674999
96
Verklein
Vergroot
Pagina terug
1/129
Pagina verder
NL
ELEKTRISCHE FIETSEN
87700063 • 1.0 • 30.05.2018
VERTALING VAN DE ORIGINELE
GEBRUIKSHANDLEIDING
E-Light Sport, Explorer E Sport, Explorer E Tour,
Obra Ergo, Traveller E, Boston E Beltdrive
KB012; KB013; KB019; KB020; KB021; KB024; KB025; KB026; KB027;
KB028; KB029; KB030; KB031; KB032; KB035; KB037; KB050; KB051;
KB052
BELANGRIJK
VOOR GEBRUIK ZORGVULDIG LEZEN
BEWAREN ALS NASLAGWERK
Copyright
© KETTLER Alu-Rad GmbH
Verspreiding en vermenigvuldiging van deze
gebruikshandleiding, evenals exploitatie en
mededeling van de inhoud zijn verboden voor zover
niet uitdrukkelijk toegestaan. Overtreding hiervan
verplicht tot schadevergoeding. Alle rechten voor
eventuele octrooiaanvragen, aanvragen voor
gebruiksmodellen of Gemeenschapsmodellen
voorbehouden.
87700063_1.0_30.05.2018
1
Datablad
Naam, voornaam van de koper:
Aankoopdatum:
Model:
Framenummer:
Typenummer:
Ledig gewicht (kg):
Wielmaat:
Aanbevolen bandenspanning (bar)*: voor: achter:
Wielomtrek (mm)
Bedrijfsstempel en handtekening:
*Bij vervanging van een band moet de toegestane bandenspanning worden
afgelezen van de markeringen op de band en in acht worden genomen. De
hier aanbevolen bandenspanning mag niet worden overschreden.
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
2
1 Technische gegevens
Fiets
Accu
Transporttemperatuur C - 2C
Optimale transporttemperatuur 10 °C - 15 °C
Opslagtemperatuur C - 2C
Optimale opslagtemperatuur 10 °C - 15 °C
Temperatuur gebruik C - 3C
Temperatuur werkplek 15 °C - 25 °C
Temperatuur laden 10 °C - 30 °C
Afgegeven vermogen/systeem 250 W (0,25 W)
Uitschakelsnelheid 25 km/h
Tabel 1: Technische gegevens fiets
Transporttemperatuur C - 2C
Optimale transporttemperatuur 10 °C - 15 °C
Opslagtemperatuur C - 2C
Optimale opslagtemperatuur 10 °C - 15 °C
Omgevingstemperatuur laden 10 °C - 30 °C
Tabel 2: Technische gegevens accu
87700063_1.0_30.05.2018
3
Gebruik
Display
Emissies
*Aan de beschermingseisen conform de EMC-richtlijn
2014/30/EU is voldaan. De fiets en de oplader kunnen zonder
beperkingen in een woonomgeving worden gebruikt.
USB-aansluiting
Aanhaalmoment
*voor zover op het onderdeel geen andere gegevens staan
vermeld
Lithium-ion-accu intern 3,7 V, 240 mAh
Opslagtemperatuur C - 2C
Omgevingstemperatuur laden 10 °C - 30 °C
Tabel 3: Technische gegevens display
A-gewogen geluidsemissiedruk < 70 dB(A)
Totale waarde van de trillingen waaraan
het hand-armstelsel wordt blootgesteld
<2,5m/s²
Maximale kwadratische gemiddelde
waarde van de frequentiegewogen
versnelling waaraan het gehele lichaam
wordt blootgesteld
<0,5m/s²
Tabel 4: Emissies door de fiets*
Laadspanning 5V
Laadstroom max. 500 mA
Tabel 5: Technische gegevens USB-aansluiting
Aanhaalmoment asmoer 35 Nm - 40 Nm
Maximaal aanhaalmoment klemschroeven
stuur*
5Nm - 7Nm
Tabel 6: Aanhaalmomenten*
Inhoudsopgave
87700063_1.0_30.05.2018
4
1 Technische gegevens 2
2 Over deze gebruikshandleiding 8
2.1 Fabrikant 8
2.2 Wetgeving, normen en richtlijnen 9
2.3 Overige van toepassingen zijnde documenten 9
2.4 Wijzigingen voorbehouden 10
2.5 Taal 10
2.6 Identificatie 11
2.6.1 Gebruikshandleiding 11
2.6.2 Fiets 11
2.7 Voor uw veiligheid 13
2.7.1 Instructie, opleiding en klantenservice 13
2.7.2 Essentiële veiligheidsaanwijzingen 14
2.7.3 Waarschuwingen 14
2.7.4 Veiligheidsmarkeringen 15
2.8 Ter informatie 15
2.8.1 Instructies 15
2.8.2 Informatie op de typeplaat 15
2.8.3 Taalconventies 18
2.9 Typeplaat 20
3 Veiligheid 21
3.1 Eisen aan de berijder 21
3.2 Bedoeld gebruik 21
3.2.1 Stads- en toerfiets 22
3.3 Niet-bedoeld gebruik 22
3.4 Persoonlijke beschermingsmiddelen 23
3.5 Gevaren voor kwetsbare groepen 23
3.6 Zorgplicht 23
3.6.1 Berijder 23
3.6.2 Eigenaar 24
4 Beschrijving 25
4.1 Overzicht 25
4.2 Stuur 26
4.3 Wiel en vork 27
4.3.1 Ventiel 27
4.3.2 Vering 28
4.4 Remsysteem 29
4.4.1 Velgrem 29
4.4.1.1 Vergrendelingshendel 30
4.4.2 Schijfrem 31
87700063_1.0_30.05.2018
5
Inhoudsopgave
4.4.3 Terugtraprem 32
4.5 Elektrisch aandrijfsysteem 33
4.5.1 Accu 35
4.5.1.1 Bedrijfs- en laadtoestandweergave 38
4.5.2 Rijverlichting 39
4.5.3 Display 39
4.5.3.1 Bedieningselementen 40
4.5.3.2 USB-aansluiting 41
4.5.3.3 Weergaven 41
4.5.4 Bediening 45
5 Transport, opslag en montage 46
5.1 Transport 46
5.2 Opslag 48
5.2.1 Onderbreking van het gebruik 48
5.2.1.1 Onderbreking van het gebruik voorbereiden 49
5.2.1.2 Onderbreking van het gebruik uitvoeren 50
5.3 Montage 51
5.3.1 Uitpakken 51
5.3.2 Levering 52
5.3.3 In gebruik nemen 52
5.3.3.1 Accu controleren 54
5.4 Wiel met snelspanner monteren 55
6 Fiets aan de berijder aanpassen 56
6.1 Zadel afstellen 56
6.1.1 Zithoogte bepalen 56
6.1.2 Zadelpen met snelspanner vastzetten 57
6.2 Hardheid van de veerelementen afstellen 58
6.2.1 Hardheid van de voorvork met stalen veer afstellen 58
6.2.2 Hardheid van de luchtveerelementen afstellen 59
6.3 Grijpafstand van de remhendel afstellen 60
6.3.1 Hydraulisch bediende velgrem 60
6.3.2 Hydraulisch bediende schijfrem 62
7Gebruik 63
7.1 Voor het rijden 65
7.2 Zijstandaard gebruiken 67
7.3 Accu 68
7.3.1 Framemontage-accu 70
7.3.1.1 Framemontage-accu verwijderen 70
7.3.1.2 Framemontage-accu aanbrengen 70
7.3.2 Bagagedrageraccu 71
Inhoudsopgave
87700063_1.0_30.05.2018
6
7.3.2.1 Bagagedrageraccu verwijderen 71
7.3.2.2 Bagagedrageraccu aanbrengen 71
7.3.3 Geïntegreerde accu 71
7.3.3.1 Geïntegreerde accu verwijderen 72
7.3.3.2 Geïntegreerde accu aanbrengen 72
7.3.4 Accu laden 73
7.3.5 Accu uit de slaapstand halen 74
7.4 Elektrisch aandrijfsysteem 75
7.4.1 Aandrijfsysteem inschakelen 75
7.4.2 Aandrijfsysteem uitschakelen 76
7.4.3 Aandrijfsysteem vanaf de bediening met display inschakelen 76
7.4.4 Aandrijfsysteem uitschakelen 77
7.5 Display 78
7.5.1 USB-aansluiting gebruiken 78
7.5.2 Interne accu van het display laden 78
7.5.3 Display verwijderen en aanbrengen 79
7.5.4 Duwondersteuning gebruiken 80
7.5.5 Rijverlichting gebruiken 81
7.5.6 Ondersteuningsniveau selecteren 81
7.5.7 Reisinformatie 82
7.5.7.1 Weergegeven reisinformatie wijzigen 82
7.5.7.2 Reisinformatie resetten 82
7.5.8 Systeeminstellingen wijzigen 82
7.6 Versnelling 83
7.6.1 Handmatig 83
7.6.2 Automatisch 83
7.6.2.1 De automatische of handmatige versnelling selecteren 83
7.6.2.2 Gewenste trapfrequentie instellen 84
7.6.2.3 Versnelling handmatig selecteren 84
7.7 Remmen 85
7.7.1 Rem gebruiken 86
7.7.2 Terugtraprem gebruiken 86
7.8 Vering en demping 87
7.8.1 Vering van het voorwiel blokkeren 87
8 Onderhoud 88
8.1 Reinigen en onderhouden 89
8.1.1 Accu 89
8.1.2 Display 90
8.1.3 Grondige reiniging en conservatie 90
8.1.4 Ketting 91
87700063_1.0_30.05.2018
7
Inhoudsopgave
8.2 Onderhouden 92
8.2.1 Wiel 92
8.2.2 Remsysteem 93
8.2.3 Elektrische leidingen en remkabels 93
8.2.4 Versnelling 93
8.2.5 USB-aansluiting 93
8.2.6 Ketting- resp. riemspanning 94
8.3 Inspectie 96
8.4 Corrigeren en repareren 97
8.4.1 Uitsluitend originele onderdelen gebruiken 97
8.4.2 Snelspanner van het wiel 98
8.4.2.1 Snelspanner spannen 99
8.4.3 Vuldruk corrigeren 101
8.4.3.1 Blitzventiel 101
8.4.3.2 Frans ventiel 102
8.4.3.3 Autoventiel 103
8.4.4 De versnelling afstellen 104
8.4.4.1 Versnelling met bowdenkabelbediening, enkel 104
8.4.4.2 Versnelling met bowdenkabelbediening, dubbel 105
8.4.4.3 Draaibare handvatschakelaar met
bowdenkabelbediening, dubbel 106
8.4.5 Slijtage van de remblokken compenseren 107
8.4.5.1 Hydraulisch bediende velgrem 107
8.4.5.2 Velgrem met bowdenkabelbediening 108
8.4.5.3 Schijfrem 108
8.4.6 Verlichting vervangen 109
8.4.7 Koplamp afstellen 109
8.4.8 Reparaties door de dealer 109
8.4.9 Eerste hulp bij systeemmeldingen 110
8.4.9.1 Eerste hulp 110
8.4.9.2 Verhelpen van specifieke storingen 111
8.4.10 Elektrisch aandrijfsysteem of display start niet op 112
8.5 Accessoires 113
8.5.1 Kinderzitje 114
8.5.2 Fietsaanhanger 116
9 Recycling en afvoer 117
10 EG-conformiteitsverklaring 119
11 Lijst met afbeeldingen 120
12 Lijst met tabellen 122
13 Index 123
Over deze gebruikshandleiding
87700063_1.0_30.05.2018
8
2 Over deze gebruikshandleiding
Lees deze gebruikshandleiding voor ingebruikname
van de fiets om alle functies veilig en op de juiste
manier te kunnen gebruiken. De gebruikshandleiding
vervangt niet de persoonlijke instructie door de
uitleverende KETTLER-dealer. Deze
gebruikshandleiding is onderdeel van de fiets.
Wanneer deze te zijner tijd wordt doorverkocht, moet
de gebruikshandleiding aan de nieuwe eigenaar
worden overhandigd.
Deze gebruikshandleiding is hoofdzakelijk gericht aan
de berijders en eigenaren van de fiets, die doorgaans
technische leken zijn
.
Het personeel van alle KETTLER-dealers is op grond
van hun relevante vakopleiding in staat de gevaren te
herkennen en de risico's te vermijden, die optreden bij
onderhoud aan en reparatie van de fiets. Informatie
gericht tot deze vakmensen mag door technische
leken niet worden opgevat als vrijbrief om de
betreffende handelingen uit te voeren.
2.1 Fabrikant
De fabrikant van de fiets is:
KETTLER Alu-Rad GmbH
Longericher Straße 2
50739 Köln, Germany
Tel.: +49 6805 6008-0
Fax: +49 6805 6008-3098
E-mail: info@kettler-alu-rad.com
Internet: www.kettler-alu-rad.com
Passages, die zich uitdrukkelijk richten tot vakmensen
(bv. fietsenmakers), zijn gemarkeerd met een blauw
gereedschappictogram.
87700063_1.0_30.05.2018
9
Over deze gebruikshandleiding
2.2 Wetgeving, normen en richtlijnen
Deze gebruikshandleiding voldoet aan de essentiële
eisen van:
de Machinerichtlijn 2006/42/EG,
EN-ISO 12100:2010, Veiligheid van machines –
Algemene ontwerpbeginselen – Risicobeoordeling en
risicoreductie,
EN-ISO 4210-2:2015, Rijwielen – Veiligheidseisen
voor fietsen – Deel 2: Eisen voor stads- en toerfietsen,
jeugdfietsen, mountainbikes en racefietsen,
EN 15194:2009+A1:2011, Fietsen – Elektrisch
ondersteunende fietsen – EPAC Fietsen,
EN 11243:2016, Fietsen – Bagagedragers voor
fietsen – Eisen en beproevingsmethoden,
de EMC-richtlijn 2014/30/EU,
EN 82079-1:2012, Voorbereiding van gebruik van
instructies – Structuur, inhoud en presentatie – Deel 1:
Algemene uitgangspunten en gedetailleerde eisen, en
EN-ISO 17100:2015, Vertaaldiensten – Eisen voor
vertaaldiensten.
2.3 Overige van toepassingen zijnde
documenten
Deze gebruikshandleiding is uitsluitend volledig
samen met de overige van toepassingen zijnde
documenten.
Bij dit product hoort het volgende document:
Gebruikshandleiding oplader.
Alle andere informatie geldt als niet van toepassing.
De lijsten met goedgekeurde accessoires en
onderdelen worden continu geactualiseerd en zijn
beschikbaar bij de KETTLER-dealers.
Over deze gebruikshandleiding
87700063_1.0_30.05.2018
10
2.4 Wijzigingen voorbehouden
De informatie in deze gebruikshandleiding
gebruikshandleiding komt overeen met de vrijgegeven
technische specificaties op het moment van druk.
Relevante wijzigingen zullen worden verwerkt in een
nieuwe uitgave van de gebruikshandleiding.
2.5 Taal
De originele gebruikshandleiding is opgesteld in de
Duitse taal. Een vertaling daarvan is zonder de
originele gebruikshandleiding niet geldig.
87700063_1.0_30.05.2018
11
Over deze gebruikshandleiding
2.6 Identificatie
2.6.1 Gebruikshandleiding
Deze gebruikshandleiding is gedrukt in kleur en
verlijmd in een kaft van dun karton (PUR-lijm). Voor
kopieën in welke vorm dan ook, bijvoorbeeld zwart/wit-
kopieën, losbladige of elektronische kopieën,
aanvaardt KETTLER Alu-Rad GmbH geen
verantwoordelijkheid.
Het identificatienummer van deze gebruikshandleiding
bestaat uit het documentnummer, het versienummer en
de verschijningsdatum. Het staat vermeld op het dekblad
en in de voettekst.
2.6.2 Fiets
Deze gebruikshandleiding van het merk KETTLER
heeft betrekking op het modeljaar 2018. De
productieperiode betreft augustus 2017 tot en met
juni 2018. Deze is uitgegeven in augustus 2017.
Deze gebruikshandleiding is onderdeel van de
volgende fietsen:
Identificatienummer 87700063_1.0_30.05.2018
Tabel 7: Identificatienummer van de gebruikshandleiding
Typenummer Model Fietstype
KB012 E-Light Sport FS Stads en toerfiets
KB013 E-Light Sport HT Stads en toerfiets
KB019 Explorer E Sport Stads en toerfiets
KB020 Explorer E Tour Stads en toerfiets
KB021 Traveller E Light Comp Stads en toerfiets
KB024 Obra Ergo Stads en toerfiets
Tabel 8: Toewijzing typenummer, model en type fiets
Over deze gebruikshandleiding
87700063_1.0_30.05.2018
12
KB025 Traveller E Light Pro Stads en toerfiets
KB026
Traveller E Light Pro
(NuVinci)
Stads en toerfiets
KB027 Traveller E Light Stads en toerfiets
KB028 Traveller E Light (FL/RT) Stads en toerfiets
KB029 Traveller E Gold (ketting) Stads en toerfiets
KB030 Traveller E Gold (FL/RT) Stads en toerfiets
KB031
Traveller E Comfort
(ketting)
Stads en toerfiets
KB032
Traveller E Comfort
(FL/RT)
Stads en toerfiets
KB035 Boston E Beltdrive Stads en toerfiets
KB037 Traveller E Life Stads en toerfiets
KB050
Traveller E Gold Pro
(FL/RT)
Stads en toerfiets
KB051
Traveller E Gold Pro
(ketting)
Stads en toerfiets
KB052 Traveller E Comfort Pro Stads en toerfiets
Typenummer Model Fietstype
Tabel 8: Toewijzing typenummer, model en type fiets
87700063_1.0_30.05.2018
13
Over deze gebruikshandleiding
2.7 Voor uw veiligheid
Het veiligheidsconcept van de fiets bestaat uit vier
elementen:
de instructie van de berijder resp. de eigenaar en het
onderhoud en de reparatie van de fiets door de
KETTLER-dealer,
het hoofdstuk Algemene veiligheid,
de waarschuwingen in deze gebruikshandleiding, en
de veiligheidsmarkeringen op de typeplaat.
2.7.1 Instructie, opleiding en klantenservice
De klantenservice wordt uitgevoerd door de
uitleverende KETTLER-dealer. Zijn contactgegevens
staan op de achterzijde en op het datablad in deze
gebruikshandleiding. Wanneer deze niet bereikt kan
worden, vindt u op de internetpagina www.kettler-alu-
rad.com KETTLER-dealers die klantenservice bieden.
De berijder of eigenaar van de fiets krijgt uiterlijk bij de
overdracht van de fiets persoonlijk uitleg van de
uitleverende KETTLER-dealer over de functies van de
fiets, in het bijzonder de elektrische functies en het
juiste gebruik van de oplader.
Elke berijder aan wie deze fiets ter beschikking wordt
gesteld, moet een instructie krijgen over de functies
van de fiets. Deze gebruikshandleiding moet aan elke
berijder in gedrukte vorm worden overhandigd ter
kennisneming en inachtneming.
De KETTLER-dealer, die reparaties en
onderhoudswerkzaamheden mag uitvoeren, wordt
regelmatig bijgeschoold.
Over deze gebruikshandleiding
87700063_1.0_30.05.2018
14
2.7.2 Essentiële veiligheidsaanwijzingen
2.7.3 Waarschuwingen
Gevaarlijke situaties en handelingen zijn gemarkeerd
met waarschuwingen. In deze gebruikshandleiding
worden waarschuwingen als volgt weergegeven:
In de gebruikshandleiding worden onderstaande
pictogrammen en signaalwoorden gebruikt voor
waarschuwingen en aanwijzingen:
Deze gebruikshandleiding bevat een hoofdstuk met
algemene veiligheidsaanwijzingen [
Hoofdstuk 3,
pagina 21]. Het hoofdstuk is te herkennen aan de
grijze achtergrond.
Type en bron van het gevaar
Beschrijving van het gevaar en de gevolgen.
Maatregelen
SIGNAALWOORD
Niet in acht nemen leidt tot ernstig letsel of de dood.
Hoog risico.
Kan bij niet in acht nemen leiden tot ernstig letsel of de
dood. Gemiddeld risico.
Kan leiden tot gering letsel of letsel. Laag risico.
Kan bij niet in acht nemen leiden tot materiële schade.
Tabel 9: Betekenis van de signaalwoorden
GEVAAR
!
WAARSCHUWING
!
VOORZICHTIG
!
OPMERKING
87700063_1.0_30.05.2018
15
Over deze gebruikshandleiding
2.7.4 Veiligheidsmarkeringen
Op de typeplaten van de fiets worden onderstaande
veiligheidsmarkeringen gebruikt:
2.8 Ter informatie
2.8.1 Instructies
Instructies zijn als volgt opgebouwd:
Voorwaarden (optioneel)
Instructiestap
Resultaat van de stap (optioneel)
2.8.2 Informatie op de typeplaat
Op de typeplaten van de producten staat, naast de
waarschuwingen, andere belangrijke informatie over
de fiets:
Algemene waarschuwing
Neem de gebruikshandleiding in acht
Tabel 10: Veiligheidsmarkeringen op het product
Over deze gebruikshandleiding
87700063_1.0_30.05.2018
16
Uitsluitend geschikt voor de weg, niet geschikt voor
terreinrijden en sprongen
Geschikt voor de weg en terreinrijden en sprongen tot
15 cm
Geschikt voor terreinrijden onder ruwe
omstandigheden en sprongen tot 61 cm
Geschikt voor terreinrijden onder ruwe
omstandigheden en sprongen tot 122 cm
Geschikt voor terreinrijden onder de meest ruwe
omstandigheden
Tabel 11: Toepassingsgebied
Stads- en toerfiets
kinderfiets/ jeugdfiets
BMX-fiets
Mountainbike
Racefiets
Transportfiets
Vouwfiets
Tabel 12: Fietstype
87700063_1.0_30.05.2018
17
Over deze gebruikshandleiding
Gebruiksaanwijzing lezen
Gescheiden inzameling van oude elektrische en
elektronische apparaten
Gescheiden inzameling van batterijen
Niet in het vuur werpen (verbranden verboden)
Batterij openen verboden
Apparaat van beschermingsklasse II
Uitsluitend geschikt voor gebruik binnenshuis
Zekering (apparaatzekering)
EU-conformiteit
Recyclebaar materiaal
Beschermen tegen temperaturen boven 50 °C en
invallend zonlicht
Tabel 13: Overige informatie op het product
Over deze gebruikshandleiding
87700063_1.0_30.05.2018
18
2.8.3 Taalconventies
De in deze gebruikshandleiding beschreven fiets kan
zijn voorzien van alternatieve componenten. De
uitrusting van de fiets wordt bepaald door het
betreffende typenummer. Waar van toepassing, wordt
op alternatief toegepaste componenten gewezen door
middel van de aanwijzingen alternatieve uitrusting resp.
alternatieve uitvoering.
Alternatieve uitrusting beschrijft aanvullende
componenten, die niet per se onderdeel zijn van elke
fiets waar deze gebruikshandleiding betrekking op
heeft.
Alternatieve uitvoering licht de verschillende varianten
toe van componenten, die in het gebruik verschillen
vertonen.
Voor een betere leesbaarheid worden onderstaande
begrippen gebruikt:
Begrip Betekenis
Gebruikshandleiding Originele gebruikshandleiding
resp. vertaling van de originele
gebruikshandleiding
Fiets Elektrisch aangedreven fiets
Motor Aandrijfmotor
Tabel 14: Vereenvoudigde begrippen
87700063_1.0_30.05.2018
19
Over deze gebruikshandleiding
In deze gebruikshandleiding worden onderstaande
schrijfwijzen gebruikt:
Schrijfwijze Gebruik
cursief Indextermen
GEBLOKKEERD Weergaven op het display
[
Voorbeeld,
paginanummering]
Kruisverwijzingen
Opsommingen
Tabel 15: Schrijfwijzen
Over deze gebruikshandleiding
87700063_1.0_30.05.2018
20
2.9 Typeplaat
De typeplaat bevindt zich op het frame
[
afbeelding 3]. De typeplaat bevat de onderstaande
informatie:
Afbeelding 1: Typeplaat (voorbeeld)
2Fabrikant
3 Typenummer
4 Maximaal afgegeven vermogen
5 Toegestaan totaalgewicht
6 Modeljaar
7 Fietstype [
2.4.6.4 Typeplaat]
8 Veiligheidsaanwijzingen
[
2.4.6.4 Veiligheidsaanwijzingen]
9 Pictogram afvoer
10 Aanbevolen toepassingsgebied
[
2.4.6.4 Typeplaat]
11 Bouwjaar
12 Uitschakelsnelheid
KETTLER
Alu-Rad GmbH
Longericher Str. 2
50739 Köln, Germany
Typ:
87700071
ISO 4210-2
EN 15194
0,25 kW / 25 km/h
180 kg, BJ 2018
Modelljahr 2018
nach
EPAC
2
3
1
4
5
6
7
8
9
11
12
10
87700063_1.0_30.05.2018
21
Veiligheid
3 Veiligheid
3.1 Eisen aan de berijder
Wanneer geen wettelijke eisen zijn gesteld aan
berijders van elektrisch ondersteunende fietsen, wordt
een minimale leeftijd van 15 jaar aanbevolen en
ervaring in de omgang met normale fietsen.
De lichamelijke en geestelijke vermogens van de
berijder dienen voldoende te zijn voor het gebruik van
een normale fiets.
Wanneer de fiets door minderjarigen wordt gebruikt,
moet, naast een grondige instructie door of in
aanwezigheid van de opvoeder, uit worden gegaan
van gebruik onder toezicht, tot is vastgesteld dat de
fiets conform deze gebruikshandleiding wordt
gebruikt. Bij minderjarigen ligt de verantwoordelijkheid
om vast te stellen of deze in staat zijn de fiets te
gebruiken uitsluitend en alleen bij de opvoeder.
3.2 Bedoeld gebruik
De fiets mag uitsluitend in correcte functionele
toestand worden gebruikt. Er kunnen van de
seriefabricage afwijkende voorschriften aan fietsen
worden gesteld. In het bijzonder voor de deelname
aan het verkeer gelden deels bijzondere voorschriften
met betrekking tot de rijverlichting, de reflectoren en
andere onderdelen.
De algemene wetgeving en voorschriften ter
voorkoming van ongevallen en ter bescherming van
het milieu van het betreffende gebruiksland moeten in
acht worden genomen. Alle instructies en checklists in
deze gebruikshandleiding behoren ook tot het
bedoelde gebruik. Montage van goedgekeurde
accessoires door een vakman is toegestaan.
Veiligheid
87700063_1.0_30.05.2018
22
Aan elke fiets is een bepaald fietstype toegekend
waaruit het bedoelde gebruik volgt
3.2.1 Stads- en toerfiets
Stads- en toerfietsen zijn bedoeld voor dagelijks,
comfortabel gebruik op verharde wegen. Ze zijn
geschikt voor deelname aan het verkeer.
Stads- en toerfietsen zijn geen sportfietsen. Bij
sportief gebruik moet rekening worden gehouden met
verminderde rijstabiliteit en verminderd comfort.
Stads- en toerfietsen zijn niet geschikt voor
terreinrijden.
3.3 Niet-bedoeld gebruik
Niet in acht nemen van het bedoelde gebruik leidt tot
gevaar voor persoonlijk letsel en materiële schade.
Voor onderstaand gebruik is de fiets niet geschikt:
rijden met een beschadigde of incomplete fiets,
rijden op trappen,
rijden door diep water,
verhuren van de fiets aan niet-geïnstrueerde
berijders,
meenemen van andere personen,
rijden met overmatige bagage,
rijden met losse handen,
rijden op ijs en sneeuw,
ondeskundig onderhoud,
ondeskundige reparatie,
zware gebruiksomstandigheden zoals beroepsmatig
gebruik, en
stunts en sprongen.
87700063_1.0_30.05.2018
23
Veiligheid
3.4 Persoonlijke beschermingsmiddelen
Het dragen van een geschikte fietshelm wordt
aanbevolen. Daarnaast wordt aanbevolen speciale,
nauwsluitende fietskleding en stevige schoenen te
dragen.
3.5 Gevaren voor kwetsbare groepen
Accu en oplader moeten verwijderd worden gehouden
van kinderen.
3.6 Zorgplicht
De veiligheid van de fiets kan uitsluitend worden
gewaarborgd wanneer alle daarvoor noodzakelijk
maatregelen worden genomen.
3.6.1 Berijder
De berijder:
laat zich instrueren voordat hij de eerste keer gaat
rijden. Bij vragen over de gebruikshandleiding neemt
hij contact op met de eigenaar of de KETTLER-dealer.
draagt persoonlijke beschermingsmiddelen.
vervult bij doorgifte van de fiets alle verplichtingen
van de eigenaar.
Veiligheid
87700063_1.0_30.05.2018
24
3.6.2 Eigenaar
Het valt onder de zorgplicht van de eigenaar om de
maatregelen te plannen en de uitvoering ervan te
controleren.
De eigenaar:
stelt deze gebruikshandleiding voor de duur van het
gebruik van de fiets beschikbaar aan de berijder. Zo
nodig vertaalt hij de gebruikshandleiding in een door
de berijder begrepen taal.
instrueert de berijder in de functies van de fiets
voordat deze de eerste keer gaat rijden. Uitsluitend
geïnstrueerde berijders mogen rijden.
wijst de berijder op het bedoelde gebruik en het
dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen.
geeft uitsluitend vakmensen opdracht tot het
onderhouden en repareren van de fiets.
De in de bijlage afgedrukte EG-conformiteitsverklaring
is geldig zolang de fiets zich in de originele toestand
bevindt. Zodra de eigenaar relevante wijzigingen of
aanvullingen aanbrengt, wordt hij zelf fabrikant. Hij
moet dan, onder zijn eigen verantwoordelijkheid,
opnieuw de overeenstemming met de EG-richtlijnen
vaststellen om:
de fiets opnieuw in gebruik te mogen nemen,
de CE-markering aan te brengen, en
de veiligheid van de berijder niet in gevaar te
brengen.
87700063_1.0_30.05.2018
25
Beschrijving
4 Beschrijving
4.1 Overzicht
Afbeelding 2: Fiets van rechts gezien, voorbeeld Traveller E-Comfort
1 Voorwiel
2 Vork
3 Spatbord voor
4 Koplamp
5 Stuur
6 Voorbouw
7 Frame
8 Framenummer en typeplaat
9 Zadelpen
10 Zadel
11 Bagagedrager
12 Accu
13 Reflector en achterlicht
14 Spatbord achter
15 Achterwiel
16 Zijstandaard
17 Ketting
18 Kettingbeschermer
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
15
16
17
18
14
Beschrijving
87700063_1.0_30.05.2018
26
4.2 Stuur
Afbeelding 3: Detailaanzicht fiets vanuit berijderpositie gezien, voorbeeld
1 Remhendel achter
2Bel
3Koplamp
4 Display
5 Remhendel voor
6 Bediening
7 Vorkblokkering op de kop van de verende
voorvork
8 Schakelhendel
1
2
4
6
5
7
8
3
87700063_1.0_30.05.2018
27
Beschrijving
4.3 Wiel en vork
Afbeelding 4: Componenten van het wiel, voorbeeld voorwiel
1 Band
2Velg
3 Kop van de verende voorvork met instelwiel
4 Vorkpoot
5 Spaak
6 Snelspanner
7Naaf
8 Ventiel
9 Uitvaleinde van de vorkpoot
4.3.1 Ventiel
Elk wiel heeft een ventiel. Het dient om de band te
vullen met lucht. Elk ventiel is voorzien van een
ventieldop. De aangebrachte ventieldop houdt het
ventiel vrij van stof en vuil.
De fiets is voorzien van een klassiek Blitzventiel, een
Frans ventiel of een autoventiel.
1
2
4
5
8
7
3
9
6
Beschrijving
87700063_1.0_30.05.2018
28
4.3.2 Vering
Een verende voorvork verbetert het contact met de
ondergrond en het comfort door middel van de vering.
Afbeelding 5: Fiets zonder vering (1) en met vering (2) tijdens het rijden over een
hindernis
De vering zorgt ervoor dat een schok, bv. door een op
de weg liggende steen, niet via de vork rechtstreeks
naar het lichaam van de berijder wordt geleid, maar
door het veersysteem wordt opgevangen. De verende
voorvork wordt daarbij samengedrukt. Het
samendrukken kan worden geblokkeerd, zodat een
verende voorvork hetzelfde reageert als een starre
vork.
21
87700063_1.0_30.05.2018
29
Beschrijving
4.4 Remsysteem
Het remsysteem van de fiets bestaat uit ofwel:
een velgrem op het voor- en achterwiel,
een schijfrem op het voor- en achterwiel, of
een velgrem op het voor- en achterwiel en aanvullend
een terugtraprem.
4.4.1 Velgrem
(alternatieve uitrusting)
Afbeelding 6: Componenten van de velgrem met detail, voorbeeld
1 Achterwielrem
2 Remblok
3Remarm
4 Velg
5 Stuur met remhendels
6 Voorwielrem
De velgrem stopt de beweging van het wiel doordat,
wanneer de berijder in de remhendel knijpt, twee
tegenover elkaar gelegen remblokken tegen de velg
worden gedrukt.
1
2
3
45
6
Beschrijving
87700063_1.0_30.05.2018
30
Er zijn twee alternatieve uitvoeringen van de velgrem:
de hydraulisch bediende velgrem, en
de velgrem met bowdenkabelbediening.
4.4.1.1 Vergrendelingshendel
(alternatieve uitrusting)
Een fiets met hydraulisch bediende velgremmen is
voorzien van een vergrendelingshendel op de voor- en
de achterwielrem.
Afbeelding 7: Vergrendelingshendel van de velgrem, op achterwiel (1) en
voorwiel (2)
2
1
De vergrendelingshendels zijn niet voorzien van een
opschrift. De vergrendelingshendel mag uitsluitend
door een KETTLER-dealer worden afgesteld.
87700063_1.0_30.05.2018
31
Beschrijving
4.4.2 Schijfrem
(alternatieve uitrusting)
Afbeelding 8: Remsysteem van een fiets met schijfrem, voorbeeld
1 Remschijf
2 Remzadel met remvoeringen
3 Stuur met remhendels
4 Remschijf voorwiel
5 Remschijf achterwiel
Bij een fiets met schijfrem is de remschijf vast
verbonden met de naaf van het wiel. Wanneer de
remhendel wordt ingeknepen, worden de
remvoeringen tegen de remschijf gedrukt en wordt de
beweging van het wiel gestopt.
1
2
3
4
5
Beschrijving
87700063_1.0_30.05.2018
32
4.4.3 Terugtraprem
(alternatieve uitrusting)
Afbeelding 9: Remsysteem van een fiets met terugtraprem, voorbeeld
1 Velgrem achterwiel
2 Stuur met remhendels
3 Velgrem voorwiel
4 Pedaal
5 Terugtraprem
De terugtraprem stopt de beweging van het achterwiel
wanneer de berijder tegen de rijbeweging in op de
pedalen trapt.
5
2
3
4
1
87700063_1.0_30.05.2018
33
Beschrijving
4.5 Elektrisch aandrijfsysteem
De fiets wordt aangedreven met spierkracht door
middel van de kettingaandrijving. De kracht, die door
het trappen op de pedalen in de rijrichting wordt
uitgeoefend, drijft het voorste kettingblad aan. Via de
ketting wordt de kracht overgedragen op het achterste
kettingwiel en vervolgens op het achterwiel.
Afbeelding 10: Schema mechanisch aandrijfsysteem
1Rijrichting
2Ketting
3 Achterste kettingwiel
4 Voorste kettingwiel
5 Pedaal
Daarnaast beschikt de fiets over een geïntegreerd
elektrisch aandrijfsysteem.
5
2
3
4
1
Beschrijving
87700063_1.0_30.05.2018
34
Tot het elektrische aandrijfsysteem behoren maximaal
8 componenten:
Afbeelding 11: Schema elektrisch aandrijfsysteem
1 Koplamp
2 Bediening
3 Display
4.1 Geïntegreerde accu
4.2 Framemontage-accu en/of
4.3 Bagagedrageraccu
5 Achterlicht
6 Elektrische versnelling (alternatief)
7Motor
een oplader, die op de accu is afgestemd.
Zodra de benodigde spierkracht van de berijder tijdens
het trappen een bepaald niveau overstijgt, schakelt de
motor licht bij en ondersteunt deze de trapbeweging
van de berijder. De motorkracht is afgestemd op het
ingestelde ondersteuningsniveau.
B
3
1
2
4.2
4.1
4.3
5
6
7
87700063_1.0_30.05.2018
35
Beschrijving
De fiets beschikt niet over een aparte NOODSTOP- of
NOOD-UIT-knop. Het aandrijfsysteem met
afneembaar display kan in geval van nood worden
onderbroken door het display te verwijderen.
De motor schakelt automatisch uit zodra de berijder
niet meer op de pedalen trapt, de temperatuur buiten
het toegestane bereik ligt, er sprake is van
overbelasting of de uitschakelsnelheid van 25 km/h
wordt bereikt.
Er kan een duwondersteuning worden geactiveerd.
Zolang de berijder de plus-toets op het stuur indrukt,
drijft de duwondersteuning de fiets aan op loopsnelheid.
De snelheid kan daarbij maximaal 6 km/h bedragen. Bij
het loslaten van de plus-toets stopt de aandrijving.
4.5.1 Accu
De lithium-ion-accu is voorzien van een ingebouwde
beschermingsregeling. Deze is afgestemd op oplader
en fiets. De temperatuur van de accu wordt continu
bewaakt. De accu is beveiligd tegen diepontlading,
overbelading, oververhitting en kortsluiting. Zo nodig
schakelt de accu automatisch uit door middel van een
beveiligingsschakeling. Ook wanneer het systeem
langere tijd niet wordt gebruikt, gaat de accu ter
bescherming naar de slaapstand.
De levensduur van de accu kan worden verlengd door
een goede omgang, met name door deze bij de juiste
temperatuur op te slaan. Ook bij een goede omgang
neemt de laadcapaciteit van de accu na verloop van
tijd af. Een aanmerkelijk kortere gebruiksduur na het
opladen is een teken dat de accu het einde van zijn
levensduur nadert.
Beschrijving
87700063_1.0_30.05.2018
36
De fiets is voorzien van een framemontage-accu, een
bagagedrageraccu of een geïntegreerde accu.
Afbeelding 12: Detail framemontage-accu
1 Accubehuizing
2Accuslot
3 Sleutel van het accuslot
4 Afdekking accuslot
5 Aan/uit-toets (accu)
6 Bedrijfs- en laadtoestandweergave
7 Afdekking van de laadaansluiting
8 Aansluiting voor de laadconnector
Transporttemperatuur C - 2C
Optimale transporttemperatuur 10 °C - 15 °C
Opslagtemperatuur C - 2C
Optimale opslagtemperatuur 10 °C - 15 °C
Omgevingstemperatuur laden 10 °C - 30 °C
Tabel 16: Technische gegevens accu
1
2
3
4
5
6
7
8
87700063_1.0_30.05.2018
37
Beschrijving
Afbeelding 13: Detail bagagedrageraccu
1 Accubehuizing
2 Aansluiting voor de laadconnector
3 Afdekking van de laadaansluiting
4 Houder van de bagagedrageraccu
5Accuslot
6 Sleutel van het accuslot
7 Bedrijfs- en laadtoestandweergave
8 Aan/uit-toets (accu)
1
2
3
4
5
6
7
8
Beschrijving
87700063_1.0_30.05.2018
38
Afbeelding 14: Detail geïntegreerde accu
1 Sleutel van het accuslot
2 Borging
3 Vergrendelhaak
4 Aan/uit-toets (accu)
5 Bedrijfs- en laadtoestandweergave
6 Behuizing geïntegreerde accu
4.5.1.1 Bedrijfs- en laadtoestandweergave
De vijf groene LED's van de bedrijfs- en
laadtoestandweergave geven bij ingeschakelde accu
de laadtoestand van de accu aan. Daarbij komt elke
LED ongeveer overeen met 20% van de
laadcapaciteit. De laadtoestand van de ingeschakelde
accu wordt tevens weergegeven op het display.
Wanneer de laadtoestand van de accu minder
bedraagt dan 5% doven alle LED's van de bedrijfs- en
laadtoestandweergave. De laadtoestand wordt dan
wel nog weergegeven op het display.
1
2
3
4
5
2
6
87700063_1.0_30.05.2018
39
Beschrijving
4.5.2 Rijverlichting
Bij geactiveerde rijverlichting zijn de koplamp en het
achterlicht samen ingeschakeld.
4.5.3 Display
Het display stuurt met vier bedieningselementen het
aandrijfsysteem aan en toont de rijgegevens. De
berijder kan het aandrijfsysteem uitschakelen door het
display te verwijderen.
De accu van de fiets voedt het display wanneer het
display in de houder zit, er een voldoende opgeladen
accu op de fiets is gemonteerd en het aandrijfsysteem
is ingeschakeld.
Wanneer de berijder het display uit de houder
verwijderd, wordt het display gevoed via een interne
oplaadbare accu.
Lithium-ion-accu intern 3,7 V, 240 mAh
Opslagtemperatuur C - 2C
Omgevingstemperatuur laden 10 °C - 30 °C
Tabel 17: Technische gegevens display
Beschrijving
87700063_1.0_30.05.2018
40
4.5.3.1 Bedieningselementen
Het display heeft vier toetsen en een USB-aansluiting.
Afbeelding 15: Overzicht opbouw en bedieningselementen van het display
TURBO
SPORT
TOUR
ECO
OFF
MPH
KM/H
Reichweite
AMM
PMWH
MIN
MPH
KM /H
RESET
TURB O
SPOR T
S
TOUR
EC
O
OFF
MPH
KM/ H
Reichweite
AMM
PMW H
MIN
MPH
KM
/H
1
2
3
4
5
6
7
8
Pictogram Gebruik
1 Displaybehuizing
2 Rijverlichtingtoets
3 Info-toets (display)
4
RESET
RESET-toets
5 Aan/uit-toets (display)
6 Houder van het display
7 USB-aansluiting
8 Beschermklep USB-aansluiting
Tabel 18: Overzicht bedieningselement
87700063_1.0_30.05.2018
41
Beschrijving
4.5.3.2 USB-aansluiting
Onder het rubberen klepje aan de rechterzijde van het
display bevindt zich een USB-aansluiting.
4.5.3.3 Weergaven
Het display heeft zeven displayweergaven:
Afbeelding 16: Overzicht displayweergaven
Laadspanning 5V
Laadstroom max. 500 mA
5
1
2
3
4
6
7
TURBO
SPORT
TOUR
ECO
OFF
MPH
KM/H
Reichweite
AMM
PMWH
MIN
MPH
KM/H
5
Gebruik
1 Pictogram rijverlichting
2 Ondersteuningsniveau
3 Gevraagd motorvermogen
4 Acculaadtoestand
5 Schakeltip
6 Huidige snelheid
7 Functieweergave
Tabel 19: Overzicht displayweergave
Beschrijving
87700063_1.0_30.05.2018
42
Ondersteuningsniveau
Hoe hoger het niveau van de trapondersteuning wordt
geselecteerd, hoe meer het aandrijfsysteem de
berijder ondersteunt bij het trappen. De volgende
ondersteuningsniveaus zijn beschikbaar.
Schakeltip
De schakeltip reageert op te langzaam of te snel
trappen en adviseert om over te schakelen.
De schakeltip moet in de systeeminstellingen zijn
ingeschakeld.
Ondersteuningsniveau Gebruik
OFF
Bij ingeschakeld aandrijfsysteem is de
motorondersteuning uitgeschakeld.
De duwondersteuning kan bij dit
ondersteuningsniveau niet worden
geactiveerd.
ECO
Geringe ondersteuning
TOUR
Normale ondersteuning
SPORT
Krachtige ondersteuning
TURBO
Maximale ondersteuning
Tabel 20: Overzicht ondersteuningsniveaus
Pictogram Gebruik
Trapfrequentie te hoog; een hogere versnelling wordt
aanbevolen
Trapfrequentie te laag; een lagere versnelling wordt
aanbevolen
Tabel 21: Pictogrammen van de schakeltip
87700063_1.0_30.05.2018
43
Beschrijving
Huidige snelheid
In de systeeminstellingen kan worden geselecteerd of de
snelheid in kilometers of mijlen wordt weergegeven.
Functieweergave
De functieweergave toont drie typen informatie:
reisinformatie,
systeeminstellingen en -informatie, en
systeemmeldingen.
Reisinformatie
Afhankelijk van de fiets toont de functieweergave tot
zeven typen reisinformatie. De getoonde
reisinformatie kan worden gewisseld.
Weergave Functie
TIJD Huidige tijd
MAXIMUM De bereikte maximale snelheid sinds de
laatste RESET
GEMIDDELDE De bereikte gemiddelde snelheid sinds
de laatste RESET
RIJTIJD De rijtijd sinds de laatste RESET
BEREIK Het geschatte bereik bij de huidige
acculaadtoestand
AFSTAND TOTAAL De totale afgelegde afstand (niet
wijzigbaar)
NUVINCI TRAPFREQ. De geautomatiseerde versnelling
selecteren
AFSTAND De afgelegde afstand sinds de laatste
RESET
Tabel 22: Reisinformatie
Beschrijving
87700063_1.0_30.05.2018
44
Systeeminstellingen en -informatie
Om de systeeminstellingen en -informatie te zien,
moet de berijder de systeeminstellingen openen. De
berijder kan wel de waarden van de
systeeminstellingen wijzigen, maar niet die van de
systeeminformatie.
Weergave Functie
- TIJD + Tijd wijzigen
- BANDEN CIRCUM + Wielomtrek in mm
- NEDERLANDS + Taal wijzigen
- EENHEID KM/H + Selecteren of snelheid en afstand in
kilometers of mijlen worden
weergegeven
- TIJDFORMAAT + Selecteren of de tijd in 12-uur- of 24-uur-
format wordt weergegeven
- SCHAKELTIP UIT + Schakeltip in- en uitschakelen
Tabel 23: Wijzigbare systeeminstellingen
Weergave Functie
GEBRUIKSDUUR
TOTAAL
De totale rijtijd
DISPL. VX.X.X.X Softwareversie display
DU VX.X.X.X Softwareversie aandrijfsysteem
DU# XXXX XXXXX Serienummer aandrijfsysteem
SERVICE MM/JJJJ (alternatief) vastgelegde servicedatum
SERV. XX KM/MI (alternatief) vastgelegde service
BAT. VX.X.X.X Softwareversie accu
1.BAT VX.X.X.X Softwareversie accu
2.BAT VX.X.X.X Softwareversie accu
Tabel 24: Systeeminformatie, niet wijzigbaar
87700063_1.0_30.05.2018
45
Beschrijving
Systeemmelding
Het aandrijfsysteem bewaakt zichzelf continu en geeft
een gedetecteerde storing aan als systeemmelding
met behulp van een getal. Afhankelijk van de aard van
de storing schakelt het systeem zichzelf zo nodig
automatisch uit. Een tabel met alle systeemmeldingen
bevindt zich aan het eind van het hoofdstuk
Onderhoud.
4.5.4 Bediening
De bediening heeft vier toetsen.
Afbeelding 17: Overzicht bediening
1
2
3
4
5
Pictogra
m
Naam
1
Info-toets (bediening)
2 Bediening
3
WALK
Duwondersteuningstoets
4
+
Plus-toets
5
Min-toets
Tabel 25: Overzicht bediening
Transport, opslag en montage
87700063_1.0_30.05.2018
46
5 Transport, opslag en montage
5.1 Transport
Vallen bij onbedoelde activering
Bij onbedoelde activering van het aandrijfsysteem
bestaat gevaar voor letsel.
Verwijder de accu voordat de fiets wordt
getransporteerd.
Brand- en explosiegevaar door hoge
temperaturen
Te hoge temperaturen leiden tot schade aan de accu.
De accu kan ontvlammen en exploderen.
Stel de accu niet langdurig bloot aan invallend
zonlicht.
Wanneer de fiets op zijn kant ligt, kunnen olie en vet
uit de fiets vrijkomen.
Wanneer de transportdoos met de fiets erin op zijn
kant ligt of op de kopse kant staat, biedt deze
onvoldoende bescherming tegen beschadiging van het
frame en de wielen.
Transporteer de fiets uitsluitend staand.
Fietsdragersystemen waarbij de fiets ondersteboven
op het stuur of frame wordt vastgezet, oefenen tijdens
het transport ontoelaatbare krachten uit op de
onderdelen. Hierdoor kan een breuk optreden in
dragende delen.
Gebruik nooit fietsdragersystemen waarbij de fiets
ondersteboven op het stuur of het frame wordt
vastgezet.
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
OPMERKING
OPMERKING
87700063_1.0_30.05.2018
47
Transport, opslag en montage
Neem bij transport het gewicht van de rijklare fiets
in acht.
Verwijder voor transport van de fiets het display en
de accu.
Bescherm de elektrische componenten en
aansluitingen van de fiets met passende hoezen
tegen weersinvloeden.
Verwijder voor transport van de fiets accessoires
zoals bidons.
Gebruik bij transport met een personenauto een
passende fietsdrager.
Transporteer de fiets op een droge, schone en
tegen invallend zonlicht beschermde plek.
De KETTLER-dealer dient u graag van advies bij een
juiste keuze en een veilig gebruik van een passend
dragersysteem.
Voor verzending van de fiets wordt aanbevolen de
KETTLER-dealer opdracht te geven de fiets op de
juiste manier gedeeltelijk te demonteren en te
verpakken.
Transport, opslag en montage
87700063_1.0_30.05.2018
48
5.2 Opslag
Sla fiets, accu en oplader op in een droge en schone
omgeving.
5.2.1 Onderbreking van het gebruik
Brand- en explosiegevaar door hoge
temperaturen
Te hoge temperaturen leiden tot schade aan de accu.
De accu kan ontvlammen en exploderen.
Stel de accu niet langdurig bloot aan invallend
zonlicht.
Wanneer de fiets op zijn kant ligt, kunnen olie en vet
uit de fiets vrijkomen.
Wanneer de transportdoos met de fiets erin op zijn
kant ligt of op de kopse kant staat, biedt deze
onvoldoende bescherming tegen beschadiging van het
frame en de wielen.
Sla de fiets uitsluitend staand op.
VOORZICHTIG
!
OPMERKING
Opslagtemperatuur C - 2C
Optimale opslagtemperatuur 10 °C - 15 °C
Tabel 26: Opslagtemperatuur voor de accu, de fiets en de oplader
Wanneer de accu een periode niet wordt gebruikt
treedt ontlading op. Hierdoor kan de accu schade
oplopen.
Laad de accu elke 8 weken op.
Wanneer de accu continu op de oplader wordt
aangesloten, kan de accu schade oplopen.
Sluit de accu niet continu aan op de oplader.
OPMERKING
OPMERKING
87700063_1.0_30.05.2018
49
Transport, opslag en montage
Wanneer de fiets, bv. in de winter, langer dan vier
weken buiten gebruik wordt gesteld, moet deze op de
onderbreking van het gebruik worden voorbereid.
5.2.1.1 Onderbreking van het gebruik voorbereiden
Verwijder de accu van de fiets.
Laad de accu op tot ca. 60% (drie tot vier LED's van
de laadtoestandweergave branden).
Maak de fiets schoon met een vochtige doek en
conserveer deze met wasspray. Spuit nooit was op de
remvlakken van de rem.
Voor langere stilstandperioden is het aan te bevelen
de fiets te laten inspecteren, grondig te laten reinigen
en conserveren door de KETTLER-dealer.
Wanneer de interne accu van het display een periode
niet wordt gebruikt treedt ontlading op. Hierdoor kan
de accu onherstelbare schade oplopen.
Laad de interne accu van het display elke
3 maanden gedurende ten minste 1 uur op.
OPMERKING
Transport, opslag en montage
87700063_1.0_30.05.2018
50
5.2.1.2 Onderbreking van het gebruik uitvoeren
Sla fiets, accu en oplader op in een droge en
schone omgeving.
Laad de interne accu van het display elke
3 maanden gedurende ten minste 1 uur op.
Controleer na 8 weken de laadtoestand van de
accu. Laad de accu weer op tot ca. 60% wanneer
nog slechts één LED van de laadtoestandweergave
brandt.
87700063_1.0_30.05.2018
51
Transport, opslag en montage
5.3 Montage
Wanneer een montagestandaard wordt gebruikt, moet
deze zijn goedgekeurd voor een gewicht van 30 kg.
Om het gewicht te verminderen is het aan te bevelen
de accu altijd gedurende het gebruik van de
montagestandaard van de fiets te verwijderen.
Universeel gereedschap, een momentsleutel met een
werkbereik van 5 Nm tot 40 Nm en het door KETTLER
Alu-Rad GmbH aanbevolen speciale gereedschap
moeten beschikbaar zijn.
5.3.1 Uitpakken
Beknelling bij onbedoelde activering
Bij onbedoelde activering van het aandrijfsysteem
bestaat gevaar voor letsel.
Verwijder de accu wanneer deze voor de
montagewerkzaamheden niet absoluut
noodzakelijk is.
Voer montagewerkzaamheden aan de fiets uit in een
schone en droge omgeving.
De temperatuur op de werkplek moet 15 °C - 25 °C
bedragen.
Temperatuur werkplek 15 °C - 25 °C
Tabel 27: Temperatuur werkplek
VOORZICHTIG
!
Letsel aan handen door verpakking
De transportdoos is gesloten met metalen krammen.
Bij het uitpakken en verscheuren van de verpakking
bestaat gevaar voor steek- en snijwonden.
Draag geschikte handschoenen.
Verwijder metalen krammen met een tang voordat
de transportdoos wordt geopend.
VOORZICHTIG
!
Transport, opslag en montage
87700063_1.0_30.05.2018
52
Het verpakkingsmateriaal bestaat hoofdzakelijk uit
karton en kunststof folie.
Voer de verpakking af conform de lokale
voorschriften.
5.3.2 Levering
De fiets is voor testdoeleinden in de fabriek eerst
volledig gemonteerd en vervolgens voor het transport
weer gedeeltelijk gedemonteerd.
Tot de levering behoort:
de fiets, voor 98% voorgemonteerd,
het voorwiel,
de accu resp. accu's,
de oplader,
de pedalen,
de gebruikshandleiding.
5.3.3 In gebruik nemen
Omdat de eerste ingebruikname van de fiets speciaal
gereedschap en bijzondere vakkennis vereist, mag
deze uitsluitend worden uitgevoerd door opgeleid
personeel.
Brand- en explosiegevaar door verkeerde oplader
Een accu, die wordt opgeladen met een ongeschikte
oplader, kan inwendige schade oplopen. Dit kan leiden
tot brand of een explosie.
Gebruik voor de accu uitsluitend de meegeleverde
oplader.
Voorzie, om verwisseling te voorkomen, de
meegeleverde oplader en deze
gebruikshandleiding van een eenduidige
markering, bijvoorbeeld het framenummer of het
typenummer van de fiets.
VOORZICHTIG
!
87700063_1.0_30.05.2018
53
Transport, opslag en montage
In de praktijk wordt een onverkochte fiets vaak
spontaan voor een proefrit aan eindgebruikers
meegegeven zodra deze er rijklaar uitziet.
Daarom moet elke fiets na opbouw direct in de
volledig gebruiksklare toestand worden gebracht.
Tot de eerste ingebruikname behoren onderstaande
werkzaamheden:
Controleer de accu [
Hoofdstuk 5.3.3.1,
pagina 54].
De accu wordt gedeeltelijk opgeladen geleverd.
Laad de accu volledig op voor maximale prestaties.
Monteer het voorwiel met de snelspanner en monteer
de pedalen.
Zet het stuur en het zadel in de juiste stand.
Controleer dat alle onderdelen goed vast zitten.
Controleer alle instellingen en controleer het
aanhaalmoment van de asmoeren.
Controleer dat de volledige kabelboom goed ligt:
De kabelboom mag geen contact maken met
bewegende delen.
Kabeldoorvoeren moeten glad zijn en vrij van scherpe
randen.
Bewegende delen mogen geen druk- of trekkrachten
uitoefenen op de kabelboom.
Stel de koplamp af.
Controleer het aandrijfsysteem, de
verlichtingsinstallatie en de remmen op hun goede
werking.
Stel het aandrijfsysteem in op de officiële landstaal
en het betreffende maatsysteem.
Controleer de softwareversie van het
aandrijfsysteem en werk dit zo nodig bij.
Aanhaalmoment asmoer 35 Nm - 40 Nm
Tabel 28: Aanhaalmoment asmoer
Transport, opslag en montage
87700063_1.0_30.05.2018
54
Verkoop van de fiets
Vul het datablad in op de eerste pagina van deze
gebruikshandleiding.
Pas de fiets aan aan de berijder.
Stel de zijstandaard en de schakelhendel af om de
koper de afstelling te tonen.
Instrueer de eigenaar of berijder in alle functies van
de fiets.
5.3.3.1 Accu controleren
De accu moet worden gecontroleerd voordat deze de
eerste keer wordt opgeladen.
Druk op de aan/uit-toets (accu).
Wanneer geen enkele LED van de bedrijfs- en
laadtoestandweergave gaat branden, is de accu
mogelijk beschadigd.
Wanneer ten minste één, maar niet alle LED's van
de bedrijfs- en laadtoestandweergave gaan
branden, kan de accu worden opgeladen.
87700063_1.0_30.05.2018
55
Transport, opslag en montage
5.4 Wiel met snelspanner monteren
Open de spanhendel.
Schuif de geopende spanhendel met de wielas
vanaf de rechterzijde door de naaf.
Span, afhankelijk van de uitvoering, het wiel vast
en stel de spankracht af.
Vallen door losgeraakte snelspanner
Een defecte of onjuist gemonteerde snelspanner kan
gegrepen worden door de remschijf en het wiel
blokkeren. Een val is het gevolg.
Monteer de snelspanhendel van het voorwiel aan
de zijde tegenover de remschijf.
Vallen door defecte of verkeerd gemonteerde
snelspanner
De remschijf kan tijdens gebruik zeer heet worden.
Onderdelen van de snelspanner kunnen hierdoor
schade oplopen. De snelspanner kan losraken. Een
val met letsel is het gevolg.
De snelspanhendel van het voorwiel en de
remschijf moeten aan tegenover elkaar liggende
zijden zitten.
Vallen door verkeerde afstelling van de spankracht
Een te hoge spankracht beschadigt de snelspanner
zodat deze zijn werking verliest.
Onvoldoende spankracht leidt tot een ongunstige
krachtoverdracht. De verende voorvork of het frame
kan breken. Een val met letsel is het gevolg.
Bevestig een snelspanner nooit met gereedschap
(bv. een hamer of tang).
Gebruik uitsluitend spanhendels met correct
afgestelde spankracht.
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
Fiets aan de berijder aanpassen
87700063_1.0_30.05.2018
56
6 Fiets aan de berijder aanpassen
6.1 Zadel afstellen
6.1.1 Zithoogte bepalen
.
Afbeelding 18: Detailaanzicht zadelpen, voorbeelden van de markering van de
minimale insteekdiepte
1 III-markering van de minimale insteekdiepte
2 Zadelpen I
3 Zadelpen II
4 MIN-markering van de minimale insteekdiepte
De KETTER-dealer controleert alle
standaardinstellingen en stemt bij verkoop de
afstelling van het zadel, het stuur, de verende voorvork
en het veer-demperelement af op de berijder.
Vallen door een te hoog afgestelde zadelpen
Een te hoog afgestelde zadelpen leidt tot breuk van de
zadelpen of het frame. Een val met letsel is het gevolg.
Trek de zadelpen slechts tot de markering van de
minimale insteekdiepte uit het frame.
VOORZICHTIG
!
3
4
2
1
87700063_1.0_30.05.2018
57
Fiets aan de berijder aanpassen
Uit ergonomisch oogpunt moet de zithoogte zo zijn
afgesteld, dat de hiel van het uitgestrekte been het
pedaal op het laagste punt nog raakt.
Afbeelding 19: Bepalen van de zadelhoogte
6.1.2 Zadelpen met snelspanner vastzetten
Afbeelding 20: Snelspanner van de zadelpen in de eindstand
1 Spanhendel van de zadelpen
2 Zadelpen
3 Kartelmoer
De KETTLER-dealer demonstreert de berijder of
eigenaar de werking van de snelspanner.
2
1
3
Fiets aan de berijder aanpassen
87700063_1.0_30.05.2018
58
Vastzetten
Klem de zadelpen uitsluitend in stilstand vast.
De spanhendel van de zadelpen heeft geen opschrift.
Of deze geopend of gesloten is, is eenvoudig te zien.
Sluit de spanhendel van de zadelpen door deze
helemaal tegen de zadelpen aan te drukken.
Open de spanhendel van de zadelpen door deze van
de zadelpen af te trekken.
Controleer de spankracht van de snelspanner.
6.2 Hardheid van de veerelementen afstellen
6.2.1 Hardheid van de voorvork met stalen veer
afstellen
Afbeelding 21: Instelwiel van de verende voorvork, voorbeeld
Stel met het instelwiel op de linker kop van de
verende voorvork de hardheid van de voorvork met
stalen veer af. Corrigeer de hardheid van de
voorvork met stalen veer door het instelwiel in de
plus- of min-richting te draaien.
De optimale afstelling op het gewicht van de
berijder is bereikt, wanneer de vorkpoot onder de
rustbelasting van de berijder 3 mm inveert.
Breng zo nodig de kunststof afdekking weer aan na
het afstellen van de verende voorvork.
De afstelling van de voorvork met stalen veer mag
uitsluitend in stilstand worden uitgevoerd.
Het instelwiel kan zich onder een kunststof
afdekking op de kop van de linker vorkpoot
bevinden. Verwijder de kunststof afdekking naar
boven toe.
87700063_1.0_30.05.2018
59
Fiets aan de berijder aanpassen
6.2.2 Hardheid van de luchtveerelementen afstellen
Afbeelding 22: Vorkventiel, voorbeeld
Stel als uitgangswaarde de vuldruk van de voorvork
met luchtvering af op de geadviseerde vuldruk.
Stel de O-ring op de staande buizen resp. de zuiger
af op de kleinst mogelijke veerweg.
Ga op de fiets zitten en stap weer af.
Lees de stand van de verschoven O-ring af.
De optimale afstelling op het gewicht van de
berijder is bereikt, wanneer de bepaalde stand
tussen de 20 en 30% ligt.
Corrigeer bij een verkeerde afstelling de vuldruk via
het vorkventiel.
Breng de schroefafdekking weer aan.
Rijden zonder vuldruk leidt tot onherstelbare schade
aan de wielophanging, het frame en de
luchtveerelementen.
Rijd nooit zonder vuldruk in de luchtveerelementen.
Een normale luchtpomp kan de vereiste druk niet
voldoende nauwkeurig opbouwen.
Gebruik een speciale demperpomp om de vuldruk
te corrigeren.
De afstelling van de voorvork met luchtvering mag
uitsluitend in stilstand worden uitgevoerd.
Het vorkventiel bevindt zich onder een
schroefafdekking op de kop van de linker vorkpoot.
Verwijder de schroefafdekking.
OPMERKING
OPMERKING
Fiets aan de berijder aanpassen
87700063_1.0_30.05.2018
60
6.3 Grijpafstand van de remhendel afstellen
(alternatieve uitvoering)
6.3.1 Hydraulisch bediende velgrem
(alternatieve uitrusting)
Vallen door verkeerde afstelling van de
grijpafstand
Bij verkeerd afgestelde of verkeerd gemonteerde
remcilinders kan de remwerking op elk moment
volledig verloren gaan. Een val met letsel kan het
gevolg zijn.
Controleer, nadat de grijpafstand is afgesteld, de
stand van de remcilinder en corrigeer deze zo
nodig.
Voer het corrigeren van de stand van de remcilinder
nooit uit zonder speciaal gereedschap. Laat het
corrigeren uitvoeren door een KETTLER-dealer.
Stel bij licht ingeknepen remhendel de schuif af op
een van de drie standen.
De berijder kan de remhendel gemakkelijk
bedienen.
VOORZICHTIG
!
87700063_1.0_30.05.2018
61
Fiets aan de berijder aanpassen
Afbeelding 23: Remhendel met schuif (1) met drie standen (2)
1
2
Fiets aan de berijder aanpassen
87700063_1.0_30.05.2018
62
6.3.2 Hydraulisch bediende schijfrem
(alternatieve uitrusting)
Stel de grijpafstand af met de kartelschroef van de
remhendel.
De berijder kan de remhendel gemakkelijk
bedienen.
Afbeelding 24: Remhendel (1) met kartelschroef (2)
2
1
2
87700063_1.0_30.05.2018
63
Gebruik
7Gebruik
Vallen door loszittende kleding
De spaken van de wielen en de kettingaandrijving
kunnen schoenveters, sjaals en andere loszittende
kleding intrekken. Een val met letsel kan het gevolg
zijn.
Draag stevige schoenen en nauwsluitende kleding.
Vallen door vuil
Sterke vervuiling kan de werking van de functie
verstoren, bijvoorbeeld van de remmen, de verlichting
of de reflectoren. Een val met letsel kan het gevolg
zijn.
Verwijder voor het rijden sterke vervuiling.
Vallen door een slechte toestand van de weg
Losse voorwerpen, bijvoorbeeld takken, kunnen
verstrikt raken in de wielen en een val veroorzaken.
Neem de toestand van de weg in acht.
Rijd langzaam en rem tijdig.
Bij afdalingen kunnen hoge snelheden worden bereikt.
De fiets is niet bedoeld om langdurig harder te rijden
dan 25 km/h. Bij een voortdurend hoge belasting
kunnen in het bijzonder de banden falen.
Rem de fiets af wanneer snelheden boven 25 km/h
worden bereikt.
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
OPMERKING
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
64
De fiets mag worden gebruikt binnen een
temperatuurbereik van 5 °C - 35 °C. Buiten dit
temperatuurbereik is de capaciteit van het
aandrijfsysteem beperkt.
Door de open uitvoering kan binnendringend vocht bij
lage temperaturen bepaalde functies van de fiets
verstoren.
Houd de fiets altijd droog en vorstvrij.
Rijden op slechte wegen belast de armgewrichten.
Neem afhankelijk van de toestand van de weg elke
30 tot 90 minuten pauze.
Door hitte of invallend zonlicht kan de bandenspanning
toenemen tot boven de toegestane maximale druk.
Hierdoor kan de band falen.
Parkeer de fiets nooit in de zon.
Controleer op warme dagen regelmatig de
bandenspanning en corrigeer deze zo nodig.
OPMERKING
Temperatuur gebruik C - 3C
Wanneer de fiets gaat worden gebruikt bij
temperaturen onder 5 °C, moet de fiets vooraf door
de KETTLER-dealer worden voorbereid voor
wintergebruik.
87700063_1.0_30.05.2018
65
Gebruik
7.1 Voor het rijden
Controleer de fiets elke keer voor het rijden.
Bij afwijkingen ten opzichte van de checklist voor het
rijden of andere opvallende zaken mag de fiets niet
worden gebruikt voordat de oorzaak daarvan is
opgehelderd.
Vallen door onopgemerkte schade
Na een val, ongeval of omvallen van de fiets kan er
sprake zijn van moeilijk herkenbare schade, bv. aan
het remsysteem, de snelspanners of het frame. Een val
met letsel kan het gevolg zijn.
Neem de fiets buiten gebruik en laat deze door de
KETTLER-dealer controleren.
Vallen door materiaalmoeheid
Bij materiaalmoeheid kan een onderdeel plotseling
falen. Een val met letsel kan het gevolg zijn.
Neem de fiets onmiddellijk buiten gebruik bij tekenen
van materiaalmoeheid. Laat de KETTLER-dealer de
kwestie controleren.
Laat regelmatig de KETTLER-dealer een grondige
reiniging uitvoeren. Bij de grondige reiniging
onderzoekt de KETTLER-dealer de fiets op tekenen
van materiaalmoeheid.
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
66
Checklist voor het rijden
Controleer de fiets op volledigheid.
Controleer o.a. verlichting, reflectoren en remmen op sterke
vervuiling.
Controleer spatborden, bagagedrager en kettingbeschermer op
deugdelijke montage.
Controleer voor- en achterwiel op een rechte loop. Dat is met
name van belang als de fiets getransporteerd is geweest of met
een slot vastgezet is geweest.
Controleer de ventielen en de bandenspanning. Corrigeer deze
zo nodig voor het rijden.
Controleer de voor- en achterwielrem op hun goede werking.
Knijp daarvoor de remhendels in om te controleren of deze in de
gebruikelijke stand tegendruk geven.
Controleer de rijverlichting op een goede werking.
Controleer op ongewone geluiden, trillingen, geuren,
verkleuringen, vervormingen, schuurplekken en slijtage. Dit
duidt op materiaalmoeheid.
Let op een ongewoon gevoel bij het remmen, trappen of sturen.
Controleer dat alle snelspanners zich volledig gesloten in hun
eindstand bevinden.
Controleer bij een fiets met hydraulische velgrem of de
vergrendelingshendels zich volledig gesloten in hun eindstand
bevinden.
87700063_1.0_30.05.2018
67
Gebruik
7.2 Zijstandaard gebruiken
Zijstandaard omhoog klappen
Klap voor het rijden de zijstandaard met de voet
volledig omhoog.
Fiets parkeren
Klap voor het parkeren de zijstandaard met de voet
volledig omlaag.
Parkeer de fiets voorzichtig en controleer dat deze
stabiel staat.
Vallen door omlaag geklapte zijstandaard
De zijstandaard klapt niet automatisch omhoog. Bij
rijden met omlaag geklapte zijstandaard bestaat
valgevaar.
Klap de zijstandaard voor het rijden volledig
omhoog.
Door de hoge massa van de fiets kan de zijstandaard
op een zachte ondergrond wegzakken en kan de fiets
kantelen en omvallen.
Parkeer de fiets uitsluitend op een vlakke, stevige
ondergrond.
Controleer de stabiliteit in het bijzonder wanneer de
fiets is voorzien van accessoires of is beladen met
bagage.
VOORZICHTIG
!
OPMERKING
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
68
7.3 Accu
Brand- en explosiegevaar door defecte accu
Bij een beschadigde of defecte accu kan de
beveiligingselektronica uitvallen. De restspanning kan
kortsluiting veroorzaken. De accu kan ontvlammen en
exploderen.
Neem een accu, die uitwendige schade vertoont,
onmiddellijk buiten bedrijf en laad deze nooit op.
Houd afstand wanneer een accu vervormt of begint
te roken, onderbreek de voeding van de
contactdoos en neem onmiddellijk contact op met
de brandweer.
Blus een beschadigde accu niet met water en laat
deze nooit met water in contact komen.
Neem na een val of botsing zonder uitwendige
schade aan de behuizing, de accu gedurende ten
minste 24 uur buiten bedrijf en observeer deze.
Een defecte accu is gevaarlijk afval. Voer een
defecte accu zo snel mogelijk op de juiste wijze af.
Sla deze tot het afvoeren droog op. Sla nooit
brandbare stoffen op in de omgeving.
Probeer nooit de accu te openen of te repareren.
Brand- en explosiegevaar door hoge temperaturen
Te hoge temperaturen leiden tot schade aan de accu.
De accu kan ontvlammen en exploderen.
Stel de accu niet langdurig bloot aan invallend
zonlicht.
WAARSCHUWING
!
VOORZICHTIG
!
87700063_1.0_30.05.2018
69
Gebruik
Brand- en explosiegevaar door kortsluiting
Kleine metalen voorwerpen kunnen de elektrische
aansluitingen van de accu overbruggen. De accu kan
ontvlammen en exploderen.
Houd paperclips, schroeven, muntstukken, sleutels
en andere kleine voorwerpen op afstand en steek
deze niet in de accu.
Letsel aan huid en ogen door defecte accu
Uit een beschadigde of defecte accu kunnen
vloeistoffen en dampen vrijkomen. Deze kunnen
leiden tot irritatie van de luchtwegen en tot
brandwonden.
Vermijd elk contact met vrijkomende vloeistoffen.
Neem bij oogcontact of klachten onmiddellijk
contact op met een arts.
Spoel bij huidcontact de huid onmiddellijk af met
water.
Ventileer de ruimte goed.
Brand- en explosiegevaar door binnendringen van
water
De accu is slechts beschermd tegen opspattend
water. Binnendringend water kan kortsluiting
veroorzaken. De accu kan ontvlammen en exploderen.
Dompel de accu nooit onder in water.
Wanneer er reden is om aan te nemen dat er water
in de accu kan zijn binnengedrongen, moet deze
buiten bedrijf worden genomen.
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
70
7.3.1 Framemontage-accu
(alternatieve uitvoering)
Schakel de accu en het aandrijfsysteem uit voordat de
accu wordt verwijderd of aangebracht.
7.3.1.1 Framemontage-accu verwijderen
Open het accuslot met de sleutel.
Kantel de framemontage-accu uit de bovenste
houder.
Trek de framemontage-accu uit de onderste
houder.
7.3.1.2 Framemontage-accu aanbrengen
Plaats de framemontage-accu op de contacten in
de onderste houder voor de accu.
Verwijder de sleutel van het slot.
Kantel de accu in de bovenste houder.
Er klinkt een klik.
Controleer dat de aangebrachte accu goed vast zit.
Bij transport van de fiets of tijdens het rijden kan een
achtergebleven sleutel afbreken of kan de
vergrendeling onbedoeld open gaan.
Verwijder de sleutel van het accuslot onmiddellijk
na gebruik.
Het wordt aanbevolen de sleutel te voorzien van
een sleutelhanger.
OPMERKING
87700063_1.0_30.05.2018
71
Gebruik
7.3.2 Bagagedrageraccu
(alternatieve uitvoering)
Schakel de accu en het aandrijfsysteem uit voordat de
accu wordt verwijderd of aangebracht.
7.3.2.1 Bagagedrageraccu verwijderen
Open het accuslot met de sleutel.
Trek de bagagedrageraccu naar achteren uit de
houder van de bagagedrageraccu.
7.3.2.2 Bagagedrageraccu aanbrengen
Verwijder de sleutel van het slot.
Schuif de bagagedrageraccu met de contacten
naar voren in de houder voor de bagagedrageraccu
tot deze vast klikt.
Controleer dat de aangebrachte accu goed vast zit.
7.3.3 Geïntegreerde accu
(alternatieve uitvoering)
Schakel de accu en het aandrijfsysteem uit voordat de
accu wordt verwijderd of aangebracht.
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
72
7.3.3.1 Geïntegreerde accu verwijderen
Open het accuslot met de sleutel.
De geïntegreerde accu is ontgrendeld en valt in de
borging.
Ondersteun de accu van onderaf met de hand.
Druk met de andere hand van bovenaf op de
borging.
De geïntegreerde accu is volledig ontgrendeld en
valt in de hand.
Trek de geïntegreerde accu uit het frame.
Verwijder de sleutel van het slot.
7.3.3.2 Geïntegreerde accu aanbrengen
Plaats de accu met de contacten naar voren in de
onderste houder.
Klap de geïntegreerde accu omhoog tot deze door
de borging op zijn plaats wordt gehouden.
Druk de geïntegreerde accu omhoog tot deze
duidelijk hoorbaar vast klikt.
Controleer dat de aangebrachte accu goed vast zit.
Sluit de accu af met de sleutel omdat anders het
slot open kan gaan en de accu uit de houder kan
vallen.
Verwijder de sleutel van het slot.
87700063_1.0_30.05.2018
73
Gebruik
7.3.4 Accu laden
De omgevingstemperatuur moet tijdens het laden
tussen 10 °C en 30 °C liggen.
De accu kan bij het laden op de fiets blijven zitten of
worden verwijderd.
Een onderbreking van het laden leidt niet tot schade
aan de accu.
Bij een fiets voorzien van twee accu's, wordt het laden
van beide accu's gestart via de bagagedrageraccu.
Verwijder het rubberen klepje op de accu.
Sluit de netstekker van de oplader aan op een
normale geaarde contactdoos.
Brand door oververhitte oplader
De oplader wordt tijdens het laden van de accu warm.
Bij onvoldoende koeling kan dit leiden tot brand of
brandwonden aan de handen.
Gebruik de oplader nooit op een licht ontvlambare
ondergrond (bv. papier, tapijt, enz.).
Dek de oplader tijdens het laden nooit af.
Elektrische schok door binnendringen van water
Bij het binnendringen van water in een oplader bestaat
het risico op een elektrische schok.
Laad de accu nooit buitenshuis op.
Elektrische schok bij beschadiging
Een beschadigde oplader, kabel of stekker verhoogt
het risico op een elektrische schok.
Controleer voor elk gebruik de oplader, kabels en
stekkers. Gebruik nooit een beschadigde oplader.
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
Temperatuur laden
10 °C - 30 °C
Aansluitwaarden
230 V, 50 Hz
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
74
Steek de laadkabel in de laadaansluiting van de
accu.
Het laden start automatisch.
Tijdens het laden geeft de bedrijfs- en
laadtoestandweergave de laadtoestand aan. Bij
ingeschakeld aandrijfsysteem wordt het laden op
het display weergegeven.
Het laden is voltooid wanneer de LED's van de
bedrijfs- en laadtoestandweergave uitgaan.
Brand- en explosiegevaar door beschadigde
accu. Bij een beschadigde of defecte accu kan de
beveiligingselektronica uitvallen. De restspanning kan
kortsluiting veroorzaken. De accu kan ontvlammen en
exploderen. Houd afstand wanneer een accu vervormt
of begint te roken, onderbreek de voeding van de
contactdoos en neem onmiddellijk contact op met de
brandweer. Blus een beschadigde accu niet met water
en laat deze nooit met water in contact komen.
Wanneer tijdens het laden een storing
optreedt, wordt een systeemmelding weergegeven.
Neem onmiddellijk de oplader en de accu buiten
bedrijf en volg de aanwijzingen.
7.3.5 Accu uit de slaapstand halen
Wanneer de accu een lange periode niet wordt
gebruikt, gaat deze ter bescherming naar de
slaapstand. De LED's van de bedrijfs- en
laadtoestandweergave branden niet.
Druk op de aan/uit-toets (accu).
De bedrijfs- en laadtoestandweergave van de accu
geeft de laadtoestand aan.
VOORZICHTIG
!
OPMERKING
87700063_1.0_30.05.2018
75
Gebruik
7.4 Elektrisch aandrijfsysteem
7.4.1 Aandrijfsysteem inschakelen
Er is een voldoende opgeladen accu op de fiets
aangebracht.
Het display is correct in de houder aangebracht.
De accu is correct aangebracht. De sleutel is
verwijderd.
Er zijn twee mogelijkheden om het aandrijfsysteem in
te schakelen.
1 Aan/uit-toets accu
Druk kort op de aan/uit-toets (accu).
2 Aan/uit-toets display
Druk kort op de aan/uit-toets (display).
Zodra het systeem is geactiveerd, verschijnt
gedurende korte tijd ACTIVE LINE/
PERFORMANCE LINE op het display.
Na het inschakelen wordt op het display de snelheid
0 KM/H weergegeven. Wanneer dat niet het geval
is, controleer dan of het display wel goed is
vastgeklikt.
Vallen door niet kunnen remmen
Het ingeschakelde aandrijfsysteem kan door inwerking
van krachten op de pedalen worden geactiveerd.
Wanneer de aandrijving onbedoeld wordt geactiveerd
en de rem niet bereikt kan worden, kan een val met
letsel het gevolg zijn.
Start nooit het elektrische aandrijfsysteem resp.
schakel dit onmiddellijk uit wanneer de rem niet
betrouwbaar kan worden bereikt.
VOORZICHTIG
!
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
76
Wanneer het aandrijfsysteem is ingeschakeld,
wordt de aandrijving geactiveerd zodra de pedalen
met voldoende kracht worden voortbewogen.
7.4.2 Aandrijfsysteem uitschakelen
Tien minuten na het laatste commando schakelt het
systeem automatisch uit. Er zijn drie mogelijkheden
om het aandrijfsysteem handmatig uit te schakelen.
1 Aan/uit-toets display
Druk kort op de aan/uit-toets display.
2 Aan/uit-toets accu
Druk op de aan/uit-toets (accu).
3 Display verwijderen
Verwijder het display uit de houder.
De LED's van de bedrijfs- en
laadtoestandweergave gaan uit.
7.4.3 Aandrijfsysteem vanaf de bediening met display
inschakelen
Vallen door niet kunnen remmen
Het ingeschakelde aandrijfsysteem kan door inwerking
van krachten op de pedalen worden geactiveerd.
Wanneer de aandrijving onbedoeld wordt geactiveerd
en de rem niet bereikt kan worden, kan een val met
letsel het gevolg zijn.
Start nooit het elektrische aandrijfsysteem resp.
schakel dit onmiddellijk uit wanneer de rem niet
betrouwbaar kan worden bereikt.
VOORZICHTIG
!
87700063_1.0_30.05.2018
77
Gebruik
Er is een voldoende opgeladen accu op de fiets
aangebracht.
De accu is correct aangebracht. De sleutel is
verwijderd.
Na het uitschakelen wordt het aandrijfsysteem
afgesloten. Direct weer inschakelen is daarbij niet
mogelijk. Wacht zo nodig korte tijd.
Er zijn twee mogelijkheden om het aandrijfsysteem in
te schakelen.
1 Aan/uit-toets (accu)
Druk kort op de aan/uit-toets (accu).
2 Aan/uit-toets (bediening met display)
Druk kort op de aan/uit-toets (bediening met
display).
Wanneer het aandrijfsysteem is ingeschakeld,
wordt de aandrijving geactiveerd zodra de pedalen
met voldoende kracht worden voortbewogen.
7.4.4 Aandrijfsysteem uitschakelen
Tien minuten na het laatste commando schakelt het
systeem automatisch uit. Er zijn twee mogelijkheden
om het aandrijfsysteem handmatig uit te schakelen.
1 Aan/uit-toets (bediening met display)
Druk kort op de aan/uit-toets (bediening met
display).
2 Aan/uit-toets (accu)
Druk op de aan/uit-toets (accu).
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
78
7.5 Display
7.5.1 USB-aansluiting gebruiken
De USB-aansluiting kan worden gebruikt voor externe
apparaten, voor zover deze worden aangesloten met
een normconforme micro-A/ micro-B USB-2.0-kabel.
Open de beschermklep van de USB-aansluiting.
Breng na gebruik van de USB-aansluiting de
beschermklep weer aan.
Via de USB-aansluiting binnendringend vocht
kan in het display kortsluiting veroorzaken. Controleer
regelmatig dat het rubberen klepje van de USB-
aansluiting correct is aangebracht en corrigeer dat zo
nodig.
7.5.2 Interne accu van het display laden
Wanneer de interne accu van het display bij het
inschakelen van het display bijna leeg is, verschijnt
gedurende drie seconden MET FIETS
VERBINDEN op de tekstregel. Daarna schakelt het
display weer uit.
OPMERKING
Wanneer de interne accu van het display een periode
niet wordt gebruikt treedt ontlading op. Hierdoor kan
de interne accu van het display onherstelbare schade
oplopen.
Laad de interne accu van het display elke
3 maanden gedurende ten minste 1 uur op.
OPMERKING
87700063_1.0_30.05.2018
79
Gebruik
Er zijn twee mogelijkheden om de accu op te laden.
1 Op de fiets laden
Breng het display aan in de houder voor het display
als er een accu op de fiets is aangebracht.
Druk op de aan/uit-toets (accu).
Gebruik de fiets.
2 Via USB-aansluiting laden
Open de beschermklep van de USB-aansluiting.
Verbind de USB-aansluiting met een passende
USB-kabel met een gangbare USB-oplader of de
USB-aansluiting van een computer (5 V
laadspanning; max. 500 mA laadstroom).
Op het display wordt USB AANGESLOTEN
weergegeven.
7.5.3 Display verwijderen en aanbrengen
Het systeem wordt door het verwijderen van het
display uitgeschakeld.
Display verwijderen
Druk de vergrendeling van het display omlaag en
schuif tegelijkertijd het display naar voren toe uit de
houder.
Wanneer de berijder afwezig is, kunnen onbevoegden
bij het display, bv. voor diefstal, wijziging van
systeeminstellingen of aflezen van reisinformatie.
Verwijder het display wanneer de fiets wordt
geparkeerd.
OPMERKING
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
80
Display aanbrengen
Leg het display op de houder.
Schuif het display helemaal naar achteren.
Afbeelding 25: Display aanbrengen
1 Vergrendeling van het display
2 Display
3 Houder
7.5.4 Duwondersteuning gebruiken
De duwondersteuning ondersteunt de berijder bij het
duwen van de fiets. De snelheid kan daarbij maximaal
6 km/h bedragen.
ECO
MPH
KM/H
Reichweite
KM /H
RESET
EC O
MPH
KM/H
Rei
chweite
KM
/H
1
2
3
De pedalen kunnen bij gebruik van de
duwondersteuning meedraaien.
Tijdens gebruik van de duwondersteuning moet de
fiets met beide handen veilig worden geleid.
Zorg voor voldoende bewegingsruimte voor de
pedalen.
OPMERKING
87700063_1.0_30.05.2018
81
Gebruik
De trekkracht en de snelheid van de
duwondersteuning worden beïnvloed door de
gekozen versnelling. Om de aandrijving te ontzien,
wordt voor duwen bergop de eerste versnelling
aanbevolen.
Ondersteuningsniveau OFF mag niet zijn
geselecteerd.
Druk kort op de duwondersteuningstoets om de
duwondersteuning te activeren.
Druk binnen 3 seconden op de plus-toets en houd
deze ingedrukt om de duwondersteuning in te
schakelen.
Laat de plus-toets los om de duwondersteuning uit
te schakelen.
7.5.5 Rijverlichting gebruiken
Om de rijverlichting in te kunnen schakelen, moet het
aandrijfsysteem zijn ingeschakeld.
Druk op de rijverlichtingtoets.
De rijverlichting is ingeschakeld (het pictogram
rijverlichting wordt weergegeven) resp.
uitgeschakeld (het pictogram rijverlichting wordt niet
weergegeven).
7.5.6 Ondersteuningsniveau selecteren
Druk op de plus-toets om het ondersteuningsniveau
te verhogen.
Druk op de min-toets om het ondersteuningsniveau
te verlagen.
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
82
7.5.7 Reisinformatie
De weergegeven reisinformatie kan worden gewijzigd
en voor een deel worden gereset.
7.5.7.1 Weergegeven reisinformatie wijzigen
Druk herhaaldelijk op de info-toets (display) tot de
gewenste reisinformatie wordt weergegeven.
7.5.7.2 Reisinformatie resetten
Druk op de RESET-toets.
De reisinformatie Maximum, Gemiddelde, Rijtijd en
Afstand zijn gereset. De reisinformatie Afstand
totaal kan niet worden gereset.
7.5.8 Systeeminstellingen wijzigen
De systeeminstellingen kunnen worden gewijzigd.
Druk tegelijkertijd op de info-toets (display) en de
RESET-toets.
Op het display wordt CONFIGURATIE
weergegeven.
Druk herhaaldelijk op de info-toets (display) tot de
systeeminstellingen die moet worden gewijzigd wordt
weergegeven.
Druk op de plus-toets of de min-toets om de
weergegeven instelling te wijzigen.
Druk gedurende 3 seconden op de RESET-toets.
om de gewijzigde systeeminstellingen op te slaan en
terug te keren naar de reisinformatie.
87700063_1.0_30.05.2018
83
Gebruik
7.6 Versnelling
De keuze van de juiste versnelling is een voorwaarde
voor het rijden met zo weinig mogelijk inspanning en
voor een goede werking van het elektrische
aandrijfsysteem. De optimale trapfrequentie ligt
tussen 40 en 60 omwentelingen per minuut.
7.6.1 Handmatig
(alternatieve uitvoering)
Schakel met de schakelhendel of de draaibare
handvatschakelaar van de versnelling naar de
passende versnelling.
De versnelling schakelt over.
7.6.2 Automatisch
(alternatieve uitvoering)
7.6.2.1 De automatische of handmatige versnelling
selecteren
Bij de traploze versnellingsnaaf kan worden gekozen
tussen de bedrijfsstanden automatisch schakelen
(NuVinci Trapfreq.) en handmatig schakelen (NuVinci
Versnell.).
Selecteer de reisinformatie NuVinci Trapfreq.
Druk langer dan 1 seconde op de info-toets.
De bedrijfsstand schakelt om tussen NuVinci
Trapfreq. en NuVinci Versnell.
In de bedrijfsstand NuVinci Trapfreq. (automatisch
schakelen) wordt automatisch de gewenste
trapfrequentie constant gehouden.
In de bedrijfsstand NuVinci Versnell. (handmatig
schakelen.) kan handmatig tussen vooraf ingestelde
versnellingen worden geschakeld.
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
84
7.6.2.2 Gewenste trapfrequentie instellen
Selecteer de gewenste trapfrequentie uitsluitend in
stilstand.
Selecteer de reisinformatie NuVinci Trapfreq.
Stel de gewenste trapfrequentie in:
Verhoog de trapfrequentie met de plus-toets.
Verlaag de trapfrequentie met de min-toets
De trapfrequentie wordt op het display
weergegeven.
7.6.2.3 Versnelling handmatig selecteren
Tijdens handmatig schakelen kan het niveau van de
trapondersteuning niet worden gewijzigd.
De reisinformatie NuVinci Versnell. is geselecteerd
[
Hoofdstuk 7.6.2.1, pagina 83].
Schakel de versnelling over:
Schakel met de plus-toets één versnelling hoger.
Schakel met de min-toets één versnelling lager.
De geschakelde versnelling wordt op het display
weergegeven.
87700063_1.0_30.05.2018
85
Gebruik
7.7 Remmen
Vallen door verkeerd gebruik
Onjuist gebruik van de rem kan leiden tot verlies van
de controle of tot een val met letsel.
Verplaats uw gewicht zo ver mogelijk naar achteren
en omlaag.
Oefen het remmen, ook in noodsituaties, voordat de
fiets op de openbare weg wordt gebruikt.
Vallen door natte omstandigheden
Op natte straten kunnen de banden slippen. Onder
natte omstandigheden moet tevens rekening worden
gehouden met een langere remweg. Dan kan het
remmen ook anders aanvoelen dan normaal. Dit kan
leiden tot verlies van de controle of tot een val met
letsel.
Rijd langzaam en rem tijdig.
Vallen na reiniging, onderhoud of reparatie
Na reiniging, onderhoud of reparatie van de fiets kan
de remwerking aanvankelijk minder krachtig
aanvoelen dan normaal. Een val met letsel kan het
gevolg zijn.
Activeer de remmen enkele keren na reiniging,
onderhoud en reparatie.
Brandwonden door heetgelopen remmen
De remmen kunnen tijdens gebruik zeer heet worden.
Bij contact kunnen brandwonden optreden.
Vermijd contact met de onderdelen van de rem
direct na het rijden.
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
Gebruik
87700063_1.0_30.05.2018
86
7.7.1 Rem gebruiken
Knijp in de remhendel tot de gewenste snelheid is
bereikt.
7.7.2 Terugtraprem gebruiken
(alternatieve uitrusting)
De beste remwerking wordt bereikt wanneer de
pedalen zich bij het remmen in de 3-uur- resp. 9-uur-
stand bevinden. Om de loze hoek tussen rij- en
rembeweging te overbruggen is het aan te bevelen,
een stuk voorbij de 3-uur- resp. 9-uur-stand te trappen
voordat tegen de rijrichting in wordt getrapt om te
remmen.
Trap op de pedalen tegen de rijrichting in tot de
gewenste snelheid is bereikt.
87700063_1.0_30.05.2018
87
Gebruik
7.8 Vering en demping
7.8.1 Vering van het voorwiel blokkeren
In de geopende stand van de vorkblokkering veert het
veersysteem en worden zowel de berijder als de fiets
minder zwaar belast. Daarom moet normaalgesproken
bij voorkeur worden gereden met geopende
vorkblokkering.
Bij bv. bergop rijden of zeer snel rijden wordt de
kracht, die op de aandrijving wordt uitgeoefend, door
het veersysteem opgenomen en tot 50% afgezwakt. In
dergelijke gevallen is het aanbevelen de verende
voorvork te blokkeren.
De vorkblokkering kan zich, afhankelijk van de
uitvoering, direct op de vork of op het stuur bevinden.
Vorkblokkering op de veerkop
Afbeelding 26: Vorkblokkering op veerkop met blokkeringshendel (1), voorbeeld
Zet de blokkeringshendel in de
stand LOCK om de vering van
het voorwiel te blokkeren.
Schuif de blokkeringshendel in
de stand OPEN om de vering
van het voorwiel te
deblokkeren.
1
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
88
8 Onderhoud
Checklist reiniging
Checklist onderhoud
Checklist inspectie
Ketting smeren maandelijks
Accu reinigen maandelijks
Grondige reiniging en conservering van alle
onderdelen
ten minste elke
zes maanden
Oplader reinigen
ten minste elke
zes maanden
Stand rubberen USB-klepje controleren voor elke rit
Slijtage van de banden controleren wekelijks
Slijtage van de velgen controleren wekelijks
Bandenspanning controleren wekelijks
Slijtage van de remmen controleren maandelijks
Elektrische bekabeling en bowdenkabels op
beschadigingen en functionaliteit controleren
maandelijks
Kettingspanning controleren maandelijks
Spanning van de spaken controleren
elke drie
maanden
Instelling versnelling controleren
elke drie
maanden
Verende voorvork op werking en slijtage
controleren
elke drie
maanden
Inspectie door de dealer
elke zes
maanden
87700063_1.0_30.05.2018
89
Onderhoud
8.1 Reinigen en onderhouden
Onderstaande onderhoudsmaatregelen moeten
periodiek worden uitgevoerd [
Checklist, pagina 88].
Dit onderhoud kan worden uitgevoerd door de
eigenaar of de berijder. Bij twijfel dient de KETTLER-
dealer om raad te worden gevraagd.
8.1.1 Accu
Reinig de elektrische aansluitingen van de accu
uitsluitend met een droge doek of kwast.
Veeg de zichtzijden af met een vochtige doek.
Vallen bij onbedoelde activering
Bij onbedoelde activering van het aandrijfsysteem
bestaat gevaar voor letsel.
Verwijder de accu voor het reinigen.
VOORZICHTIG
!
Brand- en explosiegevaar door binnendringen van
water
De accu is slechts beschermd tegen opspattend water.
Binnendringend water kan kortsluiting veroorzaken.
De accu kan ontvlammen en exploderen.
Reinig de accu nooit met een hogedrukreiniger,
waterstraal of perslucht.
Dompel de accu nooit onder in water.
Verwijder de accu voor het reinigen.
VOORZICHTIG
!
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
90
8.1.2 Display
Reinig het display voorzichtig met een zachte,
vochtige doek.
8.1.3 Grondige reiniging en conservatie
Wanneer water het display binnendringt leidt dat tot
onherstelbare schade.
Dompel het display nooit onder in water.
Verwijder het display voor het reinigen van de fiets.
OPMERKING
Vallen door falen van de remmen
Na reiniging, onderhoud of reparatie van de fiets kan
de remwerking aanvankelijk minder krachtig
aanvoelen dan normaal. Een val met letsel kan het
gevolg zijn.
Breng nooit onderhoudsmiddelen of olie aan op de
remschijven resp. remblokken en op de remvlakken
van de velgen.
Activeer de remmen enkele keren na reiniging,
onderhoud en reparatie.
Bij gebruik van een stoomreiniger kan water in de
lagers binnendringen. Het daarin aanwezige
smeermiddel wordt daardoor verdund, waardoor de
wrijving toeneemt en op den duur de lagers
onherstelbare schade oplopen.
Reinig de fiets nooit met een stoomreiniger.
Ingevette onderdelen, bv. de zadelpen, het stuur en de
voorbouw, kunnen niet meer betrouwbaar worden
geklemd.
Breng nooit vet of olie aan op klempunten.
VOORZICHTIG
!
OPMERKING
OPMERKING
87700063_1.0_30.05.2018
91
Onderhoud
Reinig de fiets met een vochtige doek. Voeg wat
neutrale zeep toe aan het reinigingswater.
Conserveer de fiets ten slotte met was of olie.
8.1.4 Ketting
Reinig de ketting en de kettingwielen met de
daarvoor voorziene onderhoudsmiddelen en smeer
deze.
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
92
8.2 Onderhouden
Onderstaande onderhoudsmaatregelen moeten
periodiek worden uitgevoerd [
Checklist, pagina 88].
Deze kunnen worden uitgevoerd door de eigenaar of
de berijder. Bij twijfel dient de KETTLER-dealer om
raad te worden gevraagd.
8.2.1 Wiel
Controleer de slijtage van de banden.
Controleer de slijtage van de velgen
Velgen met onzichtbare slijtage-indicator van een fiets
met velgremmen zijn versleten zodra de slijtage-
indicator in de buurt van de lasnaad zichtbaar wordt.
Velgen met zichtbare slijtage-indicator zijn versleten
zodra de zwarte groef rondom in de velgrand
onzichtbaar wordt. Het wordt aanbevolen elke tweede
keer dat de remvoeringen worden vervangen ook de
velgen te vervangen.
Controleer de spanning van de spaken.
Vallen bij onbedoelde activering
Bij onbedoelde activering van het aandrijfsysteem
bestaat gevaar voor letsel.
Verwijder de accu voor het onderhouden.
VOORZICHTIG
!
Bij een te lage vuldruk bereikt de band niet zijn
normale draagvermogen. De band is niet stabiel en
kan van de velg aflopen.
Bij een te hoge vuldruk kan de band springen.
Controleer de vuldruk conform de gegevens
[
Datablad, pagina 1]
Corrigeer zo nodig de vuldruk.
OPMERKING
87700063_1.0_30.05.2018
93
Onderhoud
8.2.2 Remsysteem
Vervang de remvoeringen van de schijfrem
wanneer de remvoering nog slechts 0,5 mm dik is.
8.2.3 Elektrische leidingen en remkabels
Controleer alle zichtbare elektrische leidingen en
bowdenkabels op beschadigingen. Wanneer bv.
mantels zijn opgestuikt, moet de fiets buiten
gebruik worden gesteld tot de bowdenkabels zijn
vervangen.
Controleer alle elektrische leidingen en
bowdenkabels op functionaliteit.
8.2.4 Versnelling
Controleer de afstelling van de versnelling en de
schakelhendel resp. de draaibare handvatschakelaar
van de versnelling en corrigeer deze zo nodig.
8.2.5 USB-aansluiting
Via de USB-aansluiting binnendringend vocht kan in
het display kortsluiting veroorzaken.
Controleer regelmatig dat de afdekking van de USB-
aansluiting correct is aangebracht en corrigeer dat
zo nodig.
OPMERKING
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
94
8.2.6 Ketting- resp. riemspanning
Controleer de ketting- resp. riemspanning over een
complete slag van het crankstel op drie tot vier
plaatsen.
De optimale ketting- resp. riemspanning is bereikt,
wanneer de ketting resp. de riem midden tussen
achtertandwiel en kettingblad maximaal 2 cm kan
worden ingedrukt. Het crankstel moet bovendien
zonder weerstand kunnen draaien.
Een te hoge ketting- resp. riemspanning zorgt voor
verhoogde slijtage.
Een te geringe ketting- resp. riemspanning kan ertoe
leiden dat de ketting resp. de riem van de kettingwielen
afloopt.
Controleer maandelijks de ketting- resp.
riemspanning.
OPMERKING
Wanneer de ketting resp. de riem meer dan 2 cm
kan worden ingedrukt, moet de ketting resp. de riem
door de KETTLER-dealer strakker worden
gespannen.
Wanneer de ketting resp. de riem minder dan 1 cm
omhoog of omlaag kan worden gedrukt, moet de
ketting resp. de riem weer losser worden
gespannen.
87700063_1.0_30.05.2018
95
Onderhoud
Afbeelding 27: Ketting- resp. riemspanning controleren
2 cm
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
96
8.3 Inspectie
Uiterlijk elke zes maanden moet een inspectie worden
uitgevoerd door de KETTLER-dealer [
Checklist,
pagina 88]. Alleen daarmee zijn de veiligheid en
goede werking van de fiets gewaarborgd.
Vallen bij onbedoelde activering
Bij onbedoelde activering van het aandrijfsysteem
bestaat gevaar voor letsel.
Verwijder de accu voor het inspecteren.
Vallen door materiaalmoeheid
Wanneer de levensduur van een onderdeel wordt
overschreden, kan dat onderdeel plotseling falen. Een
val met letsel kan het gevolg zijn.
Laat elke zes maanden een grondige reiniging van
de fiets uitvoeren door de KETTLER-dealer, bij
voorkeur tijdens de voorgeschreven
servicewerkzaamheden.
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
Bij de grondige reiniging onderzoekt de KETTLER-
dealer de fiets op tekenen van materiaalmoeheid.
De KETTLER-dealer controleert de softwareversie
van het aandrijfsysteem en update deze. De
elektrische aansluitingen worden gecontroleerd,
gereinigd en geconserveerd. De elektrische
leidingen worden onderzocht op beschadigingen.
De overige onderhoudsmaatregelen komen
overeen met de conform EN 4210 voor een fiets
aanbevolen maatregelen. Er wordt in het bijzonder
gekeken naar velgen- en remmenslijtage. De
spaken worden zo nodig nagespannen.
87700063_1.0_30.05.2018
97
Onderhoud
8.4 Corrigeren en repareren
8.4.1 Uitsluitend originele onderdelen gebruiken
De afzonderlijke onderdelen van de fiets zijn
zorgvuldig geselecteerd en op elkaar afgestemd.
Er mogen uitsluitend originele onderdelen worden
gebruikt voor onderhoud en reparatie.
De lijsten met goedgekeurde accessoires en
onderdelen worden continu geactualiseerd en zijn
beschikbaar bij de KETTLER-dealers.
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
98
8.4.2 Snelspanner van het wiel
Vallen door losgeraakte snelspanner
Een defecte of onjuist gemonteerde snelspanner kan
gegrepen worden door de remschijf en het wiel
blokkeren. Een val is het gevolg.
Monteer de snelspanhendel van het voorwiel aan
de zijde tegenover de remschijf.
Vallen door defecte of verkeerd gemonteerde
snelspanner
De remschijf kan tijdens gebruik zeer heet worden.
Onderdelen van de snelspanner kunnen hierdoor
schade oplopen. De snelspanner kan losraken. Een
val met letsel is het gevolg.
De snelspanhendel van het voorwiel en de
remschijf moeten aan tegenover elkaar liggende
zijden zitten.
Vallen door verkeerde afstelling van de
spankracht
Een te hoge spankracht beschadigt de snelspanner
zodat deze zijn werking verliest.
Onvoldoende spankracht leidt tot een ongunstige
krachtoverdracht. De verende voorvork of het frame
kan breken. Een val met letsel is het gevolg.
Bevestig een snelspanner nooit met gereedschap
(bv. een hamer of tang).
Gebruik uitsluitend spanhendels met correct
afgestelde spankracht.
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
87700063_1.0_30.05.2018
99
Onderhoud
De spanhendel van de snelspanner is voorzien van de
opschriften OPEN en CLOSE. Wanneer OPEN
leesbaar is, is de snelspanner geopend. Wanneer
CLOSE leesbaar is, is de snelspanner gespannen.
De snelspanner van het wiel is correct gespannen
wanneer de spanhendel vanuit de geopende stand
tot halverwege makkelijk kan worden gedraaid en
vanaf halverwege met de vingers of de muis van de
hand moet worden aangedrukt.
8.4.2.1 Snelspanner spannen
Houd de geopende spanhendel vast. Draai aan de
tegenoverliggende zijde de afstelmoer vast.
Span de spanhendel vast.
De spanhendel bevindt zich in de eindstand haaks
op de vork resp. het frame.
Afbeelding 28: Snelspanner van het wiel, uitvoering I, met spanhendel (2), vork (1)
en afstelmoer (3)
3
1
2
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
100
Spankracht van de snelspanner controleren en
afstellen
Wanneer de spanhendel niet met slechts handkracht
zijn eindstand bereikt of juist te los is, moet de
spankracht opnieuw worden afgesteld.
Open de spanhendel volledig.
Draai de afstelmoer wat losser of vaster.
Span de spanhendel vast.
Herhaal zo nodig de stappen tot de spanhendel de
juiste eindstand bereikt.
87700063_1.0_30.05.2018
101
Onderhoud
8.4.3 Vuldruk corrigeren
8.4.3.1 Blitzventiel
Afbeelding 29: Blitzventiel met wartel (1) en velgmoer (2)
Bij een eenvoudig Blitzventiel kan de vuldruk niet
worden gemeten. Daarom wordt de vuldruk gemeten
in de vulslang tijdens het langzaam oppompen met de
fietspomp.
Het wordt aanbevolen een fietspomp te gebruiken met
drukmeter. De gebruikshandleiding van de fietspomp
moet in acht worden genomen.
Verwijder de ventieldop.
Sluit de fietspomp aan.
Pomp de band langzaam op en let daarbij op de
vuldruk.
De vuldruk is conform de gegevens [
Datablad,
pagina 1] gecorrigeerd.
Draai, wanneer de vuldruk te hoog is, de wartel los,
laat lucht af en draai de wartel weer vast aan.
Maak de fietspomp los.
Draai de ventieldop stevig vast.
Draai de velgmoer met de vingertoppen licht tegen
de velg aan.
1
2
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
102
8.4.3.2 Frans ventiel
Afbeelding 30: Frans ventiel met ventielinzet (1), kartelmoer (2) en velgmoer (3)
Het wordt aanbevolen een fietspomp te gebruiken met
drukmeter. De gebruikshandleiding van de fietspomp
moet in acht worden genomen.
Verwijder de ventieldop.
Draai de kartelmoer ca. vier slagen los.
Sluit voorzichtig de fietspomp aan zodat de
ventielinzet niet wordt verbogen.
Pomp de band op en let daarbij op de vuldruk.
De vuldruk is conform de gegevens [
Datablad,
pagina 1] gecorrigeerd.
Maak de fietspomp los.
Draai de kartelmoer met de vingertoppen vast.
Draai de ventieldop stevig vast.
Draai de velgmoer met de vingertoppen licht tegen
de velg aan.
1
3
2
87700063_1.0_30.05.2018
103
Onderhoud
8.4.3.3 Autoventiel
Afbeelding 31: Autoventiel met velgmoer (1)
Het wordt aanbevolen een fietspomp te gebruiken met
drukmeter. De gebruikshandleiding van de fietspomp
moet in acht worden genomen.
Verwijder de ventieldop.
Sluit de fietspomp aan.
Pomp de band op en let daarbij op de vuldruk.
De vuldruk is conform de gegevens [
Datablad,
pagina 1] gecorrigeerd.
Maak de fietspomp los.
Draai de ventieldop stevig vast.
Draai de velgmoer met de vingertoppen licht tegen
de velg aan.
1
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
104
8.4.4 De versnelling afstellen
Wanneer de versnelling niet goed overschakelt, moet
de spanning van de schakelkabel worden afgesteld.
Trek de afstelwartel voorzichtig van de behuizing
van de schakelhendel weg en verdraai deze.
Controleer de werking van de versnelling na elke
correctie.
8.4.4.1 Versnelling met bowdenkabelbediening, enkel
(alternatieve uitvoering)
Stel de afstelwartel op de behuizing van de
schakelhendel zo af, dat de versnelling gemakkelijk
overschakelt.
Afbeelding 32: Afstelwartel (1) van de versnelling met enkele
bowdenkabelbediening en behuizing van de schakelhendel (2),
voorbeeld
Wanneer de versnelling op deze manier niet goed kan
worden afgesteld, moet de KETTLER-dealer de
montage van de versnelling controleren.
2
1
87700063_1.0_30.05.2018
105
Onderhoud
8.4.4.2 Versnelling met bowdenkabelbediening, dubbel
(alternatieve uitvoering)
Stel de afstelwartel onder de achterbrug van het
frame zo af, dat de versnelling gemakkelijk
overschakelt.
De schakelkabel heeft bij licht uittrekken een
speling van ca. 1 mm.
Afbeelding 33: Afstelwartels (2) van twee alternatieve uitvoeringen (A resp. B) van
een versnelling met dubbele bowdenkabelbediening aan de
achterbrug (1)
1
A
B
1
2
2
1
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
106
8.4.4.3 Draaibare handvatschakelaar met
bowdenkabelbediening, dubbel
(alternatieve uitvoering)
Stel de afstelwartel op de behuizing van de
schakelhendel zo af, dat deze gemakkelijk
overschakelt.
Bij het draaien aan de draaibare
handvatschakelaar is een speling voelbaar van ca.
2 - 5 mm (1/2 versnelling).
Afbeelding 34: Draaibare handvatschakelaar met afstelwartels (1) en speling van
de versnelling (2)
1
2
87700063_1.0_30.05.2018
107
Onderhoud
8.4.5 Slijtage van de remblokken compenseren
8.4.5.1 Hydraulisch bediende velgrem
(alternatieve uitrusting)
Met de afstelschroef op de remhendel van de
hydraulische velgrem kan slijtage van de remblokken
worden gecompenseerd. Wanneer het profiel van de
remblokken niet meer bedraagt dan 1 mm moeten de
remblokken worden vervangen.
Draai de afstelschroef verder in om de loze slag te
verkorten en slijtage van de remblokken te
compenseren.
Draai de afstelschroef verder uit om de loze slag te
verlengen.
Bij de optimale afstelling wordt het drukpunt, d.w.z.
het punt waarop de rem aangrijpt, bereikt na een
loze slag van 10 mm.
Afbeelding 35: Remhendel (1) van de hydraulisch bediende velgrem met
afstelschroef (2)
2
1
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
108
8.4.5.2 Velgrem met bowdenkabelbediening
(alternatieve uitrusting)
Door het opnieuw afstellen de afstelschroef op de
remhendel van de velgrem met bowdenkabelbediening
wordt de slijtage van de remblokken gecompenseerd.
De loze slag is de afgelegde afstand van de
uitgangspositie van de remhendel tot het drukpunt,
d.w.z. het punt waarop de rem aangrijpt.
Draai, om de loze slag te verkorten en de slijtage
van de remblokken te compenseren, de
afstelschroef verder uit.
Draai, om de loze slag te verengen, de afstelschroef
verder in.
Bij de optimale afstelling wordt het drukpunt bereikt
na een loze slag van 10 mm.
Afbeelding 36: Remhendel (1), contramoer (2) en afstelschroef (3) van de velgrem
met bowdenkabelbediening
8.4.5.3 Schijfrem
(alternatieve uitrusting)
Bij slijtage van de remvoering van een schijfrem hoeft
deze niet opnieuw te worden afgesteld.
3
2
1
87700063_1.0_30.05.2018
109
Onderhoud
8.4.6 Verlichting vervangen
Er kan een 3 Watt- of een 1,5 Watt-
verlichtingsinstallatie zijn gemonteerd.
Gebruik bij vervanging uitsluitend componenten die
overeenkomen met het betreffende wattage.
8.4.7 Koplamp afstellen
Stel de koplamp zo af, dat de lichtkegel 10 m voor
de fiets op de weg schijnt.
8.4.8 Reparaties door de dealer
Voor veel reparaties is bijzondere kennis en
gereedschap vereist. Zo mag bijvoorbeeld uitsluitend
een KETTLER-dealer onderstaande reparaties
uitvoeren:
Banden en velgen vervangen,
Remblokken en remvoeringen vervangen,
Ketting vervangen resp. spannen.
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
110
8.4.9 Eerste hulp bij systeemmeldingen
De componenten van het aandrijfsysteem worden
continu automatisch bewaakt. Wanneer een storing
wordt vastgesteld, verschijnt de betreffende
storingscode op het display. Afhankelijk van de aard
van de storing wordt de aandrijving zo nodig
automatisch uitgeschakeld.
8.4.9.1 Eerste hulp
Voer onderstaande stappen uit wanneer een
storingsmelding wordt weergegeven:
Onthoud het nummer van de systeemmelding.
Schakel het aandrijfsysteem uit en start het
opnieuw op.
Brand- en explosiegevaar door defecte accu
Bij een beschadigde of defecte accu kan de
beveiligingselektronica uitvallen. De restspanning kan
kortsluiting veroorzaken. De accu kan ontvlammen en
exploderen.
Neem een accu, die uitwendige schade vertoont,
onmiddellijk buiten bedrijf.
Laat een beschadigde accu nooit in contact komen
met water.
Neem na een val of botsing zonder uitwendige
schade aan de behuizing, de accu gedurende ten
minste 24 uur buiten bedrijf en observeer deze.
Een defecte accu is gevaarlijk afval. Voer een
defecte accu zo snel mogelijk op de juiste wijze af.
Sla deze tot het afvoeren droog op. Sla nooit
brandbare stoffen op in de omgeving.
Probeer nooit de accu te openen of te repareren.
WAARSCHUWING
!
87700063_1.0_30.05.2018
111
Onderhoud
Wordt de systeemmelding nog steeds
weergegeven, verwijder dan de accu en breng
deze opnieuw aan.
Start het aandrijfsysteem opnieuw op.
Wordt de systeemmelding nog steeds
weergegeven, neem dan contact op met de
KETTLER-dealer..
8.4.9.2 Verhelpen van specifieke storingen
Onthoud het nummer van de systeemmelding.
Wordt de systeemmelding nog steeds
weergegeven, neem dan contact op met de
KETTLER-dealer
Storing Oplossing
10 Accu opladen.
12
Accu opladen.
24 Verkeerde oplader.
Gebruik de meegeleverde oplader voor het laden.
40, 41, 44 Overstroom en oververhitting van de motor
gedetecteerd.
Verminder de belasting van de motor door minder
snel te trappen of het ondersteuningsniveau te
verlagen.
Tabel 29: Storingen verhelpen via de code
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
112
8.4.10 Elektrisch aandrijfsysteem of display start niet
op
Handel als volgt wanneer het display en/of het
aandrijfsysteem niet opstart:
Controleer of de accu is ingeschakeld. Zo niet,
schakel de accu in.
Neem contact op met de KETTLER-dealer wanneer
de LED's van de laadtoestandweergave niet
branden.
Verwijder de accu wanneer de LED's van de
laadtoestandweergave branden, maar het
aandrijfsysteem toch niet opstart.
Breng de accu aan.
Start het aandrijfsysteem op.
Verwijder de accu wanneer het aandrijfsysteem
niet opstart.
Reinig alle contacten met een zachte doek.
Breng de accu aan.
Start het aandrijfsysteem op.
Verwijder de accu wanneer het aandrijfsysteem
niet opstart.
Laad de accu volledig op.
Breng de accu aan.
Start het aandrijfsysteem op.
Verwijder het display wanneer het aandrijfsysteem
niet opstart.
Breng het display aan.
Start het aandrijfsysteem op.
Neem contact op met de KETTLER-dealer wanneer
het aandrijfsysteem niet opstart.
87700063_1.0_30.05.2018
113
Onderhoud
8.5 Accessoires
Onderstaande accessoires worden aanbevolen:
Beschrijving Artikelnummer
Kinderzitje Teddy 08947-665
Kinderzitje Flipper 08947-660
Montagestandaard 08981-880
Wandhouder 08959-000
Plafondhouder 08959-500
Fietsenrek 08982-500
Messenger bag 08987-742
Layana shopping bag 08987-741
Bagagedragermand 08985-500
Smart bag 08987-745
Single bag 08987-746
Handlebar bag 08987-747
Smart bag waterproof 08987-748
Single bag waterproof 08987-749
Business bag 08987-744
Lady bag 08987-743
Tabel 30: Accessoires
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
114
8.5.1 Kinderzitje
Vallen door onjuist gebruik
Het gebruik van een kinderzitje is van grote invloed op
de rij-eigenschappen en de stabiliteit van de fiets. Dit
kan leiden tot verlies van de controle en een val met
letsel.
Oefen een veilig gebruik met het kinderzitje voordat
de fiets op de openbare weg wordt gebruikt.
Beknellingsgevaar door open veren
Het kind kan met de vingers bekneld raken tussen de
open veren of het open mechanisme van het zadel
resp. de zadelpen.
Monteer nooit een zadel met open veren wanneer
een kinderzitje wordt gebruikt.
Monteer nooit een verende zadelpen met open
mechanisme resp. open veren wanneer een
kinderzitje wordt gebruikt.
Neem de wettelijke bepalingen voor het gebruik van
kinderzitjes in acht.
Neem de bedienings- en veiligheidsaanwijzingen
voor het kinderzitje in acht.
Overschrijd nooit het toegestane totaalgewicht van
de fiets.
VOORZICHTIG
!
VOORZICHTIG
!
OPMERKING
87700063_1.0_30.05.2018
115
Onderhoud
De KETTLER-dealer dient u graag van advies bij het
kiezen van een bij uw kind en bij de fiets passend
kinderzitsysteem. Bij de levering van gangbare
kinderzitjes is doorgaans geen materiaal inbegrepen,
dat nodig is om de fiets aan het kinderzitje aan te
passen.
Daarnaast kunnen kennis, vaardigheden en
gereedschappen nodig waarover technische leken niet
beschikken.
Voor behoud van de arbeids- en productveiligheid
moet de eerste montage van een kinderzitje daarom
door de KETTLER-dealer worden uitgevoerd. Bij de
montage van een kinderzitje let de KETTLER-dealer
erop, dat het zitje en de bevestiging van het zitje bij de
fiets passen, dat alle onderdelen worden gemonteerd
en stevig worden bevestigd, dat schakelkabels,
remkabels, hydraulische en elektrische leidingen zo
nodig worden aangepast, dat de bewegingsvrijheid
van de berijder niet wordt beperkt en dat het
toegestane totaalgewicht van de fiets niet wordt
overschreden.
De KETTLER-dealer geeft instructie over de omgang
met de fiets en het kinderzitje.
Onderhoud
87700063_1.0_30.05.2018
116
8.5.2 Fietsaanhanger
Een fiets die is vrijgegeven voor gebruik van een
aanhanger, is voorzien van een overeenkomstige
waarschuwingssticker. Er mogen uitsluitend
fietsaanhangers worden gebruikt, waarvan de
verticale belasting en totale massa de toegestane
waarden niet overstijgen.
Vallen door falen van de remmen
Bij een hoge aanhangerbelading kan de remwerking
onvoldoende zijn. De lange remweg kan leiden tot een
val of ongeval met letsel.
Overschrijd nooit de vermelde maximale
aanhangerbelading.
De bedienings- en veiligheidsaanwijzingen voor het
aanhangersysteem moeten in acht worden
genomen.
De wettelijke bepalingen voor het gebruik van
fietsaanhangers moeten in acht worden genomen.
Gebruik uitsluitend koppelingssystemen met
typegoedkeuring.
VOORZICHTIG
!
OPMERKING
De KETTLER-dealer dient u graag van advies bij het
kiezen van een bij de fiets passend
aanhangersysteem. Bij de levering van gangbare
fietsaanhangers is doorgaans geen materiaal
inbegrepen, dat nodig is om de fiets aan de aanhanger
aan te passen. Daarnaast kunnen kennis,
vaardigheden en gereedschappen nodig waarover
technische leken niet beschikken.
Voor behoud van de arbeids- en productveiligheid
moet daarom de eerste montage van een aanhanger
door de KETTLER-dealer worden uitgevoerd.
87700063_1.0_30.05.2018
117
Recycling en afvoer
9 Recycling en afvoer
Brand- en explosiegevaar
Bij een beschadigde of defecte accu kan de
beveiligingselektronica uitvallen. De restspanning kan
kortsluiting veroorzaken. De accu kan ontvlammen en
exploderen.
Neem een accu, die uitwendige schade vertoont,
onmiddellijk buiten bedrijf en laad deze nooit op.
Houd afstand wanneer een accu vervormt of begint
te roken, onderbreek de voeding van de
contactdoos en neem onmiddellijk contact op met
de brandweer.
Blus een beschadigde accu niet met water en laat
deze nooit met water in contact komen.
Een defecte accu is gevaarlijk afval. Voer een
defecte accu zo snel mogelijk op de juiste wijze af.
Sla deze tot het afvoeren droog op. Sla nooit
brandbare stoffen op in de omgeving.
Probeer nooit de accu te openen of te repareren.
Letsel aan huid en ogen
Uit een beschadigde of defecte accu kunnen
vloeistoffen en dampen vrijkomen. Deze kunnen
leiden tot irritatie van de luchtwegen en tot
brandwonden.
Vermijd elk contact met vrijkomende vloeistoffen.
Neem bij oogcontact of klachten onmiddellijk
contact op met een arts.
Spoel bij huidcontact de huid onmiddellijk af met
water.
Ventileer de ruimte goed.
WAARSCHUWING
!
VOORZICHTIG
!
Recycling en afvoer
87700063_1.0_30.05.2018
118
De fiets, de accu, het display en de oplader bevatten
waardevolle grondstoffen. Deze moeten
overeenkomstig de van toepassing zijnde wettelijke
voorschriften gescheiden van het huisvuil worden
afgevoerd voor recycling.
Door gescheiden inzameling en recycling worden de
grondstofreserves ontzien en is gewaarborgd dat bij
de recycling van het product en/of de accu alle
voorschriften ter bescherming van de gezondheid en
het milieu worden aangehouden.
Haal de fiets, de accu of de oplader niet uit elkaar
ten behoeve van het afvoeren.
De fiets, het display, de ongeopende en
onbeschadigde accu en de oplader kunnen bij elke
KETTLER-dealer gratis worden ingeleverd.
Afhankelijk van uw regio zijn andere
afvoermogelijkheden beschikbaar.
Bewaar onderdelen van een buiten bedrijf
genomen fiets droog, vorstvrij en beschermd tegen
invallend zonlicht.
Bijlage
87700063_1.0_30.05.2018
119
10 EG-conformiteitsverklaring
Vertaling van de originele EG-conformiteitsverklaring
De fabrikant:
KETTLER Alu-Rad GmbH
Longericher Str. 2
50739 Köln
verklaart hiermee, dat de elektrisch ondersteunende fiets
typen KB012; KB013; KB019; KB020; KB021; KB024; KB025; KB026; KB027; KB028; KB029;
KB030; KB031; KB032; KB035; KB037; KB050; KB051; KB052
bouwjaar 2017 en bouwjaar 2018,
in overeenstemming zijn met alle van toepassing zijnde eisen van de Machinerichtlijn 2006/42/
EG. Verder zijn de elektrisch ondersteunende fietsen in overeenstemming met alle van
toepassing zijnde eisen van de EMC-richtlijn 2014/30/EU.
De volgende normen zijn toegepast: EN-ISO 12100:2010, Veiligheid van machines – Algemene
ontwerpbeginselen – Risicobeoordeling en risicoreductie, EN-ISO 4210-2:2015, Rijwielen –
Veiligheidseisen voor fietsen – Deel 2: Eisen voor stads- en toerfietsen, jeugdfietsen,
mountainbikes en racefietsen, EN 15194:2009+A1:2011, Fietsen – Elektrisch ondersteunende
fietsen – EPAC Fietsen, en EN 11243:2016, Fietsen – Bagagedragers voor fietsen – Eisen en
beproevingsmethoden.
De heer Dipl.-Ing. (FH) Harald Guoth (gevolmachtigde kwaliteitsmanagement, gevolmachtigde
compliance), p/a KETTLER Alu-Rad GmbH, Longericher Str. 2, 50739 Köln
is gevolmachtigd tot het samenstellen van de technische documentatie.
Köln, 28.08.2017
………………………………………………………………………………………………………
Plaats, datum en handtekening
Egbert Hageböck
-Directeur-
87700063_1.0_30.05.2018
120
Bijlage
Lijst met afbeeldingen
87700063_1.0_30.05.2018
120
11 Lijst met afbeeldingen
Afbeelding 1: Typeplaat (voorbeeld), 20
Afbeelding 2: Fiets van rechts gezien, voorbeeld Traveller E-
Comfort, 25
Afbeelding 3: Detailaanzicht fiets vanuit berijderpositie gezien,
voorbeeld, 26
Afbeelding 4: Componenten van het wiel, voorbeeld voorwiel, 27
Afbeelding 5: Fiets zonder vering (1) en met vering (2) tijdens het rijden
over een hindernis, 28
Afbeelding 6: Componenten van de velgrem met detail, voorbeeld, 29
Afbeelding 7: Vergrendelingshendel van de velgrem, op achterwiel (1)
en voorwiel (2), 30
Afbeelding 8: Remsysteem van een fiets met schijfrem, voorbeeld, 31
Afbeelding 9: Remsysteem van een fiets met terugtraprem,
voorbeeld, 32
Afbeelding 10: Schema mechanisch aandrijfsysteem, 33
Afbeelding 11: Schema elektrisch aandrijfsysteem, 34
Afbeelding 12: Detail framemontage-accu, 36
Afbeelding 13: Detail bagagedrageraccu, 37
Afbeelding 14: Detail geïntegreerde accu, 38
Afbeelding 15: Overzicht opbouw en bedieningselementen van het
display, 40
Afbeelding 16: Overzicht displayweergaven, 41
Afbeelding 17: Overzicht bediening, 45
Afbeelding 18: Detailaanzicht zadelpen, voorbeelden van de markering
van de minimale insteekdiepte, 56
Afbeelding 19: Bepalen van de zadelhoogte, 57
Afbeelding 20: Snelspanner van de zadelpen in de eindstand, 57
Afbeelding 21: Instelwiel van de verende voorvork, voorbeeld, 58
Afbeelding 22: Vorkventiel, voorbeeld, 59
Afbeelding 23: Remhendel met schuif (1) met drie standen (2), 61
Afbeelding 24: Remhendel (1) met kartelschroef (2), 62
Afbeelding 25: Display aanbrengen, 80
Afbeelding 26: Vorkblokkering op veerkop met blokkeringshendel (1),
voorbeeld, 87
Afbeelding 27: Ketting- resp. riemspanning controleren, 95
Afbeelding 28: Snelspanner van het wiel, uitvoering I, met
spanhendel (2), vork (1) en afstelmoer (3), 99
Afbeelding 29: Blitzventiel met wartel (1) en velgmoer (2), 101
87700063_1.0_30.05.2018
121
Lijst met afbeeldingen
Afbeelding 30: Frans ventiel met ventielinzet (1), kartelmoer (2) en
velgmoer (3), 102
Afbeelding 31: Autoventiel met velgmoer (1), 103
Afbeelding 32: Afstelwartel (1) van de versnelling met enkele
bowdenkabelbediening en behuizing van de
schakelhendel (2), voorbeeld, 104
Afbeelding 33: Afstelwartels (2) van twee alternatieve uitvoeringen (A
resp. B) van een versnelling met dubbele
bowdenkabelbediening aan de achterbrug (1), 105
Afbeelding 34: Draaibare handvatschakelaar met afstelwartels (1) en
speling van de versnelling (2), 106
Afbeelding 35: Remhendel (1) van de hydraulisch bediende velgrem met
afstelschroef (2), 107
Afbeelding 36: Remhendel (1), contramoer (2) en afstelschroef (3) van
de velgrem met bowdenkabelbediening, 108
Lijst met tabellen
87700063_1.0_30.05.2018
122
12 Lijst met tabellen
Tabel 1: Technische gegevens fiets, 2
Tabel 2: Technische gegevens accu, 2
Tabel 3: Technische gegevens display, 3
Tabel 4: Emissies door de fiets*, 3
Tabel 5: Technische gegevens USB-aansluiting, 3
Tabel 6: Aanhaalmomenten*, 3
Tabel 7: Identificatienummer van de gebruikshandleiding, 11
Tabel 8: Toewijzing typenummer, model en type fiets, 11
Tabel 9: Betekenis van de signaalwoorden, 14
Tabel 10: Veiligheidsmarkeringen op het product, 15
Tabel 11: Toepassingsgebied, 16
Tabel 12: Fietstype, 16
Tabel 13: Overige informatie op het product, 17
Tabel 14: Vereenvoudigde begrippen, 18
Tabel 15: Schrijfwijzen, 19
Tabel 16: Technische gegevens accu, 36
Tabel 17: Technische gegevens display, 39
Tabel 18: Overzicht bedieningselement, 40
Tabel 19: Overzicht displayweergave, 41
Tabel 20: Overzicht ondersteuningsniveaus, 42
Tabel 21: Pictogrammen van de schakeltip, 42
Tabel 22: Reisinformatie, 43
Tabel 23: Wijzigbare systeeminstellingen, 44
Tabel 24: Systeeminformatie, niet wijzigbaar, 44
Tabel 25: Overzicht bediening, 45
Tabel 26: Opslagtemperatuur voor de accu, de fiets en de
oplader, 48
Tabel 27: Temperatuur werkplek, 51
Tabel 28: Aanhaalmoment asmoer, 53
Tabel 29: Storingen verhelpen via de code, 111
Tabel 30: Accessoires, 113
87700063_1.0_30.05.2018
123
Index
13 Index
A
Aan/uit-toets,
Accu, 37, 38
Display, 40
Aandrijfsysteem, 33
- inschakelen, 75, 76
- uitschakelen, 76, 77
Accu, 36
- afvoeren, 118
- controleren, 54
- laadstoring verhelpen,
110
- laden, 73
- reinigen, 89
- uit de slaapstand halen,
74
- verwijderen, 70, 71
Achterlicht, 25, 34
Achterwiel, zie wiel
Achterwielrem, 29, 31, 32
Alternatieve uitrusting, 18
Alternatieve uitvoering, 18
B
Bagagedrager, 25
- controleren, 66
Band, 27
- controleren, 92
- vervangen, 109
Bandenspanning, 1
Bediening, 45
Bedrijfstoestandweergave, 38
Bel, 26
Borging, 38
D
Datablad, 1
Display, 39
- aanbrengen, 80
- accu laden, 78
- reinigen, 90
- verwijderen, 79
Displayweergave, 41
Draaibare handvatschakelaar
van de versnelling,
- controleren, 93
Duwondersteuning,
- gebruiken, 80, 81
Duwondersteuningstoets, 45
E
Eerste ingebruikname, 52
EG-conformiteitsverklaring,
119
F
Fietsstandaard, zie
zijstandaard
Frame, 25
Framemontage-accu,
- verwijderen, 70, 71
Framenummer, 1
G
Gewicht,
Ledig gewicht, 1
toegestaan totaalgewicht,
20
Grondige reiniging, 91
I
Info-toets (display), 40
Info-toets, 45
K
Kartelmoer, 57
Ketting, 25, 33
- onderhouden, 94
- reinigen, 91
- vervangen, 109
Kettingaandrijving, 33
Kettingbeschermer,
- controleren 66
Kettingspanning, 94
Kettingwiel, 33
Koplamp, 25, 26, 34
L
Laadtoestandweergave, 38
M
Markering van de minimale
insteekdiepte, 56
Massa zie gewicht
Min-toets, 45
Model, 1
Motor, 34
N
Naaf, 27
NuVinci, zie versnelling
O
Onderbreking van het gebruik,
48
- uitvoeren, 50
- voorbereiden, 49
Onderdelenlijst, 119
Ondersteuningsniveau, 42, 45
- selecteren, 81
ECO, 42
OFF, 42
SPORT, 42
TOUR, 42
TURBO, 42
Oplader,
- afvoeren, 118
Opslaan, zie opslag
Opslag, 48
P
Pedaal, 32, 33
Plus-toets, 45
R
Reflector, 25
Reisinformatie, 43
- resetten, 82
- wijzigen, 82
Afstand totaal, 43
Afstand, 43
Bereik, 43
Gemiddelde, 43
Maximum, 43
Rijtijd, 43
Tijd, 43
Rem,
Terugtraprem, 29, 31, 32
Remarm, 29
Remblok, 29
- onderhouden, 93
Remhendel, 26
Remschijf, 31
Remvoeringen, 31
Remzadel, 31
RESET–toets, 40
Riemspanning, 94
Rijrichting, 33
Rijverlichting, 39
- vervangen, 109
- werking controleren, 66
Index
87700063_1.0_30.05.2018
124
Rijverlichtingtoets, 40
Rollenrem,
- remmen, 86
S
Schakelhendel, 26
- afstellen, 96, 103, 104,
107
- controleren, 93
Schakeltip, 42
Snelspanner, 27
Spaak, 27
Spanhendel,
Zadelpen, 57
Spatbord, 25
- controleren, 66
Storingsmelding, zie
systeemmelding 110
Stuur, 25, 26
- monteren, 53
Systeeminstelling, 44
- wijzigen, 82
Systeeminformatie 44
wijzigbaar, 44
Systeemmelding, 45
- begrijpen, 110
T
Terugtraprem, 29, 31, 32
- remmen, 86
Toets,
Aan/uit (accu), 37, 38
Aan/uit (display), 40
Duwondersteuning, 45
Info (bediening), 45
Info (display), 40
Min, 45
Plus, 45
RESET, 40
Rijverlichting, 40
Totale rijtijd, 44
Transport, 46
Transporteren, zie transport
Typenummer, 1
U
USB-aansluiting, 40
- gebruiken, 78
V
Veerkop, 27
Velg, 27
- controleren, 92
- vervangen, 109
Velgrem,
bowdenkabelbediening,
30
hydraulisch bediend, 30
Ventiel, 27
Autoventiel, 27
Blitzventiel, 27
Frans ventiel, 27
Verende voorvork, 28
Vergrendelhaak, 38
Vergrendelingshendel, 30
Vering, 28
Verlichting, zie rijverlichting
Verpakking, 51
Versnelling,
- onderhouden, 93
- schakelen, 83
Voorwiel, zie wiel
Voorwielrem 31, 32
Voorwielrem, 29
- remmen, 86
Vork, 27
Uitvaleinde, 27
Vorkblokkering, 26
W
Werkplek, 51
Wiel,
- onderhouden, 92
Wielmaat, 1
Wielomtrek, 1
Winterpauze, zie
onderbreking van het gebruik
Z
Zadel, 25
- monteren 53
- vastzetten, 57
- zadelhoogte bepalen, 56
Zadelpen, 25
- vastzetten, 60
Tekst en afbeeldingen:
KETTLER Alu-Rad GmbH
Longericher Straße 2
50739 Köln, Germany
Vertaling:
Tanner Translations GmbH+Co
Markenstraße 7
40227 Düsseldorf, Germany
Gebruikshandleiding: 87700063_1.0_30.05.2018
UW
KETTLER
-DEALER
www.kettler-alu-rad.com
KETTLER Alu-Rad GmbH
Longericher Straße 2
50739 Köln, Germany
Tel.: +49 6805 6008 0
Fax: +49 6805 6008 3098
E-mail: info@kettler-alu-rad.com
96

Hulp nodig? Stel uw vraag in het forum

Spelregels

Misbruik melden

Gebruikershandleiding.com neemt misbruik van zijn services uitermate serieus. U kunt hieronder aangeven waarom deze vraag ongepast is. Wij controleren de vraag en zonodig wordt deze verwijderd.

Product:

Bijvoorbeeld antisemitische inhoud, racistische inhoud, of materiaal dat gewelddadige fysieke handelingen tot gevolg kan hebben.

Bijvoorbeeld een creditcardnummer, een persoonlijk identificatienummer, of een geheim adres. E-mailadressen en volledige namen worden niet als privégegevens beschouwd.

Spelregels forum

Om tot zinvolle vragen te komen hanteren wij de volgende spelregels:

Belangrijk! Als er een antwoord wordt gegeven op uw vraag, dan is het voor de gever van het antwoord nuttig om te weten als u er wel (of niet) mee geholpen bent! Wij vragen u dus ook te reageren op een antwoord.

Belangrijk! Antwoorden worden ook per e-mail naar abonnees gestuurd. Laat uw emailadres achter op deze site, zodat u op de hoogte blijft. U krijgt dan ook andere vragen en antwoorden te zien.

Abonneren

Abonneer u voor het ontvangen van emails voor uw Kettler Explorer E Tour bij:


U ontvangt een email met instructies om u voor één of beide opties in te schrijven.


Ontvang uw handleiding per email

Vul uw emailadres in en ontvang de handleiding van Kettler Explorer E Tour in de taal/talen: Nederlands als bijlage per email.

De handleiding is 12,83 mb groot.

 

U ontvangt de handleiding per email binnen enkele minuten. Als u geen email heeft ontvangen, dan heeft u waarschijnlijk een verkeerd emailadres ingevuld of is uw mailbox te vol. Daarnaast kan het zijn dat uw internetprovider een maximum heeft aan de grootte per email. Omdat hier een handleiding wordt meegestuurd, kan het voorkomen dat de email groter is dan toegestaan bij uw provider.

Stel vragen via chat aan uw handleiding

Stel uw vraag over deze PDF

Uw handleiding is per email verstuurd. Controleer uw email

Als u niet binnen een kwartier uw email met handleiding ontvangen heeft, kan het zijn dat u een verkeerd emailadres heeft ingevuld of dat uw emailprovider een maximum grootte per email heeft ingesteld die kleiner is dan de grootte van de handleiding.

Er is een email naar u verstuurd om uw inschrijving definitief te maken.

Controleer uw email en volg de aanwijzingen op om uw inschrijving definitief te maken

U heeft geen emailadres opgegeven

Als u de handleiding per email wilt ontvangen, vul dan een geldig emailadres in.

Uw vraag is op deze pagina toegevoegd

Wilt u een email ontvangen bij een antwoord en/of nieuwe vragen? Vul dan hier uw emailadres in.



Info