804351
69
Verklein
Vergroot
Pagina terug
1/76
Pagina verder
Ver02 F 2019-03
2018, 2019 Toshiba Tec Corporation Alle rechten voorbehouden
Patent; http://www.toshibatec.com/en/patent/
MULTIFUNCTIONELE DIGITALE KLEURENSYSTEMEN /
MULTIFUNCTIONELE DIGITALE SYSTEMEN
Verkorte installatiehandleiding
LEES DIT BOEK
EERST
Verkorte installatiehandleiding
MULTIFUNCTIONELE DIGITALE KLEURENSYSTEMEN /
MULTIFUNCTIONELE DIGITALE SYSTEMEN
1-11-1, OSAKI, SHINAGAWA-KU, TOKYO, 141-8562, JAPAN
2
Beschikbare handleidingen
Sommige handleidingen zijn in gedrukte vorm en andere in de vorm van PDF-bestanden beschikbaar op
de DVD met hulpprogramma's/gebruikersdocumentatie.
De gedrukte handleidingen beschrijven de basishandelingen en voorzorgsmaatregelen. Lees de
“Veiligheidsinformatie” vóór het gebruik van het multifunctionele systeem. De PDF-bestanden
beschrijven gedetailleerde kopieerfuncties en andere instellingen.
Gedrukte handleidingen
Veiligheidsinformatie
Beschrij de noodzakelijke veiligheidsmaatregelen bij gebruik. Lees eerst dit boekje.
PDF-bestanden op de “DVD met hulpprogramma's/gebruikersdocumentatie”.
Verkorte installatiehandleiding (deze handleiding)
Beschrij de voorbereidingen, basisgebruik, FAQ's, onderhoud en regelmatige schoonmaak.
Kleur PDF-bestanden op de “DVD met hulpprogramma's/gebruikersdocumentatie”.
DVD met hulpprogramma's/gebruikersdocumentatie
Windows:
1. Plaats de DVD met hulpprogramma's/gebruikersdocumentatie in het DVD-ROM-station van de
computer.
Het installatieprogramma start automatisch.
Als het installatieprogramma niet gestart wordt, gebruik dan de verkenner om de DVD met
hulpprogramma’s/gebruikersdocumentatie te openen en dubbelklik op “Setup.exe”.
2. Selecteer [I agree to the terms of the License Agreement.] en klik op [Volgende (Next)].
3. Klik op de link voor het openen van de Gebruikershandleiding in het installatieprogramma.
De browser start automatisch en het menu wordt geopend.
& P.21 “Installeren van clientsoware”
Als het menu niet weergegeven wordt, gebruik dan de verkenner om de DVD met hulpprogramma’s/
gebruikersdocumentatie te openen en dubbelklik op “index.html”.
4. Klik op de titel van de bedieningshandleiding vanaf het menu.
Mac OS:
1. Plaats de DVD met hulpprogramma's/gebruikersdocumentatie in het DVD-ROM-station van de
computer.
2. Open map [Manuals] op de DVD met hulpprogramma's/gebruikersdocumentatie en dubbelklik op
“index.html”.
3. Klik op de titel van de bedieningshandleiding vanaf het menu.
3
PDF-bestanden
Kopieerhandleiding (Copying Guide)
Hierin wordt beschreven hoe de functie kopiëren te
gebruiken.
Scanning Guide
Hierin wordt beschreven hoe de functie scannen te
gebruiken.
e-Filing handleiding (e-Filing Guide)
Hierin wordt beschreven hoe de functie e-Filing te
gebruiken.
Sjabloonhandleiding (Template
Guide)
Hierin wordt beschreven hoe de functie sjabloon te
gebruiken.
MFP-beheerhandleiding (MFP
Management Guide)
Hierin wordt beschreven hoe het menu
Gebruikersfuncties (User functions) en de Teller
(Counter) te gebruiken.
Gebruikershandleiding Fax (Fax
Guide)
Hierin wordt beschreven hoe de functie faxen
(optioneel) te gebruiken.
Papier voorbereidinghandleiding
(Paper Preparation Guide)
Hierin wordt beschreven hoe papier te laden.
Specificatieshandleiding
(Specifications Guide)
Hierin worden de specificaties van dit systeem en
informatie over optionele apparatuur beschreven.
Hardware probleemoplossing
handleiding (Hardware
Troubleshooting Guide)
Hierin worden oorzaken en oplossingen voor
hardwareproblemen beschreven, zoals
papierstoringen en fouten op het aanraakscherm.
Soware probleemoplossing
handleiding (Soware
TroubleshootingGuide)
Hierin worden oorzaken en oplossingen voor
sowareproblemen beschreven, zoals het
printerstuurprogramma.
Soware installatiehandleiding
(Soware Installation Guide)
Hierin wordt beschreven hoe de clientsoware te
installeren, zoals het printerstuurprogramma.
Printhandleiding (Printing Guide)
Hierin wordt beschreven hoe de functie afdrukken
te gebruiken.
TopAccess Guide
Hierin worden de werkwijze voor een setup op
afstand en beheer van het via het web toegankelijke
hulpprogramma “TopAccess” beschreven.
Met “TopAccess” web hulpprogramma kunt u het
apparaat beheren vanuit een browser.
High Security Mode
beheerhandleiding (High Security
Mode Management Guide)
Hierin worden de voorwaarden en instellingen voor
de High Security modus beschreven. Om te voldoen
aan de CC-certificering, zie de “High Security Mode
Management Guide”.
Om PDF-bestanden te lezen
U moet Adobe Reader of Adobe Acrobat Reader installeren om PDF-handleidingen te kunnen bekijken
en afdrukken. Als ze niet zijn geïnstalleerd, kunt u deze downloaden van de website van Adobe Systems
Incorporated.
Helpmenu voor clientsoware
Zie het Help-menu voor het volgende:
Adresboekviewer
Hulpprogramma Back-up maken/terugzetten voor
e-Filing
TWAIN-stuurprogramma / Bestandsdownloader
4
Over deze handleiding
Symbolen in deze handleiding
Belangrijke items zijn aangegeven met de onderstaande symbolen. Lees deze passages vóór het gebruik
van het multifunctionele systeem.
Wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie die, tenzij deze wordt vermeden, kan
leiden tot overlijden, ernstig letsel of ernstige beschadiging van of brand in het
multifunctionele systeem of voorwerpen in de naaste omgeving ervan.
Wijst op een mogelijk gevaarlijke situatie die, tenzij deze wordt vermeden, kan
leiden tot licht of matig letsel, lichte beschadiging van het multifunctionele systeem
of voorwerpen in de naaste omgeving ervan, of verlies van gegevens.
Wijst op informatie waar u bij het bedienen van het multifunctionele systeem op
moet letten.
Lees de volgende beschrijvingen.
Beschrij handige informatie voor de bediening van het apparaat.
&Gee pagina's met verwante informatie aan.
Richting van het origineel /kopieerpapier
Papier of originelen met A4- of B5- / LT-formaat kunnen zowel in staande als liggende richting worden
geplaatst. Er wordt een “-R” aan het papierformaat toegevoegd wanneer dit papierformaat of origineel
in een liggende richting wordt geplaatst.
Voorbeeld: Origineel in A4-/LT-formaat op de glasplaat voor originelen
Staande richting: A4 / LT Liggende richting: A4-R / LT-R
Kopieerpapier of originelen met A3-, B4-, LD- of LG-formaat kunnen alleen in een liggende richting
worden geplaatst, daarom krijgen deze formaten geen toevoeging “-R”.
Schermbeelden in deze handleiding
Windows 10 screenshots zijn gebruikt voor de beschrijving van de procedures in Windows.
De schermbeelden kunnen afwijken, afhankelijk van uw model en de wijze waarop het
multifunctionele systeem wordt gebruikt, zoals de toestand van de geïnstalleerde opties, de versie van
het besturingssysteem en de toepassingen.
De in deze handleiding opgenomen illustraties van de display zijn voor papier in A/B-formaat. Als u
papier van formaat LT gebruikt, kan de display of de volgorde van toetsen in de afbeeldingen
verschillen.
INHOUD
5
Beschikbare handleidingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .2
Over deze handleiding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4
Aanbevolen tonercartridges . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6
Hoofdstuk 1 VOORBEREIDINGEN
Omschrijving van de onderdelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
Stroomvoorziening in-/uitschakelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .16
Papier en originelen plaatsen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .19
Installeren van clientsoware . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .21
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
Basishandelingen beginscherm . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .24
Basishandelingen voor kopiëren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .28
Basishandelingen voor faxen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .32
Basishandelingen voor scannen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .36
Basishandelingen voor e-Filing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .38
Basishandelingen voor afdrukken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .40
Hoofdstuk 3 ONDERHOUD
Tonercartridge vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .44
Tonerafvalbak vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .46
Nietjescartridge vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .47
Periodieke reiniging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .49
Hoofdstuk 4 PROBLEEMOPLOSSING
Probleemoplossing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .52
FAQs . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .56
Hoofdstuk 5 INFORMATIE OVER HET MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM
Met dit product meegeleverde items . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .62
Clientsoware . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .63
Geavanceerde toepassingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .65
Opties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .66
Inloggen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .69
Back-up maken van gegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .73
INDEX . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .74
6
Handelsmerken
Voor de handelsmerken, raadpleeg de Veiligheidsinformatie.
Voor een optimale afdrukkwaliteit adviseren we uitsluitend originele tonercartridges van Toshiba te
gebruiken. Bij gebruik van een door Toshiba geadviseerde tonercartridge, zijn de volgende functies
beschikbaar:
• Cartridge detectie:
Waarschuwt u als de tonercartridge onjuist is geïnstalleerd.
• Tonervoorraad-controle:
Gee aan wanneer er in de cartridge nog een kleine voorraad toner zit en informeert ook automatisch
de leverancier via de service op afstand.
• Optimalisering afdrukkwaliteit:
Regelt de afdrukkwaliteit overeenkomstig de kenmerken van de te gebruiken toner en maakt het
afdrukken van afbeeldingen van optimale kwaliteit mogelijk.
Als u een andere tonercartridge gebruikt dan degene die door ons geadviseerd wordt, kan het zijn dat
het multifunctionele systeem niet kan vaststellen of de cartridge wel of niet geïnstalleerd is. In dat geval
verschijnt, ook bij een correcte installatie van de tonercartridge, de foutmelding “Onbekende toner
(Toner not recognized)” op het aanraakscherm en kan het zijn dat er dan niet afgedrukt kan worden.
Mogelijk zijn de optimaliseringsfunctie afdrukkwaliteit, de tonervoorraad-controlefunctie en de
servicefunctie op afstand niet beschikbaar.
Indien u een andere tonercartridge gebruikt dan wij hebben geadviseerd, wordt de toner niet herkend.
Neem in dit geval contact op met uw servicevertegenwoordiger.
Aanbevolen tonercartridges
© 2018, 2019 Toshiba Tec Corporation Alle rechten voorbehouden
Volgens de copyrightwetgeving mag deze handleiding niet in enige vorm worden gereproduceerd zonder
voorafgaande schrielijke toestemming van Toshiba Tec Corporation.
Hoofdstuk 1
VOORBEREIDINGEN
Omschrijving van de onderdelen . . . . . . . . . . . . . . . .8
Stroomvoorziening in-/uitschakelen . . . . . . . . . . . .16
Papier en originelen plaatsen . . . . . . . . . . . . . . . . . .19
Installeren van clientsoware . . . . . . . . . . . . . . . . . .21
Hoofdstuk 1 VOORBEREIDINGEN
8
Omschrijving van de onderdelen
In dit hoofdstuk worden de benamingen en bewerkingen van het multifunctionele systeem beschreven.
1. Documentinvoer dubbelzijde scanner
Scant beide zijden van het origineel één vel
tegelijk.
& Specificatieshandleiding (PDF):
“Hoofdstuk 2: SPECIFICATIES VAN HET
MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM”
2. Opbergvak voor bedieningshandleiding
(achterzijde)
Voor het bewaren van de handleiding.
3. USB-poort (4-pennen)
Maakt verbinding met een PC met een in de
handel verkrijgbare USB-kabel.
4. Netwerkinterface-aansluiting
Maakt verbinding met een netwerk.
5. Klep duplexeenheid
Open deze eenheid wanneer er een
papierstoring optreedt.
6. Handinvoerlade
Voor afdrukken op speciale papiersoorten, zoals
overhead-transparanten.
& P.31 “Kopiëren met handinvoer”
7. Papierinvoerklep
Open om papierstoringen te verhelpen.
8. Duplexeenheid
Voor het afdrukken op beide zijden van het
papier. Open deze eenheid wanneer er een
papierstoring optreedt.
9. Papierformaat indicator
U kunt het formaat van het papier in de lade
controleren.
10. Papierlade
Leg het papier in de lade.
& P.19 “Papier en originelen plaatsen”
& Specificatieshandleiding (PDF):
“Hoofdstuk 1: SPECIFICATIES VAN PAPIER”
11. Voorklep
Open om de tonercartridge enz. te verwisselen.
Voorzijde / rechterzijde
Achter-
zijde
11
10
9
1
2
8 6
5
7
12, 13
3
4
1
9
Omschrijving van de onderdelen
12. Alarmlampje (Oranje)
Licht op wanneer een papierstoring in de
documentinvoer dubbelzijde scanner is
opgetreden.
13. Documentlampje (Blauw)
Licht op wanneer originelen in de
documentinvoer dubbelzijde scanner worden
gelegd.
Linkerzijde / binnenzijde
8
7
6
4
31 2
11 10
9
5
e-STUDIO5518A/6518A/
7518A/8518A
9e-STUDIO5516AC/6516AC/7516AC
Geel MagentaCyaan Zwart
Zwart
1. Scangebied
Leest documenten die in de documentinvoer
dubbelzijde scanner worden gelegd.
& P.49 “Periodieke reiniging”
2. Afdekplaat
Stabiliseert documenten op het glas.
& P.49 “Periodieke reiniging”
3. Aanleglijst originelen
Om het formaat van een origineel op de
glasplaat te controleren.
4. Glasplaat voor originelen
Voor het kopiëren van 3D-originelen, boeken en
speciaal papier zoals overhead-transparanten
alsmede normaal papier.
5. USB-poort
Voor het afdrukken van op een USB-apparaat
opgeslagen bestanden of voor het opslaan van
gescande gegevens op het USB-apparaat.
6. Bedieningspaneel
Hier kunt u diverse functies, zoals kopiëren en
faxen, instellen en bedienen.
& P.11 “Bedieningspaneel”
7. Hoofdschakelaar
Voor het in-/uitschakelen van de
stroomvoorziening.
& P.16 “Stroomvoorziening in-/uitschakelen
8. Overbruggingseenheid
Open deze eenheid wanneer er een
papierstoring optreedt.
9. Tonercartridge
Wanneer de toner opraakt, wordt een bericht
weergegeven. Tonercartridge vervangen
& P.44 “Tonercartridge vervangen”
10. Tonerafvalbak
Vervang dit wanneer een bericht voor het
vervangen van de tonerafvalbak wordt
weergegeven.
& P.46 “Tonerafvalbak vervangen”
11. Opvanglade
Vangt de afdrukken op. Verleng de ladehouder
bij het afdrukken op grote papierformaten of bij
het afdrukken van grote hoeveelheden.
Hoofdstuk 1 VOORBEREIDINGEN
10
Finisher
MJ-1111
1. Bovenste uitvoerlade
2. Bedieningseenheid voor nieten
3. Perforator MJ-6106 serie
4. Voorklep
5. Secundaire lade
6. Onderste uitvoerlade
7. Ladehouder
2
7
5
1
6
3
4
MJ-1112
1. Bovenste uitvoerlade
2. Bedieningseenheid voor nieten
3. Perforator MJ-6106 serie
4. Voorklep
5. Stop
6. Lade voor rughechten
7. Secundaire lade
8. Onderste uitvoerlade
9. Ladehouder
2
9
7
1
8
3
4
6
5
Open de ladehouder wanneer een poging voor de uitvoer van papier, met een lengte langer dan die van A3,
wordt ondernomen of als het papier op de bovenlade niet nauwkeurig aansluit. Het uitgevoerde papier
wordt hierdoor waarschijnlijk beter uitgelijnd.
Trek de secundaire lade uit wanneer getracht wordt papier uit te voeren dat langer is dan de onderste
ontvangstlade. Het uitgevoerde papier wordt hierdoor waarschijnlijk beter uitgelijnd.
Open de ladehouder wanneer een poging voor de uitvoer van papier, met een lengte langer dan die van A3,
wordt ondernomen of als het papier op de bovenlade niet nauwkeurig aansluit. Het uitgevoerde papier
wordt hierdoor waarschijnlijk beter uitgelijnd.
Trek de secundaire lade uit wanneer getracht wordt papier uit te voeren dat langer is dan de onderste
ontvangstlade. Het uitgevoerde papier wordt hierdoor waarschijnlijk beter uitgelijnd.
1
11
Omschrijving van de onderdelen
Bedieningspaneel
Voor verschillende bewerkingen en instellingen.
891013 7
654
3
21
1112
1. Toets [HOME]
Voor het oproepen van het beginscherm.
& P.13 “Namen en functies op het
beginscherm
2. Toets [POWER]
Voor het in-/uitschakelen van de
stroomvoorziening.
3. HOOFD SCHAK. (MAIN POWER) lampje
Licht op als de hoofdschakelaar is
INGESCHAKELD.
4. Toets [SPAARSTAND (ENERGY SAVER)]
Voor het activeren of verlaten van de
energiebesparende modus.
5. Toets [TOEGANG (ACCESS)]
Wanneer de afdelingscode of
gebruikersinformatie is ingesteld.
& P.69 “Inloggen”
6. Digitale toetsen (Optioneel)
Gebruik deze toetsen om nummers in te voeren.
7. [PROGRAMMEERBARE1
(PROGRAMMABLE1)] toets /
[PROGRAMMEERBARE2
(PROGRAMMABLE2)] toets
Leg vaak gebruikte functies vast met deze
toetsen en gebruik ze voor snelle toegang.
& MFP-beheerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 2:
ITEMS INSTELLEN (Beheerder)”
8. GEHEUGEN ONTV. (MEMORY RX) lampje
Licht op bij ontvangst van faxgegevens en
faxcommunicatie.
9. Alarm lampje
Licht op wanneer een storing optreedt die moet
worden verholpen.
10. PRINT DATA lampje
Licht op bij ontvangst van gegevens, zoals
afdrukgegevens.
11. Toets [START]
Start bewerkingen zoals kopiëren. Het blauwe
lampje aan de linkerkant van de knop licht op
wanneer het apparaat klaar is.
12. Toets [FUNCTIE WISSEN (FUNCTION
CLEAR)]
Hiermee wist u alle geselecteerde functies en
wordt teruggekeerd naar de standaardwaarden.
13. Aanraakpaneel
Configureer diverse functies zoals het kopiëren.
& P.14 “Gebruik van het aanraakpaneel”
In plaats van het bedieningspaneel kunt u browsen en bedienen via een computer of een mobiele terminal
zoals een tablet of smartphone. Raadpleeg de volgende handleiding voor meer informatie:
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 8: [Administration] Tab Page” - “[Setup] Item List”
Hoofdstuk 1 VOORBEREIDINGEN
12
De hoek van het bedieningspaneel
verstellen
U kunt de hoek van het bedieningspaneel verstellen
tussen 7 en 45 graden.
Pas hierbij op dat de handen niet beklemd raken in de
spleet tussen het multifunctionele systeem en het
bedieningspaneel.
Hierdoor kunnen gebruikers letsel oplopen.
1
13
Omschrijving van de onderdelen
U kunt het actieve scherm wijzigen als het apparaat naar een ander scherm wordt ingeschakeld, zoals het
scherm van de Kopieerfunctie (Copy Function). Raadpleeg de volgende handleiding voor meer informatie:
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 8: [Administration] Tab Page” - “[Setup] Item List”
Namen en functies op het beginscherm
Wordt weergegeven bij het inschakelen van het apparaat of bij het drukken op de [HOME]-toets. Toont
toetsen voor verschillende functies.
6
4 5
1
87
3
2
1. Toets Selectie (Recall)
Registreer functies, sjablonen, URL's, enz. en
roep ze op.
& MFP-beheerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 4:
APPENDIX”
2. Toets Home gegevens synchroniseren
(Home Data Sync)
Synchroniseer de gegevens op het beginscherm.
Deze knop wordt weergegeven wanneer de
functie Home Openbaar (Public Home) is
ingeschakeld.
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 8:
[Administration] Tab Page” - “[Setup] Item List”
3. Toets Beginscherm instelling (Home
Setting)
Wijzig de instellingen van het beginscherm.
& MFP-beheerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 4:
APPENDIX”
4. Toets Taakstatus (Job status)
Controleer de voortgang van taken en de
verwerkingslog.
& Soware probleemoplossing handleiding
(PDF): “Hoofdstuk 1: TAAKSTATUS OP HET
AANRAAKPANEEL BEVESTIGEN”
5. [?] Toets (Help)
Toon informatie over elke functie.
& P.55 “Gebruik van de Helpfunctie”
6. Toets Volgende (Next)
Ga naar de volgende pagina.
7. Indicator positie pagina
Toon de huidige positie van de pagina.
8. Toets Status
Wordt weergegeven indien informatie
beschikbaar is.
Hoofdstuk 1 VOORBEREIDINGEN
14
Gebruik van het aanraakpaneel
Het aanraakpaneel ondersteunt verschillende gebaren zoals knijpen en vegen.
Drukgebaar (Tik)
Druk zacht en kortstondig op de knoppen op het scherm met uw vinger.
Veeggebaar
Druk op het scherm met uw vinger en verschuif in één richting. Blader door pagina's op het
beginscherm en scroll omhoog en omlaag in een lijst.
1
15
Omschrijving van de onderdelen
Drag & Drop
U kunt de SELECTIE (RECALL)-toets op het beginscherm vervangen. Druk op de knop met uw vinger,
sleep het naar een andere plaats en haal uw vinger van het scherm.
Knijpzoomen
Druk op het scherm met twee vingers en knijp ze naar elkaar toe of weg van elkaar op het scherm.
U kunt deze functie gebruiken in voorbeeldweergaven van de functies Snel Scan, Scannen, Fax,
enzovoort.
Hoofdstuk 1 VOORBEREIDINGEN
16
Stroomvoorziening in-/uitschakelen
In dit gedeelte wordt het in- en uitschakelen van de stroomvoorziening alsook de energiebesparingsstand beschreven. Hoe de stroomvoorziening
moet worden ingeschakeld, hangt af van het al dan niet branden van de HOOFD. SCHAK (MAIN POWER) LED (groen) op het bedieningspaneel.
Inschakelen
Wanneer het HOOFD SCHAK. (MAIN POWER) lampje (groen) op het bedieningspaneel niet brandt:
Zet hier AAN (ON).
Wanneer het HOOFD SCHAK. (MAIN POWER) lampje (groen) op het bedieningspaneel brandt:
Het beginscherm wordt weergegeven wanneer het systeem klaar is.
Zorg er bij het uitschakelen ook voor het multifunctionele systeem af te sluiten door op de [POWER]-
toets op het bedieningspaneel te drukken. Zet niet gewoon de hoofdschakelaar op de UIT (OFF)-stand.
Raadpleeg de volgende pagina voor meer informatie:
& P.17 “Uitschakelen
Meld u aan op het systeem als u dit apparaat beheert met de functie Afdelingsbeheer (Department
Management) of Gebruikersbeheer (User Management).
& P.69 “Inloggen”
Druk op de [POWER]-toets.
Het multifunctionele systeem wordt
opgewarmd. Het bericht wordt weergegeven
om u te informeren dat het multifunctionele
systeem wordt opgewarmd. Dit kan langer dan
gewoonlijk duren, afhankelijk van de status en
conditie.
Terwijl het multifunctionele systeem
opgewarmd wordt, kunt u de automatische
startfunctie gebruiken. Raadpleeg de volgende
handleiding voor meer informatie:
& Kopieerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 2:
HET MAKEN VAN KOPIËN” -
“Basiskopieerprocedure
1
17
Stroomvoorziening in-/uitschakelen
Uitschakelen
Ga als volgt te werk. Controleer de volgende items alvorens het apparaat uit te schakelen.
De lijst met afdruktaken mag geen taken meer bevatten.
Geen van de lampjes voor PRINT DATA (blauw) of GEHEUGEN ONTV. (MEMORY RX) (groen) mogen
knipperen.
(Als het multifunctionele systeem wordt uitgeschakeld terwijl een van bovengenoemde lampjes
knippert, dan worden lopende taken, zoals het ontvangen van faxen, afgebroken.)
Er mag geen computer zijn die via een netwerk toegang tot het multifunctionele systeem probeert te
krijgen, zoals TopAccess.
Als de [SPAARSTAND (ENERGY SAVER)]-toets (groen) op het bedieningspaneel brandt of knippert, of als het
aanraakscherm nog is ingeschakeld, druk dan niet simpelweg op de hoofdschakelaar om de
stroomvoorziening uit te schakelen. De opgeslagen gegevens kunnen verloren gaan of het interne
opslagmedium kan beschadigd raken.
Door te drukken op de knop [POWER] terwijl een taak wordt uitgevoerd, verschijnt een bericht met het
verzoek om de huidige taak te verwijderen en het multifunctionele systeem uit te schakelen.
Als het multifunctionele systeem langere tijd niet wordt gebruikt:
Kies [Uitschakelen (Shutdown)] om een afsluitoptie
te selecteren. Controleer of de [SPAARSTAND
(ENERGY SAVER)]-toets (groen) niet meer knippert en
het aanraakscherm is uitgeschakeld. Schakel de
stroomvoorziening uit met de hoofdschakelaar.
Het HOOFD SCHAK. (MAIN POWER) lampje
(groen) wordt uitgeschakeld.
Druk op de [POWER]-toets.
Vervolgens kunt u kiezen hoe het apparaat uit te
schakelen. Door te drukken op [Uitschakelen
(Shutdown)] verdwijnt het scherm en wordt het
apparaat na korte tijd uitgeschakeld.
Bij het opnieuw inschakelen van het apparaat na het uitschakelen, wacht ongeveer 30 seconden.
Hoofdstuk 1 VOORBEREIDINGEN
18
Energie besparen wanneer het multifunctionele systeem
niet wordt gebruikt - energiebesparingsstanden -
De volgende modi zijn beschikbaar; Automatische energiebesparingsmodus, Slaapstand en Super
slaapstand. In onderstaande tabel staan de procedures om handmatig tussen de standen te schakelen
en de voorwaarden waaronder het multifunctionele systeem elke stand in- of uitschakelt.
Energie-
besparings-
standen
Procedure om tussen
spaarstanden te
schakelen
Voorwaarden om de
spaarstand te
activeren
Status van het
systeem
Voorwaarden om de
spaarstand te verlaten
Automatische
energie-
besparings-
stand
Wanneer een
vastgesteld tijdsbestek
*1 is verstreken na het
laatste gebruik van het
multifunctionele
systeem.
Er verschijnt een
bericht dat de
energiebesparings-
stand aangee.
Door te drukken op de
toets [SPAARSTAND
(ENERGY SAVER)] of bij
ontvangst van
faxgegevens.
Slaapstand
Door te drukken op de
toets [SPAARSTAND
(ENERGY SAVER)]*2 of
wanneer een bepaalde
tijdsduur *3 is
verstreken.
Wanneer een
specifieke optie *4 is
geïnstalleerd of
wanneer een specifiek
protocol *5 is
geactiveerd.
Het aanraakscherm
wordt uitgeschakeld
en de toets
[SPAARSTAND
(ENERGY SAVER)]
licht groen op.
Zoals voor de
automatische
energiebesparingsstand.
Super
slaapstand
Door te drukken op de
toets [SPAARSTAND
(ENERGY SAVER)]*2 of
wanneer een bepaalde
tijdsduur *3 *6 is
verstreken.
Wanneer een
specifieke optie *4 niet
is geïnstalleerd en ook
een specifiek protocol
*5 is gedeactiveerd.
Het aanraakscherm
wordt uitgeschakeld
en de toets
[SPAARSTAND
(ENERGY SAVER)]
licht groen op.
Door te drukken op de
[SPAARSTAND (ENERGY
SAVER)]-toets, wanneer
afdruk- of faxgegevens
worden ontvangen via
een bedrade LAN of
wanneer de ingestelde
tijd voor geplande
afdruktaak is bereikt.
*1 De standaardwaarde is 1 minuut.
*2 De [SPAARSTAND (ENERGY SAVER)]-toets op het bedieningspaneel.
*3 De standaardwaarde is 1 minuut.
*4 De draadloze LAN/Bluetooth-module.
*5 Elk IPX-, AppleTalk- of ander protocol. Wanneer de IPsec-functie ingeschakeld is, schakelt het systeem naar de slaapstand.
Raadpleeg de volgende handleiding voor meer informatie:
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 8: [Administration] Tab Page” - “[Setup] Item List”
*6 Afhankelijk van de netwerkomgeving van de gebruiker, kan de tijd voor het naar Super slaapstand schakelen langer dan 10
minuten zijn, ook wanneer deze op 10 minuten of minder ingesteld is.
Raadpleeg de volgende handleiding om de tijd voor het inschakelen van elke modus te wijzigen:
& MFP-beheerhandleiding (PDF): "Hoofdstuk 2: ITEMS INSTELLEN (Beheerder)” - "Algemeen
Voor de Europese uitvoering
Neem contact op met uw leverancier als u de standaardinstellingen wilt wijzigen.
Wanneer de ingestelde periode voor het overschakelen naar de automatische energiebesparingsstand
hetzelfde is als die voor de slaapstand of de super slaapstand, dan wordt het multifunctionele systeem
na de ingestelde tijdsduur in de slaapstand of de super slaapstand overgeschakeld.
Als een origineel in de energiebesparende modus op de glasplaat wordt geplaatst, dan zal het formaat ervan
niet worden gedetecteerd, ook niet als het multifunctionele systeem uit deze modus wordt ontwaakt. Na het
indrukken van de [START]- of de [POWER]-toets om te ontwaken uit de modus, plaats het origineel terug op het
glas.
19
1
Papier en originelen plaatsen
Papier en originelen plaatsen
In deze sectie wordt beschreven hoe papier en originelen moeten worden geplaatst. Onjuiste plaatsing kan een scheve
afdruk of papierstoringen veroorzaken. Volg de onderstaande werkwijze.
1
Trek de lade uit en maak de
vergrendeling van de zijgeleiders los.
2
Stel de zijgeleiders in naargelang de
breedte van het papier.
3
Vergrendel de zijgeleiders.
4
Waaier het papier uit en plaats het met de
afdrukzijde naar boven.
5
Stel de eindgeleider in zodat deze overeenstemt
met het papierformaat en druk de lade terug
langzaam in de houder.
Controleer of de stapelhoogte van het papier niet
boven het MAX-streepje op de zijgeleiders uit komt.
Papier plaatsen
Zorg er bij het sluiten van de lade voor dat uw
vingers niet beklemd raken.
Hierdoor kunnen gebruikers letsel oplopen.
Zie de volgende pagina voor het ondersteunde
papier:
& Specificatieshandleiding (PDF): “Hoofdstuk 1:
SPECIFICATIES VAN PAPIER”
Hoofdstuk 1 VOORBEREIDINGEN
20
Originelen plaatsen
Glasplaat voor originelen
1
Til de documentinvoer dubbelzijde
scanner op.
2
Plaats het origineel met de te kopiëren zijde
naar beneden op de glasplaat voor originelen
tegen de linker bovenhoek aan.
3
Breng de documentinvoer dubbelzijde
scanner omlaag.
& Kopieerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 2: HOE
KOPIEEN MAKEN” - “Afbeeldingen vergroten of
verkleinen”
Documentinvoer dubbelzijde
scanner
1
Plaats de originelen met de te kopiëren zijde
naar boven op de invoerklep voor originelen.
2
Pas de geleiders aan de lengte van de
originelen aan.
Plaats geen zware voorwerpen (4 kg of meer)
op de glasplaat en ga er niet op leunen.
Wanneer het glas breekt, kan dit letsel
veroorzaken.
Soms wordt het oorspronkelijke formaat niet correct
gedetecteerd. Om dit probleem te voorkomen, sluit
de documentinvoer dubbelzijde scanner langzaam en
voorzichtig.
U dient het formaat voor de volgende originelen op te
geven omdat het formaat niet correct kan worden
gedetecteerd.
- Zeer transparante originelen (bijv.
overheadtransparanten, calqueerpapier)
- Geheel donkere originelen of originelen met
donkere randen
- Originelen met niet-standaard formaat (bijv.
kranten, tijdschrien)
& Kopieerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 2: HOE
KOPIEEN MAKEN” - “Papierformaat opgeven”
Wanneer de documentinvoer dubbelzijde scanner
wordt gesloten, knippert de scannerlamp om het
formaat van het origineel te detecteren.
Stel, bij het plaatsen van gemengde
origineelformaten op documentinvoer dubbelzijde
scanner, de papiergeleiders af op het breedste
origineel en plaats vervolgens de originelen tegen
de geleiding aan de voorzijde.
& P.56 “FAQs”
21
1
Installeren van clientsoware
Installeren van clientsoware
In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe de clientsoware zoals het printerstuurprogramma te installeren vanaf de DVD
met hulpprogramma's/gebruikersdocumentatie.
Aanbevolen installatie
Installeer de aanbevolen clientsoware, zoals het printerstuurprogramma in een keer.
Schakel de stroomvoorziening IN en controleer of het beginscherm op het
aanraakscherm verschijnt.
& P.16 “Stroomvoorziening in-/uitschakelen”
1
Plaats de DVD met hulpprogramma's/gebruikersdocumentatie in het DVD-
ROM-station van een Windows-computer.
Meld u aan op Windows met een account die installatie, zoals voor beheerders mogelijk maakt.
2
Selecteer [I agree to the terms of the License Agreement.] en klik op
[Volgende (Next)].
3
Klik op [Aanbevolen (Recommended)].
4
Klik op [Installeer (Install)].
5
Klik op [Gebruikershandleiding openen
(Open User’s Manual)] om door de
gebruikershandleidingen te bladeren.
Hoofdstuk 1 VOORBEREIDINGEN
22
Wanneer de installatie is voltooid, klik op [Gereed (Finish)].
7
Klik op [Exit] en vervolgens [Ja (Yes)].
8
Het printerstuurprogramma instellen
Voordat het printerstuurprogramma kan worden gebruikt, moet u de geïnstalleerde opties
configureren.
Selecteer het menu [Start] > [Instellingen (Settings)] > [Apparaten (Devices)] >
[Apparaten en printers (Devices and Printers)].
1
Klik met de rechtermuisknop op [TOSHIBA Universal Printer 2], en klik
vervolgens op [Eigenschappen van printer (Printer properties)].
2
De configuratiegegevens van de opties kunnen automatisch worden
verkregen door het openen van het tabblad menu [Apparaatinstellingen
(Device Settings)].
3
Klik op [OK].
4
Er wordt een lijst met beschikbare printers weergegeven.
1
Selecteer dit
multifunctionele systeem in de lijst en
2
klik op [OK].
6
Raadpleeg voor informatie over de aanbevolen installatie de volgende handleiding:
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2: RECOMMENDED INSTALLATION”
Hoofdstuk 2
BASISHANDELINGEN
Basishandelingen beginscherm . . . . . . . . . . . . . . . .24
Basishandelingen voor kopiëren . . . . . . . . . . . . . . . .28
Basishandelingen voor faxen . . . . . . . . . . . . . . . . . . .32
Basishandelingen voor scannen . . . . . . . . . . . . . . . .36
Basishandelingen voor e-Filing . . . . . . . . . . . . . . . . .38
Basishandelingen voor afdrukken . . . . . . . . . . . . . .40
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
24
Basishandelingen beginscherm
U kunt functies oproepen en functies registreren op het beginscherm.
Functies oproepen
Druk op de [HOME]-toets.
1
Druk op de gewenste functie.
2
De volgende functies kunnen standaard worden opgeroepen.
Snel Kopie (Simple Copy)
Snel Scan (Simple Scan)
Kopie (Copy)
Scan (Scan)
Fax (Optioneel)
Afdruk (Print)
e-Filing
Gebr.functies - Gebruiker - (User Functions -User-)
Taal (Language)
Teller (Counter)
EWB (optioneel)
Basishandelingen beginscherm
25
2
Functies registreren
Druk op de [Beginscherm
Instelling (Home Setting)]-toets.
1
Druk op [Toets inhoud (Button
contents)].
3
Met een swipe-beweging kunt u
de pagina oproepen weer waar u
de toets wilt toevoegen.
34
Druk op een knop waarvoor nog
geen functie is toegewezen.
5
Druk op [X] in de rechter
bovenhoek van het menuscherm
toetsregistratie.
Voorbeeld
7
Selecteer de gewenste functie en
druk vervolgens op [Bevestigen
(Confirm)].
6
U kunt niet alleen de functies registreren, maar ook taakinstellingen, URL en toepassingen
configureren op het beginscherm. Bovendien kunt u de geregistreerde functies verwijderen en
aanpassingen uitvoeren zoals een verandering van nummers, formaat en achtergrond van de
knoppen.
& Sjabloonhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 1: TAAKINSTELLINGEN OP HET BEGINSCHERM
REGISTREREN”
& MFP-beheerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 4: APPENDIX”
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 8: [Administration] Tab Page” - “[Registration] ([Administration]
tab) Item List”
Met uitzondering van het beginscherm kunt u de schermweergave aanpassen zodat alleen de
benodigde knoppen op het aanraakscherm verschijnen.
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 8: [Administration] Tab Page” - “[Maintenance] Item List”
Voer het beheerderswachtwoord
in en druk op [OK].
2
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
26
Gebruik eenvoudige kopie
Druk op [Snel Kopie (Simple
Copy)].
1
Geef het
1
aantal afdrukken en
2
kleurmodus op en druk op
3
[Start].
Druk op [Stop] om te annuleren tijdens
het kopiëren.
3
Als u het origineel op de
glasplaat voor originelen hebt
geplaatst, druk op [Taak gereed
(Job Finish)] om het kopiëren te
stoppen.
4
Plaats het origineel.
& P.20 “Originelen plaatsen
2
Instellingen eenvoudige
kopie
Sets
Geef het aantal kopieën op.
Kleur mode (Color Mode)
Geef de kleurmodus en dichtheid op.
Papier/Zoom (Paper/Zoom)
Geef het formaat van het kopieerpapier en
zoom op.
Nieten (Staple)
Geef op hoe te nieten.
2-zijdig (2-Sided)
Geef de dubbelzijdige (Duplex)-instelling voor
het origineel en de kopieën op.
Basishandelingen beginscherm
27
2
Gebruik eenvoudige scan
Druk op [Snel Scan (Simple
Scan)].
1
Druk op [Adres boek (Address
Book)] en geef het ontvangende
e-mailadres op.
3
Geef de
1
kleurmodus en
andere gegevens op en druk op
2
[Start].
4
Plaats het origineel.
& P.20 “Originelen plaatsen
2
Instellingen eenvoudige
scan
Kleur mode (Color Mode)
Geef de kleurmodus op.
Bestandformaat (File Format)
Geef het bestandsformaat op.
Resolutie (Resolution)
Geef de resolutie op.
2- Zijde scan (2-Sided Scan)
Geef de instelling dubbelzijdig scannen voor
het origineel op.
Voorbeeld (Preview)
Klik hierop voor een voorbeeldweergave van
een beeld dat is gescand nadat u op [Start]
hebt gedrukt. Wanneer u op [Bewerken (Edit)]
drukt op het voorbeeldscherm, kunt u de
paginavolgorde wijzigen en de pagina's
bewerken, zoals roteren.
Eenvoudige scan verstuurt de scangegevens naar
een e-mailadres. Een beheerder moet het
apparaat vooraf instellen.
Druk op [Adres boek (Address Book)] om
een geregistreerd e-mailadres of een
e-mailadres direct in te voeren.
Als u het origineel op de glasplaat voor originelen
hebt geplaatst, drukt u op [Taak gereed (Job
Finish)] nadat alle pagina's zijn gescand.
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
28
Basishandelingen voor kopiëren
In dit hoofdstuk worden procedures toegelicht zoals vergroten/verkleinen, dubbelzijdig kopiëren en kopiëren met
handinvoer.
Kopiëren
Druk op [Kopie (Copy)] op het beginscherm.
1
Plaats het origineel.
& P.20 “Originelen plaatsen
2
Druk op de [START]-toets. Het kopiëren begint.
4
Geef het
1
aantal afdrukken,
2
richting en
3
modus naar believen in.
U kunt van kleurenmodus wisselen. De
volgende modi zijn beschikbaar.
Kleur (full color):
Kopieën in kleur. (Standaard)
Zwart (Black):
Kopieën in zwart-wit.
Auto kleur (Auto color):
Bepaalt automatisch de kleur
van de originelen.
3
Als u het origineel op de glasplaat voor
originelen hebt geplaatst, drukt u op [Taak
gereed (Job Finish)] nadat alle pagina's zijn
gescand.
Om te stoppen met het kopiëren, druk op
[Stop].
De afdrukken komen in de opvanglade van
het apparaat of van de finisher terecht. De
lade waarin het gekopieerde papier terecht
komt wordt met een pijl op het
aanraakscherm aangegeven.
Basishandelingen voor kopiëren
29
2
Vergroten/verkleinen
Druk op [Zoom].
1
1
Selecteer het papierformaat,
2
druk op [AMS] en vervolgens
op
3
[OK].
Druk op [Gemengd (Mixed Size)] bij het
kopiëren van een set originelen waarvan
de formaten en richtingen verschillend
zijn.
2
Selecteren van de
afwerkfunctie (Sorteren)
Druk op [Afwerking (Finishing)].
Bij gebruik van de documentinvoer
dubbelzijde scanner, wordt de
sorteermodus automatisch ingesteld.
1
1
Druk op [Sorteer (Sort)] en
daarna op
2
[OK].
Om de niet- en perforatiemodus in te stellen,
moet u beschikken over optionele
afwerkapparaten.
& P.66 “Opties”
Wanneer bijvoorbeeld “Origineel 1 (Original 1)”,
“Origineel 2 (Original 2)” en “Origineel 3
(Original 3)” in 2 sets worden gekopieerd,
kunnen deze als volgt worden gemaakt.
233
123
123
123
123
112
Sort
Groep
2
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
30
Dubbelzijdig kopiëren
instellen
Druk op [2-zijdig (2-Sided)].
1
1
Selecteer de duplex modus
en druk vervolgens
2
op [OK].
Geef de [Kopie (Copy)] en
[Origineel richting (Original
Direction)] op indien nodig.
Er kan uit 5 typen worden gekozen.
De volgende instellingen kunnen
bijvoorbeeld worden gemaakt.
Enkelzijdig origineel naar
dubbelzijdige kopie:
Dubbelzijdig origineel naar
dubbelzijdige kopie:
2
Modus voor originelen
instellen
Druk op [Origin. modus (Original
mode)].
1
1
Selecteer de modus voor
originelen en druk
2
op [OK].
De beschikbare modi verschillen,
afhankelijk van de kleurenmodus. U kunt
kiezen uit 5 typen in de kleurmodus.
De volgende instelling kan bijvoorbeeld
worden gemaakt.
Originelen met tekst en foto's:
2
Basishandelingen voor kopiëren
31
2
Aanpassing dichtheid
Druk op of om de dichtheid
handmatig aan te passen.
Druk op om het lichter te maken, en
op om het donkerder te maken.
Druk op [Auto] om de dichtheid
automatisch aan te passen.
De aanpassing voor dichtheid wordt
standaard ingesteld op [Auto] wanneer
de kleurenmodus “Zwart (Black)” is.
Kopiëren met handinvoer
1
Verplaats de
papierklemhendel naar buiten
en
2
plaats het papier met de te
bedrukken zijde naar beneden in
de handinvoer.
1
1
Druk op de toets die
overeenkomt met het
papierformaat dat op de
handinvoerlade is geplaatst en
vervolgens
2
op [OK].
Druk op [Papiersoort (Paper Type)] als het papier in
de handinvoerlade geen normaal papier is.
2
Druk op de [START]-toets.
Kopiëren met handinvoer start.
3
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
32
Basishandelingen voor faxen
In dit hoofdstuk wordt de werkwijze toegelicht voor het verzenden van een fax, zoals het opgeven van een faxnummer
in het adresboek of het instellen van de transmissievoorwaarden.
Druk op [Fax] op het beginscherm.
1
Een fax versturen
1
Druk op ( ) op het aanraakpaneel en voer het faxnummer van de
ontvanger in met het
2
cijfertoetsenbord.
Wanneer bij het invoeren van een
faxnummer een fout is gemaakt, druk dan
op [Terug (Back Space)] op het
aanraakscherm om de cijfers een voor een
te wissen.
Druk op [Wis (Clear)] om alle ingevoerde
nummers te wissen.
3
Druk op [Zenden (Send)].
4
Plaats het origineel.
& P.20 “Originelen plaatsen
2
Als u het origineel op de glasplaat voor
originelen hebt geplaatst, drukt u op [Taak
gereed (Job Finish)] nadat alle pagina's
zijn gescand.
U kunt ook op de [START]-toets drukken
op het bedieningspaneel om een fax te
versturen.
Basishandelingen voor faxen
33
2
Ontvangers specificeren in
het adresboek
Ontvangers een voor een
specificeren
1
Druk op ( ) en kies vervolgens
2
de ontvanger.
Ontvangers bevestigen
Selecteer het adres van de
ontvanger dat u wilt controleren
uit de adreslijst.
1
Controleer het adres van de
ontvanger op het weergegeven
scherm.
Druk op [Wis (Clear)] om de ontvanger te
verwijderen.
2
Ontvangers in een groep
specificeren
1
Druk op ( ) en kies vervolgens
2
de ontvanger.
Er kunnen maximaal 400 ontvangers
worden ingevoerd (enkel of groep).
Druk nogmaals op een geselecteerde
ontvanger om deze weer te annuleren.
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
34
De voorwaarden voor de
overdracht instellen
Ingevoerde overdrachten
annuleren
Druk op [Optie (Option)].
1
Het scherm voor het instellen
van de voorwaarden voor de
overdracht wordt weergegeven.
2
Druk op [Taakstatus (Job
Status)].
1
Druk nadat elk item is ingesteld
op [Sluiten (Close)].
3
1
Druk op [Fax],
2
selecteer
de gereserveerde overdracht die
gewist moet worden en
3
druk
op [Verwijder (Delete)].
2
Druk op [Verwijder (Delete)] op
het bevestigingsscherm.
3
Basishandelingen voor faxen
35
2
Communicatiestatus (log)
controleren
Druk op [Taakstatus (Job
Status)].
1
1
Selecteer het tabblad [Log]
en druk vervolgens
2
op
[Zenden (Send)].
Druk op [Ontvangen (Receive)] om het
log met ontvangen faxen te controleren.
2
Als [OK] wordt weergegeven
onder “Status”, dan is de
overdracht gelukt.
Voor het registreren van ontvangers in het
adresboek vanaf het logscherm voor verzenden/
ontvangen, wordt het record geselecteerd in het
verzend- of ontvangstlog en wordt daarna op
[Toegang (Entry)] gedrukt.
3
Ontvangers registreren
Druk op [Gebr.functies
-Gebruiker- (User Functions-
User-)] op het beginscherm en
vervolgens op [Adres (Address)].
1
1
Druk op een lege toets om
een nieuwe ontvanger aan te
maken en vervolgens op
2
[Toegang (Entry)].
2
1
Voer de adresgegevens in en
druk op
2
[OK].
Voor het registreren van een groep in het
adresboek, zie de volgende handleiding:
& MFP-beheerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 1:
ITEMS INSTELLEN (Gebruiker)” - “Adres”
3
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
36
Basishandelingen voor scannen
In dit hoofdstuk worden de procedures toegelicht voor het scannen, bijvoorbeeld hoe gescande gegevens opslaan in
een gedeelde map en gegevens opslaan in een Windows-computer.
Druk op [Scan] op het
beginscherm.
1
Zorg voor de juiste
scaninstellingen.
3
Gescande gegevens in een gedeelde map opslaan
Druk op [Bestand (File)].
4
Plaats het origineel.
& P.20 “Originelen plaatsen
2
Druk op [Scannen (Scan)].
6
1
Voer [Best.naam (File
Name)],
2
Bestandsformaat
(File Format), enz. in en
3
druk
op [OK].
5
Als u het origineel op de glasplaat voor
originelen hebt geplaatst, drukt u op
[Taak gereed (Job Finish)] nadat alle
pagina's zijn gescand.
Basishandelingen voor scannen
37
2
Gescande gegevens van een gedeelde map opslaan op
een Windows-computer
Start Windows Explorer.
1
Voer de naam van de gedeelde map, waarin het IP-adres van het
multifunctionele systeem en de gescande gegevens zijn opgeslagen, in de
onderstaande notatie op de adresbalk in en druk vervolgens op de [Enter]-
toets.
Notatie: \\[IP-adres van het apparaat] \gedeeld_bestand
bijv.) Als het IP-adres van het systeem 192.168.0.10 is, voer dan
\\192.168.0.10\file_share in de adresbalk van Windows Explorer in.
Voor het IP-adres van het systeem, raadpleeg uw netwerkbeheerder.
Het is handig om een snelkoppeling te maken van de “gedeeld_bestand” map, zo kunt u
stap 2 overslaan.
2
Sla de gescande gegevens op een Windows-computer op.
De gescande gegevens die zijn opgeslagen in de gedeelde map worden standaard na
30 dagen automatisch gewist. Zorg ervoor dat de gegevens binnen deze tijd op een Windows-
computer zijn opgeslagen.
3
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
38
Basishandelingen voor e-Filing
Met deze functie kunt u documenten opslaan op het interne opslagmedium van het multifunctionele systeem; en
deze vervolgens naar wens afdrukken.
Druk op [Kopie (Copy)] op het
beginscherm.
1
Documenten opslaan
De originelen worden als e-Filing-documenten opgeslagen.
1
Druk op [Opslag (Storage)] en
vervolgens op
2
[Opslag
e-Filing (Store To e-Filing)] het
aanraakscherm.
3
U kunt documenten opslaan door ze te kopiëren, te scannen of middels het printerstuurprogramma.
Raadpleeg de volgende handleidingen voor meer informatie:
& Scanning Guide (PDF): “Chapter 2: SCANNING (BASIC OPERATION)” - “Saving Data in e-Filing Boxes”
& Printing Guide (PDF): “Chapter 2: PRINTING FROM WINDOWS APPLICATIONS” - “Outputting a Job Saved to
the Equipment”
Druk op de [START]-toets om het
document op te slaan.
5
1
Specificeer de box en de
documentnaam voor het
opslaan van het document en
druk vervolgens op
2
[OK].
Wanneer “Dit document naast opslaan
ook afdrukken? (Print this document?)”
verschijnt, druk dan op [Ja (Yes)] om af
te drukken en op te slaan.
4
Plaats het origineel.
& P.20 “Originelen plaatsen
2
39
2
Basishandelingen voor e-Filing
Druk op [e-Filing] op het beginscherm.
1
Documenten afdrukken
Hier volgt de werkwijze voor het afdrukken van documenten die zijn opgeslagen in e-Filing.
1
Selecteer het document dat u wilt afdrukken en druk vervolgens
2
op
[Afdruk (Print)].
U kunt een voorbeeld bekijken van geselecteerde documenten als miniaturen.
U kunt geselecteerde documenten verwijderen uit e-Filing.
Hiermee is het mogelijk om afdrukinstellingen te creëren, zoals het selecteren van modus
dubbelzijdig afdrukken of het toevoegen van paginanummers.
U kunt specifieke pagina's voor bevestiging afdrukken.
3
Selecteer de box die het document bevat dat u wilt afdrukken.
2
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
40
Basishandelingen voor afdrukken
Hier worden de basishandelingen van de afdrukfunctie toegelicht. Dit is voor het afdrukken vanaf een Windows-
computer met een universeel printer 2-stuurprogramma, dat vooraf moet worden geïnstalleerd.
Selecteer [Afdruk (Print)] in het menu [Bestand (File)] van de toepassing.
1
Stel de afdrukopties in en klik op [OK].
3
1
Selecteer het printerstuurprogramma van het multifunctionele systeem
en klik
2
vervolgens op [Voorkeuren (Preferences)] [Eigenschappen
(Properties)].
2
Klik op [Afdruk (Print)] ([OK]).
Raadpleeg de volgende handleiding voor het installeren
van een printerstuurprogramma op een Windows-
computer:
& P.21 “Installeren van clientsoware”
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 3:
INSTALLING PRINTER DRIVERS FOR WINDOWS”
Raadpleeg de volgende handleiding voor het installeren
van een printerstuurprogramma op een Mac-computer:
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 4:
INSTALLING PRINTER DRIVERS FOR MAC OS”
4
41
2
Basishandelingen voor afdrukken
Universeel printer 2-stuurprogramma instellen
Om afdrukken van voorblad op te geven
Klik op tabblad [Papierverwerking (Paper Handling)].
Om de afdrukkwaliteit aan te passen
Klik op tabblad [Beeldkwaliteit (Image Quality)].
Om af te drukken met tekenreeksen of grafische voorstellingen op de achtergrond van het
papier
Klik op tabblad [Eect].
Om blanco paginas over te slaan
Klik op tabblad [Overige (Others)].
Voor het afdrukken met templates
Klik op tabblad [Templates].
Om het papierformaat of aantal afdruksets op te geven
Klik op tabblad [Basis (Basic)].
Om dubbelzijdig afdrukken of N-up-afdrukken op te geven
Klik op tabblad [Afwerking (Finishing)]. Als de finisher en de perforator zijn geïnstalleerd, dan
zijn de functies “Nieten (Staple)” en “Perforeren (Hole Punch)” beschikbaar.
Selecteer “Aant.pagina's per
vel (Number of Pages per
Sheet)” om meerdere pagina's
op één vel af te drukken. De
pagina's worden verkleind om
op het gekozen papierformaat
te kunnen worden afgedrukt.
2IN1 4IN1
Hoofdstuk 2 BASISHANDELINGEN
42
Documenten afdrukken met de handinvoerbak
Hierna wordt uitgelegd hoe u documenten kunt afdrukken vanaf een computer met behulp van de
handinvoerbak.
Selecteer [Afdruk (Print)] in het menu [Bestand (File)] van de toepassing.
1
Selecteer het printerstuurprogramma van het multifunctionele systeem en
klik vervolgens op [Voorkeuren (Preferences)] [Eigenschappen (Properties)].
2
Selecteer het tabblad menu [Basis (Basic)] in het printerstuurprogramma.
3
Selecteer het documentformaat in [Papierformaat origineel (Original Paper
Size)].
4
Selecteer het papierformaat in [Papierformaat afdrukken (Original Paper
Size)].
Als u vergrote of verkleinde afdrukken niet wilt inschakelen, selecteert u [Zelfde als formaat
origineel (Same as Original Size)].
5
Selecteer [Handinvoerbak (Bypass Tray)] in [Papierbron (Paper Source)].
6
Selecteer de papiersoort die moet worden ingevoerd vanuit de
handinvoerbak in [Papiersoort (Paper Type)].
Wanneer u documenten probeert af te drukken met dik of ander dan normaal papier, klikt u
op [Papiersoort (Paper Type)] om de papiersoort op te geven.
Meer informatie over de papiersoorten vindt u in de Specificatieshandleiding.
7
Stel indien nodig andere afdrukfuncties in en klik vervolgens op [OK].
8
Klik op [Afdruk (Print)] ([OK]) van de toepassing.
9
Plaats het papier met de bedrukte zijde naar beneden op de handinvoerbak
van het apparaat.
& P.31 “Kopiëren met handinvoer”
10
Druk op [Taakstatus (Job status)]-toets op het beginscherm.
11
Als “Kies de Lade of Handinvoerlade.” op het aanraakscherm verschijnt,
drukt u op [Handinv.(Bypass Feed)].
12
Druk op toets [START] op het bedieningspaneel.
13
Hoofdstuk 3
ONDERHOUD
Tonercartridge vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .44
Tonerafvalbak vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .46
Nietjescartridge vervangen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .47
Periodieke reiniging . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .49
Hoofdstuk 3 ONDERHOUD
44
Tonercartridge vervangen
Als een bericht wordt weergegeven met de melding dat de tonercartridge moet worden vervangen, ga dan als volgt te
werk.
1
Open de voorklep.
2
Verwijder de kleurentoner cartridge.
3
Schud de nieuwe tonercartridge goed
met de afsluitstrip naar boven.
Verwijder de afsluitstrip.
Voer de nieuwe tonercartridge in tot de
voorzijde is uitgelijnd met linker zijde.
Sluit de voorklep.
Probeer nooit tonercartridges te verbranden.
Voer gebruikte tonercartridges en tonerafvalbakken af in overeenstemming met de lokale voorschrien.
e-STUDIO5516AC/6516AC/7516AC
45
3
1
Open de voorklep.
2
Verwijder de tonercartridge.
3
Schud de nieuwe tonercartridge goed
met de afsluitstrip naar boven.
Verwijder de afsluitstrip.
Voer de nieuwe tonercartridge in tot de
voorzijde is uitgelijnd met linker zijde.
Sluit de voorklep.
Probeer nooit tonercartridges te verbranden.
Voer gebruikte tonercartridges en tonerafvalbakken af in overeenstemming met de lokale voorschrien.
e-STUDIO5518A/6518A/7518A/8518A
Tonercartridge vervangen
Hoofdstuk 3 ONDERHOUD
46
1
Open de voorklep van de finisher, trek aan de
knop om de finisher te ontgrendelen en neem
de finisher vervolgens uit.
2
Open de klep van de tonerafvakbak en
verwijder de tonerafvakbak.
3
Zet het deksel op de tonerafvakbak. Doe de
gebruikte tonerafvalbak in de plastic zak
waar de nieuwe in zat en plak deze af met
plakband.
Installeer een nieuwe tonerafvakbak en sluit
de klep.
Sluit de voorklep van de finisher en verbind
de finisher met het apparaat.
Tonerafvalbak vervangen
Volg de onderstaande stappen als een bericht wordt weergegeven op het aanraakscherm om te melden dat de
tonerafvakbak moet worden vervangen.
De knop van stap 1 is in de klep van de perforator
wanneer deze is geïnstalleerd.
Probeer tonerafvalbakken nooit te verbranden.
Voer gebruikte tonercartridges en
tonerafvalbakken af in overeenstemming met de
lokale voorschrien.
47
3
Nietjescartridge vervangen
Als een bericht wordt weergegeven met de melding dat de nietjescartridge moet worden vervangen, ga dan als volgt te
werk.
Nietjescartridge vervangen
1
Open de voorklep van de finisher.
2
Verwijder het nietjesmagazijn.
3
Haal de lege nietjeshuls uit de
nietjescartridge.
Plaats een nieuwe nietjeshuls in de
nietjescartridge.
Plaats de nietjescartridge.
Sluit de voorklep van de finisher.
Nietmachine voor finisher/Finisher met
rughechteenheid
Hoofdstuk 3 ONDERHOUD
48
Gebruik de rughechteenheid finisher niet zonder eerst de nietjescartridges te hebben teruggeplaatst.
1
Open de voorklep van de finisher en trek
vervolgens de rughechteenheid eruit.
2
Neem de twee lege nietjescartridges uit.
3
Haal de lege nietjeshuls uit de
nietjescartridge.
4
Plaats een nieuwe nietjeshuls in de
nietjescartridge en verwijder het
afsluitplaatje dat het pak nietjes
bijeenhoudt.
5
Plaats twee nieuwe nietjescartridges.
6
Plaats de rughechteenheid in de finisher
en sluit de voorklep.
Rughechteenheid voor finisher met rughechteenheid
49
3
Periodieke reiniging
Een slechte afdrukkwaliteit, zoals ongelijke en gevlekte afbeeldingen, kan worden verbeterd door een eenvoudige
reiniging. In dit hoofdstuk worden de werkwijzen voor het reinigen geïllustreerd.
Periodieke reiniging
Reiniging van het scangebied, de glasplaat voor originelen, geleiders en
afdekplaat
Het wordt aanbevolen de volgende onderdelen wekelijks te reinigen zodat de originelen in schone
omstandigheden gescand kunnen worden. Zorg ervoor dat u geen krassen maakt op de onderdelen.
Zorg ervoor dat u geen krassen maakt op de onderdelen.
Gebruik bij het reinigen van de buitenzijde van het multifunctionele systeem geen organische oplosmiddelen
zoals verfverdunner of benzine.
- Hierdoor kan het oppervlak kromtrekken of verkleuren.
Bij gebruik van een chemische reinigingsdoek, volg de meegeleverde instructies op.
34
2
115
2
1. Scangebied (oppervlak van het lange rechthoekige glas) / 2. Glasplaat voor originelen
Reinig het oppervlak met de meegeleverde doek of een zachte, droge doek. Blijven er nog vlekken achter,
reinig het glas dan met een met water bevochtigde en daarna uitgewrongen zachte doek.
Gebruik geen vloeistoen anders dan water (zoals alcohol, organische oplosmiddelen of neutrale
reinigingsmiddelen).
3. Geleiding / 4. Afdekplaat
Reinig het oppervlak als volgt, afhankelijk van de hoeveelheid vlekken.
Reinig het met een zachte doek.
Reinig het met een zachte doek die licht met water is bevochtigd.
Reinig het met een zachte doek die licht met alcohol is bevochtigd en wrijf vervolgens met een droge doek
na.
Reinig het met een zachte doek die licht met een verdund neutraal reinigingsmiddel is bevochtigd en wrijf
vervolgens met een droge doek na.
5. Scangebied van documentinvoer dubbelzijde scanner (oppervlak van het lange rechthoekige
glas)
Reinig het oppervlak met de meegeleverde doek of een zachte, droge doek. Blijven er nog vlekken achter,
reinig het glas dan met een met water bevochtigde en daarna uitgewrongen zachte doek.
Gebruik geen vloeistoen anders dan water (zoals alcohol, organische oplosmiddelen of neutrale
reinigingsmiddelen).
Reiniging van de voorklep
Reinig de voorklep met een zachte doek.
Zorg ervoor dat u geen krassen maakt op de te reinigen onderdelen.
Gebruik geen ruwe of vuile doek.
50
MEMO
Hoofdstuk 4
PROBLEEMOPLOSSING
Probleemoplossing . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .52
FAQs . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .56
Hoofdstuk 4 PROBLEEMOPLOSSING
52
Probleemoplossing
Wanneer problemen zoals papierstoringen optreden, raadpleeg de onderstaande uitleg of de handleidingen (PDF’s) op
&P.54 “Over de handleidingen voor probleemoplossing” .
Wanneer papierstoringen optreden
Wanneer papierstoringen optreden, volg dan de instructies op het aanraakscherm of zie de volgende
handleiding:
& Hardware probleemoplossing handleiding (PDF): “Hoofdstuk 1: PROBLEEMOPLOSSING VOOR DE
HARDWARE” - “Papierstoringen verhelpen
Kleppen van het apparaat
Kleppen en deksels van het multifunctionele systeem die moeten worden geopend wanneer er
papierstoringen optreden, worden aangegeven door de pijlen in de onderstaande afbeeldingen.
Symbolen voor papierstoringen of meldingen enz.
kunnen regelmatig verschijnen op het
aanraakscherm.
Raadpleeg de volgende handleiding voor meer
informatie over symbolen voor papierstoringen:
& Hardware probleemoplossing handleiding (PDF):
“Hoofdstuk 1: PROBLEEMOPLOSSING VOOR DE
HARDWARE” - “Papierstoringen verhelpen
Raadpleeg onderstaande handleiding voor meer
informatie over meldingen op het aanraakscherm:
& Hardware probleemoplossing handleiding(PDF): “Hoofdstuk 1: PROBLEEMOPLOSSING VOOR DE
HARDWARE” - “Meldingen weergegeven op het aanraakscherm”
Er verschijnen symbolen en meldingen op het aanraakscherm
53
4
Probleemoplossing
Kleppen van de opties
Kleppen en deksels van de opties die moeten worden geopend wanneer er papierstoringen optreden,
worden aangegeven door de pijlen in de onderstaande afbeeldingen.
Hoofdstuk 4 PROBLEEMOPLOSSING
54
Over de handleidingen voor probleemoplossing
De Hardware probleemoplossing handleiding en de Soware probleemoplossing handleiding (PDF’s)
beschrijven de oorzaken en oplossingen voor problemen die zich kunnen voordoen.
Verwijzingen naar de hardware probleemoplossing handleiding
Hoofdstuk Titel Sectie
Hoofdstuk 1 PROBLEEMOPLOSSING VOOR DE
HARDWARE
Wanneer dit scherm wordt weergegeven
Meldingen weergegeven op het aanraakscherm
Opheen van een papierstoring
Opheen van vastgelopen nietjes
Een tonercartridge vervangen
Vervangen van de tonerafvalbak
Nietjes bijvullen
De binnenkant van het apparaat reinigen
De opvangbak voor ponsconfetti legen
Hoofdstuk 2 WANNEER IETS MIS IS MET HET
MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM
Wanneer u denkt dat er iets mis is met het multifunctionele
systeem
Regelmatig onderhoud
Verwijzingen naar de soware probleemoplossing handleiding
Hoofdstuk Titel Sectie
Hoofdstuk 1 TAAKSTATUS OP HET
AANRAAKPANEEL BEVESTIGEN
Taakstatussen van printen/kopiëren/scannen/faxen
bevestigen
Hoofdstuk 2 PROBLEEMOPLOSSING VOOR HET
KOPIËREN Problemen bij het kopiëren
Hoofdstuk 3 PROBLEEMOPLOSSING VOOR HET
AFDRUKKEN
Problemen bij het afdrukken
Problemen met het printerstuurprogramma
Problemen met de netwerkverbinding
Cliëntproblemen
Problemen met de hardware
Hoofdstuk 4 PROBLEEMOPLOSSING VOOR HET
SCANNEN Problemen bij het scannen
Hoofdstuk 5 PROBLEEMOPLOSSING VOOR e-Filing Problemen met het via het web toegankelijke
hulpprogramma e-Filing
Hoofdstuk 6 PROBLEEMOPLOSSING VOOR
NETWERKVERBINDINGEN
Lokaliseren van het multifunctionele systeem in het netwerk
Problemen met LDAP-zoeken en -authenticatie
(Netwerk-gerelateerde) printproblemen
Problemen met het stuurprogramma voor netwerkfax
(N/W-Fax)
Authenticatieproblemen clientsoware
Problemen met draadloos netwerkverbinding
Hoofdstuk 7 PROBLEEMOPLOSSING VOOR HET
FAXEN Faxproblemen
Hoofdstuk 8
DE STATUS VAN HET
MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM
CONTROLEREN MET TopAccess
Tabblad met pictogrammen voor status hardware op
TopAccess [Apparaat]
Foutmeldingen
Foutcodes
Hoofdstuk 9 WANNEER IETS MIS IS MET HET
MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM
Wanneer u denkt dat er iets mis is met het multifunctionele
systeem
55
4
Probleemoplossing
Foutcodes
Druk op de Taakstatus (Job Status)-toets op het
beginscherm en vervolgens op het tabblad [Log] op
het aanraakscherm. De taakgeschiedenis en
foutcodes worden in het Log-menu weergegeven.
& Soware probleemoplossing handleiding(PDF):
“Hoofdstuk 8: DE STATUS VAN HET
MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM CONTROLEREN MET
TopAccess” - “Foutcodes”
Gebruik van de Helpfunctie
U kunt de Helpfunctie van dit apparaat oproepen
door te drukken op in schermbeelden met in de
rechter bovenhoek.
Hoofdstuk 4 PROBLEEMOPLOSSING
56
In dit hoofdstuk worden FAQ's (veelgestelde vragen) van onze klanten geïntroduceerd. Als u een probleem hebt, lees
dan eerst dit hoofdstuk.
FAQs
Kopiëren
Kan ik originelen van verschillende
formaten in één keer kopiëren?
Ja. Door gebruik te maken van de documentinvoer
dubbelzijde scanner, kunt u meerdere originelen
van verschillende maten, zoals A4 of B4, in één
keer kopiëren.
Originele formaten die in één keer kunnen worden
gekopieerd:
Noord-Amerika: LD, LG, LT, LT-R, COMP
Buiten Noord-Amerika: A3, A4, A4-R, B4, B5, FOLIO
1. Leg het papier in de lade. Als u wilt kopiëren op
papier van hetzelfde formaat als de originelen,
plaats dan papier van het overeenkomstige
formaat in de verschillende lades.
2. Pas de zijgeleiders aan het breedste origineel
aan. Plaats de originelen uitgelijnd tegen de
geleider aan de voorkant.
A4-R B4
3. Druk op [Zoom].
4. Druk op [Gemengd (Mixed Size)].
5. Om alle originelen op papier van hetzelfde
formaat te kopiëren, druk op [AMS].
6. Druk op [OK] om terug te keren naar het
basismenu voor kopieerfuncties.
7. <Om te kopiëren op papier van hetzelfde
formaat>
Druk op een pictogram op het aanraakscherm
dat de lade aangee waarin het papier van het
gewenste formaat is geplaatst.
<Om te kopiëren op papier van hetzelfde
formaat als het origineel>
Druk op [APS].
8. Druk op toets [START] op het bedieningspaneel.
& Kopieerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 2: HOE
TE KOPIEREN” - “ Papierformaat opgeven”,
“Originelen met verschillende formaten in één
keer kopiëren
Kan ik een A5-origineel kopiëren met de
documentinvoer dubbelzijde scanner?
Ja. Plaats een A5-origineel op de documentinvoer
dubbelzijde scanner, in liggende richting.
A5-R
A5
Voor het plaatsen van originelen op de
documentinvoer dubbelzijde scanner of de
beschikbare soorten en formaten van originelen,
raadpleeg de volgende handleiding:
& Papier voorbereidinghandleiding (PDF):
“Hoofdstuk 2: ORIGINELEN PLAATSEN” -
“Originelen plaatsen” - “Aanvaardbare originelen
Er zijn zwarte strepen op het gekopieerde
beeld.
Als het scangebied vuil is, kunnen er zwarte
strepen op de gekopieerde afbeelding of faxen
gemaakt met de documentinvoer dubbelzijde
scanner verschijnen.
Reinig het scangebied. Zie de volgende pagina of
de volgende handleiding:
ABC
& P.49 “Periodieke reiniging”
& Hardware probleemoplossing handleiding
(PDF): “Hoofdstuk 2: WANNEER IETS MIS IS MET
HET MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM” - “Gewoon
onderhoud”
57
4
FAQs
Faxen
Kan ik een ontvangen fax doorsturen?
Ja. U kunt een ontvangen fax doorsturen naar een
ander facsimile-toestel, of als een
internetfaxopdracht.
Als u een faxbericht wilt doorsturen, moet u de
instellingen vooraf vastleggen. Raadpleeg de
volgende handleiding:
& GD-1370 Fax Guide: “Chapter 3: USING THE FAX
UNIT (USEFUL FUNCTIONS)” - “Using the Mailbox
Function
U kunt een fax ook doorsturen naar een gedeelde
map in dit apparaat, een e-Filing box of een ander
e-mailadres dan een faxnummer of een
internetfaxnummer, via het TopAccess menu.
Raadpleeg de volgende handleiding:
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 5:
[Registration] Tab Page” - “[Registration] How to
Set and How to Operate” - “Managing mailboxes”
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 8:
[Administration] Tab Page” - “[Registration]
([Administration] tab) How to Set and How to
Operate” - “Fax Received Forward and InternetFAX
Received Forward settings”
Hoe kan ik de naam van een afzender of
faxnummer registreren of wijzigen?
U kunt de naam van een afzender of faxnummer
als volgt registreren of wijzigen.
Gebr.functies -Gebruiker- (User Functions -User-) >
Beheer (Admin) > Fax > ID naam (Terminal ID)
& MFP-beheerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 2:
ITEMS INSTELLEN (Admin)” - “FAX” - “De ID-naam
registreren”
Hoe kan ik fouten voorkomen
bij het versturen van faxen?
Om fouten te voorkomen, bevestig dat u de juiste
ontvanger hebt ingesteld alvorens een fax te
verzenden. Raadpleeg de volgende pagina:
& P.33 “Ontvangers bevestigen”
U kunt ook fouten voorkomen door als volgt te
werk te gaan. Neem contact op met uw
servicetechnicus of vertegenwoordiger voor meer
informatie.
Schakel de directe invoer van faxnummers en de
beperkingsinstelling voor bestemmingen uit het
adresboek uit.
Geef de bestemming twee keer op en vergelijk
ze. Als ze overeenstemmen, verzend dan de fax.
“0050” wordt weergegeven op het
verzendlogboek van de fax.
“0050” is een foutcode die aangee dat de lijn van
de ontvanger bezet is. Probeer de verzending later
opnieuw.
Zie de volgende pagina voor de foutcodes met
betrekking tot het faxbericht.
& Soware probleemoplossing handleiding
(PDF): “Hoofdstuk 8: DE STATUS VAN HET
MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM CONTROLEREN
MET TopAccess” - “Foutcodes bij verzenden en
ontvangen”
Kan ik een fax verzenden vanaf een
computer?
Ja. U kunt een fax of een internetfax verzenden
vanaf een computer waarop het Netwerk-
faxstuurprogramma is geïnstalleerd. U hoe de
originele fax niet af te drukken.
1. Selecteer [Afdruk (Print)] in het menu [Bestand
(File)] van de toepassing.
2. Selecteer [TOSHIBA e-STUDIO Fax], en klik
vervolgens op [Voorkeuren (Preferences)]
([Eigenschappen (Properties)]).
3. Geef de bestemming op het tabblad [Verzenden
(Send)] van het printerstuurprogramma op en
klik op [OK].
4. Klik op [Afdruk (Print)] ([OK]).
& GD-1370 Fax Guide: “Chapter 4: USING N/W-FAX
DRIVER (NETWORK FAX)” - “Sending Network
Faxes”
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2:
RECOMMENDED INSTALLATION”
Hoofdstuk 4 PROBLEEMOPLOSSING
58
Afdrukken
Hoe kan ik een afdruktaak verwijderen?
1. Druk op de knop Taakstatus rechtsboven in het
beginscherm of op [Taakstatus (Job status)]
rechtsonder op het scherm van elke functie.
2. Druk op [Afdruk (Print)] op het tabblad [Taken
(Jobs)].
3. Selecteer de taak die u wilt verwijderen uit de
lijst met afdruktaken en druk vervolgens op
[Wissen (Delete)].
4. Druk op [Wissen (Delete)] om de taak te
verwijderen.
& Soware probleemoplossing handleiding
(PDF): “Hoofdstuk 1: TAAKSTATUS OP HET
AANRAAKPANEEL BEVESTIGEN” - “Taken
annuleren
Ik heb een printerstuurprogramma
geïnstalleerd, maar kan niet afdrukken.
Controleer of de poortinstelling van het
printerstuurprogramma correct is.
* Meld u aan bij Windows met een account die
installatie, zoals voor beheerders mogelijk
maakt.
1. Selecteer [Apparaten en printers] in het menu
[Start].
2. Klik met de rechtermuisknop op [TOSHIBA
Universal Printer 2 (TOSHIBA Universal Printer
2)], en klik vervolgens op [Eigenschappen van
printer (Printer properties)].
3. Selecteer de poort van dit apparaat in de lijst
[Afdrukken naar de volgende poort(en) (Print to
the following port(s))] op het tabblad [Poorten
(Ports)] van het printerstuurprogramma. Klik
op [Poort configureren (Configure Port)].
4. Bevestigen of het IP-adres van dit apparaat
correct is ingesteld in het vak [Printernaam of
IP-adres (Printer Name or IP Address)] van het
dialoogvenster [Standaard-TCP/IP-
poortmonitor configureren (Configure
Standard TCP/IP Port Monitor)].
5. Controleer of [Raw] is geselecteerd in [Protocol]
van het dialoogvenster [Standaard-TCP/IP-
poortmonitor configureren (Configure
Standard TCP/IP Port Monitor)] en ook of
"9100" is ingevoerd in het vak [Poortnummer
(Port Number)] van de [Raw-instellingen (Raw
Settings)].
Als het probleem blij optreden, raadpleeg dan de
volgende handleiding of neem contact op met uw
beheerder:
& Soware probleemoplossing handleiding
(PDF): “Hoofdstuk 3: PROBLEEMOPLOSSING VOOR
HET AFDRUKKEN” of “Hoofdstuk 6:
PROBLEEMOPLOSSING VOOR
NETWERKVERBINDINGEN”
Scannen
Hoe kan ik een afbeelding scannen
in JPEG-formaat?
Selecteer [Kleur (Full color)] of [Grijsschaal (Gray
Scale)] voor de kleurmodi in de scaninstellingen
en selecteer vervolgens [JPEG] als
bestandsformaat.
& Scanning Guide (PDF): “Chapter 2: SCANNING
(BASIC OPERATION)” - “Saving Data in the Shared
Folder” of “Sending Data to an E-mail Address” of
“Saving Data to a USB Storage Device”
Waar wordt het gescande bestand
opgeslagen?
Als u [Bestand (File)] als opslagmap hebt
opgegeven, dan worden de gegevens opgeslagen
in een gedeelde map "file_share" op het interne
opslagmedium van dit apparaat. Om de gegevens
te downloaden, zie de volgende pagina:
& P.37 “Gescande gegevens van een gedeelde
map opslaan op een Windows-computer”
Ik kan de gescande gegevens niet
doorsturen naar een map op het netwerk.
Controleer het volgende:
Is de opgegeven map gedeeld? Het instellen van
de gedeelde map kan verschillen afhankelijk van
de apparatuur of het gebruikte
besturingssysteem.
Is het netwerkpad voor de map correct
ingevoerd?
Is de log-in gebruikersnaam of wachtwoord
correct ingevoerd?
Blokkeert uw antivirussoware het schrijven
naar de map op het netwerk?
[Netwerk 1 (Remote 1)] (of [Netwerk 2
(Remote 2)]) kunnen niet worden geselecteerd
in [Opslaan als bestand (Save as File)].
Bevestig de gedeelde mapinstelling op de
TopAccess menu.
1. Selecteer als volgt: [Administratie
(Administration)] tabblad > [Setup (Setup)] >
[Opslaan als bestand (Save as File)].
2. Controleer of [Netwerkmap als bestemming
gebruiken (Use Network Folder Destination)] is
geselecteerd op [Bestemming (Destination)].
3. Bevestig dat [Netwerk 1 (Remote 1)] (of
[Netwerk 2 (Remote 2)]) van [Instellingen
Netwerk 1 en Netwerk 2 (Remote 1 and
Remote 2 Settings)] is aangevinkt.
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 8:
[Administration] Tab Page” - “[Setup] Item List”
- “Save as File settings”
59
4
FAQs
Kan ik gegevens in CSV-bestand registreren
in het adresboek?
Ja. U kunt ze registreren via Adresboekviewer of
TopAccess. Raadpleeg de volgende handleiding:
& Help-menu van Adresboekviewer
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 8:
[Administration] Tab Page” - “[Maintenance] How
to Set and How to Operate” - “Importing and
exporting”
Ik kan niet afdrukken vanaf mijn computer.
Controleer het volgende:
Staat het apparaat aan?
Is het netsnoer aangesloten? Als dit niet het geval
is, zet de HOOFD SCHAK. uit en steek de stekker
in een stopcontact.
Is de netwerkkabel aangesloten? Als deze niet is
aangesloten, sluit hem dan aan op de
netwerkaansluiting.
Is de toner of het papier op?
Is het ingestelde aantal pagina's groter dan de
maximaal toelaatbare waarde voor de specifieke
afdeling of gebruiker?
Als het probleem blij optreden na het
voornoemde te hebben gecontroleerd, raadpleeg
dan de volgende handleiding of neem contact op
met uw beheerder:
& Soware probleemoplossing handleiding
(PDF): “Hoofdstuk 3: PROBLEEMOPLOSSING VOOR
HET AFDRUKKEN” of “Hoofdstuk 6:
PROBLEEMOPLOSSING VOOR
NETWERKVERBINDINGEN”
Kan ik afdrukken op papier met niet-
standaard formaat?
Ja. U kunt afdrukken door een aangepast
papierformaat te registreren in het
printerstuurprogramma.
* Meld u aan bij Windows met een account die
installatie, zoals voor beheerders mogelijk
maakt.
& Printing Guide (PDF): “Chapter 2:PRINTING
FROM WINDOWS APPLICATIONS” - “Setting the
Paper and Reproduction Ratio” - “Using various
types of paper”
Clientsoware
"Er zijn geen apparaten in je netwerk
herkend. (Devices are not discovered in
your network)" verschijnt tijdens het
installeren
van het printerstuurprogramma
Als dit apparaat niet tijdens de installatie van de
printerdriver wordt herkend op het netwerk, dan
verschijnt het onderstaande bericht. Raadpleeg de
volgende handleiding:
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 3:
INSTALLING PRINTER DRIVERS FOR WINDOWS” -
“Installing the Printer Drivers”
Ik kan geen printerstuurprogramma of
andere soware installeren.
Ga als volgt te werk en probeer vervolgens
opnieuw te installeren.
Verwijder alle bestaande
printerstuurprogramma’s.
Sluit achtergrond soware zoals antivirus
programma's.
Meld u aan bij Windows met een account die
installatie, zoals voor beheerders mogelijk
maakt.
Hoofdstuk 4 PROBLEEMOPLOSSING
60
Andere vragen
Hoe kan ik het IP-adres van dit apparaat
bevestigen of wijzigen?
Volg de onderstaande instructies op het
aanraakscherm.
Gebr.functies -Gebruiker- (User Functions -User-) >
Beheer (Admin) > Netwerk (Network) > IPv4
& MFP-beheerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 2:
ITEMS INSTELLEN (Beheerder)” - “Netwerk
Het apparaat herkent
het ingevoerde USB-medium niet.
Controleer of het USB-medium goed is
aangesloten op de USB-poort.
USB-media voor dit systeem moet voldoen aan de
onderstaande voorwaarden.
Geformatteerd in FAT16 of FAT32
Slechts één partitie
* Sommige USB-media worden mogelijk niet door
dit systeem herkend, ook niet als ze voldoen aan
voornoemde voorwaarden. Probeer in dat geval
om een ander USB-medium van andere
fabrikanten te gebruiken die voldoet aan de
bovenstaande voorwaarden.
& Scanning Guide (PDF): “Chapter 2: SCANNING
(BASIC OPERATION)” - “Saving Data to a USB
Storage Device”
& Printing Guide (PDF): “Chapter 4: OTHER
PRINTING METHODS” - “Printing files from USB
media (USB Direct Printing)”
Hoe kan ik de resterende hoeveelheid
toner in een tonercartridge controleren?
Ga als volgt te werk:
1. Druk op [Taakstatus (Job status)]-toets op het
beginscherm.
2. Druk op het tabblad [Toner].
3. Druk na de controle op [Sluiten (Close)] en druk
vervolgens op [Taakstatus (Job Status)].
Wanneer een bericht wordt weergegeven op het
aanraakscherm om u te informeren dat de toner
bijna op is, bereid dan een nieuwe tonercartridge
voor. Het apparaat kan nog ongeveer 2000
pagina's afdrukken nadat dit bericht is
verschenen.
Vervang de tonercartridge wanneer een bericht
wordt weergegeven op het aanraakscherm.
& Soware probleemoplossing handleiding
(PDF): “Hoofdstuk 1: TAAKSTATUS OP HET
AANRAAKSCHERM BEVESTIGEN” - “Taakstatussen
van printen/kopiëren/scannen/faxen bevestigen”
Het symbool papierstoring verdwijnt niet,
ook niet nadat het vastgelopen papier uit
de documentinvoer dubbelzijde scanner is
verwijderd.
Open de klep onder de documentinvoer
dubbelzijde scanner en verwijder vervolgens het
origineel.
& P.52 “Wanneer papierstoringen optreden”
& Hardware probleemoplossing handleiding
(PDF): “Hoofdstuk 1: PROBLEEMOPLOSSING VOOR
DE HARDWARE”
Sommige functies beschreven in de
handleiding zijn niet beschikbaar.
Deze zijn afhankelijk van de instellingen van dit
apparaat of de toegangsrechten van de gebruiker,
ook al zijn ze beschreven in de handleiding.
Raadpleeg uw beheerder voor meer informatie.
Hoofdstuk 5
INFORMATIE OVER HET
MULTIFUNCTIONELE
SYSTEEM
Met dit product meegeleverde items . . . . . . . . . . . .62
Clientsoware . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .63
Geavanceerde toepassingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . .65
Opties. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .66
Inloggen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .69
Hoofdstuk 5 INFORMATIE OVER HET MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM
62
Met dit product meegeleverde items
De onderstaande onderdelen worden meegeleverd met het multifunctionele systeem. Controleer of deze allemaal zijn
meegeleverd. Neem contact op met uw servicetechnicus of vertegenwoordiger wanneer er iets ontbreekt of beschadigd is.
Met dit product meegeleverde items
Veiligheidsinformatie Beschrij de noodzakelijke veiligheidsmaatregelen bij gebruik. Lees eerst dit
boekje.
Verkorte
installatiehandleiding
(Deze handleiding)
Beschrij de voorbereidingen, basis- en geavanceerd gebruik, onderhoud en
periodieke reiniging van het multifunctionele systeem.
DVD met client-utilities/
gebruikersdocumentatie
Bevat PDF-bestanden van de gebruikershandleidingen, zoals de
Kopieerhandleiding. Bevat clientsoware zoals de printerstuurprogramma's en de
soware voor de hulpprogramma's. Raadpleeg de volgende pagina voor meer
informatie:
& P.63 “Clientsoware”
63
5
Clientsoware
Illustreert de clientsoware van dit product. U dient de soware te installeren voor gebruik, uitgezonderd de e-Filing
webtoepassing en TopAccess.
Clientsoware
Clientsoware voor afdrukfuncties
Universeel printer
2-stuurprogramma
Wordt geïnstalleerd tijdens de aanbevolen installatie.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2: RECOMMENDED
INSTALLATION” of “Chapter 3: INSTALLING PRINTER DRIVERS FOR WINDOWS”
& P.40 “Basishandelingen voor afdrukken”
& Printing Guide (PDF): “Chapter 2: PRINTING FROM WINDOWS APPLICATIONS”
Universeel PS3-
printerstuurprogramma
Stelt u in staat om documenten in een hoge resolutie af te drukken met
toepassingen zoals van Adobe Systems Incorporated.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2: RECOMMENDED
INSTALLATION” of “Chapter 3: INSTALLING PRINTER DRIVERS FOR WINDOWS”
& Printing Guide (PDF): “Chapter 2: PRINTING FROM WINDOWS APPLICATIONS”
Universeel XPS-
printerstuurprogramma
Stelt u in staat om documenten af te drukken vanuit WPF-toepassingen.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2: RECOMMENDED
INSTALLATION” of “Chapter 3: INSTALLING PRINTER DRIVERS FOR WINDOWS”
& Printing Guide (PDF): “Chapter 2: PRINTING FROM WINDOWS APPLICATIONS”
PPD-bestand voor Mac Stelt u in staat om documenten af te drukken vanaf Macintosh-computers (Mac
OS X 10.6.8 of recenter).
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 4: INSTALLING PRINTER DRIVERS
FOR MAC OS
& Printing Guide (PDF): “Chapter 3: PRINTING FROM MAC OS APPLICATIONS”
UNIX/Linux filter Hiermee kunt u documenten vanaf UNIX/Linux-werkstations afdrukken.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 5: INSTALLING PRINTER DRIVERS
FOR UNIX/Linux”
& Printing Guide (PDF): “Chapter 4: OTHER PRINTING METHODS” - “Printing
From UNIX/Linux”
CUPS Hiermee kan het CUPS-afdruksysteem worden ingesteld vanaf een UNIX/Linux-
werkstation.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 5: INSTALLING PRINTER DRIVERS
FOR UNIX/Linux”
Clientsoware voor scanfuncties
Remote Scan
stuurprogramma
Hiermee kunnen documenten op afstand worden gescand en worden de
gescande gegevens als afbeelding ontvangen in TWAIN-toepassingen op
Windows-computers.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2: RECOMMENDED
INSTALLATION” of “Chapter 6: INSTALLING SCAN DRIVER AND UTILITIES
(Windows)”
WIA-stuurprogramma Hiermee kunnen documenten op afstand worden gescand en worden de
gescande gegevens als afbeelding ontvangen in WIA-toepassingen (Windows
Imaging Acquisition) op Windows-computers.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2: RECOMMENDED
INSTALLATION” of “Chapter 6: INSTALLING SCAN DRIVER AND UTILITIES
(Windows)”
& Scanning Guide (PDF): “Chapter 4: SCANNING USING UTILITY TOOLS”
Hoofdstuk 5 INFORMATIE OVER HET MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM
64
Clientsoware voor e-Filing functies
TWAIN-stuurprogramma Hiermee kunnen documenten worden verkregen die in e-Filing als een afbeelding
zijn opgeslagen in TWAIN-toepassingen op Windows-computers.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2: RECOMMENDED
INSTALLATION” of “Hoofdstuk 6: INSTALLING SCAN DRIVER AND UTILITIES
(Windows)”
Bestandsdownloader Hiermee kunnen documenten worden verkregen die in e-Filing als een afbeelding
zijn opgeslagen op Windows-computers.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2: RECOMMENDED
INSTALLATION” of “Chapter 6: INSTALLING SCAN DRIVER AND UTILITIES
(Windows)”
e-Filing webtoepassing Hiermee kunt u e-Filing bedienen of instellingen maken met behulp van een
browser op Windows computers. Aangezien dit hulpprogramma reeds is
geïnstalleerd, volstaat het om het IP-adres van het multifunctionele systeem in
een browser in te voeren en te starten.
& e-Filing Guide (PDF): “Chapter 3: OPERATING WITH A CLIENT COMPUTER
(e-Filing WEB UTILITY)”
Hulpprogramma Back-up
maken/terugzetten voor
e-Filing
Hiermee kunt u een back-up maken van de gegevens die zijn opgeslagen in
e-Filing op Windows computers en deze terugzetten.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 8: INSTALLING e-Filing BACKUP/
RESTORE UTILITIES (Windows)”
Clientsoware voor netwerkbeheerfuncties
TopAccess Hiermee kunt u apparaatinformatie bekijken, logs weergeven, templates en een
adresboek aanmaken en het multifunctionele systeem beheren middels een
browser. Aangezien TopAccess reeds is geïnstalleerd, volstaat het om het IP-adres
van het multifunctionele systeem in een browser in te voeren en de
stroomvoorziening in te schakelen.
& TopAccess Guide (PDF): “Chapter 1: Overview”
Clientsoware voor netwerkfaxfuncties
Netwerk-
faxstuurprogramma
Hiermee kunt u faxen of internetfaxen via uw computer versturen. Raadpleeg de
volgende handleidingen voor meer informatie:
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2: RECOMMENDED
INSTALLATION” of “Chapter 7: INSTALLING NETWORK FAX UTILITIES (Windows)”
& GD-1370 Fax Guide: “Chapter 4: USING N/W-FAX DRIVER (NETWORK FAX)”
Adresboekviewer Hiermee kunt u het adresboek (zoals faxnummers en e-mailadressen) beheren en
het adresboek van uw computer uploaden naar het systeem.
& Soware Installation Guide (PDF): “Chapter 2: RECOMMENDED
INSTALLATION" of “Chapter 7: INSTALLING NETWORK FAX UTILITIES (Windows)”
65
5
Geavanceerde toepassingen
Er zijn verschillende toepassingen beschikbaar om het beste uit uw multifunctionele systeem te halen. De beschikbaarheid
van applicaties verschilt per regio. Neem contact op met uw servicetechnicus of vertegenwoordiger voor meer informatie.
Geavanceerde toepassingen
Toepassingen beschikbaar voor dit multifunctionele systeem
e-BRIDGE Plus for Google
Drive
Door gebruik te maken van Google Drive (de cloudservice van Google), kunt u
scangegevens van dit multifunctionele systeem uploaden naar Google Drive en
een bestand downloaden en afdrukken in Google Drive.
e-BRIDGE Plus for Dropbox Door gebruik te maken van Dropbox (de cloudservice van Dropbox), kunt u
scangegevens uploaden van dit multifunctionele systeem naar Dropbox, en een
bestand downloaden en afdrukken in Dropbox.
e-BRIDGE Plus for OneDrive Door gebruik te maken van OneDrive (de cloudservice van Microso), kunt u
scangegevens van dit multifunctionele systeem uploaden naar OneDrive en een
bestand downloaden en afdrukken in OneDrive.
e-BRIDGE Plus for Box Door het gebruik van Box (de cloudservice van Box), kunt u scangegevens
uploaden van dit multifunctionele systeem naar Box, en kunt u een bestand
downloaden en afdrukken in Box.
e-BRIDGE Plus for USB
Storage / e-BRIDGE Plus
Auto Launcher
U kunt scangegevens opslaan op een USB-medium en een bestand afdrukken op
een USB-medium.
e-BRIDGE Plus for Google
Cloud Print
U kunt printen met Google Cloud Print (de cloudservice van Google).
e-BRIDGE Plus for Green
Information
U kunt de mate van vermindering van het papierverbruik, die bijdraagt aan de
bescherming van het milieu, controleren door het verzamelen, tellen en opslaan
van de tellergegevens van het multifunctionele systeem.
Toepassingen die beschikbaar zijn voor gebruik in een mobiel iOS/Android-apparaat
e-BRIDGE Print and Capture Via een iOS- of Android-terminal kunt u in dit multifunctionele systeem afdrukken
of scannen.
Hoofdstuk 5 INFORMATIE OVER HET MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM
66
Opties
De volgende opties worden afzonderlijk verkocht en verbeteren de prestaties van het multifunctionele systeem. Neem
contact op met uw servicetechnicus of vertegenwoordiger voor meer informatie.
1. Finisher voor rughechten (MJ-1112)
Hiermee kunt u documenten sorteren/groeperen
en nieten, maar ook rughechten en in het
midden vouwen. U kunt ook de perforator
installeren.
2. Finisher (MJ-1111)
Hiermee kunnen documenten gesorteerd/
gegroepeerd en aan elkaar geniet worden. U
kunt ook de perforator installeren.
3. Perforator (MJ-6106 serie)
Hiermee kunt u afgedrukte pagina's van
perforatie voorzien.
4. Extern extra groot papiermagazijn
(MP-2502A/L)
Maakt het plaatsen van tot 2500 vellen (80 g/m2
of 20 lb. Bond) A4- of LT-papier mogelijk.
34
2
1
67
5
Opties
De overige beschikbare opties staan hieronder beschreven. Neem voor meer informatie contact op met uw
onderhoudstechnicus of vertegenwoordiger.
Accessoirelade (GR-1330)
Een lade voor het plaatsen van accessoires.
Wordt onder het bedieningspaneel geïnstalleerd.
Cijfertoetsenbord (GR-1340)
Wordt op het bedieningspaneel geïnstalleerd.
Arm voor toegankelijkheid (KK-2560)
Hiermee kan een rolstoelgebruiker de documentinvoer
dubbelzijde scanner sluiten.
& P.68 “Gebruik van de arm voor toegankelijkheid”
Finisher geleidingsrail (KN-1103)
Van nut wanneer het apparaat wordt geïnstalleerd op
zachte vloeren. Hiermee kunt u een optionele finisher
voor het apparaat gemakkelijk verwijderen/installeren.
Zijdelingse opvangbak (KA-6551-ET)
Voor de opvang van papier dat uit het apparaat komt.
Het maximale laadvermogen van deze bak bedraagt
500 vellen of 60 mm (2,36”) voor 80 g/m2 of 20 lb.
bond.
• Wordt aan de linkerkant van het multifunctionele
systeem geïnstalleerd.
Opbergvak voor bedieningshandleiding
(KK-5008)
Voor het bewaren van de handleiding.
Fax-eenheid (GD-1370)
Hiermee kunt u het apparaat gebruiken als
faxapparaat. U kunt maximaal twee telefoonlijnen
benutten door twee FAX-eenheden te installeren.
Wordt geïnstalleerd in het multifunctionele systeem.
Draadloze LAN-/Bluetooth module (GN-4020)
Hiermee kunt u afdrukken maken via draadloze LAN en
Bluetooth. U kunt ook gebruik maken van een
Bluetooth-toetsenbord.
Wordt geïnstalleerd in het multifunctionele systeem.
Functie voor overschrijven van gegevens
(GP-1070)
Wist tijdelijk opgeslagen gegevens tijdens het kopiëren
of het uitvoeren van een andere bewerking. Tijdelijk
opgeslagen gegevens worden overschreven met
willekeurige gegevens.
Inschakelfunctie voor IPsec (GP-1080)
Hiermee kunt u de IPsec-functie gebruiken.
Hardcopy beveiligingskit (GP-1190)
Hiermee wordt hardcopy afdrukken beveiliging
ingeschakeld en kunt u de informatie over
beveiligingspatronen volgen.
Inschakelfunctie voor Meta Scan (GS-1010)
Hiermee kunt u de Meta scanfunctie gebruiken.
Inschakelfunctie voor externe interface
(GS-1020)
Hiermee kunt u de EWB-functie gebruiken.
Inschakelfunctie voor Unicode-lettertypen
(GS-1007)
Hiermee kunt u afdrukken vanuit de SAP-omgeving
met Unicode lettertype.
Inschakelfunctie voor OCR (GS-1080, GS-1085)
Hiermee kunt u de OCR-functie gebruiken.
Inschakelfunctie voor Multi Station afdruk
(GS-1090, GS-1095)
Hiermee kunt u de Multi Station afdrukfunctie
gebruiken.
Harde schijfkit FIPS (GE-1230)
U kunt harde schijven gebruiken die voldoen aan de
Federal Information Processing Standard (FIPS140)
van de VS.
Afhankelijk van het model zijn sommige opties al geïnstalleerd en beschikbaar.
Sommige opties zijn mogelijk niet beschikbaar in bepaalde regio's.
Hoofdstuk 5 INFORMATIE OVER HET MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM
68
Gebruik van de arm voor toegankelijkheid
Een rolstoelgebruiker kan de documentinvoer dubbelzijde scanner sluiten.
1
Houd de arm voor toegankelijkheid vast.
2
Gebruik de arm voor toegankelijkheid op de
bovenkant van de documentinvoer
dubbelzijde scanner om deze te sluiten.
Bewaar hem in de buurt van het multifunctionele systeem. Wanneer het op het apparaat zelf wordt bewaard,
kies dan een plaats die geen hindernis vormt voor de papiertoevoer, -invoer of vervanging van de toner.
Gebruik dit hulpmiddel uitsluitend voor het sluiten van het apparaat.
Gebruik van de accessoirelade
U kunt een accessoire gebruiken met een gewicht van max. 3 kg, een breedte van max. 236 mm, een
diepte van max. 125 mm en een hoogte van max. 15 mm.
De temperatuur in de accessoirelade kan hoog oplopen, zorg er dus voor dat de accessoires op de lade
voldoen aan de volgende voorwaarden.
Temperatuur: 10 tot 60°C; Vochtigheid: 20 tot 85%
Zorg ervoor dat accessoires niet door het gat in de bodem van de extra lade vallen.
Forceer het bedieningspaneel niet om het apparaat waarop de extra lade is geïnstalleerd te
verplaatsen.
Klem geen kabels tussen het deksel van het apparaat.
De meegeleverde uitbreidingslade is 306 mm breed en 150 mm hoog. Bij het plaatsen van accessoires
op de uitbreidingslade, zet ze vast met de voorziene klittenbandsluiting. Het is raadzaam accessoires
te gebruiken die binnen de grootte van de uitbreidingslade passen.
69
5
Inloggen
Wanneer het apparaat wordt gecontroleerd onder afdelings- of gebruikersbeheer, kunt u kopiëren en andere functies
uitvoeren door als volgt te werk te gaan om in te loggen.
Inloggen
Afdelingsbeheer
Hiermee kunt u gebruikers beperkingen opleggen of door een afzonderlijke groep of afdeling binnen uw
bedrijf gemaakte kopieervolumes beheren. Wanneer het multifunctionele systeem wordt bestuurd met
afdelingscodes, schakel de stroomvoorziening in en voer een code in.
Wanneer de stroomvoorziening wordt ingeschakeld, verschijnt het volgende menu.
Toets een eerder vastgelegde afdelingscode in (max. 63 cijfers) en druk op [OK]. Het menu wordt
geactiveerd en het multifunctionele systeem is gereed voor gebruik.
Als er een verkeerde afdelingscode is ingetoetst, dan schakelt het menu niet om.
Automatische wis-functie:
Zonder op de toets [FUNCTIE WISSEN (FUNCTION CLEAR)] op het bedieningspaneel te drukken, worden alle
instellingen teruggezet naar de standaard waarden. Dit is eectief wanneer een vastgesteld tijdsbestek na
uitvoer van het laatste vel of de laatste druk op een willekeurige toets is verstreken. Wanneer afdelings- of
gebruikersbeheer wordt gebruikt, keert de display terug naar de afdelingscode of het invoermenu voor het
gebruikersbeheer. Wanneer deze niet worden gebruikt, keert de display terug naar het beginscherm.
Bij de installatie is het tijdsbestek standaard ingesteld op 45 seconden. Raadpleeg onderstaande handleiding
voor het wijzigen van de instelling:
& MFP-beheerhandleiding (PDF): “Hoofdstuk 2: ITEMS INSTELLEN (Beheerder)” - “Algemeen
Wanneer verbinding gemaakt wordt met een multifunctioneel systeem waarop afdelings- of
gebruikersbeheer ingeschakeld is met clientsoware, kan het zijn dat u moet inloggen. Vraag uw beheerder
om meer informatie.
Na de bewerking
Om onbevoegd gebruik van de apparatuur te voorkomen, zet de display terug op het invoermenu voor
de afdelingscode door een van de onderstaande procedures te volgen.
Druk op de [TOEGANG (ACCESS)]-toets op het bedieningspaneel.
Druk twee maal op de [FUNCTIE WISSEN (FUNCTION CLEAR)]-toets op het bedieningspaneel.
Hoofdstuk 5 INFORMATIE OVER HET MULTIFUNCTIONELE SYSTEEM
70
Gebruikersbeheer
Hiermee kunt u gebruikers beperken of beschikbare functies en eerdere records voor elke gebruiker
beheren. Wanneer het multifunctionele systeem met deze functie wordt beheerd, moet u de
stroomvoorziening inschakelen en de vereiste informatie invoeren (bijv. gebruikersnaam, wachtwoord).
Volg de onderstaande werkwijze.
Als diverse malen een ongeldig wachtwoord ingegeven wordt, kan gedurende een bepaalde periode niet meer
ingelogd worden omdat dit gezien wordt als ongeautoriseerde toegang.
Als een bericht wordt weergegeven waarin staat dat uw account is vergrendeld, of dat de gebruikersnaam of
het wachtwoord onjuist is, en inloggen niet mogelijk is, neem dan contact op met uw beheerder.
Als in de gebruikersbeheerfunctie gastgebruik is ingeschakeld, wordt op het aanraakscherm [Gast (Guest)]
weergegeven. Druk op [Gast (Guest)] om als gastgebruiker in te loggen. Neem contact op met uw beheerder
voor de typen functies die beschikbaar zijn.
Voer uw pincode in op het aanrakingspaneel (maximaal 32 tekens) wanneer deze verschijnt. Raadpleeg uw
beheerder voor meer informatie.
Selecteer het project wanneer hierom wordt gevraagd. Raadpleeg uw beheerder voor meer informatie.
U kunt informatie over de teller van de gebruiker raadplegen door te drukken op de gebruikersnaam die
bovenaan het beginscherm is weergegeven bij het inloggen. Als u een interne verificatiefuntie gebruikt, kunt
u uw wachtwoord wijzigen.
Na de bewerking
Om onbevoegd gebruik van het apparaat te voorkomen, meld u als volgt af.
1. Voer een van onderstaande bewerkingen uit.
Druk op de [TOEGANG (ACCESS)]-toets op het bedieningspaneel.
Druk twee maal op de [FUNCTIE WISSEN (FUNCTION CLEAR)]-toets op het bedieningspaneel.
2. Selecteer [Ja (Yes)] op het bevestigingsscherm.
71
5
Inloggen
Het menu voor
gebruikersauthenticatie
verschijnt.
Lokale MFP-verificatie (MFP Local
Authentication)
Windows Domeinauthenticatie (Windows
Domain authentication), LDAP-
authenticatie (LDAP Authentication)
De domeinnaam wordt weergegeven in
[Domein (Domain)]. Voor LDAP-
authenticatie wordt de naam van de LDAP-
server weergegeven in [LDAP] in plaats van
[Domein (Domain)].
Als de weergegeven naam van domein
of LDAP server niet de uwe zijn, druk
dan op om de juiste naam te
selecteren.
1
Voer de gebruikersnaam in
(maximaal 128 tekens) en
wachtwoord (maximaal 64
tekens) in druk vervolgens op
[OK].
2
Het apparaat is beschikbaar voor
gebruik.
3
72
MEMO
73
Back-up maken van gegevens
De onderstaande gegevens worden opgeslagen in het interne opslagmedium van het apparaat.
MFP-instelling (MFP Setting)
Gebruikersbeheer (Gebruiker, Groep, Rol, Quotum, Afdelingscode, Template, Adresboek, Projectcode)
Postvak
Beginscherm instelling
Toepassing (Inclusief Licentie)
e-Filing
Gegevens in een gedeelde map
Het is raadzaam om regelmatig een back-up van de gegevens te maken zoals beschreven in de volgende
handleidingen als beveiliging tegen mogelijke onvoorziene omstandigheden. Deze gegevens kunnen
worden gekopieerd naar een USB-opslagapparaat of een externe server verbonden via een netwerk. De
back-upgegevens kunnen worden hersteld met een bewerking vanaf het bedieningspaneel. Als er iets
onduidelijk is of als u meer informatie nodig hee, neem dan contact op met uw servicetechnicus of
vertegenwoordiger.
Omschrijving Handleiding Raadpleeg
1
De functie
gegevensback-up
instellen
TopAccess Guide “Chapter 8: [Administration] Tabblad” -
“[Maintenance] Item list” - “Data Backup
2
Back-up of terugzetten
van gegevens vanaf het
bedieningspaneel
MFP-
beheerhandleiding
“Hoofdstuk 2: ITEMS INSTELLEN (Beheerder)”
- “Gegevensback-up en herstellen instellen”
3Back-up van gegevens in
een gedeelde map
Verkorte
installatiehandleiding
“Hoofdstuk 2: BASISHANDELINGEN” -
“Basishandelingen voor scannen” - Gescande
gegevens van een gedeelde map opslaan op
een Windows-computer” *1
*1 De gegevens opgeslagen op het interne geheugen andere dan die van het apparaat (een door de gebruiker opgegeven
opslagapparaat) zijn niet inbegrepen.
74
INDEX
A
Aanleglijst originelen ............................... 9
Aanraakpaneel .................................... 11
Afdekplaat ......................................... 9
Afdelingsbeheer ................................... 69
Afdrukken ..................................... 40, 58
Alarm lampje ................................... 9, 11
B
Bedieningspaneel ............................... 9, 11
Beginscherm. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13, 24
C
Clientsoware .................................... 63
D
De hoek van het bedieningspaneel verstellen ....... 12
De stroomvoorziening inschakelen ................. 16
Digitale toetsen (Optioneel) ........................ 11
Documentinvoer dubbelzijde scanner ............... 8
Documentlampje .................................. 9
Duplexeenheid ..................................... 8
E
e-Filing ........................................... 38
Energiebesparende stand .......................... 18
Extra groot papierinvoermagazijn .................. 66
F
Fax-eenheid ...................................... 67
Faxen .......................................... 32, 57
Foutcodes ........................................ 55
G
Gebruikersbeheer ................................. 70
GEHEUGEN ONTV. (MEMORY RX) lampje ............ 11
Glasplaat voor originelen ........................... 9
H
Handinvoerlade .................................... 8
Hoofdschakelaar ................................... 9
HOOFD SCHAK. (MAIN POWER) lampje .............. 11
I
Indicator positie pagina ........................... 13
K
Klep duplexeenheid ................................ 8
Kopiëren ...................................... 28, 56
M
Met dit product meegeleverde items ............... 62
N
Netwerkinterface-aansluiting ....................... 8
Nietjescartridge vervangen ........................ 47
O
Omschrijving van de onderdelen .................... 8
Opbergvak voor bedieningshandleiding ............. 8
Opties ............................................ 66
Opvanglade. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9
Overbruggingseenheid ............................. 9
P
Papierformaat indicator ............................ 8
Papierinvoerklep ................................... 8
Papierlade ......................................... 8
Papier plaatsen ................................... 19
Periodieke reiniging ............................... 49
PRINT DATA lampje ................................ 11
[PROGRAMMEERBARE1 (PROGRAMMABLE1)] toets .. 11
[PROGRAMMEERBARE2 (PROGRAMMABLE2)] toets .. 11
S
Scangebied ........................................ 9
Scannen ....................................... 36, 58
Symbolen ........................................ 52
T
Toets Beginscherm instelling (Home Setting) ........ 13
Toets [FUNCTIE WISSEN (FUNCTION CLEAR)] ........ 11
Toets [?] [Help] .................................... 13
Toets [HOME] ..................................... 11
Toets Home gegevens synchroniseren (Home
Data Sync) ........................................ 13
Toets [POWER] .................................... 11
Toets selectie (Recall) .............................. 13
Toets [SPAARSTAND (ENERGY SAVER)] .............. 11
Toets [START] ..................................... 11
Toets Status ...................................... 13
Toets Taakstatus (Job status) ....................... 13
Toets [TOEGANG (ACCESS)] ........................ 11
Toets Volgende (Next) ............................. 13
Tonerafvalbak. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9
Tonerafvalbak vervangen .......................... 46
Tonercartridge .................................. 9, 44
Tonercartridge vervangen ......................... 44
U
Uitschakelen ...................................... 17
USB-aansluiting .................................... 8
USB-poort ......................................... 9
V
Voorklep ........................................... 8
e-STUDIO5516AC/6516AC/7516AC
e-STUDIO5518A/6518A/7518A/8518A
Ver02 F 2019-03
2018, 2019 Toshiba Tec Corporation Alle rechten voorbehouden
Patent; http://www.toshibatec.com/en/patent/
MULTIFUNCTIONELE DIGITALE KLEURENSYSTEMEN /
MULTIFUNCTIONELE DIGITALE SYSTEMEN
Verkorte installatiehandleiding
LEES DIT BOEK
EERST
Verkorte installatiehandleiding
MULTIFUNCTIONELE DIGITALE KLEURENSYSTEMEN /
MULTIFUNCTIONELE DIGITALE SYSTEMEN
1-11-1, OSAKI, SHINAGAWA-KU, TOKYO, 141-8562, JAPAN
69

Hulp nodig? Stel uw vraag in het forum

Spelregels

Misbruik melden

Gebruikershandleiding.com neemt misbruik van zijn services uitermate serieus. U kunt hieronder aangeven waarom deze vraag ongepast is. Wij controleren de vraag en zonodig wordt deze verwijderd.

Product:

Bijvoorbeeld antisemitische inhoud, racistische inhoud, of materiaal dat gewelddadige fysieke handelingen tot gevolg kan hebben.

Bijvoorbeeld een creditcardnummer, een persoonlijk identificatienummer, of een geheim adres. E-mailadressen en volledige namen worden niet als privégegevens beschouwd.

Spelregels forum

Om tot zinvolle vragen te komen hanteren wij de volgende spelregels:

Belangrijk! Als er een antwoord wordt gegeven op uw vraag, dan is het voor de gever van het antwoord nuttig om te weten als u er wel (of niet) mee geholpen bent! Wij vragen u dus ook te reageren op een antwoord.

Belangrijk! Antwoorden worden ook per e-mail naar abonnees gestuurd. Laat uw emailadres achter op deze site, zodat u op de hoogte blijft. U krijgt dan ook andere vragen en antwoorden te zien.

Abonneren

Abonneer u voor het ontvangen van emails voor uw Toshiba e-STUDIO 7516AC bij:


U ontvangt een email met instructies om u voor één of beide opties in te schrijven.


Ontvang uw handleiding per email

Vul uw emailadres in en ontvang de handleiding van Toshiba e-STUDIO 7516AC in de taal/talen: Nederlands als bijlage per email.

De handleiding is 14.04 mb groot.

 

U ontvangt de handleiding per email binnen enkele minuten. Als u geen email heeft ontvangen, dan heeft u waarschijnlijk een verkeerd emailadres ingevuld of is uw mailbox te vol. Daarnaast kan het zijn dat uw internetprovider een maximum heeft aan de grootte per email. Omdat hier een handleiding wordt meegestuurd, kan het voorkomen dat de email groter is dan toegestaan bij uw provider.

Stel vragen via chat aan uw handleiding

Stel uw vraag over deze PDF

Andere handleiding(en) van Toshiba e-STUDIO 7516AC

Toshiba e-STUDIO 7516AC Gebruiksaanwijzing - Nederlands - 136 pagina's

Toshiba e-STUDIO 7516AC Gebruiksaanwijzing - Deutsch - 184 pagina's


Uw handleiding is per email verstuurd. Controleer uw email

Als u niet binnen een kwartier uw email met handleiding ontvangen heeft, kan het zijn dat u een verkeerd emailadres heeft ingevuld of dat uw emailprovider een maximum grootte per email heeft ingesteld die kleiner is dan de grootte van de handleiding.

Er is een email naar u verstuurd om uw inschrijving definitief te maken.

Controleer uw email en volg de aanwijzingen op om uw inschrijving definitief te maken

U heeft geen emailadres opgegeven

Als u de handleiding per email wilt ontvangen, vul dan een geldig emailadres in.

Uw vraag is op deze pagina toegevoegd

Wilt u een email ontvangen bij een antwoord en/of nieuwe vragen? Vul dan hier uw emailadres in.



Info