518754
1
Verklein
Vergroot
Pagina terug
1/40
Pagina verder
Technische en praktische voorschriften
N
EHLE 17, EHLE 23
EHLE 27, EHLE 34
EHLE 39
& EHLE 78
RADOSTAR
vloerketels voor schouwaansluiting
Een onberispelijke werking kan slechts dan gewaarborgd
worden, wanneer de technische voorschriften strikt opge-
volgd worden. Wijzigingen voorbehouden.
Wij verzoeken U deze voorschriften aandachtig te lezen
en ze aan de gebruiker te overhandigen.
Deze laatste
dient ze zorgvuldig te bewaren.
DE INSTALLATIE, DE INBEDRIJFSTELLING, HET
ONDERHOUD EN DE NAVERKOOPSERVICE MOETEN
DOOR EEN ERKENDE INSTALLATEUR GEBEUREN.
Deze gasketels dragen het keurmerk:
cat. I
2E+
(aardgas)
cat. I
3P
(vloeibaar gas)
Bosch Thermotechnology nv/sa
Kontichsesteenweg 60
2630 AARTSELAAR
TEL: 03 887 20 60
FAX: 03 877 01 29
Deutsche Fassung auf Anfrage erhältlich
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL)
(T30.33195.10)
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
2
VOOR UW VEILIGHEID:
WAT TE DOEN BIJ GASGEUR?
gaskraan dichtdraaien
deuren en vensters openen
bedien geen elektrische schakelaars of andere voorwerpen die vonken kunnen veroorzaken (telefoon,
deurbel, ...)
Alle open vuur in de nabijheid doven. Niet roken. Gebruik geen aansteker.
Van op een andere plaats de gasmaatschappij, Uw installateur of JUNKERS contacteren en de buren
verwittigen.
blz.
AANSLUITINGEN EN AFMETINGEN
- EHLE 17, 23 en 27
4
- EHLE 34 en 39
5
- EHLE 78
6
BESCHRIJVING VAN DE KETELS
7
VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING
8
TECHNISCHE GEGEVENS VAN DE KETELS OP AARDGAS
9
TECHNISCHE GEGEVENS VAN DE KETELS OP VLOEIBAAR GAS
10
OPBOUW VAN DE KETELS
- EHLE 17, 23 en 27
11
- EHLE 34 en 39
12
- EHLE 78
13
WERKING
14
- concept van de warmtewisselaars
14
- werkingsschema
14
ELEKTRISCH SCHEMA EHLE 17, 23, 27 ,34 en 39
15
ELEKTRISCH SCHEMA EHLE 78
16
KARAKTERISTIEKEN VAN DE CIRCULATIEPOMP
17
DRUKVERLIEZEN VAN DE GASKETEL
17
INSTALLATIE
18
- algemeen
18
- te respecteren normen
18
- belangrijk
18
- hydraulische aansluiting
19
- gasaansluiting
22
- elektrische aansluitingen
22
- aansluiting aan het elektriciteitsnet bij ketels EHLE 17, 23, 27, 34 en 39
22
- aansluiting aan het elektriciteitsnet bij ketel EHLE 78
23
- aansluiting van de rookgasbeveiliging
23
- aansluiting kamerthermostaat bij ketels EHLE 17, 23, 27, 34 en 39
24
- aansluiting kamerthermostaat bij ketel EHLE 78
25
- aansluiting sanitaire voeler
25
- schakelklok DT 2
26
- montage van de schakelklok in het bedieningspaneel van de gasketel
26
INBEDRIJFNAME
27
- vullen van de installatie
27
- ontluchting van de gasleiding
27
- laatste controle voor de ingebruikname
27
BEDIENING
28
- inschakeling
28
- winterstand
28
- zomerstand
28
- diverse instellingen
28
- regeling van de verwarmingstemperatuur
28
- regeling van de sanitaire warmwatertemperatuur
29
- regeling van de stand van de circulatiepomp
29
- rookgasbeveiliging
29
- tips voor energiebesparing
29
GASREGELING
30
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
3
blz.
ONDERRICHTINGEN
30
- nota voor de installateur
30
- nota voor de gebruiker
30
- controle van de ketel
30
- reinigen van de mantel
30
CONTROLE EN ONDERHOUD
31
- controle van de brander
31
- brander en warmtewisselaar
31
- demontage van de brander
32
- reinigen van de warmtewisselaar
32
- reinigen van de brander en controle van de elektrodes
33
- opnieuw monteren
33
- controle van de toebehoren
33
- controle van de voordruk van het expansievat
33
- controle van de rookgasafvoer
34
- controle van de rookgassen
34
- rookgasbeveiliging
34
- testen van de rookgasbeveiliging
34
- ledigen van de gasketel
34
- weerstandswaarden van de voelers
35
- elektrische bedrading
35
- overdrukventiel
35
- opnieuw in gebruik nemen
35
- wisselstukken en smeermiddelen
35
WAT TE DOEN BIJ STORINGEN?
36
NUTTIGE INLICHTINGEN
38
BELANGRIJKE NOTA’S
39
WAARBORG
39
DIENST NA VERKOOP (met techniekers uit Uw regio)
40
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
4
1. AANSLUITINGEN EN AFMETINGEN
1.1 Afmetingen EHLE 17, EHLE 23 en EHLE 27 (met ingebouwde trekonderbreker)
Fig. 1 voorzijde zijkant achterzijde
types
afmetingen in mm
A B C D E F G H I J K
EHLE 17
850 320 510 160 125 110 26 35 420 50 285
EHLE 23
850 320 660 160 145 130 26 35 420 50 285
EHLE 27
850 320 660 160 145 130 26 35 420 50 285
1.2 Aansluitingen EHLE 17, EHLE 23 en EHLE 27
types
EHLE 17 EHLE 23 EHLE 27
rookgasafvoer
110 mm 130 mm 130 mm
gastoevoer
3/4’’ 3/4’’ 3/4’’
vertrek verwarming
1’’ 1’’ 1’’
terugvoer verwarming
3/4’’ 3/4’’ 3/4’’
condensafvoer
7 mm 7 mm 7 mm
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
5
1.3 Afmetingen EHLE 34 en EHLE 39 (met trekonderbreker voor opbouw - in afzonderlijke verpakking)
Fig. 2 voorzijde zijkant achterzijde
types
afmetingen in mm
A B C D E F G H I J K L
EHLE 34
850 320 810 160 325 150 26 35 420 50 285 540
EHLE 39
850 320 810 160 325 150 26 35 420 50 285 540
1.4 Aansluitingen EHLE 34 en EHLE 39
types
EHLE 34 EHLE 39
rookgasafvoer
150 mm 150 mm
gastoevoer
3/4’’ 3/4’’
vertrek verwarming
1’’ 1’’
terugvoer verwarming
1’’ 1’’
condensafvoer
7 mm 7 mm
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
6
1.5 Afmetingen EHLE 78 (met trekonderbreker voor opbouw - in afzonderlijke verpakking)
Fig. 3 voorzijde zijkant achterzijde
type
afmetingen in mm
A B C D E F G H I J K L M N O P
EHLE 78
895 640 810 320 345 200 26 35 465 50 285 315 20 680 194 144
1.6 Aansluitingen EHLE 78
type
EHLE 78
rookgasafvoer
200 mm
gastoevoer
3/4’’
vertrek verwarming
1
½
’’
terugvoer verwarming
1
½
’’
condensafvoer
7 mm
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
7
2. BESCHRIJVING VAN DE KETELS
Vloerketels met elektronische ontsteking.
Geschikt voor aansluiting aan een indirect verwarmde boiler van het type Radocell EBU.
Uitrusting van de ketel
- primaire warmtewisselaar in aluminium-silicium
- secundaire warmtewisselaar in geëmailleerd staal
- atmosferische brander low NOx, watergekoeld
- elektronische ontsteking
- elektronisch schakelpaneel met microprocessor met:
- aan/uit schakelaar
- regelknop voor de verwarmingstemperatuur
- regelknop voor de temperatuur van het sanitaire water (werkt alleen wanneer een EBU boiler aangesloten is)
- ionisatiebeveiliging
- manometer
- brandercontrole en ontgrendeltoets
- digitale display
- voorziening voor schakelklok
- circulatiepomp
- handbediende ontluchter
- aftapkraan
- oververhittingsbeveiliging 100°C
- trekonderbreker met terugslagbeveiliging (TTB), ingebouwd bij EHLE 17, 23 en 27;
los bijgeleverd bij EHLE 34, 39 en 78
Opties
- schakelklok
- programmeerbare kamertemperatuurvoeler
- buitenvoeler
- sanitaire boilers Radocell
- driewegkraan voor boilersturing
Algemene informatie
Deze ketel aan de hand van de volgende richtlijnen zorgvuldig installeren.
Type afvoer: B
11BS
.
De ketels op aardgas dragen het HR+ lage temperatuur - keurmerk.
De ketels zijn gekeurd op basis van de lastenkohieren CE en worden vanuit de fabriek geregeld en verzegeld over-
eenkomstig categorie I
2E+
(aardgas) of I
3P
(vloeibaar gas).
Kencijfer
Gasfamilie
Type ketels
23 aardgas G 20 en G 25
EHLE 17 GN, EHLE 23 GN, EHLE 27GN,
EHLE 34 GN & EHLE 78 GN
31
propaan G 30
EHLE 23 GP & EHLE 34 GP
BELANGRIJKE OPMERKING:
Bij vervanging van een ketel EHR, EHRE of ouder - uitgerust met een gemotoriseerde driewegkraan - moet
de aansluitset van de boiler vervangen worden door een van de volgende boilerkits:
- boilerkit EBU 80 / 120: bestelnummer 8 716 834 149,
- boilerkit EBU 200: bestelnummer 8 716 834 195.
Ook de aquastaat van de
bestaande boiler moet vervangen worden door de NTC voeler met bestelnummer
8 716 833 588. Deze voeler wordt aangesloten aan de klemmen 3 en 4 van de ketel EHLE, na het
verwijderen van de codificatieweerstand.
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
8
3. VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING met het K.B. van 08/01/2004 - BE
BETREFT PRODUCT
GAMMA EHLE
CONSTRUCTEUR
BBT THERMOTECHNIK GmbH
Junkersstrasse 20 – 24
73249 Wernau
Duitsland
AARD
VLOERKETEL OP GAS enkelvoudige werking
INVOERDER & BEHEERDER VAN DE
TECHNISCHE DOCUMENTEN
Bosch Thermotechnology nv/sa
Kontichsesteenweg 60
2630 Aartselaar
België
CONTROLE VAN HET TYPE
IDENTIFICATIENUMMER
EHLE CE0063BP3138
EHLE 17 - EHLE 23 – EHLE 27 – EHLE 34 - EHLE 39 EHLE 78
ERKEND LABORATORIUM
GASTEC certificatie BV
Wilmersdorf 50
7300 AC Apeldoorn
Nederland
TOEPASBARE RICHTLIJNEN
CE:
90/396/CEE, 92/42/CEE, 2006/95 CE,
2004/108 CE, 97/23/CEE artikel 3.3
BE :
Koninklijke Besluiten van 8 januari 2004 en 17 juli 2009
betreffende de reglementering van de uitstootniveaus CO en
NOx.
REFERENTIENORMEN
NF EN 437, NF EN 297, NF EN 625,
EN 60335.1, EN 55014, EN 55104.
CONTROLEPROCEDURE
Verzekering fabricagekwaliteit
VERKLARING
De producten geïdentificeerd in dit document, zijn conform met de
vernoemde richtlijnen en met het gehomologeerde type.
De fabricage is onderworpen aan de procedure van de vernoemde
controle.
GEMETEN WAARDEN
NOx
: 48 mg/kWh
CO
: 5 mg/kWh
GEWAARBORGDE WAARDEN
NOx: < 100 mg/kWh
CO : < 110 mg/kWh
Saint-Thégonnec: 23 oktober 2009
Jean-Pierre Vourc’h
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
9
4 A. TECHNISCHE GEGEVENS VAN DE KETELS OP AARDGAS
Type
EHLE
17
EHLE
23
EHLE
27
EHLE
34
EHLE
39
EHLE
78
Max. nominaal vermogen (P
n
max)
- 80 / 60°C
kW
17,2 22,7 27,3 34,2 38,8 77,6
Max. nominale belasting (Q
n
max)
- 80 / 60°C
kW
18,9 25,0 30,1 37,7 43,0 86,0
Min. nominaal vermogen (P
n
min)
- 80 / 60°C
kW
14,8 19,3 23,1 28,9 32,8 65,6
Rendement bij vollast
- 80 / 60°C
%
91,2 90,6 90,6 90,8 90,2 90,3
Rendement bij 30 % deellast (40°C)
%
92,9
91,1
91,7
91,2
90,7
90,7
Branderdruk minimum
aardgas G 20
aardgas G 25
mbar
mbar
9,8
11,9
7,2
9,0
9,3
11,3
8,0
10,0
9,5
11,7
9,5
11,7
Branderdruk maximum
aardgas G 20
aardgas G 25
mbar
mbar
13,3
16,1
9,0
11,3
12,6
15,3
11,0
13,8
12,9
15,8
12,9
15,8
Branderdruk bij ontsteken
mbar
4,5
4,5
4,5
4,5
4,5
4,5
Gasdebiet
aardgas G 20 (15°C - 760 mmHG)
aardgas G 25 (15°C - 760 mmHG)
m
3
/h
m
3
/h
2,00
2,24
2,64
2,91
3,18
3,56
3,99
4,41
4,55
5,08
2 x 4,55
2 x 5,08
diafragma
mm
4,40
4,40
5,50
5,80
7,10
7,10
spuitstuk
mm
0,90
0,90
0,90
0,90
0,90
0,90
Type rookgasafvoer
B
11BS
B
11BS
B
11BS
B
11BS
B
11BS
B
11BS
Max. rookgastemperatuur
°C
95
110
120
120
135
135
Rookgasdebiet
(0°C, 1013 mbar, CO
2
6%)
gr/sec
13 18 21 26 30 60
CO uitstoot (G 20)
mg/kWh
3
3
3
3
5
5
Debiet toevoerlucht
(0°C, 1013 mbar)
m
3
/h
23 31 37 46 53 106
NO
x
-klasse
5
5
5
5
5
5
NO
x
uitstoot (G 20)
mg/kWh
46
45
45
45
48
48
Max. werkingsdruk (verwarming)
bar
3
3
3
3
3
3
Temperatuur verwarmingscircuit
- minimum / maximum
°C
40 / 90
40 / 90
40 / 90
40 / 90
40 / 90
40 / 90
fabrieksinstelling = 60°C
Temperatuur sanitair (indien
aangesloten aan een EBU boiler)
- minimum / maximum
°C
10 / 70
10 / 70
10 / 70
10 / 70
10 / 70
10 / 70
fabrieksinstelling = 55°C
Oververhittingsbeveiliging
°C
105
105
105
105
105
105
Waterinhoud ketel
liter
4,2
6,4
6,4
8,6
8,6
17,2
Primair waterdebiet 80 / 60°C
l/h
730
980
1170
1460
1680
3340
P water (bij nominaal vermogen)
mbar
55 98 115 200 260
260
per ketel
Vermogenopname
- in rust
- bij normale werking (pomp in stand 3)
W
W
4
80
4
80
4
80
4
90
4
90
2 x 4
2 x 90
Vermogenopname pomp
- in stand 1
- in stand 2
- in stand 3
W
W
W
43
59
76
43
59
76
43
59
76
44
64
86
44
64
86
2 x 44
2 x 64
2 x 86
Elektrische aansluiting
V/Hz
230 / 50
230 / 50
230 / 50
230 / 50
230 / 50
230 / 50
Beschermingsklasse
IP 30
IP 30
IP 30
IP 30
IP 30
IP 30
Isolatie klasse
1
1
1
1
1
1
Leeggewicht
kg
47
58
58
69
69
135
Gewicht met verpakking
kg
53
65
65
79
79
151
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
10
4 B. TECHNISCHE GEGEVENS VAN DE KETELS OP VLOEIBAAR GAS
Type
EHLE
23
EHLE
34
Max. nominaal vermogen (P
n
max)
- 80 / 60°C
kW
22,7 34,2
Max. nominale belasting (Q
n
max)
- 80 / 60°C
kW
25,0 37,7
Min. nominaal vermogen (P
n
min)
- 80 / 60°C
kW
19,3 28,9
Rendement bij vollast
- 80 / 60°C
%
90,6 90,8
Rendement bij 30 % deellast (40°C)
%
91,1
91,2
Branderdruk minimum
mbar
14,1
15,3
Branderdruk maximum
mbar
18,2
21,4
Branderdruk bij ontsteken
mbar
4,5
4,5
Gasdebiet
kg/h
1,94
2,93
diafragma
mm
3,05
3,90
spuitstuk
mm
0,60
0,60
Type rookgasafvoer
B
11BS
B
11BS
Max. rookgastemperatuur
°C
110
120
Rookgasdebiet
(0°C, 1013 mbar, CO
2
6%)
gr/sec
18 26
CO uitstoot (G 31)
mg/kWh
3
3
Debiet toevoerlucht
(0°C, 1013 mbar)
m
3
/h
31 46
NO
x
-klasse
4
4
NO
x
uitstoot (G 31)
mg/kWh
98
99
Max. werkingsdruk (verwarming)
bar
3
3
Temperatuur verwarmingscircuit
- minimum / maximum
°C
40 / 90
40 / 90
fabrieksinstelling = 60°C
Temperatuur sanitair (indien
aangesloten aan een EBU boiler)
- minimum / maximum
°C
10 / 70
10 / 70
fabrieksinstelling = 55°C
Oververhittingsbeveiliging
°C
105
105
Waterinhoud ketel
liter
6,4
8,6
Primair waterdebiet 80 / 60°C
l/h
980
1460
P water (bij nominaal vermogen)
mbar
98
200
Vermogenopname
- in rust
- bij normale werking (pomp in stand 3)
W
W
4
80
4
90
Vermogenopname pomp
- in stand 1
- in stand 2
- in stand 3
W
W
W
43
59
76
44
64
86
Elektrische aansluiting
V/Hz
230 / 50
230 / 50
Beschermingsklasse
IP 30
IP 30
Isolatie klasse
1
1
Leeggewicht
kg
58
69
Gewicht met verpakking
kg
65
79
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
11
5. OPBOUW VAN DE KETELS
5.1 EHLE 17, EHLE 23 en EHLE 27
1
bedieningspaneel
17
condensatie-afvoer
2
voeding 230 V van de printplaat en van de
18
gastoevoer
schakelkast
19
vertrek verwarming
3
aarding
20
terugvoer verwarming
4
klemmenblok van elektrische aansluiting
21
NTC voeler vertrek verwarming
5
gasblok
22
rookgasafvoer
6
schakelkast
23
rookgaskast
7
ontstekingselektrode
24
rookgasbeveiliging
8
controle-opening
25
aansluiting voor driewegkraan (EHLE + EBU)
9
ionisatie-elektrode
26
kabeldoorvoer voor kabels 230 V
10
meetstut spuitstukken
27
kabeldoorvoer voor kabels voelers
11
inspectieluik brander
28
isolatie
12
oververhittingsbeveiliging
29
deur
13
circulatiepomp
30
blokkeervijs deur
14
ontluchter
31
regelbare voetjes
15
meetstut manometer
32
branderbed
16
leegloopkraan
29
30
1
4
6
5
7
10
14
12
11
8
9
13
16
31
23
24
26
25
19
18
20
17
27
EHR-01-6
2
15
32
22
24
19
21
28
3
voorzijde
achterzijde
bovenaanzicht
Fig. 4
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
12
5.2 EHLE 34 en EHLE 39
1
bedieningspaneel
17
condensatie-afvoer
2
voeding 230 V van de printplaat en van de
18
gastoevoer
schakelkast
19
vertrek verwarming
3
aarding
20
terugvoer verwarming
4
klemmenblok van elektrische aansluiting
21
NTC voeler vertrek verwarming
5
gasblok
22
rookgasafvoer
6
schakelkast
23
trekonderbreker
7
ontstekingselektrode
24
rookgasbeveiliging
8
controle-opening
25
aansluiting voor driewegkraan (EHLE + EBU)
9
ionisatie-elektrode
26
kabeldoorvoer voor kabels 230 V
10
meetstut spuitstukken
27
kabeldoorvoer voor kabels voelers
11
inspectieluik brander
28
isolatie
12
oververhittingsbeveiliging
29
deur
13
circulatiepomp
30
blokkeervijs deur
14
ontluchter
31
regelbare voetjes
15
meetstut manometer
32
branderbed
16
leegloopkraan
1
4
6
5
7
10
14
12
11
8
9
13
16
31
23
24
26
25
19
18
20
17
27
29
30
2
15
EHR-09-6
22
19
21
28
32
3
voorzijde
achterzijde
bovenaanzicht
Fig. 5
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
13
5.3 EHLE 78
Fig. 6
1
bedieningspaneel
2
voeding 230 V van de printplaat
en van de schakelkast
3
aarding
4
klemmenblok van elektrische
aansluiting
5
gasblok
6
schakelkast
7
ontstekingselektrode
8
controle-opening
9
ionisatie-elektrode
10
meetstut spuitstukken
11
inspectieluik brander
12
oververhittingsbeveiliging
13
circulatiepomp
14
ontluchter
15
meetstut manometer
16
leegloopkraan
17
condensatie-afvoer
18
gastoevoer
19
vertrek verwarming
20
terugvoer verwarming
21
NTC voeler vertrek verwarming
22
rookgasafvoer
23
trekonderbreker
24
rookgasbeveiliging
25
aansluiting voor driewegkraan
(EHLE + EBU)
26
kabeldoorvoer voor kabels 230 V
27
kabeldoorvoer voor kabels
voelers
28
isolatie
29
deur
30
blokkeervijs deur
31
terugslagkleppen
32
branderbed
33
aluminium warmtewisselaar
34
plaatstalen warmtewisselaar
35
verbindingsflexibel vertrek
36
verbindingsflexibel retour
29
30
1
4
6
5
7
3
13
24
2
32
10
14
12
11
8
9
16
23
15
4
26
25
20
17
19
18
27
EHR-08-6
35
28
22
21
21
36
18
34
33
17
31
31
35
36
voorzijde
achterzijde
bovenaanzicht
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
14
6. WERKING
6.1 Concept van de warmtewisselaars
De ketel is uitgerust met twee warmtewisselaars die een hoog prestatieniveau mogelijk maken:
-
Een primaire warmtewisselaar in aluminium-silicium, uit één stuk, zonder lasnaden noch koppelingen. Dus zonder
risico op lekken.
-
Een secundaire warmtewisselaar in geëmailleerd staal, die de primaire warmtewisselaar omsluit.
Hij koelt de branderkamer, vermijdt warmteverliezen door straling langs de zijkanten van de ketel en koelt tevens
de rookgassen.
De combinatie van beide warmtewisselaars maakt een rookgastemperatuur van minder dan 130°C mogelijk.
6.2 Werkingsschema
thermostaat
ontsteking
élektromagneet
gas 1 en 2
vlam
controlelampje
Fig. 7
t0 tot t6
normale werking
t4 tot t9
geen ontstekingsvlam
Tw
wachttijd (= 10 seconden)
Ts
vergrendelingstijd bij gebrek aan een ontstekingsvlam (maximum 4 seconden)
Tpr
voorontstekingstijd
Tpo
na-ontstekingstijd
De twee branders van het toestel EHLE 78 werken simultaan.
De twee schakelkasten worden vanuit één centraal bedieningspaneel gestuurd.
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
15
7a. ELEKTRISCH SCHEMA EHLE 17, 23, 27, 34 en 39
Fig. 8
1
elektrische aansluiting (stekker 2P + aarding)
9
ontstekingselektrode
2
klemmenblok laagspanning
10
ionisatie-elektrode
3
rookgasbeveiliging
11
oververhittingsbeveiliging
4
sanitaire NTC-voeler (geleverd met de boiler EBU)
12
circulatiepomp
(zonder boileraansluiting: codificatieweerstand 1,3 k)
13
aansluiting voor driewegkraan
5
kamerthermostaat (niet bijgeleverd)
verwarming
6
NTC voeler vertrek verwarming
sanitair warm water
7
schakelkast
14
printplaat
8
gasklep
16
aarding
X1 voeding 230 V / 50 Hz
X2 voeding schakelkast
X4 communicatie
X5 ingang kamerthermostaat of
temperatuurvoeler
X6 aansluiting voor klok (optie)
X9 communicatie met een PC
= wit
= blauw
= grijs
= groen
= bruin
= roze
= zwart
= rood
= purper
= oranje
= groen / geel
b
bl
g
v
m
r
n
r
ma
o
v/j
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
16
7b. ELEKTRISCH SCHEMA EHLE 78
Fig. 9
1
elektrische aansluiting (stekker 2P + aarding)
11
oververhittingsbeveiliging
2
klemmenblok laagspanning
12
circulatiepomp
3
rookgasbeveiliging
13
aansluiting voor driewegkraan
4
sanitaire NTC-voeler (geleverd met de boiler EBU)
verwarming
(zonder boileraansluiting: codificatieweerstand 1,3 k)
sanitair warm water
5
kamerthermostaat (niet bijgeleverd)
14
printplaat
6
NTC voeler vertrek verwarming
15
niet van toepassing
7
schakelkast
16
aarding
8
gasklep
17
codificatieweerstand 10 k (niet verwijderen!!!)
9
ontstekingselektrode
18
codificatieweerstand 1,3 k (niet verwijderen!!!)
10
ionisatie-elektrode
b
bl
g
v
m
r
n
r
ma
o
v/j
= wit
= blauw
= grijs
= groen
= bruin
= roze
= zwart
= rood
= purper
= oranje
= groen / geel
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
17
8. KARAKTERISTIEKEN VAN DE CIRCULATIEPOMP
De ingebouwde circulatiepomp is uitgerust met een motor met 3 snelheden.
Het elektrisch verbruik van de pomp kan lichtjes geoptimaliseerd worden door de snelheid aan te passen aan de
behoeften van de CV-installatie.
EHLE 17 / 23 / 27
EHLE 34 / 39 / 78
Fig. 10
Fig. 11
9. DRUKVERLIEZEN VAN DE GASKETEL
Fig. 14
Fig. 12
Fig. 13
EHLE 17
EHLE 23 / 27
EHLE 34 / 39 / 78
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
18
10. INSTALLATIE
10.1 Algemeen
Deze ketel dient door een bevoegd installateur te worden geplaatst. Hij dient zich te houden aan de geldende natio-
nale en plaatselijke voorschriften. In geval van twijfel dient hij zich te informeren bij de officiële instanties.
Binnen het toestel mogen geen wijzigingen aangebracht worden!
10.2 Te respecteren normen
- gasaansluiting aardgas
NBN D 51-003
- gasaansluiting vloeibaar gas
NBN D 51-006
- rookgasafvoer
NBN B 61-001
NEN B 61-002 (enkel voor EHLE 78)
- ventilatie
NBN D 51-003
- elektrische aansluiting
A.R.E.I.
10.3 Belangrijk
Plaats de ketel op een plat en stabiel vlak.
Met de regelbare voetjes (31) kan U de ketel waterpas
zetten (zie fig. 15).
Fig. 15
i
Wij raden U aan een afstand van ongeveer 20 cm te
voorzien langs de zijkanten van de ketel.
Dit om
grotere onderhoudsbeurten te vergemakkelijken.
Het toestel moet in een vorstvrije ruimte met voldoende
luchttoevoer geïnstalleerd worden.
Om corrosie te vermijden mag de verbrandingslucht voor
de ketel geen agressieve dampen bevatten.
De circulatiepomp moet in de ketel
gemonteerd blijven!
Ketels op vloeibaar gas: aangezien vloeibaar gas zwaarder is dan lucht, moeten deze ketels en de leidingen steeds in
ruimten met een benedenverluchting boven de begane grond, geplaatst worden.
De ketel moet overeenkomstig de voorschriften van het A.R.E.I. geïnstalleerd worden.
De ketel is IP 30 gekeurd.
In geen geval de ketel tegen een wand uit brandbaar materiaal plaatsen.
Brandbare stoffen moeten vuurwerend bekleed worden.
De maximale omgevingstemperatuur van de installatieruimte bedraagt 50°C.
De maximale temperatuur van de buitenmantel ligt onder de 85°C, zodat er behalve voor omkastingen geen speciale
voorzorgsmaatregelen moeten genomen worden.
Bij de gasketels EHLE 34, 39 en 78 moet men eerst de trekonderbreker monteren, vooraleer
de schouwaansluiting uit te voeren.
Gasketel EHLE 78 te installeren in stookruimte, overeenkomstig NBN B 61-002.
BELANGRIJKE OPMERKING:
Bij vervanging van een ketel EHR, EHRE of ouder - uitgerust met een gemotoriseerde driewegkraan - moet
de aansluitset van de boiler vervangen worden door een van de volgende boilerkits:
- boilerkit EBU 80 / 120: bestelnummer 8 716 834 149,
- boilerkit EBU 200: bestelnummer 8 716 834 195.
Ook de aquastaat van de bestaande boiler moet vervangen worden door de NTC voeler met bestelnummer
8 716 833 588. Deze voeler wordt aangesloten aan de klemmen 3 en 4 van de ketel EHLE
, na het
verwijderen van de codificatieweerstand.
31
E
HR
-3
0
-6
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
19
10.4 Hydraulische aansluiting
De installatie moet voor de plaatsing van de ketel worden doorgespoeld.
Dit geldt vooral bij vervanging van een oudere ketel.
De doormeter van de leidingen dient te worden berekend volgens de behoeften van de ketel en van de installatie.
De gasketels EHLE zijn hoogrendementketels. Het hoge rendement van de warmtewisselaar leidt tot lagere
oppervlaktetemperaturen van de warmtewisselaar dan bij een klassieke ketel. Bij de installatie moeten dus de nodige
voorzorgen genomen worden in functie van de grootte van de CV-installatie.
Indien de CV-installatie een groot watervolume inhoudt (bvb. een oude installatie met metalen buizen en gietijzeren
radiatoren) of wanneer ze overgedimensioneerd is t.o.v. de gasketel, is het noodzakelijk een manueel instelbare
bypass te monteren tussen de vertrek- en de retourleiding van de ketel. Deze bypass verwarmt de retourleiding tijdens
periodes met een lager verwarmingsregime, ten gevolge van een totale of tijdelijke stilstand van de ketel (bvb.
nachtverlaging).
Wij raden U tevens aan een vertrektemperatuur van de ketel van minimum 55°C in te stellen, vooral wanneer de ketel
gestuurd wordt door een kamerthermostaat.
3
retour verwarming
4
afsluitkraan vertrek verwarming
5
afsluitkraan retour verwarming
9
aansluiting expansievat
13
vertrek boiler
14
retour boiler
25
manueel instelbare bypass
M
motor van de driewegkraan
VS
driewegkraan
Beschermproducten:
Product
Fabrikant
Protector Copal
Fernox
Sentinel X 100
Betz Dearborn
Vorstwerende middelen:
Product
Fabrikant
Protector Alphi 11
Fernox
Varidos FSK
Schilling Chemie
Reinigingsproducten:
Product
Fabrikant
Restorer IC 20 (Superfloc Universal cleaner)
Fernox
Acitol-L
Schilling Chemie
Let op: de door de fabrikant voorgeschreven concentraties niet overschrijden!
Dichtingproducten, om kleine lekken in de installatie tegen te gaan, mogen onder geen enkele voorwaarde in de
ketel terechtkomen. De hierdoor ontstane schade valt buiten de waarborgvoorwaarden.
Bij installaties met kunststofbuizen moeten alle aansluitingen van de ketel (verwarming en sanitair) over een afstand
van minimum 1,5 m in metalen buizen (bvb. koper of ijzer) uitgevoerd worden.
Fig. 16
EHLE 17, 23, 27, 34 & 39
Fig. 17
EHLE 78
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
20
Vullen en ledigen
Op het laagste punt van de installatie een vul- en aftapkraan voorzien. Respecteer de voorschriften van de water-
bedelingsmaatschappij.
Ontluchting
Een ontluchter moet op de vertrekleiding van de verwarmingsinstallatie gemonteerd worden.
Afsluitkranen
Wij raden U ten zeerste aan, afsluitkranen in de vertrek- en retourleiding van de gasketel te monteren. Zo
moet men de volledige installatie niet laten leeglopen bij grotere onderhoudsbeurten.
Deze kranen zijn niet bijgeleverd. U kan ze echter gemakkelijk bekomen in de vakhandel.
Overdrukventiel 3 bar (3/4’’)
Dit moet tussen de ketel en de afsluitkraan in de vertrekleiding van de ketel, gemonteerd worden. Het wordt
aangesloten aan de riolering via een sifon.
Begrenzing van de minimumtemperatuur
Om condensvorming te vermijden, is de minimum werkingstemperatuur van de ketel begrensd op 40°C.
Daarom is deze ketel niet geschikt voor vloerverwarming.
Extra voorzieningen bij CV-installaties die voorzien zijn van thermostatische radiatorkranen
In installaties waarbij de circulatie wordt begrensd door thermostatische kranen moet altijd een kortsluiting (bypass)
aanwezig zijn, om de circulatie door het toestel te waarborgen tussen de vertrek- en de retourleiding. Bij het ontbreken
van een kortsluitcircuit zal, als de thermostatische kranen sluiten, de circulatie door het toestel stil komen te liggen.
Het in de ketel aanwezige water zal zeer snel een temperatuur van meer dan 100°C bereiken, zodat de
oververhittingsbeveiliging zal verbreken, dit ongeacht de stand van de regelthermostaat. Dit kortsluitcircuit moet
minimaal een waterinhoud hebben van 16 liter en voorzien zijn van een instelmogelijkheid.
De controle van deze bypass geschiedt als volgt:
1. Sluit alle radiatorkranen.
2. Programmeer de temperatuur van de ketel op de hoogste stand.
3. Zet de schakelaar voor de pompsnelheid op de laagste stand.
Start onder deze condities de ketel voor CV-bedrijf. Bij een correct ingesteld kortsluitcircuit zal de ketel gaan pendelen
op een temperatuur van 90°C. De oververhittingsbeveiliging mag niet verbreken! Bij een correcte instelling van de
bypass bedraagt het temperatuurverschil tussen de vertrek- en retourleiding van de installatie maximum 20 tot 25 K.
Het is regeltechnisch en economisch ongewenst, enkel de ketelthermostaat te gebruiken als regelorgaan van de
installatie waarbij de kamerthermostaat is kortgesloten of waarbij deze wordt gebruikt als aan/uit-schakelaar.
Laat zoveel mogelijk de ketel uitschakelen door de kamerthermostaat en sluit de radiatoren in de ruimte van deze
kamerthermostaat niet af.
Circulatiepomp
Stel de circulatiepomp terug in op de gepaste snelheid, afhankelijk van debiet en warmteverlies van de installatie
(beperking van circulatiegeluiden, optimaal elektriciteitsverbruik).
Expansievat (niet bijgeleverd)
Tussen de gasketel en de afsluitkraan in de retourleiding moet een expansievat gemonteerd worden.
Voor de goede werking van de gasketel is een installatiedruk van minstens 1 bar vereist.
In geval van vervanging van een bestaande ketel die werkt met een open expansievat, moet dit door een gesloten
expansievat vervangen worden.
Een te klein expansievat kan een slechte werking van de ketel veroorzaken. Werking onder lage druk leidt tot
binnendringen van lucht via de ontluchters, hetgeen corrosie veroorzaakt.
Het expansievat moet een uitzetting van 6 % van de totale waterinhoud mogelijk maken. Hou er echter rekening mee
dat de nuttige capaciteit van het expansievat niet gelijk is aan de werkelijke capaciteit.
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
21
1
gastoevoer
7
overdrukklep 3 bar (niet bijgeleverd)
2
vertrek verwarming
8
ontluchter (niet bijgeleverd)
3
retour verwarming
9
expansievat (niet bijgeleverd)
4
afsluitkraan vertrek verwarming (niet bijgeleverd)
10
afvoer van de overdrukklep
5
afsluitkraan retour verwarming (niet bijgeleverd)
11
afvoer naar de riolering
6
gasafsluitkraan (niet bijgeleverd)
12
differentieelklep (niet bijgeleverd)
1
gastoevoer
7
overdrukklep 3 bar (niet bijgeleverd)
2
vertrek verwarming
8
ontluchter (niet bijgeleverd)
3
retour verwarming
9
expansievat (niet bijgeleverd)
4
afsluitkraan vertrek verwarming (niet bijgeleverd)
10
afvoer van de overdrukklep
5
afsluitkraan retour verwarming (niet bijgeleverd)
11
afvoer naar de riolering
6
gasafsluitkraan (niet bijgeleverd)
12
differentieelklep (niet bijgeleverd)
Fig. 18 EHLE 17, 23, 27, 34 & 39
Fig. 19 EHLE 78
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
22
10.5 Gasaansluiting
Gasleiding
De gasleiding moet binnenin volledig zuiver zijn. Indien nodig de leiding doorblazen.
AARDGAS: De aardgasleidingen dienen gelegd te worden volgens de regels der kunst en de doormeter berekend
volgens de norm NBN D 51-003. Bij installaties op aardgas moet men een BGV gekeurde gasafsluitkraan gebruiken.
VLOEIBAAR GAS: De installaties op vloeibaar gas dienen strikt te beantwoorden aan de norm NBN D 51-006.
De dichtheid van de gasaansluiting controleren met geopende gaskraan in overeenstemming met de norm
NBN D 51-003.
10.6 Elektrische aansluitingen
De voorschriften van de plaatselijke elektriciteitsmaatschappij en van het algemeen reglement op de elektrische
installaties (A.R.E.I.), moeten strikt opgevolgd worden.
De ketel is IP 30 gekeurd.
Vooraleer werken uit te voeren moet de stroomtoevoer onderbroken worden.
De gasketels zijn volledig gekableerd en ontstoord.
Voedingsspanning: 230 V / 50 Hz.
Het stopcontact moet toegankelijk zijn.
Een aarding is verplicht.
De elektrische installatie moet voorzien zijn van een circuitonderbreker (bij voorkeur bipolair) met stroomonderbreker
of zekering (het maximaal opgenomen vermogen door de ketel bedraagt 0,5 A).
Leg de kabels van de voelers en van de regelapparatuur gescheiden van de kabels 230 V.
Onderbreek de stroomtoevoer vooraleer de voelers aan te sluiten.
10.6.1 Aansluiting aan het elektriciteitsnet bij ketels
EHLE 17, 23, 27, 34 en 39
Aansluiten met de kabel (met stekker) aan een stopcontact met
aarding.
Verwijder de deur van de ketel (fig. 21 nr. 29) om toegang tot de
klemmenblok te verkrijgen.
Schroef de blokkeervijs (fig. 20 nr. 30) van de deur los.
Trek de deur naar U toe en laat ze een beetje naar
beneden zakken.
Fig. 20
Fig. 21
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
23
10.6.2 Aansluiting aan het elektriciteitsnet bij ketel EHLE 78
Aansluiten met de kabel (met stekker) aan een stopcontact met
aarding.
Verwijder de deur van de ketels (fig. 23 nr. 29 A) om toegang tot
de klemmenblokken te verkrijgen.
Schroef de blokkeervijzen (fig. 22 nr. 30 A) van de deur los.
Trek de deur naar U toe en laat ze een beetje naar
beneden zakken.
Fig. 22
Fig. 23
10.6.3 Aansluiting van de rookgasbeveiliging
a. Bij de ketels EHLE 17, 23 en 27 is deze beveiliging reeds in de ketel zelf ingebouwd en dient U niets te
ondernemen.
b. Bij de ketels EHLE 34, 39 en 78:
De rookgasbeveiliging is reeds op de bijgeleverde
trekonderbreker gemonteerd. Ze moet enkel nog aan de ketel
aangesloten worden.
Verwijder de deur van de ketel (zie fig. 21 of 23).
Voer de 2 draden door de draadklem op de achterzijde van
de ketel en steek ze vervolgens door de kabeldoorvoer (zie
fig. 24).
Daarna aansluiten op de klemmen 1 en 2 van de
klemmenblok (zie fig. 26 of 27)
Fig. 24
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
24
10.6.4 Aansluiting kamerthermostaat bij ketels EHLE 17, 23, 27, 34 en 39
Bij aansluiting van de kamerthermostaat TF 40, dienen alle
waarden voor verwarming en warmwaterbereiding met de
kamerthermostaat te worden geprogrammeerd.
Hou rekening met de montageplaats van de kamerthermostaat.
Zie daartoe zijn technische voorschriften.
Fig. 25
Verwijder de deur van de ketel (zie fig. 21).
Verwijder de shunt van de klemmen 7 en 8 van de klemmenblok (zie fig. 26).
Sluit de voeler op deze klemmen aan.
X1
voeding 230 V/AC (voorgekableerd)
3
rookgasbeveiliging TTB (klemmen 1 en 2)
4
wanneer de ketel aan een boiler Radocell EBU
aangesloten is; verwijder de weerstand en sluit de
sanitaire voeler (geleverd bij de boiler) aan de
klemmen 3 en 4 aan
5.
aansluiting kamerthermostaat (optie): verwijder de
shunt en sluit de thermostaat aan de klemmen 7
en 8 aan
15
niet van toepassing
Fig. 26
TTB
codificatieweerstand 1,3 k of
NTC EBU boiler
niet van toepassing
kamerthermostaat
X1
3
4
15
5
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
25
10.6.5 Aansluiting kamerthermostaat bij ketel EHLE 78
Bij aansluiting van de kamerthermostaat TF 40, dienen alle waarden voor verwarming en warmwaterbereiding met de
kamerthermostaat te worden geprogrammeerd
Hou rekening met de montageplaats van de kamerthermostaat. Zie daartoe zijn technische voorschriften.
Verwijder de deur van de ketel (zie fig. 23).
Verwijder de shunt van de klemmen 7 en 8 van de klemmenblok (zie fig. 27).
Sluit de voeler op deze klemmen aan.
X1
voeding 230 V/AC (voorgekableerd)
3
rookgasbeveiliging TTB (klemmen 1 en 2)
4
wanneer de ketel aan een boiler Radocell EBU
aangesloten is; verwijder de weerstand en sluit de
sanitaire voeler (geleverd bij de boiler) aan de
klemmen 3 en 4 aan
5.
aansluiting kamerthermostaat (optie): verwijder de
shunt en sluit de thermostaat aan de klemmen 7 en
8 aan
15
niet van toepassing
17
codificatieweerstand (niet verwijderen!!!)
18
codificatieweerstand (niet verwijderen!!!)
Fig. 27
10.6.6 Aansluiting sanitaire voeler
Deze wordt bij de boiler Radocell EBU bijgeleverd. Aansluiten op de klemmenblok van de ketel.
Verwijder de deur van de ketel (zie fig. 21 of 23).
Verwijder de weerstand van de klemmen 3 en 4 van de klemmenblok (zie fig. 26 of 27).
Sluit de voeler op deze klemmen aan.
Raadpleeg ook de technische voorschriften van de Radocell boiler.
TTB
codificatieweerstand 1,3 k of
NTC EBU boiler
niet van toepassing
kamerthermostaat
codificatieweerstand 1,3 k
(niet verwijderen)
codificatieweerstand 10 k
(niet verwijderen)
X1
3
4
15
5
18
17
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
26
10.6.7 Schakelklok DT 2 (optie)
De schakelklok wordt in het bedieningspaneel gemonteerd.
Hiermee programmeert U de verwarming CH 1 en de warmwaterbereiding CH 2 (indien een boiler Radocell EBU
geïnstalleerd is).
Drie schakelpunten zijn mogelijk.
U krijgt toegang tot de programmatie door te drukken op de gele toets
.
1 keer drukken:
Regeling van de klok.
2 keer drukken:
Toegang tot het verwarmingsprogramma CH 1.
3 keer drukken:
Toegang tot het programma voor de warmwaterbereiding CH 2.
4 keer drukken:
Verwarmingsprogramma CH 1 in manuele werking. Niet activeren tijdens normale werking
(voorbehouden voor de installateur).
5 keer drukken:
Programma voor de warmwaterbereiding CH 2 in manuele werking. Niet activeren tijdens
normale werking (voorbehouden voor de installateur).
6 keer drukken:
CH1 en CH 2 werken automatisch.
Fig. 29
10.6.8 Montage van de schakelklok in het bedieningspaneel van de gasketel
Verwijder het afdekplaatje met een schroevendraaier.
Sluit de klemmenblok van de schakelklok aan de aansluitklem X6 van de printplaat aan (zie fig. 30)
witte draad CH 1
= verwarming
bruine draad
= + 24 V
groene draad
= 0 V
gele draad CH 2
= warmwaterbereiding
Fig. 31
Monteer de schakelklok in de daarvoor voorziene uitsparing.
Raadpleeg de technische voorschriften van de klok voor de bediening en voor het programmeren.
Fig. 28
Fig. 30
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
27
11. INBEDRIJFNAME
11.1 Vullen van de installatie
Waarschuwing: gasketel eerst vullen, vooraleer hem in bedrijf te nemen.
Voor de ingebruikname moet de installatie grondig doorgespoeld worden.
Tijdens het vullen moet de ketel ontlucht worden. Ga als volgt te werk:
Open de afsluitkranen in de vertrek- en retourleiding.
Open de ledigingskraan (fig. 32 – nr. 16).
Sluit een flexibel aan op de ledigingskraan, nadat de
afsluitstop weggenomen is.
Vul de installatie tot een druk van 1 bar.
Controleer de dichtheid van het verwarmingscircuit.
Ontlucht de volledige CV-installatie met de ontluchter in
de vertrekleiding van de gasketel (fig. 19 nr. 8).
Ontlucht de gasketel en de verwarmingselementen met
de ontluchter (fig. 32 – nr. 14).
De druk van de installatie terug op ongeveer 1 bar
brengen.
Sluit de ledigingskraan.
Neem de flexibel weg en sluit de afsluitstop.
Fig. 32
i
Indien het ontluchten correct uitgevoerd is, mogen geen circulatiegeluiden ter hoogte van de circulatiepomp
hoorbaar zijn na de ingebruikname van de gasketel.
11.2 Ontluchting van de gasleiding
Open de gaskraan.
Ontlucht de gasleiding. Vooral bij nieuwe installaties kan de lucht in de gasleiding het ontsteken van de brander
verhinderen. De gasketel kan daardoor in storing gaan.
Na het ontluchten, controleren op dichtheid door afzepen of door een waterkolommanometer.
11.3 Laatste controle voor de ingebruikname
Controleer de gassoort.
Nagaan of de waterdruk voldoende is (1 bar) en of de installatie volledig ontlucht is.
Controleer de elektrische aansluiting.
Controleer de volledige rookgasafvoer.
EHR-15-6
16
14
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
28
12. BEDIENING
12.1 Inschakeling
1
ontgrendeltoets
2
hoofdschakelaar
3
regelknop temperatuur verwarming
(regelbaar tussen 40 en 90°C)
4
digitale display
5
regelknop temperatuur sanitair water
(regelbaar tussen 10 en 70°C)
6
manometer
7
uitsparing voor schakelklok (optie)
Fig. 33
Activeer de stroomonderbreker buiten de gasketel.
Zet de hoofdschakelaar in stand werking ‘’I’’.
Het display (fig. 32 nr. 4) duidt aan. Daarna bv. hetgeen ov
ereenkomt met de
vertrektemperatuur.
De schakelkast controleert eerst alle beveiligingen. Dan worden circulatiepomp en brander gestart.
12.2 Winterstand
In deze stand verzekert de gasketel de centrale verwarming en de sanitaire warmwaterbereiding (indien een boiler
Radocell EBU geïnstalleerd is).
De manuele regeling van de temperatuur CV en WW gebeurt – indien nodig – met de regelknoppen 3 en 5 (fig. 33).
De temperatuur CV moet steeds op een waarde hoger dan 40°C geregeld worden.
Een lagere waarde
wordt aanzien als stopzetten van de verwarming (d.w.z. overschakeling op zomerstand).
12.3 Zomerstand
In deze stand dient de gasketel enkel voor de sanitaire warmwaterbereiding (indien een boiler Radocell EBU
geïnstalleerd is).
Eerst de CV-knop ‘’+’’ indrukken gedurende minstens 3 seconden.
De knop ‘’-‘’ van de centrale verwarming herhaaldelijk indrukken tot stand ‘’0’’.
De sanitaire temperatuur wordt met regelknop 5 (fig. 33) ingesteld.
De temperatuur CV moet steeds op een waarde lager dan 40°C geregeld worden (het display duidt 0°C
aan). Een hogere waarde wordt aanzien als herstarten van de verwarming (d.w.z. overschakeling op
winterstand).
Indien de Radostar-gasketel aan een boiler aangesloten is, moet men tijdens de zomermaanden de
aquastaat van de radiatoren op 0 zetten om natuurlijke circulatie te vermijden
(ofwel moet men in de
vertrekleiding naar de radiatoren een flowvalve plaatsen).
12.4 Diverse instellingen
12.4.1 Regeling van de verwarmingstemperatuur
Druk gedurende 3 seconden op de regelknop (fig. 33 – nr. 3).
Het display (4) knippert en toont de gevraagde vertrektemperatuur.
Elke impuls (+ of -) verhoogt of verlaagt de vertrektemperatuur met 1°C.
Het regelbereik gaat van 40 tot 90°C. Een waarde onder 40°C wordt aanzie
n als stopzetten van de
verwarming. De waarde 0°C verschijnt in het display (zomerstand).
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
29
12.4.2 Regeling van de sanitaire warmwatertemperatuur
Druk gedurende 3 seconden op de regelknop (fig. 33 – nr. 5).
Het display (4) knippert en toont de warmwatertemperatuur.
Elke impuls (+ of -) verhoogt of verlaagt de vertrektemperatuur met 1°C.
Het regelbereik gaat van 10 tot 70°C. Wij raden U aan geen lagere temperatuur dan 50°C in te stellen.
Daardoor kan de warmwaterbereiding onvoldoende zijn
en bestaat er kans op besmetting door de
legionellabacterie.
12.4.3 Regeling van de stand van de circulatiepomp
Wanneer de gasketel gestuurd wordt door een kamerthermostaat, kan U de werking van de pomp zelf kiezen.
Intermitterende werking (fabrieksinstelling):
Bij stopzetten van de warmtevraag door de kamerthermostaat, stopt de circulatiepomp (na het stoppen van de
brander blijft zij nog ongeveer 10 minuten nadraaien).
Continu werking:
De pomp draait voortdurend in winterstand (vertrektemperatuur tussen 40 en 90°C).
Programmeren van de stand
Druk gelijktijdig op de 4 toetsen (+ / -) van de regelknoppen 3 en 5 (fig. 33) en dit gedurende 10 seconden.
Het display (4) toont:
intermitterende werking
continu werking
Tijdens de zomer:
Wij raden U aan de circulatiepomp af en toe gedurende enkele seconden te laten draaien, opdat ze niet zou
vastlopen. Dit is niet nodig indien de ketel gekoppeld is aan een boiler Radocell.
12.5 Rookgasbeveiliging
De rookgasbeveiliging schakelt de ketel uit wanneer rookgassen via de trekonderbreker in de installatieruimte komen.
De foutmelding A4 verschijnt.
Test de rookgasbeveiliging bij de inbedrijfname (zie ook paragraaf 15.5).
Bij herhaalde storingsmelding A4 moet de installateur geraadpleegd worden. De werking van de schouw moet
verbeterd worden door de installateur.
De rookgasbeveiliging mag NOOIT buiten gebruik gesteld worden.
12.6 Tips voor energiebesparing
Zuinig verwarmen
De ketel is zo geconstrueerd dat het gasverbruik en de belasting voor het milieu zo laag mogelijk zijn en het comfort
zo groot mogelijk is. De gastoevoer naar de brander wordt geregeld al naar het gelang de warmtebehoefte van de
installatie. De ketel werkt verder met een lage vlam wanneer de warmtebehoefte kleiner wordt. Dit proces heet
‘’modulerende werking’’.
Door de modulerende werking worden temperatuurschommelingen gering en wordt de warmte in de ruimtes gelijk-
matig verdeeld. Zo kan het gebeuren dat de ketel gedurende een lange tijd werkt, maar toch minder gas verbruikt dan
een ketel die voortdurend wordt in- en uitgeschakeld.
Nachtverlaging
Door het verlagen van de omgevingstemperatuur overdag en ’s nachts kan u aanzienlijk bezuinigen op het brand-
stofverbruik. Verlaging van de temperatuur met 1°C kan een energiebesparing van maar liefst 5 % opleveren. Het is
echter aan te bevelen de keteltemperatuur ’s nachts maximaal 5°C te laten dalen t.o.v. de ingestelde keteltemperatuur
overdag!. Handel overeenkomstig de bedieningsaanwijzing van de regelaar.
Warm water
Lagere instelling van de temperatuurregelaar geeft een grotere energie besparing.
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
30
13. GASREGELING
De voedingsdruk aangeduid in de technische gegevens, moet aan de manometerstut gecontroleerd worden.
De ketels worden vanuit de fabriek geregeld en verzegeld in overeenstemming met categorie I
2E+
(aardgas) of I
3P
(vloeibaar gas).
De installateur mag daarom geen enkele instelling van het gasdebiet doorvoeren.
OPMERKING:
De ombouw naar een andere gassoort mag alleen gedaan worden door de dienst na verkoop van JUNKERS.
14. ONDERRICHTINGEN
14.1 Nota voor de installateur
Na de ingebruikname:
de gebruiker op de hoogte brengen van de bediening en de werking van de gasketel,
de gebruiker verwittigen dat hij geen enkele wijziging noch herstelling zelf mag uitvoeren,
zijn aandacht vestigen op het feit dat in geen geval de aanvoer van verse lucht en de afvoer van verbrande gassen
belemmerd mogen worden,
zijn aandacht vestigen op de controle van de waterdruk d.m.v. de manometer (zie 11. Inbedrijfname),
dit document overhandigen,
de gebruiker verwittigen dat de gasketel niet ontworpen werd voor gebruik door personen (kinderen inbegrepen)
met verminderde mentale en/of fysieke mogelijkheden of met een gebrek aan ervaring of kennis, tenzij bevoegde
en verantwoorde personen hen de nodige instructies over het gebruik van de gasketel meegaven. Waak erover dat
kinderen niet met de gasketel spelen.
14.2 Nota voor de gebruiker
TIP: bij extreem lage buitentemperaturen (vanaf -10°C) raden wij U aan de nachtverlaging te beperken tot 2°C ten
opzichte van de dagtemperatuur.
U vindt hierna enkele aanwijzingen die U toelaten, indien nodig, kleine storingen te verhelpen.
De ketel springt niet op
Brandt de diagnosecode-aanduiding? Indien een storingsmelding verschijnt, de ontgrendeltoets indrukken. Controleer
de instelling van kamerthermostaat en ketelaquastaat.
De ketel wordt warm, de installatie blijft koud
Nagaan of de installatie gevuld en ontlucht is. Radiatorkranen openen. Indien de installatie koud blijft nagaan of de
circulatiepomp draait. Zoniet de ketel uitschakelen en de circulatiepomp losmaken.
GASGEUR:
gaskraan dichtdraaien
vensters openen
geen elektrische schakelaars bedienen
alle open vuur doven
de gasmaatschappij, Uw installateur of JUNKERS verwittigen
14.3 Controle van de ketel
Controleer regelmatig de waterdruk en, indien nodig, de installatie bijvullen en ontluchten.
Vlammenbeeld nagaan: de brander moet stabiel maar zonder gele vlammen branden.
14.4 Reinigen van de mantel
Gebruik geen schurende of agressieve reinigingsmiddelen, een vochtig doek volstaat.
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
31
15. CONTROLE EN ONDERHOUD
Zelfs een JUNKERS heeft een regelmatige controle- en onderhoudsbeurt nodig.
Een preventief onderhoud vermijdt vroegtijdige slijtage en/of een abnormaal hoog verbruik.
Deze werkzaamheden mogen enkel gedaan worden door de installateur, een bevoegde vakman of door de dienst na
verkoop van JUNKERS.
EEN JAARLIJKSE ONDERHOUDSBEURT IS EEN MINIMUM.
Doe hiervoor beroep op een erkende vakman of op de dienst na verkoop van JUNKERS.
Gevaar: Voor explosie!
De gaskraan sluiten vooraleer werken aan gasvoerende delen uit te voeren.
Gevaar: Voor CO-vergiftiging!
Controleer de dichtheid na werken aan de rookgasafvoer.
Gevaar: Voor stroomschok!
Voor het werken aan de elektrische delen altijd ketel spanningsvrij maken (zekeringen,
hoofdschakelaar, enz.).
15.1 Controle van de brander
Telkens de gasketel onder spanning gebracht wordt:
Test de brandercontrole door de ionisatie-elektrode los te maken.
Na 3 ontstekingspogingen, moet de gasketel in veiligheid gaan.
Het display toont ‘’EA’’
De controlelamp en het symbool (Opgelet) knipperen.
15.2 Brander en warmtewisselaar
Demonteer de brandercollector (32) bij het reinigen van de warmtewisselaar, opdat geen vuil in de
spuitstukken zou komen.
De brander pas opnieuw monteren nadat de onderhoudsbeurt beëindigd is.
Een onderhoudsbeurt om het jaar is een minimum.
Sluit de gaskraan en onderbreek de stroomtoevoer.
Los de blokkeervijs (30) en open de deur van de ketel (29).
5
7
9
D
32
29
30
A
A
B
C
34
EHR-18-6
Fig. 34
Fig. 35
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
32
15.2.1 Demontage van de brander (fig. 34 en 35)
Koppeling (C) van de gasbuis (34) losdraaien aan de uitgang van de gasblok (5).
Bevestigingsvijs (D) van de brander (32) losdraaien.
Verwijder de brander (32) door hem met de gastoevoerbuis (34) naar voor te trekken.
Reinig de brander (32) met een stofzuiger (zie 15.2.3).
15.2.2 Reinigen van de warmtewisselaar
Voor EHLE 17, 20 en 27 (fig. 36)
Neem het deksel (39) van de ketel.
Verwijder de isolatie (28).
Verwijder de afdekplaat (40) van de warmtewisselaar, nadat U de 2 schroeven heeft losgemaakt. Vervangen
wanneer de isolatie gebarsten of beschadigd is.
Verwijder de 2 remplaten (41) indien nodig.
Reinig de warmtewisselaar (42) met een soepel borsteltje.
Voor EHLE 34 en 39 (fig. 36) en EHLE 78 (fig. 37)
Neem de trekonderbreker (23) van de ketel.
Neem het deksel (39) van de ketel.
Verwijder de isolatie (28).
Verwijder de afdekplaat (40) van de warmtewisselaar, nadat U de 2 schroeven heeft losgemaakt. Vervangen
(enkel bij de modellen EHLE 34/39) wanneer de isolatie gebarsten of beschadigd is.
Verwijder de 2 remplaten (41) indien nodig.
Reinig de warmtewisselaar (42) met een soepel borsteltje.
Fig. 36
Fig. 37
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
33
15.2.3 Reinigen van de brander en controle van de elektrodes
Verwijder de 2 bevestigingsvijzen (B) van de
ontstekingselektrode (7) en de ionisatie-elektrode (8).
Controleer beide elektrodes.
Verwijder de 4 schroeven (A) van het branderdeksel (11).
Indien nodig, de isolatie van dit deksel vervangen om een
perfecte afdichting te verzekeren.
Reinig - met een stofzuiger - het oppervlak van de brander
(33), de branderhouder (43) en de sokkel van de gasketel.
15.2.4 Opnieuw monteren
Hermonteer de elektrodes (7) en (9) en het branderdeksel
(11).
Hermonteer de remplaten, de afdekplaat, de isolatie en
deksel van de ketel.
Hermonteer de brander (32).
Controleer de dichtheid van gasblok en brander d.m.v.
afzepen.
Fig. 38
GEVAAR: Na controle of na het schoonmaken van het toestel, moet het inspectieluik weer afgesloten
worden en dient het op lekkage te worden gecontroleerd.
15.3 Controle van de toebehoren
Controleer bij de tweejaarlijkse onderhoudsbeurt van de gasketel eveneens alle veiligheids- en stuurorganen (bvb.
overdrukklep, ontluchter, veiligheidsgroep, enz.).
Controleer tevens of de gasketel en installatie geen lekken vertonen.
Indien er geen lekken zijn en U toch regelmatig water moet bijvullen, dient het expansievat (optie) gecontroleerd te
worden (zie paragraaf 15.4).
Om elk risico op vastzitten van de circulatiepomp te vermijden, raden wij U aan deze pomp gedurende enkele
seconden te laten draaien in het midden van de zomerperiode (zet daarvoor de ketel gedurende 1 tot 2 minuten in
werking).
15.4 Controle van de voordruk van het expansievat (niet bijgeleverd)
Laat de druk in de installatie zakken door de leegloopkraan
of de veiligheidsklep te openen tot de manometer minder
dan 0,5 bar aanduidt.
Controleer de druk van het expansievat. Indien nodig terug
op druk brengen of vervangen indien het membraan
doorboord is (aanwezigheid van water aan het ventiel).
Om de doeltreffendheid van het expansievat te
optimaliseren, dient men:
De voordruk van het expansievat aan te passen
naargelang de CV-installatie. Deze moet overeenkomen
met de statische hoogte van de installatie (H) uitgedrukt
in bar (hoogte tussen het hoogste punt van de installatie
en het expansievat, waarbij 10 meter = 1 bar).
De vuldruk van de installatie bij te regelen tot een
waarde 0,2 bar hoger dan deze van de voordruk van het
expansievat (nadat de volledige CV-installatie ontlucht
werd).
Fig. 39
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
34
15.5 Controle van de rookgasafvoer
15.5.1 Controle van de rookgassen
Controleer de schouw.
Plaats daartoe een spiegeltje aan de ingang van de
trekonderbreker. Bij terugslag van rookgassen, zal dat
spiegeltje dan onmiddellijk aandampen.
15.5.2 Rookgasbeveiliging
De gasketel is uitgerust met een rookgasbeveiliging.
De rookgasbeveiliging mag NOOIT buiten
gebruik gesteld worden.
De rookgasbeveiliging schakelt de ketel uit wanneer
rookgassen via de trekonderbreker (23) in de
installatieruimte komen.
Het contact (24) opent, de
brander stopt en de foutmelding A4 verschijnt.
Bij herhaalde storingsmelding A4
moet de installateur
geraadpleegd worden. De werking van de schouw moet
verbeterd worden door de installateur.
15.5.2 Testen van de rookgasbeveiliging
Test de rookgasbeveiliging bij de inbedrijfname en bij elke
onderhoudsbeurt.
Ketel in bedrijf stellen op maximaal vermogen en
wachten tot de keteltemperatuur hoger is dan 50°C.
De rookgasafvoerbuis wegnemen en alleen de
uitgang van de trekonderbreker met een
onbrandbare plaat afdekken.
De ketel schakelt na ongeveer 2 minuten uit.
In het display verschijnt A4.
De plaat terug wegnemen en de rookgasafvoerbuis
terug monteren. Na ongeveer 15 minuten gaat de
ketel automatisch terug in werking.
Opmerking: deze wachttijd kan opgeheven worden
door de hoofdschakelaar uit-
en opnieuw in te
schakelen.
15.6 Ledigen van de gasketel
Sluit de gaskraan.
Sluit de afsluitkranen in de vertrek- en retourleidingen.
Sluit een flexibel aan op de ledigingskraan (16), nadat de
afsluitstop weggenomen is.
Open de ledigingskraan.
Zorg ervoor dat de ontluchter (14) geopend is van
zodra de manometer druk 0 aanduidt, om lucht in
de warmtewisselaar te laten.
EHR-15-6
16
14
Fig. 40
Fig. 41
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
35
15.7 Weerstandswaarden van de voelers
Meet de weerstandswaarden van de voelers nadat ze losgekoppeld werden van het bedieningspaneel.
Waarden in OHM van de voelers
Temperatuur
Vertrekvoeler gasketel
0°C
32624
10°C
19897
15°C
15711
20°C
12493
25°C
10000
30°C
8056
40°C
5324
50°C
3599
60°C
2483
70°C
1748
80°C
1252
90°C
912
15.8 Elektrische bedrading
Controleer de bedrading op eventuele beschadiging en vervang eventuele defecte bedrading.
15.9 Overdrukventiel
Werking controleren.
Indien het overdrukventiel water loost moet het expansievat gecontroleerd worden en/of het overdrukventiel ver-
vangen worden.
15.10 Opnieuw in gebruik nemen
Zie hoofdstuk 11.
15.11 Wisselstukken en smeermiddelen
Gebruik uitsluitend originele JUNKERS wisselstukken en JUNKERS vet.
Voor metalen dichtvlakken, O-ringen en temperatuurvoelers:
- in contact met water
- in contact met gas
- warmtegeleidingvet
L 641,
HFT 1 V 5,
P 12.
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
36
16. WAT TE DOEN BIJ STORINGEN?
DE BEVEILIGINGEN MOGEN NOOIT OVERBRUGD WORDEN !!
Niveau van de storingen
1
De ketel is in veiligheid geschakeld: herstarten met de hoofdschakelaar.
2
De ketel is in veiligheid geschakeld tot een storing verholpen is: herstarten met RESET.
3
De ketel is in veiligheid geschakeld tot een storing verholpen is: herstarten nadat de storing verholpen is.
4
De ketel is in veiligheid geschakeld: herstarten met RESET. Doe een beroep op Uw installateur of op de dienst na
verkoop van JUNKERS indien de storing blijft.
Display
Aanduiding
Niveau
Oplossingen
Normale aanduiding:
maar de ketel start niet.
3
Er is geen warmtevraag.
Controleer de kamerthermostaat, de temperatuur-
voeler, de verbinding X5. Er is een slecht contact of ze
zijn niet actief.
De rookgasbeveiliging is geactiveerd
en de brander stopt 1 min 30 na de
ingebruikname.
De reset is geblokkeerd gedurende 10 minuten.
Controleer de uitgang van de trekonderbreker.
Controleer de schouw.
Nagaan of de voeler (3) correct aangesloten is.
Storing van de sanitaire voeler. 3
Nagaan of de voeler (4) correct aangesloten is.
Controleer de weerstand (zie paragraaf 14.8).
Interne fout.
Vervang de schakelkast.
Storing vertrekvoeler.
3
Controleer of de voeler correct aangesloten is.
Controleer de weerstand van de voeler (zie paragraaf
15.7).
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
37
Display
Aanduiding
Niveau
Oplossingen
De oververhittingsbeveiliging (12)
van de warmtewisselaar is geacti-
veerd, wanneer de temperatuur
hoger dan 105°C oploopt.
2
Controleer of de waterdruk van de CV-installatie
voldoende is (minimum 1 bar).
Controleer het circulatied
ebiet (afsluitkranen dicht,
lucht in het circuit).
Herstart de gasketel door de ontgrendeltoets (1) in te
drukken.
De vertrektemperatuurbeveiliging is
geactiveerd (vertrektemperatuur
hoger dan 100°C).
4
Controleer of de waterdruk van de CV-installatie
voldoende is (minimum 1 bar).
Controleer het circulatiedebiet (afsluitkranen dicht,
lucht in het circuit).
De brander ontsteekt niet.
1
of
2
Indien er geen vlam is:
- controleer of de gaskraan geopend is,
- controleer de gasdruk,
- controleer of de gasleiding ontlucht is.
Indien er wel een vlam is:
- controleer de ionisatie-elektrode en haar aansluiting.
Herstart de gasketel door de ontgrendeltoets (1) in te
drukken.
Er is een wachttijd van ongeveer 1 minuut, vooraleer
de brander opnieuw in werking gaat.
Verkeerd ionisatiesignaal.
Zet de ketel buiten werking en doe beroep op Uw
installateur of op de dienst na verkoop van JUNKERS.
Defect in het elektrisch circuit van de
gasblok.
4
Controleer of de schakelkast correct in de gasblok
gemonteerd is.
EHR-24-6
12
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
38
17. NUTTIGE INLICHTINGEN
PROPAAN (NBN D 51-006)
1
afsluitkraan
2 a
voorontspanner 1,5 bar (kg/cm
2
), debiet aange-
past aan het totaal geïnstalleerd vermogen
2 b
drukbegrenzer 1,75 bar (kg/cm²), debiet aange-
past aan het totaal geïnstalleerd vermogen
3
hogedrukpropaanafsluiter
4
TWEEDE-TRAPS, vaste, veiligheidsontspanner
37 mbar (g/cm
2
), met een debiet van 4 kg/uur
5
verbindingsbuis met losse moer en dichting
(bijgeleverd), verplicht met de losse moer aan
te sluiten aan de badverwarmer
A
gasketel
B
water/badverwarmer
Fig. 42
BUTAAN
AF TE RADEN WEGENS DE GERINGE BESCHIKBARE HOEVEELHEID BRANDSTOF.
LET OP: Aangezien vloeibaar gas zwaarder is dan lucht, moeten deze toestellen en de leidingen steeds in
ruimten met een benedenverluchting boven de begane grond, geplaatst worden.
NBN B 61-002
Plaats van de schoorsteenmond - gebieden waarin windinvloeden zich doen gelden op naburige hindernissen.
I =
II =
III =
vrije uitmondzone
toegelaten zone, als de schoorsteenmond voorzien is van een afvoerkap
verboden zone
Fig. 43
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
39
18. BELANGRIJKE NOTA’S
De typeaanduiding en het serienummer vindt U terug op de kenplaat van de ketel. Gelieve deze gegevens te ver-
melden op de garantiekaart en bij elk contact met Uw installateur of met onze dienst na verkoop.
VOORBEELD VAN EEN KENPLAAT
INSTALLATEUR
ZHLCI.6127- EHLE 27 GN – BELGIE/BELGIQUE
01 Nr: 9999-999-999999 - ZHLCI.6127
voorbeeld van
een serienummer
Model EHLE 27 IP 30

type-aanduiding
Water temp
Temp d’eau
Max. 90 °C
Waterdruk
Pression d’eau
Max. 3 bars
Nominale belasting onderwaarde
Puissance nominale sur PCI
30,1 kW
Nuttig vermogen
Puissance nominale
27,3 kW
Minimaal vermogen
Puissance minimale
23,1 kW
Type
B11BS
Netspanning
Alimentation électrique
230 V / 50 Hz
80 W
Gas categorie
Catégorie gaz
I2E+
Druk gastoevoer
Pression d’alimentation gaz
G20 20 mbar
G25 25 mbar
Branderdruk
Pression gaz injecteurs
G20 - 12,6 mbar
G25 - 15,3 mbar
Land/Pays
België / Belgique
PIN-0063BP3138
FD:
990
fabricagedatum
BBT THERMOTECHNIK GmbH
Robert Bosch GmbH
Geschäftsbereich Junkers
D-73249
WERNAU - ALLEMAGNE
7.716.899.621
1312
Site 0015
19. WAARBORG
De toegestane waarborg is slechts geldig indien de installatie nauwkeurig voldoet aan deze voorschriften en indien de
volledige installatie volgens de regels der kunst uitgevoerd werd.
De waarborg is toepasbaar volgens de voorwaarden vermeld op de garantiekaart. Deze moet worden teruggestuurd
na de ingebruikname naar Bosch Thermotechnology nv, met vermelding van type en serienummer zoals aangeduid
op de kenplaat van de ketel (zie fig. hierboven).
TIP: Stuur de garantiekaart onmiddellijk op na de inbedrijfstelling. Dit zal de contacten vergemakkelijken.
8 716 833 195 (2013/06 BL-NL) (T30.33195.10)
40
DIENST NA VERKOOP (met techniekers uit Uw regio)
Bosch Thermotechnology nv heeft een servicedienst ter beschikking van de installateur en de gebruiker.
In geval van moeilijkheden, wendt U tot Bosch Thermotechnology nv (officiële servicedienst van de fabrikant).
My Service
Bosch Thermotechnology nv/sa
Kontichsesteenweg 60
2630 Aartselaar
ALGEMEEN NUMMER
03 887 20 60
FAX
03 877 01 29
info@junkers.be
www.junkers.be
SERVICEDIENST
onderhoud & herstellingen
078 05 02 10
FAX
078 05 02 11
service@junkers.be
TECHNISCH ADVIES
03 880 71 02
FAX
03 888 91 56
technics@junkers.be
MARKETING & DOCUMENTATIE
03 880 71 03
FAX
03 443 21 48
sales@junkers.be
VERKOOP
bestellingen & wisselstukken
03 880 71 01
FAX
03 887 01 03
sales@junkers.be
BELANGRIJKE OPMERKING
EEN JAARLIJKSE ONDERHOUDSBEURT IS EEN MINIMUM.
(afhankelijk van de regionale reglementering ter zake)
Doe hiervoor beroep op een erkende vakman of op de servicedienst van JUNKERS.
Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen zonder voorafgaande
toestemming van de uitgever. Wijzigingen voorbehouden.
PVM
Bosch Thermotechnology nv/sa
Kontichsesteenweg 60
2630 AARTSELAAR
03 887 20 60
Fax 03 877 01 29
1

Hulp nodig? Stel uw vraag in het forum

Spelregels
1

Forum

Junkers-EHLE-39

Misbruik melden

Gebruikershandleiding.com neemt misbruik van zijn services uitermate serieus. U kunt hieronder aangeven waarom deze vraag ongepast is. Wij controleren de vraag en zonodig wordt deze verwijderd.

Product:

Bijvoorbeeld antisemitische inhoud, racistische inhoud, of materiaal dat gewelddadige fysieke handelingen tot gevolg kan hebben.

Bijvoorbeeld een creditcardnummer, een persoonlijk identificatienummer, of een geheim adres. E-mailadressen en volledige namen worden niet als privégegevens beschouwd.

Spelregels forum

Om tot zinvolle vragen te komen hanteren wij de volgende spelregels:

Belangrijk! Als er een antwoord wordt gegeven op uw vraag, dan is het voor de gever van het antwoord nuttig om te weten als u er wel (of niet) mee geholpen bent! Wij vragen u dus ook te reageren op een antwoord.

Belangrijk! Antwoorden worden ook per e-mail naar abonnees gestuurd. Laat uw emailadres achter op deze site, zodat u op de hoogte blijft. U krijgt dan ook andere vragen en antwoorden te zien.

Abonneren

Abonneer u voor het ontvangen van emails voor uw Junkers EHLE 39 bij:


U ontvangt een email met instructies om u voor één of beide opties in te schrijven.


Ontvang uw handleiding per email

Vul uw emailadres in en ontvang de handleiding van Junkers EHLE 39 in de taal/talen: Nederlands als bijlage per email.

De handleiding is 3,46 mb groot.

 

U ontvangt de handleiding per email binnen enkele minuten. Als u geen email heeft ontvangen, dan heeft u waarschijnlijk een verkeerd emailadres ingevuld of is uw mailbox te vol. Daarnaast kan het zijn dat uw internetprovider een maximum heeft aan de grootte per email. Omdat hier een handleiding wordt meegestuurd, kan het voorkomen dat de email groter is dan toegestaan bij uw provider.

Stel vragen via chat aan uw handleiding

Stel uw vraag over deze PDF

Andere handleiding(en) van Junkers EHLE 39

Junkers EHLE 39 Bijvullen ketel - Nederlands - 2 pagina's


Uw handleiding is per email verstuurd. Controleer uw email

Als u niet binnen een kwartier uw email met handleiding ontvangen heeft, kan het zijn dat u een verkeerd emailadres heeft ingevuld of dat uw emailprovider een maximum grootte per email heeft ingesteld die kleiner is dan de grootte van de handleiding.

Er is een email naar u verstuurd om uw inschrijving definitief te maken.

Controleer uw email en volg de aanwijzingen op om uw inschrijving definitief te maken

U heeft geen emailadres opgegeven

Als u de handleiding per email wilt ontvangen, vul dan een geldig emailadres in.

Uw vraag is op deze pagina toegevoegd

Wilt u een email ontvangen bij een antwoord en/of nieuwe vragen? Vul dan hier uw emailadres in.



Info