606882
70
Verklein
Vergroot
Pagina terug
1/72
Pagina verder
Meteodata 140 basic weerstation
Meteodata basic 140 weerstation
Meteodata 140 1409205
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 1 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Inhoudsopgave
1 Functionele eigenschappen .............................................................................................. 3
1.1 Bijzonderheden ......................................................................................................... 3
1.2 Belangrijke aanwijzingen ........................................................................................ 4
2 Technische gegevens ......................................................................................................... 5
3 Het toepassingsprogramma „Meteodata 140 basic V1.0“ .............................................. 6
3.1 Keuze in de productdatabase .................................................................................. 6
3.2 Communicatieobjecten ............................................................................................ 7
3.2.1 Beschrijving van de objecten ............................................................................... 21
3.3 Parameters .............................................................................................................. 31
3.3.1 Parameterpagina’s ................................................................................................ 31
3.3.2 Parameterbeschrijving .......................................................................................... 32
4 Bijlage .............................................................................................................................. 62
4.1 Lichtintensiteitsensors ........................................................................................... 62
4.2 Azimut en beweging van de zon ............................................................................ 63
4.3 Elevatie .................................................................................................................... 64
4.4 Gevelrichting ........................................................................................................... 65
4.5 Zonweringsbereik ................................................................................................... 66
4.6 Voorbeelden voor het bepalen van het zonweringsbereik .................................. 67
4.6.1 Asymmetrisch zonweringsbereik ......................................................................... 68
4.6.2 Eenzijdige zonweringsbereik in de linker zone .................................................... 69
4.6.3 Eenzijdige zonweringsbereik in de rechter zone .................................................. 70
4.7 Speciaal geval: plaats ten zuiden van de noorderkeerkring ............................... 71
4.8 De Beaufort-windschaal ......................................................................................... 72
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 2 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
1 Functionele eigenschappen
Het weerstation detecteert temperatuur, lichtsterkte uit 3 richtingen en windsnelheid.
De gemeten waarden kunnen naar de bus worden gezonden.
Het weerstation beschikt over de volgende kanaaltypes:
10 universele kanalen voor wind, regen, temperatuur en lichtsterkte
3 zonweringskanalen
4 drempelwaardekanlen met procent, EIS5 , 8- en 16-bits waarde)
6 logische kanelen (EN, OF, XOR)
In de bijlage vindt u een gedetailleerde beschrijving van de kanaaltypes.
1.1 Bijzonderheden
Zonweringsbereik zowel horizontaal (Azimut) als verticaal (Elevation) op de graad
nauwkeurig instelbaar.
3 ingebouwde lichtsterktesensoren op 90° afstand.
2 objecten voor externe lichtsterktesensoren.
Het schaduweffect kan per object tijdelijk worden onderbroken.
Universele kanalen met EN/OF-verbinding van de weersgrootheden.
Drempelwaardekanalen met vertraging bij over- en onderschrijden.
Logische kanalen met 4 ingangsobjecten + interne verbinding met status van de universele en
drempelwaardekanalen configureerbaar.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 3 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
1.2 Belangrijke aanwijzingen
Omdat de inschakelduur van de zonwerings- en blinderingssystemen (jaloezieën, rolluiken,
etc.) meerdere minuten kan bedragen, zijn deze bij plotselinge windvlagen niet direct
beschermd.
Daarom moet de door fabrikant aangegeven, mximaal toestane windsnelheid bij het
parametreren van de winddrempel in acht worden genomen en moet de drempel
veiligheidshalve lager worden ingesteld.
Als de wind frontaal op de gevel staat, kan zich een luchtophopingsplaats vormen waarin de
aanwezige windsnelheid duidelijk lager kan liggen dan de werkelijke windsterkte.
Daarom zal de Meteodata 140 ook alleen de direct op de montageplaats aanwezige
windsnelheid kunnen meten.
Daarmee moet rekening worden gehouden bij het instellen van de winddrempel bij gevels die
vaak frontaal aan de wind zijn blootgesteld.
Dit probleem kan met een mastmontage worden verholpen.
Temperatuurmeting: Normaal gesproken worden temperaturen in de schaduw gemeten.
Het weerstation wordt echter meestal op plaatsen met zoninstraling gemonteerd.
Door deze zoninstraling kan de gemeten temperatuur ver boven de temperatuur in de schaduw
liggen.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 4 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
2 Technische gegevens
Bedrijfsspanning KNX
21-32 V DC /
10 mA
Soort montage Wand resp. mastbevestiging
Afmetingen (H x B x D) 84 x 121x 227 mm
Aansluittype KNX-busklem
Max. kabeldiameter 1,5 mm
2
Omgevingstemperatuur -20 °C … +55 °C
Beschermingsgraad IP 44 volgens EN 60529
Beschermingsklasse III
Meetbereiken
Lichtsterkte 1..100000 Lux
Temperatuur -30..60 °C
Wind 2 - 30 m/s
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 5 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3 Het toepassingsprogramma
„Meteodata 140 basic V1.0“
3.1 Keuze in de productdatabase
Fabrikant
Productfamilie
Producttype
Programmanaam
De ETS-database vindt u op onze downloadsite: www.theben.de/en/downloads_en
Tabel 1
Aantal communicatieobjecten:
146
Aantal groepsadressen:
254
Aantal toewijzingen:
255
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 6 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.2 Communicatieobjecten
Tabel 2
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
0 Lichtsterkte voor
Fysieke waarde
2 bytes
9.004
K L - Ü
1 Lichtsterkte links
Fysieke waarde
2 bytes
9.004
K L - Ü
2 Lichtsterkte rechts
Fysieke waarde
2 bytes
9.004
K L - Ü
3 Maximale lichtsterkte
Fysieke waarde
2 bytes
9.004
K L - Ü
4 Temperatuurwaarde
Fysieke waarde
2 bytes
9.001
K L - Ü
5
Windsnelheid (m/s)
Fysieke waarde
2 bytes
9.005
K L - Ü
Windsnelheid (km/h)
2 bytes
9.005
K L - Ü
Windsnelheid (Bft)
1 byte
20.014
K L - Ü
6
onb.
7
onb.
8 onb.
9 onb.
10 onb.
11
onb.
12 Elevation
0° = horizont
4 byte
14.007
K L - Ü
13 Azimut
N=0°, E=90°, S=180°,
W=270°
4 byte
14.007
K L - Ü
14
onb.
15
Temperatursensor status
0=OK, 1=defect
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
16
onb.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 7 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
17
onb.
18 Externe luxwaarde 1
ontvangen
2 bytes
9.004
K L S -
19 Externe luxwaarde 2
ontvangen
2 bytes
9.004
K L S -
20 C1.1 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
21 C1.2 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
22 C1 Blokkeren
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
23 C1 Lichtsterktedrempel
vooraf instellen/opvragen
2 bytes
9.004
K L S Ü
opvragen
2 bytes
9.004
K L - Ü
24 C2.1 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
25 C2.2 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
26 C2 Blokkeren
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
27 C2 Lichtsterktedrempel
vooraf instellen/opvragen
2 bytes
9.004
K L S Ü
opvragen
2 bytes
9.004
K L - Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 8 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
28 C3.1 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
29 C3.2 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
30 C3 Blokkeren
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
31 C3 Lichtsterktedrempel
vooraf instellen/opvragen
2 bytes
9.004
K L S Ü
opvragen
2 bytes
9.004
K L - Ü
32 C4.1 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
33 C4.2 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
34 C4 Blokkeren
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
35 C4 Lichtsterktedrempel
opvragen
2 bytes
9.004
K L - Ü
vooraf instellen/opvragen
2 bytes
9.004
K L S Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 9 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
36 C5.1 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
37 C5.2 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
38 C5 Blokkeren
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
39 C5 Lichtsterktedrempel
vooraf instellen/opvragen
2 bytes
9.004
K L S Ü
opvragen
2 bytes
9.004
K L - Ü
40 C6.1 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
41 C6.2 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
42 C6 Blokkeren
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
43 C6 Lichtsterktedrempel
vooraf instellen/opvragen
2 bytes
9.004
K L S Ü
opvragen
2 bytes
9.004
K L - Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 10 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
44
C7.1 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
45 C7.2 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
46 C7 Blokkeren
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
47 C7 Lichtsterktedrempel
vooraf instellen/opvragen
2 bytes
9.004
K L S Ü
opvragen
2 bytes
9.004
K L - Ü
48 C8.1 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
49 C8.2 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
50 C8 Blokkeren
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
51 C8 Lichtsterktedrempel
vooraf instellen/opvragen
2 bytes
9.004
K L S Ü
opvragen
2 bytes
9.004
K L - Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 11 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
52 C9.1 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
53 C9.2 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
54 C9 Blokkeren
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
55 C9 Lichtsterktedrempel
vooraf instellen/opvragen
2 bytes
9.004
K L S Ü
opvragen
2 bytes
9.004
K L - Ü
56 C10.1 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
57 C10.2 universeel kanaal
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
58 C10 Blokkeren
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
59 C10 Lichtsterktedrempel
opvragen
2 bytes
9.004
K L - Ü
vooraf instellen/opvragen
2 bytes
9.004
K L S Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 12 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
60 C11 omhoog/omlaag
Aandrijvingen omhoog/omlaag
1 bit
1.008
K - - Ü
61
C11 Rolluik
Hoogte
1 byte
5.001
K L - Ü
C11 Jaloezie
Hoogte
1 byte
5.001
K L - Ü
C11 scène
zenden
1 byte
5.001
K L - Ü
62 C11 Lamellen
Positie
1 byte
5.001
K L - Ü
63
C11 Zonneautomaat
Ochtend=1 / Avond=0
1 bit 1.001
K
L
S
-
64
C11 Schaduweffect onderbreken
ontvangen
1 bit 1.001
K
L
S
-
65
C11 Veiligheid
ingang
1 bit 1.001
K
L
S
-
66 C11 Schemerdrempel
zenden / ontvangen
2 bytes
9.004
K L S Ü
67 C11 Lichtsterktedrempel
zenden / ontvangen
2 bytes
9.004
K L S Ü
68
C12 omhoog/omlaag
Aandrijvingen omhoog/omlaag
1 bit 1.001
K
-
-
Ü
69
C12 scène
zenden
1 byte
18.001
K L - Ü
C12 Jaloezie
Hoogte
1 byte
5.001
K L - Ü
C12 Rolluik
Hoogte
1 byte
5.001
K L - Ü
70 C12 Lamellen
Positie
1 byte
5.001
K L - Ü
71
C12 Zonneautomaat
Ochtend=1 / Avond=0
1 bit 1.001
K
L
S
-
72
C12 Schaduweffect onderbreken
ontvangen
1 bit 1.001
K
L
S
-
73
C12 Veiligheid
ingang
1 bit 1.001
K
L
S
-
74 C12 Schemerdrempel
zenden / ontvangen
2 bytes
9.004
K L S Ü
75 C12 Lichtsterktedrempel
zenden / ontvangen
2 bytes
9.004
K L S Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 13 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
76
C13 omhoog/omlaag
Aandrijvingen omhoog/omlaag
1 bit 1.001
K
-
-
Ü
77
C13 Jaloezie
Hoogte
1 byte
5.001
K L - Ü
C13 Rolluik
Hoogte
1 byte
5.001
K L - Ü
C13 scène
zenden
1 byte
18.001
K L - Ü
78 C13 Lamellen
Positie
1 byte
5.001
K L - Ü
79
C13 Zonneautomaat
Ochtend=1 / Avond=0
1 bit 1.001
K
L
S
-
80
C13 Schaduweffect onderbreken
ontvangen
1 bit 1.001
K
L
S
-
81
C13 Veiligheid
ingang
1 bit 1.001
K
L
S
-
82 C13 Schemerdrempel
zenden / ontvangen
2 bytes
9.004
K L S Ü
83 C13 Lichtsterktedrempel
zenden / ontvangen
2 bytes
9.004
K L S Ü
84
C14 ingang
drempelwaardeschakelaar
0..65535
2 bytes
7.001
K L S -
EIS 5
2 bytes
9.*
K L S -
Procent
1 byte
5.001
K L S -
0..255
1 byte
5.010
K L S -
85 C14 Blokkeren
Blokkeren = 1
1 bit 1.001
K
L
S
-
Blokkeren = 0
1 bit 1.001
K
L
S
-
86
C14.1 drempelwaardeschakelaar
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
87 C14.2 drempelwaardeschakelaar
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 14 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
88
C15 ingang
drempelwaardeschakelaar
0..65535
2 bytes
7.001
K L S -
EIS 5
2 bytes
9.*
K L S -
Procent
1 byte
5.001
K L S -
0..255
1 byte
5.010
K L S -
89 C15 Blokkeren
Blokkeren = 0
1 bit
1.001
K L S -
Blokkeren = 1
1 bit
1.001
K L S -
90 C15.1 drempelwaardeschakelaar
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
91 C15.2 drempelwaardeschakelaar
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
92
C16 ingang
drempelwaardeschakelaar
0..65535
2 bytes
7.001
K L S -
EIS 5
2 bytes
9.*
K L S -
Procent
1 byte
5.001
K L S -
0..255
1 byte
5.010
K L S -
93 C16 Blokkeren
Blokkeren = 1
1 bit
1.001
K L S -
Blokkeren = 0
1 bit
1.001
K L S -
94 C16.1 drempelwaardeschakelaar
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 15 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
95 C16.2 drempelwaardeschakelaar
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
96
C17 ingang
drempelwaardeschakelaar
0..65535
2 bytes
7.001
K L S -
EIS 5
2 bytes
9.*
K L S -
Procent
1 byte
5.001
K L S -
0..255
1 byte
5.010
K L S -
97 C17 Blokkeren
Blokkeren = 0
1 bit
1.001
K L S -
Blokkeren = 1
1 bit
1.001
K L S -
98 C17.1 drempelwaardeschakelaar
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
99 C17.2 drempelwaardeschakelaar
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 16 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
100
C18 Logische module
Logische ingang 1 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
101
Logische ingang 2 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
102
Logische ingang 3 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
103
Logische ingang 4 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
104 C18 Logische module
Blokkeren = 0
1 bit
1.001
K L S -
Blokkeren = 1
1 bit
1.001
K L S -
105 C18.1 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
106 C18.2 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
107
C19 Logische module
Logische ingang 1 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
108
Logische ingang 2 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
109
Logische ingang 3 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
110
Logische ingang 4 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
111 C19 Logische module
Blokkeren = 0
1 bit
1.001
K L S -
Blokkeren = 1
1 bit
1.001
K L S -
112 C19.1 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 17 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
113 C19.2 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
114
C20 Logische module
Logische ingang 1 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
115
Logische ingang 2 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
116
Logische ingang 3 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
117
Logische ingang 4 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
118 C20 Logische module
Blokkeren = 1
1 bit
1.001
K L S -
Blokkeren = 0
1 bit
1.001
K L S -
119 C20.1 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
120 C20.2 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
121
C21 Logische module
Logische ingang 1 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
122
Logische ingang 2 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
123
Logische ingang 3 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
124
Logische ingang 4 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
125 C21 Logische module
Blokkeren = 0
1 bit
1.001
K L S -
Blokkeren = 1
1 bit
1.001
K L S -
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 18 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
126 C21.1 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
127 C21.2 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
128
C22 Logische module
Logische ingang 1 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
129
Logische ingang 2 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
130
Logische ingang 3 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
131
Logische ingang 4 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
132 C22 Logische module
Blokkeren = 1
1 bit
1.001
K L S -
Blokkeren = 0
1 bit
1.001
K L S -
133 C22.1 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
134 C22.2 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 19 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Nr. Objectnaam
Functie
Type
DPT
Flags
135
C23 Logische module
Logische ingang 1 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
136
Logische ingang 2 in EN- / OF-
/XOR-poort
1 bit
1.001
K L S -
137
Logische ingang 3 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
138
Logische ingang 4 in EN- / OF-
poort
1 bit
1.001
K L S -
139 C23 Logische module
Blokkeren = 0
1 bit
1.001
K L S -
Blokkeren = 1
1 bit
1.001
K L S -
140 C23.1 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
141 C23.2 Logische module
schakelen
1 bit 1.001
K
L
-
Ü
Indicator
1 byte
5.010
K L - Ü
prioriteit
2 bit
2.001
K L - Ü
142
onb.
143
onb.
144
onb.
145
onb.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 20 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.2.1 Beschrijving van de objecten
3.2.1.1 Fysische waarden
Object 0Lichtsterkte voor
Zendt de huidige lichtsterkte van de voorste lichtsterktesensor.
Alleen de waarde die door de ingebouwde sensor wordt gemeten, wordt gezonden.
Met ontvangen externe lichtsterktes wordt geen rekening gehouden.
Object 1Lichtsterkte links
Zendt de huidige lichsterkte van de linker lichtsterktesensor (als men vanaf de voorkant naar het
apparaat kijkt).
Met ontvangen externe lichtsterktes wordt geen rekening gehouden.
Object 2Lichtsterkte rechts
Zendt de huidige lichsterkte van de rechter lichtsterktesensor (als men vanaf de voorkant naar het
apparaat kijkt).
Met ontvangen externe lichtsterktes wordt geen rekening gehouden.
Object 3 „Maximale lichtstserkte“
Meldt de hoogste meetwaarde van object 0, 1 en 2.
Met ontvangen externe lichtsterktes wordt geen rekening gehouden.
Object 4 „Temperatuurwaarde“
Zendt de huidige temperatuurwaarde; afhankelijk van de parametrering bij wijziging
en/of cyclisch.
Object 5Windsnelheid
Zendt de huidige windsnelheid; afhankelijk van de parametrering bij wijziging
en/of cyclisch.
De gebruikte eenheid, d.w.z. m/s of km/h, Beaufort kan op de parameterpagina Meetwaarden worden
geselecteerd.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 21 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Object 6
Niet gebruikt.
Object 7
Niet gebruikt.
Object 8
Niet gebruikt.
Object 9
Niet gebruikt.
Object 10
Niet gebruikt.
Object 11
Niet gebruikt.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 22 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Object 12 „Elevation“
Hoogte van de zon boven de horizon.
0° komt overeen met de zon op het laagste punt aan de horizon (zonsop- resp. ondergang).
De werkelijke Elevation is afhankelijk van de breedtegraad en de datum en tijd.
Object 13 „Azimut“
Horizontale hoek van de zon naar alle hemelsrichtingen.
0° = Noord
90° = Oost
180° = Zuid
270° = West
Object 14
Niet gebruikt.
Object 15 „Temperatuursensor status“
0 = Sensor OK.
1 = Fout.
Object 16
Niet gebruikt.
Object 17
Niet gebruikt.
Object 18 „Externe luxwaarde 1“
Ontvangt van een andere KNX-sensor (bijv. Luna 133 KNX best.nr. 1339200) de lichtsterkte van een
andere gevel.
Object 19 „Externe luxwaarde 2“
Ontvangt van een andere KNX-sensor (bijv. Luna 133 KNX best.nr. 1339200) de lichtsterkte van een
andere gevel.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 23 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.2.1.2 Universele kanalen C1..C10
Object 20 „C1.1 Universeel kanaal, schakelen / indicator / prioriteit“
Dit is het eerste uitgangsobject van een universeel kanaal
De functie van het object hangt af van de geselecteerde telegramsoort
(zie Parameterpagina Objecten, Parameter Telegramsoort C1.1).
Tabel 3
Telegramsoort
Formaat
Gezonden telegrammen
Schakelen
DPT 1.001
(AAN/UIT)
AAN / UIT
prioriteit
DPT 2.001
(priority
control)
2-bits telegram:
Functie
Waarde
geen prioriteit (no control)
0
Prioriteit UIT (control: disable, off)
2
Prioriteit AAN (control: enable, on)
3
Waarde
DPT 5.010
Waarde tussen 0 en 255
Object 21 „C1.2 Universeel kanaal, schakelen / indicator / prioriteit“
Dit is het tweede uitgangsobject van een universeel kanaal
De functie van het object hangt af van de geselecteerde telegramsoort
(zie Parameterpagina Objecten, Parameter Telegramsoort C1.2).
Het soort telegram kan onafhankelijk van het 1e uitgangsobject worden geparametreerd.
Daarvoor zijn dezelfde instelmogelijkheden aanwezig als bij het 1e uitgangsobject
(zie tabel hierboven bij Obj. 20).
De cyclustijd en de blokkeerreactie gelden voor beide telegrammen gezamenlijk (Obj. 20 + 21).
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 24 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Object 22 „C1 blokkeren
Alleen aanwezig als de blokkeringsfunctie is geactiveerd.
De reactie bij inschakelen/opheffen van de blokkering en de werkingsrichting kunnen op de
parameterpagina Objecten worden geselecteerd.
Object 23 „C1 Lichtsterktedrempel“
Alleen aanwezig als het kanaal als lichtsterktesensor of als verbinding van meerdere sensoren is
geparametreerd.
Met dit object kan de geparametreerde lichtsterktedrempel van het kanaal altijd per bustelegram
worden gewijzigd.
Objecten 24..59
De objecten 24 t/m 59 zijn voor de universele kanalen C2..C10 en zijn qua functie identiek aan de
objecten van kanaal C1.
3.2.1.3 Zonweringskanalen C11..C13
Object 60 „C11 omhoog/omlaag“
Dit object dient voor het volledig openen of sluiten van de zonweringen.
0 = Omhoog bewegen
1 = Omlaag bewegen
Object 61 „C11 Rolluik/jaloezie hoogte, scènes zenden
De functie van dit object is afhankelijk van de parameter Kanaal stuurt op de parameterpagina
Zonwerkingskanaal C11.
Tabel 4
Kanaal stuurt
Object zendt
Rolluik
Hoogtetelegram in %
Via scènes
Scènenummer 1..64
Jaloezie
Hoogtetelegram in %
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 25 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Object 62 „C11 Lamellen“
Zendt de vereiste lamellenpositie van 0% tot 100% in stappen van 1%, naar de
jaloezieactor.
Object 63 „C11 Zonneautomaat“
Dit object is alleen aanwezig als op de parameterpagina Zonneautomaat de activering van de
zonneautomaat „via object“ werd geselecteerd.
Een 1 naar het object activeert de zonneautomaat en het weerstation zendt de benodigde hoogte- en
positietelegrammen naar de actor.
Met een 0 wordt de zonneautomaat gedeactiveerd en de aandrijvingen worden niet meer door het
weerstation gestuurd.
Object 64 „C11 Schaduweffect onderbreken“
Deze functie is alleen actief als zich de zon in het vooraf bepaalde zonweringsbereik bevindt.
Tabel 5
Kanaal stuurt
Reactie
Rolluik
Rolluik gaat helemaal omhoog.
Via scènes
Geparametreerd scènenummer voor schaduwvormingspauze wordt gezonden
Jaloezie
Berekening van de lamellenpositie
Reactie
Automatisch via lamellenmaten
Geparametreerde lamellenpositie
voor schaduwvormingspauze wordt
gezonden
Eigen waarden toewijzen
Geparametreerde waarden voor
schaduwvormingspauze worden
gezonden.
Opmerking: Veiligheid heeft prioriteit boven schaduwvormingspauze.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 26 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Object 65 „C11 Veiligheid“
Wordt veiligheid ingeschakeld (= 1), dan zenden de 2 objecten C11 Hoogte en C11 Lamellen van het
betreffende kanaal niet meer.
De reactie op veiligheidsbegin kan in de actor worden geregeld.
Bij het opheffen van de veiligheid (= 0):
Overdag: Na afloop van de vertragingstimer wordt de huidige kanaaltoestand opnieuw gezonden. De
actor krijgt daardoor na veiligheidseinde van het weerstation de nieuwe instellingen toegestuurd.
's nachts gelden de parameters "Reactie op avondscherming“ ofReactie op zonneautomaat UIT
afhankelijk van de instelling (Activering van de zonneautomaat via
object of Schemerdrempel).
Object 66 „C11 Schemerdrempel“
Met dit object kan de geparametreerde schemerdrempel van het kanaal altijd per bustelegram worden
gewijzigd.
Object 67 „C11 Lichtsterktedrempel“
Met dit object kan de geparametreerde lichtsterktedrempel van het kanaal altijd per bustelegram
worden gewijzigd.
Objecten 68..83
De objecten 68 t/m 83 zijn voor de zonweringskanalen C12 / C13 en zijn qua functie identiek aan de
objecten van kanaal C11.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 27 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.2.1.4 Drempelwaardeschakelaar C14..C17
Object 84 „C14 Ingang drempelwaardeschakelaar“
Ingangsobject van het kanaal; met dit object wordt de ingestelde kanaalfunctie geactiveerd.
Tabel 6
Type drempelwaardeobject
Kanaalfunctie activeren door
objecttype: procent (DPT5.001)
Overschrijding percentage
Objecttype: tellerstand 0..255 (DPT
5.010)
Willekeurige waarde in het aangegeven
getallenbereik
objecttype: tellerstand 0..65535 (DPT
7.001)
Objecttype: EIS5 bijv. CO2, lichtsterkte
(DPT 9.xxx)
2 bytes drijvende-kommagetal
Object 85 „C14 blokkeren“
Blokkeringsobject van het kanaal.
Alleen zichtbaar als de blokkeringsfunctie geactiveerd is.
De werkingsrichting (blokkeren met 0 of 1) kan per parameter worden ingesteld.
Object 86 „C14.1 Drempelwaardeschakelaar, schakelen / indicator / prioriteit“
Dit is het eerste uitgangsobject van de drempelwaardeschakelaar.
De functie van het object hangt af van de geselecteerde telegramsoort
(zie parameterpagina Objecten, Parameters Telegramsoort C14.1).
Tabel 7
Telegramsoort
Formaat
Gezonden telegrammen
Schakelen
DPT 1.001
(AAN/UIT)
AAN / UIT
prioriteit
DPT 2.001
(priority
control)
2-bits telegram:
Functie
Waarde
geen prioriteit (no control)
0
Prioriteit UIT (control: disable, off)
2
Prioriteit AAN (control: enable, on)
3
Waarde
DPT 5.010
Waarde tussen 0 en 255
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 28 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Object 87 „C14.2 Drempelwaardeschakelaar, schakelen / indicator / prioriteit“
Dit is het tweede uitgangsobject van de drempelwaardeschakelaar
De functie van het object hangt af van de geselecteerde telegramsoort
(zie parameterpagina Objecten, Parameters Telegramsoort C14.2).
Het soort telegram kan onafhankelijk van het 1e uitgangsobject worden geparametreerd.
Daarvoor zijn dezelfde instelmogelijkheden aanwezig als bij het 1e uitgangsobject
(zie tabel hierboven bij obj. 86).
De cyclustijd en de blokkeerreactie zijn voor beide objecten (obj. 86 + 87) samen geldig.
Objecten 88..99
De objecten 88 t/m 99 zijn voor de drempelwaardeschakelaars C15 / C17 en zijn qua functie identiek
aan de objecten van kanaal C14.
3.2.1.5 Logische modules C18..C23
Object 100 „C18 Logische module, logische ingang 1 in EN- / OF- /XOR-poort“
Eerste ingangsobject van de logische module.
Object 101 „C18 Logische module, logische ingang 2 in EN- / OF- /XOR-poort“
Tweede ingangsobject van de logische module.
Object 102 „C18 Logische module, logische ingang 3 in EN- / OF-poort“
Derde ingangsobject van de logische module.
Wordt bij XOR-verbinding niet gebruikt.
Object 103 „C18 Logische module, logische ingang 4 in EN- / OF-poort“
Vierde ingangsobject van de logische module.
Wordt bij XOR-verbinding niet gebruikt.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 29 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Object 104 „C18 Logische module, blokkeren“
Blokkeringsobject van het kanaal.
Alleen zichtbaar als de blokkeringsfunctie geactiveerd is.
De werkingsrichting (blokkeren met 0 of 1) kan per parameter worden ingesteld.
Object 105 „C18.1 Logische module, schakelen / indicator / prioriteit“
Dit is het eerste uitgangsobject van de logische module.
De functie van het object hangt af van de geselecteerde telegramsoort
(zie parameterpagina Objecten, Parameters Telegramsoort C18.1).
Tabel 8
Telegramsoort
Formaat
Gezonden telegrammen
Schakelen
DPT 1.001
(AAN/UIT)
AAN / UIT
prioriteit
DPT 2.001
(priority
control)
2-bits telegram:
Functie
Waarde
geen prioriteit (no control)
0
Prioriteit UIT (control: disable, off)
2
Prioriteit AAN (control: enable, on)
3
Waarde
DPT 5.010
Waarde tussen 0 en 255
Object 106 „C18.2 Logische module, schakelen / indicator / prioriteit“
Dit is het tweede uitgangsobject van de logische module
De functie van het object hangt af van de geselecteerde telegramsoort
(zie parameterpagina Objecten, Parameters Telegramsoort C18.2).
Het soort telegram kan onafhankelijk van het 1e uitgangsobject worden geparametreerd.
Daarvoor zijn dezelfde instelmogelijkheden aanwezig als bij het 1e uitgangsobject
(zie tabel hierboven bij obj. 105).
De cyclustijd en de blokkeerreactie zijn voor beide objecten (obj. 86 + 87) samen geldig.
Objecten 107..141
De objecten 107 t/m 141 zijn voor de logische modules C19 / C23 en zijn qua functie identiek aan de
objecten van kanaal C18.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 30 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3 Parameters
3.3.1 Parameterpagina’s
Tabel 9
Functie
Beschrijving
Algemeen
Keuze van de benodigde kanalen en handmatige invoer van
de positie
Meetwaarden
Instellingen voor het zenden van lichtsterkte, temperatuur,
wind, zonnestand.
Universeel kanaal C1: Functie
..
Universeel kanaal C10: Functie
Basisinstellingen, vertragingen, reactie na downloaden etc.
Objecten*
Telegramsoort schakel- en blokkeerreactie etc.
Zonweringskanaal C11
Zonweringskanaal C12
Zonweringskanaal C13
Basisinstellingen voor de zonweringsfuncties.
Objecttype, volgen van de zonnestand activeren,
lichtsterktedrempel, vertragingen etc.
Zonneautomaat*
Soort activering en reactie bij zonneautomaat AAN/UIT.
Veiligheid*
Reactie bij veiligheidstelegram.
Drempelwaardekanaal C14: Functie
..
Drempelwaardekanaal C17: Functie
Soort drempelwaardeobject, vertragingen etc.
Objecten*
Telegramsoort schakel- en blokkeerreactie etc.
Logisch kanaal C18: Functie
..
Logisch kanaal C23: Functie
Aantal ingangen, verbinding etc.
Objecten*
Telegramsoort schakel- en blokkeerreactie etc.
* Eigen parameterpagina voor elk kanaal.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 31 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2 Parameterbeschrijving
Instellingen die leiden tot de weergave van overige pagina's resp. functies zijn met .. gekenmerkt.
Voorbeeld: ja../nee
3.3.2.1 De parameterpagina „Algemeen
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Universeel kanaal C1
activeren
Nee
Ja..
De universele kanalen kunnen op basis
van een of meerdere fysieke
meetwaarden telegrammen activeren.
Universeel kanaal C2
activeren
Nee
Ja..
Universeel kanaal C3
activeren
Nee
Ja..
Universeel kanaal C4
activeren
Nee
Ja..
Universeel kanaal C5
activeren
Nee
Ja..
Universeel kanaal C6
activeren
Nee
Ja..
Universeel kanaal C7
activeren
Nee
Ja..
Universeel kanaal C8
activeren
Nee
Ja..
Universeel kanaal C9
activeren
Nee
Ja..
Universeel kanaal C10
activeren
Nee
Ja..
Zonweringskanaal C11
activeren
Nee
Ja..
3 zonweringskanalen voor de regeling
van markiezen, jaloezieën, rolluiken etc.
Zonweringskanaal C12
activeren
Nee
Ja..
Zonweringskanaal C13
activeren
Nee
Ja..
Drempelwaardekanaal
C14 activeren
Nee
Ja..
Drempelwaardekanalen schakelen op
basis van ontvangen bustelegrammen
afhankelijk van of een waarde is
overschreden of onderschreden.
Drempelwaardekanaal
C15 activeren
Nee
Ja..
Drempelwaardekanaal
C16 activeren
Nee
Ja..
Drempelwaardekanaal
C17 activeren
Nee
Ja..
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 32 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Logisch kanaal C18
activeren
Nee
Ja..
Logische kanalen maken de verbinding
van telkens max. 4 ingangsgrootheden
mogelijk.
Deze kunnen zowel specifieke logische
ingangsobjecten (max. 4) als de
schakeltoestanden van de anderen
kanalen (universele, drempelwaarde-
resp. logische kanalen) zijn.
Logisch kanaal C19
activeren
Nee
Ja..
Logisch kanaal C20
activeren
Nee
Ja..
Logisch kanaal C21
activeren
Nee
Ja..
Logisch kanaal C22
activeren
Nee
Ja..
Logisch kanaal C23
activeren
Nee
Ja..
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 33 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2.2 De parameterpagina „Meetwaarden
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Lichtsterkte zenden bij
verandering
nee
Alleen cyclisch zenden (mits
vrijgegeven)
van 20 %, ten minste echter 1 lx
van 30 %, ten minste echter 1 lx
van 50 %, ten minste echter 1 lx
van 10 %, ten minste echter 1 lx
Zenden als de waarde sinds de laatste
zending met 10%, 20% etc. is
veranderd
Komt overeen met een verandering van
bijv. 10% van een verandering van de
lichtsterkte < 1 lx,
wordt dus pas vanaf een verandering
>1 lx gezonden.
Lichtsterkte cycl. zenden
niet cyclisch zenden
elke min
elke 2 min
elke 3 min
elke 5 min
elke 10 min
elke 15 min
elke 20 min
elke 30 min
elke 45 min
elke 60 min
Hoe vaak moet de actuele lichtsterkte
opnieuw worden gezonden?
Lichtsterktecompensatie
sensor voor in %
-30..30
(Default = 0)
Correctiewaarde voor de
lichtsterktemeting als de gezonden
waarde afwijkt van de werkelijke
lichtsterkte van de omgeving.
Voorbeeld: Lichtsterkte = 10000 lx
Gezonden = 11000 lx
Correctiewaarde
= -10 %
Lichtsterktecompensatie
sensor links in %
-30..30
(Default = 0)
Zie boven.
Lichtsterktecompensatie
sensor rechts in %
-30..30
(Default = 0)
Zie boven.
Temperatuur zenden bij
verandering
nee
Alleen cyclisch zenden (mits
vrijgegeven)
van 0,5 °C
van 1,0 °C
van 1,5 °C
van 2,0 °C
van 2,5 °C
Zenden als de waarde sinds de laatste
zending met 0,5 °C of 1 °C etc. is
veranderd.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 34 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Temperatuurcompensatie
in 0,1 °C (-64 .. 63)
-64..63
(Default = 0)
Correctiewaarde voor de
temperatuurmeting als de gezonden
temperatuur afwijkt van de werkelijke
omgevingstemperatuur.
Voorbeeld: Temperatuur = 20 °C
gezonden temperatuur = 21 °C
Correctiewaarde
= -10 (d.w.z. -10 x 0,1 °C)
Temperatuur cycl.
zenden
niet cyclisch zenden
elke min
elke 2 min
elke 3 min
elke 5 min
elke 10 min
elke 15 min
elke 20 min
elke 30 min
elke 45 min
elke 60 min
hoe vaak moet de aktuele temperatuur
opnieuw worden gezonden?
Windsnelheid zenden in
m/s
km/h
Eenheid voor de windsnelheid.
1 m/s komt overeen met 3,6 km/h
1 km/h komt overeen met ca. 0,278 m/s
Beaufort
Windsterkte 1..12.
Zie tabel in de bijlage.
Windsnelheid zenden bij
verandering
Nee
Alleen cyclisch zenden (mits
vrijgegeven)
van 10 %, min. echter 0,5 m/s
van 20 %, min. echter 0,5 m/s
van 30 %, min. echter 1 m/s
van 50 %, min. echter 1 m/s
Zenden als de waarde sinds de laatste
zending met 20%, 30% of 50% is
veranderd
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 35 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Windsnelheid cycl.
zenden
niet cyclisch zenden
elke min
elke 2 min
elke 3 min
elke 5 min
elke 10 min
elke 15 min
elke 20 min
elke 30 min
elke 45 min
elke 60 min
elke 10 s (alleen voor
testdoeleinden)
hoe vaak moet de aktuele windsnelheid
opnieuw worden gezonden?
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 36 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Elevation en Azimut van
de zon zenden
alleen op aanvraag
elke 5 min.
elke 15 min.
elke 30 min.
Hoe vaak moeten de zonshoogte en
richting opnieuw worden gezonden?
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 37 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2.3 De parameterpagina's „Universeel kanaal C1..C10: Functie
De universele kanalen C1..C10 kunnen voor deeltaken (bijv. puur alleen lichtsterktedrempel) of voor
een willekeurige combinatie van meetwaarden worden gebruikt
Een kanaal bestaat uit max. 4 logisch verbonden weersomstandigheden d.w.z.:
Als lichtsterkte boven/onder drempelwaarde EN
Als temperatuur boven/onder drempelwaarde EN
Als windsnelheid boven/onder drempelwaarde EN
resp.:
Als lichtsterkte boven/onder drempelwaarde OF
Als temperatuur boven/onder drempelwaarde OF
Als windsnelheid boven/onder drempelwaarde OF
Een niet relevante voorwaarde (bijv. temperatuur) kan worden weggelaten en wordt bij de verbinding
genegeerd.
Het al of niet voldoen aan de EN-/OF-verbinding leidt tot het zenden van een telegram naar het
bijbehorende kanaalobject (bijv. kanaal 1.1).
Daarnaast kan, indien gewenst, een 2e object (bijv. kanaal 1.2) worden geactiveerd en dus
een tweede telegraam worden meegezonden.
Elk universeel kanaal bezit een blokkeerobject en een object voor het activeren van de
lichtsterktedrempel.
Een universeel kanaal kan, indien nodig, ook als veiligheidskanaal worden geparametreerd als men de
relevante grootheden, d.w.z. temperatuur en wind d.m.v. een OF-verbinding aan elkaar koppelt.
Het resultaat van de verbinding kan in de zonweringskanalen intern als veiligheidsmelding worden
geanalyseerd.
Voor de lichtsterktemeting kan men kiezen uit 3 sensoren.
Voor toepassingen in het lichtsterktebereik onder 100 lx, bijv. als schemerschakelaar, wordt het
gebruik van de voorste sensor aanbevolen, omdat deze in dit bereik een fijnere resolutie heeft dan de
andere sensoren.
De universele kanalen worden op de parameterpagina Algemeen geactiveerd.
Afhankelijk van de ingestelde functie zijn verschillende parameters beschikbaar.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 38 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Tabel 10: Functiekeuze
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Functie van het kanaal
Lichtintensiteitsensor 1 .. 100 000
lx
Temperatuursensor
Windsensor
Op welke van de 3 weermeetwaarden
moet het kanaal reageren?
Verbinding van de volgende
sensoren:
Het kanaal moet op meerdere
meetwaarden reageren.
Deze worden logisch met elkaar
verbonden (EN resp. OF).
Tabele 11: Functie = Lichtsterktesensor 1 .. 100 000 lx
Betekenis
Waarden
Beschrijving
lichtsterkte
Onder 3 lx .. onder 90 000 lx
(in 72 stappen)
Aan de kanaalvoorwaarde wordt
voldaan als de waarde onder de
ingevoerde drempel ligt.
Boven 3 lx .. boven 90 000 lx
(in 75 stappen, Default = 10000lx)
Aan de kanaalvoorwaarde wordt
voldaan als de waarde boven de
ingevoerde drempel ligt.
Bron
Sensor voor,
Sensor links, Sensor rechts
Met welke van de 3 ingebouwde
lichtsterktesensoren moet worden
gemeten?
maximale waarde van de 3
sensoren
De waarden van de 3 sensoren worden
met elkaar vergeleken en er wordt
altijd alleen rekening gehouden met de
hoogste waarde.
Hysteresis licht
20 % ten minste echter 1 lx
30 % ten minste echter 1 lx
50 % ten minste echter 1 lx
De hysteresis voorkomt een regelmatig
omschakelen bij kleine veranderingen
van de lichtsterkte.
Deze kan, afhankelijk van de
ingestelde voorwaarde, negatief of
positief zijn.
Voorbeeld met 20% hysteresis:
Voorwaarde: „BOVEN 4500 lux“
= vervult vanaf 4500 lx en niet meer
vervuld bij 4500 lx-20%
Voorwaarde: „ONDER 4500 lux“
= voldaan onder 4500 lx en niet meer
bij 4500 lx + 20%
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 39 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Vertraging bij
toenemende lichtsterkte
geen
Reactietijd als het lichter wordt en
daardoor de ingestelde drempel wordt
overschreden.
Deze instelling voorkomt het zenden
van tegengestelde telegrammen bij
korte veranderingen van de lichtsterkte
5 s, 10 s, 20 s, 30 s, 1 min, 2 min,
3 min
, 5 min, 10 min, 15 min,
20 min
Vertraging bij
afnemende lichtsterkte
geen
Reactietijd als het donkerder wordt en
de ingestelde drempel daardoor wordt
overschreden.
Deze instelling voorkomt het zenden
van tegengestelde telegrammen bij
korte veranderingen van de lichtsterkte
5 s, 10 s, 20 s, 30 s, 1 min, 2 min,
3 min, 5 min, 10 min, 15 min,
20 min
Waarde via object
overschrijfbaar
Ja
nee
Moet de geparametreerde
lichtsterktedrempel altijd via
bustelegrammen kunnen worden
gewijzigd?
Waarde bij downloaden
overschrijven
Ja
Bij het downloaden van een ETS
wordt de momenteel in het apparaat
opgeslagen lichtsterktedrempel gewist
en overschreven door de in de ETS
ingestelde waarde.
nee
Het downloaden van een ETS heeft
geen invloed op de momenteel in het
apparaat opgeslagen
lichtsterktedrempel.
Uitzondering:
Als als nee is gekozen, worden bij de
allereerste inbedrijfstelling (d.w.z. bij
een leeg apparaatgeheugen) alle ETS-
parameterwaarden gedownload.
Tabel 12: Functie = Temperatuursensor
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Temperatuur
lager dan –10°C tot lager dan 40°C
(in stappen van 1K)
Moet aan de voorwaarde zijn voldaan
als de temperatuur onder of boven de
ingestelde waarde ligt?
boven –10°C tot boven 40°C
Default = boven 18 °C
Hysteresis temperatuur
1,0 K, 1,5 K
2,0 K, 2,5 K
De hysteresis voorkomt een regelmatig
omschakelen bij kleine veranderingen
van de temperatuur.
Deze kan, afhankelijk van de
ingestelde voorwaarde (boven of onder
xx °C), negatief of positief zijn (zie
vorige tabel: Hysteresis licht).
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 40 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Tabel 13: Functie = Windsensor
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Windsnelheid
onder 4 m/s (ca. 14 km/h) .. onder
30 m/s(ca. 108 km/h)
Aan de kanaalvoorwaarde wordt
voldaan als de waarde onder de
ingevoerde drempel ligt.
boven 4 m/s (ca. 14 km/h) .. boven
30 m/s(ca. 108 km/h)
Aan de kanaalvoorwaarde wordt
voldaan als de waarde boven de
ingevoerde drempel ligt.
Afvalvertraging wind
geen
De kanaaltoestand verandert
onmiddellijk na onderschrijden van de
winddrempel.
5 s, 10 s, 20 s, 30 s, 1 min, 2 min,
3 min
, 5 min, 10 min, 15 min,
20 min
De kanaaltoestand verandert pas na de
ingestelde tijdvertragingstijd.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 41 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Tabel 14: Functie = Verbinding van de volgende sensoren:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Lichtsterkte
Ja
nee
Met welke van de 3
weetmeetgrootheden moet rekening
worden gehouden?
Temperatuur
Ja
nee
Wind
Ja
nee
Soort verbinding
EN
Voldaan als aan de voorwaarden van
alle gekozen weermeetgrootheden is
voldaan.
Voorbeeld: Temperatuur EN
lichtsterkte.
OF
Voldaan als aan de voorwaarde van
één van de gekozen
weermeetgrootheden is voldaan.
Parameters voor lichtsterkte
Lichtsterktedrempel
Onder 3 lx .. onder 90 000 lx
Zie boven:
Functie = Lichtsterktesensor
1 .. 100 000 lx
Boven 3 lx .. boven 90 000 lx
Default = boven 10000 lx
Waarde via object
overschrijfbaar
Ja
nee
Waarde bij downloaden
overschrijven
Ja
nee
Bron
Sensor voor,
Sensor links, Sensor rechts
maximale waarde van de 3
sensoren
Hysteresis licht
20 % ten minste echter 1 lx
30 % ten minste echter 1 lx
50 % ten minste echter 1 lx
Vertraging bij
toenemende lichtsterkte
geen
5 s, 10 s, 20 s, 30 s, 1 min, 2 min,
3 min
, 5 min, 10 min, 15 min,
20 min
Vertraging bij
afnemende lichtsterkte
geen
5 s, 10 s, 20 s, 30 s, 1 min, 2 min,
3 min, 5 min, 10 min, 15 min,
20 min
Parameters voor temperatuur
Temperatuurdrempel
onder -10 °C .. onder 40 °C
Zie boven:
Functie = Temperatuursensor.
boven -10 °C .. boven 40 °C
Default = boven 18 °C
Hysteresis temperatuur
1,0 K, 1,5 K
2,0 K, 2,5 K
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 42 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Parameters voor regen
Windsnelheid
onder 4 m/s (ca. 14 km/h) .. onder
30 m/s(ca. 108 km/h)
Zie boven:
Functie = Windsensor.
boven 4 m/s (ca. 14 km/h) .. boven
30 m/s(ca. 108 km/h)
Afvalvertraging wind
geen
5 s, 10 s, 20 s, 30 s, 1 min, 2 min,
3 min
, 5 min, 10 min, 15 min,
20 min
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 43 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2.4 De parameterpagina's „Objecten
Alle universele, drempelwaarde- en logische kanalen beschikken over een parameterpagina van dit
type.
Hier wordt de reactie geparametreerd als al of niet aan de voorwaarden wordt voldaan.
Tabel 15
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Telegramsoort C1.1
Schakelopdracht
1-bits AAN/UIT
Prioriteit
2-bits
Functie
Waarde
Prioriteit niet-actief
(no control)
0 (00
bin
)
Prioriteit AAN
(control: enable, on)
3 (11
bin
)
Prioriteit UIT
(control: disable, off)
2 (10
bin
)
Waarde
1 byte, 0 .. 255
Als aan alle
voorwaarden is voldaan
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als aan de
kanaalvoorwaarde wordt voldaan.
Telegram
Soort telegram voor het eerste
uitgangsobject van het kanaal als aan de
voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Als niet aan alle
voorwaarden is voldaan
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als niet aan de
kanaalvoorwaarde wordt voldaan.
Telegram
Soort telegram voor het eerste
uitgangsobject van het kanaal als niet
aan de voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 44 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Moet er een tweede
telegram worden
gezonden?
Ja
nee
Als ja wordt gekozen, verschijnen
meerdere parameters en een tweede
zendobject.
Daarmee kunnen, met hetzelfde kanaal,
2 verschillende telegrammen
tegelijkertijd worden gezonden.
De cyclustijd en de blokkeringsreactie
gelden samen voor beide objecten.
Telegramsoort C1.2
2e uitgangsobject van het kanaal
Schakelopdracht
1-bits AAN/UIT
Prioriteit
2-bits
Functie
Waarde
Prioriteit niet-actief
(no control)
0 (00
bin
)
Prioriteit AAN
(control: enable, on)
3 (11
bin
)
Prioriteit UIT
(control: disable, off)
2 (10
bin
)
Waarde
1 byte, 0 .. 255
Als aan alle
voorwaarden is voldaan
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als Sendeverhalten wenn die
Kanalbedingung erfüllt ist.
Telegram
Soort telegram voor het tweede
uitgangsobject van het kanaal als aan de
voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Als niet aan alle
voorwaarden is voldaan
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als niet aan de
kanaalvoorwaarde wordt voldaan.
Telegram
Soort telegram voor het tweede
uitgangsobject van het kanaal als niet
aan de voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 45 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Blokkeringsfunctie
activeren
Ja
Blokkeringsparameters en
blokkeringsobject tonen.
nee
Geen blokkeringsfunctie.
Reactie bij plaatsen van
de blokkering
niet zenden
Geen telegrammen zolang de blokkering
actief is.
zoals bij een voorwaarde
waaraan niet is voldaan
Dezelfde reactie als ingesteld bij de
parameter
Als niet aan alle voorwaarden
wordt voldaan (zie boven).
zoals bij een voorwaarde
waaraan is voldaan
Dezelfde reactie als ingesteld bij de
parameter Als aan alle voorwaarden is
voldaan (zie boven).
Reactie bij opheffen van
de blokkering
niet zenden
Bij het opheffen van de blokkering
wordt niet automatisch opnieuw
gezonden
Kanaal actualiseren
De huidge kanaaltoestand wordt direct
na opheffing van de blokkering
gezonden
Cyclustijd (indien
gebruikt)
niet cyclisch zenden
elke min
elke 2 min
elke 3 min
elke 5 min
elke 10 min
elke 15 min
elke 20 min
elke 30 min
elke 45 min
elke 60 min
Hoe vaak moeten de telegrammen voor
CX.1 en CX.2 worden gezonden?
Telegram bij herkenning
van sensorfout
(alleen temperatuur)
Niet meer zenden
zoals wanneer niet aan de
voorwaarde wordt voldaan en
wanneer aan de voorwaarde
wordt voldaan
Deze parameter is belangrijk als de
temperatuursensor (mits door het kanaal
gebruikt) een fout meldt.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 46 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2.5 De parameterpagina's „Zonweringskanaal C11..C13
De zonweringskanalen kunnen jaloezieën, markiezen, rolluiken etc. regelen.
Een zonweringskanaal bestaat uit:
1 schemerdrempel
1 lichtsterktedrempel voor schaduwvorming
3 objecten voor het aansturen van de aandrijving (omhoog/omlaag, hoogte %, lamellen %)
1 zonneautomaatobject (ochtend/avond)
1 object voor het plaatsen van de lichtsterktedrempel.
1 veiligheidsobject
Het signaal voor „morgen“ of „avond“ kan naar keuze via het zonneautomaatobject
(bijv. door een schakelklok) of via de schemering worden geactiveerd
De zonweringskanalen worden op de parameterpagina Algemeen geactiveerd.
Tabel 16
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Kanaal regelt
Rolluik
via scènes
Jaloezie
Voor rolluiken, markiezen etc.
Met Omhoog/Omlaag en
scènetelegrammen
Voor jaloezieën
Bron voor
lichtsterktemeting
Sensor voor
Sensor links
Sensor rechts
Met welke van de 3 ingebouwde
lichtsterktesensoren moet worden
gemeten?
maximale waarde van de 3
sensoren
De waarden van de 3 sensoren worden
met elkaar vergeleken en er wordt altijd
alleen rekening gehouden met de
hoogste waarde.
Object externe luxwaarde 1
Object externe luxwaarde 2
Lichtsterkte van een andere KNX-
sensor gebruiken.
Bijv. Luna 133 (bestelnr. 1339200) op
een andere gevel.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 47 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Schemerdrempel
2 lx..500 lx
Default = 10 lx
Drempel voor het herkennen van de
zonsop- resp. ondergang.
Lichtsterktedrempel voor
schaduwvorming
2000..90000 lx
Default = 20000 lx
Vanaf welke lichtsterkte is de
zonwering vereist?
Vertraging bij
toenemende lichtsterkte
Geen,
5 s, 10 s,
Alleen voor inbedrijfstelling en tests.
20 s, 30 s, 1 min, 2 min,
3 min, 5 min, 10 min, 15 min,
20 min
Reactietijd als het lichter wordt en de
drempel daardoor wordt overschreden.
Deze vertraging voorkomt tegenstrijdige
reacties van de aandrijvingen bij
kortdurende veranderingen van de
lichtsterkte
Vertraging bij afnemende
lichtsterkte
geen,
5 s, 10 s
Alleen voor inbedrijfstelling en tests.
20 s, 30 s,
1 min, 2 min, 3 min,
5 min
, 10 min, 15 min,
20 min
Reactietijd als het donkerder wordt en
de drempel daardoor wordt
onderschreden.
Deze vertraging voorkomt tegenstrijdige
reacties van de aandrijvingen bij
kortdurende veranderingen van de
lichtsterkte
Aandrijfhoogte bij
overschrijden van de
lichtsterktedrempel
0..100 %
Default = 10 %
De jaloezie resp. het rolluik gaat bij
overschrijden van de drempel één keer
omlaag.
Scènenummer bij
overschrijden van de
lichtsterktedrempel
1..64
Default = Scène 1
Bij overschrijden van de drempel gaat
de zonwering één keer omlaag en wordt
een scènenummer gezonden.
Lamel bij overschrijden
van de
lichtsterktedrempel
0..100 %
Default = 50 %
Lamellenpositie die bij overschrijden
van de drempel moet worden bereikt.
Drempels via object
overschrijfbaar
Ja
nee
Bij het downloaden van een ETS
worden de momenteel in het apparaat
opgeslagen lichtsterkte-
/schemerdrempels gewist en
overschreven door de in de ETS
ingestelde waarde.
Drempels bij downloaden
overschrijven
Ja
Bij het downloaden van een ETS
worden de momenteel in het apparaat
opgeslagen lichtsterkte-
/schemerdrempels gewist en
overschreven door de in de ETS
ingestelde waarde.
nee
Het downloaden van een ETS heeft
geen invloed op de momenteel in het
apparaat opgeslagen
lichtsterktedrempels
Uitzondering:
Ook als nee is gekozen, worden bij de
allereerste inbedrijfstelling (d.w.z. bij
een leeg apparaatgeheugen) alle ETS-
parameterwaarden gedownload.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 48 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2.6 De parameterpagina „Zonneautomaat
Tabel 17
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Activering van de
zonneautomaat
Via object
De automatische zonwering wordt via
het betreffende zonneautomaatobject
(bijv. door een schakelklok) geactiveerd.
Boven schemerdrempel
De automatische zonwering is direct na
overschrijding van de schemerdrempel
actief.
Reactie op
ochtendschemering
Omhoog bewegen en
zonneautom. AAN
Bij overschrijden van de
schemerdrempel wordt (bijv.) de
jaloezie omhoog bewogen en de
automatische zonwering geactiveerd.
Zonneautomaat. AAN, maar niet
bewegen
Bij overschrijden van de
schemerdrempel wordt de automatische
zonwering geactiveerd.
Aandrijvingen pas activeren als schaduw
noodzakelijk is.
Reactie op
avondschemering
Zonneautomaat UIT & omhoog
bewegen
Reactie van de aandrijvingen bij
onderschrijden van de schemerdrempel
's avonds.
Zonneautomaat UIT & naar
beneden
Zonneautomaat UIT, maar niet
bewegen
Reactie op
zonneautomaat AAN
alleen zichtbaar bij activering van de
zonneautomaat via object
Als het zonneautomaatobject wordt
gezet:
Omhoog bewegen en
zonneautom. AAN
Jaloezie/rolluik omhoog bewegen en, als
schaduw noodzakelijk is, in de
betreffende positie zetten.
Pas bij schemering omhoog
bewegen en zonneautomaat AAN
De jaloezie wordt pas omhoog bewogen
als het zonneautomaatobject is gezet en
de schemerdrempel is overschreden
Zonneautomaat. AAN, maar niet
bewegen
Aandrijvingen pas activeren als schaduw
noodzakelijk is.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 49 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Reactie op
zonneautomaat UIT
Zonneautomaat UIT & omhoog
bewegen
Reactie van de aandrijvingen bij
uitschakelen van de zonneautomaat.
Zonneautomaat UIT & omlaag
bewegen
Zonneautomaat UIT & bij
schermering omlaag bewegen
Zonneautomaat UIT, maar niet
bewegen
Bij onderschrijden van
de lichtsterktedrempel
tijdens zonneautomaat
actief
Als de lichtsterkte, bijv. door sterke
bewolking, daalt tot onder de ingestelde
drempel:
Geen reactie
Aandrijvingen niet bewegen.
Deze instelling dient om de gevel tot
rust te laten komen, geen constante
bewegingen.
Omhoog gaan
Om het beschikbare licht maximaal te
benutten.
Lamel aanpassen
Bij jaloezieën: alleen de lamellen
openen
Lamellenpositie
0..100 %
Default = 20 %
Lamellenpositie bij onderschrijden van
de lichtsterktedrempel tijdens
zonneautomaat actief.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 50 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2.7 De parameterpagina „Veiligheid
Tabel 18
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Beveiligingstoestand
wordt in werking gesteld
door
De veiligheidstoestand (wegens wind,
vorst etc.) wordt …
ingangsobject
via het object C11 (resp. 12/13)
geactiveerd
Voorwaarde C1, voorwaarde C2
Voorwaarde C3, voorwaarde C4,
voorwaarde C5, voorwaarde C6,
voorwaarde C7, voorwaarde C8,
voorwaarde C9, voorwaarde
C10
geactiveerd als aan de voorwaarde van
een universeel kanaal wordt voldaan.
Daarbij moeten de sensoren door middel
van OF met elkaar zijn verbonden.
Status drempelwaardekanaal
C14 Status
drempelwaardekanaal C15
Status drempelwaardekanaal
C16 Status
drempelwaardekanaal C17
geactiveerd als aan de voorwaarde van
een drempelwaardekanaal wordt
voldaan.
verbindingsresultaat logisch
kanaal C18
Verbindingsresultaat logisch
kanaal C19 Verbindingsresultaat
logisch kanaal C20
Verbindingsresultaat logisch
kanaal C21 Verbindingsresultaat
logisch kanaal C22
verbindingsresultaat logisch
kanaal C23
geactiveerd als aan de voorwaarde van
een logisch kanaal wordt voldaan.
Reactie op begin
beveiliging
Geen reactie
Er worden geen telegrammen meer
gezonden.
Deze instelling wordt aanbevolen als de
veiligheidsfunctie in de actor wordt
beheerd.
Aandrijving omhoog
bijv. voor jaloezieën, markiezen en
zonwering van textiel.
Aandrijving omlaag bewegen
bijv. voor rolluiken.
Reactie op eind
beveiliging
Geen reactie
Er worden geen telegrammen meer
gezonden.
Deze instelling wordt aanbevolen als de
veiligheidsfunctie in de actor wordt
beheerd.
Stand actualiseren
Direct de huidige aandrijfhoogte en evtl.
lamellenpositie zenden.
Scène actualiseren
Direct het huidige scènenummer zenden.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 51 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2.8 De parameterpagina's „Drempelwaardekanaal C14..C17
Het drempelwaardekanaalblok vormt een eigen eenheid, die intern volledig onafhankelijk van de
weersgegevens is.
Principe:
Een waarde wordt van de bus ontvangen en met de ingestelde drempel vergeleken.
Is de waarde hoger dan de ingestelde drempel, is aan de voorwaarde voldaan.
Omgekeerd, als de waarde lager is, is niet aan de voorwaarde voldaan.
De reactie van de uitgangsobjecten als al of niet aan de voorwaarde wordt voldaan, wordt op de
parameterpagina Objecten ingesteld.
De kanaaltoestand (wel/niet aan voorwaarde voldaan) van elk drempelwaardekanaal kan ook als
ingangsgrootheid voor de logische kanalen worden geparametreerd (zie hieronder, De logische
kanalen).
De drempelwaardekanalen worden op de parameterpagina Algemeen geactiveerd.
Tabel 19
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Type
drempelwaardeobject
objecttype: procent (DPT5.001)
Objecttype: tellerstand 0..255
(DPT 5.010)
objecttype:
tellerstand 0..65535
(DPT 7.001)
Objecttype: EIS5 bijv. CO2,
lichtsterkte etc. (DPT 9.xxx)
Waardetype voor de drempel.
Parameter bij drempelwaardeobject Procent
Drempelwaarde (in %)
1..99
Default = 50
Gewenste drempelwaarde in procent.
Hysteresis (in %)
1..99
Default = 5
Voorkomt frequent omschakelen bij
kleine waardeveranderingen.
De hysteresis is voor alle
drempelwaardetypen eenzijdig negatief,
bijv. drempelwaarde 50, hysteresis 5
betekent:
inschakelen bij 50 en uitschakelen bij 50
hysteresis = 45
Parameter bij drempelwaardeobject tellerstand 0..255
Drempelwaarde
1..254
Default = 127
Gewenste drempelwaarde als 1-byte-
getal van 1 t/m 254.
Hysteresis
1..254
Default = 5
De hysteresis voorkomt een regelmatig
omschakelen bij kleine veranderingen
van de waarde.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 52 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Parameter bij drempelwaardeobject tellerstand 0..65535
Drempelwaarde
1..65534
Default = 1000
Gewenste drempelwaarde als 2-byte-
getal van 1 t/m 65534.
Hysteresis
1..65534
Default = 5
De hysteresis voorkomt een regelmatig
omschakelen bij kleine veranderingen
van de waarde.
Parameter bij drempelwaardeobject EIS5 (bijv. CO
2
, lichtsterkte…)
Drempelwaardeformaat:
(-000,00..9999)
-9999..99999
Default = 20,0
Gewenste drempelwaarde als
kommagetal met voorteken.
Formaat: maximaal 5 tekens toegestaan,
inclusief voorteken en komma.
Voorbeelden met 5 tekens:
-9999
-9,99
10,35
100,6
99999
enz.
Hysteresis formaat:
0,00..9999
0,00..9999
Default = 1,0
De hysteresis voorkomt een regelmatig
omschakelen bij kleine veranderingen
van de waarde.
Formaat: max. 4 tekens, alleen positieve
getallen.
Voorbeelden:
0,01
99,9
9999
Gemeenschappelijke parameters
Vertraging bij
overschrijden
geen,
Het kanaal zendt onmiddellijk.
5 s, 10 s, 20 s, 30 s, 1 min, 2 min,
3 min, 5 min, 10 min, 15 min,
20 min
Het kanaal zendt pas na afloop van de
ingestelde vertraging.
Vertraging bij
onderschrijden
geen
Het kanaal zendt onmiddellijk.
5 s, 10 s, 20 s, 30 s, 1 min, 2 min,
3 min, 5 min, 10 min, 15 min,
20 min
Het kanaal zendt pas na afloop van de
ingestelde vertraging.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 53 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2.9 De parameterpagina's „Objecten
Alle universele, drempelwaarde- en logische kanalen beschikken over een parameterpagina van dit
type.
Hier wordt de reactie geparametreerd als al of niet aan de voorwaarden wordt voldaan.
Tabel 20
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Telegramsoort C14.1
Schakelopdracht
1-bits AAN/UIT
Prioriteit
2-bits
Functie
Waarde
Prioriteit niet-actief
(no control)
0 (00
bin
)
Prioriteit AAN
(control: enable, on)
3 (11
bin
)
Prioriteit UIT
(control: disable, off)
2 (10
bin
)
Waarde
1 byte, 0 .. 255
Bij overschrijden van de
drempel
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als Sendeverhalten wenn die
Kanalbedingung erfüllt ist.
Telegram
Soort telegram voor het eerste
uitgangsobject van het kanaal als aan de
voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Bij onderschrijden van
de drempel
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als niet aan de
kanaalvoorwaarde wordt voldaan.
Telegram
Soort telegram voor het eerste
uitgangsobject van het kanaal als niet
aan de voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 54 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Moet er een tweede
telegram worden
gezonden?
Ja
nee
Als ja wordt gekozen, verschijnen
meerdere parameters en een tweede
zendobject.
Daarmee kunnen, met hetzelfde kanaal,
2 verschillende telegrammen
tegelijkertijd worden gezonden.
De cyclustijd en de blokkeringsreactie
gelden samen voor beide objecten.
Telegramsoort C14.2
2e uitgangsobject van het kanaal
Schakelopdracht
1-bits AAN/UIT
Prioriteit
2-bits
Functie
Waarde
Prioriteit niet-actief
(no control)
0 (00
bin
)
Prioriteit AAN
(control: enable, on)
3 (11
bin
)
Prioriteit UIT
(control: disable, off)
2 (10
bin
)
Waarde
1 byte, 0 .. 255
Bij overschrijden van de
drempel
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als Sendeverhalten wenn die
Kanalbedingung erfüllt ist.
Telegram
Soort telegram voor het tweede
uitgangsobject van het kanaal als aan de
voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Bij onderschrijden van
de drempel
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als niet aan de
kanaalvoorwaarde wordt voldaan.
Telegram
Soort telegram voor het tweede
uitgangsobject van het kanaal als niet
aan de voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 55 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Blokkeringsfunctie
activeren
Ja
Blokkeringsparameters en
blokkeringsobject tonen.
nee
Geen blokkeringsfunctie.
Reactie bij plaatsen van
de blokkering
niet zenden
Geen telegrammen zolang de blokkering
actief is.
zoals bij een voorwaarde
waaraan niet is voldaan
Dezelfde reactie als ingesteld bij de
parameter Bij onderschrijden van de
drempel (zie hierboven).
zoals bij een voorwaarde
waaraan is voldaan
Dezelfde reactie als ingesteld bij de
parameter Bij overschrijden van de
drempel (zie hierboven).
Reactie bij opheffen van
de blokkering
Niet zenden
Bij het opheffen van de blokkering
wordt niet automatisch opnieuw
gezonden
kanaal actualiseren
De huidge kanaaltoestand wordt direct
na opheffing van de blokkering
gezonden
Cyclustijd (indien
gebruikt)
niet cyclisch zenden
elke min
elke 2 min
elke 3 min
elke 5 min
elke 10 min
elke 15 min
elke 20 min
elke 30 min
elke 45 min
elke 60 min
Hoe vaak moeten de telegrammen voor
CX.1 en CX.2 worden gezonden?
Telegram na reset resp.
download
Niet meer zenden
zoals wanneer niet aan de
voorwaarde wordt voldaan en
wanneer aan de voorwaarde
wordt voldaan
Reactie van het kanaal bij een herstart.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 56 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2.10 De parameterpagina's „Logisch kanaal C18..C23
Het logisch-kanaalblok vormt een eigen eenheid, die intern volledig onafhankelijk van de
weersgegevens is.
De logische kanalen kunnen daardoor worden gebruikt voor diverse taken binnen een KNX-installatie.
Principe:
Maximaal kunnen vier 1-bits ingangsgrootheden logisch met elkaar worden verbonden.
Deze ingangsgrootheden kunnen zijn:
Ingangsobjecten van de logische kanalen
Status van de universele kanalen (wel/niet aan voorwaarde voldaan)
Status van de drempelwaardekanalen (wel/niet aan voorwaarde voldaan)
Verbindingsresultaat van de andere logische kanalen (een logisch kanaal kan niet met zichzelf
worden verbonden)
De reactie van de uitgangsobjecten als al of niet aan de voorwaarde wordt voldaan, wordt op de
parameterpagina Objecten ingesteld.
De logische kanalen worden op de parameterpagina Algemeen geactiveerd.
Tabel 21
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Soort verbinding
Keuze van de logische verbinding tussen
de 1-bits ingangsgrootheden (zie
hieronder)
EN
2 t/m 4 ingangen
OF
XOR
2 ingangen
Ingang 1 gebruiken
Ja
Ingang wordt gebruikt.
Ja, omgekeerd
Ingang werkt omgekeerd.
Ingang 2 gebruiken
Ja
Ja, omgekeerd
Zie hierboven, ingang 1
Ingang 3 gebruiken
nee
Ingang is verborgen.
Ja
Ja, omgekeerd
Zie boven.
Ingang 4 gebruiken
nee
Ingang is verborgen.
Ja
Ja, omgekeerd
Zie boven.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 57 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Ingangsgrootheid voor
ingang 1
Ingangsobject
Eerste ingangsobject voor het kanaal
(bijv. obj. 100 voor C18)
Voorwaarde C1 Voorwaarde C2
Voorwaarde C3 Voorwaarde C4
Voorwaarde C5 Voorwaarde C6
Voorwaarde C7 Voorwaarde C8
Voorwaarde C9 Voorwaarde
C10
Status van een universeel kanaal
(wel/niet aan voorwaarde voldaan).
Status drempelwaardekanaal
C14 Status
drempelwaardekanaal C15
Status drempelwaardekanaal
C16 Status
drempelwaardekanaal C17
Status van een drempelwaardekanaal
(drempel overschreden/niet over-
schreden).
Verbindingsresultaat logisch
kanaal C18
(1)
Verbindingsresultaat logisch
kanaal C19
(2)
Verbindingsresultaat logisch
kanaal C20
(3)
Verbindingsresultaat logisch
kanaal C21
(4)
Verbindingsresultaat logisch
kanaal C22
(5)
Verbindingsresultaat logisch
kanaal C23
(6)
Verbindingsresultaat van een ander
logisch kanaal (een logisch kanaal kan
niet met zichzelf worden verbonden).
Ingangsgrootheid voor
ingang 2
zie hierboven,
Ingangsgrootheid voor ingang 1
2e ingangsobject van het kanaal.
Zie boven.
Ingangsgrootheid voor
ingang 3
zie hierboven,
Ingangsgrootheid voor ingang 1
3e ingangsobject van het kanaal.
Zie boven.
Ingangsgrootheid voor
ingang 4
zie hierboven,
Ingangsgrootheid voor ingang 1
4e ingangsobject van het kanaal.
Zie boven.
(1)
Bij C18 niet aanwezig,
(2)
Bij C19 niet aanwezig,
(3)
Bij C20 niet aanwezig
(4)
Bij C21 niet aanwezig,
(5)
Bij C22 niet aanwezig,
(6)
Bij C23 niet aanwezig
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 58 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
3.3.2.11 De parameterpagina's „Objecten
Alle universele, drempelwaarde- en logische kanalen beschikken over een parameterpagina van dit
type.
Hier wordt de reactie geparametreerd als al of niet aan de voorwaarden wordt voldaan.
Tabel 22
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Telegramsoort C18.1
Schakelopdracht
1-bits AAN/UIT
Prioriteit
2-bits
Functie
Waarde
Prioriteit niet-actief
(no control)
0 (00
bin
)
Prioriteit AAN
(control: enable, on)
3 (11
bin
)
Prioriteit UIT
(control: disable, off)
2 (10
bin
)
Waarde
1 byte, 0 .. 255
Als aan de voorwaarde is
voldaan
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als aan de
kanaalvoorwaarde wordt voldaan, bijv.
verbindingsresultaat = 1.
Telegram
Soort telegram voor het eerste
uitgangsobject van het kanaal als aan de
voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Als niet aan de
voorwaarde is voldaan
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als niet aan de
kanaalvoorwaarde wordt voldaan, bijv.
verbindingsresultaat = 0.
Telegram
Soort telegram voor het eerste
uitgangsobject van het kanaal als niet
aan de voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 59 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Moet er een tweede
telegram worden
gezonden?
Ja
nee
Als ja wordt gekozen, verschijnen
meerdere parameters en een tweede
zendobject.
Daarmee kunnen, met hetzelfde kanaal,
2 verschillende telegrammen
tegelijkertijd worden gezonden.
De cyclustijd en de blokkeringsreactie
gelden samen voor beide objecten.
Telegramsoort C18.2
2e uitgangsobject van het kanaal
Schakelopdracht
1-bits AAN/UIT
Prioriteit
2-bits
Functie
Waarde
Prioriteit niet-actief
(no control)
0 (00
bin
)
Prioriteit AAN
(control: enable, on)
3 (11
bin
)
Prioriteit UIT
(control: disable, off)
2 (10
bin
)
Waarde
1 byte, 0 .. 255
Als aan de voorwaarde is
voldaan
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als Sendeverhalten wenn die
Kanalbedingung erfüllt ist.
Telegram
Soort telegram voor het tweede
uitgangsobject van het kanaal als aan de
voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Als niet aan de
voorwaarde is voldaan
geen telegram
eenmalig volgend telegram
zenden
cyclisch zenden
Zendreactie als niet aan de
kanaalvoorwaarde wordt voldaan.
Telegram
Soort telegram voor het tweede
uitgangsobject van het kanaal als niet
aan de voorwaarde wordt voldaan:
AAN
UIT
Bij telegramsoort Schakelopdracht.
geen prioriteit
prioriteit, AAN (omlaag)
prioriteit, UIT (omhoog)
Bij telegramsoort Prioriteit.
Telegram 0 .. 255
Bij telegramsoort Waarde.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 60 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
Vervolg:
Betekenis
Waarden
Beschrijving
Blokkeringsfunctie
activeren
Ja
Blokkeringsparameters en
blokkeringsobject tonen.
nee
Geen blokkeringsfunctie.
Reactie bij plaatsen van
de blokkering
niet zenden
Geen telegrammen zolang de blokkering
actief is.
zoals bij een voorwaarde
waaraan niet is voldaan
Dezelfde reactie als ingesteld bij de
parameter Als niet aan de voorwaarde
wordt voldaan (zie boven).
zoals bij een voorwaarde
waaraan is voldaan
Dezelfde reactie als ingesteld bij de
parameter Als aan de voorwaarde wordt
voldaan (zie boven).
Reactie bij opheffen van
de blokkering
Niet zenden
Bij het opheffen van de blokkering
wordt niet automatisch opnieuw
gezonden
kanaal actualiseren
De huidge kanaaltoestand wordt direct
na opheffing van de blokkering
gezonden
Cyclustijd (indien
gebruikt)
niet cyclisch zenden
elke min
elke 2 min
elke 3 min
elke 5 min
elke 10 min
elke 15 min
elke 20 min
elke 30 min
elke 45 min
elke 60 min
Hoe vaak moeten de telegrammen voor
CX.1 en CX.2 worden gezonden?
Telegram na reset resp.
download
Niet meer zenden
zoals wanneer niet aan de
voorwaarde wordt voldaan en
wanneer aan de voorwaarde
wordt voldaan
Reactie van het kanaal bij een herstart.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 61 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
4 Bijlage
4.1 Lichtintensiteitsensors
De Meteodata 140 basic is voorzien van 3 ingebouwde lichtsterktesensoren.
Deze worden in de ETS-applicatiesoftware als Sensor voor, Sensor links en
Sensor rechts aangeduid.
Deze aanduidingen gelden bij vooraanzicht van het apparaat, volgens het volgende schema:
Afbeelding 1: Lichtsterktesensoren.
Legenda:
A
Sensor links
B
Sensor voor
C
Sensor rechts
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 62 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
4.2 Azimut en beweging van de zon
Azimut: Hier, horizontale hoek van de zon aan de hemel ten opzichte van een bepaald tijdstip.
Beweging van de zon: Traject dat de zon tussen op- en ondergang aan de hemel aflegt.
Voorbeeld Stuttgart (ca. 48°47' N, 9°11' E):
Tabel 23
Datum
Azimut bij
Gehele beweging van
de zon
Zonsopgang
Zonsondergang
21. December
125°57´
234°03´
108° 6´
21. Maart
88°46´
271°14´
182°28´
21. Juni
51°40´
308°20´
256°40´
N
N E
SE
SW
NW
0°
337,5°
315°
292,5
°
270°
247,5
°
225°
202,5°
180°
157,5°
135°
112,5°
90°
67,5°
45°
22,5°
E
S
W
NNE
ESE
SSE
SSW
WSW
WNW
NNW
EN
E
Afbeelding 2
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 63 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
4.3 Elevatie
Hoogtehoek van de zon boven de horizon ten opzichte van een bepaald tijdstip.
Voorbeeld Stuttgart:
Tabel 24: Maximale elevatie in Stuttgart
Datum/tijd Elevatie
21. December / 12:21
17°47'
21. Maart / 12:31
41°24'
21. Juni / 13:25*
64°40'
*Zomertijd
Afbeelding 3: Maximale elevatie in Stuttgart.
Berekening:
De hoogst mogelijke zonnestand (hoogste punt) van het jaar wordt op de dag van de
zomerzonnewende bereikt, d.w.z. op 21. juni (voor een plaats ten noorden van de noorderkeerkring).
Deze zonnestand kan vereenvoudigd met de volgende formule worden berekend:
Maximaal mogelijke elevatie ≈ 113,43° - breedtegraad van de plaats.
Voorbeeld Hamburg:
Breedtegraad ca. 53° 32´ N (= 53,53333°)
Maximaal mogelijke elevatie =
113,43° - 53,53°
=
59,89° (d.w.z. ca. 59°53‘)
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 64 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
4.4 Gevelrichting
Uitlijning van de gevel waarvoor de zonwering is bedoeld, d.w.z. de richting waarin men kijkt als men
recht uit het raam kijkt.
De richting kan met een kompas worden afgelezen (naald precies op het noorden richten) resp. bij een
architect worden nagevraagd.
Voorbeeld: Zuidoosten 135°.
N
N E
SE
SW
NW
0°
337,5°
315°
292,5°
270°
247,5°
225°
202,5°
180°
157,5°
135°
112,5°
90°
67,5°
45°
22,5°
E
S
W
NN E
EN E
ESE
SSE
SSW
WSW
WNW
NNW
Afbeelding 4
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 65 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
4.5 Zonweringsbereik
Vóór de gevel maakt de zon een cirkelvormige beweging die, afhankelijk van de plaats, uitlijning van
het gebouw en jaargetijde, maximaal 180° kan bedragen.
Het zonweringsbereik is het gedeelte van de beweging van de zon vóór de gevel waarvoor de
schaduw gewenst is.
Dit bereik dekt een hoek van maximaal 180° af.
Max. -90°
Max. 90°
Afbeelding 5
Deze hoek wordt in twee zones van 90° onderverdeeld:
De linker zone (lichtgrijs) wordt met een negatieve hoek (0 t/m -90°) aangeduid.
De rechter zone (donkergrijs) met een positieve hoek (0 t/m 90°)
De bepaling van deze zones vindt plaats met de parameters:
Vóór de gevel = Zone waarin de zon (voor een waarnemer in de ruimte) het eerst verschijnt. Ten
noorden van de noorderkeerkring (Europa, Noord-Amerika, Rusland etc.) is dat altijd de linker zone
(lichtgrijs).
Na de gevel = Tweede zone die de zon doorloopt voordat ze later de gevel verlaat. Ten noorden van de
noorderkeerkring is dat altijd de rechter zone (donkergrijs).
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 66 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
4.6 Voorbeelden voor het bepalen van het zonweringsbereik
Het grootstmogelijke zonweringsbereik wordt met de volgende waarden bereikt:
ór de gevel = -90°,
Na de gevel = 90°
Alleen schaduw in het linker bereik:
ór de gevel = -90°,
Na de gevel =
Alleen schaduw in het rechter bereik:
Vóór de gevel = 0°,
Na de gevel = 90°
Door gerichte instelling van de parameter Vóór/na de gevel kan het gewenste zonweringsberiek
precies worden aangepast.
Als voor een zone 0° wordt ingevoerd, betekent dit geen schaduw voor deze zone.
Een positieve hoek voor de linker zone leidt tot een extra verkleining van de rechter zone.
Een negatieve hoek voor de rechter zone leidt tot een extra verkleining van de linker zone.
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 67 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
4.6.1 Asymmetrisch zonweringsbereik
ór de gevel = -40°,
Na de gevel = 70°
Het zonweringsbereik moet 110° zijn, d.w.z. 40° voor de linker zone en 70° voor de rechter zone.
-40°
70°
Afbeelding 6:
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 68 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
4.6.2 Eenzijdige zonweringsbereik in de linker zone
ór de gevel = -70°,
Na de gevel = -15°
Alleen, gedeeltelijk, schaduw voor de linker zone.
Door de invoer van het negatieve getal in de parameter Na de gevel wordt het zonweringsbereik met
15° naar links verkleind.
-70°
- 1
Afbeelding 7:
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 69 van 72
Meteodata 140 basic weerstation
4.6.3 Eenzijdige zonweringsbereik in de rechter zone
Vóór de gevel = 10°,
Na de gevel = 50°
Alleen, gedeeltelijk, schaduw voor de linker zone.
Door de invoer van het positieve getal in de parameter Vóór de gevel wordt het zonweringsbereik met
10° naar rechts verkleind.
5
1
Afbeelding 8:
Stand: nov-14 (wijzigingen voorbehouden) Pagina 70 van 72
70

Hulp nodig? Stel uw vraag in het forum

Spelregels

Misbruik melden

Gebruikershandleiding.com neemt misbruik van zijn services uitermate serieus. U kunt hieronder aangeven waarom deze vraag ongepast is. Wij controleren de vraag en zonodig wordt deze verwijderd.

Product:

Bijvoorbeeld antisemitische inhoud, racistische inhoud, of materiaal dat gewelddadige fysieke handelingen tot gevolg kan hebben.

Bijvoorbeeld een creditcardnummer, een persoonlijk identificatienummer, of een geheim adres. E-mailadressen en volledige namen worden niet als privégegevens beschouwd.

Spelregels forum

Om tot zinvolle vragen te komen hanteren wij de volgende spelregels:

Belangrijk! Als er een antwoord wordt gegeven op uw vraag, dan is het voor de gever van het antwoord nuttig om te weten als u er wel (of niet) mee geholpen bent! Wij vragen u dus ook te reageren op een antwoord.

Belangrijk! Antwoorden worden ook per e-mail naar abonnees gestuurd. Laat uw emailadres achter op deze site, zodat u op de hoogte blijft. U krijgt dan ook andere vragen en antwoorden te zien.

Abonneren

Abonneer u voor het ontvangen van emails voor uw Theben Meteodata 140 basic KNX - 1409205 bij:


U ontvangt een email met instructies om u voor één of beide opties in te schrijven.


Ontvang uw handleiding per email

Vul uw emailadres in en ontvang de handleiding van Theben Meteodata 140 basic KNX - 1409205 in de taal/talen: Nederlands als bijlage per email.

De handleiding is 0,72 mb groot.

 

U ontvangt de handleiding per email binnen enkele minuten. Als u geen email heeft ontvangen, dan heeft u waarschijnlijk een verkeerd emailadres ingevuld of is uw mailbox te vol. Daarnaast kan het zijn dat uw internetprovider een maximum heeft aan de grootte per email. Omdat hier een handleiding wordt meegestuurd, kan het voorkomen dat de email groter is dan toegestaan bij uw provider.

Stel vragen via chat aan uw handleiding

Stel uw vraag over deze PDF

Andere handleiding(en) van Theben Meteodata 140 basic KNX - 1409205

Theben Meteodata 140 basic KNX - 1409205 Gebruiksaanwijzing - Nederlands - 2 pagina's

Theben Meteodata 140 basic KNX - 1409205 Gebruiksaanwijzing - Deutsch - 80 pagina's

Theben Meteodata 140 basic KNX - 1409205 Gebruiksaanwijzing - Deutsch - 2 pagina's

Theben Meteodata 140 basic KNX - 1409205 Gebruiksaanwijzing - English - 2 pagina's

Theben Meteodata 140 basic KNX - 1409205 Gebruiksaanwijzing - English - 78 pagina's

Theben Meteodata 140 basic KNX - 1409205 Gebruiksaanwijzing - Français - 2 pagina's

Theben Meteodata 140 basic KNX - 1409205 Gebruiksaanwijzing - Français - 74 pagina's


Uw handleiding is per email verstuurd. Controleer uw email

Als u niet binnen een kwartier uw email met handleiding ontvangen heeft, kan het zijn dat u een verkeerd emailadres heeft ingevuld of dat uw emailprovider een maximum grootte per email heeft ingesteld die kleiner is dan de grootte van de handleiding.

Er is een email naar u verstuurd om uw inschrijving definitief te maken.

Controleer uw email en volg de aanwijzingen op om uw inschrijving definitief te maken

U heeft geen emailadres opgegeven

Als u de handleiding per email wilt ontvangen, vul dan een geldig emailadres in.

Uw vraag is op deze pagina toegevoegd

Wilt u een email ontvangen bij een antwoord en/of nieuwe vragen? Vul dan hier uw emailadres in.



Info