658522
1
Verklein
Vergroot
Pagina terug
1/14
Pagina verder
Installatie-instructies voor GPSMAP
®
8000-serie
Belangrijke veiligheidsinformatie
WAARSCHUWING
Lees de gids Belangrijke veiligheids- en productinformatie in de
verpakking voor productwaarschuwingen en andere belangrijke
informatie.
Verwijder bij het aansluiten van de voedingskabel niet de
geïntegreerde zekeringhouder. Om het risico van letsel of
schade aan het product door brand of oververhitting te
voorkomen, dient de juiste zekering te worden gebruikt, zoals
vermeld in de productspecificaties. Als de voedingskabel wordt
aangesloten zonder gebruik van de juiste zekering, vervalt de
garantie op het product.
LET OP
Draag altijd een veiligheidsbril, oorbeschermers en een
stofmasker tijdens het boren, zagen en schuren.
KENNISGEVING
Controleer voordat u gaat boren of zagen wat zich aan de
andere kant van het oppervlak bevindt.
Het toestel registreren
Vul de onlineregistratie nog vandaag in, zodat wij u beter
kunnen helpen.
Ga naar http://my.garmin.com.
Bewaar uw originele aankoopbewijs of een fotokopie op een
veilige plek.
Contact opnemen met Garmin Product
Support
Ga naar www.garmin.com/support en klik op Contact
Support voor ondersteuningsinformatie in uw regio.
Bel in de VS met (913) 397.8200 of (800) 800.1020.
Bel in het VK met 0808 2380000.
Bel in Europa met +44 (0) 870.8501241.
Benodigd gereedschap
Boormachine en boren
Kruiskopschroevendraaier, nr. 2
Watervaste kit
Decoupeerzaag
Vijl en schuurpapier
De componenten monteren
Montageoverwegingen
KENNISGEVING
Dit toestel dient te worden gemonteerd op een locatie die niet
wordt blootgesteld aan extreme temperaturen of
omstandigheden. Het temperatuurbereik voor dit toestel wordt
vermeld in de productspecificaties. Langdurige blootstelling aan
temperaturen boven het opgegeven temperatuurbereik, in
opslag- of gebruiksomstandigheden, kan tot storingen in het
toestel leiden. Schade door extreme temperaturen en
gerelateerde gevolgen vallen niet onder de garantie.
De meegeleverde sjabloon en het meegeleverde
bevestigingsmateriaal kunnen worden gebruikt om het toestel
op een van de twee beschikbare manieren te monteren U kunt
de meegeleverde montagesteun en het bevestigingsmateriaal
gebruiken om het toestel aan een beugel te monteren, of u kunt
de meegeleverde sjabloon en het bevestigingsmateriaal
gebruiken om het toestel verzonken te monteren op uw
dashboard. Als u het toestel op een andere manier wilt
monteren waarbij het scherm op gelijke hoogte als het
dashboard ligt, moet u een pakket voor vlakke montage (apart
verkrijgbaar, installatie door een deskundige aanbevolen)
aanschaffen bij uw Garmin
®
-dealer.
Houd rekening met deze overwegingen wanneer u een
montagelocatie selecteert.
OPMERKING: Sommige toestelmodellen kunnen niet volgens
alle methoden worden gemonteerd. Zie de sectie over het
specifieke montagetype voor meer details over uw model.
De locatie moet optimaal zicht bieden tijdens het besturen
van uw boot.
De locatie moet eenvoudig toegang bieden tot alle interfaces
van het toestel, zoals het toetsenblok, het aanraakscherm en
de kaartlezer, indien van toepassing.
De locatie moet sterk genoeg zijn om het gewicht van het
toestel te dragen en te beschermen tegen overmatige
trillingen of schokken.
Teneinde interferentie met een magnetisch kompas te
voorkomen, mag het toestel niet dichter bij een kompas
worden geïnstalleerd dan op de kompasveilige afstand die is
vermeld in de productspecificaties.
Op de locatie moet ruimte beschikbaar zijn voor het geleiden
en aansluiten van alle kabels.
Het toestel aan een beugel monteren
KENNISGEVING
Als u de beugel met schroeven bevestigt op glasvezel, kunt u
het beste bij het boren met een kleine verzinkboor alleen in de
bovenste gellaag een kleine verdieping aanbrengen. U
voorkomt hiermee dat er scheuren in de gellaag ontstaan als de
schroeven worden aangedraaid.
Het bevestigingsmateriaal voor beugelmontage (schroeven en
ringen, of moeren, ringen en bouten) is niet meegeleverd. De
openingen in de beugelsteun hebben een diameter van
5
/
16
inch
(7,9 mm) in diameter. Voordat u het toestel aan een beugel kunt
monteren, moet u het montagemateriaal kiezen dat in de gaten
van de beugelsteun past en het toestel stevig kan bevestigen
aan uw specifieke montageoppervlak. De vereiste grootte van
het voorboorgat hangt af van het gekozen montagemateriaal.
U kunt alleen de modellen van acht en twaalf inch aan een
beugel monteren. Door de grootte van de modellen van vijftien
inch moet u deze verzonken of vlak monteren.
1
Markeer de locatie van de vier boorgaten met de
meegeleverde beugelsteun
À
als sjabloon
Á
.
Februari 2013
190-01557-75_0A Gedrukt in Taiwan
2
Maak de boorgaten met een boor die geschikt is voor uw
montagemateriaal.
3
Bevestig de beugelsteun aan het oppervlak met behulp van
uw montagemateriaal
Â
.
4
Installeer de beugelsteunknoppen
Ã
aan de zijkanten van
het toestel.
5
Plaats het apparaat in de beugelsteun en draai de
beugelsteunknoppen aan.
Het toestel beveiligen
U kunt het toestel aan uw boot vergrendelen voor extra
veiligheid (optioneel).
1
Monteer het toestel aan de beugel (pagina 1).
2
Bevestig de achterkant van de behuizing
À
aan de boot met
behulp van een gecoate gevlochten staalkabel (niet
meegeleverd) en een slot (niet meegeleverd).
Het toestel verzonken monteren
KENNISGEVING
Wees voorzichtig wanneer u het gat zaagt om het toestel
verzonken te monteren. Er is slechts weinig ruimte tussen de
behuizing en de montagegaten. Als u het gat te groot zaagt, kan
het toestel mogelijk niet stabiel worden bevestigd.
De meegeleverde sjabloon en het meegeleverde
bevestigingsmateriaal kunnen worden gebruikt om het toestel
verzonken te monteren op uw dashboard. Als u het toestel zo
wilt monteren dat het scherm op gelijke hoogte als het
dashboard ligt, moet u een pakket voor verzonken montage
aanschaffen bij uw Garmin dealer.
1
Snijd de montagesjabloon uit en controleer of deze past op
de locatie waar u het toestel wilt monteren.
2
Verwijder de beschermfolie van de zelfklevende achterzijde
van de sjabloon en breng deze aan op de locatie waar u het
toestel wilt monteren.
3
Maak met een boor van ½ inch (13 mm) een of meer gaten
op de hoeken van de ononderbroken lijn op de sjabloon om
het montageoppervlak voor te bereiden voor zagen.
4
Zaag met een decoupeerzaag het montageoppervlak uit
langs de binnenkant van de ononderbroken lijn op de
sjabloon.
5
Plaats het toestel in de opening om te testen of dit past.
6
Gebruik indien nodig een vijl en schuurpapier om de opening
heel precies op maat te krijgen.
7
Als het toestel goed in de opening past, dient u te
controleren of de montagegaten op het toestel zijn uitgelijnd
met de grotere gaten van 7,2 mm (
9
/
32
inch) op de sjabloon.
8
Markeer de nieuwe locaties van de montagegaten als deze
niet zijn uitgelijnd met het toestel.
9
Maak de grotere gaten met een boor van
9
/
32
inch (7,2 mm).
10
Plaats vanaf één hoek van de sjabloon een moerplaat
À
over het grotere gat
Á
dat u in stap 9 hebt geboord.
Het kleinere gat van
9
/
64
inch (3,5 mm)
Â
op de moerplaat
moet worden uitgelijnd met het kleinere gat op de sjabloon.
11
Markeer de nieuwe locatie van het gat als het kleinere gat
van
9
/
64
inch (3,5 mm) op de moerplaat niet is uitgelijnd met
het kleinere gat op de sjabloon.
12
Herhaal stap 10–11 voor elke moerplaat langs de zijkanten
van het toestel zoals is aangegeven op de sjabloon.
13
Maak de kleinere gaten met een boor van
9
/
64
inch (3,5 mm).
14
Verwijder de sjabloon van het montageoppervlak.
15
Plaats vanaf één hoek van de montagelocatie een moerplaat
Ã
op de achterzijde van het montageoppervlak, waarbij u de
grote en kleine gaten uitlijnt.
Het hogere gedeelte van de moerplaat moet passen in het
grotere gat.
16
Bevestig de moerplaat stevig aan het montageoppervlak
door een meegeleverde M3-schroef
Ä
vast te draaien door
het kleinere gat van
9
/
64
inch (3,5 mm).
17
Herhaal stap 15–16 voor elke moerplaat langs de zijkanten
van het toestel.
18
Installeer de rubberen pakking
Å
aan de achterzijde van het
toestel.
De delen van de rubberen pakking hebben een zelfklevende
strip aan de achterzijde. Verwijder de beschermfolie voordat
u deze delen bevestigt aan het toestel.
2
19
Als u geen toegang hebt tot de achterzijde van het toestel
nadat u dit hebt gemonteerd, sluit u alle benodigde kabels op
het toestel aan voordat u dit in de opening plaatst.
OPMERKING: Bedek ongebruikte aansluitingen met de
bevestigde weerkapjes om te voorkomen dat de metalen
contactpunten roesten.
20
Plaats het toestel in de opening.
21
Bevestig het toestel aan het montageoppervlak met de
meegeleverde M4-schroeven
Æ
.
22
Plaats de meegeleverde pluggen over alle M4-
schroefkoppen.
23
Bevestig de decoratieve ring door deze op zijn plaats te
klikken rondom het toestel.
Overwegingen bij montage van kaartlezer
KENNISGEVING
Dit toestel dient te worden gemonteerd op een locatie die niet
wordt blootgesteld aan extreme temperaturen of
omstandigheden. Het temperatuurbereik voor dit toestel wordt
vermeld in de productspecificaties. Langdurige blootstelling aan
temperaturen boven het opgegeven temperatuurbereik, in
opslag- of gebruiksomstandigheden, kan tot storingen in het
toestel leiden. Schade door extreme temperaturen en
gerelateerde gevolgen vallen niet onder de garantie.
De kaartlezer kan verzonken in het dashboard worden
gemonteerd met behulp van het meegeleverde materiaal. Houd
rekening met deze overwegingen wanneer u een
montagelocatie selecteert.
De kaartlezer moet worden gemonteerd op een toegankelijke
locatie. U moet, wanneer nodig, toegang hebben tot de
kaartlezer om geheugenkaarten met aanvullende kaart- en
toestelupdates te kunnen plaatsen en verwijderen en om
gebruikersgegevens over te kunnen zetten.
Teneinde interferentie met een magnetisch kompas te
voorkomen, mag het toestel niet dichter bij een kompas
worden geïnstalleerd dan op de kompasveilige afstand die in
de productspecificaties is vermeld.
De locatie moet ruimte laten voor het geleiden en aansluiten
van de kabels.
De kaartlezer monteren
KENNISGEVING
Wees voorzichtig wanneer u het gat zaagt om het toestel
verzonken te monteren. Er is slechts weinig ruimte tussen de
behuizing en de montagegaten. Als u het gat te groot zaagt, kan
het toestel mogelijk niet stabiel worden bevestigd.
Als u de beugel met schroeven bevestigt op glasvezel, kunt u
het beste bij het boren met een kleine verzinkboor alleen in de
bovenste gellaag een kleine verdieping aanbrengen. U
voorkomt hiermee dat er scheuren in de gellaag ontstaan als de
schroeven worden aangedraaid.
De meegeleverde sjabloon en het meegeleverde
bevestigingsmateriaal kunnen worden gebruikt om het toestel
verzonken te monteren op de geselecteerde locatie.
1
Snijd de sjabloon voor verzonken montage uit en controleer
of deze past op de locatie waar u het toestel wilt monteren.
2
Verwijder de beschermfolie van de zelfklevende achterzijde
van de sjabloon en breng deze aan op de locatie waar u het
toestel wilt monteren.
3
Maak met een boor van ¼ inch (6 mm) een of meer gaten in
de hoeken van de ononderbroken lijn op de sjabloon om het
montageoppervlak voor te bereiden voor zagen.
4
Zaag met een decoupeerzaag het montageoppervlak uit
langs de binnenkant van de ononderbroken lijn op de
sjabloon.
5
Plaats het toestel in de opening om te testen of dit past.
6
Gebruik indien nodig een vijl en schuurpapier om de opening
heel precies op maat te krijgen.
7
Als het toestel
À
goed in de opening past, dient u te
controleren of de montagegaten op het toestel zijn uitgelijnd
met de boorgaten
Á
op de sjabloon.
8
Als de montagegaten op het toestel niet zijn uitgelijnd,
markeert u de nieuwe locaties van de boorgaten.
9
Druk met een priem door de boorgaten en breng met een
kleine verzinkboor alleen in de gellaag een kleine verdieping
aan, zoals is beschreven in de opmerking.
10
Verwijder de sjabloon van het montageoppervlak.
11
Als u geen toegang hebt tot de achterzijde van het toestel
nadat u dit hebt gemonteerd, verbindt u alle benodigde
kabels met het toestel voordat u dit in de opening plaatst.
12
Plaats het toestel in de opening.
13
Bevestig het toestel aan het montageoppervlak met de
meegeleverde schroeven
Â
.
14
Bevestig de decoratieve ring door deze op zijn plaats te
klikken rondom het toestel.
Overwegingen bij montage van antenne
U kunt de antenne monteren op een vlak oppervlak, installeren
onder glasvezel of bevestigen aan een standaardpaal met een
diameter van 1 inch en een schroefdraad met 14 draden per
inch (niet meegeleverd). U kunt de kabel buiten de paal om of
door de paal heen geleiden. Overweeg voor optimale prestaties
de volgende richtlijnen wanneer u de montagelocatie voor de
antenne kiest.
Teneinde interferentie met een magnetisch kompas te
voorkomen, mag de antenne niet dichter bij een kompas
worden gemonteerd dan op de kompasveilige afstand die is
vermeld in de productspecificaties.
Voor een optimale ontvangst kunt u de antenne het beste
monteren op een plek waar deze in alle richtingen vrij zicht
heeft op de hemel
À
.
U kunt de antenne beter niet monteren in de schaduw van
het bovendek
Á
, een radome-antenne of een mast.
3
U kunt de antenne beter niet monteren in de buurt van de
motor of andere bronnen van elektromagnetische
interferentie (EMI)
Â
.
Als u een radar hebt, kunt u de antenne het beste monteren
boven het pad van de radar
Ã
. Zo nodig kunt u de antenne
monteren onder het pad van de radar
Ä
.
U kunt de antenne beter niet direct in het pad van de radar
monteren
Å
.
De antenne moet minimaal 3 ft. (1 m) vanaf het pad van een
radarstraal of VHF-antenne (bij voorkeur daarboven) worden
gemonteerd
Æ
.
Als u op een zeilboot onnauwkeurige snelheidsmetingen
door overhelling wilt voorkomen, kunt u de antenne beter niet
hoog op de mast monteren.
De antenne geeft stabielere metingen wanneer deze zich
dichter bij het waterniveau bevindt.
De montagelocatie testen
1
Bevestig de antenne tijdelijk op de gewenste locatie en test
de werking.
2
Verplaats de antenne naar een andere locatie als u
interferentie met andere elektronica ervaart. Test de antenne
vervolgens opnieuw.
3
Herhaal stap 1–2 totdat de antenne goed werkt.
4
Bevestig de antenne permanent.
De antenne op het montageoppervlak bevestigen
KENNISGEVING
Als u de beugel met schroeven bevestigt op glasvezel, kunt u
het beste bij het boren met een kleine verzinkboor alleen in de
bovenste gellaag een kleine verdieping aanbrengen. U
voorkomt hiermee dat er scheuren in de gellaag ontstaan als de
schroeven worden aangedraaid.
Roestvrijstalen schroeven kunnen zich gaan binden wanneer ze
in het glasvezel worden geschroefd en te strak worden
aangedraaid. Garmin raadt het aanbrengen van zuurvrij
smeermiddel op roestvrijstalen schroeven aan voordat u deze
installeert.
Voordat u de antenne permanent bevestigt, moet u testen of
deze goed werkt op de montagelocatie (pagina 3).
1
Markeer de locatie van de drie boorgaten met behulp van de
meegeleverde beugelsteun
À
als uw montagesjabloon en
zoek het kabelgat in het midden van de beugel.
2
Leg de oppervlakmontagesteun opzij.
Boor niet door de beugel.
3
Boor de drie gaten van
1
/
8
inch (3,2 mm).
4
Gebruik een gatenzaag van 1 inch (25 mm) om het kabelgat
in het midden te maken.
5
Plaats de afdichting
Á
onder de oppervlakmontagesteun en
lijn de schroefgaten daarbij uit.
6
Bevestig de oppervlakmontagesteun met de meegeleverde
M4-schroeven op het oppervlak.
7
Leid de kabel
Â
door het gat van 1 inch (25 mm) en verbind
deze met de antenne.
8
Controleer of de grote rubberen pakking
Ã
is aangebracht,
plaats de antenne op de oppervlakmontagesteun en draai de
antenne naar rechts totdat deze stevig vastzit.
9
Bevestig de antenne met de meegeleverde M3-schroef
Ä
aan de montagesteun.
10
Leid de kabel weg van bronnen van elektronische
interferentie.
De antenne bevestigen met de kabel door de paal geleid
Voordat u de antenne permanent bevestigt, moet u testen of
deze goed werkt op de montagelocatie (pagina 3).
1
Leid de kabel door de paalmontageadapter
À
en plaats de
kabel in de verticale uitsparing
Á
naast de basis van de
paalmontageadapter.
2
Draai de paalmontageadapter op een standaardpaal met een
diameter van 1 inch en een schroefdraad met 14 slagen per
inch (niet meegeleverd).
Draai de adapter niet te strak vast aan de paal.
3
Verbind de kabel met de antenne.
4
Plaats de antenne op de paalmontagesteun en draai de
antenne naar rechts om deze goed op zijn plaats te zetten.
5
Bevestig de antenne met de meegeleverde M3-schroef aan
de adapter
Â
.
4
6
Nadat de antenne aan de paalmontagesteun is bevestigd,
kunt u de rest van het verticale kabelgat opvullen met
watervaste kit (optioneel).
7
Bevestig de paal aan de boot als dit nog niet is gebeurd.
8
Leid de kabel weg van bronnen van elektronische
interferentie.
De antenne bevestigen met de kabel door de paal geleid
Voordat u de antenne permanent bevestigt, moet u testen of
deze goed werkt op de montagelocatie (pagina 3).
1
Plaats een standaardpaal met een doorsnede van 1 inch en
een schroefdraad met 14 slagen per inch (niet meegeleverd)
op de geselecteerde locatie en markeer het globale
middelpunt van de paal.
2
Maak een gat met een boor van ¾ inch (19 mm) om de kabel
hier doorheen te geleiden.
3
Bevestig de paal aan de boot.
4
Draai de paalmontageadapter op de paal.
Draai de adapter niet te stevig aan.
5
Leid de kabel door de paal en sluit deze aan op de antenne.
6
Plaats de antenne op de paalmontagesteun en draai de
antenne naar rechts om deze goed op zijn plaats te zetten.
7
Bevestig de antenne met de meegeleverde M3-schroef
À
aan de adapter.
8
Vul het verticale kabelgat
Á
op met watervaste kit (optioneel)
zodra de antenne aan de paalmontagesteun is bevestigd.
9
Leid de kabel weg van bronnen van elektronische
interferentie.
De antenne monteren onder het dek
KENNISGEVING
Controleer of de meegeleverde schroeven het oppervlak niet
binnendringen voordat u de onder-dekmontagesteun bevestigt
aan het oppervlak. Als de meegeleverde schroeven te lang zijn,
moet u schroeven aanschaffen die geschikt zijn voor het
oppervlak, om de installatie te kunnen voltooien.
Voordat u de antenne permanent bevestigt, moet u testen of
deze goed werkt op de montagelocatie (pagina 3).
Omdat de antenne geen signalen kan ontvangen door metaal
heen, kan deze alleen worden gemonteerd onder een
glasvezeloppervlak.
1
Plaats de zelfklevende pads
À
op de onder-
dekmontagesteun
Á
.
2
Plaats de antenne in de onder-dekmontagesteun.
3
Bevestig de onder-dekmontagesteun op het
montageoppervlak.
4
Maak de onder-dekmontagesteun aan het montageoppervlak
vast met schroeven.
5
Verbind de kabel met de antenne
Â
.
6
Leid de kabel weg van bronnen van elektronische
interferentie.
Overwegingen voor kabels en verbindingen
KENNISGEVING
Een blauwe rubberen verzegeling wordt meegeleverd voor elke
DVI-poort op het toestel. Deze verzegeling moet worden
geïnstalleerd tussen elke DVI-poort en de DVI-kabelconnectors
om schade aan de connectors te voorkomen.
Voor het eenvoudiger geleiden van kabels worden de
voedings-, NMEA
®
0183- en Garmin Marine Network-kabels
verpakt zonder dat de borgringen zijn aangebracht. U dient
de kabels te geleiden voordat u de borgringen aanbrengt.
Nadat u een borgring aan een kabel hebt bevestigd, dient u
te controleren of de ring stevig vastzit en de O-ring op zijn
plaats zit, zodat de voedings- of gegevensverbinding niet los
kan raken.
Het toestel moet worden aangesloten op dezelfde
voedingsbron als de kaartlezer. Als dit niet mogelijk is,
moeten de toestellen worden aangesloten op dezelfde
aarding.
Overwegingen bij verbinding van station
Dit toestel kan samen met andere compatibele Garmin-
toestellen worden ingesteld zodat ze samenwerken als station.
Houd rekening met de volgende overwegingen wanneer u
stations plant op uw boot.
Toestellen vóór de GPSMAP 8000-serie en GPSMAP 8500
kunnen niet worden gebruikt in een station.
Hoewel het niet nodig is, kunt u het beste alle toestellen die
u in één station wilt gebruiken, naast elkaar installeren.
Er zijn geen speciale verbindingen nodig om een station te
maken, zolang alle toestellen zijn verbonden met de Garmin
Marine Network (pagina 6).
Stations worden gemaakt en gewijzigd met behulp van de
toestelsoftware. Zie de gebruikershandleiding bij het toestel
voor meer informatie.
Verbinden met voeding
WAARSCHUWING
Verwijder bij het aansluiten van de voedingskabel niet de
geïntegreerde zekeringhouder. Om het risico van letsel of
schade aan het product door brand of oververhitting te
voorkomen, dient de juiste zekering te worden gebruikt, zoals
vermeld in de productspecificaties. Als de voedingskabel wordt
5
aangesloten zonder gebruik van de juiste zekering, vervalt de
garantie op het product.
1
Leid de voedingskabel naar de voedingsbron en het toestel.
2
Sluit de rode draad aan op de positieve pool van de accu (+)
en de zwarte draad op de negatieve pool van de accu (-).
3
Plaats de borg- en O-ring aan het uiteinde van de
voedingskabel.
4
Verbind de voedingskabel met het toestel door de borgring
naar rechts te draaien.
Voedingskabel verlengen
Zo nodig kunt u de voedingskabel verlengen met een kabel van
de juiste dikte en lengte.
Onderdeel Beschrijving
À
Zekering
Á
Batterij
Â
6 ft. (1,8 m) geen verlenging
Onderdeel Beschrijving
À
Verbinding
Á
Verlengdraad van 12 AWG (3,31 mm²), maximaal 15 ft.
(4,6 m)
Verlengdraad van 10 AWG (5,26 mm²), maximaal 23 ft.
(7 m)
Verlengdraad van 8 AWG (8,36 mm²), maximaal 36 ft.
(11 m)
Â
Zekering
Ã
8 inch (20,3 cm)
Ä
Batterij
Å
8 inch (20,3 cm)
Æ
36 ft. (11 m) maximale verlenging
Overwegingen bij aanvullende aarding
In de meeste installatie-situaties hoeft het chassis van dit
toestel niet aanvullend te worden geaard. Als er interferentie
optreedt, kunt u de aardingsschroef op de behuizing gebruiken
om het toestel te verbinden met de wateraarding van de boot
om interferentie te helpen voorkomen.
Overwegingen bij Garmin Marine Network
Dit toestel kan worden verbonden met aanvullende Garmin
Marine Network-toestellen om gegevens te delen, zoals radar,
sonar en gedetailleerde kaarten. Houd rekening met de
volgende overwegingen wanneer u Garmin Marine Network-
toestellen verbindt met dit toestel.
U moet een Garmin Marine Network-kabel gebruiken voor
alle Garmin Marine Network-verbindingen.
U mag geen CAT5-kabel en RJ45-stekkers van andere
merken gebruiken voor Garmin Marine Network-
verbindingen.
Aanvullende Garmin Marine Network-kabels en -stekkers
zijn verkrijgbaar bij uw Garmin-dealer.
Er zijn vier NETWORK-poorten op het toestel die elk als
netwerkswitch fungeren. U kunt elk compatibel toestel
verbinden met een netwerkpoort om gegevens te delen met
alle toestellen op de boot die zijn verbonden via een Garmin
Marine Network-kabel.
Overwegingen bij NMEA 2000
®
KENNISGEVING
Als u beschikt over een bestaand NMEA 2000-netwerk op uw
boot, hoort dit reeds te zijn aangesloten op de voeding. Sluit de
meegeleverde NMEA 2000-voedingskabel niet aan op een
bestaand NMEA 2000-netwerk omdat er slechts één
voedingsbron mag worden aangesloten op een NMEA 2000-
netwerk.
Als u de meegeleverde NMEA 2000-voedingskabel installeert,
moet u deze verbinden met de contactschakelaar van de boot
of via een andere onderbrekingsschakelaar. NMEA 2000-
toestellen zullen uw accu leegtrekken indien de NMEA 2000-
voedingskabel rechtstreeks is aangesloten op de accu.
Het toestel kan worden verbonden met een NMEA 2000-
netwerk op uw boot om gegevens van NMEA 2000-compatibele
toestellen te delen, zoals een GPS-antenne of een marifoon.
Met de meegeleverde NMEA 2000-kabels en aansluitingen kunt
u het toestel verbinden met uw bestaande NMEA 2000-netwerk
of zo nodig een NMEA 2000-basisnetwerk maken.
Als u niet vertrouwd bent met NMEA 2000, kunt u het beste het
hoofdstuk NMEA 2000 Network Fundamentals van Technical
Reference for NMEA 2000 Products op de meegeleverde cd-
rom lezen of naar www.garmin.com gaan en op de
productpagina op de koppeling Handleidingen klikken.
De poort met het label NMEA 2000 wordt gebruikt om het
toestel te verbinden met een NMEA 2000-standaardnetwerk. De
poorten met het label ENGINE en HOUSE zijn gereserveerd
voor toekomstig gebruik en moeten niet worden verbonden met
een NMEA 2000-standaardnetwerk.
Onderdeel Beschrijving
À
NMEA 2000-compatibel Garmin-toestel
Á
GPS-antenne
Â
Startschakelaar of onderbrekingsschakelaar
Ã
NMEA 2000-voedingskabel
Ä
NMEA 2000-netwerkkabel
Å
Voedingsbron van 12 V gelijkstroom
Æ
NMEA 2000-afsluitweerstand of backbone-kabel
6
Onderdeel Beschrijving
Ç
NMEA 2000-T-connector
È
NMEA 2000-afsluitweerstand of backbone-kabel
Overwegingen betreffende NMEA 0183-verbinding
Raadpleeg de installatie-instructies die bij uw NMEA 0183-
compatibele toestel zijn geleverd voor informatie over hoe u
de polen A (+) en B (-) van de zendende (Tx) en
ontvangende draad (Rx) kunt herkennen.
Als u NMEA 0183-toestellen aansluit met twee zendende en
twee ontvangende draden, is het niet nodig om de NMEA
2000-bus en het NMEA 0183-toestel op een
gemeenschappelijke aarding aan te sluiten.
Als u een NMEA 0183-toestel met slechts één zendende
draad (Tx) of slechts één ontvangende draad (Rx) aansluit,
moeten de NMEA 2000-bus en het NMEA 0183-toestel wel
op een gemeenschappelijke aarding worden aangesloten.
Elementaire NMEA 0183-verbindingen
Met deze diagrammen wordt elementaire NMEA 0183-bedrading geïllustreerd waarmee uw toestel wordt aangesloten op NMEA
0183-compatibele toestellen. Zie voor meer informatie over de NMEA 0183-mogelijkheden van het toestel pagina 8.
Standaard NMEA 0183-compatibel toestel
Onderdeel Beschrijving
À
Voedingsbron van 12 V gelijkstroom
Á
Voedingskabel
Â
NMEA 0183-compatibel toestel
Ã
NMEA 0183-kabel
Onderdeel Functie van Garmin-draad Kleur van Garmin-draad Functie van draad NMEA 0183-
toestel
Ê
Voeding Rood Voeding
Ë
Aarding stroom Zwart Aarding stroom
Ì
Aarding gegevens Zwart Aarding gegevens
Í
A ontvangen (+) Wit A verzenden (+)
Î
B ontvangen (-) Oranje/wit B verzenden (-)
Ï
A verzenden (+) Grijs A ontvangen (+)
Ð
B verzenden (-) Roze B ontvangen (-)
Single-Ended NMEA 0183-compatibel toestel
7
Onderdeel Beschrijving
À
Voedingsbron van 12 V gelijkstroom
Á
Voedingskabel
Â
NMEA 0183-compatibel toestel
Ã
NMEA 0183-kabel
Onderdeel Functie van Garmin-draad Kleur van Garmin-draad Functie van draad NMEA 0183-
toestel
Ê
Voeding Rood Voeding
Ë
Aarding stroom Zwart Aarding stroom
Ì
Aarding gegevens Zwart Aarding gegevens
Í
B ontvangen (-) Oranje/wit N.v.t.
Î
A ontvangen (+) Wit Zenden
Ï
A verzenden (+) Grijs Ontvangen
Ð
B verzenden (-) Roze N.v.t.
Laat de roze draad onaangesloten als het NMEA 0183-compatibele toestel slechts één ontvangende draad (Rx) heeft (geen A,
B, + of -).
Sluit de oranje/witte draad aan op aarde als het NMEA 0183-compatibele toestel slechts één verzendende draad (TX) heeft
(geen A, B, + of -).
Raadpleeg de installatie-instructies van uw NMEA 0183-compatibele toestel om de verzendende en ontvangende A(+)- en B(-)-
draden te bepalen.
Gebruik beschermde AWG 28-bedrading met een getwist aderpaar voor lange bedradingslengten.
Soldeer alle verbindingen en verzegel deze met krimpkousen.
Geavanceerde NMEA 0183-verbindingen
Er zijn vier interne NMEA 0183-invoerpoorten (Rx) en twee interne NMEA 0183-uitgangspoorten (Tx) op de meegeleverde NMEA
0183-gegevenskabel. U kunt verbinding maken met één NMEA 0183-toestel per interne Rx-poort om gegevens in te voeren op uw
Garmin-toestel en u kunt maximaal drie NMEA 0183-toestellen tegelijkertijd verbinden met elke interne Tx-poort om
gegevensuitvoer van uw Garmin-toestel te ontvangen. Elke interne Rx- en Tx-poort heeft twee kabels met het label A(+) en B(-)
overeenkomstig de NMEA 0183-conventie. De bijbehorende A(+)- en B(-)-draden van elke interne poort dienen te worden
verbonden met de A(+)- en B(-)-kabels van uw NMEA 0183-compatibele toestel. Raadpleeg de tabel en bedradingsschema's
wanneer u de gegevenskabel verbindt met NMEA 0183-apparaten.
Raadpleeg de installatie-instructies voor uw NMEA 0183-compatibele toestel om de A(+)- en B(-)-uitvoerdraden (Tx) en de A(+)- en
B(-)-invoerdraden (Rx) te bepalen. Gebruik beschermde 28 AWG-bedrading met een getwist aderpaar voor lange
bedradingslengten. Soldeer alle verbindingen en verzegel deze met krimpkousen.
Voor tweewegscommunicatie met een NMEA 0183-toestel kunnen de interne poorten op de NMEA 0183-gegevenskabel niet
worden gekoppeld. Als bijvoorbeeld de invoer van het NMEA-compatibele toestel is verbonden met de interne uitvoerpoort 1 op
de gegevenskabel, kunt u de uitvoerpoort van uw NMEA 0183-compatibele toestel verbinden met een van de interne
invoerpoorten (poort 1, 2, 3 of 4) op de kabel.
De aardedraden op de NMEA 0183-gegevenskabel en uw NMEA 0183-compatibele toestel moeten beide zijn verbonden met
aarde.
Zie pagina 12 voor een lijst met de goedgekeurde NMEA 0183-telegramuitvoer vanaf en -invoer naar uw toestel.
De interne NMEA 0183-poorten en communicatieprotocollen worden geconfigureerd op het verbonden Garmin-toestel. Zie voor
meer informatie de sectie NMEA over 0183 of over de configuratie van communicatie in de gebruikershandleiding die is
meegeleverd met uw Garmin-toestel.
Poort Functie van draad Kleur van draad Pinnummer
Invoerpoort 1 Rx/A (+) Wit
Rx/B (-) Oranje/wit
Invoerpoort 2 Rx/A (+) Bruin
Rx/B (-) Bruin/wit
8
Poort Functie van draad Kleur van draad Pinnummer
Invoerpoort 3 Rx/A (+) Paars
Rx/B (-) Paars/wit
Invoerpoort 4 Rx/A (+) Zwart/wit
Rx/B (-) Rood/wit
Uitvoerpoort 1 Tx/A (+) Grijs
Tx/B (-) Roze
Uitvoerpoort 2 Tx/A (+) Blauw
Tx/B (-) Blauw/wit
N.v.t. Reserve N.v.t.
N.v.t. Reserve N.v.t.
N.v.t. Reserve N.v.t.
N.v.t. Alarm Geel
N.v.t. Accessoire ingeschakeld Oranje
N.v.t. Aarding Zwart
N.v.t. Reserve N.v.t.
Standaard NMEA 0183-compatibel toestel verbonden voor tweewegscommunicatie
Onderdeel Beschrijving
À
Voedingsbron van 12 V gelijkstroom
Á
Voedingskabel
Â
NMEA 0183-compatibel toestel
Ã
NMEA 0183-kabel
Onderdeel Functie van Garmin-draad Kleur van Garmin-draad NMEA Functie van draad 0183-
toestel
Ê
Voeding Rood Voeding
Ë
Aarding stroom Zwart Aarding stroom
Ì
Aarding gegevens Zwart Aarding gegevens
Í
RxA (+) Wit TxA (+)
Î
RxB (-) Oranje/wit TxB (-)
Ï
TxA (+) Grijs RxA (+)
Ð
TxB (-) Roze RxB (-)
9
Standaard NMEA 0183-compatibel toestel verbonden voor eenwegscommunicatie
OPMERKING: In dit diagram worden zowel verzendende als ontvangende verbindingen geïllustreerd. Raadpleeg item
Ê
,
Ë
,
Ì
,
Í
en
Î
wanneer u het Garmin-toestel verbindt om gegevens te ontvangen vanaf een NMEA 0183-compatibel toestel en raadpleeg
item
Ê
,
Ë
,
Ì
,
Ï
en
Ð
wanneer u het Garmin-toestel verbindt om gegevens te verzenden naar een NMEA 0183-compatibel toestel.
Onderdeel Beschrijving
À
Voedingsbron van 12 V gelijkstroom
Á
Voedingskabel
Â
NMEA 0183-compatibel toestel
Ã
NMEA 0183-kabel
Onderdeel Functie van Garmin-draad Kleur van Garmin-draad NMEA Functie van draad 0183-
toestel
Ê
Voeding Rood Voeding
Ë
Aarding stroom Zwart Aarding stroom
Ì
Aarding gegevens Zwart Aarding gegevens
Í
RxA (+) Wit TxA (+)
Î
RxB (-) Oranje/wit TxB (-)
Ï
TxA (+) Grijs RxA (+)
Ð
TxB (-) Roze RxB (-)
NMEA 0183-compatibel toestel met één ontvangende draad die is verbonden om gegevens te ontvangen
Onderdeel Beschrijving
À
Voedingsbron van 12 V gelijkstroom
Á
Voedingskabel
Â
NMEA 0183-compatibel toestel
Ã
NMEA 0183-kabel
Onderdeel Functie van Garmin-draad Kleur van Garmin-draad NMEA Functie van draad 0183-
toestel
Ê
Voeding Rood Voeding
Ë
Aarding stroom Zwart Aarding stroom
10
Onderdeel Functie van Garmin-draad Kleur van Garmin-draad NMEA Functie van draad 0183-
toestel
Ì
Aarding gegevens Zwart Aarding gegevens
Í
TxA (+) Grijs RxA
Î
TxB (-) Roze N.v.t.
NMEA 0183-compatibel toestel met één verzendende draad die is verbonden om gegevens te verzenden
Onderdeel Beschrijving
À
Voedingsbron van 12 V gelijkstroom
Á
Voedingskabel
Â
NMEA 0183-compatibel toestel
Ã
NMEA 0183-kabel
Onderdeel Functie van Garmin-draad Kleur van Garmin-draad NMEA Functie van draad 0183-
toestel
Ê
Voeding Rood Voeding
Ë
Aarding stroom Zwart Aarding stroom
Ì
Aarding gegevens Zwart Aarding gegevens
Í
RxB (-) Oranje/wit N.v.t.
Î
RxA (+) Wit TxA (+)
Lamp- of hoornverbindingen
Het toestel kan worden gebruikt met een lamp en/of hoorn om
een geluid of visueel signaal weer te geven wanneer op de
kaartplotter een bericht wordt weergegeven. Dit is optioneel en
het toestel werkt ook normaal wanneer u de alarmdraad niet
gebruikt. Houd rekening met de volgende overwegingen
wanneer u het toestel verbindt met een lamp of hoorn.
Het alarmcircuit schakelt over naar laagspanning wanneer
het alarm afgaat.
De maximumstroom is 100 mA en u hebt een relais nodig
om de stroom vanaf de kaartplotter te beperken tot 100 mA.
Als u handmatig wilt schakelen tussen visuele signalen en
geluiden, kunt u eenpolige aan-uitschakelaars installeren.
11
Onderdeel Beschrijving
À
Stroombron van 10–35 V gelijkstroom
Á
Voedingskabel
Â
Hoorn
Ã
Lamp
Ä
NMEA 0183-kabel
Å
Relais (spoelstroom van 100 mA)
Æ
Zet schakelaars om als u lamp- of hoornmeldingen wilt in-
en uitschakelen
Onderdeel Kleur van draad Functie van draad
Ê
Rood Voeding
Ë
Zwart Aarding
Ì
Geel Alarm
Overwegingen bij video-invoer en -uitvoer
Op dit toestel kan video worden ingevoerd vanaf bronnen voor
composite, component en digitale video, afhankelijk van het
model. Ook kan video worden uitgevoerd naar een monitor.
Houd rekening met deze overwegingen wanneer u bronnen
voor video-invoer en -uitvoer verbindt.
De modellen van acht en twaalf inch hebben twee
composite-videopoorten met de labels CVBS 1 IN en CVBS
2 IN. De modellen van vijftien inch hebben vier composite-
videopoorten met de labels CVBS 1 IN, CVBS 2 IN, CVBS 3
IN en CVBS 4 IN.
De modellen van vijftien inch hebben één poort voor
component video met het label COMPONENT IN (480i/576i).
Op de poorten voor composite en component video
worden BNC-connectors gebruikt. U kunt een BNC-naar-
RCA-adapter gebruiken om een bron voor composite
video met RCA-connectoren aan te sluiten op deze
poorten.
Video vanaf bronnen die zijn verbonden met deze
poorten, is alleen beschikbaar voor weergave op het
toestel of een extra monitor die is aangesloten op het
apparaat. Composite of component video wordt niet
gedeeld via het Garmin Marine Network of NMEA 2000-
netwerk.
De modellen van vijftien inch hebben één videopoort met het
label DVI-I VIDEO IN waarop video vanaf digitale of analoge
bronnen wordt geaccepteerd via een DVI-D- of DVI-I-kabel.
Zo nodig kunt u een HDMI-naar-DVI-D-converter
gebruiken om een HDMI-compatibele bron te verbinden
met dit toestel.
Zo nodig kunt u een VGA-naar-DVI-I-adapter gebruiken
om een VGA-bron te verbinden met deze poort.
U kunt een scherm verbinden met de DVI-I-poort VIDEO
OUT om een mirrorbeeld van het scherm weer te geven op
een computermonitor of HD-tv via een DVI-D- of DVI-I-kabel.
Zo nodig kunt u een DVI-D-naar-HDMI-adapter gebruiken
om verbinding te maken met een HD-tv of ander HDMI-
compatibel scherm.
Zo nodig kunt u een DVI-I-naar-VGA-adapter gebruiken
om verbinding te maken met een computermonitor of
ander VGA-compatibel scherm.
Hoewel u het beste DVI-kabels kunt gebruiken die door
Garmin worden verkocht, kunt u ook kwalitatief
hoogwaardige DVI-kabels van andere merken gebruiken.
Aanbevolen wordt de DVI-kabel te testen door de toestellen
te verbinden voordat u de kabel geleidt.
Verbindingen van kaartlezer
Verbinden met voeding
WAARSCHUWING
Verwijder bij het aansluiten van de voedingskabel niet de
geïntegreerde zekeringhouder. Om het risico van letsel of
schade aan het product door brand of oververhitting te
voorkomen, dient de juiste zekering te worden gebruikt, zoals
vermeld in de productspecificaties. Als de voedingskabel wordt
aangesloten zonder gebruik van de juiste zekering, vervalt de
garantie op het product.
1
Leid de voedingskabel naar de voedingsbron en het toestel.
2
Sluit de rode draad aan op de positieve pool van de accu (+)
en de zwarte draad op de negatieve pool van de accu (-).
3
Plaats de borg- en O-ring aan het uiteinde van de
voedingskabel.
4
Verbind de voedingskabel met het toestel door de borgring
naar rechts te draaien.
De kaartlezer verbinden met het Garmin Marine
Network
De kaartlezer is niet compatibel met Garmin-kaartplotters
voorafgaand aan de GPSMAP 8000-serie en GPSMAP 8500.
Verbind de kaartlezer met een Garmin-toestel in het Garmin
Marine Network via een Garmin Marine Network-kabel.
Gegevens van kaarten die worden geplaatst in de kaartlezer,
worden gedeeld met alle compatibele toestellen in het
Garmin Marine Network.
De software van het toestel bijwerken
Het toestel kan een geheugenkaart met een software-update
bevatten. Volg in dat geval de instructies die bij de kaart zijn
meegeleverd.
Ga naar www.garmin.com en controleer of de software van uw
toestel up-to-date is als er geen geheugenkaart met een
software-update is meegeleverd.
1
Laad zo nodig de software-update naar de geheugenkaart
vanaf uw computer door de instructies op te volgen op
www.garmin.com.
2
Schakel de kaartplotter in.
3
Plaats de geheugenkaart in de kaartsleuf.
4
Volg de instructies op het scherm.
Specificaties
Fysieke specificaties
Toestel Specificatie Waarden
Modellen van
acht inch
Afmetingen (B×H×D) 10
7
/
16
× 7
31
/
64
× 4
17
/
32
inch
(265 × 190 × 115 mm)
Schermgrootte (B×H) 6
47
/
64
inch × 5
1
/
8
inch (171 ×
130 mm)
Gewicht 7,12 lbs (3,23 kg)
Modellen van
twaalf inch
Afmetingen (B×H×D) 13
7
/
64
× 9
23
/
32
× 3
13
/
36
inch
(333 × 247 × 97 mm)
Schermgrootte (B×H) 9
21
/
32
inch × 7¼ inch (245 ×
184 mm)
Gewicht 10,91 lbs (4,95 kg)
Modellen van
vijftien inch
Afmetingen (B×H×D) 15
7
/
8
× 12
3
/
64
× 3
45
/
64
inch
(403 × 306 × 94 mm)
Schermgrootte (B×H) 11
31
/
32
inch × 8
63
/
64
inch (304
× 228 mm)
Gewicht 16,76 lbs (7,6 kg)
12
Toestel Specificatie Waarden
Alle modellen Temperatuurbereik Van 5° tot 131°F (van -15° tot
55°C)
Materiaal Gegoten aluminium en
polycarbonaat
Voedingspecificaties
Toestel Specificatie Waarden
Alle modellen Ingangsspanning 10–35 V
gelijkstroom
Zekering 7,5 A, 42 V snel
NMEA 2000 LEN 2
Stroomverbruik NMEA 2000 Max. 75 mA
Modellen van acht
inch
Max. vermogen bij 10 V
gelijkstroom
28 W
Standaard opgenomen
stroom bij 12 V gelijkstroom
1,3 A
Max. opgenomen stroom bij
12 V gelijkstroom
2,8 A
Kompasveilige afstand 12
13
/
64
inch (310
mm)
Modellen van
twaalf inch
Max. vermogen bij 10 V
gelijkstroom
35 W
Standaard opgenomen
stroom bij 12 V gelijkstroom
1,6 A
Max. opgenomen stroom bij
12 V gelijkstroom
3,5 A
Kompasveilige afstand 18
7
/
64
inch (460
mm)
Modellen van
vijftien inch
Max. vermogen bij 10 V
gelijkstroom
47 W
Standaard opgenomen
stroom bij 12 V gelijkstroom
2,5 A
Max. opgenomen stroom bij
12 V gelijkstroom
4,7 A
Kompasveilige afstand 18
7
/
64
inch (460
mm)
Specificaties voor GPS 19x-antenne
Waarden Specificatie
Afmetingen (doorsnede x
hoogte)
3
19
/
32
inch × 1
15
/
16
inch (91,6 × 49,5
mm)
Gewicht 7,1 oz (201 g)
Temperatuurbereik -22° tot 176°F (-30° tot 80°C)
Materiaal behuizing Volledig afgedichte, schokbestendige
kunststoflegering, waterbestendig
conform IEC 60529-IPX7.
Kompasveilige afstand 5
57
/
64
inch (150 mm)
Voedingsbron 9 - 16 V gelijkstroom
Ingangsstroom 40 mA bij 12 V gelijkstroom
NMEA 2000 LEN 2
NMEA 2000 stroomverbruik Max. 100 mA
NMEA 2000 PGN-informatie
Type PGN Beschrijving
Zenden en
ontvangen
059392 ISO-bevestiging
059904 ISO-aanvraag
060928 ISO-adresreservering
126208 NMEA: Opdracht, Aanvraag en
Bevestiging (groepfunctie)
126464 PGN-lijst verzenden en ontvangen
(groepfunctie)
126996 Productinformatie
129026 COG en SOG: snelle update
Type PGN Beschrijving
129029 GNSS-positiegegevens
129540 GNSS-satellieten in weergave
130306 Windgegevens
130312 Temperatuur
Zenden 127250 Voorliggende koers van vaartuig
127258 Magnetische variatie
128259 Snelheid: ten opzichte van water
128267 Waterdiepte
129025 Positie: snelle update
129283 Koersfout
129284 Navigatiegegevens
129285 Navigatieroute en waypointgegevens
Ontvangen 126992 Systeemtijd
127250 Voorliggende koers van vaartuig
127489 Motorparameters: dynamisch
127488 Motorparameters: snelle update
127493 Transmissieparameters: dynamisch
127505 Vloeistofniveau
128259 Snelheid: ten opzichte van water
128267 Waterdiepte
129025 Positie: snelle update
129038 AIS, klasse A, positierapport
129039 AIS, klasse B, positierapport
129040 AIS, klasse B, uitgebreid positierapport
129539 GNSS-DOP's
129794 AIS, klasse A, vaste gegevens en
vaargegevens
129809 AIS, klasse B, 'CS', rapport met vaste
gegevens, deel A
129810 AIS, klasse B, 'CS', rapport met vaste
gegevens, deel B
130310 Omgevingsparameters
130311 Omgevingsparameters
130313 Vochtigheid
130314 Werkelijke druk
NMEA 0183-informatie
Type Telegram Beschrijving
Zenden GPAPB APB: koers- of spoorcontrole (stuurautomaat)
telegram 'B'
GPBOD BOD: richting (beginpunt naar bestemming)
GPBWC BWC: richting en afstand tot waypoint
GPGGA GGA: GPS-positiegegevens (Global
Positioning System)
GPGLL GGL: geografische positie (breedtegraad en
lengtegraad)
GPGSA GSA: GNSS-DOP en actieve satellieten
GPGSV GSV: GNSS-satellieten in weergave
GPRMB RMB: aanbevolen minimale navigatie-
informatie
GPRMC RMC: aanbevolen minimale specifieke GNSS-
gegevens
GPRTE RTE: routes
GPVTG VTG: grondkoers en -snelheid
GPWPL WPL: locatie van waypoint
GPXTE XTE: koersfout
PGRME E: geschatte fout
PGRMM M: kaartdatum
PGRMZ Z: hoogte
SDDBT DBT: diepte onder transducer
13
Type Telegram Beschrijving
SDDPT DPT: diepte
SDMTW MTW: watertemperatuur
SDVHW VHW: watersnelheid en koers
Ontvangen DPT Diepte
DBT Diepte onder transducer
MTW Watertemperatuur
VHW Watersnelheid en koers
WPL Locatie van waypoint
DSC DSC-gegevens (Digital Selective Calling)
DSE Uitgebreide Digital Selective Calling
HDG Koers, afwijking en variatie
HDM Koers, magnetisch
MWD Windrichting en -snelheid
MDA Meteorologische composiet
MWV Windsnelheid en -hoek
VDM AIS VHF Data Link-bericht
Garmin International, Inc.
1200 East 151st Street
Olathe, Kansas 66062, VS
Garmin (Europe) Ltd.
Liberty House, Hounsdown Business Park
Southampton, Hampshire, SO40 9LR, Verenigd
Koninkrijk
Garmin Corporation
No. 68, Zhangshu 2nd Road, Xizhi Dist.
New Taipei City, 221, Taiwan (Republiek China)
Garmin
®
, het Garmin-logo en GPSMAP
®
zijn handelsmerken van Garmin Ltd. of haar dochtermaatschappijen, geregistreerd in de
Verenigde Staten en andere landen.
NMEA
®
, NMEA 2000
®
en het NMEA 2000-logo zijn gedeponeerde handelsmerken van de National Maritime Electronics Association.
© 2013 Garmin Ltd. of haar dochtermaatschappijen www.garmin.com/support
1

Hulp nodig? Stel uw vraag in het forum

Spelregels

Misbruik melden

Gebruikershandleiding.com neemt misbruik van zijn services uitermate serieus. U kunt hieronder aangeven waarom deze vraag ongepast is. Wij controleren de vraag en zonodig wordt deze verwijderd.

Product:

Bijvoorbeeld antisemitische inhoud, racistische inhoud, of materiaal dat gewelddadige fysieke handelingen tot gevolg kan hebben.

Bijvoorbeeld een creditcardnummer, een persoonlijk identificatienummer, of een geheim adres. E-mailadressen en volledige namen worden niet als privégegevens beschouwd.

Spelregels forum

Om tot zinvolle vragen te komen hanteren wij de volgende spelregels:

Belangrijk! Als er een antwoord wordt gegeven op uw vraag, dan is het voor de gever van het antwoord nuttig om te weten als u er wel (of niet) mee geholpen bent! Wij vragen u dus ook te reageren op een antwoord.

Belangrijk! Antwoorden worden ook per e-mail naar abonnees gestuurd. Laat uw emailadres achter op deze site, zodat u op de hoogte blijft. U krijgt dan ook andere vragen en antwoorden te zien.

Abonneren

Abonneer u voor het ontvangen van emails voor uw Garmin GPSMAP 8422 MFD bij:


U ontvangt een email met instructies om u voor één of beide opties in te schrijven.


Ontvang uw handleiding per email

Vul uw emailadres in en ontvang de handleiding van Garmin GPSMAP 8422 MFD in de taal/talen: Nederlands als bijlage per email.

De handleiding is 2,07 mb groot.

 

U ontvangt de handleiding per email binnen enkele minuten. Als u geen email heeft ontvangen, dan heeft u waarschijnlijk een verkeerd emailadres ingevuld of is uw mailbox te vol. Daarnaast kan het zijn dat uw internetprovider een maximum heeft aan de grootte per email. Omdat hier een handleiding wordt meegestuurd, kan het voorkomen dat de email groter is dan toegestaan bij uw provider.

Stel vragen via chat aan uw handleiding

Stel uw vraag over deze PDF

Andere handleiding(en) van Garmin GPSMAP 8422 MFD

Garmin GPSMAP 8422 MFD Gebruiksaanwijzing - Nederlands - 68 pagina's

Garmin GPSMAP 8422 MFD Installatiehandleiding - Deutsch - 16 pagina's

Garmin GPSMAP 8422 MFD Gebruiksaanwijzing - Deutsch - 70 pagina's

Garmin GPSMAP 8422 MFD Gebruiksaanwijzing - English - 62 pagina's

Garmin GPSMAP 8422 MFD Installatiehandleiding - English - 14 pagina's


Uw handleiding is per email verstuurd. Controleer uw email

Als u niet binnen een kwartier uw email met handleiding ontvangen heeft, kan het zijn dat u een verkeerd emailadres heeft ingevuld of dat uw emailprovider een maximum grootte per email heeft ingesteld die kleiner is dan de grootte van de handleiding.

Er is een email naar u verstuurd om uw inschrijving definitief te maken.

Controleer uw email en volg de aanwijzingen op om uw inschrijving definitief te maken

U heeft geen emailadres opgegeven

Als u de handleiding per email wilt ontvangen, vul dan een geldig emailadres in.

Uw vraag is op deze pagina toegevoegd

Wilt u een email ontvangen bij een antwoord en/of nieuwe vragen? Vul dan hier uw emailadres in.



Info