auto.
Als de auto vastzit in stijgend water
Als de auto onder water staat, blijf dan kalm en voer de volgende han-
delingen uit.
WAARSCHUWING
Gebruik van een noodhamer* om in noodgevallen uit de auto te ontsnappen
De zijruiten voor en achter en de achterruit kunnen worden ingeslagen met een
noodhamer* om in noodgevallen uit de auto te ontsnappen.
Met een noodhamer* kunt u echter niet de voorruit inslaan, omdat deze van gelaagd
glas is.
*: Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige voor meer infor-
matie over een noodhamer.
Uit de auto ontsnappen via de ruitopening
Er zijn situaties waarin het niet mogelijk is om uit de auto te ontsnappen via de ruit-
opening ten gevolge van de zitpositie, het postuur van de inzittende, enz.
Als u gebruikmaakt van de noodhamer, bekijk dan de plaats van uw stoel en de
grootte van de ruitopening om u ervan te verzekeren dat de opening groot genoeg is
om erlangs te ontsnappen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 538 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
539
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
Als uw auto moet worden gesleept
Als uw auto moet worden gesleept, adviseren wij u dat te laten doen
door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige of professio-
neel bergingsbedrijf, en daarbij gebruik te maken van een lepelwagen
of een autoambulance.
Gebruik een stevige sleepkabel en neem de wettelijke voorschriften in
acht.
Als uw auto met een lepelwagen aan de voorzijde wordt gesleept, moe-
ten de achterwielen van de auto en de assen in goede conditie verke-
ren. (Blz. 539, 541)
Gebruik een dolly of een autoambulance als dit niet het geval is.
WAARSCHUWING
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel tot gevolg heb-
ben.
Bij het slepen van de auto
Tijdens het slepen
Wanneer u bij het slepen kabels of kettingen gebruikt, vermijd dan plotseling
optrekken, enz. waardoor er extreme krachten op het sleepoog en de sleepkabel of
-ketting worden uitgeoefend. Het sleepoog en de kabel of ketting kunnen bescha-
digd raken en afgebroken stukken kunnen personen raken en ernstige schade ver-
oorzaken.
Zet het contact niet UIT. De mogelijkheid bestaat dat het stuurwiel wordt vergren-
deld en niet kan worden bediend
Plaatsen van de sleepogen op de auto
Controleer of de sleepogen goed vastzitten.
Als dat niet het geval is, dan kunnen de sleepogen bij het slepen losraken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 539 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
540 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Het volgende kan duiden op een probleem in de transmissie. Neem vóór het
slepen contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur,
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige of een
professioneel bergingsbedrijf.
De waarschuwingsmelding voor het hybridesysteem wordt weergegeven
op het multi-informatiedisplay en de auto komt niet in beweging.
Het waarschuwingslampje van het hybridesysteem gaat branden en de
auto beweegt niet.
De auto maakt een abnormaal geluid.
OPMERKING
Voorkomen van beschadigingen aan de auto bij het slepen met een lepelwagen
Sleep de auto nooit aan de achterzijde als het contact UIT staat. Het stuurslot is
niet sterk genoeg om de voorwielen in de rechtuitstand te houden.
Let erop dat de andere zijde van de auto dan die op de lepel staat voldoende
bodemvrijheid heeft. Als er onvoldoende speling aanwezig is, kan de auto tijdens
het slepen beschadigd raken.
Voorkomen van beschadigingen aan de auto bij het slepen met een takelwagen
Sleep de auto niet met een takelwagen, noch aan de voorzijde, noch aan de achter-
zijde.
Voorkomen van beschadigingen aan de auto tijdens slepen in een noodgeval
Maak de kabel of de ketting niet vast aan onderdelen van de wielophanging.
Omstandigheden waaronder u vóór het slepen contact dient op te
nemen met de dealer
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 540 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
541
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Gebruik bij vervoer van de auto op een autoambulance bandengordels.
Raadpleeg de handleiding van de autoambulance om de wielen op de juiste
wijze met de gordels vast te zetten.
Activeer de parkeerrem en zet het startknop UIT om tijdens het vervoer
beweging van de auto zoveel mogelijk te voorkomen.
Slepen met een lepelwagen
Aan de voorzijde Aan de achterzijde
Deactiveer de parkeerrem.
Schakel de automatische modus uit.
(Blz. 283)
Gebruik een dolly onder de voorwie-
len.
OPMERKING
Slepen met een takelwagen
Sleep de auto niet met een takelwagen, om beschadiging van de carrosserie te voor-
komen.
Vervoeren op een autoambulance
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 541 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
542 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Als er geen autoambulance beschikbaar is, mag de auto in geval van nood tij-
delijk worden gesleept door gebruik te maken van sleepkabels of -kettingen
die u aan de sleepogen vastmaakt. Uw auto mag op deze manier alleen op
een verharde weg en met lage snelheid (lager dan 30 km/h) over een korte
afstand worden gesleept.
Er moet een bestuurder in de auto zitten om te sturen en te remmen. Ook die-
nen de wielen, de assen, de aandrijflijn, de stuurinrichting en de remmen in
een goede conditie te zijn.
Uw auto moet zijn voorzien van het sleepoog om door een andere auto te
kunnen worden gesleept. Plaats het sleepoog aan de hand van de onder-
staande procedure.
Verwijder de wielmoersleutel en het sleepoog. (Blz. 560, 577)
Verwijder het afdekkapje van het
sleepoog met een sleufkopschroe-
vendraaier.
Plaats om de carrosserie te bescher-
men een doek tussen de schroeven-
draaier en de carrosserie, zoals
aangegeven in de afbeelding.
Plaats het sleepoog in de opening
en draai het zo ver mogelijk met de
hand vast.
Slepen in een noodgeval
Procedure bij slepen in een noodgeval
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 542 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
543
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Draai het sleepoog stevig vast met
behulp van een wielmoersleutel of
een stevige metalen stang.
Maak de kabel of de ketting goed vast aan het sleepoog.
Pas op dat u de carrosserie niet beschadigt.
Stap in de weg te slepen auto en start het hybridesysteem.
Als het hybridesysteem niet start, zet dan het contact AAN.
Zet de selectiehendel in stand N en deactiveer de parkeerrem.
Schakel de automatische modus uit. (Blz. 283)
Als de selectiehendel niet in een andere stand kan worden gezet:
Blz. 280
Tijdens het slepen
Als het hybridesysteem is uitgeschakeld, werken de rem- en stuurbekrachtiging niet.
Hierdoor zullen het remmen en sturen veel zwaarder gaan dan normaal.
Wielmoersleutel
De wielmoersleutel bevindt zich in de bagageruimte. (Blz. 560, 577)
4
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 543 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
544 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Sporen van lekkage onder de auto.
(Na gebruik van de airconditioning is waterlekkage normaal.)
Banden die er te zacht uit zien of die ongelijkmatig versleten zijn
De naald van de koelvloeistoftemperatuurmeter staat voortdurend hoger
dan normaal
Abnormale uitlaatgeluiden
Overmatig piepende banden bij het nemen van een bocht
Vreemde geluiden die gerelateerd zijn aan de wielophanging
Pingelende of andere abnormale geluiden van het hybridesysteem
De motor hapert, stottert of draait onregelmatig
Een merkbaar verlies aan trekkracht
De auto trekt tijdens het remmen sterk naar één kant
De auto trekt sterk naar één kant, terwijl u rechtuitrijdt op een vlakke weg
Teruglopende remwerking, sponzig gevoel in het rempedaal, een rempe-
daal dat bijna tot op de vloer kan worden ingetrapt
Als u denkt dat er iets mis is
Als u een van de volgende verschijnselen opmerkt, moet uw auto
mogelijk worden afgesteld of gerepareerd. Neem zo snel mogelijk con-
tact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Zichtbare symptomen
Hoorbare symptomen
Merkbare symptomen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 544 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
545
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Als een waarschuwingslampje gaat
branden of een waarschuwingszoemer
klinkt
Voer op rustige wijze onderstaande handelingen uit als een van de
waarschuwingslampjes gaat branden of knipperen. Als een van de
lampjes gaat branden of knipperen en daarna weer uitgaat, is er niet
noodzakelijkerwijs een defect in het systeem aanwezig. Als deze situa-
tie echter blijft voortduren, laat dan uw auto nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Overzicht waarschuwingslampjes en waarschuwingszoemers
Waarschu-
wingslampje Waarschuwingslampje/details/handelingen
(Rood)
Waarschuwingslampje remsysteem
Geeft het volgende aan:
Het remvloeistofniveau is te laag; of
Er zit een storing in het remsysteem
Breng de auto onmiddellijk op een veilige plaats tot stil-
stand en neem contact op met een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige. Doorrijden met de auto
kan gevaarlijk zijn.
(Geel)
Waarschuwingslampje remsysteem
Geeft aan dat er een storing is in:
Het regeneratieve remsysteem;
Het elektronisch geregelde remsysteem; of
De elektrisch bedienbare parkeerrem
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Motorcontrolelampje
Geeft aan dat er een storing is in:
Het hybridesysteem;
Het elektronische motorregelsysteem; of
De elektronische smoorklepregeling
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 545 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
546 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Waarschuwingslampje SRS
Geeft aan dat er een storing is in:
Het SRS-airbagsysteem; of
Het gordelspannersysteem
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Waarschuwingslampje ABS
Geeft aan dat er een storing is in:
Het ABS; of
Het Brake Assist-systeem
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
(Knippert)
Waarschuwingslampje (waarschuwingszoemer) parkeerrem*1
Mogelijk is de parkeerrem niet volledig geactiveerd of gedeacti-
veerd
Bedien de parkeerrem nogmaals.
Dit lampje gaat branden als de parkeerrem niet gedeactiveerd is.
Als het lampje uitgaat nadat de parkeerrem gedeactiveerd is,
werkt het systeem normaal.
(Knippert)
Controlelampje Brake Hold-systeem in werking
Geeft aan dat er een storing aanwezig is in het Brake Hold-sys-
teem
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
(Rood/geel)
Waarschuwingslampje (waarschuwingszoemer) elektrische
stuurbekrachtiging
Geeft aan dat er een storing is in de elektrische stuurbekrachti-
ging (EPS)
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
(Geel)
Controlelampje LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling)
Geeft aan dat er een storing aanwezig is in de LDA
Als “Lane Departure Alert Unavailable” (Lane Departure
Alert niet beschikbaar) wordt weergegeven op het multi-
informatiedisplay, zet dan het LDA-systeem uit, wacht een
poosje en zet dan het LDA-systeem weer aan. (Blz. 334)
Als er een andere melding wordt weergegeven dan hierbo-
ven, volg dan de aanwijzingen die in de melding worden
gegeven.
Waarschu-
wingslampje Waarschuwingslampje/details/handelingen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 546 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
547
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
(Knippert of
brandt)
Waarschuwingslampje PCS
Wanneer er gelijktijdig een zoemer klinkt:
Geeft aan dat er een storing aanwezig is in het PCS (Pre-Crash
Safety-systeem).
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Wanneer er geen zoemer klinkt:
Het PCS (Pre-Crash Safety-systeem) is tijdelijk niet beschikbaar,
corrigerende maatregelen kunnen noodzakelijk zijn.
Volg de instructies die worden weergegeven op het multi-
informatiedisplay. (Blz. 318, 552)
Als het PCS (Pre-Crash Safety-systeem) of de VSC (Vehicle Sta-
bility Control-systeem) wordt uitgeschakeld, gaat het waarschu-
wingslampje PCS branden.
Blz. 329
(indien aanwezig)
(Knippert)
Controlelampje ICS OFF
Wanneer er een zoemer klinkt:
Dit geeft aan dat er een storing aanwezig is in het Intelligent
Clearance Sonar-systeem.
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Wanneer er geen zoemer klinkt:
Dit geeft aan dat het systeem tijdelijk niet beschikbaar is, doordat
een sensor mogelijk vuil is of is bedekt met bijvoorbeeld ijs.
Verwijder het vuil, enz.
Controlelampje Traction Control
Geeft aan dat er een storing is in:
De VSC (Vehicle Stability Control);
De TRC (Traction Control);
Het ABS; of
De Hill Start Assist Control
Het lampje gaat knipperen wanneer het ABS, VSC- of TRC-sys-
teem in werking is.
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Waarschuwingslampje laag brandstofniveau
Geeft aan dat de resterende hoeveelheid brandstof ongeveer 6,7
liter of minder is
Vul de brandstoftank.
Waarschu-
wingslampje Waarschuwingslampje/details/handelingen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 547 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
548 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
*1: Waarschuwingszoemer geactiveerde parkeerrem:
De zoemer klinkt als de auto met een snelheid van ongeveer 5 km/h of meer rijdt.
*2: Waarschuwingszoemer veiligheidsgordel bestuurder en voorpassagier:
De waarschuwingszoemer voor de veiligheidsgordel herinnert de bestuurder en de
voorpassagier eraan de veiligheidsgordel om te doen. Als de veiligheidsgordel wordt
losgemaakt klinkt de zoemer gedurende een bepaalde tijd met tussenpozen wan-
neer de auto een bepaalde snelheid heeft bereikt.
Controlelampje (waarschuwingszoemer) bestuurders- en voor-
passagiersgordel*2
Waarschuwt de bestuurder en/of voorpassagier dat de veilig-
heidsgordel vastgemaakt dient te worden.
Doe de veiligheidsgordel om.
Als er iemand op de voorpassagiersstoel zit, moet ook de
veiligheidsgordel voor de voorpassagier worden vastge-
maakt, zodat het waarschuwingslampje (de waarschu-
wingszoemer) uitgaat.
Centraal waarschuwingslampje
Een zoemer klinkt en het waarschuwingslampje gaat branden en
knippert om aan te geven dat het centrale waarschuwingssys-
teem een storing heeft gesignaleerd.
Blz. 552
Waarschuwingslampje lage bandenspanning
Geeft het volgende aan:
Lage bandenspanning als gevolg van lekke band;
Lage bandenspanning als gevolg van natuurlijke oorzaak of
Storing in bandenspanningswaarschuwingssysteem
Breng de auto zo snel mogelijk op een veilige plaats tot stil-
stand.
Oplossing (Blz. 549)
Waarschu-
wingslampje Waarschuwingslampje/details/handelingen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 548 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
549
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Detectiesensor voorpassagier, controlelampje veiligheidsgordel en waarschu-
wingszoemer
Als er bagage wordt geplaatst op de passagiersstoel kan de detectiesensor het con-
trolelampje laten knipperen en de waarschuwingszoemer laten klinken, ook al zit er
niemand op de passagiersstoel.
Als er op de stoel een kussen wordt geplaatst, werkt de sensor wellicht niet goed,
waardoor ook het waarschuwingslampje niet goed werkt.
Als het motorcontrolelampje tijdens het rijden gaat branden
Het motorcontrolelampje gaat branden als de brandstoftank volledig leeg raakt. Vul de
brandstoftank onmiddellijk als deze leeg is. Het motorcontrolelampje gaat na enkele
ritten weer uit.
Neem zo snel mogelijk contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/repara-
teur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als het
motorcontrolelampje niet uitgaat.
Waarschuwingslampje (waarschuwingszoemer) elektrische stuurbekrachtiging
Als de spanning van de 12V-accu laag is of tijdelijk daalt, kan het waarschuwings-
lampje van de elektrische stuurbekrachtiging gaan branden en kan er een waarschu-
wingszoemer klinken.
Als het waarschuwingslampje lage bandenspanning gaat branden
Controleer het uiterlijk van de banden om na te gaan of er een band lek is.
Als een band lek is: Blz. 558, 576
Als geen van de banden lek is:
Zet het contact UIT en vervolgens AAN. Controleer of het waarschuwingslampje lage
bandenspanning gaat branden of knipperen.
Als het waarschuwingslampje lage bandenspanning gaat branden
Controleer de bandenspanning voor iedere band nadat de banden voldoende zijn
afgekoeld en breng de banden op de voorgeschreven spanning.
Als het waarschuwingslampje zelfs na enkele minuten niet uitgaat, controleer dan of
de bandenspanning voor iedere band in orde is en voer de initialisatie uit.
(Blz. 492)
Laat de auto direct nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als het waarschu-
wingslampje enkele minuten na de initialisatie niet uitgaat.
Als het waarschuwingslampje lage bandenspanning gedurende 1 minuut knippert
en vervolgens blijft branden
Er kan een storing aanwezig zijn in het bandenspanningswaarschuwingssysteem.
Laat de auto onmiddellijk nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/repa-
rateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 549 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
550 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Het waarschuwingslampje lage bandenspanning gaat mogelijk branden door een
natuurlijke oorzaak
Het waarschuwingslampje lage bandenspanning gaat mogelijk branden door een
natuurlijke oorzaak, zoals het onvermijdelijke spanningsverlies dat op den duur
optreedt of een veranderde bandenspanning die veroorzaakt wordt door temperatuur-
veranderingen. In dat geval zal het waarschuwingslampje na een paar minuten uit-
gaan als de banden weer op de juiste spanning gebracht zijn.
Als een wiel is vervangen door een reservewiel
Auto's met compact reservewiel: Het compacte reservewiel is niet voorzien van een
bandenspanningssensor en -zender. Bij een lekke band zal het waarschuwingslampje
lage bandenspanning niet uitgaan, ook al is het wiel met de lekke band vervangen
door het reservewiel. Vervang het reservewiel door het wiel met de gerepareerde band
en breng de band op de juiste spanning. Het waarschuwingslampje lage bandenspan-
ning zal na een paar minuten uitgaan.
Auto's met volwaardig reservewiel: Ook het volwaardige reservewiel is voorzien van
een bandenspanningssensor en -zender. Als de bandenspanning van het reservewiel
te laag is, zal het waarschuwingslampje lage bandenspanning gaan branden. Bij een
lekke band zal het waarschuwingslampje lage bandenspanning niet uitgaan, ook al is
het wiel met de lekke band vervangen door het reservewiel. Vervang het reservewiel
door het wiel met de gerepareerde band en breng de band op de juiste spanning. Het
waarschuwingslampje lage bandenspanning zal na een paar minuten uitgaan.
Omstandigheden waaronder het bandenspanningswaarschuwingssysteem
mogelijk niet juist werkt
Blz. 495
Waarschuwingszoemer
De zoemer is in sommige gevallen niet hoorbaar, zoals in een luidruchtige omgeving
of wanneer het volume van de audio hoog staat.
WAARSCHUWING
Als de waarschuwingslampjes van het ABS en het remsysteem blijven branden
Breng de auto onmiddellijk op een veilige plaats tot stilstand en neem contact op met
een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige. De auto kan tijdens het remmen extreem
onstabiel worden en het ABS-systeem treedt mogelijk niet in werking, waardoor een
aanrijding en ernstig letsel kunnen ontstaan.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 550 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
551
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
WAARSCHUWING
Als het waarschuwingslampje elektrische stuurbekrachtiging gaat branden
Als het lampje geel gaat branden, wordt de stuurbekrachtiging beperkt. Als het
lampje rood gaat branden, werkt de stuurbekrachtiging niet meer en gaat het draaien
van het stuurwiel zeer zwaar.
Als het stuurwiel zwaarder werkt dan gebruikelijk, houd het dan stevig vast en oefen
meer kracht uit.
Als het waarschuwingslampje lage bandenspanning gaat branden
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht. Als u dat niet doet, kunt u de
macht over het stuur verliezen, waardoor ernstig letsel kan ontstaan.
Zet de auto zo snel mogelijk stil op een veilige plaats. Breng de banden meteen op
spanning.
Auto's met een compact reservewiel of een volwaardig reservewiel: Als, nadat de
banden op spanning zijn gebracht, het waarschuwingslampje opnieuw gaat bran-
den, kan dit erop duiden dat er een band lek is. Controleer de banden. Vervang het
wiel met de lekke band door het reservewiel en laat de band repareren door de
dichtstbijzijnde erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Auto's met bandenreparatieset: Als, nadat de banden op spanning zijn gebracht,
het waarschuwingslampje lage bandenspanning opnieuw gaat branden, kan dit
erop duiden dat er een band lek is.
Controleer de banden. Repareer een lekke band met de bandenreparatieset.
Vermijd plotselinge stuurbewegingen en hard remmen. De banden kunnen bescha-
digd raken, waardoor u de controle over het stuurwiel of de remmen kunt verliezen.
Als u een klapband krijgt of als er plotseling een lek ontstaat
Het kan zijn dat het bandenspanningswaarschuwingssysteem niet meteen in wer-
king treedt.
OPMERKING
Ervoor zorgen dat het bandenspanningswaarschuwingssysteem goed werkt
Monteer geen banden met verschillende specificaties of van verschillende merken,
anders werkt het bandenspanningswaarschuwingssysteem mogelijk niet goed.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 551 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
552 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Centraal waarschuwingslampje
Het centrale waarschuwingslampje
gaat ook branden of knipperen om aan
te geven dat er op dat moment een
melding wordt weergegeven op het
multi-informatiedisplay.
Multi-informatiedisplay
Oplossing
Volg de instructies van de melding op
het multi-informatiedisplay op.
Als een van de waarschuwingsmeldingen weer wordt weergegeven na het
uitvoeren van de juiste handelingen, neem dan contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
Als er een waarschuwingsmelding wordt
weergegeven
Het multi-informatiedisplay waarschuwt bij systeemstoringen en
onjuist uitgevoerde handelingen, of geeft meldingen over noodzakelijk
onderhoud weer. Voer de juiste herstelprocedure uit wanneer er een
melding verschijnt.
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 552 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
553
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
De waarschuwingslampjes en waarschuwingszoemers werken afhankelijk
van de soort melding. Als de melding aangeeft dat controle door een dealer
noodzakelijk is, laat de auto dan onmiddellijk nakijken door een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
De werking van de waarschuwingslampjes en waarschuwingszoemers kan
afwijken van de aangegeven werking. Voer in dit geval de correctieprocedure
uit overeenkomstig de weergegeven melding.
*: Een zoemer klinkt voor het eerst en er verschijnt een melding op het multi-informa-
tiedisplay.
Meldingen en waarschuwingen
Waarschu-
wings-
lampje
systeem
Waarschuwings-
zoemer*Waarschuwing
Gaat
branden Klinkt
Duidt op een belangrijke situatie, bij-
voorbeeld wanneer een rijsysteem
defect is of wanneer er gevaar ont-
staat wanneer de herstelprocedure
niet wordt uitgevoerd
Gaat bran-
den of
knipperen Klinkt
Duidt op een belangrijke situatie, bij-
voorbeeld wanneer de systemen die
worden aangegeven op het multi-infor-
matiedisplay defect zijn.
Knippert Klinkt Geeft een bepaalde situatie aan, bij-
voorbeeld wanneer er schade aan de
auto is, of wanneer er gevaar bestaat
Gaat
branden Klinkt niet
Geeft een bepaalde conditie aan, bij-
voorbeeld een storing in de elektroni-
sche onderdelen, de staat van de
onderdelen, of wanneer er onderhoud
vereist is
Knippert Klinkt niet
Geeft een bepaalde situatie aan, bij-
voorbeeld wanneer een handeling
onjuist is uitgevoerd, of hoe een han-
deling op juiste wijze moet worden uit-
gevoerd
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 553 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
554 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Waarschuwingsmeldingen
De hieronder uitgelegde waarschuwingsmeldingen verschillen mogelijk van de werke-
lijke meldingen overeenkomstig de bedrijfscondities en voertuigspecificaties.
Waarschuwingslampjes systeem
Het centrale waarschuwingslampje gaat in de volgende gevallen niet branden of knip-
peren. In plaats daarvan gaat een apart waarschuwingslampje van het systeem bran-
den terwijl een melding op het multi-informatiedisplay verschijnt.
Storing in het ABS
Het waarschuwingslampje ABS gaat branden. (Blz. 546)
Storing in het remsysteem
Het waarschuwingslampje van het remsysteem (geel) gaat branden. (Blz. 545)
Storing in het bandenspanningswaarschuwingssysteem
Het waarschuwingslampje lage bandenspanning gaat branden (Blz. 548)
Het brandstofniveau is laag
Het waarschuwingslampje laag brandstofniveau gaat branden. (Blz. 547)
Als een melding om de handleiding te raadplegen wordt weergegeven
Als de onderstaande meldingen worden weergegeven, is er mogelijk sprake van een
storing. Breng de auto onmiddellijk op een veilige plaats tot stilstand en neem contact
op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar beho-
ren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige. Doorrijden met de auto kan gevaarlijk
zijn.
“Braking Power Low Stop in a Safe Place See Owner’s Manual” (Remvermogen
laag. Breng auto op veilige plaats tot stilstand. Raadpleeg handleiding)
“Oil Pressure Low Stop in a Safe Place See Owner’s Manual” (Oliedruk laag.
Breng auto op veilige plaats tot stilstand. Raadpleeg handleiding)
“Charging System Malfunction Stop in a Safe Place See Owner’s Manual” (Storing
laadsysteem. Breng auto op veilige plaats tot stilstand. Raadpleeg handleiding)
Als onderstaande melding wordt weergegeven, is er mogelijk sprake van een storing.
Laat onmiddellijk de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/repa-
rateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
“Hybrid System Malfunction” (storing hybridesysteem)
“Check Engine” (controleer motor)
“Hybrid Battery System Malfunction” (systeemstoring batterijpakket)
“Accelerator System Malfunction” (systeemstoring gaspedaal)
“Smart Key System Malfunction See Owner’s Manual” (Storing Smart entry-sys-
teem met startknop. Raadpleeg handleiding)
Volg de bijbehorende instructies als “Engine Coolant Temp High Stop in a Safe Place
See Owner’s Manual” (Temperatuur koelvloeistof te hoog. Breng auto op veilige
plaats tot stilstand. Raadpleeg handleiding) wordt weergegeven. (
Blz. 602)
Behalve Oekraïne: Volg de bijbehorende instructies als “Exhaust Filter Full See
Owner’s Manual” (uitlaatgasfiltersysteem vol. Zie handleiding) wordt weergegeven.
(
Blz. 360)
Als “Maintenance Required for Traction Battery Cooling Parts See Owner's Manual”
(onderhoud vereist voor koelonderdelen tractiebatterij, zie handleiding) wordt weerge-
geven, volg dan de desbetreffende instructies. (
Blz. 555)
Als “Hybrid system overheated. Reduced output power.” (Hybridesysteem over-
verhit. Gereduceerd uitgangsvermogen) wordt weergegeven
Deze melding wordt mogelijk weergegeven tijdens het rijden onder zware omstandig-
heden. (Bijvoorbeeld wanneer u een lange steile helling op rijdt.)
Oplossing: Blz. 602
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 554 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
555
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Als “Maintenance Required for Traction Battery Cooling Parts See Owner's
Manual” (onderhoud vereist voor koelonderdelen tractiebatterij, zie handleiding)
wordt weergegeven
Het filter kan verstopt zitten, de ventilatieopening kan geblokkeerd zijn of er kan een
gat in het kanaal zitten.
Raadpleeg, als de ventilatieopening of het filter vuil is, Blz. 514 voor informatie over
het schoonmaken van de ventilatieopening en het filter.
Laat de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als de melding wordt
weergegeven en de ventilatieopening en het filter niet vuil zijn.
Als “Traction Battery Needs to be Protected Refrain From the Use of N Position”
(Tractiebatterij moet worden beschermd. Vermijd het gebruik van stand N.) wordt
weergegeven
Deze melding kan worden weergegeven als de selectiehendel in stand N staat.
Het batterijpakket (tractiebatterij) kan niet worden geladen als de selectiehendel in
stand N staat. Zet de selectiehendel daarom in stand P als de auto stilstaat.
Als “Traction Battery Needs to be Protected Shift into P to Restart” (Tractiebatte-
rij moet worden beschermd. Zet selectiehendel in stand P om opnieuw te star-
ten.) wordt weergegeven
Deze melding wordt weergegeven wanneer het batterijpakket (tractiebatterij) bijna
leeg is, doordat de selectiehendel een bepaalde periode in stand N heeft stilgestaan.
Zet bij het bedienen van de auto de selectiehendel in stand P en herstart het hybride-
systeem.
Als “Shift to P Before Exiting Vehicle” (Zet selectiehendel in stand P voordat u de
auto verlaat) wordt weergegeven
De melding wordt weergegeven wanneer het bestuurdersportier wordt geopend terwijl
het contact niet UIT is gezet en de selectiehendel in een andere stand dan P staat.
Zet de selectiehendel in stand P.
Als “Shift Out of N Release Accelerator Before Shifting” (Zet selectiehendel in
andere stand dan N. Laat vóór het schakelen het gaspedaal los) wordt weergege-
ven
De melding wordt weergegeven wanneer het gaspedaal wordt ingetrapt en de selec-
tiehendel in stand N staat. Laat het gaspedaal los en zet de selectiehendel in stand D
of R.
Als “Press Brake When Vehicle Is Stopped Hybrid System May Overheat” (Trap
rempedaal in wanneer auto stilstaat. Hybridesysteem is mogelijk oververhit)
wordt weergegeven
De melding wordt weergegeven wanneer het gaspedaal wordt ingetrapt om de auto op
een helling omhoog te laten stilstaan, enz.
Als deze situatie blijft voortduren, kan het hybridesysteem oververhit raken.
Laat het gaspedaal los en trap het rempedaal in.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 555 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
556 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Als “Auto Power OFF to Conserve Battery” (Auto power off-functie ingeschakeld
om accu te sparen) wordt weergegeven
Deze melding wordt weergegeven als het contact is UIT gezet door de automatische
power off-functie.
Verhoog de volgende keer dat het hybridesysteem gestart wordt het motortoerental
iets en laat de motor gedurende ongeveer 5 minuten met het verhoogde toerental
draaien om de 12V-accu op te laden.
Als “New Key Registered Contact Your Dealer if You Did Not Register a New Key”
(Er is een nieuwe sleutel geregistreerd. Neem contact op met uw dealer als u
geen nieuwe sleutel geregistreerd hebt) wordt weergegeven
Deze melding wordt weergegeven elke keer dat het bestuurdersportier wordt geopend
als de portieren van buitenaf worden ontgrendeld gedurende ongeveer een week
nadat er een nieuwe elektronische sleutel is geregistreerd.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als de melding wordt
weergegeven, maar u geen nieuwe elektronische sleutel hebt geregistreerd, om te
controleren of er een onbekende elektronische sleutel (anders dan de sleutels die u in
uw bezit hebt) is geregistreerd.
Wanneer “Headlight System Malfunction Visit Your Dealer” (Storing in koplamp-
systeem. Ga naar uw dealer.) wordt weergegeven
Er is mogelijk een storing in de onderstaande systemen aanwezig. Laat de auto
onmiddellijk nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
De led-koplampen
De automatische verticale koplampverstelling
AHB (Automatic High Beam)
Als er een melding wordt weergegeven dat er een storing in de camera voor aan-
wezig is
De onderstaande systemen worden mogelijk tijdelijk uitgeschakeld tot het in de mel-
ding aangegeven probleem is opgelost. (Blz. 318, 545)
PCS (Pre-Crash Safety-systeem)
LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling)
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik
RSA (Road Sign Assist)
AHB (Automatic High Beam)
Als er een melding wordt weergegeven dat er een storing in de radarsensor aan-
wezig is
De onderstaande systemen worden mogelijk tijdelijk uitgeschakeld tot het in de mel-
ding aangegeven probleem is opgelost. (Blz. 318, 545)
PCS (Pre-Crash Safety-systeem)
LDA (Lane Departure Alert met stuurregeling)
Dynamic Radar Cruise Control met volledig snelheidsbereik
RSA (Road Sign Assist)
AHB (Automatic High Beam)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 556 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
557
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Als “Engine Oil Level Low Add or Replace” (Motoroliepeil laag. Bijvullen of ver-
versen) wordt weergegeven
Het motoroliepeil is mogelijk te laag. Controleer het oliepeil en vul indien nodig olie bij.
Deze waarschuwingsmelding verschijnt mogelijk wanneer de auto op een helling stil-
staat. Plaats de auto op een horizontale ondergrond en controleer of de melding ver-
dwijnt.
Waarschuwingszoemer
Blz. 550
OPMERKING
Als “High Power Consumption Partial Limit on AC/Heater Operation” (Hoog
energieverbruik. Bediening airco/verwarming gedeeltelijk beperkt) regelmatig
wordt weergegeven
Mogelijk is er een storing met betrekking tot het laadsysteem of de 12V-accu kan
verouderd zijn. Laat de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 557 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
558 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Als uw auto een lekke band heeft
(auto's met een bandenreparatieset)
Uw auto is niet uitgerust met een reservewiel, maar wel met een ban-
denreparatieset.
Een lekke band met perforatieschade door een spijker of schroef kan
voorlopig worden gerepareerd met de bandenreparatieset. (De banden-
reparatieset bestaat uit een fles met bandenreparatievloeistof. De ban-
denreparatievloeistof kan slechts één keer worden gebruikt voor de
tijdelijke reparatie van één band, waarbij de spijker of schroef in het
loopvlak moet blijven zitten.) Afhankelijk van de schade kan deze set
niet worden gebruikt om de band te repareren. (Blz. 559)
Laat na de noodreparatie met de bandenreparatieset de band repareren
of vervangen door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Met de bandenreparatieset kunnen alleen tijdelijke reparaties worden
uitgevoerd. Laat de band zo snel mogelijk repareren of vervangen.
WAARSCHUWING
Als uw auto een lekke band heeft
Rijd niet door met een lekke band.
Zelfs als er over een korte afstand met een lekke band wordt doorgereden, kunnen
band en velg zodanig beschadigd worden dat reparatie niet meer mogelijk is en kan
er een ongeval ontstaan.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 558 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
559
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Breng de auto tot stilstand op een veilige plaats en een stevige, vlakke
ondergrond.
Activeer de parkeerrem.
Zet de selectiehendel in stand P.
Schakel het hybridesysteem uit.
Schakel de alarmknipperlichten in. (Blz. 536)
Controleer de mate waarin de band beschadigd is.
Een band mag alleen met de ban-
denreparatieset worden gerepa-
reerd indien de beschadiging te
wijten is aan perforatie van het
loopvlak door een spijker of
schroef.
Haal de spijker of schroef niet
uit de band. Als u het object ver-
wijdert, kan het lek ondanks de
noodreparatie met de bandenre-
paratieset groter worden.
Rijd de auto naar voren tot het gat, voor zover zichtbaar, zich boven aan
de band bevindt om lekkage van bandenreparatievloeistof te voorko-
men.
Een lekke band die niet kan worden gerepareerd met de bandenreparatieset
In de volgende gevallen is reparatie van de band met behulp van de bandenreparatie-
set niet mogelijk. Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/repa-
rateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
De band is beschadigd door rijden met onvoldoende spanning
De band loopt leeg door een scheur in of beschadiging van de flank
De band is zichtbaar van de velg afgelopen
Het lek in of de beschadiging van het loopvlak is 4 mm of groter
De velg is beschadigd
Twee of meer banden zijn lek
De band is op meerdere plaatsen lek of beschadigd
Vóór het repareren van de band
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 559 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
560 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
*: Gebruik van de krik (Blz. 578, 579)
Plaats van bandenreparatieset, krik en gereedschap
Afdekpaneel bodemplaat
Bandenreparatieset (fles)
Bandenreparatieset (compressor)
Krik*
Wielmoersleutel
Krikslinger
Sleepoog
1
2
3
4
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 560 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
561
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Fles
Sticker
Compressor
Bandenspanningsmeter
Compressorschakelaar
Voedingsstekker
Slang
Ontluchtingsdopje
Onderdelen van de bandenreparatieset
1
1
2
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 561 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
562 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Til de haak van de afdekking van
de bagageruimtevloer in de baga-
geruimte op.
Maak de afdekking van de bagage-
ruimtevloer met de haak vast.
Verwijder de bandenreparatieset.
Verwijderen van de bandenreparatieset
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 562 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
563
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Verwijder de bandenreparatieset uit de plastic tas.
In de plastic tas zit een sticker. Bevestig de sticker zoals aangegeven in stap .
Verwijder de slang en de voedings-
stekker uit de compressor.
Sluit de fles aan op de compressor.
Controleer of de slang goed aange-
sloten is en of de klauwen van de fles
in de gaten vallen zoals aangegeven in
de afbeelding.
Reparatiemethode in noodgevallen
1
10
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 563 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
564 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Sluit de slang aan op de fles.
Controleer of de slang goed aange-
sloten is op de fles, zoals aangegeven
in de afbeelding.
Verwijder het ventieldopje van het
wiel met de lekke band.
Trek de slang naar buiten. Verwij-
der het dopje van de slang.
Het ontluchtingsdopje van de slang
wordt nog gebruikt. Berg het dopje
daarom veilig op.
4
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 564 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
565
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Sluit de slang aan op het ventiel.
Draai het uiteinde van de slang zo ver
mogelijk rechtsom.
Zorg ervoor dat de compressor is
uitgeschakeld.
Sluit de voedingsstekker aan op de
accessoireaansluiting. (Blz. 448)
Bevestig de sticker zoals aange-
geven.
7
8
9
10
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 565 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
566 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Controleer de voorgeschreven bandenspanning.
De bandenspanning wordt aangegeven op de sticker, zoals afgebeeld. (Blz. 618)
Schakel het hybridesysteem in. (Blz. 268)
Zet de compressor aan om de ban-
denreparatievloeistof in te spuiten
en de band met lucht te vullen.
11
Auto's met linkse besturing Auto's met rechtse besturing
12
13
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 566 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
567
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Pomp de band op tot de voorge-
schreven bandenspanning.
De vloeistof wordt geïnjecteerd
en de spanning wordt verhoogd
tot tussen 300 kPa (3,0 kg/cm2 of
bar, 44 psi) en 400 kPa (4,0 kg/
cm2 of bar, 58 psi), en neemt dan
geleidelijk af.
De bandenspanningsmeter
geeft ongeveer 1 tot 5 minuten
nadat de schakelaar in stand
ON is gezet de werkelijke ban-
denspanning aan.
Zet de compressor uit en
controleer de bandenspan-
ning. Controleer of de ban-
denspanning niet te hoog is
en herhaal zo nodig de pro-
cedure totdat de band de
voorgeschreven banden-
spanning heeft.
Als de bandenspanning 25 minuten nadat de schakelaar aan is gezet
nog steeds lager is dan voorgeschreven, dan is de band te bescha-
digd om nog te kunnen worden gerepareerd. Schakel de compressor
uit en neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige.
Laat, als de bandenspanning te hoog is, wat lucht uit de band om de
bandenspanning op het voorgeschreven niveau te brengen.
(Blz. 571)
14
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 567 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
568 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Maak terwijl de compressor is uitgeschakeld de slang los van het ventiel
en trek vervolgens de voedingsstekker uit de accessoireaansluiting.
Mogelijk ontsnapt er bij het verwijderen van de slang wat bandenreparatievloeistof.
Plaats het ventieldopje op het ventiel van het gerepareerde wiel.
Plaats het ontluchtingsdopje op het
uiteinde van de slang.
Als het ontluchtingsdopje niet wordt
geplaatst, ontsnapt er mogelijk ban-
denreparatievloeistof en kan de auto
vuil worden.
Berg de fles, terwijl deze aan de compressor is bevestigd, tijdelijk op in de
bagageruimte.
Rijd, om de bandenreparatievloeistof gelijkmatig over de band te verdelen,
meteen ongeveer 5 km met een snelheid van maximaal 80 km/h.
Breng de auto tot stilstand op een
veilige plaats met een stevige,
vlakke ondergrond en sluit de com-
pressor weer aan.
15
16
17
18
19
20
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 568 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
569
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Schakel de compressor in, wacht
een paar seconden en schakel
deze dan weer uit. Controleer de
bandenspanning.
Als de bandenspanning lager is
dan 130 kPa (1,3 kg/cm2 of bar,
19 psi), kan de band niet worden
gerepareerd. Neem contact op
met een erkende Toyota-dealer
of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskun-
dige.
Als de bandenspanning zich bevindt tussen 130 kPa (1,3 kg/cm2 of bar,
19 psi) en een punt onder het voorgeschreven niveau: De band kan
worden gerepareerd. Ga verder met stap .
Als de bandenspanning op het voorgeschreven niveau is: Ga verder
met stap .
Zet de compressor aan en vul de band met lucht tot de voorgeschreven
bandenspanning is bereikt. Rijd ongeveer 5 km en ga dan verder met stap
.
Plaats het ontluchtingsdopje op het
uiteinde van de slang.
Als het ontluchtingsdopje niet wordt
geplaatst, ontsnapt er mogelijk ban-
denreparatievloeistof en kan de auto
vuil worden.
21
1
2
22
3
23
22
20
23
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 569 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
570 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Berg de fles, terwijl deze aan de compressor is bevestigd, op in de baga-
geruimte.
Voorkom plotseling remmen, plotseling accelereren en scherpe bochten.
Rijd voorzichtig met een snelheid van maximaal 80 km/h naar een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwali-
ficeerde en uitgeruste deskundige die zich binnen een afstand van 100 km
bevindt voor het repareren of vervangen van de band.
Laat, wanneer u de band laat repareren of vervangen, de erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige weten dat bandenreparatievloeistof is ingespoten.
Bandenreparatieset
De vloeistof in de bandenreparatieset kan slechts eenmalig worden gebruikt om een
enkele band tijdelijk te repareren. Neem contact op met een erkende Toyota-dealer
of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige als het afdichtingsmiddel is gebruikt en een nieuwe patroon met banden-
reparatievloeistof moet worden gekocht. De compressor kan opnieuw worden
gebruikt.
De reparatievloeistof kan worden gebruikt bij temperaturen van -30°C tot 60°C.
De bandenreparatieset is exclusief bestemd voor de originele banden die op uw auto
zijn gemonteerd. Gebruik de set niet voor banden met een afwijkende maat of voor
andere doeleinden.
Als de bandenreparatievloeistof op uw kleren komt, kan deze vlekken veroorzaken.
Eventueel gemorste bandenreparatievloeistof moet direct van het wiel of de carros-
serie worden verwijderd. Veeg het oppervlak onmiddellijk af met een vochtige doek.
Als de bandenreparatieset wordt gebruikt, zal dit duidelijk hoorbaar zijn. Dit is nor-
maal en duidt niet op een storing.
Niet gebruiken om de bandenspanning te controleren of op de voorgeschreven
waarde te brengen.
24
25
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 570 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
571
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Als de band op een te hoge spanning is gebracht
Neem de slang los van het ventiel.
Neem de slang los van het ventiel, verwijder het dopje van de slang en sluit dan de
slang weer aan.
Schakel de compressor in, wacht een paar seconden en schakel deze dan weer uit.
Controleer de bandenspanning.
Zet als de bandenspanning lager is dan de voorgeschreven spanning de compres-
sor weer aan en herhaal de procedure van het op spanning brengen tot de voorge-
schreven spanning is bereikt.
Nadat een band is gerepareerd met de bandenreparatieset
Vervang de bandenspanningssensor en -zender.
Zelfs als de bandenspanning op het voorgeschreven niveau ligt, gaat mogelijk het
waarschuwingslampje lage bandenspanning branden/knipperen.
Aanwijzing voor het controleren van de bandenreparatieset
Controleer regelmatig de uiterste houdbaarheidsdatum van de bandenreparatievloei-
stof. De uiterste houdbaarheidsdatum staat vermeld op de fles.
Gebruik de bandenreparatievloeistof niet wanneer de uiterste houdbaarheidsdatum
is verstreken. Anders worden reparaties met de bandenreparatieset mogelijk niet
goed uitgevoerd.
De bandenreparatievloeistof dient voor de uiterste houdbaarheidsdatum te worden
vervangen. Neem voor vervanging contact op met een erkende Toyota-dealer of her-
steller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskun-
dige.
Plaats het ontluchtingsdopje op het uiteinde
van de slang en druk het uitsteeksel in het
ventiel om wat lucht uit de band te laten ont-
snappen.
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 571 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
572 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Wees voorzichtig tijdens het rijden
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorschriften kan een ongeval tot gevolg hebben.
Bewaar de bandenreparatieset in de bagageruimte.
Anders kunt u in geval van een ongeval of plotseling remmen letsel oplopen.
De bandenreparatieset is speciaal voor uw auto gemaakt. Gebruik de set niet voor
andere auto's. Als u dat wel doet, kan dat leiden tot een ongeval met ernstig letsel
tot gevolg.
Gebruik de bandenreparatieset niet voor banden met een andere maat dan de
voorgeschreven maten of voor andere doeleinden. Als de banden niet volledig zijn
gerepareerd, kan dit leiden tot een ongeval met ernstig letsel tot gevolg.
Voorzorgsmaatregelen bij het gebruik van de bandenreparatievloeistof
Het inslikken van bandenreparatievloeistof is schadelijk voor uw gezondheid. Drink
zo veel mogelijk water en raadpleeg direct een huisarts wanneer u bandenrepara-
tievloeistof hebt ingeslikt.
Spoel direct met water wanneer bandenreparatievloeistof in uw ogen of op uw huid
is terechtgekomen. Raadpleeg een huisarts als u zich niet lekker blijft voelen.
Rijd niet door als de auto een lekke band heeft
Rijd niet door met een lekke band.
Zelfs als er over een korte afstand met een lekke band wordt doorgereden, kunnen
band en velg zodanig beschadigd worden dat reparatie niet meer mogelijk is.
Door het rijden met een lekke band kan er op de wang rondom een groef ontstaan.
In zo'n geval kan de band bij het gebruik van een bandenreparatieset exploderen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 572 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
573
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
WAARSCHUWING
Bij het repareren van een lekke band
Parkeer de auto op een veilige plaats en een vlakke ondergrond.
Raak de wielen of het gedeelte rond de remmen direct nadat met de auto is gere-
den niet aan.
Nadat met de auto is gereden, zijn de wielen en het gedeelte rond de remmen
mogelijk zeer heet. Wanneer u deze delen met uw handen, voeten of andere
lichaamsdelen aanraakt, kan dit leiden tot brandwonden.
Sluit de slang stevig aan op het ventiel terwijl het wiel aan de auto bevestigd is.
Als de slang niet goed is aangesloten op het ventiel, kan er lucht ontsnappen of
kan de bandenreparatievloeistof naar buiten spuiten.
Als de slang tijdens het vullen loskomt van het ventiel, is het mogelijk dat de slang
abrupte bewegingen maakt vanwege de luchtdruk.
Nadat de band gevuld is, kunnen er spetters bandenreparatievloeistof naar buiten
komen als de slang wordt losgemaakt of wanneer u lucht uit de band laat ontsnap-
pen.
Volg voor het repareren van de band de volgende procedure. Als u de procedure
niet volgt, kan de bandenreparatievloeistof naar buiten spuiten.
Bewaar afstand tot de band wanneer deze gerepareerd wordt, omdat de band kan
klappen. Zet de schakelaar van de compressor direct uit als u ziet dat de band
scheurtjes vertoont of vervormt.
De bandenreparatieset kan bij langdurig gebruik oververhit raken. Gebruik de com-
pressor niet langer dan 40 minuten achter elkaar.
Delen van de bandenreparatieset worden tijdens het gebruik heet. Wees daarom
voorzichtig tijdens en na het gebruik ervan. Raak de set tijdens of direct na gebruik
niet aan, aangezien de set heet wordt, vooral het metalen deel van de fles en de
compressorverbinding.
Plak de waarschuwingssticker voor de rijsnelheid alleen op de aangegeven plaats.
Als de sticker wordt aangebracht op een plaats waar zich een airbag bevindt, zoals
op het stuurwielkussen, werkt de airbag mogelijk niet goed meer.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 573 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
574 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Rijden om de bandenreparatievloeistof gelijkmatig te verdelen
Neem om de kans op ongevallen te beperken de volgende voorzorgsmaatregelen in
acht.
Als u dat niet doet kunt u de macht over het stuur verliezen, waardoor ernstig letsel
kan ontstaan.
Rijd langzaam en voorzichtig. Wees extra voorzichtig bij het maken van bochten.
Als de auto niet rechtuit rijdt of als u merkt dat het stuurwiel naar één kant trekt,
brengt u de auto tot stilstand en controleert u het volgende:
Toestand van de band. De band kan van de velg zijn afgelopen.
Bandenspanning. Als de bandenspanning 130 kPa (1,3 kg/cm2 of bar, 19 psi) of
lager is, dan kan dit duiden op een ernstige schade aan de band.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 574 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
575
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
OPMERKING
Een noodreparatie uitvoeren
Voer de noodreparatie uit zonder de spijker of schroef die het loopvlak heeft door-
boord te verwijderen. Als het object dat het lek heeft veroorzaakt is verwijderd, is
het wellicht niet mogelijk om een noodreparatie met de bandenreparatieset uit te
voeren.
De bandenreparatieset is niet waterdicht. Zorg dat de bandenreparatieset niet in
aanraking komt met water, bijvoorbeeld bij gebruik in de regen.
Zet de bandenreparatieset niet op een stoffige ondergrond, zoals in het zand of in
de berm. Als er vuil of stof in de bandenreparatieset komt, kan er een storing optre-
den.
Plaats de bandenreparatieset verticaal. De bandenreparatieset werkt anders niet.
Gebruik van de bandenreparatieset
De compressor heeft een gelijkstroomvoeding van 12 V nodig. Sluit de compressor
niet aan op een andere voedingsbron.
Als de bandenreparatieset in aanraking komt met benzine, kan de bandenrepara-
tieset beschadigd raken. Zorg dat de set niet met benzine in aanraking kan komen.
Wanneer de bandenreparatieset niet wordt gebruikt, laat de set dan in de plastic
tas en houd dit op de juiste manier opgeborgen om te voorkomen dat de set wordt
blootgesteld aan vuil of water.
Berg de bandenreparatieset op de daarvoor bestemde plaats op en houd hem bui-
ten bereik van kinderen.
Demonteer of wijzig de bandenreparatieset niet. Stel onderdelen als de banden-
spanningsmeter niet bloot aan schokken. Hierdoor kunnen storingen optreden.
Voorkomen van schade aan de bandenspanningssensoren en -zenders
Als een band is gerepareerd met bandenreparatievloeistof, werken de bandenspan-
ningssensor en -zender mogelijk niet goed. Neem wanneer bandenreparatievloeistof
is gebruikt zo snel mogelijk contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Vervang na het gebruik van bandenreparatievloeistof de bandenspanningssensor en
-zender wanneer de band wordt gerepareerd of vervangen. (Blz. 491)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 575 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
576 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Breng de auto tot stilstand op een veilige plaats en een stevige, vlakke
ondergrond.
Activeer de parkeerrem.
Zet de selectiehendel in stand P.
Schakel het hybridesysteem uit.
Schakel de alarmknipperlichten in. (Blz. 536)
Als uw auto een lekke band heeft
(auto's met een reservewiel)
Uw auto is voorzien van een reservewiel. De lekke band kan worden
vervangen door het reservewiel.
Meer informatie over banden: Blz. 490
WAARSCHUWING
Als uw auto een lekke band heeft
Rijd niet door met een lekke band.
Zelfs als er over een korte afstand met een lekke band wordt doorgereden, kunnen
band en velg zodanig beschadigd worden dat reparatie niet meer mogelijk is en kan
er een ongeval ontstaan.
Voor het opkrikken van de auto
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 576 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
577
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Auto's met een compact reservewiel
Auto's met een volwaardig reservewiel
Plaats van reservewiel, krik en gereedschap
Krikslinger
Sleepoog
Wielmoersleutel
Afdekpaneel bodemplaat
Krik
Reservewiel
1
2
3
4
5
6
Sleepoog
Krik
Wielmoersleutel
Afdekpaneel bodemplaat
Krikslinger
Afdekkap reservewiel
Reservewiel
1
2
3
4
5
6
7
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 577 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
578 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Gebruik van de krik
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Onjuist gebruik van de krik kan ertoe leiden dat de auto van de krik valt, wat tot ern-
stig letsel kan leiden.
Gebruik de krik uitsluitend voor het verwisselen van een wiel of de montage en het
verwijderen van sneeuwkettingen.
Gebruik voor het verwisselen van een lekke band uitsluitend de met de auto mee-
geleverde krik.
Gebruik de krik niet voor het verwisselen van wielen van andere auto's en gebruik
ook geen krik van een andere auto.
Zet de krik op de juiste wijze onder het kriksteunpunt.
Zorg ervoor dat er zich geen lichaamsdelen bevinden onder een auto die alleen
door een krik wordt ondersteund.
Start het hybridesysteem niet en ga niet met de auto rijden als deze door de krik
wordt ondersteund.
Krik de auto niet op als er nog iemand in de auto aanwezig is.
Plaats niets op of onder de krik als de auto wordt opgekrikt.
Krik de auto niet verder op dan voor het verwisselen van het wiel noodzakelijk is.
Plaats de auto op bokken als u onder de auto moet zijn.
Zorg wanneer u de auto laat zakken dat er niemand onder komt. Breng mensen in
de buurt op de hoogte van het laten zakken.
OPMERKING
Voorkomen van beschadigingen aan de auto bij gebruik van een krik
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 578 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
579
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Til de haak van de afdekking van
de bagageruimtevloer in de baga-
geruimte op.
Maak de afdekking van de bagage-
ruimtevloer met de haak vast.
Verwijder de krik.
Verwijderen van de krik
1
2
3
Auto's met een compact
reservewiel
Auto's met een volwaardig
reservewiel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 579 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
580 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Til de haak van de afdekking van
de bagageruimtevloer in de baga-
geruimte op.
Maak de afdekking van de bagage-
ruimtevloer met de haak vast.
Verwijder de gereedschapshouder.
Verwijderen van het reservewiel
1
2
3
Auto's met een compact reserve-
wiel
Auto's met een volwaardig reser-
vewiel
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 580 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
581
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Alleen auto's met een volwaardig
reservewiel: Verwijder de afdekkap
van het reservewiel.
Draai de bevestiging van het reser-
vewiel los.
Zorg er bij het verwijderen of opbergen
van het reservewiel wiel voor dat u de
andere kant van het wiel stevig vast-
houdt.
3
4
5
WAARSCHUWING
Bij het opbergen van het reservewiel
Zorg ervoor dat er geen vingers of andere lichaamsdelen tussen het reservewiel en
de carrosserie bekneld raken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 581 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
582 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Plaats wielblokken.
Draai de wielmoeren iets los (één
slag).
Draai deel A van de krik met de
hand aan totdat de uitsparing in de
kop van de krik in contact komt met
het kriksteunpunt.
Plaats de krik op de juiste plaats om
beschadigingen aan de auto bij gebruik
van een krik te voorkomen.
(Blz. 578)
De aanduidingen van de kriksteunpun-
ten bevinden zich onder de dorpel.
Deze duiden de kriksteunpunten aan.
Vervangen van een wiel met een lekke band
1
Lekke band Positie wielblok
Voor Links Achter het rechter achterwiel
Rechts Achter het linker achterwiel
Achter Links Voor het rechter voorwiel
Rechts Voor het linker voorwiel
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 582 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
583
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Monteer de krikslinger.
Draai de krik vervolgens verder
omhoog totdat het wiel vrij van de
grond is.
Verwijder alle wielmoeren en het
wiel.
Leg het wiel met de buitenzijde
omhoog op de grond, om krassen op
de velg te voorkomen.
4
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 583 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
584 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Verwijder eventueel aanwezige
verontreinigingen van het contact-
vlak van de velg.
Als er verontreinigingen op het contact-
vlak aanwezig zijn, kunnen tijdens het
rijden de wielmoeren los lopen, waar-
door het wiel los kan raken.
WAARSCHUWING
Vervangen van een wiel met een lekke band
Raak de wielen of het gedeelte rond de remmen niet aan direct nadat met de auto
is gereden.
Nadat met de auto is gereden, zijn de wielen en het gedeelte rond de remmen
mogelijk zeer heet. Wanneer u deze delen tijdens het verwisselen van een wiel,
enz. met uw handen, voeten of andere lichaamsdelen aanraakt, kan dit leiden tot
brandwonden.
Het niet opvolgen van deze voorzorgsmaatregelen kan ertoe leiden dat de wiel-
moeren losraken, waardoor het wiel van de auto af kan lopen, wat kan leiden tot
ernstig letsel.
Laat zo spoedig mogelijk na het vervangen van een wiel de moeren met een
aanhaalmoment van 103 Nm (10,5 kgm, 76 ft.lbf) vastzetten.
Plaats een beschadigde wieldop niet opnieuw, omdat deze tijdens het rijden los
kan raken.
Gebruik bij het aanbrengen van een wiel uitsluitend wielmoeren die speciaal zijn
ontworpen voor het desbetreffende wiel.
Bij gescheurde of vervormde bouten, schroefdraad van moeren of boutgaten
van het wiel, dient de auto te worden gecontroleerd door een erkende Toyota-
dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en
uitgeruste deskundige.
Plaatsen van het reservewiel
1
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 584 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
585
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Plaats het wiel en draai elke wielmoer met de hand ongeveer in dezelfde
mate vast.
Draai de wielmoeren zover vast
totdat de sluitringen contact maken
met de velg.
Laat de auto zakken.
Draai iedere moer twee of drie keer
aan in de volgorde die in de afbeel-
ding is aangeven.
Aanhaalmoment:
103 Nm (10,5 kgm, 76 ft.lbf)
Berg het wiel met de lekke band, de krik en het gereedschap op.
2
Ring
Velg
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 585 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
586 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Het compacte reservewiel (indien aanwezig)
Op de band van het compacte reservewiel staat aan de zijkant de aanduiding TEM-
PORARY USE ONLY (alleen voor tijdelijk gebruik).
Gebruik het compacte reservewiel alleen tijdelijk en alleen in noodgevallen.
Controleer de bandenspanning van het compacte reservewiel.
(Blz. 618)
Gebruik van het compacte reservewiel (indien aanwezig)
Het compacte reservewiel is niet voorzien van een bandenspanningssensor en -zen-
der, waardoor een te lage bandenspanning hiervan niet wordt aangegeven door het
bandenspanningswaarschuwingssysteem. Verder zal, als u het compacte reservewiel
monteert nadat het waarschuwingslampje voor een lage bandenspanning is gaan
branden, dit lampje blijven branden.
Gebruik van het compacte reservewiel (indien aanwezig)
De auto ligt lager op de weg als het compacte reservewiel is gemonteerd dan wanneer
er gereden wordt met de standaardbanden.
Als uw auto een lekke voorband krijgt op een weg die bedekt is met sneeuw of ijs
(auto's met 17 inch wielen en een compact reservewiel)
Vervang een van de achterwielen van de auto door het compacte reservewiel. Voer
onderstaande stappen uit en monteer sneeuwkettingen op de voorwielen:
Vervang het wiel links of rechts achter door het compacte reservewiel.
Vervang het wiel met de lekke voorband door het wiel dat van de achterzijde afkom-
stig is.
Monteer sneeuwkettingen op de voorwielen.
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 586 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
587
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Verklaring voor de krik
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 587 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
588 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Gebruik van het compacte reservewiel (indien aanwezig)
Houd er rekening mee dat het reservewiel speciaal ontworpen is voor gebruik
onder uw auto. Gebruik uw reservewiel daarom niet onder een andere auto.
Monteer niet gelijktijdig meer dan één compact reservewiel onder uw auto.
Vervang het reservewiel zo snel mogelijk door een wiel met een standaardband.
Vermijd plotseling accelereren, abrupte stuuracties, plotseling remmen en schakel-
handelingen die een plotselinge motorremwerking veroorzaken.
Gebruik van het compacte reservewiel (indien aanwezig)
Het kan voorkomen dat de rijsnelheid niet goed wordt weergegeven en dat de vol-
gende systemen niet goed werken:
*: Indien aanwezig
Snelheidsbeperking bij gebruik van het compacte reservewiel (indien aanwe-
zig)
Rijd niet harder dan 80 km/h als er een compact reservewiel onder de auto is
gemonteerd.
Het compacte reservewiel is niet ontworpen voor gebruik bij hoge snelheden. Het
niet opvolgen van deze voorzorgsmaatregel kan leiden tot een ongeval en ernstig
letsel.
Na gebruik van gereedschap en krik
Controleer voor het rijden of het gereedschap en de krik weer goed zijn opgeborgen
en bevestigd. Dit om te voorkomen dat een van deze voorwerpen bij een aanrijding
of bij hard remmen letsel veroorzaakt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 588 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
589
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
OPMERKING
Rijd voorzichtig over oneffenheden in het wegdek heen als het compacte reser-
vewiel onder de auto gemonteerd is. (indien aanwezig)
De auto ligt lager op de weg als het compacte reservewiel is gemonteerd dan wan-
neer er gereden wordt met de standaardbanden. Wees voorzichtig bij het rijden over
slechte wegen.
Rijden met sneeuwkettingen en het compacte reservewiel (indien aanwezig)
Monteer geen sneeuwketting op het compacte reservewiel.
De sneeuwketting kan de carrosserie beschadigen en het rijgedrag in negatieve zin
beïnvloeden.
Bij het vervangen van banden
Neem voor het verwijderen en plaatsen van wielen, banden of bandenspanningssen-
soren en -zenders contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur
of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige, omdat de
bandenspanningssensoren en -zenders beschadigd kunnen raken als er niet voor-
zichtig mee wordt omgegaan.
Voorkomen van schade aan de bandenspanningssensoren en -zenders
Als een band is gerepareerd met bandenreparatievloeistof, werken de bandenspan-
ningssensor en -zender mogelijk niet goed. Neem wanneer bandenreparatievloeistof
is gebruikt zo snel mogelijk contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Vervang bij het vervangen van de band de bandenspanningssensor en -zender.
(Blz. 491)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 589 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
590 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Een van de onderstaande punten kan het probleem veroorzaken:
De elektronische sleutel werkt mogelijk niet goed. (Blz. 593)
Er is mogelijk onvoldoende brandstof aanwezig in de tank.
Vul de brandstoftank.
Er kan een storing aanwezig zijn in de startblokkering. (Blz. 112)
Er kan een storing aanwezig zijn in het stuurslotsysteem.
Het hybridesysteem van de motor is mogelijk defect als gevolg van een
elektrische storing, zoals een ontladen batterij van de elektronische sleutel
of een defecte zekering. Er bestaat echter, afhankelijk van het soort sto-
ring, een noodmaatregel om het hybridesysteem te starten. (Blz. 591)
Een van de onderstaande punten kan het probleem veroorzaken:
De 12V-accu is mogelijk te ver ontladen. (Blz. 595)
De accuklemmen zitten mogelijk los of zijn gecorrodeerd. (Blz. 486)
Als het hybridesysteem niet kan worden
gestart
Het niet starten van het hybridesysteem kan verschillende oorzaken
hebben. Raadpleeg het volgende overzicht en onderneem de bijpas-
sende acties:
Het hybridesysteem kan niet worden gestart, ook al is de startproce-
dure correct uitgevoerd. (Blz. 268)
De interieurverlichting en de koplampen gaan zwakker branden of de
claxon maakt geen of weinig geluid.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 590 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
591
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Een van de onderstaande punten kan het probleem veroorzaken:
De 12V-accu is mogelijk te ver ontladen. (Blz. 595)
Een of beide klemmen van de 12V-accu kunnen loszitten. (Blz. 486)
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als het probleem
niet verholpen kan worden of als de reparatieprocedure niet bekend is.
Wanneer het hybridesysteem niet start maar de startknop normaal werkt, kan
het systeem aan de hand van de volgende stappen voorlopig worden gestart.
Gebruik deze startprocedure alleen in noodgevallen.
Activeer de parkeerrem.
Zet de selectiehendel in stand P.
Zet het contact in stand ACC.
Houd de startknop gedurende 15 seconden ingedrukt terwijl het rempe-
daal stevig wordt ingetrapt.
Ook als het hybridesysteem met behulp van deze stappen kan worden
gestart, kan er een storing in het systeem aanwezig zijn. Laat de auto nakij-
ken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere
naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
De interieurverlichting en de koplampen gaan niet branden of de claxon
maakt geen geluid.
Noodstartfunctie
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 591 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
592 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Portieren
Gebruik de mechanische sleutel
(Blz. 171) om de volgende han-
delingen uit te voeren (alleen
bestuurdersportier):
Vergrendelen van alle portieren
Sluiten van de ruiten (draaien en
vasthouden)*
Ontgrendelen van alle portieren
Openen van de ruiten (draaien en vasthouden)*
*: Deze instelling moet aan de persoonlijke voorkeur worden aangepast door een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Als de elektronische sleutel niet goed
werkt
Als de communicatie tussen de elektronische sleutel en de auto is ver-
broken (Blz. 188) of de elektronische sleutel niet kan worden gebruikt
omdat de batterij leeg is, werken het Smart entry-systeem met start-
knop en de afstandsbediening niet. In dergelijke gevallen kunnen de
portieren en de achterklep worden geopend en kan het hybridesysteem
worden gestart volgens onderstaande procedure.
Vergrendelen en ontgrendelen van de portieren, ontgrendelen van de
achterklep en aan de sleutel gekoppelde functies
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 592 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
593
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Achterklep
Draai de mechanische sleutel
rechtsom om de achterklep te ont-
grendelen.
Controleer of de selectiehendel in stand P staat en trap het rempedaal ste-
vig in.
Houd de zijde van de elektronische
sleutel met het Toyota-logo tegen
de startknop.
Wanneer de elektronische sleutel
wordt gedetecteerd, klinkt er een zoe-
mer en wordt het contact AAN gezet.
Wanneer het Smart entry-systeem met
startknop is uitgeschakeld via de per-
soonlijke voorkeursinstellingen, wordt
het contact in stand ACC gezet.
Trap het rempedaal stevig in en controleer of op het multi-informa-
tiedisplay wordt weergegeven.
Druk kort en krachtig op de startknop.
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als het
hybridesysteem nog steeds niet kan worden gestart.
Starten van het hybridesysteem
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 593 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
594 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Uitschakelen van het hybridesysteem
Zet de selectiehendel in stand P en druk op de startknop zoals u normaal doet bij het
uitschakelen van het hybridesysteem.
Vervangen van de sleutelbatterij
Omdat deze procedure een noodmaatregel is, wordt geadviseerd de batterij van de
elektronische sleutel zo snel mogelijk te laten vervangen als deze ontladen is.
(Blz. 519)
Alarm (indien aanwezig)
Het alarmsysteem wordt niet ingeschakeld als de mechanische sleutel wordt gebruikt
om de portieren te vergrendelen.
Het alarm kan worden geactiveerd als een portier met de mechanische sleutel wordt
ontgrendeld terwijl het alarmsysteem is ingeschakeld.
Wijzigen van de standen van het contact
Laat het rempedaal los en druk tijdens stap hierboven op de startknop.
Het hybridesysteem wordt niet ingeschakeld en de stand verandert iedere keer dat de
knop wordt ingedrukt. (Blz. 269)
Als de elektronische sleutel niet goed werkt
Controleer of het Smart entry-systeem met startknop niet is uitgeschakeld via de per-
soonlijke voorkeursinstellingen. Is de functie uitgeschakeld, schakel hem dan in.
(Systemen met mogelijkheden voor persoonlijke voorkeursinstellingen: Blz. 623)
Controleer of de energiebespaarmodus is ingeschakeld. Is de functie ingeschakeld,
schakel hem dan uit. (Blz. 187)
WAARSCHUWING
Bij het gebruik van de mechanische sleutel en het bedienen van de elektrisch
bedienbare ruiten
Bedien de elektrisch bedienbare ruit nadat u hebt gecontroleerd of er geen risico is
dat een passagier met een lichaamsdeel bekneld kan raken tussen de ruit. Laat
tevens de mechanische sleutel niet bedienen door kinderen. Het kan gebeuren dat
een lichaamsdeel van een kind of een andere passagier klem komt te zitten door het
bedienen van de elektrisch bedienbare ruit.
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 594 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
595
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Als u de beschikking hebt over een set startkabels en een tweede voertuig
met een 12V-accu, kunt u uw auto starten met behulp van de onderstaande
hulpstartprocedure.
Auto's met een alarm: Controleer
of u de elektronische sleutel bij u
hebt.
Als u de startkabels aansluit, kan het
alarm afgaan of kunnen de portieren
worden vergrendeld, afhankelijk van de
situatie. (Blz. 127)
Open de motorkap en verwijder het
deksel van de zekeringenkast.
Druk de borglippen in en til de klep
eraf.
Open het deksel van de speciale
hulpstartaansluiting.
Als de 12V-accu van de auto ontladen is
Als de 12V-accu van de auto ontladen is, kan het hybridesysteem met
behulp van de onderstaande procedures worden gestart.
U kunt ook contact opnemen met een erkende Toyota-dealer of herstel-
ler/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitge-
ruste deskundige.
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 595 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
596 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Sluit de startkabels als volgt aan:
Sluit de positieve startkabel aan op de speciale hulpstartaansluiting van
uw auto.
Sluit de andere zijde van de positieve startkabel aan op de positieve
accupool (+) van de tweede auto.
Sluit de negatieve startkabel aan op de negatieve accupool (-) van de
tweede auto.
Sluit de andere zijde van de negatieve startkabel aan op de auto met de
ontladen accu op een stevig, stilstaand, niet gelakt metalen punt, ver
weg van de hulpstartaansluiting en bewegende delen, zoals aange-
geven in de afbeelding.
4
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 596 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
597
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Start de motor van de tweede auto. Verhoog het motortoerental iets en laat
de motor gedurende ongeveer 5 minuten met het verhoogde toerental
draaien om de 12V-accu van uw auto op te laden.
Open en sluit een van de portieren terwijl het contact UIT staat.
Laat de motor van de tweede auto met een iets verhoogd toerental draaien
en start het hybridesysteem van uw auto door het contact AAN te zetten.
Controleer of het controlelampje READY gaat branden. Neem als het con-
trolelampje niet gaat branden contact op met een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitge-
ruste deskundige.
Verwijder de startkabels als het hybridesysteem gestart is in exact de
omgekeerde volgorde van aansluiten.
Sluit het deksel van de speciale hulpstartaansluiting en plaats het deksel
van de zekeringenkast weer in de oorspronkelijke positie.
Laat, nadat het hybridesysteem is gestart, de auto zo snel mogelijk nakijken
door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar
behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
5
6
7
8
9
10
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 597 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
598 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Starten van het hybridesysteem wanneer de 12V-accu ontladen is
Het hybridesysteem kan niet worden gestart door de auto aan te duwen.
Voorkomen van ontlading van de 12V-accu
Zet de koplampen en het audiosysteem uit als het hybridesysteem is uitgeschakeld.
Schakel niet-noodzakelijke elektrische verbruikers uit als er gedurende langere tijd
met lage snelheden gereden wordt, bijvoorbeeld in een file.
Als de 12V-accu verwijderd of ontladen is
De in de ECU opgeslagen informatie wordt gewist. Laat wanneer de 12V-accu volle-
dig is ontladen de auto nakijken door een erkende Toyota-dealer of hersteller/repara-
teur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Sommige systemen moeten mogelijk worden geïnitialiseerd. (Blz. 630)
Bij het losnemen van de 12V-accuklemmen
Wanneer de 12V-accuklemmen worden losgenomen, wordt de in de ECU opgeslagen
informatie gewist. Neem voordat u de 12V-accuklemmen losneemt contact op met een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
Opladen van de 12V-accu
De 12V-accu zal geleidelijk aan ontladen, zelfs wanneer de auto niet in gebruik is. Dit
wordt veroorzaakt door natuurlijke ontlading en het effect van bepaalde elektrische
apparatuur. Als de auto langere tijd niet gebruikt wordt, kan de 12V-accu ontladen en
kan het hybridesysteem mogelijk niet meer worden gestart. (De 12V-accu laadt auto-
matisch op wanneer het hybridesysteem in werking is.)
Bij het bijladen of vervangen van de 12V-accu
Wanneer de 12V-accu is ontladen, is het in sommige gevallen niet mogelijk om de
portieren te ontgrendelen met het Smart entry-systeem met startknop. Gebruik de
afstandsbediening of de mechanische sleutel om de portieren te vergrendelen of te
ontgrendelen.
Mogelijk start het hybridesysteem niet bij de eerste poging nadat de 12V-accu weer
is opgeladen, maar start hij wel normaal na de tweede poging. Dit duidt niet op een
storing.
De stand van het contact wordt door de auto geregistreerd. Wanneer de 12V-accu
weer wordt aangesloten, keert het systeem terug naar de stand die was geselecteerd
voordat de 12V-accu ontladen was. Zorg dat het contact UIT staat voordat de 12V-
accu wordt losgenomen.
Wees extra voorzichtig bij het aansluiten van de 12V-accu wanneer u niet zeker weet
in welke stand het contact stond voordat de 12V-accu werd opgeladen.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 598 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
599
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Vervangen van de 12V-accu
Gebruik een 12V-accu van het type met centrale ontgassing (Europese wetgeving).
Gebruik een 12V-accu van hetzelfde formaat als de vorige (LN2), met een gelijk-
waardige capaciteit van 20 uur (20HR) (55 Ah) of meer, en een gelijkwaardige start-
kracht (CCA) van 345 A of meer.
Als het formaat verschilt, kan de 12V-accu niet goed worden bevestigd.
Als de capaciteit laag is, zelfs als de auto korte tijd niet gebruikt is, kan de 12V-
accu ontladen en kan het hybridesysteem mogelijk niet meer worden gestart.
Gebruik een 12V-accu met een controlelampje. (Blz. 487)
Gebruik een 12V-accu met een handgreep. Als u een 12V-accu zonder handgreep
gebruikt, zal het verwijderen moeilijker gaan.
Neem voor meer informatie contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/
reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Bevestig, na vervanging, de volgende
onderdelen stevig aan de uitlaatopening van
de 12V-accu.
Gebruik de uitlaatslang die vóór vervan-
ging aan de 12V-accu was bevestigd en
controleer of deze goed op de opening
van de auto is bevestigd.
Gebruik de plug van de uitlaatopening die
bij de vervangende 12V-accu hoort of die
van de vervangen 12V-accu. (Afhankelijk
van de te vervangen 12V-accu is de uit-
laatopening mogelijk afgesloten.)
Plug uitlaatopening
Uitlaatopening
Uitlaatslang
Opening in de auto
1
2
3
4
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 599 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
600 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Bij het losnemen van de 12V-accuklemmen
Verwijder altijd eerst de minkabel (-). Als de pluspool (+) bij het verwijderen in con-
tact komt met metalen onderdelen in de buurt, kunnen er vonken ontstaan waardoor
brand kan ontstaan. Ook kunt u een elektrische schok krijgen en ernstig letsel oplo-
pen.
Voorkomen van brand en explosie van de 12V-accu
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht om te voorkomen dat het licht ont-
vlambare gas dat uit de 12V-accu kan komen, per ongeluk tot ontbranding komt:
Zorg ervoor dat de startkabel aangesloten wordt op de juiste accupool en niet per
ongeluk in aanraking komt met een ander onderdeel dan de bedoelde accupool.
Zorg ervoor dat de op de “+”-pool aangesloten startkabel niet in contact komt met
andere onderdelen of metalen oppervlakken, zoals metalen steunen en ongelakt
metaal.
Laat de “+” en “-” klemmen van de startkabels niet in contact komen met elkaar.
Rook niet en gebruik geen lucifers, aanstekers en open vuur in de buurt van de
12V-accu.
Voorzorgsmaatregelen 12V-accu
De 12V-accu bevat giftige en corrosieve elektrolyt en de onderdelen van de accu
bevatten lood en loodhoudende samenstellingen. Neem bij het omgaan met de 12V-
accu de volgende voorzorgsmaatregelen in acht:
Draag bij het werken met de 12V-accu altijd een veiligheidsbril en zorg ervoor dat
de accuvloeistof niet in contact komt met de huid, kleding of de carrosserie van de
auto.
Leun niet over de 12V-accu heen.
Was accuvloeistof, die op de huid of in de ogen terecht is gekomen, direct weg met
water en raadpleeg een arts.
Bedek de plaats waar de accuvloeistof op terechtgekomen is met een natte spons
of doek totdat er medische hulp kan worden verkregen.
Was altijd uw handen nadat u de accudrager, de accupolen en andere accu-gerela-
teerde onderdelen hebt aangeraakt.
Houd kinderen uit de buurt van de 12V-accu.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 600 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
601
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
WAARSCHUWING
Na het laden van de 12V-accu
Laat de 12V-accu zo snel mogelijk controleren door een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige.
Als de 12V-accu verouderd raakt en nog wordt gebruikt, kan een onwelriekend gas
worden uitgestoten. Dit kan schadelijk zijn voor de gezondheid van de passagiers.
Vervangen van de 12V-accu
Bevestig, na vervanging, de uitlaatslang en de plug van de uitlaatopening stevig op
de uitlaatopening van de vervangende 12V-accu. Wanneer deze niet goed worden
geplaatst, kunnen gassen (waterstof) in het interieur van de auto terechtkomen en
kan het gas ontbranden en ontploffen.
OPMERKING
Omgaan met startkabels
Zorg er bij het aansluiten van de startkabels voor dat deze niet verstrikt raken in de
koelventilatoren of de ventilatorriem.
Voorkomen van beschadiging van de auto
De speciale hulpstartaansluiting moet worden gebruikt als de 12V-accu in een nood-
geval vanuit een andere auto wordt geladen. Deze kan niet worden gebruikt als hulp-
start voor een andere auto.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 601 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
602 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Als de naald van de koelvloeistoftemperatuurmeter in het rode
gebied komt of “Engine Coolant Temp High Stop in a Safe Place See
Owner’s Manual” (Koelvloeistoftemperatuur te hoog. Breng auto op
veilige plaats tot stilstand. Raadpleeg handleiding) op het multi-infor-
matiedisplay wordt weergegeven
Breng de auto op een veilige plaats tot stilstand en schakel de aircondi-
tioning en vervolgens het hybridesysteem uit.
Als er stoom te zien is:
Open, nadat de stoom is verdwenen, voorzichtig de motorkap.
Als er geen stoom te zien is:
Open voorzichtig de motorkap.
Controleer nadat het hybride-
systeem voldoende is afge-
koeld de slangen en het
radiateurblok (radiateur) op spo-
ren van lekkage.
Radiateur
Koelventilator
Neem bij lekkage van een grote
hoeveelheid koelvloeistof onmiddel-
lijk contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/repara-
teur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige.
Als uw auto oververhit raakt
Het volgende kan erop duiden dat de auto oververhit raakt.
De naald van de koelvloeistoftemperatuurmeter (Blz. 136) komt in het
rode gebied of u merkt dat het hybridesysteem minder vermogen levert.
(De auto accelereert bijvoorbeeld niet als het gaspedaal wordt ingetrapt.)
“Engine Coolant Temp High Stop in a Safe Place See Owner’s Manual”
(Temperatuur koelvloeistof te hoog. Breng auto op veilige plaats tot stil-
stand. Raadpleeg handleiding) of “Hybrid System Overheated Output
Power Reduced” (Hybridesysteem oververhit. Gereduceerd uitgangsver-
mogen) wordt weergegeven op het multi-informatiedisplay.
Er komt stoom onder de motorkap uit.
Correctieprocedures
1
2
3
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 602 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
603
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Het koelvloeistofniveau is cor-
rect als het zich tussen de
streepjes F en L op het reservoir
bevindt.
Reservoir
Streepje F
Streepje L
Radiateurdop
Vul indien nodig koelvloeistof bij.
In noodgevallen mag ook water
gebruikt worden als u geen koel-
vloeistof bij de hand hebt.
Schakel het hybridesysteem en de airconditioning in en controleer of de
koelventilator van de radiateur draait en of er geen koelvloeistof lekt uit
de radiateur of de slangen.
De koelventilator gaat draaien als de airconditioning wordt ingeschakeld direct
na een koude start. Controleer of de ventilator draait door ernaar te luisteren en
te voelen of er luchtstroom is. Schakel als u hier niet zeker van bent de aircondi-
tioning nog een aantal keer in en uit. (De ventilator werkt mogelijk niet bij tempe-
raturen beneden het vriespunt.)
4
1
2
3
4
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 603 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
604 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
Als de ventilator niet werkt:
Zet het hybridesysteem onmiddellijk uit en neem contact op met een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar beho-
ren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Als de ventilator werkt:
Laat de auto nakijken door de dichtstbijzijnde erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en
uitgeruste deskundige.
Als “Hybrid System Overheated Output Power Reduced” (Hybri-
desysteem oververhit. Gereduceerd uitgangsvermogen) wordt weer-
gegeven op het multi-informatiedisplay
Breng de auto op een veilige plaats tot stilstand.
Schakel het hybridesysteem uit en open de motorkap voorzichtig.
Controleer nadat het hybride-
systeem is afgekoeld de slan-
gen en het radiateurblok
(radiateur) op sporen van lekk-
age.
Radiateur
Koelventilator
Neem bij lekkage van een grote
hoeveelheid koelvloeistof onmiddel-
lijk contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/repara-
teur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste des-
kundige.
Het koelvloeistofniveau is cor-
rect als het zich tussen de
streepjes FULL en LOW van het
reservoir bevindt.
Reservoir
FULL-streepje
LOW-streepje
7
1
2
3
1
2
4
1
2
3
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 604 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
605
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Vul indien nodig koelvloeistof bij.
In noodgevallen mag ook water
gebruikt worden als u geen koel-
vloeistof bij de hand hebt.
Schakel het hybridesysteem uit, wacht ten minste 5 minuten, start het
hybridesysteem weer en controleer het multi-informatiedisplay.
Als de melding niet verdwijnt:
Zet het hybridesysteem uit en neem contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren
gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Als de melding niet wordt weergegeven:
De temperatuur van het hybridesysteem is gedaald en er kan nor-
maal met de auto gereden worden.
Neem echter contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur
of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige als de
melding weer herhaaldelijk wordt weergegeven.
5
6
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 605 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
606 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
WAARSCHUWING
Een ongeval of letsel voorkomen bij controles in de motorruimte van uw auto
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht.
Het niet in acht nemen van de voorzorgsmaatregelen kan ernstig letsel, zoals brand-
wonden, tot gevolg hebben.
Als er stoom onder de motorkap vandaan komt, open de motorkap dan niet voordat
de stoom is verdwenen. De motorruimte kan zeer heet zijn.
Controleer nadat het hybridesysteem is uitgeschakeld of het controlelampje
READY uit is. Als het hybridesysteem in werking is, kan de benzinemotor automa-
tisch worden gestart of kan de koelventilator automatisch aanslaan, ook nadat de
benzinemotor is uitgeschakeld. Kom niet in de buurt van bewegende delen zoals
de ventilator en raak ze niet aan. Als uw vingers of kledingstukken (stropdas, sjaal)
ertussen komen, kan ernstig letsel het gevolg zijn.
Draai de radiateurdop en de dop van het koelvloeistofreservoir niet los als het
hybridesysteem en de radiateur heet zijn.
Er kan hete stoom of koelvloeistof uit spuiten.
OPMERKING
Bijvullen van koelvloeistof motor/vermogensregeleenheid
Wacht totdat het hybridesysteem is afgekoeld alvorens koelvloeistof voor de motor/
vermogensregeleenheid bij te vullen.
Vul het systeem langzaam met koelvloeistof. Het te snel bijvullen van koelvloeistof
bij een heet hybridesysteem kan schade aan het hybridesysteem veroorzaken.
Voorkomen van beschadigingen aan het koelsysteem
Houd u aan de volgende voorzorgsmaatregelen:
Zorg dat de koelvloeistof niet verontreinigd raakt (bijvoorbeeld met zand of stof)
Gebruik geen koelvloeistofadditief.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 606 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
607
7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
7
Bij problemen
Schakel het hybridesysteem uit. Activeer de parkeerrem en zet de selec-
tiehendel in stand P.
Verwijder modder, sneeuw of zand rond de voorwielen.
Leg een stuk hout, stenen of ander materiaal onder de voorwielen om de
wielen grip te geven.
Schakel het hybridesysteem weer in.
Zet de selectiehendel in stand D of R en deactiveer de parkeerrem. Trap
vervolgens voorzichtig het gaspedaal in.
Wanneer u de auto moeilijk los kunt krijgen
Als de auto vast komt te zitten
Voer de volgende procedures uit als de banden doorslippen of als de
auto vastzit in modder, sneeuw, enz.:
Druk op om de TRC uit te schakelen.
WAARSCHUWING
Bij het vrij proberen te krijgen van een auto die vastzit
Als u de auto in beweging wilt krijgen door te “schommelen”, controleer dan eerst of
er in de omgeving van de auto geen andere auto's, objecten of personen aanwezig
zijn die geraakt zouden kunnen worden als de auto plotseling in beweging komt. De
auto kan ook een plotselinge beweging maken als de wielen weer grip krijgen. Neem
de grootst mogelijke voorzichtigheid in acht.
Bedienen van de selectiehendel
Zet de selectiehendel niet in een andere stand als het gaspedaal is ingetrapt.
Als u dat wel doet, kan de auto onverwacht snel accelereren, waardoor een aanrij-
ding en ernstig letsel kunnen ontstaan.
1
2
3
4
5
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 607 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
608 7-2. Stappen die genomen moeten worden in noodgevallen
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Om beschadiging van de transmissie en andere componenten te voorkomen
Vermijd dat de voorwielen doorslippen en dat u het gaspedaal verder dan noodza-
kelijk intrapt.
Als de auto na deze pogingen nog steeds vastzit, moet deze door een ander voer-
tuig worden losgetrokken.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 608 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
609
8
Voertuigspecificaties
CAMRY_HV_EE
8-1. Specificaties
Onderhoudsgegevens
(brandstof, oliepeil, enz.) ......610
Informatie over brandstof ........621
8-2. Persoonlijke
voorkeursinstellingen
Systemen met mogelijkheden
voor persoonlijke
voorkeursinstellingen............623
8-3. Te initialiseren onderdelen
Te initialiseren onderdelen......630
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 609 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
610
CAMRY_HV_EE
8-1. Specificaties
*: Ongeladen auto
Voertuigidentificatienummer
Het voertuigidentificatienummer (VIN) is het wettelijke identificatienummer
van uw auto. Dit is het belangrijkste identificatienummer van uw Toyota.
Het wordt gebruikt voor het op naam zetten van de auto.
Bij sommige uitvoeringen is dit
nummer links boven op het dash-
board ingeslagen.
Onderhoudsgegevens
(brandstof, oliepeil, enz.)
Afmetingen
Totale lengte 4.885 mm (192,3 in.)
Totale breedte 1.840 mm (72,4 in.)
Totale hoogte*1.445 mm (56,8 in.)
Wielbasis 2.825 mm (111,2 in.)
Spoor-
breedte*
Voor
17 inch
banden 1.590 mm (62,6 in.)
18 inch
banden 1.580 mm (62,2 in.)
Achter
17 inch
banden 1.600 mm (63,0 in.)
18 inch
banden 1.590 mm (62,6 in.)
Identificatie van de auto
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 610 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
611
8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
8
Voertuigspecificaties
Dit nummer staat ook op het type-
plaatje.
Dit nummer is ook onder de voor-
stoel rechts aangebracht.
Motornummer
Het motornummer is op de aange-
geven plaats ingeslagen in het
motorblok.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 611 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
612 8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
Motor
Uitvoering A25A-FXS
Type 4-cilinder lijnmotor, 4-takt benzinemotor
Boring x slag 87,5 x 103,4 mm (3,44 x 4,07 in.)
Cilinderinhoud 2.487 cm3 (151,8 cu.in.)
Klepspeling Automatische afstelling
Brandstof
Brandstofsoort
Als u dit soort labels aantreft bij het tankstation, gebruik
dan alleen brandstof met een van de onderstaande
labels.
EU:
Uitsluitend loodvrije benzine conform de Europese
norm EN228
Behalve EU:
Uitsluitend loodvrije benzine
Research-octaangetal 95 of hoger
Inhoud brandstoftank
(bij benadering) 50 l (13,2 gal., 11,0 Imp. gal.)
Elektromotor (tractiemotor)
Type Synchroonmotor met permanente magneet
Maximaal vermogen 88 kW
Maximaal koppel 202 Nm (20,6 kgm, 149 ft•lbf)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 612 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
613
8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
8
Voertuigspecificaties
Oliehoeveelheid (verversen [bij benadering*])
*: De aangegeven hoeveelheid motorolie is een referentiehoeveelheid voor het ver-
versen van de motorolie. Breng de motor op bedrijfstemperatuur en schakel het
hybridesysteem uit, wacht ten minste 5 minuten en controleer het oliepeil met de
peilstok.
Keuze motorolie
De motor is af fabriek gevuld met originele Toyota-motorolie. Toyota
beveelt het gebruik van originele Toyota-motorolie aan. Er kan ook andere
motorolie van gelijkwaardige kwaliteit worden gebruikt.
Oliesoort:
0W-16:
API grade SN “Resource-Conserving” of SN PLUS “Resource-Conserving”
multigrade-motorolie
0W-20 en 5W-30:
API SL “Energy-Conserving”, SM “Energy-Conserving”, SN “Resource-
Conserving” of SN PLUS “Resource-Conserving”; of ILSAC multigrade-
motorolie
Batterijpakket (tractiebatterij)
Type Nikkel-metaalhydride batterij
Spanning 7,2 V/module
Capaciteit 6,5 Ah (3HR)
Aantal 34 modules
Nominale spanning 244,8 V
Smeersysteem
Met filter 4,5 l (4,8 qt., 4,0 Imp. qt.)
Zonder filter 4,2 l (4,4 qt., 3,7 Imp. qt.)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 613 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
614 8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
Aanbevolen viscositeit (SAE):
Uw Toyota is af fabriek gevuld met
motorolie met een viscositeit van
SAE 0W-16. Deze motorolie is de
beste keuze voor uw auto van-
wege een laag brandstofverbruik
en goede starteigenschappen bij
koud weer.
U kunt de viscositeit SAE 0W-20
gebruiken als SAE 0W-16 niet
beschikbaar is. Deze dient echter
bij de volgende verversing vervan-
gen te worden door SAE 0W-16.
Viscositeit (als voorbeeld wordt hier 0W-16 gebruikt):
Het gedeelte 0W in 0W-16 geeft aan dat de olie ervoor zorgt dat de
motor goed start bij koud weer. Olie met een lage waarde voor de W
zorgt dat de motor goed start bij koud weer.
Het gedeelte 16 in 0W-16 geeft de viscositeit van de olie weer als de
olie een hoge temperatuur heeft. Olie met een hogere viscositeit
(hogere waarde) is mogelijk beter geschikt wanneer met hoge snelhe-
den of met veel belading wordt gereden.
Te verwachten temperatuurbereik
tot de volgende verversing
Aanbevolen
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 614 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
615
8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
8
Voertuigspecificaties
Merktekens oliekwaliteit:
Let er bij het aanschaffen van motorolie op of ten minste één van beide
bovenstaande symbolen op de verpakking is gedrukt.
API-symbool
Bovenste deel: API SERVICE SN
geeft de kwaliteit van de motorolie
aan en is vastgesteld door API
(American Petroleum Institute).
Middelste deel: SAE 0W-16 geeft de
viscositeit aan.
Onderste deel: In dit deel staat
“Resource-Conserving”, wat staat
voor brandstofbesparende en
groene eigenschappen.
ILSAC-symbool
Het ILSAC-symbool (International Lubricant Standardization and Approval Com-
mittee) staat op de voorzijde van de verpakking.
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 615 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
616 8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
Koelsysteem
Inhoud
(referentiewaarde)
Benzinemotor
6,1 l (6,4 qt., 5,4 Imp. qt.)
Vermogensregeleenheid
1,8 l (1,9 qt., 1,6 Imp.qt.)
Soort koelvloeistof
Gebruik een van de volgende middelen:
Toyota Super Long Life Coolant
Of een gelijkwaardig product
Gebruik niet uitsluitend kraanwater.
Ontstekingssysteem
Bougie
Merk
Elektrodenafstand
DENSO FC16HR-Q8
0,8 mm (0,031 in.)
OPMERKING
Bougies met iridium elektroden
Gebruik alleen bougies met iridium elektroden. Wijzig de elektrodenafstand niet.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 616 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
617
8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
8
Voertuigspecificaties
*: De aangegeven hoeveelheid vloeistof dient als referentie.
Als vervanging noodzakelijk is, neem dan contact op met een erkende Toyota-dea-
ler of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitge-
ruste deskundige.
Elektrisch systeem
12V-accu
Klemspanning bij 20°C (68°F): 12,0 V of hoger
Als de desbetreffende spanning lager is dan de
standaardwaarde, laad dan de accu op.
(Wanneer u na het UIT zetten van het contact
de spanning controleert, wacht dan 30 secon-
den terwijl het grootlicht is ingeschakeld. Scha-
kel vervolgens het grootlicht uit en controleer de
spanning.)
Laadstroom Max. 5 A
Transmissie
Hoeveelheid vloeistof*3,9 l (4,1 qt., 3,4 Imp. qt.)
Soort vloeistof Originele Toyota ATF WS
OPMERKING
Transmissievloeistof
Gebruik van andere transmissievloeistof dan hierboven genoemd kan leiden tot
abnormale geluiden en trillingen en op termijn schade aanrichten aan de transmissie
van uw auto.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 617 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
618 8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
*: Minimumafstand van pedaal tot vloer bij een pedaalkracht van 300 N (31 kg, 67 lbf)
terwijl het hybridesysteem in werking is.
17 inch banden
Remmen
Afstand van pedaal tot vloer*85 mm (3,3 in.)
Vrije slag pedaal 1 6 mm (0,04 0,24 in.)
Slijtagelimiet remblokken 1,0 mm (0,04 in.)
Soort vloeistof SAE J1703 of FMVSS Nr. 116 DOT 3
SAE J1704 of FMVSS Nr. 116 DOT 4
Stuurinrichting
Vrije slag Minder dan 30 mm (1,2 in.)
Banden en velgen
Bandenmaat 215/55R17 94W
Bandenspanning
(Aanbevolen
bandenspanning koud)
Voorwiel
kPa (kg/cm2 of
bar, psi)
Achterwiel
kPa (kg/cm2 of
bar, psi)
240 (2,4, 35) 240 (2,4, 35)
Wielmaat 17 × 7 1/2J
Aanhaalmoment wielmoeren 103 Nm (10,5 kgm, 76 ft•lbf)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 618 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
619
8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
8
Voertuigspecificaties
18 inch banden
Compact reservewiel
Bandenmaat 235/45R18 94W
Bandenspanning
(Aanbevolen banden-
spanning koud)
Voorwiel
kPa (kg/cm2 of bar, psi) Achterwiel
kPa (kg/cm2 of bar, psi)
240 (2,4, 35) 240 (2,4, 35)
Wielmaat 18 × 8J
Aanhaalmoment wiel-
moeren 103 Nm (10,5 kgm, 76 ft•lbf)
Bandenmaat 235/45R18 94Y
Bandenspanning
(Aanbevolen banden-
spanning koud)
Voorwiel
kPa (kg/cm2 of bar, psi) Achterwiel
kPa (kg/cm2 of bar, psi)
240 (2,4, 35) 240 (2,4, 35)
Wielmaat 18 × 8J
Aanhaalmoment wiel-
moeren 103 Nm (10,5 kgm, 76 ft•lbf)
Bandenmaat T155/70D17 110M
Bandenspanning reser-
vewiel
(Aanbevolen banden-
spanning koud)
420 kPa (4,2 kg/cm2 of bar, 60 psi)
Wielmaat 17 × 4 T
Aanhaalmoment wiel-
moeren 103 Nm (10,5 kgm, 76 ft•lbf)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 619 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
620 8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
*: Lampen die niet in deze tabel staan, zijn ledlampen.
Lampen*
Lampen WType
Exterieur
Richtingaanwijzers voor (gloeilamp) 21 A
Richtingaanwijzers achter (gloeilamp) 21 A
Achteruitrijlichten (gloeilamp) 16 B
Interieur
Instapverlichting 5 B
Make-upverlichting 8 B
Bagageruimteverlichting 5 B
A: Glassokkellampen (oranje) B: Glassokkellampen (helder)
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 620 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
621
8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
8
Voertuigspecificaties
Gebruik van benzine vermengd met ethanol in een benzinemotor
Toyota staat het gebruik van benzine vermengd met ethanol toe wanneer de hoeveel-
heid ethanol maximaal 10% bedraagt. Controleer of het octaangetal van de benzine
met ethanol aan bovenstaande voorwaarden voldoet.
Als de motor pingelt
Neem contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een
andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Het kan een enkele keer voorkomen dat u de motor licht hoort pingelen tijdens acce-
lereren of bij het oprijden van een heuvel. Dit is normaal en is geen reden tot
bezorgdheid.
Informatie over brandstof
Als u dit soort labels aantreft bij het tankstation, gebruik dan alleen
brandstof met een van de onderstaande labels.
EU:
Gebruik uitsluitend loodvrije benzine conform de Europese norm
EN228.
Gebruik loodvrije benzine met een octaangetal van 95 RON (Research
Octane Number) of hoger voor optimale prestaties van uw auto.
Behalve EU:
Gebruik alleen loodvrije benzine.
Gebruik loodvrije benzine met een octaangetal van 95 RON (Research
Octane Number) of hoger voor optimale prestaties van uw auto.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 621 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
622 8-1. Specificaties
CAMRY_HV_EE
OPMERKING
Opmerking over de brandstofkwaliteit
Gebruik de juiste brandstoffen. De motor zal beschadigd raken wanneer u de ver-
keerde brandstof gebruikt.
Gebruik geen benzine met metaalhoudende additieven, zoals mangaan, ijzer of
lood, omdat dit schade aan uw motor of emissieregelsysteem kan veroorzaken.
Voeg geen aftermarket metaalhoudende brandstofadditieven toe.
EU: Gebruik geen bio-ethanolbrandstof die wordt verkocht onder de naam E50 of
E85, of brandstof met een hoog ethanolgehalte. Bij gebruik van deze brandstoffen
wordt het brandstofsysteem beschadigd. Neem bij twijfel contact op met een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwa-
lificeerde en uitgeruste deskundige.
Behalve EU: Gebruik geen bio-ethanolbrandstof die wordt verkocht onder de naam
E50 of E85, of brandstof met een hoog ethanolgehalte. Uw auto is geschikt voor
benzine met maximaal 10% ethanol. Bij het gebruik van brandstof met meer dan
10% ethanol (E10) wordt het brandstofsysteem van de auto beschadigd. Zorg
ervoor dat u brandstof tankt met de juiste specificaties en de vereiste kwaliteit.
Neem bij twijfel contact op met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur
of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Gebruik geen methanolhoudende benzine, zoals M15, M85 of M100. Door
methanolhoudende benzine te gebruiken kan de motor beschadigd raken of kun-
nen er storingen in optreden.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 622 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
623
CAMRY_HV_EE
8
Voertuigspecificaties
8-2. Persoonlijke voorkeursinstellingen
Zorg er bij het wijzigen van de instellingen voor dat de auto op een veilige
plaats staat met de selectiehendel in stand P en geactiveerde parkeerrem.
Wijzigen met behulp van het scherm van het audiosysteem
Druk op de toets SETUP.
Selecteer “General” (algemeen) of “Vehicle” (voertuig) op het scherm
“Setup” (instellingen).
Er kunnen verschillende instellingen worden gewijzigd. Raadpleeg het
overzicht met instellingen die kunnen worden gewijzigd voor meer informa-
tie.
Wijzigen met behulp van het multi-informatiedisplay
Blz. 148
Systemen met mogelijkheden voor
persoonlijke voorkeursinstellingen
Uw auto is voorzien van verschillende elektronische functies die naar-
gelang uw persoonlijke voorkeur kunnen worden ingesteld. De instel-
lingen van deze functies kunnen worden gewijzigd met behulp van het
multi-informatiedisplay, het scherm van het audiosysteem of bij een
erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar beho-
ren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
Functies van de auto aanpassen aan de persoonlijke voorkeur
1
2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 623 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
624 8-2. Persoonlijke voorkeursinstellingen
CAMRY_HV_EE
Sommige voorkeursinstellingen zijn van invloed op de instellingen van
andere functies. Neem voor meer informatie contact op met een erkende
Toyota-dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalifi-
ceerde en uitgeruste deskundige.
Instellingen die u kunt wijzigen op het scherm van het audiosysteem
Instellingen die door een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige kun-
nen worden gewijzigd
Definitie van symbolen: O = beschikbaar, — = niet beschikbaar
Meters, tellers en multi-informatiedisplay (Blz. 136, 140)
*: De standaardinstelling verschilt per land.
Systemen met mogelijkheden voor persoonlijke voorkeursinstellingen
1
2
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Eenheden*km (l/100 km) km (km/liter) O
mijlen (MPG)
Comfortvoorzieningen
(suggestiefunctie) Aan
Aan
(bij stilstaande auto) O O
Uit
12
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 624 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
625
8-2. Persoonlijke voorkeursinstellingen
CAMRY_HV_EE
8
Voertuigspecificaties
Portierslot (Blz. 174, 181, 592)
Smart entry-systeem met startknop en afstandsbediening
(Blz. 174, 181, 185)
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Ontgrendelen met de
mechanische sleutel
Alle portieren in
één keer ontgren-
delen
Bestuurdersportier ont-
grendelen in een keer,
overige portieren in
twee keer
O
Functie koppeling van rij-
snelheid aan portierver-
grendeling Aan Uit O O
Functie koppeling van
stand selectiehendel aan
portiervergrendeling Uit Aan O O
Functie koppeling van
stand selectiehendel aan
portierontgrendeling Uit Aan O O
Functie koppeling portier-
ontgrendeling aan bestuur-
dersportier Uit Aan O O
Vergrendelen/ontgrendelen
van de achterklep wanneer
alle portieren worden ver-
grendeld/ontgrendeld
Aan Uit O
1 2
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Bedieningssignaal
(alarmknipperlichten) Aan Uit O O
Tijd totdat na het ontgren-
delen, zonder dat een por-
tier wordt geopend, de
portieren automatisch weer
worden vergrendeld
30 seconden
60 seconden
O
120 seconden
Waarschuwingszoemer
open portier/achterklep Aan Uit O
1 2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 625 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
626 8-2. Persoonlijke voorkeursinstellingen
CAMRY_HV_EE
Smart entry-systeem met startknop (Blz. 174, 181, 185)
Afstandsbediening (Blz. 170, 174, 181)
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Smart entry-systeem met
startknop Aan Uit O O
Ontgrendelen portier met
Smart entry-systeem en
startknop Alle portieren Bestuurdersportier O O
Tijd die verstrijkt voordat
alle portieren worden ont-
grendeld wanneer de por-
tiergreep van het
bestuurdersportier wordt
vastgepakt
Uit 2 seconden O
Aantal opeenvolgende por-
tiervergrendelingen 2 keer Zo veel als gewenst O
1 2
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Afstandsbediening Aan Uit O
Ontgrendelen Alle portieren in
één keer ontgren-
delen
Bestuurdersportier ont-
grendelen in een keer,
overige portieren in
twee keer
O O
Werking ontgrendelen ach-
terklep (Kort) ingedrukt
houden
Eén keer kort indrukken
O
Twee keer indrukken
(Lang) ingedrukt hou-
den
Uit
1 2
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 626 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
627
8-2. Persoonlijke voorkeursinstellingen
CAMRY_HV_EE
8
Voertuigspecificaties
Elektrisch bedienbare ruiten (Blz. 253)
Stuurwiel* (Blz. 246)
*: Auto's met elektrisch verstelbaar stuurwiel
Automatische verlichting (Blz. 290)
Toyota Parking Assist-sensor (Blz. 386)
BSM (Blind Spot Monitor)* (Blz. 368)
*:Indien aanwezig
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Bediening gekoppeld aan
gebruik van de mechani-
sche sleutel Uit Aan O
Koppeling van werking aan
afstandsbediening Uit Aan O
Koppeling van werking aan
afstandsbediening (zoe-
mer) Aan Uit O
12
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Functie voor automatisch
wegkantelen Alleen kantelen
Alleen inschuiven
O O
Wegkantelen en
inschuiven
Uit
12
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Gevoeligheid lichtsensor Standaard -2 - 2 O O
1 2
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Zoemervolume 21 - 3 O
12
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Helderheid indicator in bui-
tenspiegel Helder Gedimd O
12
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 627 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
628 8-2. Persoonlijke voorkeursinstellingen
CAMRY_HV_EE
RCTA (Rear Crossing Traffic Alert)* (Blz. 368)
*:Indien aanwezig
Automatische airconditioning (Blz. 424)
Verlichting (Blz. 436)
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Zoemervolume 21 - 3 O
12
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Schakelen tussen buiten-
luchtmodus en de aan de
toets AUTO gekoppelde
recirculatiemodus
Automatisch Handmatig O O
Werking automatische air-
coschakelaar Automatisch Handmatig O O
1 2
Functie Standaardinstelling Persoonlijke
voorkeursinstelling
Vertraging interieurverlich-
ting 15 seconden
Uit
O O7,5 seconden
30 seconden
Werking na het UIT zetten
van het contact Aan Uit O
Werking als de portieren
worden ontgrendeld Aan Uit O
Werking wanneer u de auto
nadert terwijl u de elektroni-
sche sleutel bij u draagt Aan Uit O
Voetenruimteverlichting Aan Uit O
Verlichting binnenportier-
greep Aan Uit O
12
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 628 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
629
8-2. Persoonlijke voorkeursinstellingen
CAMRY_HV_EE
8
Voertuigspecificaties
WAARSCHUWING
Tijdens het aanpassen van de persoonlijke voorkeursinstellingen
Zorg dat de auto geparkeerd staat op een plaats met voldoende ventilatie, aange-
zien het hybridesysteem tijdens het instellen moet draaien. In een afgesloten ruimte,
zoals een garage, kunnen uitlaatgassen die het schadelijke koolmonoxide (CO)
bevatten, zich ophopen en in de auto terechtkomen. Dit kan zeer schadelijk zijn voor
de gezondheid.
OPMERKING
Tijdens het aanpassen van de persoonlijke voorkeursinstellingen
Zorg ervoor dat het hybridesysteem tijdens het instellen draait, om te voorkomen dat
de 12V-accu ontladen raakt.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 629 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
630
CAMRY_HV_EE
8-3. Te initialiseren onderdelen
*:Indien aanwezig
Te initialiseren onderdelen
Na bijvoorbeeld het loskoppelen en weer aansluiten van de 12V-accu of
onderhoud aan de auto, moeten de volgende items worden geïnitiali-
seerd, zodat het systeem weer op de juiste manier werkt:
Onderwerp Wanneer initialiseren Zie
Bandenspanningswaarschu-
wingssysteem
Als de bandenspanning wordt
gewijzigd (bijvoorbeeld wan-
neer de rijsnelheid of de bela-
ding verandert)
Bij het wijzigen van de ban-
denspanning omdat er een
andere bandenmaat gemon-
teerd is
Bij het wisselen van banden
Na het uitvoeren van de pro-
cedure voor de zenderidentifi-
catiecoderegistratie
Blz. 492
Intelligent Clearance Sonar-
systeem (ICS)* Na het aansluiten of vervangen
van de 12V-accu Blz. 404
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 630 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
631
Index
CAMRY_HV_EE
Wat moet u doen als...
(Problemen oplossen)....................632
Alfabetische index.............................636
Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem
voor meer informatie over de onderstaande uitrusting.
Navigatiesysteem
Audio-/informatiesysteem
Toyota Parking Assist Monitor
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 631 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
632
CAMRY_HV_EE
Wat moet u doen als... (Problemen oplossen)
Wat moet u doen als... (Problemen oplossen)
Als u uw mechanische sleutels verloren bent, kan een erkende Toyota-dealer of
hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste
deskundige nieuwe originele mechanische sleutels leveren. (Blz. 171)
Als u uw elektronische sleutels bent verloren, neemt de kans dat uw auto wordt
gestolen aanmerkelijk toe. Neem onmiddellijk contact op met een erkende Toyota-
dealer of hersteller/reparateur of een andere naar behoren gekwalificeerde en uit-
geruste deskundige. (Blz. 173)
Is de batterij van de sleutel zwak of leeg? (Blz. 519)
Staat het contact AAN?
Zorg dat het contact UIT staat wanneer u de portieren vergrendelt. (Blz. 269)
Bevindt de elektronische sleutel zich in de auto?
Vergrendel de portieren nadat u hebt gecontroleerd of u de elektronische sleutel bij
u hebt.
De functie werkt mogelijk niet goed als gevolg van de radiogolven. (Blz. 188)
Is het kinderslot geactiveerd?
Het achterportier kan niet vanaf de binnenzijde van de auto worden geopend wan-
neer het kinderslot is geactiveerd. Open het achterportier vanaf de buitenzijde en
deactiveer het kinderslot. (Blz. 177)
De functie die voorkomt dat de elektronische sleutel in de bagageruimte achterblijft
treedt in werking en u kunt de achterklep zoals gebruikelijk openen. Neem de sleu-
tel uit de bagageruimte. (Blz. 182)
Als u een probleem hebt, controleer dan het volgende voordat u con-
tact opneemt met een erkende Toyota-dealer of hersteller/reparateur of
een andere naar behoren gekwalificeerde en uitgeruste deskundige.
De portieren kunnen niet worden vergrendeld, ontgrendeld, geopend of
gesloten
U bent uw sleutels verloren
De portieren kunnen niet worden vergrendeld of ontgrendeld
Het achterportier kan niet worden geopend
De achterklep is gesloten terwijl de elektronische sleutel zich nog
in de auto bevindt
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 632 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
633
Wat moet u doen als... (Problemen oplossen)
CAMRY_HV_EE
Hebt u op de startknop gedrukt terwijl u het rempedaal ingetrapt hield? (Blz. 268)
Staat de selectiehendel in stand P? (Blz. 270)
Kan de elektronische sleutel in de auto worden gesignaleerd? (Blz. 186)
Is het stuurslot ontgrendeld? (Blz. 270)
Is de batterij van de elektronische sleutel zwak of leeg?
Het hybridesysteem kan in dit geval worden gestart op een tijdelijke manier.
(Blz. 593)
Is de 12V-accu ontladen? (Blz. 595)
Staat het contact AAN?
Als u de selectiehendel niet in een andere stand kunt zetten na het intrappen van
het rempedaal terwijl het contact AAN staat. (Blz. 280)
Het wordt automatisch vergrendeld om diefstal van de auto te voorkomen.
(Blz. 270)
Is de blokkeerschakelaar van de ruitbediening ingedrukt?
De elektrisch bedienbare ruiten, behalve die van het bestuurdersportier, kunnen
niet worden bediend als de blokkeerschakelaar van de ruitbediening wordt inge-
drukt. (Blz. 253)
De auto power off-functie wordt bediend als het contact gedurende een bepaalde
tijd in stand ACC of AAN staat (het hybridesysteem werkt niet). (Blz. 270)
Als u denkt dat er iets mis is
Het hybridesysteem start niet
De selectiehendel kan niet vanuit stand P in een andere stand wor-
den gezet, zelfs al trapt u het rempedaal in
Het stuurwiel kan niet worden gedraaid nadat het hybridesysteem
is uitgeschakeld
De ruiten kunnen niet worden geopend of gesloten met de schake-
laars van de ruitbediening
Het contact wordt automatisch UIT gezet
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 633 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
634 Wat moet u doen als... (Problemen oplossen)
CAMRY_HV_EE
Het controlelampje van de veiligheidsgordel knippert
Dragen de bestuurder en de voorpassagier hun veiligheidsgordel? (Blz. 548)
Het waarschuwingslampje van de parkeerrem brandt
Is de parkeerrem gedeactiveerd? (Blz. 283)
Afhankelijk van de situatie klinken er mogelijk ook andere soorten waarschuwingszoe-
mers. (Blz. 545, 552)
Heeft iemand een portier geopend tijdens het instellen van het alarm?
De sensor signaleert dit en laat het alarm klinken. (Blz. 125)
Het alarm kan op een van de volgende manieren worden gestopt:
Ontgrendel de portieren of open de achterklep met de instapfunctie of de afstands-
bediening.
Schakel het hybridesysteem in.
Wordt de melding weergegeven op het multi-informatiedisplay?
Controleer de melding op het multi-informatiedisplay. (Blz. 552)
Wanneer een waarschuwingslampje gaat branden of een waarschuwingsmelding
wordt weergegeven, raadpleeg dan Blz. 545, 552.
Tijdens het rijden klinkt een waarschuwingszoemer
Er wordt een alarm geactiveerd en de claxon klinkt (auto's met
alarmsysteem)
Bij het verlaten van de auto klinkt een waarschuwingszoemer
Er gaat een waarschuwingslampje branden of er wordt een waar-
schuwingsmelding weergegeven
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 634 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
635
Wat moet u doen als... (Problemen oplossen)
CAMRY_HV_EE
Auto's met een bandenreparatieset: breng de auto op een veilige plaats tot stilstand
en repareer de lekke band tijdelijk met de bandenreparatieset. (Blz. 558)
Auto's met een reservewiel: breng de auto op een veilige plaats tot stilstand en ver-
vang de lekke band door het reservewiel. (Blz. 576)
Voer de procedure uit voor als de auto vastzit in modder, vuil of sneeuw.
(Blz. 607)
Wanneer zich een probleem heeft voorgedaan
Als uw auto een lekke band heeft
De auto zit vast
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 635 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
636
CAMRY_HV_EE
Alfabetische index
Alfabetische index
Aan/uit-schakelaar airbag.........55
ABS
(antiblokkeersysteem) ..........361
Waarschuwingslampje..........546
Accessoireaansluiting.............448
Accu (12V-accu).......................486
Accu controleren...................486
Als de 12V-accu is
ontladen..............................595
Vervangen.............................599
Voorbereidingen en
controles bij rijden in
de winter.............................419
Achterklep ................................181
Afstandsbediening ................182
Bagageruimteverlichting .......182
Openingssysteem
achterklep...........................181
Smart entry-systeem
met startknop......................181
Tashaken ..............................446
Achterlichten
Lampen vervangen ...............532
Lichtschakelaar.....................290
Achterruitverwarming
Achterruit...............................428
Buitenspiegels.......................428
Voorruit .................................428
Achterstoelen
Neerklappen..........................240
Rugleuningverstelling............241
Achteruitrijlichten
Lampen vervangen ...............525
Vermogen .............................620
Afmetingen...............................610
Afstandsbediening ..................170
Batterij vervangen.................519
Energiebesparende
functie.................................187
Vergrendelen/
ontgrendelen...............174, 182
Airbags ....................................... 43
Aan/uit-schakelaar airbag.......55
Airbags.................................... 43
Algemene
voorzorgsmaatregelen
airbags.................................. 45
De juiste houding achter
het stuur ............................... 36
Plaats van airbags .................. 43
Voorwaarden voor
activering curtain airbags .....51
Voorwaarden voor
activering side airbags..........51
Voorwaarden voor activering
side airbags en
curtain airbags...................... 51
Voorwaarden voor
activering van airbags .......... 50
Voorzorgsmaatregelen
airbag voor kinderen.............45
Voorzorgsmaatregelen
curtain airbags...................... 47
Voorzorgsmaatregelen
side airbags.......................... 45
Voorzorgsmaatregelen
side airbags en
curtain airbags...................... 45
Waarschuwingslampje
SRS.................................... 546
Wijzigingen aan en
afvoeren van airbags............49
Airconditioning........................ 424
Automatische
airconditioning ....................424
Interieurfilter.......................... 511
Akoestisch
voertuigwaarschuwings-
systeem..................................102
Alarm ........................................125
Alarmknipperlichten................536
Antennes
(Smart entry-systeem
met startknop) .......................185
Antiblokkeersysteem
(ABS) ...................................... 361
Waarschuwingslampje.......... 546
A
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 636 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
637
Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Antidiefstalsysteem
Alarm.....................................125
Startblokkering......................112
Armsteun..................................457
Audio-/informatiesysteem*
Automatic High
Beam-systeem.......................293
Automatische
airconditioning ......................424
Interieurfilter..........................511
Automatische verlichting........290
Automatische verticale
koplampverstelling................291
AUX-aansluiting*
Baby- en kinderzitjes.................60
Baby- of kinderzitje op
de passagiersstoel
plaatsen................................62
Baby- of kinderzitje
plaatsen met bovenste
gordel....................................81
Baby- of kinderzitje plaatsen
met veiligheidsgordel............76
Kinderzitjes, definitie...............60
Kinderzitjes, plaatsen........76, 79
Plaatsen van een baby- of
kinderzitje met een
onderste
ISOfix-bevestigingspunt........79
Bagageruimteverlichting
Bagageruimteverlichting .......182
Vermogen .............................620
Banden .....................................490
Als uw auto een lekke
band heeft .................. 558, 576
Bandenmaat ......................... 618
Bandenreparatieset ..............558
Bandenspanning...................618
Bandenspannings-
waarschuwingssysteem .....491
Controle ................................ 490
Reservewiel .......................... 576
Sneeuwkettingen ..................420
Vervangen ............................ 576
Waarschuwingslampje.......... 548
Winterbanden .......................421
Wisselen van banden ...........491
Bandenspanning .....................507
Onderhoudsgegevens ..........618
Waarschuwingslampje.......... 548
Bandenspannings-
waarschuwingssysteem
Initialisatie............................. 492
Plaatsen van
bandenspanningssensoren
en -zenders ........................ 491
Registreren van
identificatiecodes................493
Waarschuwingslampje.......... 548
Batterijpakket
(tractiebatterij)....................... 105
Ventilatieopening
batterijpakket
(tractiebatterij) .................... 514
Begeleiding milieubewust
bedienen gaspedaal..............146
Bekerhouders ..........................442
Bevestigingspunt
bovenste gordel ......................81
Binnenspiegel.......................... 248
Black box....................................11
Blind Spot Monitor (BSM).......368
Blind Spot Monitor-functie.....379
Rear Crossing Traffic
Alert-functie ........................ 382
B
*: Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 637 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
638 Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Blokkeerschakelaar
ruitbediening..........................253
Bluetooth®*
Bougie.......................................616
Bovenste gordel.........................81
Brake Assist.............................361
Brake Hold................................287
Waarschuwingslampje..........546
Brake Override-systeem .........259
Brandstof
Brandstofmeter .....................136
Capaciteit..............................612
Informatie..............................621
Tanken..................................304
Type..............................612, 621
Waarschuwingslampje..........547
Brandstofverbruik....................167
BSM (Blind Spot Monitor) .......368
Blind Spot Monitor-functie.....379
Rear Crossing Traffic
Alert-functie ........................382
Buitenspiegels .........................250
Blind Spot Monitor (BSM) .....368
Buitenspiegelverwarming......428
Verstellen en inklappen.........250
CD-speler*
Centraal
waarschuwingslampje ..........548
Claxon.......................................247
Condensor................................484
Consolevak...............................440
Contact
(startknop)..............................268
Contourlicht .............................290
Lampen vervangen ...............532
Lichtschakelaar.....................290
Contourlichten achter
Lampen vervangen ...............532
Lichtschakelaar.....................290
Controlelampje
veiligheidsgordel...................548
Controlelampje
voorpassagiersgordel...........548
Controlelampjes.......................133
Cruise control
Dynamic Radar
Cruise Control met
volledig snelheidsbereik ..... 345
Curtain airbags ..........................43
Dagrijverlichting ...................... 291
Dagtellers ................................. 155
Dashboardkastje......................440
Derde remlicht
Vervangen ............................ 532
Dimmer
dashboardverlichting............137
Disc met MP3-bestanden*
Disc met WMA-bestanden*
Display
Dynamic Radar
Cruise Control met
volledig snelheidsbereik ..... 345
LDA (Lane Departure
Alert met stuurregeling)......335
Multi-informatiedisplay.......... 140
Waarschuwings-
meldingen........................... 552
Draadloze lader........................451
DVD-speler*
Dynamic Radar Cruise
Control met volledig
snelheidsbereik..................... 345
Dynamic Radar
Cruise Control-systeem
(Dynamic Radar Cruise
Control met volledig
snelheidsbereik)....................345
eCall............................................83
Eco Score................................. 146
ECO-begeleiding......................146
ECO-rijmodus ..........................414
C
D
E
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 638 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
639
Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Elektrisch bedienbare
ruiten ......................................253
Aan portierslot gekoppelde
werking ruiten .....................255
Blokkeerschakelaar
ruitbediening.......................253
Klembeveiliging.....................253
Werking.................................253
Elektrische
stuurbekrachtiging (EPS) .....362
Waarschuwingslampje..........546
Elektromotor
(tractiemotor).........................101
Elektronische sleutel...............170
Als de elektronische
sleutel niet goed werkt........592
Batterij vervangen.................519
Energiebesparende functie...187
Energiemonitor ........................164
EPS
(elektrische
stuurbekrachtiging)...............362
Waarschuwingslampje..........546
EV-modus.................................274
Extra opbergvakken ................444
Fleshouders .............................441
Gereedschap....................560, 577
Haken
Bevestigingshaken
(vloermat) .............................34
Kledinghaakjes......................461
Tashaken ..............................446
Handgrepen..............................461
Handsfree-systeem
(voor mobiele telefoon)*
Head-up display.......................158
Hendel
Ontgrendelingshendel
motorkap ............................ 477
Ontgrendelingshendel
stuurverstelling ...................246
Richtingaanwijzer-
schakelaar..........................282
Ruitenwisserhendel ..............298
Selectiehendel ......................277
Veiligheidshaak.....................477
Hill Start Assist Control ..........362
Hoofdsteunen .......................... 243
Hoogspanningsonderdelen....105
HUD (head-up display)............158
Hybridesysteem.......................101
Akoestisch
voertuigwaarschuwings-
systeem..............................102
Als het hybridesysteem
niet kan worden gestart...... 590
Energiemonitor/
verbruiksscherm.................164
EV-modus............................. 274
Hoogspanningsonderdelen...105
Hybridesysteemindicator ......138
Oververhitting ....................... 602
Rijden met een hybrideauto.. 416
Starten van het
hybridesysteem .................. 268
Startknop .............................. 268
Uitschakelsysteem
voor noodgevallen..............106
Voorzorgsmaatregelen
hybridesysteem .................. 105
Hybridesysteemindicator........138
Hybridetransmissie ................. 277
Als de selectiehendel niet
in een andere stand
dan P kan worden gezet.....280
S-modus ...............................278
ICS (Intelligent Clearance
Sonar-systeem) ..................... 394
Controlelampje......................133
Waarschuwingslampje.......... 547
Waarschuwingsmeldingen....404
F
G
H
I
*: Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 639 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
640 Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Identificatie
Auto.......................................610
Motor.....................................611
Informatie over
milieubewust rijden...............144
Initialisatie
Bandenspannings-
waarschuwingssysteem......492
Intelligent Clearance
Sonar..................................404
Te initialiseren onderdelen....630
Instapverlichting
Plaats....................................436
Vermogen .............................620
Instapverlichting......................438
Instrumentenpaneel
Controlelampjes....................133
Dimmer
dashboardverlichting ..........137
Head-up display....................158
Instellingen............................148
Multi-informatiedisplay ..........140
Tellers ...................................136
Waarschuwingslampjes ........131
Waarschuwingsmeldingen....552
Intelligent Clearance
Sonar-systeem (ICS) .............394
Controlelampje......................133
Waarschuwingslampje..........547
Waarschuwingsmeldingen....404
Interieurfilter.............................511
Interieurverlichting ..................436
Schakelaar............................436
Vermogen .............................620
Interieurverlichting voor .........437
Kentekenplaatverlichting
Lampen vervangen ...............532
Lichtschakelaar.....................290
Kilometerteller..........................155
Kindersloten.............................177
Kledinghaakjes ........................461
Klembeveiliging
Elektrisch bedienbare
ruiten...................................253
Klok...........................................140
Knie-airbag.................................43
Koelsysteem ............................483
Oververhitting
hybridesysteem .................. 602
Koelvloeistof
Capaciteit..............................616
Controle ................................ 483
Voorbereidingen en
controles bij
rijden in de winter ............... 419
Koelvloeistof
vermogensregeleenheid.......483
Capaciteit..............................616
Controle ................................ 483
Voorbereidingen en
controles bij
rijden in de winter ............... 419
Koelvloeistof-
temperatuurmeter .................136
Koplampen............................... 290
Automatic High
Beam-systeem ...................293
Automatische verticale
koplampverstelling.............. 291
Lampen vervangen...............525
Lichtschakelaar.....................290
Koplampsproeiers...................298
Krik
Bij de auto
geleverde krik............. 560, 577
Plaatsen van een
garagekrik...........................478
Krikslinger........................560, 577
Lampen
Vermogen ............................. 620
Vervangen ............................ 525
Lane Departure Alert met
stuurregeling (LDA) ..............330
LDA (Lane Departure
Alert met stuurregeling) .......330
Leeslampjes............................. 437
Leeslampjes achter .................437
Leeslampjes voor ....................437
Lekke band....................... 558, 576
K
L
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 640 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
641
Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Make-upspiegels......................447
Make-upverlichting................447
Make-upverlichting..................447
Vermogen .............................620
Meters .......................................136
Mistachterlicht .........................297
Lampen vervangen ...............532
Schakelaar............................297
Mistlampen...............................297
Lampen vervangen ...............532
Schakelaar............................297
Mistlampen voor ......................297
Lampen vervangen ...............532
Schakelaar............................297
Motor
Als uw auto in geval
van nood tot stilstand
moet worden gebracht........537
Contact
(startknop) ..........................268
Contact..................................268
Identificatienummer...............611
Motorkap...............................477
Motorruimte...........................479
Oververhitting........................602
Stand ACC............................269
Starten van het
hybridesysteem ..................268
Startknop...............................268
Motorcontrolelampje ...............545
Motorkap...................................477
Motorolie
Capaciteit..............................613
Controle ................................480
Voorbereidingen en
controles bij
rijden in de winter ...............419
Multi-informatiedisplay ...........140
Buitentemperatuur ................ 136
Dynamic Radar Cruise
Control met volledig
snelheidsbereik .................. 345
Informatie over
milieubewust rijden.............144
Instellingen............................ 148
LDA (Lane Departure
Alert met stuurregeling)......335
PCS (Pre-Crash
Safety-systeem) .................320
RSA (Road Sign Assist)........ 340
Suggestiefunctie ................... 155
Taal....................................... 153
Waarschuwingsmeldingen....552
Naderingswaarschuwing ........354
Navigatiesysteem*
Olie
Motorolie............................... 613
Onderhoud
Onderhoud en reparatie........472
Onderhoudsgegevens ..........610
Ventilatieopening
batterijpakket
(tractiebatterij) .................... 514
Zelf uit te voeren
onderhoud .......................... 475
Onderste ISOfix-
bevestigingspunt ....................79
Opbergmogelijkheden............. 439
Openingssysteem
Achterklep.............................181
Motorkap...............................477
Tankdopklep ......................... 306
Opslaan voertuiginformatie......10
Oververhitting..........................602
Parkeerlichten voor
Lampen vervangen...............532
Lichtschakelaar.....................290
M
N
O
P
*: Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 641 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
642 Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Parkeerrem...............................283
Waarschuwingslampje..........546
Waarschuwingszoemer/
melding geactiveerde
parkeerrem .........................286
PCS (Pre-Crash
Safety-systeem).....................320
Waarschuwingslampje..........547
Pech, wat te doen bij
Als de 12V-accu is
ontladen..............................595
Als de auto vastzit in
stijgend water .....................538
Als de elektronische
sleutel niet goed werkt........592
Als de motor oververhit
raakt....................................602
Als een
waarschuwingslampje
gaat branden ......................545
Als een
waarschuwingszoemer
klinkt ...................................545
Als er een
waarschuwingsmelding
wordt weergegeven ............552
Als het hybridesysteem
niet kan worden gestart ......590
Als u denkt dat er
iets mis is............................544
Als u uw sleutels
verliest ........................171, 173
Als uw auto een
lekke band heeft.........558, 576
Als uw auto in geval van
nood tot stilstand moet
worden gebracht.................537
Als uw auto moet
worden gesleept.................539
Als uw auto vast
komt te zitten ......................607
Portieren...................................174
Automatische
vergrendel- en
ontgrendelsystemen
van de portieren..................177
Buitenspiegels.......................250
Kinderslot achterportier.........177
Portieren ............................... 174
Portierslot.............................. 176
Zijruiten.................................253
Portierslot
Afstandsbediening ................ 174
Portieren ............................... 174
Sleutel................................... 592
Smart entry-systeem
met startknop...................... 174
Pre-Crash Safety-systeem
(PCS) ......................................320
Waarschuwingslampje.......... 547
Radiateur..................................484
Radio*
Rear Crossing Traffic Alert.....382
Regeling helderheid
Dimmer
dashboardverlichting ..........137
Reisinformatie..........................167
Remlichten
Lampen vervangen...............532
Remsysteem
Brake Hold............................ 287
Parkeerrem........................... 283
Vloeistof................................ 618
Waarschuwingslampje.......... 545
Reservewiel..............................576
Bandenspanning...................618
Opbergmogelijkheden...........577
Richtingaanwijzers achter......282
Lampen vervangen...............525
Richtingaanwijzer-
schakelaar..........................282
Vermogen ............................. 620
Richtingaanwijzers opzij.........282
Lampen vervangen...............525
Richtingaanwijzer-
schakelaar..........................282
Richtingaanwijzers voor
Lampen vervangen...............525
Richtingaanwijzer-
schakelaar..........................282
Vermogen ............................. 620
R
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 642 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
643
Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Rijden
Correcte houding ....................36
Procedures............................258
Rijden in de winter ................419
Rijden met een
hybrideauto.........................416
Rijmodusselectie-
schakelaars ........................414
Tips voor inrijden...................260
Rijden in de winter...................419
Rijden met een
aanhangwagen ......................267
Road Sign Assist (RSA) ..........340
RSA (Road Sign Assist) ..........340
Ruiten........................................253
Achterruitverwarming............428
Elektrisch bedienbare
ruiten...................................253
Sproeiers...............................298
Ruitenwissers voor..................298
Ruitenwissers met
regensensor........................298
Schakelaars
Aan/uit-schakelaar airbag.......55
Afstandsschakelaar...............345
Automatic
High Beam-schakelaar.......293
Bedieningstoetsen
instrumentenpaneel............142
Blokkeerschakelaar
ruitbediening.......................253
Brake Hold-schakelaar..........287
Cruise control-schakelaar .....345
EV-modusschakelaar............274
Lichtschakelaar.....................290
Ontgrendelschakelaar
achterklep...........................181
Ontgrendelschakelaar
in hoogte en lengterichting
verstelbaar stuurwiel...........246
Ontgrendelschakelaar
tankdopklep ........................306
Parkeerremschakelaar..........283
Rijmodusselectie-
schakelaars ........................414
Schakelaar achterruit- en
buitenspiegelverwarming....428
Schakelaar
alarmknipperlichten ............536
Schakelaar centrale
vergrendeling...................... 176
Schakelaar draadloze
lader ................................... 451
Schakelaar mistlampen ........297
Schakelaar ruitenwissers
en -sproeiers ......................298
Schakelaar VSC OFF ........... 363
Schakelaars
buitenspiegels .................... 250
Schakelaars centrale
vergrendeling...................... 176
Schakelaars ruitbediening ....253
Spraaktoets*
Startknop .............................. 268
Startknop .............................. 268
Stoelverwarmings-
schakelaars ........................435
Telefoontoets*
Toets LDA (Lane Departure
Alert met stuurregeling)......334
Toets ODO/TRIP ..................142
Schakelblokkeersysteem........279
Schoonmaken..................464, 469
Exterieur ............................... 464
Interieur.................................469
Veiligheidsgordels.................470
Velgen en wieldoppen ..........465
Selectiehendel ......................... 277
Als de selectiehendel
niet in een andere stand
dan P kan worden gezet.....280
Hybridetransmissie ............... 277
S-modus ...............................278
S
*: Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 643 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
644 Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Sensor
Automatic High
Beam-systeem....................293
Automatisch
koplampsysteem.................291
Binnenspiegel .......................249
Camera voor .........................309
LDA (Lane Departure
Alert met
stuurregeling)......................330
Radarsensor .........................309
RSA (Road Sign Assist)........340
Ruitenwissers met
regensensor........................298
Toyota Parking
Assist-sensor......................386
Servicestekker .........................105
Side airbags ...............................43
Slepen/trekken
Rijden met een
aanhangwagen...................267
Sleepoog...............................542
Slepen in een noodgeval ......539
Sleutels.....................................170
Afstandsbediening ................170
Als de elektronische
sleutel niet goed werkt........592
Als u uw sleutels
verliest ........................171, 173
Batterij vervangen.................519
Elektronische sleutel.............170
Energiebesparende functie...187
Mechanische sleutel .............171
Plaatje met sleutelnummer ...170
Smart entry-systeem.....174, 181
Startknop...............................268
Waarschuwingszoemer.........186
Smart entry-systeem
Afstandsbediening ........174, 182
Smart entry-systeem
met startknop..............174, 181
Smart entry-systeem
met startknop.........................185
Instapfuncties................174, 181
Plaats van antenne ...............185
Starten van het
hybridesysteem ..................268
Sneeuwkettingen .....................420
Snelheidsmeter........................136
Speciale
hulpstartaansluiting..............595
Specificaties.............................610
Spiegels
Binnenspiegel ....................... 248
Buitenspiegels ......................250
Buitenspiegelverwarming......428
Make-upspiegels................... 447
Sportmodus ............................. 414
Spraaktoets*
Sproeiers.................................. 298
Controle ................................ 485
Schakelaar............................ 298
Voorbereidingen en
controles bij
rijden in de winter ............... 419
Startblokkering ........................ 112
Startknop..................................268
Stoelen.............................. 238, 240
Afstellen................238, 240, 241
Baby- en
kinderzitjes plaatsen.............60
Hoofdsteunen ....................... 243
Juiste zithouding.....................36
Rugleuningen achter
neerklappen........................240
Schoonmaken.......................469
Stoelverwarming................... 435
Voorzorgsmaatregelen
met betrekking tot
verstellen.................... 239, 242
Stoelverwarming...................... 435
Stuurbekrachtiging
(elektrische
stuurbekrachtiging) ..............362
Waarschuwingslampje.......... 546
Stuurslot
Ontgrendeling stuurslot.........270
Stuurwiel ..................................246
Bedieningstoetsen
instrumentenpaneel............142
Verstellen..............................246
Systemen met
mogelijkheden voor
persoonlijke
voorkeursinstellingen...........623
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 644 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
645
Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Taal (multi-informatiedisplay)...153
Tankdopklep.............................304
Als de tankdopklep niet
kan worden geopend..........307
Tanken..................................304
Tanken ......................................304
Als de tankdopklep niet
kan worden geopend..........307
Brandstofsoorten...........612, 621
Capaciteit..............................612
Openen van de tankdop........306
Tashaken..................................446
Telefoontoets*
Tips voor inrijden ....................260
Toerenteller ..............................158
Toyota Parking Assist Monitor*
Toyota Parking Assist-
sensor.....................................386
Toyota Safety Sense................308
Automatic High
Beam-systeem....................293
Dynamic Radar Cruise
Control met volledig
snelheidsbereik...................345
LDA (Lane Departure
Alert met stuurregeling) ......330
PCS (Pre-Crash Safety-
systeem).............................320
RSA (Road Sign Assist)........340
TPWS (bandenspannings-
waarschuwingssysteem)......491
Tractiebatterij
(batterijpakket).......................105
Tractiemotor (elektromotor) ...101
Traction Control (TRC)............361
Transmissie..............................277
Als de selectiehendel niet
in een andere stand
dan P kan worden gezet.....280
Hybridetransmissie ...............277
Rijmodusselectie-
schakelaars ........................414
S-modus................................278
TRC (Traction Control)............361
USB-aansluiting*
USB-geheugen*
USB-laadaansluitingen ...........449
Vastzitten
Als de auto vast
komt te zitten......................607
Vehicle Stability Control
(VSC) ......................................361
Veiligheidsgordels.....................38
Baby- en kinderzitjes
plaatsen................................ 60
Blokkeerautomaat (ELR) ........40
Controlelampje en
waarschuwingszoemer
veiligheidsgordel................. 548
Gordelspanners ......................39
Hoe de veiligheidsgordel
te dragen ............................. 38
Juist gebruik van de
veiligheidsgordels
door kinderen .......................40
Veiligheidsgordel afstellen...... 39
Veiligheidsgordels
schoonmaken en
onderhouden ......................470
Waarschuwingslampje
SRS.................................... 546
Zwangere vrouwen,
correct gebruik van
veiligheidsgordel................... 41
T
U
V
*: Raadpleeg de handleiding voor het navigatie- en multimediasysteem.
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 645 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
646 Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Veiligheidsvoorzieningen
voor kinderen...........................59
Baby- en kinderzitjes...............60
Batterij elektronische sleutel,
voorzorgsmaatregelen........521
Blokkeerschakelaar
ruitbediening.......................253
Juist gebruik van de
veiligheidsgordels
door kinderen........................40
Kindersloten achterportieren...177
Plaatsen van baby- en
kinderzitjes............................60
Voorzorgsmaatregelen
12V-accu ....................488, 600
Voorzorgsmaatregelen
airbags..................................45
Voorzorgsmaatregelen
bagageruimte......................183
Voorzorgsmaatregelen
elektrisch bedienbare
ruiten...................................256
Voorzorgsmaatregelen
stoelverwarming .................435
Voorzorgsmaatregelen
veiligheidsgordels.................42
Velgen.......................................509
Bandenmaat..........................618
Vervangen.............................509
Ventilatieopening
batterijpakket
(tractiebatterij) ...............106, 514
Verbruiksscherm .............144, 164
Verlichting
Automatic High
Beam-systeem ...................293
Bagageruimteverlichting .......182
Dagrijverlichting .................... 291
Instapverlichting....................438
Interieurverlichting ................437
Lampen vervangen...............525
Leeslampjes..........................437
Lichtschakelaar.....................290
Make-upverlichting................447
Overzicht interieurverlichting.. 436
Richtingaanwijzer-
schakelaar..........................282
Schakelaar mistlampen ........297
Vermogen ............................. 620
Verlichting middenarmsteun
achterstoel.............................438
Vermogensregeleenheid.........105
Vervangen
Banden ................................. 576
Batterij elektronische sleutel. 519
Lampen................................. 525
Zekeringen............................522
Verwarming
Automatische
airconditioning ................... 424
Buitenspiegels ......................428
Stoelverwarming................... 435
Vloeistof
Hybridetransmissie ............... 617
Remsysteem.........................618
Sproeiers .............................. 485
Vloermatten................................34
Voertuigidentificatie-
nummer..................................610
Voorstoelen..............................238
Afstellen................................238
De juiste houding
achter het stuur .................... 36
Hoofdsteunen ....................... 243
Schoonmaken.......................469
Stoelverwarming................... 435
Voorzorgsmaatregelen
bij opbergen...........................266
VSC
(Vehicle Stability Control) ....361
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 646 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
647
Alfabetische index
CAMRY_HV_EE
Waarschuwingen voor
het geval de auto bij een
ongeval betrokken raakt.......109
Waarschuwingslampjes..........131
ABS.......................................546
Bandenspanning...................548
Centraal
waarschuwingslampje ........548
Controlelampje
Brake Hold-systeem
in werking ...........................546
Controlelampje LDA..............546
Controlelampje Traction
Control................................547
Controlelampje
veiligheidsgordel.................548
Elektrische
stuurbekrachtiging ..............546
Intelligent Clearance
Sonar..................................131
Laag brandstofniveau ...........547
Motorcontrolelampje .............545
Remsysteem.........................545
SRS.......................................546
Waarschuwingslampje
parkeerrem .........................546
Waarschuwingslampje PCS..547
Waarschuwingsmeldingen .....552
Waarschuwingszoemers
Elektrische
stuurbekrachtiging.............. 549
Lane Departure
Alert-functie ........................ 331
Naderingswaarschuwing.......354
Open achterklep ................... 183
Open motorkap.....................477
Open portier..........................179
Parkeerrem........................... 286
Pre-Crash-waarschuwing .....320
RSA (Road Sign Assist)........ 340
Terugschakelen .................... 279
Waarschuwing
veiligheidsgordel................. 548
Waarschuwing
voor slingeren.....................332
Waarschuwingszoemer
verlichting ........................... 291
Wassen en in de was
zetten......................................464
Weergave
buitentemperatuur ................136
Wegrijregeling..........................260
Winterbanden...........................421
Zekeringen ...............................522
Zelf uit te voeren
onderhoud ............................. 475
Zonnekleppen .......................... 447
Zonnescherm
Zonnescherm achterportier...460
Zonnescherm achterruit........458
W
Z
CAMRY_HV_OM_Europe_OM33F82E.book Page 647 Friday, August 14, 2020 9:43 AM
CAMRY_HV_EE
656
INFORMATIE VOOR BIJ HET TANKSTATION
Veiligheidshaak Openingssysteem
achterklep Tankdopklep
Blz. 477 Blz. 181 Blz. 304
Ontgrendelingshendel
motorkap Tankdopklep-
ontgrendeling Bandenspanning
Blz. 477 Blz. 304 Blz. 618
Inhoud brandstoftank
(Referentie) 50 l (13,2 gal., 11,0 Imp. gal.)
Brandstofsoort Blz. 612, 621
Bandenspanning
koud Blz. 618
Hoeveelheid motorolie
(Verversen (bij
benadering)) Blz. 613
Soort motorolie Originele Toyota-motorolie of gelijkwaardig Blz. 613
GAS STATION.fm Page 656 Friday, August 14, 2020 10:19 AM
08-2020
PZ49X-33F82-NL
Camry Hybrid Handleiding
636

Hulp nodig? Stel uw vraag in het forum

Spelregels
1

Forum

Toyota-Camry-Hybrid-2020

Misbruik melden

Gebruikershandleiding.com neemt misbruik van zijn services uitermate serieus. U kunt hieronder aangeven waarom deze vraag ongepast is. Wij controleren de vraag en zonodig wordt deze verwijderd.

Product:

Bijvoorbeeld antisemitische inhoud, racistische inhoud, of materiaal dat gewelddadige fysieke handelingen tot gevolg kan hebben.

Bijvoorbeeld een creditcardnummer, een persoonlijk identificatienummer, of een geheim adres. E-mailadressen en volledige namen worden niet als privégegevens beschouwd.

Spelregels forum

Om tot zinvolle vragen te komen hanteren wij de volgende spelregels:

Belangrijk! Als er een antwoord wordt gegeven op uw vraag, dan is het voor de gever van het antwoord nuttig om te weten als u er wel (of niet) mee geholpen bent! Wij vragen u dus ook te reageren op een antwoord.

Belangrijk! Antwoorden worden ook per e-mail naar abonnees gestuurd. Laat uw emailadres achter op deze site, zodat u op de hoogte blijft. U krijgt dan ook andere vragen en antwoorden te zien.

Abonneren

Abonneer u voor het ontvangen van emails voor uw Toyota Camry Hybrid 2020 bij:


U ontvangt een email met instructies om u voor één of beide opties in te schrijven.


Ontvang uw handleiding per email

Vul uw emailadres in en ontvang de handleiding van Toyota Camry Hybrid 2020 in de taal/talen: Nederlands als bijlage per email.

De handleiding is 29,06 mb groot.

 

U ontvangt de handleiding per email binnen enkele minuten. Als u geen email heeft ontvangen, dan heeft u waarschijnlijk een verkeerd emailadres ingevuld of is uw mailbox te vol. Daarnaast kan het zijn dat uw internetprovider een maximum heeft aan de grootte per email. Omdat hier een handleiding wordt meegestuurd, kan het voorkomen dat de email groter is dan toegestaan bij uw provider.

Stel vragen via chat aan uw handleiding

Stel uw vraag over deze PDF

Uw handleiding is per email verstuurd. Controleer uw email

Als u niet binnen een kwartier uw email met handleiding ontvangen heeft, kan het zijn dat u een verkeerd emailadres heeft ingevuld of dat uw emailprovider een maximum grootte per email heeft ingesteld die kleiner is dan de grootte van de handleiding.

Er is een email naar u verstuurd om uw inschrijving definitief te maken.

Controleer uw email en volg de aanwijzingen op om uw inschrijving definitief te maken

U heeft geen emailadres opgegeven

Als u de handleiding per email wilt ontvangen, vul dan een geldig emailadres in.

Uw vraag is op deze pagina toegevoegd

Wilt u een email ontvangen bij een antwoord en/of nieuwe vragen? Vul dan hier uw emailadres in.



Info