641562
147
Verklein
Vergroot
Pagina terug
1/152
Pagina verder
Gebruikershandleiding
NPD5428-00 NL
Auteursrecht
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of in enige
vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier,
zonder voorafgaande
schrielijke
toestemming van Seiko Epson Corporation. Alle patentaansprakelijkheid met
betrekking tot het gebruik van de informatie in dit document wordt afgewezen. Evenmin wordt enige
aansprakelijkheid aanvaard voor schade, voortvloeiende uit het gebruik van de informatie in dit document. De
hierin beschreven informatie is alleen bedoeld voor gebruik bij dit Epson-product. Epson is niet verantwoordelijk
voor het gebruik van deze informatie bij andere producten.
Seiko Epson Corporation noch zijn lialen kunnen verantwoordelijk worden gesteld door de koper van dit product
of derden voor schade, verlies, kosten of uitgaven die de koper of derden oplopen ten gevolge van al dan niet
foutief gebruik of misbruik van dit product of onbevoegde wijzigingen en herstellingen, of (met uitzondering van
de VS) het zich niet strikt houden aan de gebruiks- en onderhoudsvoorschrien van Seiko Epson Corporation.
Seiko Epson Corporation noch zijn lialen kunnen verantwoordelijk worden gesteld voor schade of problemen
voortvloeiend uit het gebruik van andere dan originele onderdelen of verbruiksgoederen kenbaar als Original
Epson Products of Epson Approved Products by Seiko Epson Corporation.
Seiko Epson Corporation kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor schade voortvloeiende uit
elektromagnetische storingen die plaatsvinden door het gebruik van andere interfacekabels dan kenbaar als Epson
Approved Products by Seiko Epson Corporation.
© 2016 Seiko Epson Corporation. All rights reserved.
De inhoud van deze handleiding en de
specicaties
van dit product kunnen zonder voorafgaande kennisgeving
worden gewijzigd.
Gebruikershandleiding
Auteursrecht
2
Handelsmerken
EPSON
®
is een gedeponeerd handelsmerk en EPSON EXCEED YOUR VISION of EXCEED YOUR VISION is
een handelsmerk van Seiko Epson Corporation.
EPSON Scan
soware
is based in part on the work of the Independent JPEG Group.
libti
Copyright © 1988-1997 Sam Leer
Copyright © 1991-1997 Silicon Graphics, Inc.
Permission to use, copy, modify, distribute, and sell this soware and its documentation for any purpose is
hereby granted without fee, provided that (i) the above copyright notices and this permission notice appear in
all copies of the soware and related documentation, and (ii) the names of Sam Leer and Silicon Graphics
may not be used in any advertising or publicity relating to the soware without the specic, prior written
permission of Sam Leer and Silicon Graphics.
THE SOFTWARE IS PROVIDED "AS-IS" AND WITHOUT WARRANTY OF ANY KIND, EXPRESS,
IMPLIED OR OTHERWISE, INCLUDING WITHOUT LIMITATION, ANY WARRANTY OF
MERCHANTABILITY OR FITNESS FOR A PARTICULAR PURPOSE.
IN NO EVENT SHALL SAM LEFFLER OR SILICON GRAPHICS BE LIABLE FOR ANY SPECIAL,
INCIDENTAL, INDIRECT OR CONSEQUENTIAL DAMAGES OF ANY KIND, OR ANY DAMAGES
WHATSOEVER RESULTING FROM LOSS OF USE, DATA OR PROFITS, WHETHER OR NOT ADVISED
OF THE POSSIBILITY OF DAMAGE, AND ON ANY THEORY OF LIABILITY, ARISING OUT OF OR IN
CONNECTION WITH THE USE OR PERFORMANCE OF THIS SOFTWARE.
Microso
®
, Windows
®
, and Windows Vista
®
are registered trademarks of Microso Corporation.
Apple, Macintosh, Mac OS, OS X, Bonjour, Safari, iPad, iPhone, iPod touch, and iTunes are trademarks of Apple
Inc., registered in the U.S. and other countries. AirPrint and the AirPrint logo are trademarks of Apple Inc.
Google Cloud Print™, Chrome™, Chrome OS™, and Android™ are trademarks of Google Inc.
Adobe and Adobe Reader are either registered trademarks or trademarks of Adobe Systems Incorporated in the
United States and/or other countries.
Intel
®
is a registered trademark of Intel Corporation.
Algemene opmerking: andere productnamen vermeld in deze uitgave, dienen uitsluitend als identicatie en
kunnen handelsmerken zijn van hun respectievelijke eigenaars. Epson maakt geen enkele aanspraak op enige
rechten op deze handelsmerken.
Gebruikershandleiding
Handelsmerken
3
Inhoudsopgave
Auteursrecht
Handelsmerken
Over deze handleiding
Introductie tot de handleidingen................7
Markeringen en symbolen....................7
Beschrijvingen gebruikt in deze handleiding.......8
Referenties voor besturingssystemen.............8
Belangrijke instructies
Veiligheidsinstructies........................9
Printeradviezen en waarschuwingen. . . . . . . . . . . . 10
Adviezen en waarschuwingen voor het
instellen/gebruik van de printer............. 10
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik
van de printer met een draadloze verbinding. . . . 11
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik
van het touchscreen......................11
Uw persoonlijke gegevens beschermen..........11
Basisprincipes van printer
Namen en functies van onderdelen.............12
Bedieningspaneel..........................14
Druktoetsen en lampjes...................14
Moduspictogrammen op het display..........15
Pictogrammen op het display...............15
Pictogrammen op het sowaretoetsenbord
van het display..........................16
Menuopties..............................17
Modus Kopiëren........................17
Modus Scannen.........................18
Modus Fax............................ 19
Instellen-modus........................20
Modus Contacten.......................27
Papier laden
Voorzorgsmaatregelen voor papierverwerking. . . . .28
Beschikbaar papier en capaciteiten.............29
Lijst met papiertypes.....................30
Papier in de Papiercassette laden...............30
Originelen plaatsen
Beschikbare originelen voor de ADF............34
Originelen op de ADF plaatsen................34
Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen. . . . . . . 35
Afdrukken
Afdrukken vanaf een computer................37
Basisprincipes van printer - Windows.........37
Basisprincipes van printer - Mac OS X........ 38
Dubbelzijdig afdrukken...................41
Meerdere pagina's op één vel afdrukken. . . . . . . 43
Afdruk aanpassen aan papierformaat. . . . . . . . . 44
Meerdere bestanden samen afdrukken (alleen
voor Windows)......................... 45
Eén aeelding afdrukken op meerdere vellen
om een poster te maken (alleen voor Windows). . 46
Geavanceerde functies gebruiken voor
afdrukken.............................52
Afdrukken met Smart Devices................55
Epson iPrint gebruiken....................55
AirPrint gebruiken.......................58
Afdrukken annuleren.......................58
Afdrukken annuleren Printertoets......... 58
Afdrukken annuleren - Windows............ 58
Afdrukken annuleren - Mac OS X............59
Kopiëren
Scannen
Scannen via het bedieningspaneel..............61
Scannen naar Cloud......................61
Scannen naar een computer................61
Scannen naar een computer (WSD).......... 62
Scannen vanaf een computer................. 62
Scannen in Kantoormodus.................62
Scannen in Professionele modus.............64
Scannen met smart-apparaten................ 66
Epson iPrint installeren................... 66
Scannen met Epson iPrint................. 67
Scannen door smart-apparaten voor de NFC-
labelte houden..........................67
Faxen
Een faxbericht instellen..................... 69
Gebruikershandleiding
Inhoudsopgave
4
Aansluiten op een telefoonlijn...............69
Basisinstellingen voor faxberichten
congureren...........................72
Contacten registreren voor het faxen............75
Contactpersonen opslaan..................75
Contactgroepen opslaan...................75
Contacten registreren op een computer........76
Back-up Contacten maken met een computer. . . 76
Faxberichten verzenden.....................76
Basishandelingen bij het verzenden van faxen. . . 76
Verschillende manieren om faxberichten te
verzenden.............................78
Faxberichten ontvangen.....................79
De ontvangstmodus instellen...............79
Verschillende manieren om faxberichten te
ontvangen.............................80
Ontvangen faxen opslaan..................81
Andere faxfuncties gebruiken.................84
Een faxrapport en -lijst afdrukken............84
Beveiligingsinstellingen voor faxberichten. . . . . . 85
Ontvangen faxen opnieuw afdrukken...........85
Inktpatronen vervangen
Het inktpeil controleren.....................86
Het inktpeil controleren - Bedieningspaneel. . . . 86
Het inktpeil controleren - Windows...........86
Het inktpeil controleren - Mac OS X..........86
Codes van de cartridges.....................86
Voorzorgsmaatregelen voor inktpatronen........87
Inktpatronen vervangen.....................90
Tijdelijk met zwarte inkt afdrukken.............92
Tijdelijk met zwarte inkt afdrukken - Windows. . 93
Tijdelijk met zwarte inkt afdrukken - Mac OS X. .94
Zwarte inkt besparen als de zwarte inkt bijna op
is (uitsluitend voor Windows).................94
De printer onderhouden
De printkop controleren en reinigen............96
De printkop controleren en schoonmaken -
bedieningspaneel........................96
De printkop controleren en schoonmaken -
Windows..............................97
De printkop controleren en schoonmaken -
Mac OS X.............................97
De printkop uitlijnen.......................97
De printkop uitlijnen - Bedieningspaneel. . . . . . 98
De printkop uitlijnen - Windows.............98
De printkop uitlijnen - Mac OS X............99
Het papiertraject vrijmaken van inktvlekken. . . . . . 99
De automatische documentinvoer (ADF)
schoonmaken............................100
De Scannerglasplaat reinigen................ 101
Stroom besparen......................... 102
Energie besparen - bedieningspaneel.........102
Netwerkservice en
softwareinformatie
De service van Epson Connect...............104
Web Cong.............................104
Web Cong uitvoeren op een browser........105
Web Cong uitvoeren op Windows..........105
Web
Cong
uitvoeren op Mac OS X......... 105
Windows-printerdriver.....................106
Instellingen voor de Windows-printerdriver
beperken.............................107
Bedieningsinstellingen voor Windows-
printerdriver congureren................ 107
Mac OS X-printerdriver....................108
Bedieningsinstellingen voor Mac OS X-
printerdriver congureren................ 108
Het venster Bedieningsinstellingen van de
Mac OS X-printerdriver openen............108
Bedieningsinstellingen voor de Mac OS X-
printerdriver..........................108
EPSON Scan (scannerstuurprogramma)........109
Epson Event Manager......................109
PC-FAX-driver (faxdriver)..................110
FAX Utility............................. 110
Epson Easy Photo Print.................... 111
E-Web Print (alleen voor Windows )...........111
EPSON Soware Updater. . . . . . . . . . . . . . . . . . . 112
EpsonNet Cong.........................112
Toepassingen verwijderen...................113
Toepassingen verwijderen - Windows. . . . . . . . 113
Toepassingen verwijderen - Mac OS X. . . . . . . .113
Toepassingen installeren....................114
Toepassingen enrmware bijwerken...........115
Problemen oplossen
De printerstatus controleren.................116
Berichten op het display bekijken...........116
De printerstatus controleren - Windows. . . . . . .117
De printerstatus controleren - Mac OS X. . . . . . 117
Vastgelopen papier verwijderen...............117
Gebruikershandleiding
Inhoudsopgave
5
Vastgelopen papier binnen in de printer
verwijderen...........................118
Vastgelopen papier verwijderen uit de
Papiercassette..........................119
Vastgelopen papier verwijderen uit de
Achterpaneel..........................120
Vastgelopen papier verwijderen uit de ADF. . . . 122
Papier wordt niet goed ingevoerd.............124
Origineel wordt niet in ADF ingevoerd.......124
Problemen met stroomtoevoer en
bedieningspaneel.........................125
De stroom wordt niet ingeschakeld..........125
De stroom wordt niet uitgeschakeld......... 125
Stroom schakelt automatisch uit............125
Het display wordt donker.................125
Printer drukt niet af.......................126
Afdrukproblemen........................ 126
Afdrukkwaliteit is slecht..................126
Kopieerkwaliteit is slecht................. 128
De achterkant van het origineel is te zien op
de gekopieerde aeelding.................128
Positie, formaat of marges van de afdruk zijn
niet juist............................. 128
Papier vertoond vlekken of is bekrast........ 129
Afgedrukte tekens zijn niet juist of onleesbaar. . 130
De afgedrukte aeelding is omgekeerd. . . . . . . 130
Het probleem kon niet worden opgelost. . . . . . .130
Afdrukken verloopt te traag.................130
Kan niet beginnen met scannen.............. 131
Kan scannen niet starten via bedieningspaneel. .132
Problemen met gescande aeeldingen......... 132
Scankwaliteit is slecht....................132
Tekens zijn wazig.......................133
De achterkant van het origineel is te zien op
de gescande aeelding...................133
Er verschijnt een ribbelpatroon (ook wel
'moiré' genoemd) op de gescande aeelding. . . 133
Scangedeelte of -richting is niet juist. . . . . . . . . 134
Het probleem met de gescande aeelding
kon niet worden opgelost.................134
Andere scanproblemen.....................135
Miniatuurvoorbeeld werkt niet goed.........135
Scannen verloopt te traag.................135
Scannen stopt bij het scannen naar een PDF/
Multi-TIFF........................... 135
Problemen met verzenden en ontvangen van
faxen..................................135
Kan geen fax verzenden of ontvangen........135
Kan geen faxen versturen.................137
Kan geen faxen verzenden naar opgegeven
ontvanger............................ 137
Kan geen faxen verzenden op speciek tijdstip. .137
Kan geen faxen ontvangen................ 137
Foutmelding geheugen vol................138
Verzonden fax is van slechte kwaliteit. . . . . . . . 138
Faxen worden op verkeerde grootte verzonden. .139
Ontvangen fax is van slechte kwaliteit. . . . . . . . 139
Ontvangen faxen worden niet afgedrukt. . . . . . 139
Andere faxproblemen......................139
Bellen niet mogelijk op verbonden telefoon. . . . 139
Antwoordapparaat kan geen
telefoongesprekken beantwoorden.......... 140
Faxnummer van de zender wordt niet op
ontvangen faxberichten weergegeven of het
nummer is fout........................ 140
Overige problemen........................140
Lichte elektrische schok wanneer u de printer
aanraakt............................. 140
Printer maakt veel lawaai tijdens werking. . . . . 140
De ADF werkt niet......................140
Scannen van ADF vertraagt............... 141
Datum en tijd zijn verkeerd............... 141
Soware
wordt geblokkeerd door een
rewall
(alleen Windows).......................141
Bijlage
Technische specicaties.................... 142
Printer
specicaties
..................... 142
Scannerspecicaties.....................143
Interface-specicaties....................143
Faxspecicaties
........................ 143
Wi-specicaties
.......................144
Ethernetspecicaties.....................144
Beveiligingsprotocol.....................145
Ondersteunde services van derden.......... 145
Dimensies............................145
Elektrische specicaties.................. 145
Omgevingsspecicaties...................146
Systeemvereisten....................... 146
Regelgevingsinformatie.................... 147
Normen en goedkeuringen................147
Beperkingen op het kopiëren.............. 148
De printer vervoeren...................... 148
Hulp vragen.............................150
Technische ondersteuning (website).........150
Contact opnemen met de klantenservice van
Epson...............................151
Gebruikershandleiding
Inhoudsopgave
6
Over deze handleiding
Introductie tot de handleidingen
De volgende handleidingen worden meegeleverd met uw Epson-printer. Raadpleeg naast de handleidingen, ook de
Help in de verschillende Epson-sowaretoepassingen.
Belangrijke
veiligheidsvoorschrien
(gedrukte handleiding)
Bevat instructies om deze printer veilig te gebruiken.
Hier beginnen (gedrukte handleiding)
Bevat informatie over het instellen van de printer en het installeren van de soware. Aankelijk van uw regio
gee
het ook basisinformatie over hoe u de printer moet gebruiken, probleemoplossing, enzovoort.
Gebruikershandleiding (digitale handleiding)
Deze handleiding. Bevat algemene informatie over en instructies voor het gebruik van de printer en het
oplossen van problemen.
Netwerkhandleiding (digitale handleiding)
Bevat informatie over netwerkinstellingen en probleemoplossing wanneer de printer in een netwerk wordt
gebruikt.
U kunt de meest recente versie van de bovenstaande handleidingen in uw bezit krijgen op de volgende manieren.
Gedrukte handleiding
Ga naar de ondersteuningssite van Epson Europe (http://www.epson.eu/Support) of de wereldwijde
ondersteuningssite van Epson (http://support.epson.net/).
Digitale handleiding
Start EPSON Soware Updater op uw computer. EPSON Soware Updater controleert of er updates
beschikbaar zijn voor Epson-toepassingen of digitale handleidingen en laat u vervolgens de meest recente versie
downloaden.
Gerelateerde informatie
& “EPSON
Soware
Updater” op pagina 112
Markeringen en symbolen
!
Let op:
Instructies die zorgvuldig moeten worden gevolgd om lichamelijk letsel te voorkomen.
c
Belangrijk:
Instructies die moeten worden gevolgd om schade aan het apparaat te voorkomen.
Opmerking:
Biedt aanvullende informatie en referentiegegevens.
Gebruikershandleiding
Over deze handleiding
7
&
Gerelateerde informatie
Koppelingen naar de verwante paragrafen.
Beschrijvingen gebruikt in deze handleiding
Screenshots van de schermen van de printerdriver en EPSON Scan (scannerdriver) zijn van Windows 8.1 of
Mac OS X v10.9.x. De inhoud die op de schermen wordt weergegeven, is
aankelijk
van het model en de
situatie.
Aeeldingen van de printer gebruikt in deze handleiding dienen uitsluitend als voorbeeld. Er zijn kleine
verschillen tussen elk model, maar de gebruiksmethode blij hetzelfde.
Sommige menu-items op de display variëren naargelang het model en de instellingen.
Referenties voor besturingssystemen
Windows
In deze handleiding verwijzen termen zoals "Windows 10", "Windows 8.1", "Windows 8", "Windows 7", "Windows
Vista", "Windows XP", "Windows Server 2012 R2", "Windows Server 2012", "Windows Server 2008 R2", "Windows
Server 2008", "Windows Server 2003 R2", en "Windows Server 2003" naar de volgende besturingssystemen.
Bovendien wordt "Windows" gebruikt om alle versies ervan aan te duiden.
Microso
®
Wi n d ow s
®
10 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s
®
8.1 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s
®
8 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s
®
7 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s Vi s t a
®
besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s
®
XP besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s
®
XP Professional x64 Edition besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s S e r v e r
®
2012 R2 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s S e r v e r
®
2012 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s S e r v e r
®
2008 R2 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s S e r v e r
®
2008 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s S e r v e r
®
2003 R2 besturingssysteem
Microso
®
Wi n d ow s S e r v e r
®
2003 besturingssysteem
Mac OS X
In deze handleiding verwijst "Mac OS X v10.11.x" naar OS X El Capitan, "Mac OS X v10.10.x" naar OS X Yosemite,
"Mac OS X v10.9.x" naar OS X Mavericks en "Mac OS X v10.8.x" verwijst naar OS X Mountain Lion. Bovendien
wordt "Mac OS X" gebruikt om te verwijzen naar "Mac OS X v10.11.x", "Mac OS X v10.10.x", "Mac OS X v10.9.x",
"Mac OS X v10.8.x", "Mac OS X v10.7.x" en "Mac OS X v10.6.8".
Gebruikershandleiding
Over deze handleiding
8
Belangrijke instructies
Veiligheidsinstructies
Lees en volg deze instructies om deze printer veilig te gebruiken. Bewaar deze handleiding voor latere
raadplegingen. Let ook op al de waarschuwingen en instructies die op de printer staan.
Sommige symbolen op uw printer dienen om een veilig en correct gebruik van de printer mogelijk te maken. Ga
naar de volgende website om te weten te komen wat de symbolen betekenen.
http://support.epson.net/symbols
Gebruik alleen het netsnoer dat met de printer is meegeleverd en gebruik het snoer niet voor andere apparatuur.
Gebruik van andere snoeren met deze printer of gebruik van het meegeleverde netsnoer met andere apparatuur
kan leiden tot brand of elektrische schokken.
Zorg ervoor dat het netsnoer voldoet aan de relevante plaatselijke veiligheidsnormen.
Haal het netsnoer, de stekker, de printer, de scanner of de accessoires nooit uit elkaar en probeer deze
onderdelen nooit zelf te wijzigen of te repareren, tenzij zoals uitdrukkelijk staat beschreven in de handleidingen
van het apparaat.
Trek in de volgende gevallen de stekker uit het stopcontact en laat het onderhoud aan een onderhoudstechnicus
over:
Als het netsnoer of de stekker beschadigd is, als er vloeistof in de printer is gekomen, als de printer is gevallen of
als de behuizing beschadigd is, als de printer niet normaal werkt of als er een duidelijke wijziging in de
prestaties optreedt. Wijzig geen instellingen als hiervoor in de gebruiksaanwijzing geen instructies worden
gegeven.
Zet het apparaat in de buurt van een wandstopcontact waar u de stekker gemakkelijk uit het stopcontact kunt
halen.
Plaats of bewaar de printer niet buiten en zorg ervoor dat de printer niet wordt blootgesteld aan vuil, stof, water
of hittebronnen. Vermijd plaatsen die onderhevig zijn aan schokken, trillingen, hoge temperaturen of
luchtvochtigheid.
Zorg ervoor dat u geen vloeistoen op de printer morst en pak de printer niet met natte handen vast.
Houd de printer ten minste 22 cm verwijderd van pacemakers. De radiogolven die door deze printer worden
uitgezonden, kunnen een negatieve invloed hebben op de werking van pacemakers.
Neem contact op met uw leverancier als het display beschadigd is. Als u vloeistof uit het display op uw handen
krijgt, was ze dan grondig met water en zeep. Als u vloeistof uit het display in uw ogen krijgt, moet u uw ogen
onmiddellijk uitspoelen met water. Raadpleeg onmiddellijk een arts als u ondanks grondig spoelen problemen
krijgt met uw ogen of nog steeds ongemak ondervindt.
Vermijd het gebruik van de telefoon tijdens onweer. Er bestaat een minieme kans op elektrische schokken door
bliksem.
Gebruik voor het melden van een gaslek geen telefoon in de directe omgeving van het lek.
Wees voorzichtig met gebruikte cartridges. Er kan inkt rond de inkttoevoer kleven.
Als u inkt op uw huid krijgt, wast u de plek grondig met water en zeep.
Als u inkt in uw ogen krijgt, moet u uw ogen onmiddellijk uitspoelen met water. Raadpleeg onmiddellijk een
arts als u ondanks grondig spoelen problemen krijgt met uw ogen of nog steeds ongemak ondervindt.
Als er inkt in uw mond terechtkomt, raadpleegt u direct een arts.
Haal de cartridge niet uit elkaar, omdat u inkt in uw ogen of op uw huid kunt krijgen.
Gebruikershandleiding
Belangrijke instructies
9
Schud de cartridges niet te hard en laat ze niet vallen. Wees ook voorzichtig dat u ze niet ineendrukt of hun
etiket scheurt. Omdat hierdoor inkt kan lekken.
Houd cartridges buiten het bereik van kinderen.
Printeradviezen en waarschuwingen
Lees en volg deze instructies om schade aan de printer of uw eigendommen te voorkomen. Bewaar deze
handleiding voor toekomstig gebruik.
Adviezen en waarschuwingen voor het instellen/gebruik van de
printer
De openingen in de behuizing van de printer niet blokkeren of afdekken.
Gebruik alleen het type stroombron dat staat vermeld op het etiket op de printer.
Gebruik geen stopcontacten in dezelfde groep als fotokopieerapparaten, airconditioners of andere apparaten die
regelmatig worden in- en uitgeschakeld.
Gebruik geen stopcontacten die met een wandschakelaar of een automatische timer kunnen worden in- en
uitgeschakeld.
Plaats het hele computersysteem uit de buurt van apparaten die elektromagnetische storing kunnen
veroorzaken, zoals luidsprekers of basisstations van draagbare telefoons.
Plaats het netsnoer zodanig dat geen slijtage, inkepingen, rafels, plooien en knikken kunnen optreden. Plaats
geen voorwerpen op het netsnoer en plaats het netsnoer zodanig dat niemand erop kan stappen. Let er vooral
op dat snoeren mooi recht blijven aan de uiteinden en de punten waar deze de transformator in- en uitgaan.
Als u een verlengsnoer gebruikt voor de printer, mag de totale stroombelasting in ampère van alle aangesloten
apparaten niet hoger zijn dan de maximale belasting voor het verlengsnoer. Zorg er bovendien voor dat het
totaal van de ampèrewaarden van alle apparaten die zijn aangesloten op het wandstopcontact, niet hoger is dan
de maximumwaarde die is toegestaan voor het stopcontact.
Als u de printer in Duitsland gebruikt, moet u rekening houden met het volgende: de installatie van het gebouw
moet beschikken over een stroomonderbreker van 10 of 16 A om de printer te beschermen tegen kortsluiting en
stroompieken.
Let bij het aansluiten van de printer op een computer of ander apparaat, op de juiste richting van de stekkers
van de kabel. Elke stekker kan maar op één manier in het apparaat worden gestoken. Wanneer u een stekker op
een verkeerde manier in het apparaat steekt, kunnen beide apparaten die via de kabel met elkaar verbonden
zijn, beschadigd raken.
Plaats de printer op een vlakke, stabiele ondergrond die groter is dan de printer zelf. De printer werkt niet goed
als deze scheef staat.
Zorg er bij opslag of transport van de printer voor dat deze niet gekanteld, verticaal of ondersteboven wordt
gehouden, anders kan er inkt lekken.
Laat boven de printer voldoende ruimte vrij om het deksel volledig te kunnen openen.
Zorg ervoor dat aan de voorkant van de printer voldoende ruimte is voor het papier dat uit de printer komt.
Vermijd plaatsen met grote schommelingen in temperatuur en luchtvochtigheid. Houd de printer ook uit de
buurt van direct zonlicht, fel licht of warmtebronnen.
Steek geen voorwerpen door de openingen in de printer.
Steek uw hand niet in de printer tijdens het afdrukken.
Gebruikershandleiding
Belangrijke instructies
10
Raak de witte, platte kabel binnen in de printer niet aan.
Gebruik geen spuitbussen met ontvlambare
stoen
in of in de buurt van de printer. Dit kan brand veroorzaken.
Verplaats de printkop niet handmatig; anders kunt u de printer beschadigen.
Pas bij het sluiten van de scannereenheid op dat uw vingers niet klem komen te zitten.
Let erop dat u nooit te hard op de scannerglasplaat drukt wanneer u er een origineel op legt.
Zet de printer altijd uit met de knop
P
. Trek de stekker niet uit het stopcontact en sluit de stroom naar het
stopcontact niet af zolang het lampje
P
nog knippert.
Controleer voordat u de printer vervoert of de printkop zich in de uitgangspositie bevindt (uiterst rechts) en of
de cartridges aanwezig zijn.
Als u de printer gedurende langere tijd niet gebruikt, trek dan de stekker uit het stopcontact.
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van de printer met een
draadloze verbinding
Radiogolven van deze printer kunnen nadelige gevolgen hebben voor de werking van medische elektronische
apparatuur, waardoor deze apparatuur defect kan raken. Wanneer u deze printer gebruikt in een medische
instelling of in de buurt van medische apparatuur, volg dan de aanwijzingen van het bevoegd personeel van de
medische instelling en volg alle waarschuwingen en aanwijzingen die op de medische apparatuur zelf staan.
Radiogolven uit deze printer kunnen de werking van automatisch gestuurde apparaten, zoals automatische
deuren of een brandalarm, storen en kunnen tot ongevallen leiden als gevolg van storing. Volg alle
waarschuwingen en aanwijzingen die op deze apparatuur zijn aangeduid wanneer u deze printer gebruikt in de
buurt van automatisch aangestuurde apparaten.
Adviezen en waarschuwingen voor gebruik van het touchscreen
Het display kan een paar kleine heldere of donkere puntjes vertonen en is mogelijk niet overal even helder. Dit
is normaal en wil geenszins zeggen dat het display beschadigd is.
Maak het display alleen schoon met een droge, zachte doek. Gebruik geen vloeibare of chemische
reinigingsmiddelen.
De afdekplaat van het touchscreen kan breken bij zware schokken. Neem contact op met uw leverancier als het
display barst of breekt. Raak het gebroken glas niet aan en probeer dit niet te verwijderen.
Raak het touchscreen zachtjes met uw vinger aan. Druk niet te hard en gebruik niet uw nagels.
Gebruik geen scherpe voorwerpen zoals balpennen of scherpe potloden om handelingen uit te voeren.
De werking van het touchscreen kan verminderen als gevolg van condensatie in het touchscreen veroorzaakt
door plotselinge schommelingen in temperatuur of luchtvochtigheid.
Uw persoonlijke gegevens beschermen
Als u de printer aan iemand anders gee of wilt weggooien, kunt u het geheugen als volgt wissen: selecteer
Instellen > Standaardinst. herstellen > Alle geg. en instell.wissen op het bedieningspaneel.
Gebruikershandleiding
Belangrijke instructies
11
Basisprincipes van printer
Namen en functies van onderdelen
A
NFC-label Houd een smart device tegen deze tag aan om
rechtstreeks af te drukken of te scannen.
B
Deksel van ADF (Automatic Document Feeder -
Papierlade van de automatische documentinvoer)
Open dit om vastgelopen originelen te verwijderen uit
de ADF.
C
Invoerlade van de ADF Hiermee worden originelen automatisch ingevoerd.
D
Zijgeleider van de ADF Zorgt ervoor dat originelen recht in de printer worden
ingevoerd. Schuif naar de rand van de originelen.
E
Uitvoerlade van de ADF Bevat de originelen die van de ADF worden uitgevoerd.
F
Papiercassette Laadt papier.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
12
A
Uitvoerlade Opvanglade voor het papier dat uit de printer komt.
B
Zijgeleiders Hiermee wordt het papier recht in de printer ingevoerd.
Schuif deze naar de randen van het papier.
C
Papiercassette Laadt papier.
A
Documentdeksel Houdt extern licht tegen tijdens het scannen.
B
Scannerglasplaat Plaats de originelen.
C
Bedieningspaneel Voor bediening van de printer.
A
Scannereenheid Scant de geplaatste originelen. Open de eenheid om
inktpatronen te vervangen of papier dat in de printer is
vastgelopen, te verwijderen.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
13
B
Inktpatroonhouder Installeer de inktpatronen. Inkt komt uit de
spuitkanaaltjes van de printkop.
A
Achterpaneel Verwijder om vastgelopen papier te verwijderen.
B
LAN-poort Voor aansluiting van een LAN-kabel.
C
USB-poort Voor aansluiting van een USB-kabel.
D
Netaansluiting Voor aansluiting van het netsnoer.
E
Lijnpoort Voor aansluiting van een telefoonlijn.
F
EXT.-poort Voor aansluiting van externe telefoontoestellen.
Bedieningspaneel
Druktoetsen en lampjes
A
Hiermee schakelt u de printer in of uit.
Haal het netsnoer uit het stopcontact als het aan/uit-lampje uit staat.
B
Hiermee opent u het startscherm.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
14
C
Hiermee zet u de actuele instellingen terug naar de vorige status.
D
Hiermee stopt u de actieve bewerking.
E
- Hiermee geeft u menu's en berichten weer. Tik op het LCD-scherm om een menu te selecteren,
en blader door te swipen.
F
u
,
d
Hiermee scrolt u door het scherm.
G
Hiermee keert u terug naar het vorige scherm.
H
0 - 9
,
Hiermee voert u cijfers, tekens en symbolen in.
I
c Hiermee wist u aantalinstellingen, zoals het aantal exemplaren.
J
Hiermee start u het afdrukken, kopiëren, scannen en faxen in zwart-wit.
K
Hiermee start u het afdrukken, kopiëren, scannen en faxen in kleur.
Moduspictogrammen op het display
Selecteer een moduspictogram op het startscherm om de printerfuncties weer te geven.
Hiermee wordt de modus Kopiëren geactiveerd.
Hiermee wordt de modus Scannen geactiveerd.
Hiermee wordt de modus Fax geactiveerd.
Hiermee wordt het instellingenscherm voor de Eco-modus weergegeven.
Hiermee wordt het instellingenscherm voor Epson Connect-services weergegeven.
Hiermee wordt de modus Instellen geactiveerd.
Pictogrammen op het display
De volgende pictogrammen worden op het display weergegeven naargelang de status van de printer. Druk op het
netwerkpictogram om de actuele netwerkinstellingen te controleren en instellingen voor wi te congureren.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
15
Druk op dit pictogram om de bedieningsinstructies weer te geven, zoals papier laden en
originelen plaatsen.
Gaat branden wanneer de originelen in de ADF worden geplaatst.
Gaat branden wanneer de inktpatronen bijna leeg zijn. Selecteer Instellen > Inktpeil om
de status te controleren.
Gaat branden wanneer de inktpatronen leeg zijn. Selecteer Instellen > Inktpeil om de
status te controleren.
Gaat branden wanneer ontvangen documenten die nog niet gelezen, afgedrukt of
opgeslagen zijn, in het geheugen van het product staan.
Geeft het gebruiksgeheugen van de faxmachine weer.
Geeft aan dat het faxgeheugen vol is. Verwijder onnodige documenten uit de inbox.
Gaat branden als de printer verbonden is met een bekabeld (ethernet) netwerk.
Gaat branden als de printer verbonden is met een draadloos (wi-)netwerk. Het aantal
balkjes geeft de sterkte van de verbinding weer. Hoe meer balkjes, des te sterker de
verbinding is.
Duidt op een probleem met de draadloze (wi-)netwerkverbinding van de printer of geeft
aan dat de printer zoekt naar een draadloze (wi-)netwerkverbinding.
Geeft aan dat de printer verbonden is met een netwerk in de Ad Hoc-modus.
Geeft aan dat de printer verbonden is met een netwerk in de Wi-Fi Direct-modus.
Geeft aan dat de Simple AP-modus is ingeschakeld.
Gaat branden als de Eco-modus ingeschakeld is.
Pictogrammen op het softwaretoetsenbord van het display
Wanneer u contactpersonen registreert, netwerkinstellingen congureert, etc. kunt u tekens en symbolen invoeren
via het sowaretoetsenbordscherm. De volgende pictogrammen worden weergegeven op het sowaretoetsenbord.
Opmerking:
Beschikbare pictogrammen variëren naargelang de instelling.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
16
Hiermee schakelt u tussen hoofdletters en kleine letters.
Hiermee schakelt u tussen tekentypes.
123#: Hiermee voert u cijfers en symbolen in.
ABC: Hiermee voert u letters in.
ÁÄÂ: Hiermee voert u speciale tekens zoals umlauts en accenten in.
Hiermee wijzigt u de indeling van het toetsenbord.
Hiermee typt u een spatie.
Hiermee wist u het teken links van de cursor.
Hiermee typt u een teken.
Menuopties
Modus Kopiëren
Opmerking:
Beschikbare menu's kunnen variëren naargelang de geselecteerde lay-out.
Druk op Instel. om verborgen instellingenmenu's weer te geven.
Menu Instellingen en toelichting
Aantal kopieën Voer het aantal kopieën in.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
17
Menu Instellingen en toelichting
Indeling Met rand Kopieert met een marge rond de randen.
2-omhoog Kopieert originelen van meerdere pagina's op één vel.
Als u originelen in de ADF plaatst, voert u ze langs de boven- of linkerrand in
de invoerlade in.
Laad verticale originelen zoals hieronder weergegeven en selecteer Staand
bij Documentstand.
Laad horizontale originelen zoals hieronder weergegeven en selecteer
Liggend bij Documentstand.
Randloos Kopieert zonder een marge rond de randen. De afbeelding wordt een beetje
vergroot om de marges rond de randen van het papier te verwijderen.
ID-kaart Scant beide zijden van een identiteitskaart en kopieert ze naar één zijde van
een A4.
Documentgr. Selecteer het formaat van uw origineel.
Zoom Vergroot of verkleint het origineel.
Selecteer Pag auto pass om de afdruk aan te passen aan het papierformaat van de geselecteerde
papierbron.
Dubbelzijdig Selecteer dubbelzijdige lay-out.
Selecteer een lay-out, druk op Instel. en selecteer dan de bindpositie van het papier.
Documentstand Selecteer de afdrukstand van uw origineel.
Kwaliteit Selecteer het type van uw origineel.
Tekst: Hiermee drukt u sneller af, maar het resultaat kan minder duidelijk zijn.
Foto: Zorgt voor afdrukken van betere kwaliteit maar het afdrukken duurt mogelijk langer
Dichtheid Stel de dichtheid van uw kopieën in.
Layout-volg.
Selecteer de lay-out voor meerdere pagina's als u 2-omhoog hebt geselecteerd als instelling voor
Indeling.
Droogtijd Selecteer de droogtijd.
Modus Scannen
Cloud
Menu Instellingen en toelichting
Bestemming Selecteer een bestemming die is geregistreerd in de Epson Connect Server.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
18
Menu Instellingen en toelichting
Indeling Selecteer het bestandstype om de gescande afbeelding op te slaan.
Instel. Scangebied Selecteer het scangebied.
Autom.bijsn.: Verwijdert witruimte rond een tekst of afbeelding tijdens het
scannen.
Max. gebied: Scant het maximale scanoppervlak van de scannerglasplaat of
de ADF.
Documenttype Selecteer het type van uw origineel.
Densiteit Selecteer het contrast van de gescande afbeelding.
Documentstand Selecteer de afdrukstand van uw origineel.
Computer
Menu Instellingen en toelichting
Pc selecteren Uit de lijst met computers die met USB of met het netwerk zijn verbonden, selecteert u de computer
waarop u de gescande afbeelding wilt opslaan.
Indeling Selecteer het bestandstype om de gescande afbeelding op te slaan.
Computer (WSD)
Dit menu hee geen instellingen-item.
Modus Fax
Selecteer Fax > Menu op het hoofdscherm.
Menu Instellingen en toelichting
Inst.faxverzending Resolutie Selecteer de resolutie van de uitgaande fax.
Selecteer Foto voor originelen die zowel tekst als foto's bevatten.
Densiteit Selecteer de dichtheid van de uitgaande fax.
Direct verzenden Raadpleeg de pagina's over deze functies voor meer details.
Rapport
transmissie
Hiermee wordt na verzending van een fax automatisch een verzendrapport
afgedrukt. Selecteer Bij fout afdrukken om alleen een rapport af te drukken
als er een fout optreedt.
Fax later verzenden Raadpleeg de pagina's over deze functies voor meer details.
Polling ontvangen
Postvak IN openen Hiermee worden ontvangen documenten weergegeven wanneer u hebt ingesteld dat u ontvangen
faxen in de inbox worden opgeslagen.
Faxen opnieuw
afdrukken
Hiermee worden ontvangen faxen, die tijdelijk in het geheugen van de printer worden opgeslagen,
vanaf de laatst ontvangen fax afgedrukt. Wanneer het geheugen van de printer vol raakt, worden de
faxen automatisch verwijderd, te beginnen bij de oudste. Ontvangen faxen die zijn opgeslagen in de
inbox, worden niet automatisch verwijderd.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
19
Menu Instellingen en toelichting
Faxverslag Lijst faxinstellingen Hiermee drukt u de actuele faxinstellingen af.
Faxlogboek Hiermee wordt na verzending van een fax automatisch een verzendrapport
afgedrukt. U kunt instellen dat dit rapport automatisch wordt afgedrukt via
het volgende menu.
Instellen > Faxinstellingen > Uitvoerinstellingen > Faxlogboek auto afdr.
Rapport
transmissie
Hiermee drukt u een rapport af voor de vorige fax die via polling ontvangen
of verzonden is.
Protocol traceren Hiermee drukt u een lijst met faxdocumenten af die in het geheugen van de
printer staan, zoals niet-voltooide opdrachten.
Gerelateerde informatie
& “Meerdere pagina's van een monochroom document verzenden (Direct verzenden)” op pagina 79
& “Faxen verzenden op een speciek tijdstip (Fax later verzenden)” op pagina 78
& “Faxen ontvangen via pollingdiensten (Polling ontvangen)” op pagina 81
Instellen-modus
Menu Instellingen en toelichting
Inktpeil Geeft de niveaus van de cartridges weer bij benadering.
Wanneer het pictogram ! wordt weergegeven, is het inktpatroon bijna leeg.
Wanneer een kruisje (X) wordt weergegeven, is het inktpatroon leeg.
Onderhoud PrintkopControle
spuitm.
Hiermee drukt u een patroon af om te controleren of de spuitkanaaltjes
van de printkop verstopt zitten.
Printkop reinigen Hiermee reinigt u de verstopte spuitkanaaltjes van de printkop.
Netwerkstatus Hiermee vervangt u het inktpatroon.
Printkop uitlijnen Hiermee wordt de printkop bijgesteld om de afdrukkwaliteit te verbeteren.
Voer Verticale uitlijning uit als uw afdrukken wazig zijn of als tekst en
lijnen niet goed uitgelijnd zijn.
Voer Horizontale uitlijning uit als uw afdrukken horizontale strepen
bevatten.
Papiergeleider
reinigen
Gebruik deze functie om papier te laden voor het reinigen van het
apparaat wanneer er zich inktvlekken op de interne rollers bevinden of als
er een papierstoring is opgetreden.
Papier instellen Selecteer het formaat en type papier dat u in de papierbron hebt geplaatst.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
20
Menu Instellingen en toelichting
Statusv.afdrukk. Statusblad
conguratie
Hiermee drukt u een informatieblad af met de actuele status en
instellingen van de printer.
Statusblad voorraad Hiermee drukt u een informatieblad af met de status van de
verbruiksaccessoires.
Blad
gebruiksgeschiedeni
s
Hiermee drukt u een informatieblad af met de gebruiksgeschiedenis van
de printer.
Printerinstellingen Instellingen
papierbron
A4/Letter schakelen Schakel deze functie in zodat foutmeldingen niet
worden weergegeven, zelfs wanneer de
papierformaatinsteling voor de afdruktaak en het
geplaatste papier in de papierbron niet
overeenkomen. Deze functie is alleen
beschikbaar als het papierformaat op A4 of Letter
staat.
Foutmelding Geeft een foutmelding weer als het
papierformaat of de type-instellingen bij Papier
instellen en de afdrukinstellingen niet
overeenkomen.
Auto probleemopl. Selecteer welke actie moet worden uitgevoerd wanneer er een fout
optreedt met dubbelzijdig afdrukken.
Ingeschakeld: als een taak voor dubbelzijdig afdrukken wordt verzonden
terwijl er geen papier beschikbaar is voor dubbelzijdig afdrukken, wordt
automatisch slechts één zijde van het papier bedrukt.
Uitgeschakeld: de printer geeft een foutmelding weer en de afdruktaak
wordt geannuleerd.
PC-verbinding via
USB
Activeert de printer die via een USB-aansluiting met de computer
verbonden is. Als deze functie uitgeschakeld is, herkent de computer geen
printers die via een USB-verbinding aangesloten zijn.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
21
Menu Instellingen en toelichting
Algemene
instellingen
Lcd-helderheid Hiermee past u de helderheid van het display aan.
Geluid Hiermee past u het volume en het type van de geluiden aan.
Slaaptimer Selecteer hoe lang het duurt voordat de printer naar de slaapstand gaat
(energiezuinige modus) als er geen activiteiten worden uitgevoerd.
Het display gaat uit als deze tijd verstreken is.
Uitschakelinstellinge
n
Uw product heeft mogelijk deze functie of de functie
Uitschakelingstimer, afhankelijk van de plaats van aankoop.
Uit als inactief U kunt instellen hoelang het duurt voordat
stroombeheer wordt toegepast. Elke verhoging is
van invloed op de energiezuinigheid van het
product. Denk aan het milieu voordat u
wijzigingen doorvoert.
Uit als losgekoppeld Schakelt de printer na 30 minuten uit als alle
netwerkpoorten, inclusief de LINE-poort, zijn
losgekoppeld.
Uitschakelingstimer U kunt instellen hoelang het duurt voordat stroombeheer wordt
toegepast. Elke verhoging is van invloed op de energiezuinigheid van het
product. Denk aan het milieu voordat u wijzigingen doorvoert.
Datum/tijd instellen Datum/tijd Voer de actuele datum en tijd in.
Zomertijd Selecteer de zomertijdinstelling van uw regio.
Tijdsverschil Voer het tijdverschil in tussen uw plaatselijke tijd
en de UTC (Coordinated Universal Time).
Land/regio Selecteer uw land of regio.
Taal/Language Selecteer de taal van het display.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
22
Menu Instellingen en toelichting
Netwerkinstellingen Netwerkstatus Hiermee worden de netwerkinstellingen en verbindingsstatus
weergegeven of afgedrukt.
Wi-Fi instellen Wizard Wi-Fi
instellen
Raadpleeg de Netwerkhandleiding voor meer
details.
Instellen met
drukknop (WPS)
Instellen met PIN
(WPS)
Wi-Fi autom.
verbinden
Wi-Fi uitschakelen U kunt netwerkproblemen mogelijk oplossen
door de wi-instellingen uit te schakelen of
opnieuw in te stellen. Raadpleeg de
Netwerkhandleiding voor meer details.
Wi-Fi Direct instellen Raadpleeg de Netwerkhandleiding voor meer
details.
Verbinding
controleren
Controleert de status van de netwerkverbinding en drukt het
controlerapport af. Als er problemen zijn met de verbinding, kunt u het
rapport raadplegen om het probleem te verhelpen.
Geavanceerde inst. Raadpleeg de Netwerkhandleiding voor meer details.
Epson Connect-
services
U kunt de Epson Connect of Google Could Print-service onderbreken of hervatten, of deze
annuleren met de services (herstellen van de fabrieksinstellingen).
Raadpleeg de portaalsite van Epson Connect voor meer informatie.
https://www.epsonconnect.com/
http://www.epsonconnect.eu (alleen Europa)
Printservices Google
Cloud
Faxinstellingen
Raadpleeg de lijst met menu's bij Faxinstellingen.
Algem. afdrukinst. Deze afdrukinstellingen worden toegepast wanneer u afdrukt via een extern apparaat zonder
gebruik te maken van de printerdriver.
Oset boven Hiermee past u de boven- of linkermarge van het papier aan.
Oset links
Oset boven achter Hiermee past u de boven- of linkermarge van het papier voor de
achterzijde van de pagina aan bij dubbelzijdig afdrukken.
Oset links achter
Contr.papierbreedte Hiermee controleert u de papierbreedte alvorens de afdruktaak te starten.
Hierdoor voorkomt u dat er over de randen van het papier afgedrukt wordt
als de papierformaatinstellingen niet juist zijn. Het afdrukken kan hierdoor
iets langer duren.
Droogtijd Selecteer de droogtijd bij dubbelzijdig afdrukken.
Lege pagina
overslaan
Hiermee worden lege pagina's in de afdrukgegevens automatisch
overgeslagen.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
23
Menu Instellingen en toelichting
Eco-modus De volgende instellingen voor de Eco-modus zijn beschikbaar. Als deze instellingen uitgeschakeld
zijn, worden de instellingen bij Algemene instellingen toegepast.
Congureren Slaaptimer Selecteer hoe lang het duurt voordat de printer
naar de slaapstand gaat (energiezuinige modus)
als er geen activiteiten worden uitgevoerd.
Het display gaat uit als deze tijd verstreken is.
Lcd-helderheid Hiermee past u de helderheid van het display
aan.
Dubblz.(kopie) Hiermee wordt dubbelzijdig afdrukken ingesteld
als standaard.
Standaardinst.
herstellen
Hiermee worden de geselecteerde instellingen teruggezet op de standaardwaarden.
Gerelateerde informatie
&
“Modus Kopiëren” op pagina 17
&
“Modus Scannen” op pagina 18
&
“Faxinstellingen” op pagina 24
Faxinstellingen
Selecteer Instellen > Faxinstellingen via het hoofdscherm.
Menu Instellingen en toelichting
Standaardinst.
gebr.
De instellingen in dit menu worden uw standaardinstellingen voor het verzenden van faxen. Meer
details over de instellingen vindt u in de lijst met menu's in de modus Fax.
Ontvangstinstelling
en
Ontvangstmodus Selecteer de ontvangstmodus.
DRD Als u zich bij uw telecomprovider hebt ingeschreven op een dienst met
specieke
beltonen, kunt u het belsignaal voor binnenkomende faxen
selecteren (of selecteer Aan).
Overgaan voor
antw.
Selecteer het aantal beltonen waarna de printer de fax automatisch moet
ontvangen. Selecteer "0" (nul) als u faxen zonder belsignaal wilt ontvangen.
Extern ontvangen Als u een inkomende fax beantwoordt met een telefoontoestel dat op de
printer aangesloten is, kunt u de fax ontvangen door de code van het
telefoontoestel in te voeren.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
24
Menu Instellingen en toelichting
Uitvoerinstellingen Faxuitvoer Hiermee worden ontvangen documenten opgeslagen in de inbox van de
printer of op een computer.
U moet instellingen congureren op de FAX Utility voordat u deze op een
computer opslaat.
Automatisch
beperken
Hiermee worden grote documenten verkleind zodat ze op het papierformaat
van de papierbron passen. Naargelang de ontvangen gegevens is dit soms
niet mogelijk. Als deze functie uitgeschakeld is, worden grote documenten
op hun oorspronkelijke grootte afgedrukt op meerdere pagina's, of wordt er
mogelijk een tweede lege pagina uitgeworpen.
Autom. draaien Draait automatisch om een A5-formaat af te drukken wanneer een liggend
document van A5-formaat wordt afgedrukt en de instelling voor de
papierbron op A5 staat.
Drukt op A4-papier af wanneer deze functie is uitgeschakeld.
Sorteerstapel Hiermee worden ontvangen documenten vanaf de laatste pagina afgedrukt
(aopende volgorde) zodat de afgedrukte documenten in de juiste volgorde
gestapeld worden. Als het geheugen van de printer bijna vol is, is deze
functie mogelijk niet beschikbaar.
Tijd uitstellen afdr.
Activeer deze functie en voer de Tijd tot stop. en Tijd herstart in om het
afdrukken van documenten die in deze periode ontvangen zijn, te stoppen
en ze in het geheugen op te slaan. Als het geheugen van de printer bijna vol
is, is deze functie mogelijk niet beschikbaar. Ontvangen documenten worden
automatisch afgedrukt na de herstarttijd. Deze functie kan gebruikt worden
om 's nachts het lawaai te beperken of om te voorkomen dat vertrouwelijke
documenten afgedrukt worden als u afwezig bent.
Afb. aan rapport
bev.
Drukt een Rapport transmissie af met een afbeelding van de eerste pagina
van het verzonden document.
Aan (grote afbeelding): Drukt het bovenste deel van de pagina af zonder te
verkleinen.
Aan (kleine afbeelding): Drukt de gehele pagina af en verkleint deze om in
het rapport te passen.
Faxlogboek auto
afdr.
Drukt automatisch het faxlogboek af.
Aan (elke 30): Drukt een logboek af na elke 30 voltooide faxtaken.
Aan (tijd): Drukt het logboek af op een opgegeven tijdstip. Als er echter meer
dan 30 faxtaken zijn geweest, wordt het logboek afgedrukt voordat de tijd
verstreken is.
Rapportindeling
Selecteer een opmaak voor faxrapporten, m.u.v. Protocol traceren. Selecteer
Detail om af te drukken met foutcodes.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
25
Menu Instellingen en toelichting
Basisinstellingen Faxsnelheid Selecteer de verzendsnelheid van de fax.
We raden aan om Langz.(9.600 b/s) te selecteren als er regelmatig een
communicatiefout optreedt, wanneer u berichten zendt/ontvangt naar/
vanuit het buitenland, of wanneer u een IP-service (VoIP) gebruikt.
ECM Corrigeert automatisch de fouten in faxen (Error Correction Mode), meestal
veroorzaakt door storingen op de telefoonlijn. Als deze functie uitgeschakeld
is, kunt u geen kleurendocumenten zenden en ontvangen.
Kiestoondetectie Detecteert een kiestoon alvorens het nummer te bellen.
Als de printer aangesloten is op een PBX (Private Branch Exchange) of digitale
telefoonlijn, kan de printer mogelijk geen nummer vormen. Wijzig in dat
geval het Lijntype naar PBX. Als dit niet helpt, schakelt u de functie uit. N.B.
Als u deze functie uitschakelt, wordt het eerste cijfer van het faxnummer
mogelijk overgeslagen waardoor het bericht naar een foutief nummer wordt
verzonden.
Kiesmodus Selecteer het telefoonsysteemtype waarop u de printer hebt aangesloten. Als
deze ingesteld is op Puls, kunt u de kiesmodus tijdelijk wijzigen van pulse
naar toon door op ("T" wordt ingevoerd) te drukken terwijl u de cijfers op
het scherm invoert. Deze instelling wordt mogelijk niet in alle regio's
weergegeven.
Lijntype Selecteer het telefoonlijntype waarop u de printer hebt aangesloten.
Raadpleeg voor meer details de pagina met de beschrijving van PBX.
Koptekst Voer de naam en het faxnummer van de afzender in. Deze gegevens
verschijnen als koptekst op uitgaande berichten.
U kunt tot 40 tekens invoeren voor uw naam en 20 cijfers voor uw
faxnummer.
Veiligheidsinstel. Wachtwoord
postvak IN
Selecteer een wachtwoord om de inbox te beveiligen.
Selecteer Wijzigen om het wachtwoord te wijzigen en selecteer Resetten
om de beveiliging te annuleren. Als u het wachtwoord wilt wijzigen of
opnieuw wilt instellen, hebt u het actuele wachtwoord nodig.
Auto back-upg
wissen
Faxdocumenten die via het bedieningspaneel van het display worden
verwijderd, worden tijdelijk opgeslagen in het geheugen. De volgende
functies verwijderen opgeslagen bestanden.
Auto back-upg wissen: Verwijdert back-ups automatisch telkens wanneer er
een verzonden of ontvangen document wordt verwijderd.
Back-upgeg. wissen: Verwijdert alle back-ups. Voer deze functie uit voordat u
de printer weggooit of aan iemand anders geeft.
Back-upgeg. wissen
Fax-aansl.
controleren
Controleert of de printer aangesloten is op een telefoonlijn en klaar is voor het ontvangen en
verzenden van faxen, en drukt het resultaat af op een gewoon A4-blad.
Wizard faxinstelling Hiermee congureert u de basisinstellingen voor faxen aan de hand van instructies op het scherm.
Raadpleeg de pagina met de beschrijving van de basis-faxinstellingen voor meer details.
Gerelateerde informatie
& “Modus Fax” op pagina 19
& “Ontvangen faxen opslaan” op pagina 81
& “Basisinstellingen voor faxberichten congureren” op pagina 72
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
26
Modus Contacten
Menu Beschrijving
Menu Registreert contactpersonen en een contactgroep, of drukt de contactpersonenlijst af.
Gebruikershandleiding
Basisprincipes van printer
27
Papier laden
Voorzorgsmaatregelen voor papierverwerking
Lees de instructiebladen die bij het papier worden geleverd.
Waaier papier en leg de stapel recht voor het laden. Fotopapier niet waaieren of buigen. Dit kan de afdrukzijde
beschadigen.
Als het papier omgekruld is, maakt u het plat of buigt u het vóór het laden lichtjes de andere kant op. Afdrukken
op omgekruld papier kan papierstoringen of vlekken op de afdruk veroorzaken.
Gebruik geen papier dat golvend, gescheurd, gesneden, gevouwen, vochtig, te dik of te dun is of papier met
stickers op. Het gebruik van deze papiersoorten kan papierstoringen of vlekken op de afdruk veroorzaken.
Waaier enveloppen en leg ze recht op elkaar voor het laden. Als de gestapelde enveloppen lucht bevatten, maakt
u ze plat om de lucht eruit te krijgen voordat ze worden geladen.
Gebruik geen omgekrulde of gevouwen enveloppen. Het gebruik van dergelijke enveloppen kan papierstoringen
of vlekken op de afdruk veroorzaken.
Gebruik geen enveloppen met zellevende oppervlakken of vensters.
Vermijd het gebruik van enveloppen die te dun zijn aangezien die kunnen omkrullen tijdens het afdrukken.
Gerelateerde informatie
& “Printer specicaties” op pagina 142
Gebruikershandleiding
Papier laden
28
Beschikbaar papier en capaciteiten
Epson raadt aan om origineel Epson-papier te gebruiken om afdrukken van hoge kwaliteit te krijgen.
Origineel Epson-papier
Algemene naam Grootte Laadcapaciteit
(vellen)
Dubbelzijdig
afdrukken
Randloos
afdrukken
Epson Bright White Ink Jet
Paper
A4 120 Auto,
Handmatig
*1
-
Epson Ultra Glossy Photo
Paper
A4, 13×18 cm, 10×15 cm
20
*2
-
Epson Premium Glossy
Photo Paper
A4, 13×18 cm, 16:9
breedbeeld, 10×15 cm
20
*2
-
Epson Premium Semigloss
Photo Paper
A4, 10×15 cm
20
*2
-
Epson Photo Paper Glossy A4, 13×18 cm, 10×15 cm
20
*2
-
Epson Matte Paper-
Heavyweight
A4 20 -
Epson Photo Quality Ink Jet
Paper
A4 80 - -
*1 U kunt tot 30 pagina's met één bedrukte zijde laden.
*2 Laad een pagina per keer als het papier niet goed geladen wordt of als de afdruk oneven kleuren of vlekken vertoond.
Opmerking:
De beschikbaarheid van papier verschilt per locatie. Neem contact op met Epson Support voor de recentste informatie
over beschikbaar papier in uw omgeving.
Wanneer u afdrukt op origineel Epson-papier op een gebruikergedenieerd formaat, zijn alleen de
printkwaliteitinstellingen Standaard of Normaal beschikbaar. Ook al laten sommige printerdrivers u een betere
printkwaliteit kiezen, dan wordt er nog steeds afgedrukt met Standaard of Normaal.
Commercieel beschikbaar papier
Algemene naam Grootte Laadcapaciteit
(vellen of
enveloppen)
Dubbelzijdig
afdrukken
Randloos
afdrukken
Gewoon papier
Kopieerpapier
Brief, A4, B5 Tot aan de lijn
onder het
symbool
d
aan
de binnenzijde
van de
zijgeleider.
Auto,
Handmatig
*1
-
A5, A6
Handmatig
*1
Legal 30
Handmatig
*2
Gebruikergedenieerd 1 Auto, Handmatig
Gebruikershandleiding
Papier laden
29
Algemene naam Grootte Laadcapaciteit
(vellen of
enveloppen)
Dubbelzijdig
afdrukken
Randloos
afdrukken
Envelop Envelop #10, Envelop DL,
Envelop C6
10 - -
*1 U kunt tot 30 pagina's met één bedrukte zijde laden.
*2 U kunt tot 1 pagina's met één bedrukte zijde laden.
Lijst met papiertypes
Selecteer het papiertype dat bij het papier past voor optimale afdrukresultaten.
Algemene naam Weergavenaam
Bedieningspaneel Printerdriver
Kopieerpapier, gewoon papier
Epson Bright White Ink Jet Paper
Gew.pap Gewoon papier
Epson Ultra Glossy Photo Paper Ultra Glossy Epson Ultra Glossy
Epson Premium Glossy Photo Paper Premium Glossy Epson Premium Glossy
Epson Premium Semigloss Photo
Paper
Premium Semigloss Epson Premium Semigloss
Epson Photo Paper Glossy Glossy Photo Paper Glossy
Epson Matte Paper-Heavyweight
Epson Photo Quality Ink Jet Paper
Matte Epson Matte
Envelop Enveloppe Enveloppe
Papier in de Papiercassette laden
1. Controleer of de printer niet in werking is en trek dan de papiercassette naar buiten.
Gebruikershandleiding
Papier laden
30
2. Zet de geleiders op de ruimste positie.
Opmerking:
Wanneer u papier gebruikt dat groter is dan het A4-formaat, maakt u de papiercassette groter.
3.
Schuif de voorste geleider naar het papierformaat dat u wilt gebruiken.
4. Met de te bedrukken zijde omlaag plaatst u het papier tegen de voorste geleider.
c
Belangrijk:
Zorg ervoor dat het papier niet verder komt dan het driehoekje aan het eind van de papiercassette.
Laad niet meer dan het maximale aantal pagina's voor de specieke papiersoort. Let er bij gewoon papier
op dat het niet boven de streep met het driehoekje op de zijgeleider komt.
Gebruikershandleiding
Papier laden
31
Enveloppen
Vooraf geperforeerd papier
Opmerking:
In volgende omstandigheden kunt u vooraf geperforeerd papier gebruiken. Automatisch dubbelzijdig afdrukken is niet
mogelijk met vooraf geperforeerd papier.
Laadcapaciteit: Eén vel
Beschikbare formaten: A4, B5, A5, A6, Letter, Legal
Perforatorgaten: Laad het papier niet met de perforatorgaten bovenaan of onderaan.
Pas de afdrukpositie van uw bestand aan zodat u niet over de perforatorgaten heen afdrukt.
5. Schuif de zijgeleiders tegen de randen van het papier aan.
6. Duw de papiercassette er helemaal in.
7. Stel op het bedieningspaneel het papierformaat en -type in voor het papier dat u in de papiercassette hebt
geladen.
Opmerking:
Selecteer Instellen > Papier instellen om het instellingenscherm met papierformaat en -type weer te geven.
Gebruikershandleiding
Papier laden
32
8. Schuif de uitvoerlade uit.
Gerelateerde informatie
& Voorzorgsmaatregelen voor papierverwerking” op pagina 28
& “Beschikbaar papier en capaciteiten” op pagina 29
Gebruikershandleiding
Papier laden
33
Originelen plaatsen
Plaats de originelen op de scannerglasplaat of de ADF. Gebruik de scannerglasplaat voor originelen die niet
worden ondersteund door de ADF.
Met de ADF kunt u meerdere originelen tegelijkertijd scannen.
Beschikbare originelen voor de ADF
Beschikbare papierformaten A4, Letter, Legal
Papiertype Gewoon papier
Papierdikte (papiergewicht) 64 tot 95 g/m
Laadcapaciteit A4, Letter: 30 bladen of 3 mm
Legal: 10 vellen
Vermijdt het gebruik van de volgende originelen in de ADF om storingen te voorkomen. Voor deze typen gebruikt
u de scannerglasplaat.
Originelen die gescheurd, gevouwen, gekreukeld, beschadigd of omgekruld zijn
Originelen met perforatorgaten
Originelen die bijeen worden gehouden met plakband, nietjes, paperclips enz.
Originelen met stickers of labels
Originelen die onregelmatig gesneden zijn of niet in de juiste lijn liggen
Originelen die aan elkaar gebonden zijn
Transparanten, thermisch papier of doordrukpapier
Originelen op de ADF plaatsen
1.
Lijn de randen van het papier uit.
2. Verschuif de geleider van de ADF.
Gebruikershandleiding
Originelen plaatsen
34
3. Plaats de originelen in de ADF met de te kopiëren zijde naar boven.
c
Belangrijk:
Let er bij het laden van de originelen op dat ze niet boven de streep net onder het symbool
d
aan de
binnenzijde van de ADF-geleider uitkomen.
Plaats tijdens het scannen geen nieuwe originelen.
4. Schuif de ADF-geleider tegen de randen van de originelen aan.
Gerelateerde informatie
& “Beschikbare originelen voor de ADF” op pagina 34
Originelen op de Scannerglasplaat plaatsen
!
Let op:
Pas bij het sluiten van het deksel op dat uw vingers niet klem komen te zitten. Anders kunt u zich verwonden.
c
Belangrijk:
Plaatst u omvangrijke originelen zoals boeken, zorg er dan voor dat er geen extern licht op de scannerglasplaat
schijnt.
Gebruikershandleiding
Originelen plaatsen
35
1. Open het documentdeksel.
2.
Verwijder stof en vlekken van de scannerglasplaat.
3. Plaats het origineel met de bedrukte zijde omlaag en duw het tegen de hoekmarkering.
Opmerking:
De eerste 1,5 mm vanaf de rand van de scannerglasplaat wordt niet gescand.
Als er originelen in de ADF en op de scannerglasplaat zijn geplaatst, wordt er prioriteit gegeven aan de originelen in
de ADF.
4. Sluit het deksel voorzichtig.
Opmerking:
Verwijder de originelen na het scannen of kopiëren. Als u de originelen langdurig op de scannerglasplaat laat liggen,
kunnen ze aan het oppervlak van het glas kleven.
Gebruikershandleiding
Originelen plaatsen
36
Afdrukken
Afdrukken vanaf een computer
Basisprincipes van printer - Windows
Opmerking:
Zie de online-Help voor een uitleg van de items voor instellingen. Rechtsklik op een item en klik dan op Help.
Bewerkingen kunnen aankelijk van de toepassing verschillen. Zie de Help van de toepassing voor meer informatie.
1. Laad papier in de printer.
c
Belangrijk:
Congureer de instellingen voor het papier op het bedieningspaneel.
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3.
Selecteer Afdrukken of Printerinstelling in het menu Bestand.
4. Selecteer uw printer.
5. Selecteer Vo or ke ur en of Eigenschappen om het venster van de printerdriver te openen.
6. Stel het volgende in.
documentformaat: Selecteer het papierformaat dat u in de printer hebt geplaatst.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
37
Randloos: Selecteer deze optie om af te drukken zonder marges rond de aeelding.
Afdrukstand: Selecteer de afdrukstand die u in de toepassing hebt ingesteld.
Papiertype: Selecteer het type papier dat u hebt geladen.
Kleur: Selecteer Grijswaarden wanneer u in zwart-wit of grijstinten wilt afdrukken.
Opmerking:
Als u gegevens met hoge dichtheid afdrukt op gewoon papier, briefpapier of voorgedrukt papier, selecteer dan
Standaard - Levendig als Kwaliteit instelling om uw afdruk levendig te maken.
Selecteer de instelling Liggend als Afdrukstand voor het afdrukken op enveloppen.
7. Klik op OK om het venster van de printerdriver te sluiten.
8. Klik op Afdrukken.
Gerelateerde informatie
& “Beschikbaar papier en capaciteiten” op pagina 29
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Lijst met papiertypes” op pagina 30
Basisprincipes van printer - Mac OS X
Opmerking:
De werking varieert naargelang de toepassing. Zie de Help van de toepassing voor meer informatie.
Gebruik de toepassing om de gegevens 180 graden te draaien voor het afdrukken op enveloppen. Zie de Help van de
toepassing voor meer informatie.
1. Laad papier in de printer.
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
38
3. Selecteer Afdrukken in het menu Bestand of een andere opdracht om het afdrukdialoogvenster te openen.
Klik indien nodig op Toon de ta ils of
d
om het afdrukvenster te vergroten.
4. Stel het volgende in.
Printer: Selecteer uw printer.
Preset: Kies wanneer u de opgeslagen instellingen wilt gebruiken.
Papierformaat: Selecteer het papierformaat dat u in de toepassing hebt ingesteld.
Selecteer een 'randloos' papierformaat voor het afdrukken zonder marges.
Afdrukstand: Selecteer de afdrukstand die u in de toepassing hebt ingesteld.
Opmerking:
Selecteer de liggende afdrukstand voor het afdrukken op enveloppen.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
39
5. Selecteer Printerinstellingen in het venstermenu.
Opmerking:
Als in Mac OS X v10.8.x of later het menu Printerinstellingen niet wordt weergegeven, is de Epson-printerdriver fout
geïnstalleerd.
Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu
> Printers en scanners (of Afdrukken en scannen, Afdrukken en
scannen), verwijder de printer en voeg de printer opnieuw toe. Zie het volgende om een printer toe te voegen.
http://epson.sn
6. Stel het volgende in.
Afdrukmateriaal: Selecteer het type papier dat u hebt geladen.
Uitbreiding: Beschikbaar wanneer het randloos papierformaat is geselecteerd.
Bij het randloos afdrukken worden de afdrukgegevens enigszins vergroot ten opzichte van het
papierformaat. Dit zorgt ervoor dat er geen marges over de randen van het papier worden afgedrukt.
Selecteer de mate van vergroting.
Grijswaarden: Selecteer om af te drukken in zwart of grijswaarden.
7. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
& “Beschikbaar papier en capaciteiten” op pagina 29
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Lijst met papiertypes” op pagina 30
Gebruikershandleiding
Afdrukken
40
Dubbelzijdig afdrukken
U kunt een van de volgende methoden gebruiken om aan beide zijden van het papier af te drukken.
Automatisch dubbelzijdig afdrukken
Handmatig dubbelzijdig afdrukken (alleen Windows)
Wanneer de printer de eerste zijde hee afgedrukt, draait u het papier om om aan de andere zijde af te drukken.
U kunt ook een brochure afdrukken. (Uitsluitend voor Windows)
Opmerking:
Deze functie is niet beschikbaar voor randloos afdrukken.
Als u papier gebruikt dat eigenlijk niet geschikt is voor dubbelzijdig afdrukken, kan het papier vastlopen en de
afdrukkwaliteit minder zijn.
Aankelijk
van het papier en de hoeveelheid inkt die wordt gebruikt om tekst en
aeeldingen
af te drukken, kan de inkt
vlekken veroorzaken op de andere zijde van het papier.
Gerelateerde informatie
& “Beschikbaar papier en capaciteiten” op pagina 29
Dubbelzijdig afdrukken - Windows
Opmerking:
Handmatig dubbelzijdig afdrukken is beschikbaar wanneer EPSON Status Monitor 3 ingeschakeld is. Is EPSON Status
Monitor 3 uitgeschakeld, ga dan naar de printerdriver, klik op Extra instellingen op het tabblad Hulpprogramma's en
selecteer EPSON Status Monitor 3 inschakelen.
Handmatig dubbelzijdig afdrukken is mogelijk niet beschikbaar wanneer de printer via een netwerk of als gedeelde
printer wordt gebruikt.
1. Laad papier in de printer.
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3. Open het venster van de printerdriver.
4. Selecteer Automatisch (binden langs lange zijde), Automatisch (binden langs korte zijde), Handmatig
(binden langs lange zijde), of Handmatig (binden langs korte zijde) bij Dubbelzijdig afdrukken op het
tabblad Hoofdgroep.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
41
5. Klik op Instellingen, congureer de instellingen en klik op OK.
Opmerking:
Selecteer Boekje om een gevouwen boekje af te drukken.
6. Klik op Afdrukdichtheid, selecteer het documenttype in Documenttype selecteren, en klik vervolgens op
OK.
De printerdriver stelt automatisch de opties voor Aanpassingen in voor dat documenttype.
Opmerking:
Afdrukken kan langzaam zijn
aankelijk
van de opties die u gecombineerd hebt voor Documenttype selecteren in
het venster Afdrukdichtheid aanpassen en voor Kwaliteit op het tabblad Hoofdgroep.
De instelling Afdrukdichtheid aanpassen is niet beschikbaar voor handmatig dubbelzijdig afdrukken.
7.
Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik dan op OK.
8. Klik op Afdrukken.
Wanneer bij handmatig dubbelzijdig afdrukken de eerste zijde klaar is, verschijnt een pop-upvenster op de
computer. Volg de instructies op het scherm.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Basisprincipes van printer - Windows” op pagina 37
Dubbelzijdig afdrukken - Mac OS X
1. Laad papier in de printer.
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3. Open het afdrukdialoogvenster.
4. Selecteer Inst. dubbelzijdig afdr. in het venstermenu.
5.
Selecteer de bindingen en Documenttype.
Opmerking:
Het afdrukken kan traag verlopen naargelang de instellingen van Documenttype.
Als u iets met een hoge gegevensdichtheid afdrukt, zoals foto's of
graeken,
selecteert u Tekst en
aeeldingen
of
Tekst en foto's als de instelling voor Documenttype. Als de aeelding vlekken vertoont of doorloopt naar de
achterkant, past u de afdrukdichtheid en de droogtijd voor de inkt aan door op de pijl te klikken naast
Aanpassingen.
6.
Congureer indien nodig andere instellingen.
7. Klik op Afdrukken.
Gerelateerde informatie
&
“Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Basisprincipes van printer - Mac OS X” op pagina 38
Gebruikershandleiding
Afdrukken
42
Meerdere pagina's op één vel afdrukken
U kunt twee of vier pagina's met gegevens op één vel papier afdrukken.
Meerdere pagina's op één vel afdrukken - Windows
Opmerking:
Deze functie is niet beschikbaar voor randloos afdrukken.
1.
Laad papier in de printer.
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3. Open het venster van de printerdriver.
4. Selecteer 2 per vel of 4 per vel als de instelling voor Meerdere pagina's op het tabblad Hoofdgroep.
5. Klik op Pag.volgorde,
congeer
de toepasselijke instellingen en klik vervolgens op OK om het venster te
sluiten.
6.
Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik dan op OK.
7. Klik op Afdrukken.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Basisprincipes van printer - Windows” op pagina 37
Meerdere pagina's op één vel afdrukken - Mac OS X
1. Laad papier in de printer.
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3.
Open het afdrukdialoogvenster.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
43
4. Selecteer Lay-out in het venstermenu.
5. Stel het aantal pagina's in Pagina's per vel, de Richting van indeling (paginavolgorde) en Randen.
6.
Congureer
indien nodig andere instellingen.
7. Klik op Afdrukken.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Basisprincipes van printer - Mac OS X” op pagina 38
Afdruk aanpassen aan papierformaat
U kunt de afdruk aanpassen aan het papierformaat dat u in de printer hebt geladen.
Afdruk aanpassen aan papierformaat - Windows
Opmerking:
Deze functie is niet beschikbaar voor randloos afdrukken.
1. Laad papier in de printer.
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3. Open het venster van de printerdriver.
4. Congureer de volgende instellingen op het tabblad Meer opties.
documentformaat: Selecteer het papierformaat dat u in de toepassing hebt ingesteld.
Uitvoerpapier: Selecteer het papierformaat dat u in de printer hebt geplaatst.
Volledige pag ina wordt automatisch geselecteerd.
Opmerking:
Als u een verkleinde aeelding wenst af te drukken in het midden van de pagina, selecteer dan Centreren.
5. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik dan op OK.
6.
Klik op Afdrukken.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
44
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Basisprincipes van printer - Windows” op pagina 37
Afdruk aanpassen aan papierformaat - Mac OS X
1.
Laad papier in de printer.
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3. Open het afdrukdialoogvenster.
4.
Selecteer het papierformaat van het papier dat u in de toepassing als Papierformaat hebt ingesteld.
5. Selecteer Papierverwerking in het venstermenu.
6. Selecteer Aanpassen aan papierformaat.
7. Selecteer het papierformaat dat u in de printer hebt geplaatst als de instelling voor Destination Paper Size.
8.
Congureer
indien nodig andere instellingen.
9. Klik op Afdrukken.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Basisprincipes van printer - Mac OS X” op pagina 38
Meerdere bestanden samen afdrukken (alleen voor Windows)
Met Taken indelen Lite kunt u meerdere bestanden die door verschillende toepassingen zijn gemaakt combineren
en als één afdruktaak afdrukken. U kunt de afdrukinstellingen, zoals lay-out, afdrukvolgorde en oriëntatie, voor
gecombineerde bestanden
congureren.
1. Laad papier in de printer.
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3.
Open het venster van de printerdriver.
4. Selecteer Taken indelen Lite op het tabblad Hoofdgroep.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
45
5. Klik op OK om het venster van de printerdriver te sluiten.
6. Klik op Druk af.
Het venster Taken indelen Lite wordt weergegeven en de afdruktaak wordt aan het Afdrukproject
toegevoegd.
7. Open het bestand dat u met het huidige bestand wilt combineren terwijl het venster Taken indelen Lite
openstaat. Herhaal vervolgens stap 3 t/m 6.
Opmerking:
Als u het venster Take n ind elen Lite sluit, wordt het niet opgeslagen Afdrukproject verwijderd. Selecteer Opslaan
in het menu Bestand om op een later tijdstip af te drukken.
Als u een Afdrukproject dat is opgeslagen in Taken in de le n Li te wilt openen, klikt u op Take n indelen Lite op het
tabblad Hulpprogramma's van de printerdriver. Selecteer vervolgens Openen in het menu Bestand om het bestand
te selecteren. De bestandsextensie van de opgeslagen bestand is "ecl".
8. Selecteer de menu's Lay-out en Bewerken in Taken indelen Lite om de Afdrukproject indien nodig aan te
passen. Raadpleeg de Help-functie van de Taken indelen Lite voor details.
9. Selecteer Afdrukken in het menu Bestand.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Basisprincipes van printer - Windows” op pagina 37
Eén afbeelding afdrukken op meerdere vellen om een poster te
maken (alleen voor Windows)
Met deze functie kunt u één aeelding afdrukken op meerdere vellen papier. U kunt een grotere poster maken
door ze samen te plakken.
Opmerking:
Deze functie is niet beschikbaar voor randloos afdrukken.
1. Laad papier in de printer.
2. Open het bestand dat u wilt afdrukken.
3. Open het venster van de printerdriver.
4.
Selecteer 2x1 Poster, 2x2 Poster, 3x3 Poster of 4x4 Poster bij Meerdere pagina's in het tabblad Hoofdgroep.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
46
5. Klik op Instellingen, congureer de instellingen en klik op OK.
Opmerking:
Snijlijnen afdrukken met deze optie kunt u een snijlijn afdrukken.
6. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik dan op OK.
7. Klik op Druk af.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Basisprincipes van printer - Windows” op pagina 37
Posters maken met behulp van Overlappende uitlijningstekens
In dit voorbeeld ziet u hoe u een poster maakt wanneer 2x2 Poster geselecteerd is en Overlappende
uitlijningstekens geselecteerd is bij Snijlijnen afdrukken.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
47
1. Prepareer Sheet 1 en Sheet 2. Knip de marges van Sheet 1 langs de verticale blauwe lijn door het midden van
de kruisjes boven en onder.
2. Plaats de rand van Sheet 1 op Sheet 2 en lijn de kruisjes uit. Plak de twee vellen aan de achterkant voorlopig
aan elkaar vast.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
48
3. Knip de vastgeplakte vellen in twee langs de verticale rode lijn door de uitlijningstekens (ditmaal door de lijn
links van de kruisjes).
4. Plak de vellen aan de achterkant aan elkaar.
5. Herhaal stap 1 t/m 4 om Sheet 3 en Sheet 4 aan elkaar te plakken.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
49
6. Knip de marges van Sheet 1 en Sheet 2 angs de horizontale blauwe lijn door het midden van de kruisjes aan de
linker- en rechterkant.
7. Plaats de rand van Sheet 1 en Sheet 2 op Sheet 3 en Sheet 4 en lijn de kruisjes uit. Plak de vellen dan voorlopig
aan de achterkant aan elkaar.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
50
8. Knip de vastgeplakte vellen in twee langs de horizontale rode lijn door de uitlijningstekens (ditmaal door de
lijn boven de kruisjes).
9. Plak de vellen aan de achterkant aan elkaar.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
51
10. Knip de resterende marges af langs de buitenste lijn.
Geavanceerde functies gebruiken voor afdrukken
In deze sectie worden verschillende aanvullende afdruk- en lay-outfuncties beschreven die in de printerdriver
beschikbaar zijn.
Gerelateerde informatie
& “Windows-printerdriver” op pagina 106
& “Mac OS X-printerdriver” op pagina 108
Eenvoudig afdrukken met voorkeursinstellingen
Als u uw eigen preset maakt van vaak gebruikte instellingen, kunt u snel afdrukken door deze preset in de lijst te
selecteren.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
52
Windows
Stel items in zoals documentformaat en Papiertype op het tabblad Hoofdgroep of Meer opties, en klik dan op
Voorinstellingen toevoegen/verwijderen in Voorkeursinstellingen.
Opmerking:
Als u een toegevoegde voorinstelling wilt verwijderen, klikt u op Voorinstellingen toevoegen/verwijderen, waarna u de
naam selecteert van de desbetreende voorinstelling en deze verwijdert.
Mac OS X
Open het afdrukvenster. Om uw eigen preset toe te voegen, stel Papierformaat en Afdrukmateriaal in en sla dan
de actuele instellingen op als preset in de Presets instelling.
Opmerking:
Als u een toegevoegde voorinstelling wilt verwijderen, klikt u op Voorinstellingen > Vo or in stel ling en ton en , waarna u de
naam selecteert van de desbetreende voorinstelling en deze verwijdert.
Een verkleind of vergroot document afdrukken
U kunt het formaat van een document met een speciek percentage verkleinen of vergroten
Windows
Opmerking:
Deze functie is niet beschikbaar voor randloos afdrukken.
Stel documentformaat in op het tabblad Meer opties. Selecteer Ver k lein/verg root do cument, Zoomen naar en
voer vervolgens een percentage in.
Mac OS X
Opmerking:
De werking varieert naargelang de toepassing. Zie de Help van de toepassing voor meer informatie.
Selecteer Pagina-instelling (of Afdrukken) vanaf het menu Bestand. Selecteer de printer in Opmaak voor, stel
het papierformaat in en voer dan een percentage in bij Schaal. Sluit het venster en druk de volgende
basisafdrukinstructies af.
De afdrukkleur aanpassen
U kunt de kleuren die voor de afdruktaak worden gebruikt, aanpassen.
Met PhotoEnhance krijgt u scherpere, levendigere kleuren, omdat contrast, verzadiging en helderheid van de
originele beeldgegevens automatisch worden aangepast.
Opmerking:
Deze aanpassingen worden niet op de originele gegevens toegepast.
PhotoEnhance past de kleur aan door de locatie van het onderwerp te analyseren. Als u de locatie van het onderwerp
hebt gewijzigd door verkleinen, vergroten, bijsnijden of roteren, kan de kleur onverwacht veranderen. Wanneer u de
instelling voor randloos selecteert, wordt de locatie van het onderwerp ook gewijzigd, wat in kleurwijzigingen resulteert.
Als de
aeelding
niet scherpgesteld is, is de kleurtoon mogelijk onnatuurlijk. Als de kleur is gewijzigd of onnatuurlijk is
geworden, druk dan niet in PhotoEnhance maar in een andere modus af.
Windows
Selecteer de methode voor de kleurcorrectie onder Kleurcorrectie op het tabblad Meer opties.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
53
Als u Automatisch selecteert, worden de kleuren automatisch aangepast volgens de instellingen voor het
papiertype en de afdrukkwaliteit. Als u Aangepast selecteert en op Geavanceerd klikt, kunt u uw eigen
instellingen opgeven.
Mac OS X
Open het afdrukdialoogvenster. Selecteer Kleuren aanpassen in het snelmenu en selecteer vervolgens EPSON
Kleurencontrole. Selecteer Kleurenopties in het snelmenu en selecteer dan één van de beschikbare opties. Klik op
de pijl naast Extra instellingen en kies de juiste instellingen.
Een anti-kopieerpatroon afdrukken (uitsluitend voor Windows)
U kunt op documenten onzichtbare letters afdrukken, zoals "Kopie". Deze letters verschijnen wanneer het
document gekopieerd wordt zodat de kopieën onderscheiden kunnen worden van het origineel. U kunt ook uw
eigen anti-kopieerpatroon toevoegen.
Opmerking:
Deze functie is alleen beschikbaar als volgende instellingen geselecteerd zijn.
Papiertype: Gewoon papier
Kwaliteit: Standaard
Dubbelzijdig afdrukken: Uitgeschakeld
Randloos afdrukken: Uitgeschakeld
Kleurcorrectie: Automatisch
Klik op Wate rm erk fun ct ie s in het tabblad Meer opties en selecteer daar een anti-kopieerpatroon. Klik op
Instellingen om details te wijzigen zoals het formaat en de dichtheid.
Een watermerk afdrukken (alleen voor Windows)
U kunt een watermerk, zoals bijvoorbeeld 'Vertrouwelijk', op uw documenten afdrukken. U kunt ook uw eigen
watermerk toevoegen.
Opmerking:
Deze functie is niet beschikbaar voor randloos afdrukken.
Klik op Wate rm erk fun ct ie s in het tabblad Meer opties en selecteer daar een watermerk. Klik op Instellingen om
details te wijzigen zoals de dichtheid en positie van het watermerk.
Een kop- en voettekst afdrukken (uitsluitend voor Windows)
U kunt in een kop- of voettekst de gebruikersnaam en afdrukdatum afdrukken.
Klik op Wate rm erk fun ct ie s in het tabblad Meer opties en selecteer daar Koptekst/voettekst. Klik op Instellingen
en selecteer de gewenste items in de vervolgkeuzelijst.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
54
Foto's afdrukken met Epson Easy Photo Print
Epson Easy Photo Print maakt het mogelijk om heel eenvoudig een lay-out te maken voor het afdrukken van uw
foto's op verschillende soorten papier. Zie de Help van de toepassing voor meer informatie.
Opmerking:
Wanneer u afdrukt op origineel Epson-fotopapier, wordt de inktkwaliteit gemaximaliseerd en krijgt u levendige en
scherpe afdrukken.
Als u randloos wilt afdrukken met een in de handel verkrijgbaar sowarepakket, congureert u de volgende instellingen.
Laat uw gegevens het papierformaat volledig vullen. Als u in de toepassing die u gebruikt een marge kunt instellen,
stel de marge dan in op 0 mm.
Schakel in de printerdriver de instelling voor randloos afdrukken in.
Gerelateerde informatie
& “Beschikbaar papier en capaciteiten” op pagina 29
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& Epson Easy Photo Print” op pagina 111
Afdrukken met Smart Devices
Epson iPrint gebruiken
Epson iPrint is een toepassing waarmee u foto's, documenten en webpagina's kunt afdrukken vanaf uw smart-
apparaten, zoals smartphones of tablets. U kunt lokaal afdrukken (afdrukken vanaf een smart-apparaat dat
verbinding hee met hetzelfde draadloze netwerk als uw printer) of afdrukken op afstand (via internet afdrukken
vanaf een externe locatie). Registreer uw printer bij de service Epson Connect om op afstand af te drukken.
Gerelateerde informatie
& “De service van Epson Connect” op pagina 104
Epson iPrint installeren
U kunt Epson iPrint op uw smart-apparaat installeren door op de volgende link te klikken of de QR-code te
scannen.
http://ipr.to/c
Gebruikershandleiding
Afdrukken
55
Afdrukken met Epson iPrint
Voer Epson iPrint uit vanaf uw smart-apparaat en selecteer op het startscherm het item dat u wilt gebruiken.
De volgende aeeldingen zijn aan veranderingen onderhevig zonder voorafgaande kennisgeving.
A
Het startscherm wordt weergegeven wanneer de toepassing start.
B
Biedt informatie over het instellen van de printer en een lijst met veelgestelde vragen.
C
Geeft het scherm weer waar u de printer selecteert en de printerinstellingen congureert. Wanneer u de
printer heeft geselecteerd, hoeft u deze de volgende keer niet meer opnieuw te selecteren.
D
Selecteer wat u wilt afdrukken zoals foto's, documenten en webpagina's.
E
Geeft het scherm weer om printerinstellingen te congureren zoals het papierformaat en -type.
F
Geeft de geselecteerde foto's en documenten weer.
G
Start het afdrukken.
Opmerking:
Als u vanuit het documentmenu wilt afdrukken met iPhone, iPad, en iPod touch op iOS, start u Epson iPrint na het
overbrengen van het document dat u wilt afdrukken wanneer u wilt afdrukken met de functie voor het delen van bestanden
in iTunes.
Afdrukken door een smart device tegen de NFC-label te houden
U kunt automatisch verbinding maken tussen de printer en uw smart device en afdrukken door de NFC-antenne
van een smart device met Android 4.0 of later en ondersteuning voor NFC (Near Field Communication) tegen de
NFC-label van de printer aan te houden.
De locatie van de NFC-antenne verschilt per smart device. Raadpleeg de documentatie van uw smart device voor
meer informatie.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
56
c
Belangrijk:
Controleer of de Simple AP-modus voor Wi-Fi Direct geactiveerd is. Raadpleeg de Netwerkhandleiding voor
meer details.
Schakel NFC in op uw smart device.
Zorg ervoor dat Epson iPrint op uw smart device geïnstalleerd is. Zo niet, dan houdt u de NFC-antenne van uw
smart device tegen de NFC-label van de printer en installeert u het.
Opmerking:
Als de printer nog steeds niet met uw smart device communiceert nadat u de antenne tegen de tag hebt gehouden, moet u
mogelijk de positie van uw smart device aanpassen voor u het opnieuw probeert.
Als er zich obstakels tussen de NFC-label en de NFC-antenne van het smart device bevinden, kan de printer mogelijk niet
met uw smart device communiceren.
Deze functie maakt gebruik van de Simple AP-modus van Wi-Fi Direct om verbinding te maken met de printer. U kunt
tot vier apparaten tegelijk op de printer aangesloten hebben. Raadpleeg de Netwerkhandleiding voor meer details.
Als u het wachtwoord voor Wi-Fi Direct in de Simple AP-modus hebt gewijzigd, kunt u deze functie niet gebruiken. Haal
het oorspronkelijke wachtwoord terug als u deze functie wilt gebruiken.
1. Laad papier in de printer.
2. Houd de NFC-antenne van uw smart device tegen de NFC-label van de printer aan.
Epson iPrint wordt gestart.
3. Op het startscherm van Epson iPrint houdt u de NFC-antenne van uw smart device nogmaals tegen de NFC-
label van de printer aan.
De printer en uw smart device zijn nu met elkaar verbonden.
4. Open de aeelding die u wilt afdrukken.
5. Houd de NFC-antenne van uw smart device nogmaals tegen de NFC-label van de printer aan.
De afdruktaak wordt gestart.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
57
AirPrint gebruiken
AirPrint maakt het mogelijk om meteen draadloos af te drukken vanaf een iPhone, iPaden iPod touch met de
meest recente versie vaniOS, of een Mac met daarop de meest recente versie van OS X.
1. Laad papier in uw apparaat.
2.
Stel uw apparaat correct in om draadloos afdrukken mogelijk te maken. Raadpleeg de onderstaande koppeling.
http://epson.sn
3.
Verbind uw Apple-toestel met hetzelfde draadloze netwerk dat uw apparaat gebruikt.
4. Druk vanaf uw toestel af op uw apparaat.
Opmerking:
Raadpleeg voor meer informatie de pagina over AirPrint op de Apple-website.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
Afdrukken annuleren
Opmerking:
In Windows kunt u een afdruktaak niet via de computer annuleren als deze volledig naar de printer verzonden is. In dit
geval moet u de afdruktaak via het bedieningspaneel op de printer zelf annuleren.
Wanneer u verschillende pagina's afdrukt via Mac OS X, kunt u niet alle taken annuleren via het bedieningspaneel. In dit
geval moet u de afdruktaak op de computer zelf annuleren.
Als u een afdruktaak vanuit Mac OS X v10.6.8 via het netwerk hebt verzonden, kunt u het afdrukken mogelijk niet via
de computer annuleren. In dit geval moet u de afdruktaak via het bedieningspaneel op de printer zelf annuleren.
Afdrukken annuleren — Printertoets
Druk op
y
om de actieve afdruktaak te annuleren.
Afdrukken annuleren - Windows
1. Open het venster van de printerdriver.
Gebruikershandleiding
Afdrukken
58
2. Selecteer de tab Hulpprogramma's.
3. Klik op Wac ht rij .
4.
Klik met de rechtermuisknop op de taak die u wilt annuleren en selecteer Annuleren.
Gerelateerde informatie
& “Windows-printerdriver” op pagina 106
Afdrukken annuleren - Mac OS X
1. Klik op het printerpictogram in het Dock.
2.
Selecteer de taak die u wilt annuleren.
3. Annuleer de taak.
Mac OS X v10.8.x of later
Klik op
naast de voortgangsbalk.
Mac OS X v10.6.8 tot v10.7.x
Klik op Ve r wij de ren .
Gebruikershandleiding
Afdrukken
59
Kopiëren
1. Laad papier in de printer.
2. Plaats de originelen.
3. Ga naar de modus Kopiëren via het hoofdscherm.
4. Voer het aantal exemplaren in via de cijfertoetsen.
5. Druk op Indeling en selecteer dan de geschikte lay-out.
6. Congureer andere instellingen indien nodig. U kunt gedetailleerde instellingen congureren door op Instel.
te drukken.
Opmerking:
Druk op Voorbeeld voor een voorbeeld van de kopieerresultaten. U kunt geen voorbeeld weergeven als u de originelen
op de ADF hebt geplaatst.
7.
Druk op de knop
x
.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Originelen plaatsen” op pagina 34
& “Modus Kopiëren” op pagina 17
Gebruikershandleiding
Kopiëren
60
Scannen
Scannen via het bedieningspaneel
Scannen naar Cloud
U kunt gescande bestanden naar cloud-diensten sturen met Epson Connect.
Zie de Epson Connect-portalsite voor meer informatie.
https://www.epsonconnect.com/
http://www.epsonconnect.eu (alleen Europa)
Gerelateerde informatie
&
“Modus Scannen” op pagina 18
Scannen naar een computer
c
Belangrijk:
Zorg ervoor dat u EPSON Scan en Epson Event Manager op uw computer hebt geïnstalleerd voordat u deze functie
gebruikt.
1.
Plaats de originelen.
2. Ga naar de modus Scannen via het hoofdscherm.
3. Selecteer Computer.
4.
Selecteer de computer waarop u de gescande aeeldingen wilt opslaan.
Opmerking:
Met Epson Event Manager kunt u veelgebruikte scaninstellingen toepassen zoals het documenttype, de map waarin
wordt opgeslagen of de opslagindeling.
Als de printer met een netwerk is verbonden, kunnen er tot 20 computers worden weergegeven op het
bedieningspaneel van de printer.
Als de computer waarop u het gescande bestand wilt opslaan, is gedetecteerd, worden de eerste 15 tekens van de
computernaam weergegeven op het bedieningspaneel. Als u een netwerkscannaam instelt Epson Event Manager,
wordt deze weergegeven op het bedieningspaneel.
5. Selecteer Indeling en vervolgens de gewenste bestandsindeling.
6. Druk op de knop
x
.
Het gescande bestand wordt opgeslagen.
Gerelateerde informatie
& “Originelen plaatsen” op pagina 34
Gebruikershandleiding
Scannen
61
& Epson Event Manager” op pagina 109
& “Modus Scannen” op pagina 18
Scannen naar een computer (WSD)
Opmerking:
Deze functie is uitsluitend beschikbaar voor computers met Windows 10/Windows 8.1/Windows 8/Windows 7/Windows
Vi s t a .
Als u Windows 7/Windows Vistagebruikt, moet u eerst uw computer instellen voordat u deze functie kunt gebruiken.
Raadpleeg de Netwerkhandleiding voor meer details.
1. Plaats de originelen.
Opmerking:
Als u meerdere originelen wilt scannen, plaatst u alle originelen op de ADF.
2. Ga naar Scannen vanaf het hoofdscherm.
3. Selecteer Computer (WSD).
4. Selecteer een computer.
5. Druk op de
x
-knop.
Gerelateerde informatie
& “Originelen plaatsen” op pagina 34
Scannen vanaf een computer
Scan met de scannerdriver "EPSON Scan". Raadpleeg de help van EPSON Scan voor een uitleg van de items voor
instellingen.
Scannen in Kantoormodus
U kunt snel veel tekstdocumenten scannen.
1. Plaats de originelen.
Opmerking:
Als u een ADF gebruikt, laadt u alleen de eerste pagina van het origineel waarvan u een voorbeeld wilt weergeven.
2. Start EPSON Scan.
Gebruikershandleiding
Scannen
62
3. Selecteer Kantoormodus in het menu Modus.
4. Congureer de volgende instellingen op het tabblad Hoofdinstellingen.
Documentbron: Selecteer de documentbron waar u het origineel hebt geladen.
Grootte: Selecteer de grootte van uw origineel.
Beeldtype: Selecteer het aeeldingstype dat u wilt scannen.
Resolutie: Selecteer de resolutie van de aeelding die u wilt scannen.
5. Klik op Voor be el ds c an .
Het voorbeeldvenster wordt geopend.
Opmerking:
Als u een ADF gebruikt, laadt u het volledige origineel, inclusief het origineel waarvan u een voorbeeld hebt
weergegeven.
6. Bevestig het voorbeeld en pas de instellingen indien nodig aan op het tabblad Beeldaanpassing.
Opmerking:
U kunt de aeelding wijzigen, door bijvoorbeeld tekstverbeteringen aan te brengen.
7. Klik op Scannen.
8. Klik op Instellingen voor Bewaar bestand,
congureer
de instellingen en klik op OK.
De gescande aeelding wordt in de gespeciceerde map opgeslagen.
Gebruikershandleiding
Scannen
63
Opmerking:
Als u PDF selecteert als Beeldformaat instelling, kunt u een wachtwoord instellen om het bestand te beveilgen. Klik op
Opties, selecteer Beveiliging en congureer dan de toepasselijke instellingen.
Gerelateerde informatie
&
“Originelen plaatsen” op pagina 34
& “EPSON Scan (scannerstuurprogramma)” op pagina 109
Scannen in Professionele modus
U kunt
aeeldingen
scannen en de kwaliteit en kleur aanpassen. Deze modus wordt aanbevolen voor
geavanceerde gebruikers.
1. Plaats de originelen.
Opmerking:
Als u een ADF gebruikt, laadt u alleen de eerste pagina van het origineel waarvan u een voorbeeld wilt weergeven.
2. Start EPSON Scan.
Gebruikershandleiding
Scannen
64
3. Selecteer Professionele modus in het menu Modus.
4.
Stel het volgende in.
Documentbron: Selecteer de documentbron waar u het origineel hebt geladen.
Automatische belichting: Selecteer het blootstellingstype voor uw origineel.
Beeldtype: Selecteer het aeeldingstype dat u wilt scannen.
Resolutie: Selecteer de resolutie van de aeelding die u wilt scannen.
Doelgrootte: Selecteer de gewenste uitvoergrootte.
Gebruikershandleiding
Scannen
65
5. Klik op Voor be el ds c an .
Het voorbeeldvenster wordt geopend.
Opmerking:
Als u een ADF gebruikt, laadt u het volledige origineel, inclusief het origineel waarvan u een voorbeeld hebt
weergegeven.
6. Controleer het voorbeeld en pas indien nodig de
aeelding
aan.
Opmerking:
U kunt de kleur, scherpte en het contrast van de aeelding aanpassen.
7. Klik op Scannen.
8. Klik op Instellingen voor Bewaar bestand,
congureer
de instellingen en klik op OK.
De gescande aeelding wordt in de gespeciceerde map opgeslagen.
Opmerking:
Als u PDF selecteert als Beeldformaat instelling, kunt u een wachtwoord instellen om het bestand te beveilgen. Klik op
Opties, selecteer Beveiliging en congureer dan de toepasselijke instellingen.
Gerelateerde informatie
& “Originelen plaatsen” op pagina 34
& “EPSON Scan (scannerstuurprogramma)” op pagina 109
Scannen met smart-apparaten
Epson iPrint is een toepassing waarmee u foto's en documenten kunt scannen vanaf een smart-apparaat, zoals een
smartphone of tablet, dat verbonden is met hetzelfde draadloze netwerk als uw printer. U kunt gescande gegevens
opslaan op een smart-apparaatof een Cloud-service, via e-mail versturen of afdrukken.
Epson iPrint installeren
U kunt Epson iPrint op uw smart-apparaat installeren door op de volgende link te klikken of de QR-code te
scannen.
http://ipr.to/c
Gebruikershandleiding
Scannen
66
Scannen met Epson iPrint
Voer Epson iPrint uit vanaf uw smart-apparaat en selecteer op het startscherm het item dat u wilt gebruiken.
De volgende aeeldingen zijn aan veranderingen onderhevig zonder voorafgaande kennisgeving.
A
Het startscherm wordt weergegeven wanneer de toepassing start.
B
Biedt informatie over het instellen van de printer en een lijst met veelgestelde vragen.
C
Geeft het scherm weer waar u de printer selecteert en de printerinstellingen congureert. Wanneer u de
printer heeft geselecteerd, hoeft u deze de volgende keer niet meer opnieuw te selecteren.
D
Hiermee opent u het scanscherm.
E
Geeft het scherm weer waarop u de scaninstellingen kunt congureren zoals de resolutie.
F
Geeft gescande bestanden weer.
G
Hiermee start het scannen.
H
Geeft het scherm weer waarop u gescande gegevens kunt opslaan op een smart device of Cloud-service.
I
Geeft het scherm weer om gescande gegevens met e-mail te verzenden.
J
Geeft het scherm weer om gescande gegevens af te drukken.
Scannen door smart-apparaten voor de NFC-labelte houden
U kunt de printer en uw smart-apparaat automatisch verbinden en scannen door het aanraken van de NFC-
antenne of een smart-apparaat op Android 4.0 of later en dat NFC (Near Field Communication ondersteunt) naar
de NFC-labelvan de printer.
Gebruikershandleiding
Scannen
67
De locatie van de NFC-antenne verschilt aankelijk van het smart-apparaat. Raadpleeg de documentatie van uw
smart device voor meer informatie.
c
Belangrijk:
Controleer of de Simple AP-modus voor Wi-Fi Direct geactiveerd is. Schakel deze optie in de volgende menu's in
als dit nog niet het geval is.
Instellen > Netwerkinstellingen > Wi-Fi instellen > Wi-Fi Direct instellen > Verbinding instellen
Schakel de NFC-functie in op uw smart-apparaat.
Zorg ervoor dat Epson iPrint op uw smart-apparaat is geïnstalleerd. Zo niet, dan houdt u de NFC-antenne van
uw smart device tegen de NFC-label van de printer en installeert u het.
Opmerking:
Als de printer nog steeds niet met uw smart device communiceert nadat u de antenne tegen de tag hebt gehouden, moet u
mogelijk de positie van uw smart device aanpassen voor u het opnieuw probeert.
Als er zich obstakels tussen de NFC-label en de NFC-antenne van het smart device bevinden, kan de printer mogelijk niet
met uw smart device communiceren.
Deze functie maakt gebruik van de Simple AP-modus van Wi-Fi Direct om verbinding te maken met de printer. U kunt
tot vier apparaten tegelijk op de printer aangesloten hebben. Raadpleeg de Netwerkhandleiding voor meer details.
Als u het wachtwoord voor Wi-Fi Direct in de Simple AP-modus hebt gewijzigd, kunt u deze functie niet gebruiken. Haal
het oorspronkelijke wachtwoord terug als u deze functie wilt gebruiken.
1. Houd de NFC-antenne van uw smart device tegen de NFC-label van de printer aan.
Epson iPrint wordt gestart.
2. Op het startscherm van Epson iPrint houdt u de NFC-antenne van uw smart device nogmaals tegen de NFC-
label van de printer aan.
De printer en uw smart device zijn nu met elkaar verbonden.
3. Plaats de originelen in de printer.
4. Open het Epson iPrint-scanscherm.
5. Houd de NFC-antenne van uw smart device nogmaals tegen de NFC-label van de printer aan.
De scantaak wordt gestart.
Gebruikershandleiding
Scannen
68
Faxen
Een faxbericht instellen
Aansluiten op een telefoonlijn
Compatibele telefoonlijnen
U kunt de printer gebruiken via standaard analoge telefoonlijnen (PSTN = Public Switched Telephone Network) en
PBX (Private Branch Exchange) telefoonsystemen.
U kunt de printer mogelijk niet gebruiken via de volgende telefoonlijnen of systemen.
VoIP telefoonlijnen zoals DSL of glasvezellijnen
Digitale telefoonlijnen (ISDN)
Bepaalde PBX telefoonsystemen
Als er tussen de telefooncontactdoos in de muur en de printer adapters zoals terminaladapters, VoIP adapters,
splitters of DSL routers aangesloten zijn
De printer aansluiten op een telefoonlijn
Sluit de printer aan op een telefooncontactdoos via een RJ-11 (6P2C)-telefoonkabel. Als u een telefoon aansluit op
de printer, dient u een tweede RJ-11 (6P2C)-telefoonkabel te gebruiken.
Aankelijk
van de regio wordt er mogelijk een telefoonkabel bij de printer geleverd. Als deze meegeleverd is,
gebruik deze dan.
U moet de telefoonkabel mogelijk aansluiten op een adapter voor uw land of regio.
c
Belangrijk:
Verwijder de dop van de poort EXT. van de printer alleen als u uw telefoontoestel op de printer aansluit. Verwijder
de dop niet als u geen telefoon aansluit.
In gebieden waar vaak blikseminslagen optreden raden we aan om een piekbeveiliging te gebruiken.
Gebruikershandleiding
Faxen
69
Aansluiten op een standaard telefoonlijn (PSTN) of PBX
Sluit een telefoonkabel aan tussen de muurcontactdoos of PBX-poort naar de LINE poort aan de achterzijde van
de printer.
Gerelateerde informatie
& Instellingen congureren voor een PBX telefoonsysteem” op pagina 74
Aansluiten op DSL of ISDN
Sluit een telefoonkabel aan tussen de DSL-modem of ISDN terminaladapter naar de LINE-poort aan de achterzijde
van de printer. Raadpleeg de documentatie van de modem of adapter voor meer informatie.
Gebruikershandleiding
Faxen
70
Opmerking:
Als uw DSL modem niet uitgerust is met een ingebouwde DSL lter, sluit dan een aparte DSL lter aan.
Uw telefoontoestel aansluiten op de printer
Als u de printer en uw telefoontoestel op een enkele telefoonlijn gebruikt, sluit dan de telefoon aan op uw printer.
Opmerking:
Als uw telefoontoestel een faxfunctie hee, schakel deze dan uit. Raadpleeg de handleidingen van het telefoontoestel voor
meer informatie.
Als u een antwoordapparaat aansluit, moet u ervoor zorgen dat de instelling Overgaan voor antw. van de printer hoger
is dan het aantal beltonen van uw antwoordapparaat dat is ingesteld voor het beantwoorden van een oproep.
1. Verwijder de dop van de EXT. poort aan de achterzijde van de printer.
Gebruikershandleiding
Faxen
71
2. Sluit het telefoontoestel d.m.v. een telefoonkabel aan op de EXT. poort.
c
Belangrijk:
Als u een enkele telefoonlijn deelt, zorg er dan voor dat u uw telefoontoestel aansluit op de EXT. poort van de
printer. Als u de lijn splitst om de telefoon en de printer afzonderlijk aan te sluiten, werken de telefoon en de
printer niet goed.
3. Neem de hoorn van de telefoon op en controleer of het bericht [Telefoonlijn is in gebruik.] weergegeven wordt
op het LCD-scherm.
Als het bericht niet weergegeven wordt, controleer dan of de telefoonkabel goed aangesloten is op de EXT.
poort.
Gerelateerde informatie
&
“Instellingen voor het antwoordapparaat” op pagina 80
Basisinstellingen voor faxberichten congureren
Congureer eerst de basisinstelling voor faxberichten zoals Ontvangstmodus d.m.v. de Wi z a r d f a x i n s t e l l i n g en
congureer dan de andere instellingen indien nodig.
De Wiz a r d f a x i n s t e l l i n g wordt automatisch weergegeven als de printer voor de eerste keer ingeschakeld wordt.
Eens u de instellingen gecongureerd hebt, moet u deze niet meer uitvoeren tenzij de verbinding wijzigt.
Basisinstellingen voor faxberichten congureren d.m.v. de Wizard
faxinstelling
Congureer de basisinstellingen voor faxberichten d.m.v. de instructies op het scherm.
Gebruikershandleiding
Faxen
72
1. Sluit de printer aan op een telefoonlijn.
c
Belangrijk:
Omdat op het einde van de wizard een automatische faxverbindingscontrole wordt uitgevoerd, moet u de
printer aansluiten op een telefoonlijn alvorens de wizard te starten.
2. Ga naar de modus Instellen via het hoofdscherm.
3. Selecteer Faxinstellingen > Wi z a r d f a x i n s t e l l i n g en druk dan op Start.
De wizard start.
4. Op het invoerscherm voor de faxhoofding, voer uw zendernaam, bijvoorbeeld de naam van uw bedrijf, in.
Opmerking:
Uw zendernaam en uw faxnummers verschijnen als hoofding op uitgaande faxberichten.
5.
Voer uw faxnummer in op het telefoonnummerinvoerscherm.
6. Op het DRD-instelling scherm
congureert
u de volgende instellingen.
Als u ingeschreven bent op een specieke beltoonservice van uw telecomprovider: Druk op Doorg.,
selecteer de beltoon voor inkomende faxberichten en ga dan naar stap 9. Ontvangstmodus is automatisch
ingesteld op Auto.
Als u deze optie niet moet instellen: Druk op Overslaan en ga naar de volgende stap.
Opmerking:
Specieke beltoondiensten, aangeboden door veel telecombedrijven (dienstnaam verschilt per bedrijf) stelt u in staat
om meerdere telefoonnummers op één lijn te hebben. Elk nummer krijgt dan een specieke beltoon toegewezen. U
kunt dan een nummer gebruiken voor telefoongesprekken en een ander nummer voor faxberichten. Selecteer de
beltoon voor faxberichten in DRD.
Aankelijk
van de regio worden Aan en Uit weergegeven als de DRD opties. Selecteer Aan om
specieke
beltonen
te gebruiken.
7. Op het scherm Inst.ontvangstmodus selecteert u of u een telefoontoestel gebruikt dat op de printer
aangesloten is.
Indien het aangesloten is: Druk op Ja en ga naar de volgende stap.
Indien het niet aangesloten is: Druk op Nee en ga naar stap 9. Ontvangstmodus is ingesteld op Auto.
8.
Op het scherm Inst.ontvangstmodus selecteert u of u faxberichten automatisch wenst te ontvangen.
Om automatisch te ontvangen: Druk op Ja. Ontvangstmodus is ingesteld op Auto.
Om handmatig te ontvangen: Druk op Nee. Ontvangstmodus is ingesteld op Handmatig.
9. Op het scherm Instellingen bevestigen controleert u de instellingen en drukt dan op Doorg..
Om de instellingen te corrigeren of wijzigen, druk op de toets
y
.
10. Druk op Start om de faxverbindingscontrole uit te voeren en als het scherm u vraagt om het resultaat af te
drukken druk op de toets
x
.
Een rapport met de resultaten van verbindingscontrole wordt afgedrukt.
Gebruikershandleiding
Faxen
73
Opmerking:
Als er fouten gemeld worden, volg dan de instructies op het rapport om ze te corrigeren.
Indien het scherm Lijntype kiezen weergegeven wordt, selecteer dan het lijntype. Als u de printer aansluit op een
PBX telefoonsysteem of terminaladapter selecteert u PBX.
Indien het scherm Kiestoondetectie wordt weergegeven, selecteert u Uitschakelen.
Maar als deze instelling opgeslagen wordt als Uitschakelen wordt het eerste cijfer van een faxnummer mogelijk
overgeslagen waardoor het bericht naar een foutief nummer verzonden wordt.
Gerelateerde informatie
& De printer aansluiten op een telefoonlijn” op pagina 69
& “De ontvangstmodus instellen” op pagina 79
& Instellingen congureren voor een PBX telefoonsysteem” op pagina 74
& “Faxinstellingen” op pagina 24
Basisinstellingen voor faxberichten afzonderlijk
congureren
U kunt de faxinstellingen congureren zonder gebruik te maken van de wizard, door elke instelling afzonderlijk te
congureren. De instellingen die d.m.v. de wizard gecongureerd zijn, kunt u ook wijzigen. Voor meer details,
raadpleeg de lijst met menu's in de faxinstellingen.
Gerelateerde informatie
& “Faxinstellingen” op pagina 24
Instellingen congureren voor een PBX telefoonsysteem
Congureer de volgende instellingen als u de printer gebruikt in kantoren die gebruik maken van extensies met
externe toegangscodes, zoals een 0 en 9 voor het verkrijgen van een buitenlijn.
1. Ga naar de modus Instellen via het hoofdscherm.
2.
Selecteer Faxinstellingen > Basisinstellingen > Lijntype.
3. Selecteer PBX.
4. Op het scherm To e g an g sc o d e selecteert u Gebruik.
5. Druk op het veld To eg ang sc od e voer de externe toegangscode van uw telefoonsysteem in en druk op de
Enter-toets rechts onderaan het scherm.
De toegangscode wordt opgeslagen in uw printer. Als u een faxbericht naar een extern faxtoestel zendt, voer
dan een hekje (#) in i.p.v. de toegangscode.
Opmerking:
Als het hekje (#) aan het begin van een faxnummer ingevoerd wordt, dan vervangt de printer het hekje door de
toegangscode tijdens het vormen van het nummer. Door gebruik te maken van # kunt u makkelijker verbinding maken
met een externe lijn.
Gebruikershandleiding
Faxen
74
Contacten registreren voor het faxen
Faxnummers die u vaak gebruikt kunt u opslaan in een lijst. Zo maakt u het verzenden van faxen gemakkelijker. U
kunt enkele gegevens samen groeperen om een fax te sturen naar meerdere ontvangers tegelijk. Er kunnen
maximaal 60 gegevens (een groepsinvoer wordt als één gegeven geteld) worden geregistreerd.
Contactpersonen opslaan
1. Selecteer Fax > Contacten via het hoofdscherm.
2.
Druk Menu, en selecteer vervolgens Gegeven toevoegen.
3. Selecteer het itemnummer dat u wilt registreren.
4. Congureer de nodige instellingen voor elke modus.
Opmerking:
Als u een faxnummer invoert, moet u eerst een externe toegangscode voor het faxnummer invoeren als uw
telefoonsysteem PBX is. Deze toegangscode hebt u nodig om een buitenlijn te krijgen. Als de toegangscode is opgegeven
in de instelling van het Lijntype, voert u een hekje (#) i.p.v. de werkelijke toegangscode in. Om een pauze (drie
seconden) toe te voegen tijdens het bellen van het nummer, voegt u een koppelteken toe door op
te drukken.
5. Druk op Opslaan.
Opmerking:
Om een gegeven te bewerken of verwijderen, drukt u op het informatiepictogram rechts van het doelitem en drukt u op
Bewerken or Wi s s e n .
Contactgroepen opslaan
Voeg contactpersonen aan een groep toe om een fax naar meerdere bestemmingen tegelijk te verzenden.
1. Selecteer Fax > Contacten via het hoofdscherm.
2. Druk Menu, en selecteer vervolgens Groep toevoegen.
3. Selecteer het itemnummer dat u wilt registreren.
4. Voer Naam en Indexwoord in en druk op Doorg..
5. Selecteer de contactpersonen die u in de groep wilt opslaan.
Opmerking:
U kunt tot 30 contactpersonen registreren.
Schakel het selectievakje naast de contactpersoon uit om de selectie op te heen.
6. Druk op Opslaan.
Opmerking:
Om een gegroepeerd contact te bewerken of te verwijderen, drukt u op het informatiepictogram rechts van de
contactgroep en drukt u op Bewerken of Wi s s e n .
Gebruikershandleiding
Faxen
75
Contacten registreren op een computer
Met FAX Utility kunt u een contactlijst maken op uw computer en deze importeren naar de printer. Raadpleeg de
Help-functie van de FAX Utility voor details.
Gerelateerde informatie
& “FAX Utility” op pagina 110
Back-up Contacten maken met een computer
Met FAX Utility kunt u ook een back-up maken van de contactgegevens die op de printer zijn opgeslagen, naar de
computer. Raadpleeg de Help-functie van de FAX Utility voor details.
Gegevens van contactpersonen kunnen verloren gaan bij printerstoringen. We raden u aan om een back-up te
maken telkens u de gegevens bijwerkt. Epson is niet verantwoordelijk voor gegevensverlies, voor de back-up of het
ophalen van gegevens en/of instellingen, zelfs niet tijdens een garantieperiode.
Gerelateerde informatie
&
“FAX Utility” op pagina 110
Faxberichten verzenden
Basishandelingen bij het verzenden van faxen
Faxen verzenden in kleur of monochroom (zwart-wit). Als u een faxbericht in zwart-wit verzendt, kunt u de
gescande aeelding bekijken op het display.
Opmerking:
Als het faxnummer bezet is of er een probleem optreedt, kiest de printer het nummer na een minuut automatisch nog twee
keer.
Faxen verzenden via het bedieningspaneel
1. Plaats de originelen.
Opmerking:
U kunt tot 100 pagina's in één keer verzenden, maar aankelijk van de resterende hoeveelheid geheugen is dit niet
altijd mogelijk, zelfs als de fax minder dan 100 pagina's bevat.
2. Ga naar de modus Fax via het hoofdscherm.
3.
Kies de ontvanger.
Handmatig: voer de cijfers in via de cijfertoetsen op het bedieningspaneel of het display in en druk op de
Enter-toets rechts onderaan het scherm.
Uit de lijst met contactpersonen: druk op Contacten, schakel het selectievakje naast elke gewenste
contactpersoon in en druk dan op Doorg..
Uit de geschiedenis met verzonden faxen: druk op Geschied., selecteer een ontvanger en druk dan op
Menu > Naar dit nummer verzenden.
Gebruikershandleiding
Faxen
76
Opmerking:
U kunt dezelfde fax in zwart-wit naar 30 ontvangers verzenden. Een kleurenfax kan maar naar één ontvanger
tegelijk verzonden worden.
Om een pauze (drie seconden) toe te voegen tijdens het bellen van het nummer, voegt u een koppelteken toe door op
te drukken.
Als u een externe toegangscode hebt ingesteld in Lijntype, begint u het faxnummer met een hekje (#) in plaats van
de werkelijke toegangscode.
Om een ingevoerde ontvanger te verwijderen, gee u de lijst met ontvangers weer door op het veld te drukken met
een faxnummer of het aantal ontvangers. Selecteer vervolgens de ontvanger in de lijst en selecteer Uit lijst
verwijderen.
4. Druk op Menu, selecteer Inst.faxverzending en congureer dan de instellingen voor resolutie en
verzendmethode, indien nodig.
5. Als u een fax in zwart-wit verzendt, drukt u op Vo or be el d op het faxscherm bovenaan om het gescande
document te controleren.
: Verplaatst het scherm in de richting van de pijlen.
: Verkleint of vergroot.
: Verplaatst naar de vorige of volgende pagina.
Opnieuw: Annuleert de voorbeeldweergave.
Bekijken: Toont of verbergt de activiteitpictogrammen.
Opmerking:
Als u een voorbeeld van de fax hebt bekeken, kunt u die niet meer in kleur verzenden.
Als Direct verzenden geactiveerd is, kunt u geen voorbeeld weergeven.
Als het voorbeeldscherm 20 seconden niet aangeraakt wordt, wordt de fax automatisch verzonden.
De beeldkwaliteit van een fax is mogelijk anders dan het voorbeeld, naargelang de capaciteit van de machine van de
ontvanger.
6. Druk op de knop
x
.
Opmerking:
Als u het verzenden wilt annuleren, drukt u op de toets
y
.
Het verzenden van faxen in kleur duurt langer omdat de printer tegelijk scant en verzendt. Als de printer een
kleurenfax aan het verzenden is, kunt u geen andere functies gebruiken.
Gerelateerde informatie
& “Originelen plaatsen” op pagina 34
& “Modus Fax” op pagina 19
& Contacten registreren voor het faxen” op pagina 75
Faxberichten verzenden met een extern telefoontoestel
U kunt een faxbericht verzenden d.m.v. een aangesloten telefoon als u voor het verzenden van het faxbericht nog
een gesprek wilt voeren of als de faxmachine van de ontvanger niet automatisch overschakelt.
Gebruikershandleiding
Faxen
77
1. Plaats de originelen.
Opmerking:
U kunt tot 100 pagina's per zending verzenden.
2. Neem de hoorn van de telefoon in de hand en vorm het faxnummer van de ontvanger op uw toestel.
3. Druk op Start fax op het bedieningspaneel van de printer en druk dan op Ver zen de n.
4. Druk op Menu, selecteer Inst.faxverzending en congureer dan de instellingen voor resolutie en
verzendmethode, indien nodig.
5. Als u een faxtoon hoort, druk op de toets
x
en haak dan in.
Opmerking:
Als een nummer gevormd wordt d.m.v. een aangesloten toestel, duurt de verzending langer omdat de printer tegelijk
scant en verzendt. Als de printer een faxbericht aan het verzenden is, kunt u geen andere functies gebruiken.
Gerelateerde informatie
& “Originelen plaatsen” op pagina 34
& “Modus Fax” op pagina 19
Verschillende manieren om faxberichten te verzenden
Faxen verzenden op een
speciek
tijdstip (Fax later verzenden)
U kunt op een speciek tijdstip een fax verzenden. Dit kan uitsluitend bij monochrome faxen.
1. Plaats de originelen.
2. Ga naar de modus Fax via het hoofdscherm.
3. Kies de ontvanger.
4. Druk op Menu en selecteer dan Fax later verzenden.
5. Druk op Aan, voer het tijdstip van verzending in en druk dan op OK.
6. Druk op Menu, selecteer Inst.faxverzending en congureer dan de instellingen voor resolutie en dichtheid,
indien nodig.
7.
Druk op de knop
x
.
Opmerking:
Tot de fax is verzonden, kunt u geen andere faxen sturen. Als u de fax wilt annuleren, drukt u op de knop
y
in het
bovenste faxscherm en vervolgens op Ja.
Gerelateerde informatie
&
“Faxen verzenden via het bedieningspaneel” op pagina 76
&
“Originelen plaatsen” op pagina 34
&
“Modus Fax” op pagina 19
Gebruikershandleiding
Faxen
78
Meerdere pagina's van een monochroom document verzenden (Direct
verzenden)
Als u een monochrome fax verzendt, wordt het gescande document tijdelijk opgeslagen in het geheugen van de
printer. Hierdoor kan het verzenden van een groot aantal pagina's ervoor zorgen dat het geheugen van de printer
vol raakt. U kunt dit vermijden door de functie Direct verzenden te activeren, maar mogelijk duurt de verzending
langer omdat de printer tegelijk scant en verzendt. U kunt deze functie gebruiken als er maar één ontvanger is.
In het startscherm selecteert u Fax > Menu > Inst.faxverzending > Direct verzenden > Aan.
Een faxbericht verzenden via een computer
U kunt faxberichten via de computer verzenden d.m.v. de FAX Utility en de PC-FAX driver. Raadpleeg de Help-
functie van de FAX Utility en de PC-FAX.
Gerelateerde informatie
&
“PC-FAX-driver (faxdriver)” op pagina 110
& “FAX Utility” op pagina 110
Faxberichten ontvangen
De ontvangstmodus instellen
U kunt de Ontvangstmodus instellen d.m.v. de Wizard faxinstelling. Als u de faxfunctie voor het eerst instelt,
raden we u aan om de Wi z a r d f a x i n s t e l l i n g te gebruiken. Als u de Ontvangstmodus afzonderlijk wenst te
wijzigen; volg dan onderstaande dtappen.
1. Ga naar de modus Instellen via het hoofdscherm.
2. Selecteer Faxinstellingen > Ontvangstinstellingen > Ontvangstmodus.
3.
Selecteer de ontvangmodus.
Auto: Aanbevolen voor gebruikers die zeer vaak faxen. De printer ontvangt een faxbericht automatisch
nadat de beltoon het opgegeven aantal maal is overgegaan.
c
Belangrijk:
Als u geen telefoon op de printer aansluit, selecteer dan de Auto modus.
Handmatig: Aanbevolen voor gebruikers die niet vaak faxen, of die een faxbericht wensen te ontvangen via
het aangesloten telefoontoestel. Als u een faxbericht ontvangt, neem dan hoorn van de telefoon en activeer
de printer.
Opmerking:
Als u de functie Extern ontvangen activeert, kunt u faxberichten ontvangen met een aangesloten telefoontoestel.
Gerelateerde informatie
& “Basisinstellingen voor faxberichten
congureren
d.m.v. de Wizard faxinstelling” op pagina 72
& Faxberichten handmatig ontvangen” op pagina 80
Gebruikershandleiding
Faxen
79
& Faxberichten ontvangen d.m.v. een aangesloten telefoontoestel (Extern ontvangen)” op pagina 80
Instellingen voor het antwoordapparaat
Om een antwoordapparaat te kunnen gebruiken, moet u de printer correct instellen.
Stel de Ontvangstmodus van de printer in op Auto.
Stel de Overgaan voor antw. in op een hoger aantal dan het aantal voor het antwoordapparaat. Anders kan het
antwoordapparaat geen berichten ontvangen. Raadpleeg de handleidingen van het antwoordapparaat voor meer
informatie.
De instelling Overgaan voor antw. wordt mogelijk niet weergegeven, naargelang de regio.
Gerelateerde informatie
& “Faxinstellingen” op pagina 24
Verschillende manieren om faxberichten te ontvangen
Faxberichten handmatig ontvangen
Als u een telefoontoestel aansluit en de Ontvangstmodus instelling van de printer instelt op Handmatig, volg dan
de onderstaande stappen om een faxbericht te ontvangen.
1. Als de telefoon rinkelt, neem de hoorn van de haak.
2. Als u een faxtoon hoort, druk op Start fax op het LCD-scherm van de printer.
Opmerking:
Als u de functie Extern ontvangen activeert, kunt u faxberichten ontvangen met een aangesloten telefoontoestel.
3. Druk op Ontvangen.
4. Druk op de toets
x
en haak in.
Gerelateerde informatie
& Faxberichten ontvangen d.m.v. een aangesloten telefoontoestel (Extern ontvangen)” op pagina 80
& “Ontvangen faxen opslaan in het Postvak IN” op pagina 82
Faxberichten ontvangen d.m.v. een aangesloten telefoontoestel (Extern
ontvangen)
Om een faxbericht handmatig te ontvangen, moet u de printer bedienen na het opnemen van de hoorn. Door de
functie Extern ontvangen te gebruiken, kunt u een faxbericht ontvangen door enkel de telefoon te gebruiken.
De functie Extern ontvangen is beschikbaar voor telefoontoestellen die tonen kunnen zenden.
Gerelateerde informatie
& Faxberichten handmatig ontvangen” op pagina 80
Gebruikershandleiding
Faxen
80
Instellen van Extern ontvangen
1. Ga naar de modus Instellen via het hoofdscherm.
2. Selecteer Faxinstellingen > Ontvangstinstellingen > Extern ontvangen.
3. Na het activeren van Extern ontvangen voert u een tweecijferige code in (0 tot 9, *, en # kunnen gebruikt
worden) in het veld Startcode.
4. Druk op OK.
Het gebruik van Extern ontvangen
1. Als de telefoon rinkelt, neem de hoorn van de haak.
2. Als u een faxtoon hoort, voer de startcode in op uw telefoon.
3. Nadat u bevestigd hebt dat de printer het faxbericht ontvangt, kunt u inhaken.
Faxen ontvangen via pollingdiensten (Polling ontvangen)
U kunt een fax die voor faxpolling op een andere faxmachine is opgeslagen, ontvangen door het faxnummer te
bellen. U kunt een speciek document ontvangen vanuit een faxinformatiedienst door de stembegeleiding van de
dienst te volgen.
Opmerking:
Wanneer u de stembegeleiding volgt, belt u het faxnummer met de aangesloten telefoon.
1. Ga naar de modus Fax via het hoofdscherm.
2. Selecteer Menu > Polling ontvangen en activeer dan de functie.
3.
Voer het faxnummer in.
4. Druk op de knop
x
.
Gerelateerde informatie
& “Faxberichten verzenden met een extern telefoontoestel” op pagina 77
Ontvangen faxen opslaan
De printer biedt de volgende functies voor het opslaan van ontvangen faxen.
Opslaan in het Postvak IN van de printer
Opslaan op een computer
Opmerking:
De bovenstaande functies kunnen tegelijk worden gebruikt. Als u ze allemaal samen gebruikt, worden ontvangen
documenten opgeslagen in het Postvak IN en op een computer.
Gerelateerde informatie
& “Ontvangen faxen opslaan in het Postvak IN” op pagina 82
Gebruikershandleiding
Faxen
81
& “Ontvangen faxen opslaan op een computer” op pagina 83
& “Pictogrammen op het display” op pagina 15
Ontvangen faxen opslaan in het Postvak IN
U kunt instellen om ontvangen faxen op te slaan in het Postvak IN van de printer. Er kunnen maximaal 100
documenten worden opgeslagen. Als u deze functie gebruikt, worden ontvangen documenten niet automatisch
afgedrukt. U kunt ze weergeven op het LCD-scherm van de printer en alleen afdrukken indien dat nodig is.
Opmerking:
Het is mogelijk dat u geen 100 documenten kunt opslaan, aankelijk van de gebruiksomstandigheden, zoals de
bestandsgrootte van de opgeslagen documenten en het gebruik van meerdere faxopslagfuncties tegelijk.
Instelling voor het opslaan van ontvangen faxen in het Postvak IN
1. Ga naar Instellen vanaf het hoofdscherm.
2. Selecteer Faxinstellingen > Uitvoerinstellingen > Faxuitvoer.
3.
Controleer de huidige instellingen die op het scherm worden weergegeven en druk dan op Instel..
4. Selecteer Opslaan in postvak IN > Ja.
Ontvangen faxen op het display bekijken
U kunt ontvangen documenten die in de inbox van de printer zijn opgeslagen, op het display bekijken.
1.
Wanneer er een nieuwe fax is ontvangen, wordt er een melding op het startscherm weergegeven. Druk op Ja of
activeer de modus Fax op het startscherm en selecteer Menu > Postvak IN openen.
Opmerking:
Wanneer er ongelezen of niet-afgedrukte documenten zijn, gaat het pictogram
op het startscherm branden.
2. Als de inbox beveiligd is met een wachtwoord, voert u het wachtwoord van de inbox in.
3. Selecteer in de lijst de fax die u wilt bekijken.
De inhoud van de fax wordt getoond.
: draait het beeld 90 graden rechtsom.
: verplaatst het scherm in de richting van de pijlen.
: verkleint of vergroot.
: verplaatst naar de vorige of volgende pagina.
Bekijken: toont of verbergt de activiteitpictogrammen.
Gebruikershandleiding
Faxen
82
4. Druk op Menu, selecteer of u het bekeken document wilt afdrukken of verwijderen en volg de instructies op
het scherm.
Opmerking:
Als het geheugen vol is, kan de printer geen faxen meer verzenden en ontvangen. We raden aan om bekeken en
afgedrukte documenten te verwijderen.
Gerelateerde informatie
& “Pictogrammen op het display” op pagina 15
& “Faxinstellingen” op pagina 24
Ontvangen faxen opslaan op een computer
U kunt instellen om ontvangen documenten te converteren naar PDF en ze op te slaan op een computer die is
verbonden met de printer. U kunt ook instellen om de documenten automatisch af te drukken terwijl ze worden
opgeslagen op de computer.
U moet eerst FAX Utility gebruiken om de instelling op te geven. Installeer FAX Utility op de computer.
c
Belangrijk:
Stel de ontvangstmodus van de printer in op Auto.
Probeer te verhinderen dat uw computer naar de slaapmodus gaat. Als de computer in de slaapmodus is gelaten
of is uitgeschakeld, slaat de printer de ontvangen documenten tijdelijk op. Dit kan leiden tot een fout Geheugen
vol waardoor het verzenden en ontvangen van faxen wordt uitgeschakeld. Terwijl de printer de documenten
tijdelijk opslaat, wordt het aantal niet opgeslagen taken weergegeven op het pictogram van de faxmodus op het
startscherm.
1.
Start FAX Utility op de computer die met de printer is verbonden.
2. Open het instellingsscherm van FAX Utility.
Wi n d o w s
Selecteer Faxinstellingen printer > Instellingen uitvoer ontvangen faxen.
Mac OS X
Klik op Faxontvangstmonitor, selecteer de printer en klik dan op Instellingen uitvoer ontvangen faxen.
3.
Klik op Faxen opslaan op deze computer en geef de map op voor het opslaan van ontvangen documenten.
4. Voer de andere instellingen in zoals nodig en stuur dan de instelling naar de printer.
Opmerking:
Meer details over de instelitems en de procedure vindt u in het helpbestand van FAX Utility.
5. Voer Instellen in op het bedieningspaneel van de printer.
6. Selecteer Faxinstellingen > Uitvoerinstellingen > Faxuitvoer.
7.
De huidige instelling wordt weergegeven. Controleer of de printer is ingesteld voor het opslaan van faxen op
een computer (Opslaan op computer). Als u ontvangen documenten automatisch wilt afdrukken terwijl u ze
opslaat op de computer, drukt u op Instel. en gaat u naar de volgende stap.
Gebruikershandleiding
Faxen
83
8. Selecteer Opslaan op computer > Ja en afdrukken.
Opmerking:
Om het opslaan van ontvangen documenten op de computer stop te zetten, stelt u Opslaan op computer in op Nee op
de printer. U kunt FAX Utility ook gebruiken voor het wijzigen van de instelling, maar het wijzigen van FAX Utility is
echter niet toegestaan als er ontvangen faxen zijn die niet op de computer zijn opgeslagen.
Gerelateerde informatie
& “FAX Utility” op pagina 110
& “De ontvangstmodus instellen” op pagina 79
Andere faxfuncties gebruiken
Een faxrapport en -lijst afdrukken
Een faxrapport handmatig afdrukken
1. Ga naar de modus Fax via het hoofdscherm.
2. Selecteer Menu > Faxverslag.
3. Selecteer het af te drukken rapport en volg dan de instructies op het scherm.
Opmerking:
U kunt de opmaak van het rapport wijzigen. In het startscherm selecteert u Instellen > Faxinstellingen >
Uitvoerinstellingen en daar wijzigt u de instellingen A. aan rapport bev. of Rapportindeling.
Gerelateerde informatie
& “Modus Fax” op pagina 19
& “Faxinstellingen” op pagina 24
Faxrapporten automatisch afdrukken
U kunt de volgende faxrapporten automatisch laten afdrukken.
Rapport transmissie
In het startscherm selecteert u Instellen > Faxinstellingen > Standaardinst. gebr. > Rapport transmissie en
vervolgens Afdrukken of Bij fout afdrukken.
Opmerking:
Als u de instelling wilt wijzigen terwijl u een fax verzendt, drukt u op Menu en selecteert u Inst.faxverzending > Rapport
transmissie.
Faxlogboek
In het startscherm selecteert u Instellen > Faxinstellingen > Uitvoerinstellingen > Faxlogboek auto afdr. en
vervolgens Aan (elke 30) of Aan (tijd).
Gebruikershandleiding
Faxen
84
Gerelateerde informatie
& “Modus Fax” op pagina 19
& “Faxinstellingen” op pagina 24
Beveiligingsinstellingen voor faxberichten
U kunt beveiliging instellen om te voorkomen dat ontvangen documenten in verkeerde handen vallen of
kwijtraken. U kunt ook de opgeslagen faxgegevens verwijderen.
1. Ga naar de modus Instellen via het hoofdscherm.
2. Selecteer Faxinstellingen > Vei li ghe id si ns tel. .
3.
Selecteer het menu en congureer daar de instellingen.
Gerelateerde informatie
& “Faxinstellingen” op pagina 24
Ontvangen faxen opnieuw afdrukken
U kunt ontvangen documenten die u al
hee
afgedrukt opnieuw afdrukken. Alle ontvangen documenten die zijn
opgeslagen in het geheugen van de printer worden in omgekeerd chronologische volgorde afgedrukt. Wanneer het
geheugen van de printer vol raakt, worden de al afgedrukte documenten automatisch verwijderd, te beginnen bij
de oudste.
Opmerking:
Wanneer u Opslaan in postvak IN hebt ingesteld op Ja bij de instelling voor Faxuitvoer, kunt u individuele documenten
selecteren die u opnieuw wilt afdrukken vanuit de inbox van de printer.
1. Ga naar de modus Fax via het hoofdscherm.
2. Druk op Menu en selecteer dan Faxen opnieuw afdrukken.
3.
Druk op de knop
x
.
Opmerking:
Druk op de knop
y
om het afdrukken te stoppen nadat u uw documenten opnieuw hebt afgedrukt.
Gebruikershandleiding
Faxen
85
Inktpatronen vervangen
Het inktpeil controleren
U kunt het inktpeil controleren via het bedieningspaneel of de computer.
Het inktpeil controleren - Bedieningspaneel
1. Ga naar de modus Instellen via het hoofdscherm.
2. Selecteer Inktpeil.
Het inktpeil controleren - Windows
1. Open het venster van de printerdriver.
2. Klik op Inktniveau op het tabblad Hoofdgroep.
Opmerking:
Als EPSON Status Monitor 3 is uitgeschakeld, worden de inktniveaus niet weergegeven. Klik op Extra instellingen in
het tabblad Hulpprogramma's en selecteer vervolgens EPSON Status Monitor 3 inschakelen.
Gerelateerde informatie
& “Windows-printerdriver” op pagina 106
Het inktpeil controleren - Mac OS X
1. Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu > Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen), en selecteer dan de printer.
2.
Klik op Opties en toebehoren > Hulpprogramma > Open Printerhulpprogramma.
3. Klik op EPSON Status Monitor.
Codes van de cartridges
Epson raadt het gebruik van originele Epson-cartridges aan. Epson kan de kwaliteit en betrouwbaarheid van niet-
originele inkt niet garanderen. Het gebruik van niet-originele inkt kan schade veroorzaken die niet onder de
garantie van Epson vallen en er in bepaalde omstandigheden toe leiden dat de printer niet correct functioneert.
Informatie over niet-originele inktniveaus kunnen mogelijk niet worden weergegeven.
Hierna volgen de codes van originele Epson-inktpatronen.
Gebruikershandleiding
Inktpatronen vervangen
86
Pictogram Black (Zwart) Cyan (Cyaan) Magenta Yellow (Geel)
Pen en Kruiswoord-
raadsel
16
16XL
*
16XXL
*
16
16XL
*
16
16XL
*
16
16XL
*
* "XL" en "XXL" geven een grote cartridge aan.
Opmerking:
Niet alle cartridges zijn verkrijgbaar in alle landen.
Gebruikers in Europa kunnen op de volgende website meer informatie vinden over de capaciteit van de Epson-cartridges.
http://www.epson.eu/pageyield
Voor Australië en Nieuw-Zeeland
Black (Zwart) Cyan (Cyaan) Magenta Yellow (Geel)
220
220XL
*
220
220XL
*
220
220XL
*
220
220XL
*
* 'XL' geeft een grote cartridge aan.
Opmerking:
Niet alle cartridges zijn verkrijgbaar in alle landen.
Voorzorgsmaatregelen voor inktpatronen
Lees de volgende instructies voordat u inktpatronen vervangt.
Voorzorgsmaatregelen
Bewaar de inktpatronen bij normale kamertemperatuur en houd ze uit de buurt van direct zonlicht.
Epson raadt aan de cartridge te gebruiken vóór de datum die op de verpakking wordt vermeld.
U krijgt de beste resultaten als u de cartridge verbruikt binnen zes maanden na het openen van de verpakking.
Voor de beste resultaten bewaart u inktpatroonverpakkingen met de onderkant naar beneden.
Laat cartridges voor gebruik ten minste drie uur op kamertemperatuur komen.
Open de verpakking niet totdat u klaar bent om het inktpatroon in de printer te plaatsen. Het inktpatroon is
vacuüm verpakt om de betrouwbaarheid ervan te garanderen. Als u een inktpatroon lange tijd onverpakt laat
voordat u het gebruikt, is normaal afdrukken niet mogelijk.
Zorg dat u de haakjes aan de zijkant van het inktpatroon niet breekt wanneer u het uit de verpakking haalt.
Gebruikershandleiding
Inktpatronen vervangen
87
U moet de gele tape van het inktpatroon verwijderen voordat u het plaatst; anders kan de afdrukkwaliteit
achteruitgaan of kunt u niet afdrukken. Verwijder of scheur het label op het inktpatroon niet; hierdoor kan het
gaan lekken.
Verwijder het doorzichtige zegel aan de onderkant van het inktpatroon niet; anders kan het inktpatroon
onbruikbaar worden.
Raak de in de guur getoonde onderdelen niet aan. omdat dit de normale werking kan schaden.
Installeer alle cartridges, anders kunt u niet afdrukken.
Vervang inktpatronen niet met de stroom uitgeschakeld. Verplaats de printkop niet handmatig; anders kunt u
de printer beschadigen.
Gebruikershandleiding
Inktpatronen vervangen
88
Schakel de printer niet uit terwijl de inkt wordt geladen. Als het laden van de inkt niet wordt voltooid, kunt u
mogelijk niet afdrukken.
Zorg altijd dat er inktpatronen in de printer zijn geplaatst en schakel de printer niet uit wanneer u de
inktpatronen vervangt. Anders kan inkt die in de spuitkanaaltjes van de printkop
achterblij,
uitdrogen en kunt
u mogelijk niet afdrukken.
Als u een inktpatroon tijdelijk moet verwijderen, zorgt u dat u het inkttoevoergebied beschermt tegen vuil en
stof. Bewaar het inktpatroon op dezelfde plaats als de printer, met de inkttoevoerpoort naar beneden of naar de
zijkant. Bewaar inktpatronen niet met de inkttoevoerpoort naar boven. Omdat de inkttoevoerpoort is uitgerust
met een klep die is ontworpen om het vrijgeven van een teveel aan inkt tegen te houden, hoe u zelf geen deksel
of dop te verschaen.
Bij verwijderde cartridges kan er inkt rondom de inkttoevoer zitten. Wees dus voorzichtig dat er geen inkt in de
omgeving van de cartridge wordt gemorst wanneer de cartridges worden verwijderd.
Deze printer gebruikt inktpatronen die zijn uitgerust met een groene chip die informatie bijhoudt, zoals de
hoeveelheid resterende inkt voor elk inktpatroon. Dit betekent dat zelfs wanneer het inktpatroon uit de printer
wordt verwijderd voordat het leeg is, u het inktpatroon nog steeds kunt gebruiken nadat u het weer in de printer
plaatst. Er kan echter inkt worden gebruikt wanneer u een inktpatroon terugplaatst om de printerprestaties te
garanderen.
Voor een optimale eciëntie van de inkt verwijdert u een inktpatroon alleen wanneer u het wilt vervangen.
Inktpatronen met een lage inktstatus kunnen niet worden gebruikt wanneer u ze terugplaatst.
Voor een optimale afdrukkwaliteit en bescherming van de printkop blij een variabele inktreserve in de
cartridge achter op het moment waarop de printer aangee dat u de cartridge moet vervangen. De opgegeven
capaciteiten bevatten deze reserve niet.
De cartridges kunnen gerecycled materiaal bevatten. Dit is echter niet van invloed op de functies of prestaties
van de printer.
Specicaties
en uiterlijk van het inktpatroon zijn onderhevig aan wijziging zonder voorafgaande kennisgeving
voor verbetering.
Haal de inktcartridges niet uit elkaar en breng geen wijzigingen aan cartridges aan. Daardoor kan normaal
afdrukken onmogelijk worden.
U kunt de cartridges die bij de printer zijn geleverd, niet ter vervanging gebruiken.
De opgegeven capaciteit hangt af van de aeeldingen die u afdrukt, het papier dat u gebruikt, hoe vaak u
afdrukt en de omgeving (bijvoorbeeld temperatuur) waarin u de printer gebruikt.
Inktverbruik
Voor optimale prestaties van de printkop wordt een beetje inkt van alle inktpatronen niet alleen tijdens het
afdrukken gebruikt maar ook tijdens onderhoudsactiviteiten zoals het vervangen van inktpatronen en het
reinigen van de printkop.
Wanneer u in monochroom of grijswaarden afdrukt, is het mogelijk kleureninkt te gebruiken in plaats van
zwarte inkt, aankelijk van de instellingen van de papiersoort of afdrukkwaliteit. Dit is omdat kleureninkt
wordt gemengd om zwart te creëren.
De inkt in de cartridges die bij de printer zijn geleverd, wordt deels verbruikt bij de installatie van de printer. De
printkop in uw printer is volledig met inkt geladen om afdrukken van hoge kwaliteit te bezorgen. Bij dit
eenmalige proces wordt een bepaalde hoeveelheid inkt verbruikt. Met de gebruikte cartridge kunnen daarom
wellicht minder pagina's worden afgedrukt dan met volgende cartridges.
Gebruikershandleiding
Inktpatronen vervangen
89
Inktpatronen vervangen
!
Let op:
Pas bij het sluiten van de scannereenheid op dat uw vingers niet klem komen te zitten. Anders kunt u zich
verwonden.
Opmerking:
Als u de inktpatronen vervangt tijdens het kopiëren, kunnen de originelen verschuiven. Druk op de knop
y
om het kopiëren
te annuleren en vervang de originelen.
1. Voer een van de volgende handelingen uit.
Wanneer u wordt gevraagd om inktpatronen te vervangen
Controleer welk inktpatroon vervangen moet worden, druk op Doorg. en dan op Ja, nu vervangen.
Wanneer u inktpatronen wilt vervangen voor ze leeg zijn
In het startscherm selecteert u Instellen > Onderhoud > Inktpatroon vervangen en dan drukt u op de
knop
x
.
2. Schudt het nieuwe inktpatroon vier of vijf keer en verwijder deze uit de verpakking.
3. Verwijder alleen de gele tape.
Gebruikershandleiding
Inktpatronen vervangen
90
c
Belangrijk:
Raak de in de guur getoonde onderdelen niet aan. omdat dit de normale werking kan schaden.
Schud inktpatronen niet nadat u de verpakking hebt geopend, omdat ze kunnen lekken.
4. Open de scannereenheid met het documentdeksel gesloten.
5. Druk op het lipje van het inktpatroon en trek het naar boven. Trek er hard aan als u het inktpatroon niet kan
verwijderen.
Gebruikershandleiding
Inktpatronen vervangen
91
6. Plaats het nieuwe inktpatroon en druk het stevig naar beneden.
7. Sluit de scannereenheid.
8. Druk op de knop
x
.
Het laden van de inkt start.
c
Belangrijk:
Schakel de printer niet uit terwijl de inkt wordt geladen. Als het laden van de inkt niet wordt voltooid, kunt u
mogelijk niet afdrukken.
Gerelateerde informatie
& “Codes van de cartridges” op pagina 86
& Voorzorgsmaatregelen voor inktpatronen” op pagina 87
Tijdelijk met zwarte inkt afdrukken
Wanneer de kleureninkt op is maar u nog wel zwarte inkt hebt, kunt u de volgende instellingen gebruiken om nog
korte tijd verder afdrukken met alleen zwarte inkt.
Type papier: Gewoon papier, Enveloppe
Kleur: Grijswaarden
Randloos: Niet geselecteerd
EPSON Status Monitor 3: Ingeschakeld (alleen voor Windows)
Aangezien deze functie slechts ca. vijf dagen beschikbaar is, moet u de lege cartridge zo snel mogelijk vervangen.
Opmerking:
Is EPSON Status Monitor 3 uitgeschakeld, ga dan naar de printerdriver, klik op Extra instellingen op het tabblad
Hulpprogramma's en selecteer EPSON Status Monitor 3 inschakelen.
De beschikbare periode varieert naargelang de gebruiksomstandigheden.
Gebruikershandleiding
Inktpatronen vervangen
92
Tijdelijk met zwarte inkt afdrukken - Windows
1. Als het volgende venster verschijnt, stop dan met afdrukken.
Opmerking:
Kunt u het afdrukken niet vanaf de computer annuleren, doe dit dan via het bedieningspaneel van de printer.
2. Open het venster van de printerdriver.
3. Hef de selectie van Randloos op het tabblad Hoofdgroep op.
4. Selecteer Gewoon papier of Enveloppe als de instelling voor Papiertype op het tabblad Hoofdgroep.
5. Selecteer Grijswaarden.
6. Stel de andere items in op de tabbladen Hoofdgroep en Meer opties, indien nodig, en klik dan op OK.
7. Klik op Afdrukken.
8. Klik op Afdrukken in zwart-wit in het weergegeven venster.
Gebruikershandleiding
Inktpatronen vervangen
93
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Basisprincipes van printer - Windows” op pagina 37
Tijdelijk met zwarte inkt afdrukken - Mac OS X
Opmerking:
Maak een verbinding met Bonjour om deze functie via een netwerk te gebruiken.
1. Klik op het printerpictogram in het Dock.
2. Annuleer de taak.
Opmerking:
Kunt u het afdrukken niet vanaf de computer annuleren, doe dit dan via het bedieningspaneel van de printer.
3. Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu > Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen), en selecteer dan de printer. Klik op Opties en toebehoren > Opties (of Driver).
4. Selecteer Aan voor Tijdelijk afdrukken in zwart-wit.
5. Open het afdrukdialoogvenster.
6. Selecteer Printerinstellingen in het venstermenu.
7. Selecteer een willekeurig papierformaat, met uitzondering van een randloos formaat, voor Papierformaat.
8.
Selecteer Gewoon papier of Enveloppe voor Afdrukmateriaal.
9. Selecteer Grijswaarden.
10. Congureer indien nodig andere instellingen.
11. Klik op Afdrukken.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Basisprincipes van printer - Mac OS X” op pagina 38
Zwarte inkt besparen als de zwarte inkt bijna op is
(uitsluitend voor Windows)
Wanneer de zwarte inkt bijna op is, maar er nog genoeg kleureninkt is, kunt u een mengsel van kleureninkten
gebruiken om zwart te maken. U kunt verder afdrukken terwijl u een vervangende cartridge met zwarte inkt
klaarzet.
Deze functie is alleen beschikbaar als u de volgende instellingen in de printerdriver selecteert.
Papiertype: Gewoon papier
Kwaliteit: Standaard
Gebruikershandleiding
Inktpatronen vervangen
94
EPSON Status Monitor 3: Ingeschakeld
Opmerking:
Is EPSON Status Monitor 3 uitgeschakeld, ga dan naar de printerdriver, klik op Extra instellingen op het tabblad
Hulpprogramma's en selecteer EPSON Status Monitor 3 inschakelen.
Samengesteld zwart zit er iets anders uit dan zuiver zwart. Daarnaast daalt de afdruksnelheid.
Er wordt ook zwarte inkt verbruikt om de kwaliteit van de printkop te handhaven.
Opties Beschrijving
Ja Kies ervoor een mengsel van kleureninkt te gebruiken om zwarte inkt te maken. Dit venster
wordt weergegeven wanneer u een volgende keer een gelijksoortige taak afdrukt.
Nee Kies ervoor om door te gaan met de resterende zwarte inkt. Dit venster wordt
weergegeven wanneer u een volgende keer een gelijksoortige taak afdrukt.
Deze functie uitschakelen Kies ervoor om door te gaan met de resterende zwarte inkt. Dit venster wordt niet
weergegeven, totdat u de zwarte-inktcartridge vervangt en deze opnieuw bijna leeg is.
Gebruikershandleiding
Inktpatronen vervangen
95
De printer onderhouden
De printkop controleren en reinigen
Als de spuitkanaaltjes verstopt zitten, worden de afdrukken vaag, en ziet u strepen of onverwachte kleuren.
Wanneer de afdrukkwaliteit minder is geworden, gebruikt u de spuitstukcontrole om te kijken of de kanaaltjes
verstopt zitten. Is dit zo, reinig dan de printkop.
c
Belangrijk:
Open de scannereenheid niet of schakel de printer niet uit tijdens het reinigen van de printkop. Als het reinigen
van de kop niet wordt voltooid, kunt u mogelijk niet afdrukken.
Omdat bij reiniging van de printkop wat inkt wordt gebruikt, moet u de kop alleen reinigen als de kwaliteit
verslechtert.
Wanneer de inkt bijna op is kan de printkop mogelijk niet worden gereinigd. U moet dan eerst de cartridge
vervangen.
Als de afdrukkwaliteit niet is verbeterd na vier herhalingen van de printkopcontrole en -reiniging moet u ten
minste zes uren wachten zonder afdrukken en vervolgens de printkopcontrole en -reiniging herhalen. We raden u
aan om de printer uit te schakelen. Neem contact op met de klantenservice van Epson als de afdrukkwaliteit nog
steeds niet is verbeterd.
Voorkom dat de printkop uitdroogt en trek nooit de stekker van de printer uit het stopcontact wanneer de printer
nog aan is.
De printkop controleren en schoonmaken - bedieningspaneel
1. Laad gewoon A4-papier in de printer.
2.
Ga naar Instellen vanaf het hoofdscherm.
3. Selecteer Onderhoud > PrintkopControle spuitm..
4. Volg de instructies op het scherm om het testpatroon af te drukken.
5.
Bekijk het afgedrukte patroon goed. Als er stukken van lijnen of segmenten ontbreken, zoals weergegeven in
het patroon "NG", kan de printkop verstopt zijn. Ga naar de volgende stap. Als u geen ontbrekende segmenten
of onderbroken lijnen ziet, zoals in het volgende patroon "OK", zijn de spuitkanaaltjes niet verstopt. Sluit de
spuitstukcontrolefunctie.
Gebruikershandleiding
De printer onderhouden
96
Opmerking:
Het testpatroon kan per model variëren.
6. Volg de instructies op het scherm om de printkop te reinigen.
7. Als het reinigen beëindigd is, drukt u het testpatroon van het kanaal opnieuw af. Herhaal het reinigen en
afdrukken van het testpatroon tot alle lijnen geheel afgedrukt worden.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
De printkop controleren en schoonmaken - Windows
1. Laad gewoon A4-papier in de printer.
2. Open het venster van de printerdriver.
3. Klik op Spuitkanaaltjes controleren op het tabblad Hulpprogramma's.
4. Volg de instructies op het scherm.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Windows-printerdriver” op pagina 106
De printkop controleren en schoonmaken - Mac OS X
1. Laad gewoon A4-papier in de printer.
2. Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu
> Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen), en selecteer dan de printer.
3. Klik op Opties en toebehoren > Hulpprogramma > Open Printerhulpprogramma.
4. Klik op Spuitkanaaltjes controleren.
5.
Volg de instructies op het scherm.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
De printkop uitlijnen
Als u een verkeerde uitlijning van verticale lijnen of onscherpe beelden ziet, lijn de printkop dan uit.
Gebruikershandleiding
De printer onderhouden
97
De printkop uitlijnen - Bedieningspaneel
1. Laad gewoon A4-papier in de printer.
2. Ga naar Instellen vanaf het hoofdscherm.
3.
Selecteer Onderhoud > Printkop uitlijnen.
4. Selecteer Verti cale uitlijning of Horizontale uitlijning en volg dan de instructies op het scherm om het
uitlijnpatroon af te drukken.
Verticale uitlijning: selecteer deze optie als uw afdrukken wazig zijn of verticale lijnen niet goed uitgelijnd
zijn.
Horizontale uitlijning: selecteer deze optie als er op gelijke intervallen horizontale banden verschijnen.
5. Volg de instructies op het scherm om de printkop uit te lijnen.
Verticale uitlijning: voer het nummer in voor het meest solide patroon in elke groep.
Horizontale uitlijning: zoek het cijfer van het beste patroon en voer het cijfer in.
Opmerking:
Het testpatroon kan per model variëren.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
De printkop uitlijnen - Windows
1. Laad gewoon A4-papier in de printer.
Gebruikershandleiding
De printer onderhouden
98
2. Open het venster van de printerdriver.
3. Klik op Printkop uitlijnen op het tabblad Hulpprogramma's.
4.
Volg de instructies op het scherm.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Windows-printerdriver” op pagina 106
De printkop uitlijnen - Mac OS X
1. Laad gewoon A4-papier in de printer.
2.
Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu
> Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen), en selecteer dan de printer.
3. Klik op Opties en toebehoren > Hulpprogramma > Open Printerhulpprogramma.
4. Klik op Printkop uitlijnen.
5. Volg de instructies op het scherm.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
Het papiertraject vrijmaken van inktvlekken
Als de afdrukken vlekken vertonen of bekrast zijn, reinig dan de roller binnenin. U kunt het reinigingsblad dat bij
het papier is geleverd, niet gebruiken.
c
Belangrijk:
Gebruik geen keukenpapier om de binnenkant van de printer te reinigen. Het kan zijn dat de spuitkanaaltjes van de
printkop verstopt zitten met stof.
1. Laad gewoon A4-papier in de printer.
2. Ga naar Instellen vanaf het hoofdscherm.
3. Selecteer Onderhoud > Papiergeleider reinigen.
4. Volg de instructies op het scherm om het papiertraject te reinigen.
Opmerking:
Herhaal deze procedure tot er geen vegen meer op het papier zitten.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
Gebruikershandleiding
De printer onderhouden
99
De automatische documentinvoer (ADF)
schoonmaken
Als de gekopieerde of gescande bestanden van de ADF vlekken bevatten of de originelen worden niet correct in de
ADF ingevoerd, reinig dan de ADF.
c
Belangrijk:
Maak de printer nooit schoon met alcohol of thinner. Deze chemicaliën kunnen de printer beschadigen.
1. Open het deksel van de ADF.
2. Maak de rol en de binnenzijde van de ADF schoon met een droge, zachte, schone doek.
Gebruikershandleiding
De printer onderhouden
100
3. Open het documentdeksel.
4.
Reinig het onderdeel dat wordt getoond in de aeelding.
Opmerking:
Als de glasplaat besmeurd is met vet of een andere hardnekkige substantie, veegt u de plaat schoon met een doek met
daarop een klein beetje glasreiniger. Verwijder al het overtollige vocht.
Druk niet te hard op het glasoppervlak.
Zorg ervoor dat u het oppervlak van het glas niet krast of beschadigt. Een beschadigde glasplaat kan de scankwaliteit
aantasten.
De Scannerglasplaat reinigen
Wanneer de kopieën of gescande aeeldingen vlekken of vegen bevatten, moet u de scannerglasplaat
schoonmaken.
Gebruikershandleiding
De printer onderhouden
101
c
Belangrijk:
Maak de printer nooit schoon met alcohol of thinner. Deze chemicaliën kunnen de printer beschadigen.
1. Open het documentdeksel.
2. Maak het oppervlak van de scannerglasplaat schoon met een droge, zachte, schone doek.
Opmerking:
Als de glasplaat besmeurd is met vet of een andere hardnekkige substantie, veegt u de plaat schoon met een doek met
daarop een klein beetje glasreiniger. Verwijder al het overtollige vocht.
Druk niet te hard op het glasoppervlak.
Zorg ervoor dat u het oppervlak van het glas niet krast of beschadigt. Een beschadigde glasplaat kan de scankwaliteit
aantasten.
Stroom besparen
De printer gaat in slaapstand of gaat automatisch uit als er een bepaalde tijd geen handelingen worden verricht. U
kunt de tijd aanpassen alvorens het stroombeheer wordt toegepast. Elke verhoging zal de energiezuinigheid van de
printer beïnvloeden. Denk aan het milieu alvorens u enige wijziging doorvoert.
Energie besparen - bedieningspaneel
1. Ga naar Instellen vanaf het hoofdscherm.
2. Selecteer Algemene instellingen.
3. Voer een van de volgende handelingen uit.
Selecteer Slaaptimer of Uitschakelinstellingen > Uit als inactief en stel dan de instellingen in.
Selecteer Slaaptimer of Uitschakelingstimer en stel dan de instellingen in.
Gebruikershandleiding
De printer onderhouden
102
Opmerking:
Uw product hee mogelijk de functie Uitschakelinstellingen of Uitschakelingstimer, aankelijk van de plaats van
aankoop.
Gebruikershandleiding
De printer onderhouden
103
Netwerkservice en softwareinformatie
In dit deel maakt u kennis met de netwerkservices en sowareproducten die beschikbaar zijn voor uw printer via
de Epson-website of de meegeleverde cd.
De service van Epson Connect
Dankzij Epson Connect (beschikbaar via het internet) kunt u via uw smartphone, tablet, pc of laptop, altijd en
praktisch overal afdrukken.
De functies die via het internet beschikbaar zijn, zijn als volgt.
Email Print Epson iPrint afdrukken
op afstand
Scan to Cloud Remote Print Driver
✓✓✓✓
Raadpleeg de portaalsite van Epson Connect voor meer informatie.
https://www.epsonconnect.com/
http://www.epsonconnect.eu (alleen Europa)
Web Cong
Web Cong is een toepassing die draait in een webbrowser, zoals Internet Explorer of Safari, op een computer of
smart device. U kunt de printerstatus controleren of de netwerkservice en de printerinstellingen aanpassen.
Verbind de printer en de computer of het smart device met hetzelfde netwerk om Web Cong te gebruiken.
Opmerking:
De volgende browsers worden ondersteund.
Besturingssysteem Browser
Windows XP of later
Internet Explorer 8 of later, Firefox
*
, Chrome
*
Mac OS X v10.6.8 of later
Safari
*
, Firefox
*
, Chrome
*
iOS
*
Safari
*
Android 2.3 of later Standaard browser
Chrome OS
*
Standaard browser
* Gebruik de laatste versie.
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
104
Web Cong uitvoeren op een browser
1. Controleer het IP-adres van de printer.
Druk op het networkpictogram (bijv.
) op het startscherm en controleer het IP-adres van de printer.
2. Start een browser op een computer of smart device en voer dan het IP-adres van de printer in.
Formaat:
IPv4: http://het IP-adres van de printer/
IPv6: http://[het IP-adres van de printer]/
Vo orb ee ld en:
IPv4: http://192.168.100.201/
IPv6: http://[2001:db8::1000:1]/
Opmerking:
Met het smart-apparaat kunt u Web Cong ook uitvoeren via het onderhoudsscherm op Epson iPrint.
Gerelateerde informatie
& “Afdrukken met Epson iPrint” op pagina 56
Web Cong uitvoeren op Windows
Volg de onderstaande stappen om Web Cong uit te voeren als u een computer aansluit op de printer met WSD.
1.
Ga naar het scherm Apparaten en printers in Windows.
Win d ow s 1 0
Rechtsklik op de knop Start en selecteer Conguratiescherm > Apparaten en printers weergeven in
Hardware en geluiden.
Windows 8.1/Windows 8/Windows Server 2012 R2/Windows Server 2012
Selecteer Bureaublad > Instellingen > Conguratiescherm > Apparaten en printers weergeven in
Hardware en geluiden (of Hardware).
Windows 7/Windows Server 2008 R2
Klik op de knop Start, selecteer
Conguratiescherm
> Apparaten en printers weergeven in Hardware en
geluiden.
Windows Vista/Windows Server 2008
Klik op de knop Start, selecteer Conguratiescherm > Printers in Hardware en geluiden.
2. Klik met de rechtermuisknop op uw printer en selecteer Eigenschappen.
3. Selecteer het tabblad Webs er v ic e en klik op de URL.
Web Cong uitvoeren op Mac OS X
1. Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu > Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen), en selecteer dan de printer.
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
105
2. Klik op Opties en toebehoren> Toon webpagina printer.
Windows-printerdriver
Het printerstuurprogramma bestuurt de printer op basis van de opdrachten van een toepassing. Door instellingen
op te geven in de printerdriver krijgt u het beste afdrukresultaat. Met het hulpprogramma voor de printerdriver
kunt u de status van de printer controleren en de printer in optimale conditie houden.
Opmerking:
U kunt de taal van de printerdriver naar wens instellen. Selecteer de gewenste taal bij Taa l op het tabblad
Hulpprogramma's.
De printerdriver openen vanuit een toepassing
Als u instellingen wilt opgeven die alleen moeten gelden voor de toepassing waarmee u aan het werk bent, opent u
de printerdriver vanuit de toepassing in kwestie.
Selecteer Afdrukken of Afdrukinstelling in het menu Bestand. Selecteer uw printer en klik vervolgens op
Vo or ke ur en of Eigenschappen.
Opmerking:
De werking varieert naargelang de toepassing. Zie de Help van de toepassing voor meer informatie.
De printerdriver openen via het bedieningspaneel
Wilt u instellingen congureren voor alle toepassingen, dan kunt u dit via het bedieningspaneel doen.
Wi n d o w s 1 0
Rechtsklik op de knop Start en selecteer Conguratiescherm > Apparaten en printers weergeven in Hardware
en geluiden. Klik met de rechtermuisknop op uw printer, of houd de printer ingedrukt en selecteer
Voorkeursinstellingen voor afdrukken.
Windows 8.1/Windows 8/Windows Server 2012 R2/Windows Server 2012
Selecteer Bureaublad > Instellingen >
Conguratiescherm
> Apparaten en printers weergeven in Hardware
en geluiden. Klik met de rechtermuisknop op uw printer, of houd de printer ingedrukt en selecteer
Voorkeursinstellingen voor afdrukken.
Windows 7/Windows Server 2008 R2
Klik op de knop Start, selecteer
Conguratiescherm
> Apparaten en printers weergeven in Hardware en
geluiden. Klik met de rechtermuisknop op uw printer en selecteer Voorkeursinstellingen voor afdrukken.
Windows Vista/Windows Server 2008
Klik op de knop Start, selecteer Conguratiescherm > Printers in Hardware en geluiden. Klik met de
rechtermuisknop op uw printer en selecteer Voorkeursinstellingen selecteren.
Windows XP/Windows Server 2003 R2/Windows Server 2003
Klik op de knop Start, selecteer Conguratiescherm > Printers en andere hardware > Printers en
faxapparaten. Klik met de rechtermuisknop op uw printer en selecteer Voorkeursinstellingen voor afdrukken.
Het printerstuurprogramma openen via het printerpictogram op de taakbalk
Het printerpictogram op de taakbalk van het bureaublad is een snelkoppeling waarmee u snel de printerdriver
kunt openen.
Als u op het printerpictogram klikt en Printerinstellingen selecteert, kunt u hetzelfde venster met
printerinstellingen openen als het venster dat u opent via het bedieningspaneel. Als u op dit pictogram dubbelklikt,
kunt u de status van de printer controleren.
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
106
Opmerking:
Als het printerpictogram niet op de taakbalk wordt weergegeven, open dan het venster van de printerdriver, klik op
Controlevoorkeursinstellingen op het tabblad Hulpprogramma's en selecteer vervolgens Snelkoppelingspictogram
registreren op taakbalk.
De toepassing starten
Open het venster van de printerdriver. Selecteer het tabblad Hulpprogramma's.
Instellingen voor de Windows-printerdriver beperken
U kunt sommige instellingen van de printerdriver vergrendelen, zodat andere gebruikers ze niet kunnen wijzigen.
Opmerking:
Meld u aan op uw computer als beheerder.
1.
Open de Optionele instellingen in de printereigenschappen.
Win d ow s 1 0
Rechtsklik op de knop Start en selecteer Conguratiescherm > Apparaten en printers weergeven in
Hardware en geluiden. Klik met de rechtermuisknop op uw printer, of houd de printer ingedrukt en
selecteer Printereigenschappen. Selecteer het tabblad Optionele instellingen.
Windows 8.1/Windows 8/Windows Server 2012R2/Windows Server 2012
Selecteer Bureaublad > Instellingen > Conguratiescherm > Apparaten en printers weergeven in
Hardware en geluiden. Klik met de rechtermuisknop op uw printer, of houd de printer ingedrukt en
selecteer Printereigenschappen. Selecteer het tabblad Optionele instellingen.
Windows 7/Windows Server 2008 R2
Klik op de knop Start, selecteer
Conguratiescherm
> Apparaten en printers weergeven in Hardware en
geluiden. Klik met de rechtermuisknop op uw printer en selecteer Printereigenschappen. Selecteer het
tabblad Optionele instellingen.
Windows Vista/Windows Server 2008
Klik op de knop Start, selecteer
Conguratiescherm
> Printers in Hardware en geluiden. Klik met de
rechtermuisknop op uw printer en selecteer Eigenschappen. Selecteer het tabblad Optionele instellingen.
Windows XP/Windows Server 2003 R2/Windows Server 2003
Klik op de knop Start, selecteer Conguratiescherm > Printers en andere hardware > Printers en
faxapparaten. Klik met de rechtermuisknop op uw printer en selecteer Eigenschappen. Selecteer het
tabblad Optionele instellingen.
2. Klik op Driverinstellingen.
3. Selecteer de functie die u wilt beveiligen.
Zie de online-Help voor een uitleg van de items voor instellingen.
4.
Klik op OK.
Bedieningsinstellingen voor Windows-printerdriver congureren
U kunt instellingen congureren zoals het inschakelen van EPSON Status Monitor 3.
1. Open het venster van de printerdriver.
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
107
2. Klik op Extra instellingen op het tabblad Hulpprogramma's.
3. Congureer de gewenste instellingen en klik vervolgens op OK.
Zie de online-Help voor een uitleg van de items voor instellingen.
Gerelateerde informatie
& “Windows-printerdriver” op pagina 106
Mac OS X-printerdriver
De printerdriver bestuurt de printer op basis van de opdrachten van een toepassing. Door instellingen op te geven
in de printerdriver krijgt u het beste afdrukresultaat. Met het hulpprogramma voor de printerdriver kunt u de
status van de printer controleren en de printer in optimale conditie houden.
De printerdriver openen vanuit toepassingen
Klik op Pagina-instelling of Afdrukken in het menu File van uw toepassing. Klik indien nodig op To on det ai l s
(of
d
) om het afdrukvenster te vergroten.
Opmerking:
Aankelijk
van de toepassing die wordt gebruikt, wordt Pagina-instelling mogelijk niet weergegeven in het menu Bestand
en kunnen de bewerkingen voor het weergeven van het afdrukscherm verschillen. Zie de Help van de toepassing voor meer
informatie.
De toepassing starten
Selecteer Systeemvoorkeuren in het
menu > Printers & Scanners (of Afdrukken & scanne, Afdrukken &
fax) en selecteer de printer. Klik op Opties en toebehoren > Hulpprogramma > Open Printerhulpprogramma.
Bedieningsinstellingen voor Mac OS X-printerdriver
congureren
Het venster Bedieningsinstellingen van de Mac OS X-printerdriver
openen
Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu > Printers en scanners (of Afdrukken en scannen, Afdrukken en
faxen) en selecteer vervolgens de printer. Klik op Opties en toebehoren > Opties (of Besturingsbestand).
Bedieningsinstellingen voor de Mac OS X-printerdriver
Lege pagina overslaan: hiermee wordt voorkomen dat lege pagina's worden afgedrukt.
Stille modus: hiermee maakt de printer minder geluid, maar de afdruksnelheid kan afnemen.
Tijdelijk afdrukken in zwart-wit: hiermee wordt alleen tijdelijk met zwarte inkt afgedrukt.
Afdrukken met hoge snelheid: hiermee wordt afgedrukt wanneer de printkop in beide richtingen beweegt. Het
afdrukken verloopt sneller, maar de kwaliteit kan afnemen.
Witte randen verwijderen: hiermee worden onnodige marges verwijderd tijdens randloos afdrukken.
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
108
Waarschuwingen: wanneer deze optie is ingeschakeld, kan het printerstuurprogramma waarschuwingen
weergeven.
Bidirectionele communicatie gebruiken: dit moet normaliter ingesteld zijn op Aan. Selecteer Uit omdat het
openen van de printerinformatie niet mogelijk is omdat de printer gedeeld wordt met Windows computers op
een netwerk.
Gerelateerde informatie
& “Tijdelijk met zwarte inkt afdrukken” op pagina 92
EPSON Scan (scannerstuurprogramma)
EPSON Scan is een toepassing waarmee het scanproces geregeld kan worden. U kunt formaat, resolutie,
helderheid, contrast en kwaliteit van de gescande
aeelding
aanpassen.
Opmerking:
U kunt EPSON Scan ook vanuit een TWAIN-scantoepassing starten.
Beginnen met Windows
Opmerking:
U moet voor Windows Server de functie Bureaubladervaring installeren.
Wi n d o w s 1 0
Klik op de knop Start en selecteer dan Alle apps > EPSON > EPSON Scan > EPSON Scan.
Windows 8.1/Windows 8/Windows Server 2012 R2/Windows Server 2012
Voer de naam van de soware in het zoekvenster in en selecteer vervolgens het weergegeven pictogram.
Windows 7/Windows Vista/Windows XP/Windows Server 2008 R2/Windows Server 2008/Windows Server 2003
R2/Windows Server 2003
Klik op de knop Start en selecteer dan Alle programma’s of programmas > EPSON > EPSON Scan > EPSON
Scan.
Beginnen met Mac OS X
Opmerking:
EPSON Scan biedt geen ondersteuning voor de Mac OS X-functie voor snelle gebruikersoverschakeling. Schakel snelle
gebruikersoverschakeling uit.
Selecteer Start > Toepassingen > Epson
Soware
> EPSON Scan.
Epson Event Manager
Epson Event Manager is een toepassing waarmee u vanuit het conguratiescherm het scannen kunt beheren en
bestanden kunt opslaan op een computer. U kunt uw eigen instellingen als presets toevoegen zoals het
documenttype, de locatie voor de opslagmap en het formaat van het bestand. Zie de Help van de toepassing voor
meer informatie.
Opmerking:
Windows Server besturingssystemen worden niet ondersteund.
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
109
Beginnen met Windows
Wi n d o w s 1 0
Klik op de knop Start en selecteer dan Alle apps > Epson Soware > Event Manager.
Windows 8.1/Windows 8
Voer de naam van de soware in het zoekvenster in en selecteer vervolgens het weergegeven pictogram.
Wi n d o w s 7 / Wi n d o w s Vi s t a / Wi n d ows X P
Klik op de knop Start en selecteer dan Alle programma's of Programma's > Epson Soware > Event
Manager.
Beginnen met Mac OS X
Selecteer Start > Toepassingen > Epson Soware > Event Manager.
PC-FAX-driver (faxdriver)
PC-FAX is een toepassing waarmee u een bestand, dat in een andere toepassing is gemaakt, rechtstreeks vanaf uw
computer als fax kunt verzenden. PC-FAX driver wordt samen met de FAX Utility geïnstalleerd. Zie de Help van de
toepassing voor meer informatie.
Opmerking:
Windows Server besturingssystemen worden niet ondersteund.
De werking varieert naargelang de toepassing die gebruikt werd om het document te creëren. Zie de Help van de
toepassing voor meer informatie.
Openen vanuit Windows
Selecteer in de toepassing Afdrukken of Printerinstelling in het menu Bestand. Selecteer uw printer (FAX) en
klik vervolgens op Voor ke ur en of Eigenschappen.
Openen vanuit Mac OS X
Selecteer in de toepassing Druk af in het menu Bestand. Selecteer uw printer (FAX) bij Printer en selecteer
Faxinstellingen of Instellingen geadresseerden in het venstermenu.
FAX Utility
FAX Utility is een toepassing waarmee u verscheidene instellingen kunt
congureren
voor het verzenden van faxen
via een computer. U kunt de contactpersonenlijst maken of bewerken voor het verzenden van faxen, faxen opslaan
in PDF op de computer, etc. Zie de Help van de toepassing voor meer informatie.
Opmerking:
Windows Server besturingssystemen worden niet ondersteund.
Zorg ervoor dat u de printerdriver geïnstalleerd hebt alvorens u FAX Utility installeert.
Beginnen met Windows
Wi n d o w s 1 0
Klik op de knop Start en selecteer dan Alle apps > Epson Soware > FAX Utility.
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
110
Windows 8.1/Windows 8
Voer de naam van de soware in het zoekvenster in en selecteer vervolgens het weergegeven pictogram.
Wi n d o w s 7 / Wi n d o w s Vi s t a / Wi n d ows X P
Klik op de knop Start en selecteer Alle programma's of Programma's > Epson Soware > FAX Utility.
Beginnen met Mac OS X
Selecteer Systeemvoorkeuren vanaf het menu
> Printers & Scanners (of Afdrukken & Scannen, Afdrukken
& Faxen) en selecteer dan de printer (FAX). Klik op Opties en toebehoren > Hulpprogramma > Open
Printerhulpprogramma.
Epson Easy Photo Print
Epson Easy Photo Print is een toepassing waarmee u gemakkelijk foto's met verschillende lay-outs kunt afdrukken.
U kunt het voorbeeld van het foto-bestand bekijken en het bestand of de positie aanpassen. U kunt ook foto's met
een rand afdrukken. Zie de Help van de toepassing voor meer informatie.
Opmerking:
Windows Server besturingssystemen worden niet ondersteund.
De printerdriver moet geïnstalleerd zijn om deze toepassing te gebruiken.
Beginnen met Windows
Wi n d o w s 1 0
Klik op de knop Start en selecteer dan Alle apps > Epson Soware > Epson Easy Photo Print.
Windows 8.1/Windows 8
Voer de naam van de
soware
in het zoekvenster in en selecteer vervolgens het weergegeven pictogram.
Wi n d o w s 7 / Wi n d o w s Vi s t a / Wi n d ows X P
Klik op de knop Start en selecteer Alle programma's of Programma's > Epson
Soware
> Epson Easy Photo
Print.
Beginnen met Mac OS X
Selecteer Start > Toepassingen > Epson Soware > Epson Easy Photo Print.
E-Web Print (alleen voor Windows )
E-Web Print is een toepassing waarmee u gemakkelijk webpagina's met verschillende lay-outs kunt afdrukken. Zie
de Help van de toepassing voor meer informatie. U kunt de help openen in het menu E-Web Print op de werkbalk
E-Web Print.
Opmerking:
Windows Server besturingssystemen worden niet ondersteund.
Controleer op ondersteunde browsers en de laatste versie van de downloadsite.
Starten
Wanne er u E-Web Printinstalleert, wordt dit we ergegeven in uw browser. Klik op Afdrukken of Clippen.
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
111
EPSON Software Updater
EPSON
Soware
Updater is een toepassing die controleert op nieuwe of bijgewerkte
soware
op internet en deze
vervolgens installeert. U kunt ook de rmware en de handleiding van de printer bijwerken.
Opmerking:
Windows Server besturingssystemen worden niet ondersteund.
Beginnen met Windows
Wi n d o w s 1 0
Klik op de knop start en selecteer dan Alle apps > Epson Soware > EPSON Soware Updater.
Windows 8.1/Windows 8
Voer de naam van de soware in het zoekvenster in en selecteer vervolgens het weergegeven pictogram.
Wi n d o w s 7 / Wi n d o w s Vi s t a / Wi n d ows X P
Klik op de knop Start en selecteer dan Alle Programma’s (of Programma’s) > Epson
Soware
> EPSON
Soware Updater.
Opmerking:
U kunt EPSON Soware Updater ook starten door te klikken op het printerpictogram op de taakbalk van het bureaublad en
vervolgens Soware-update te selecteren.
Beginnen met Mac OS X
Selecteer Start > Toepassingen > Epson
Soware
> EPSON
Soware
Updater.
EpsonNet
Cong
EpsonNet Cong is een toepassing waarmee u de netwerkinterface-adressen en -protocollen kunt congureren.
Zie de gebruikershandleiding voor EpsonNet Cong of de help van de toepassing voor meer informatie.
Beginnen met Windows
Wi n d o w s 1 0
Klik op de knop Start en selecteer dan Alle apps > EpsonNet > EpsonNet
Cong
V4 > EpsonNet
Cong
.
Windows 8.1/Windows 8/Windows Server 2012 R2/Windows Server 2012
Voer de naam van de soware in het zoekvenster in en selecteer vervolgens het weergegeven pictogram.
Windows 7/Windows Vista/Windows XP/Windows Server 2008 R2/Windows Server 2008/Windows Server 2003
R2/Windows Server 2003
Klik op de knop Start en selecteer Alle programma's of Programma's > EpsonNet > EpsonNet
Cong
V4 >
EpsonNet Cong.
Beginnen met Mac OS X
Selecteer Start > Toepassingen > Epson Soware > EpsonNet > EpsonNet Cong V4 > EpsonNet Cong.
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
112
Toepassingen verwijderen
Opmerking:
Meld u aan op uw computer als beheerder. Voer het beheerderswachtwoord in als u hierom wordt gevraagd.
Toepassingen verwijderen - Windows
1. Druk op de knop
P
om de printer uit te zetten.
2. Sluit alle actieve toepassingen.
3. Conguratiescherm openen:
Win d ow s 1 0
Rechtsklik op de knop Start en selecteer Conguratiescherm.
Windows 8.1/Windows 8/Windows Server 2012 R2/Windows Server 2012
Selecteer Bureaublad > Instellingen > Conguratiescherm.
Windows 7/Windows Vista/Windows XP/Windows Server 2008 R2/Windows Server 2008/Windows Server
2003 R2/Windows Server 2003
Klik op de startknop en selecteer Conguratiescherm.
4.
Open Een programma verwijderen (of Programma's installeren of verwijderen):
Windows 10/Windows 8.1/Windows 8/Windows 7/Windows Vista/Windows Server 2012 R2/Windows
Server 2012/Windows Server 2008 R2/Windows Server 2008
Selecteer Een programma verwijderen in Programma's.
Windows XP/Windows Server 2003 R2/Windows Server 2003
Klik op Programma's installeren of verwijderen.
5. Selecteer de
soware
die u wilt verwijderen.
6. De toepassingen verwijderen:
Windows 10/Windows 8.1/Windows 8/Windows 7/Windows Vista/Windows Server 2012 R2/Windows
Server 2012/Windows Server 2008 R2/Windows Server 2008
Klik op Ve r wij de ren /w ij zi ge n of Ve r wij de ren .
Windows XP/Windows Server 2003 R2/Windows Server 2003
Klik op Wijzigen/Verwijderen of Ver wijderen.
Opmerking:
Als het venster Gebruikersaccountbeheer wordt weergegeven, klikt u op Doorgaan.
7. Volg de instructies op het scherm.
Toepassingen verwijderen - Mac OS X
1. Download de Uninstaller met EPSON Soware Updater.
Als u de Uninstaller hebt gedownload,
hoe
u deze niet telkens opnieuw te downloaden wanneer u de
toepassing verwijdert.
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
113
2. Druk op de knop
P
om de printer uit te schakelen.
3. Om de printerdriver of de PC-FAX driver te deïnstalleren, selecteer Systeemvoorkeuren in het
menu >
Printers & Scanners (of Afdrukken & scannen, Afdrukken & fax) en verwijder de printer uit de printerlijst.
4. Sluit alle actieve toepassingen.
5. Selecteer Start > Toepassingen > Epson Soware > Uninstaller.
6. Selecteer de toepassing die u wilt verwijderen en klik vervolgens op Maak installatie ongedaan.
c
Belangrijk:
De Uninstaller verwijdert alle Epson-inktjetprinterdrivers van de computer. Als u meerdere Epson
inktjetprinters gebruikt en u enkel bepaalde drivers wenst te verwijderen, verwijder ze dan eerst allemaal en
installeer dan enkel de vereiste drivers.
Opmerking:
Als u de toepassing die u wilt verwijderen niet kunt vinden in de lijst, kunt u deze niet verwijderen met de Uninstaller.
Selecteer in dat geval Start > Toepassingen > Epson
Soware
, kies de toepassing die wilt verwijderen en sleep deze
vervolgens naar het prullenmandpictogram.
Gerelateerde informatie
& “EPSON Soware Updater” op pagina 112
Toepassingen installeren
Verbind uw computer met het netwerk en installeer de nieuwste versie van toepassingen vanaf de website.
Opmerking:
Meld u aan op uw computer als beheerder. Voer het beheerderswachtwoord in als u hierom wordt gevraagd.
U moet een toepassing eerst verwijderen voordat u deze opnieuw kunt installeren.
1. Sluit alle actieve toepassingen.
2. Koppel de printer en computer tijdelijk los als u de printerdriver of EPSON Scan installeert.
Opmerking:
Verbindt de printer en computer pas als de instructies dit zeggen.
3. Installeer de toepassingen door de instructies op onderstaande website te volgen.
http://epson.sn
Opmerking:
Als u een Windows-computer gebruikt en de toepassingen niet kunt downloaden vanaf de website, installeert u deze van
de
soware-cd
die met de printer is geleverd.
Gerelateerde informatie
& Toepassingen verwijderenop pagina 113
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
114
Toepassingen en rmware bijwerken
Bepaalde problemen kunnen worden opgelost door de toepassingen en
rmware
opnieuw te installeren. Zorg
ervoor dat u de nieuwste versie van de toepassingen en rmware gebruikt.
1. Controleer of de printer en de computer zijn aangesloten, en of de computer met internet is verbonden.
2. Start EPSON Soware Updater en werk de toepassingen of de rmware bij.
c
Belangrijk:
Schakel de computer of printer niet uit tijdens de update.
Opmerking:
Als u de toepassing die u wilt bijwerken niet kunt vinden in de lijst, kunt u deze niet bijwerken met de EPSON Soware
Updater. Kijk op uw lokale Epson-website voor de nieuwste versies van de toepassingen.
http://www.epson.com
Gerelateerde informatie
& “EPSON Soware Updater” op pagina 112
Gebruikershandleiding
Netwerkservice en softwareinformatie
115
Problemen oplossen
De printerstatus controleren
Op het display kunt u foutberichten en een geschatte waarde van het inktniveau bekijken.
Berichten op het display bekijken
Als er een foutmelding op het display wordt weergegeven, volgt u de instructies op het scherm of de onderstaande
oplossingen om het probleem op te lossen.
Foutmeldingen Oplossingen
Printerfout. Schakel de printer uit en weer in. Zie
de documentatie voor details.
Verwijder al het papier en beschermingsmateriaal uit de printer. Neem
contact op met de klantenservice van Epson als de foutmelding
aanhoudt.
U moet de volgende inktpatronen vervangen. Voor een optimale afdrukkwaliteit en bescherming van de printkop blijft
een variabele inktreserve in de cartridge achter op het moment waarop
de printer aangeeft dat u de cartridge moet vervangen. Vervang het
inktpatroon wanneer hierom wordt gevraagd.
Een inktkussentje van de printer is aan het einde
van zijn levensduur. Neem contact op met Epson
Support.
Neem contact op met Epson of een erkende Epson-serviceprovider om
het inktkussentje te vervangen*. Dit onderdeel kan niet door de
gebruiker worden vervangen. Het bericht wordt weergegeven tot het
inktkussentje wordt vervangen.
Druk op de knop
x
om het afdrukken te hervatten.
Een inktkussentje van de printer is aan het einde
van zijn levensduur. Neem contact op met
Epson-ondersteuning.
Neem contact op met Epson of een erkende Epson-serviceprovider om
het inktkussentje te vervangen*. Dit onderdeel kan niet door de
gebruiker worden vervangen.
Communicatiefout. Controleer of de computer is
aangesloten.
Sluit de computer en de printer correct aan. Als u aangesloten bent via
een netwerk, raadpleeg dan de Netwerkhandleidin g. Als de foutmelding
nog steeds wordt weergegeven, controleert u of EPSON Scan en Event
Manager op de computer geïnstalleerd zijn.
Geen kiestoon gedetecteerd.
Dit probleem kan mogelijk worden opgelost door selectie van Instellen
> Faxinstellingen > Basisinstellingen > Lijntype en dan PBX. Als uw
telefoonsysteem een externe toegangscode vereist voor een buitenlijn,
stelt u de toegangscode in nadat u PBX hebt geselecteerd. Gebruik een
hekje (#) in plaats van de werkelijke toegangscode wanneer u een
extern faxnummer invoert. Hierdoor wordt de verbinding
betrouwbaarder.
Als de foutmelding nog steeds wordt weergegeven, schakelt u de
Kiestoondetectie uit. N.B. Als u deze functie uitschakelt, wordt het
eerste cijfer van het faxnummer mogelijk overgeslagen waardoor het
bericht naar een foutief nummer wordt verzonden.
Combinatie van IP-adres en subnetmasker is
ongeldig. Raadpleeg uw documentatie.
Raadpleeg de Netwerkhandleiding.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
116
Foutmeldingen Oplossingen
Recovery Mode De printer is in herstelmodus gestart omdat de rmware-update is
mislukt. Volg de onderstaande stappen om opnieuw te proberen de
rmware bij te werken.
1. Sluit de computer en de printer met een USB-kabel op elkaar aan. (In
herstelmodus kunt u de rmware niet via een netwerkverbinding
bijwerken.)
2. Ga naar uw lokale Epson-website voor verdere instructies.
* Bij sommige afdrukcycli komt een heel kleine hoeveelheid overtollige inkt op het inktkussentje terecht. Om te voorkomen
dat er inkt uit het kussentje lekt, is het product ontworpen om het afdrukken te stoppen wanneer het kussentje de limiet
bereikt. Of en hoe vaak dit nodig is, hangt af van het aantal pagina's dat u afdrukt, het soort materiaal waarop u afdrukt en
het aantal reinigingsprocedures dat door het apparaat wordt uitgevoerd. Dat het kussentje moet worden vervangen, wil
niet zeggen dat uw printer niet meer volgens de specicaties functioneert. De printer brengt u op de hoogte wanneer het
kussentje moet worden vervangen. Dit kan alleen worden gedaan door een erkende Epson-serviceprovider. De kosten voor
deze vervanging vallen niet onder de garantie van Epson.
Gerelateerde informatie
& “Contact opnemen met de klantenservice van Epson” op pagina 151
& “Toepassingen installeren” op pagina 114
& “Toepassingen en rmware bijwerken” op pagina 115
De printerstatus controleren - Windows
1. Open het venster van de printerdriver.
2.
Klik op EPSON Status Monitor 3 in het tabblad Hulpprogramma's en selecteer daar Details.
Opmerking:
Als EPSON Status Monitor 3 is uitgeschakeld, klikt u op Extra instellingen op het tabblad Hulpprogramma's en
selecteert u EPSON Status Monitor 3 inschakelen.
Gerelateerde informatie
& “Windows-printerdriver” op pagina 106
De printerstatus controleren - Mac OS X
1. Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu > Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen), en selecteer dan de printer.
2. Klik op Opties en toebehoren > Hulpprogramma > Open Printerhulpprogramma.
3. Klik op EPSON Status Monitor.
Vastgelopen papier verwijderen
Controleer de foutmelding die op het bedieningspaneel wordt weergegeven en volg de instructies om het
vastgelopen papier, inclusief afgescheurde stukjes, te verwijderen. Verwijder hierna de foutmelding.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
117
c
Belangrijk:
Verwijder voorzichtig het vastgelopen papier. Het papier krachtdadig verwijderen kan de printer beschadigen.
Vastgelopen papier binnen in de printer verwijderen
!
Let op:
Pas bij het sluiten van de scannereenheid op dat uw vingers niet klem komen te zitten. Anders kunt u zich
verwonden.
Raak nooit de knoppen van het bedieningspaneel aan als u met uw hand in de printer zit. Als de printer begint te
werken, kunt u zich verwonden. Raak de uitstekende delen niet aan om verwondingen te voorkomen.
1. Open de scannereenheid met het documentdeksel gesloten.
2. Verwijder het vastgelopen papier.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
118
c
Belangrijk:
Raak de witte, platte kabel of het doorzichtige deel binnen in de printer niet aan. Dit kan een storing
veroorzaken.
3. Sluit de scannereenheid.
Vastgelopen papier verwijderen uit de Papiercassette
1. Sluit de uitvoerlade.
2.
Trek de papiercassette uit de printer.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
119
3. Verwijder het vastgelopen papier.
4. Lijn de randen van het papier uit en schuif de zijgeleiders tegen de randen van het papier aan.
5.
Laad de papiercassette in de printer.
Vastgelopen papier verwijderen uit de Achterpaneel
1. Verwijder de achterpaneel.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
120
2. Verwijder het vastgelopen papier.
3. Verwijder het vastgelopen papier uit de achterpaneel
4. Open het deksel van de achterpaneel.
5. Verwijder het vastgelopen papier.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
121
6. Sluit het deksel van de achterpaneel en laad de achterpaneel in de printer.
Vastgelopen papier verwijderen uit de ADF
!
Let op:
Pas bij het sluiten van het deksel op dat uw vingers niet klem komen te zitten. Anders kunt u zich verwonden.
1.
Open het deksel van de ADF.
2.
Verwijder het vastgelopen papier.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
122
3. Open het documentdeksel.
4.
Verwijder het vastgelopen papier.
5. Sluit het documentdeksel.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
123
6. Til de invoerlade van de ADF op en verwijder het vastgelopen papier.
7. Sluit het deksel van de ADF.
Papier wordt niet goed ingevoerd
Controleer het volgende als het papier scheef, met verschillende vellen tegelijk of helemaal niet wordt ingevoerd, of
als papier wordt uitgeworpen.
Plaats de printer op een vlakke ondergrond en gebruik deze in de aanbevolen omgevingsomstandigheden.
Gebruik papier dat ondersteund wordt door deze printer.
Volg de voorzorgsmaatregelen voor papierverwerking.
Laad het papier in de juiste richting en schuif de zijgeleiders tegen de randen van het papier aan.
Laad niet meer dan het maximale aantal pagina's voor de specieke papiersoort. Let er bij gewoon papier op dat
het niet boven de streep net onder het symbool
d
aan de binnenzijde van de geleider komt.
Duw de papiercassette er helemaal in.
Wanneer er verschillende vellen tegelijk worden ingevoerd tijdens dubbelzijdig afdrukken, haalt u al het papier
uit de papierbron voordat u het opnieuw laadt.
Laad en werp het papier uit zonder af te drukken om het papiertraject te reinigen.
Zorg ervoor dat de instellingen van het papierformaat en -type in de papierbron juist zijn.
Gerelateerde informatie
&
Omgevingsspecicaties
” op pagina 146
& “Beschikbaar papier en capaciteiten” op pagina 29
& Voorzorgsmaatregelen voor papierverwerking” op pagina 28
&
“Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Het papiertraject vrijmaken van inktvlekken” op pagina 99
Origineel wordt niet in ADF ingevoerd
Gebruik originelen die door de ADF worden ondersteund.
Laad de originelen in de juiste richting en schuif de ADF-zijgeleiders tegen de randen van het papier aan.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
124
Maak de binnenzijde van de ADF schoon.
Laad de originelen niet tot boven de streep met het driehoekje op de ADF.
Controleer of het ADF-pictogram op het bedieningspaneel verschijnt. Plaats de originelen opnieuw als het
pictogram niet verschijnt.
Gerelateerde informatie
& “Beschikbare originelen voor de ADF” op pagina 34
& “Originelen op de ADF plaatsen” op pagina 34
&
“De automatische documentinvoer (ADF) schoonmaken” op pagina 100
Problemen met stroomtoevoer en bedieningspaneel
De stroom wordt niet ingeschakeld
Controleer of het netsnoer goed in het stopcontact zit.
Houd de knop
P
iets langer ingedrukt.
De stroom wordt niet uitgeschakeld
Houd de knop
P
iets langer ingedrukt. Als de printer ook hiermee niet uitgaat, haalt u de stekker uit het
stopcontact. Zet de printer weer aan en zet deze vervolgens uit door op de knop
P
te drukken om te voorkomen
dat de printkop uitdroogt.
Stroom schakelt automatisch uit
Selecteer Uitschakelinstellingen in Instellenen schakel dan de instellingen Uit als inactief en Uit als
losgekoppeld uit.
Schakel de instelling Uitschakelingstimer in Instellenuit.
Opmerking:
Uw product hee mogelijk de functie Uitschakelinstellingen of Uitschakelingstimer, aankelijk van de plaats van
aankoop.
Gerelateerde informatie
& Instellen-modus” op pagina 20
Het display wordt donker
De printer staat in slaapstand. Druk op een willekeurige knop op het bedieningspaneel om het display weer te
activeren.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
125
Printer drukt niet af
Controleer het volgende als de printer niet werkt of niets afdrukt.
Sluit de USB-kabel goed aan tussen de printer en de computer.
Als u een USB-hub gebruikt, sluit u de printer direct op de computer aan.
Als u de printer via een netwerk gebruikt, zorg er dan voor dat de printer aangesloten is op het netwerk. U kunt
de status van de printer bekijken door de indicatoren op het bedieningspaneel te raadplegen of door het
netwerkstatusblad af te drukken. Als de printer niet met een netwerk is verbonden, raadpleeg de
Netwerkhandleiding.
Als u een aeelding afdrukt die uit een grote hoeveelheid gegevens bestaat, kan de computer een tekort aan
geheugen ondervinden. Druk de aeelding af op een lagere resolutie of een kleiner formaat.
In Windows, klik op Wac htri j op het tabblad Hulpprogramma's van de printerdriver en controleer het
volgende.
Controleer of er gepauzeerde afdruktaken zijn.
Annuleer het afdrukken indien nodig.
Zorg ervoor dat de printer niet
oine
of in wachtstand staat.
Als de printer oine is of in wachtstand staat, schakel de relevante instelling dan uit via het menu Printer.
Zorg ervoor dat de printer is geselecteerd als standaardprinter via het menu Printer (er moet een vinkje op
het item staan).
Als de printer niet als standaardprinter is geselecteerd, stelt u deze in als de standaardprinter.
Zorg er bij Mac OS X voor dat de printerstatus niet Pauze is.
Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu
> Printers en scanners (of Afdrukken en scannen, Afdrukken
en faxen), en dubbelklik dan op de printer. Als de printer gepauzeerd is, klik dan op Hervatten (of Printer
hervatten).
Voer een spuitstukcontrole uit en reinig dan de printkop als er spuitkanaaltjes van de printkop verstopt zitten.
Als u de printer gebruikt via AirPrint, activeer dan de instelling AirPrint in Web
Cong
. Als deze instelling
uitgeschakeld is, kunt u AirPrint niet gebruiken.
Gerelateerde informatie
& Afdrukken annuleren” op pagina 58
& De printkop controleren en reinigen” op pagina 96
& “Web Cong” op pagina 104
Afdrukproblemen
Afdrukkwaliteit is slecht
Controleer het volgende als de afdrukkwaliteit slecht is vanwege wazige afdrukken, zichtbare strepen, ontbrekende
kleuren, vervaagde kleuren, verkeerde uitlijning en mozaïek-achtige patronen op de afdrukken.
Gebruik papier dat ondersteund wordt door deze printer.
Niet afdrukken op papier dat vochtig, beschadigd of te oud is.
Druk het papier of de enveloppe plat als het papier gekruld is of de enveloppe lucht bevat.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
126
Druk af met hoge resolutie-gegevens bij het afdrukken van aeeldingen of foto's. Aeeldingen op websites
gebruiken meestal een lage resolutie terwijl ze goed lijken op de display. Hierdoor kan de afdrukkwaliteit
afnemen.
Selecteer de geschikte instelling voor het papierformaat op het bedieningspaneel of in de printerdriver voor het
papierformaat dat in de printer is geladen.
Afdrukken met een hoge kwaliteitsinstelling op het bedieningspaneel of in de printerdriver.
Als u Standaard - Levendig selecteerde als kwaliteitsinstelling voor de printerdriver van Windows, wijzig dit
dan naar Standaard. Als u Normaal - Levendig selecteerde als kwaliteitsinstelling voor de printerdriver van
Mac OS X, wijzig dit dan naar Normaal.
Als
aeeldingen
of foto's in onverwachte kleuren worden afgedrukt, pas de kleuren dan aan en druk opnieuw
af. De functie automatische kleurcorrectie gebruikt de standaard correctiemodus van PhotoEnhance. Probeer
een andere correctiemodus van PhotoEnhance door een andere optie dan Automat. correctie te selecteren als
de instelling Scènecorrectie. Als het probleem zich blij voordoen, gebruik dan een andere functie voor de
kleurcorrectie dan PhotoEnhance.
Wi n d o w s
Selecteer Aangepast bij Kleurcorrectie op het tabblad Meer opties van de printerdriver. Klik op
Geavanceerd en probeer dan iets anders dan PhotoEnhance als Kleurenbeheer instelling.
Mac OS X
Selecteer Kleuren aanpassen in het pop-upmenu van het afdrukdialoogvenster en selecteer vervolgens
EPSON Kleurencontrole. Selecteer Kleurenopties in het pop-upmenu en selecteer dan iets anders dan
PhotoEnhance.
Deactiveer de bidirectionele (of hogesnelheids-)instelling. Wanneer deze instelling is geselecteerd, drukt de
printkop in beide richtingen af, en worden verticale lijnen mogelijk niet goed uitgelijnd. Als u deze functie
uitschakelt, kan het afdrukken langzamer verlopen.
Wi n d o w s
Hef de selectie op van Hoge snelheid in het tabblad Meer opties van de printerdriver.
Mac OS X
Selecteer Systeemvoorkeuren in het
menu > Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen) en selecteer de printer. Klik op Opties en toebehoren > Opties (of Driver). Selecteer
Uit voor Afdrukken met hoge snelheid.
Voer een spuitstukcontrole uit en reinig dan de printkop als er spuitkanaaltjes van de printkop verstopt zitten.
Lijn de printkop uit.
Als zich om de 3.3 cm een verkeerde uitlijning voordoet, moet u de printkop uitlijnen.
Het papier niet meteen stapelen na het afdrukken.
Laat de afdrukken volledig drogen voor u ze wegsteekt of uitstalt. Vermijd direct zonlicht, gebruik geen droger
en raak de afgedrukte zijde van het papier niet aan tijdens het drogen van de afdrukken.
Gebruik bij voorkeur originele Epson-cartridges. Dit product is ontworpen om kleuren aan te passen gebaseerd
op het gebruik van originele Epson-cartridges. De afdrukkwaliteit kan verslechteren wanneer niet-originele
cartridges worden gebruikt.
Epson raadt aan de cartridge te gebruiken vóór de datum die op de verpakking wordt vermeld.
U krijgt de beste resultaten als u de cartridge verbruikt binnen zes maanden na het openen van de verpakking.
Epson raadt aan om origineel Epson-papier te gebruik in plaats van gewoon papier voor het afdrukken van
aeeldingen of foto's. Druk op de afdrukbare zijde van het originele Epson-papier.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
127
Gerelateerde informatie
& Voorzorgsmaatregelen voor papierverwerking” op pagina 28
& “Lijst met papiertypes” op pagina 30
& De printkop controleren en reinigen” op pagina 96
& “De printkop uitlijnen” op pagina 97
& “Beschikbaar papier en capaciteiten” op pagina 29
Kopieerkwaliteit is slecht
Controleer het volgende als er oneven kleuren, vlekken, stippen of rechte lijnen op de gekopieerde aeelding
verschijnen.
Reinig het papiertraject.
Maak het scannerglasplaat schoon.
Maak de ADF schoon.
Druk niet te hard op het originele bestand of het documentdeksel wanneer u de originelen op het
scannerglasplaat legt. Oneven kleuren, vlekken of stippen kunnen verschijnen wanneer er te hard op het
originele bestand of het documentdeksel is gedrukt.
Als er een ribbelpatroon (ook wel 'moiré' genoemd) verschijnt, verandert u de instelling voor vergroten en
verkleinen, of vervangt u het origineel.
Wanneer er vlekken op het papier zijn, verlaagt u de instelling voor de kopieerdichtheid.
Gerelateerde informatie
& “Het papiertraject vrijmaken van inktvlekken” op pagina 99
& De Scannerglasplaat reinigen” op pagina 101
& “De automatische documentinvoer (ADF) schoonmaken” op pagina 100
& “Afdrukkwaliteit is slecht” op pagina 126
De achterkant van het origineel is te zien op de gekopieerde
afbeelding
Plaats een dun origineel op de scannerglasplaat en leg hier vervolgens een vel zwart papier overheen.
Verlaag de instelling voor de kopieerdichtheid op het bedieningspaneel.
Positie, formaat of marges van de afdruk zijn niet juist
Laad papier in de juiste richting en schuif de zijgeleiders tegen de randen van het papier.
Bij het plaatsen van de originelen op de scannerglasplaat moet u de hoek van het origineel uitlijnen met de hoek
die aangeduid is d.m.v. een symbool op de rand van de scannerglasplaat. Als de randen van de kopie
bijgesneden zijn, verschui u het origineel wat weg van de hoek.
Maak de scannerglasplaat en het documentdeksel schoon. Vlekken en stof op de het glas kunnen in het
kopieergedeelte worden opgenomen, wat een verkeerde afdrukpositie of kleine aeelding tot gevolg kan
hebben.
Selecteer de geschikte instelling voor het formaat van het origineel via het bedieningspaneel.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
128
Selecteer de geschikte instelling voor het formaat op het bedieningspaneel of in de printerdriver.
Pas de marge-instelling in de toepassing aan zodat deze binnen het afdrukgedeelte valt.
Tijdens randloos afdrukken, wordt de aeelding enigszins vergroot en wordt het uitstekende gedeelte
afgesneden. Pas de vergroting aan.
Wi n d o w s
Klik op Instellingen van Randloos op het tabblad Hoofdgroep van de printerdriver en selecteer de mate van
vergroting.
Mac OS X
Pas de instelling Uitbreiding aan in het menu Printerinstellingen van het afdrukdialoog.
Probeer de volgende instellingen als er zelfs tijdens randloos afdrukken marges verschijnen.
Wi n d o w s
Klik op Extra instellingen in het tabblad Hulpprogramma's van de printerdriver en selecteer Witte randen
verwijderen.
Mac OS X
Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu
> Printers & scanners (of Afdrukken & scannen,
Afdrukken & fax), en selecteer de printer. Klik op Opties & toebehoren > Opties (of Driver). Selecteer Aan
voor Witte randen verwijderen.
Gerelateerde informatie
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Originelen plaatsen” op pagina 34
& De Scannerglasplaat reinigen” op pagina 101
& “Afdrukgebied” op pagina 142
Papier vertoond vlekken of is bekrast
Controleer het volgende als het papier vlekken vertoond of bekrast is tijdens het afdrukken.
Reinig het papiertraject.
Maak de scannerglasplaat en het documentdeksel schoon.
Laad papier in de juiste richting.
Zorg ervoor dat de inkt volledig gedroogd is voordat u het opnieuw laadt bij het handmatig dubbelzijdig
afdrukken.
Wanneer u iets met een hoge gegevensdichtheid, zoals
aeeldingen
of
graeken,
automatisch dubbelzijdig
afdrukt, verlaagt u de instelling voor afdrukdichtheid en kiest u een langere droogtijd in de printerdriver.
Verlaag de kopieerdichtheid op het bedieningspaneel als het papier vlekken vertoond tijdens het kopiëren.
Gerelateerde informatie
&
“Het papiertraject vrijmaken van inktvlekken” op pagina 99
& De Scannerglasplaat reinigen” op pagina 101
& “Papier in de Papiercassette laden” op pagina 30
& “Modus Kopiëren” op pagina 17
& Dubbelzijdig afdrukken” op pagina 41
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
129
& “Afdrukkwaliteit is slecht” op pagina 126
Afgedrukte tekens zijn niet juist of onleesbaar
Sluit de USB-kabel goed aan tussen de printer en de computer.
Annuleer gepauzeerde afdruktaken.
Zet de computer niet handmatig in de Stand-by- of Slaap-stand tijdens het afdrukken. Als u de computer terug
opstart, worden er mogelijk onleesbare pagina's afgedrukt.
Gerelateerde informatie
& Afdrukken annuleren” op pagina 58
De afgedrukte afbeelding is omgekeerd
Hef de selectie van instellingen voor het spiegelen van aeeldingen op in de printerdriver of de toepassing.
Wi n d o w s
Hef de selectie op van Spiegel aeelding op het tabblad Meer opties van de printerdriver.
Mac OS X
Hef de selectie op van Spiegel aeelding in het menu Printerinstellingen van het afdrukdialoog.
Het probleem kon niet worden opgelost
Als u alle onderstaande oplossingen hebt geprobeerd en het probleem is nog steeds niet opgelost, verwijder dan de
printerdriver en installeer deze opnieuw.
Gerelateerde informatie
& Toepassingen verwijderenop pagina 113
& “Toepassingen installeren” op pagina 114
Afdrukken verloopt te traag
Wanneer u meer dan ongeveer 10 minuten lang continu afdrukt, wordt het afdrukken vertraagd om te
voorkomen dat het printermechanisme oververhit en beschadigd raakt. Het afdrukken kan echter worden
voortgezet. Als u de normale afdruksnelheid wilt herstellen, laat u de printer minstens 30 minuten inactief. Met
de stroom uit is een goed herstel niet mogelijk.
Sluit alle onnodige toepassingen.
Verlaag de kwaliteitsinstelling op het bedieningspaneel of in de printerdriver. Afdrukken met hoge kwaliteit
duurt langer.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
130
Schakel de bidirectionele (of hogesnelheids-)instelling in. Wanneer deze instelling is geselecteerd, drukt de
printkop in beide richtingen af, en verhoogt de afdruksnelheid.
Wi n d o w s
Selecteer Hoge snelheid in het tabblad Meer opties van de printerdriver.
Mac OS X
Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu
> Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen), en selecteer dan de printer. Klik op Opties en toebehoren > Opties (of Driver).
Selecteer Aan voor Afdrukken met hoge snelheid.
Deactiveer de stille modus. Wanneer deze functie actief is, daalt de afdruksnelheid.
Wi n d o w s
Selecteer Uit bij Stille modus op het tabblad Hoofdgroep van de printerdriver.
Mac OS X
Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu
> Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen), en selecteer dan de printer. Klik op Opties en toebehoren > Opties (of Driver).
Selecteer Uit voor Stille modus.
Kan niet beginnen met scannen
Als u scant met de ADF, controleer dan of het documentdeksel en het deksel van de ADF dicht zijn.
Sluit de USB-kabel goed aan tussen printer en computer.
Als u een USB-hub gebruikt, sluit u de printer direct op de computer aan.
Als u niet kunt scannen via een netwerk, raadpleeg dan de Netwerkhandleiding.
Als u op een hoge resolutie scant via een netwerk, kan een communicatiefout optreden. Verlaag de resolutie.
Zorg ervoor dat u de juiste printer (scanner) selecteert als een lijst met scanners verschijnt wanneer u EPSON
Scanstart.
Als u TWAIN-toepassingen gebruikt, selecteert u de printer (scanner) die u gebruikt.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
131
Controleer in Windows of de printer (scanner) in Scanner en camera's wordt weergegeven. De printer
(scanner) moet worden weergegeven als 'EPSON XXXXX' (printernaam). Als de printer (scanner) niet wordt
weergegeven, verwijdert u EPSON Scan en installeert u de toepassing opnieuw. Zie het volgende om Scanners
en camera's te openen.
Win d ow s 1 0
Rechtsklik op de knop Start en selecteer Conguratiescherm, voer "Scanner en Camera" in het zoekvak in,
klik op Scanners en camera's weergeven en controleer vervolgens of de printer wordt weergegeven.
Windows 8.1/Windows 8/Windows Server 2012 R2/Windows Server 2012
Selecteer Bureaublad > Instellingen > Conguratiescherm, voer "Scanner en camera's" in het zoekvak in,
klik op Scanners en camera's weergeven en controleer vervolgens of de printer wordt weergegeven.
Windows 7/Windows Server 2008 R2
Klik op de knop Start en selecteer
Conguratiescherm
, voer 'Scanners en camera's' in het zoekvak Scanners
en camera's weergeven in en controleer vervolgens of de printer wordt weergegeven.
Windows Vista/Windows Server 2008
Klik op de knop Start, selecteer
Conguratiescherm
> Hardware en geluiden > Scanners en camera's en
controleer vervolgens of de printer wordt weergegeven.
Windows XP/Windows Server 2003 R2/Windows Server 2003
Klik op de knop Start, selecteer Conguratiescherm > Printers en andere hardware > Scanners en
camera's en controleer vervolgens of de printer wordt weergegeven.
Als u niet kunt scannen met TWAIN-toepassingen, verwijdert u de TWAIN-toepassing en installeert u deze
opnieuw.
Als voor Mac OS X met een Intel-processor andere Epson-scannerdrivers dan EPSON Scan geïnstalleerd zijn,
zoals Rosetta of PPC, verwijdert u deze en EPSON Scan. Installeer vervolgens EPSON Scan opnieuw.
Gerelateerde informatie
& Toepassingen verwijderenop pagina 113
& “Toepassingen installeren” op pagina 114
Kan scannen niet starten via bedieningspaneel
Controleer of EPSON Scan en Epson Event Manager goed zijn geïnstalleerd.
Controleer de scaninstelling die in Epson Event Manager is toegewezen.
Gerelateerde informatie
& Kan niet beginnen met scannen” op pagina 131
Problemen met gescande afbeeldingen
Scankwaliteit is slecht
Reinig de scannerglasplaat.
Reinig de ADF.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
132
Druk niet te hard op het origineel of het documentdeksel wanneer u de originelen op de scannerglasplaat legt.
Er kunnen dan ongelijkmatige kleuren, vegen of punten op de kopie verschijnen.
Verwijder stof van het origineel.
Congureer de toepasselijke instellingen voor het documenttype op het bedieningspaneel.
Scan met een hogere resolutie.
Pas de aeelding aan in EPSON Scan en scan vervolgens opnieuw. Zie de Help van EPSON Scan voor meer
informatie.
Gerelateerde informatie
&
“De Scannerglasplaat reinigen” op pagina 101
& “De automatische documentinvoer (ADF) schoonmaken” op pagina 100
& “Modus Scannen” op pagina 18
Tekens zijn wazig
Selecteer in Kantoormodus in EPSON Scan het item Beeldoptie op het tabblad Beeldaanpassing. Selecteer
vervolgens Tekst verbeteren.
Selecteer in Professionele modus in EPSON Scan het item Document voor Automatische belichting bij
Origineel.
Pas de instellingen voor drempelwaarden aan in EPSON Scan.
Kantoormodus
Selecteer Zwart-wit bij Beeldtype op het tabblad Hoofdinstellingen. Pas vervolgens de instelling voor
drempelwaarden op het tabblad Beeldaanpassing aan.
Professionele modus
Selecteer Zwart-wit bij Beeldtype en pas vervolgens de instelling voor drempelwaarden aan.
Scan met een hogere resolutie.
De achterkant van het origineel is te zien op de gescande
afbeelding
Plaats een dun origineel op de scannerglasplaat en leg hier vervolgens een vel zwart papier overheen.
Congureer de toepasselijke instellingen voor het documenttype op het bedieningspaneel of in EPSON Scan.
Selecteer in Kantoormodus in EPSON Scan het item Beeldoptie op het tabblad Beeldaanpassing. Selecteer
vervolgens Tekst verbeteren.
Gerelateerde informatie
& “Modus Scannen” op pagina 18
Er verschijnt een ribbelpatroon (ook wel 'moiré' genoemd) op de
gescande afbeelding
Plaats het origineel met een iets andere hoek.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
133
Selecteer Ontrasteren in EPSON Scan.
Wij z i g d e res o l u t i e - i n s t e l l i n g .
Gerelateerde informatie
& “Modus Scannen” op pagina 18
Scangedeelte of -richting is niet juist
Bij het plaatsen van de originelen op het scannerglasplaat moet u de hoek van het origineel uitlijnen met de
hoek die aangeduid is d.m.v. een symbool op de rand van het scannerglasplaat. Als de randen van de gescande
aeelding bijgesneden zijn, verschui u het origineel wat weg van de hoek.
Maak de scannerglasplaat en het documentdeksel schoon. Vlekken en stof op de het glas kunnen in het
kopieergedeelte worden opgenomen, wat een verkeerde scanpositie of kleine
aeelding
tot gevolg kan hebben.
Als u meerdere originelen op het scannerglasplaat plaatst om ze afzonderlijk te kopiëren, maar ze op een enkel
blad gescand worden, leg ze dan ten minste 20 mm uit elkaar. Als het probleem aanhoudt, scan dan slechts één
origineel tegelijk.
Als u via het bedieningspaneel scant, stel dan het scangebied juist in.
Wanneer u scant met behulp van miniatuurvoorbeelden in EPSON Scan, plaatst u het origineel 4,5 mm van de
randen van de scannerglasplaat. Plaats het origineel in andere gevallen 1,5 mm van de randen van de
scannerglasplaat.
Wanneer u een miniatuurvoorbeeld gebruikt voor een groot origineel in Professionele modus, is het
scangebied mogelijk niet correct. Wanneer u een voorbeeld bekijkt in EPSON Scan, kunt u een selectiekader
maken om het gedeelte dat u wilt scannen, op het tabblad Normaal in het venster Vo or be el ds can.
Klik op Conguratie in EPSON Scan en hef de selectie op van Automatische fotorichting op het tabblad
Vo orb e el ds c an.
Als Automatische fotorichting in EPSON Scan niet naar wens werkt, raadpleegt u de Help van EPSON Scan.
Wanneer u scant met EPSON Scan, kan het beschikbare scangedeelte beperkt worden als de resolutie te hoog is
ingesteld. Verlaag de resolutie of pas het scangedeelte aan in het venster Vo or be el ds c an .
Gerelateerde informatie
&
“Originelen plaatsen” op pagina 34
& De Scannerglasplaat reinigen” op pagina 101
& “Modus Scannen” op pagina 18
Het probleem met de gescande afbeelding kon niet worden
opgelost
Als u alle oplossingen hieronder hebt geprobeerd, en het probleem nog steeds niet is opgelost, klikt u op
Conguratie in het venster EPSON Scan en vervolgens op Alles resetten op het tabblad Andere om de
instellingen van EPSON Scan te initialiseren. Als het probleem hiermee niet wordt opgelost, verwijdert u EPSON
Scan en installeert u de toepassing opnieuw.
Gerelateerde informatie
& Toepassingen verwijderenop pagina 113
& “Toepassingen installeren” op pagina 114
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
134
Andere scanproblemen
Miniatuurvoorbeeld werkt niet goed
Raadpleeg de Help van EPSON Scan.
Scannen verloopt te traag
Verlaag de resolutie.
Klik op Conguratie in EPSON Scan, en schakel dan Stille modus in het tabblad Andere uit.
Gerelateerde informatie
& “Modus Scannen” op pagina 18
Scannen stopt bij het scannen naar een PDF/Multi-TIFF
Wanneer u scant met EPSON Scan, kunt u maximaal 999 pagina's in PDF-indeling en 200 pagina's in Multi-
TIFF-indeling scannen. Wanneer u via het bedieningspaneel scant, kunt u maximaal 50 pagina's in PDF-
indeling scannen.
We raden aan om in grijstinten te scannen bij het scannen van grote hoeveelheden.
Zorg voor genoeg beschikbare ruimte op de harde schijf van de computer. Het scannen kan ophouden als er niet
genoeg beschikbare ruimte is.
Probeer op een lagere resolutie te scannen. Het scannen stopt als de maximaal toegelaten gegevensgrootte wordt
overschreden.
Gerelateerde informatie
& “Modus Scannen” op pagina 18
Problemen met verzenden en ontvangen van faxen
Kan geen fax verzenden of ontvangen
Gebruik Fax-aansl. controleren op het bedieningspaneel om de faxverbindingscontrole uit te voeren. Probeer
de oplossingen die in het rapport worden voorgesteld.
Controleer de instellingen van Lijntype. Stel deze in op PBX om het probleem op te lossen. Als uw
telefoonsysteem een toegangscode vereist voor het verkrijgen van een buitenlijn, registreer deze dan op de
printer en voer een hekje (#) in aan het begin van een faxnummer.
Als er een communicatiefout optreedt, wijzig dan de instelling Faxsnelheid naar Langz.(9.600 b/s) via het
bedieningspaneel.
Controleer of de wandcontactdoos werkt door een telefoon erop aan te sluiten. Als u geen oproepen kunt
ontvangen of uitvoeren, neem dan contact op met uw telecombedrijf.
Voor een verbinding met een DSL-telefoonlijn hebt u een DSL-modem met ingebouwde DSL-lter nodig, of u
moet een aparte DSL-lter op de lijn installeren. Neem contact op met uw DSL-provider.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
135
Als u verbinding maakt met een DSL-telefoonlijn, sluit u de printer direct op de telefoonaansluiting in de muur
aan. Controleer vervolgens of u faxen kunt verzenden. Als dit werkt, ligt het probleem mogelijk bij de
DSL-
lter. Neem contact op met uw DSL-provider.
Schakel ECM in op het bedieningspaneel. Faxen in kleur kunnen niet worden verzonden of ontvangen als ECM
is uitgeschakeld.
Als u faxen via de computer wilt verzenden of ontvangen, controleert u of de printer via een USB-kabel of
netwerk is verbonden, en of de printerdriver en PC-FAX Driver op de computer zijn geïnstalleerd. De PC-FAX
Driver wordt samen met de FAX Utility geïnstalleerd.
Controleer in Windows of de printer (fax) in Apparaten en printers, Printer, of Printers en andere hardware
wordt weergegeven. De printer (fax) wordt weergegeven als 'EPSON XXXXX (FAX)'. Als de printer (fax) niet
wordt weergegeven, verwijdert u FAX Utility en installeert u de toepassing opnieuw. Zie het volgende om
Apparaten en printers, Printer, of Printers en andere hardware te openen.
Win d ow s 1 0
Rechtsklik op de knop Start en selecteer Conguratiescherm > Apparaten en printers weergeven in
Hardware en geluiden.
Windows 8.1/Windows 8
Selecteer Bureaublad > Instellingen > Conguratiescherm > Apparaten en printers weergeven in
Hardware en geluiden of Hardware.
Win d ow s 7
Klik op de knop Start, selecteer dan Conguratiescherm > Apparaten en printers weergeven in Hardware
en geluiden of Hardware.
Win d ow s Vi st a
Klik op de knop Start, selecteer Conguratiescherm > Printers in Hardware en geluiden.
Win d ow s X P
Klik op de knop Start, selecteer
Conguratiescherm
> Printers en andere hardware > Printers en
faxapparaten.
In Mac OS X controleert u het volgende.
Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu
> Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen), en selecteer dan de printer (fax) die wordt weergegeven. De printer (fax) wordt
weergegeven als "FAX XXXX (USB)" of "FAX XXXX (IP)". Als de printer (fax) niet wordt weergegeven, klikt
u op + en registreert u de printer (fax).
Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu
> Printers en scanners (of Afdrukken en scannen,
Afdrukken en faxen), en dubbelklik dan op de printer (fax) die wordt weergegeven. Als de printer
gepauzeerd is, klik dan op Hervat (of Hervat printer).
Gerelateerde informatie
& “Faxinstellingen” op pagina 24
& Instellingen congureren voor een PBX telefoonsysteem” op pagina 74
& De printer aansluiten op een telefoonlijn” op pagina 69
& Toepassingen verwijderenop pagina 113
& “Toepassingen installeren” op pagina 114
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
136
Kan geen faxen versturen
Congureer de hoofdinginformatie voor uitgaande faxberichten via het bedieningspaneel. Bepaalde
faxmachines weigeren faxberichten die geen hoofding hebben.
Als u uw gegevens geblokkeerd hebt, deblokkeer ze dan. Bepaalde faxmachines of telefoons weigeren anonieme
oproepen.
Vraag de ontvanger of het faxnummer juist is en of zijn faxmachine klaar is om berichten te ontvangen.
Gerelateerde informatie
& “Faxinstellingen” op pagina 24
& “Kan geen fax verzenden of ontvangen” op pagina 135
Kan geen faxen verzenden naar opgegeven ontvanger
Controleer het volgende als u geen faxen kunt versturen naar een opgegeven ontvanger vanwege een foutmelding.
Als de faxmachine van de ontvanger de oproep niet binnen de 50 seconden opneemt, wordt de oproep
afgebroken met een foutmelding. Bel het nummer met een aangesloten telefoon of controleer hoelang het duurt
voordat u een faxtoon hoort. Als het langer dan 50 seconden duurt voordat de faxmachine reageert, kunt u
pauzes invoegen na het faxnummer. Druk op
om de pauze in te voeren. Een koppelteken werkt als pauze-
aanduiding. Eén pauze is ca. drie seconden. Voeg meerdere pauzes toe indien nodig.
Als u de ontvanger uit de contactpersonenlijst hebt geselecteerd, controleert u of de informatie juist is. Is de
informatie juist, selecteer dan de ontvanger, druk op Bewerken en wijzig de Faxsnelheid in Langz.(9.600 b/s).
Gerelateerde informatie
& “Faxberichten verzenden met een extern telefoontoestel” op pagina 77
& Contacten registreren voor het faxen” op pagina 75
& “Kan geen fax verzenden of ontvangen” op pagina 135
Kan geen faxen verzenden op speciek tijdstip
Stel de datum en tijd goed in op het bedieningspaneel.
Gerelateerde informatie
& “Faxen verzenden op een speciek tijdstip (Fax later verzenden)” op pagina 78
& Instellen-modus” op pagina 20
Kan geen faxen ontvangen
Als u ingeschreven bent op een doorverwijzing, kan de printer mogelijk geen faxberichten ontvangen. Neem
contact op met de provider.
Als u een telefoon op de printer hebt aangesloten, stel dan de instelling Ontvangstmodus in op Auto via het
bedieningspaneel.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
137
In de volgende omstandigheden, hee de printer onvoldoende geheugen en kan deze geen faxen ontvangen.
Raadpleeg de probleemoplossing voor informatie over het omgaan met de fout geheugen vol.
Er zijn 100 ontvangen documenten opgeslagen in het Postvak IN.
Het geheugen van de printer is vol (100%).
Gerelateerde informatie
& “Faxinstellingen” op pagina 24
& “Kan geen fax verzenden of ontvangen” op pagina 135
&
“Foutmelding geheugen vol” op pagina 138
Foutmelding geheugen vol
Als de printer ingesteld is om faxen in de inbox op te slaan, verwijdert u de faxen die u al gelezen hebt.
Als de printer ingesteld is om faxen op een computer op te slaan, schakelt u deze computer in. Zodra de faxen
op uw computer opgeslagen zijn, worden ze uit de printer verwijderd.
Hoewel het geheugen vol is, kunt u toch nog een fax in zwart-wit verzenden via Direct verzenden. Of verdeel
uw origineel in twee of meer delen en verzend ze dan.
Deze foutmelding kan optreden als de printer een ontvangen fax niet kan afdrukken vanwege een afdrukfout,
zoals een papierstoring. Corrigeer het probleem en neem contact op met de afzender en vraag hem/haar om de
fax nogmaals te verzenden.
Gerelateerde informatie
& “Ontvangen faxen opslaan in het Postvak IN” op pagina 82
& “Ontvangen faxen opslaan op een computer” op pagina 83
& “Meerdere pagina's van een monochroom document verzenden (Direct verzenden)” op pagina 79
& “Vastgelopen papier verwijderen” op pagina 117
& “Inktpatronen vervangen” op pagina 86
Verzonden fax is van slechte kwaliteit
Maak de scannerglasplaat en het documentdeksel schoon.
Reinig de roller in de ADF.
Wij z i g d e Resolutie op het bedieningspaneel. Uw originele bevatten zowel tekst als
aeeldingen;
selecteer dan
Foto.
Wij z i g d e Densiteit op het bedieningspaneel.
Schakel ECM in op het bedieningspaneel.
Gerelateerde informatie
&
“Modus Fax” op pagina 19
&
“Faxinstellingen” op pagina 24
& De Scannerglasplaat reinigen” op pagina 101
& “De automatische documentinvoer (ADF) schoonmaken” op pagina 100
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
138
Faxen worden op verkeerde grootte verzonden
Als u een fax verzendt met de scannerglasplaat, plaats het origineel zodat de hoek is uitgelijnd met de originele
markering
Maak de scannerglasplaat en het documentdeksel schoon. Vlekken en stof op de het glas kunnen in het
kopieergedeelte worden opgenomen, wat een verkeerde scanpositie of kleine
aeelding
tot gevolg kan hebben.
Gerelateerde informatie
& “Modus Fax” op pagina 19
& “Originelen plaatsen” op pagina 34
& De Scannerglasplaat reinigen” op pagina 101
Ontvangen fax is van slechte kwaliteit
Schakel ECM in op het bedieningspaneel.
Vraag de afzender de fax te verzenden in een modus die een hogere kwaliteit biedt.
Druk de ontvangen fax opnieuw af.
Gerelateerde informatie
&
“Faxinstellingen” op pagina 24
&
“Ontvangen faxen opnieuw afdrukken” op pagina 85
Ontvangen faxen worden niet afgedrukt
Als er een fout optreedt in de printer, zoals een papierstoring, dan kan deze geen faxen afdrukken. Controleer
de printer.
Als de printer ingesteld is om faxberichten in de inbox op te slaan, dan worden de faxberichten niet automatisch
afgedrukt. Controleer de instellingen van Faxuitvoer.
Gerelateerde informatie
& De printerstatus controleren” op pagina 116
& “Vastgelopen papier verwijderen” op pagina 117
& “Inktpatronen vervangen” op pagina 86
& “Ontvangen faxen opslaan in het Postvak IN” op pagina 82
Andere faxproblemen
Bellen niet mogelijk op verbonden telefoon
Sluit de telefoon aan op de EXT. poort van de printer en neem de hoorn van de haak. Hoort u geen kiestoon, sluit
de modulaire kabel dan goed aan.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
139
Gerelateerde informatie
& Uw telefoontoestel aansluiten op de printer” op pagina 71
Antwoordapparaat kan geen telefoongesprekken beantwoorden
Stel via het bedieningspaneel de instelling Overgaan voor antw. in op een hoger aantal dan dat van uw
antwoordapparaat.
Gerelateerde informatie
& “Faxinstellingen” op pagina 24
& “Instellingen voor het antwoordapparaat” op pagina 80
Faxnummer van de zender wordt niet op ontvangen faxberichten
weergegeven of het nummer is fout
De zender hee de informatie niet of niet juist ingesteld. Neem contact op met de zender.
Overige problemen
Lichte elektrische schok wanneer u de printer aanraakt
Als er vele randapparaten op de computer zijn aangesloten, kunt u een lichte elektrische schok krijgen wanneer u
de printer aanraakt. Installeer een aardingskabel naar de computer die op de printer is aangesloten.
Printer maakt veel lawaai tijdens werking
Als de printer te veel lawaai maakt, schakel dan Stille modus in. Met deze functie ingeschakeld ligt de
afdruksnelheid mogelijk lager.
Wi n d o w s - p r i n t e r d r i v e r
Selecteer Aan voor Stille modus op het tabblad Hoofdgroep.
Mac OS X-printerdriver
Selecteer Systeemvoorkeuren in het menu
> Printers en scanners (of Afdrukken en scannen, Afdrukken
en faxen) en selecteer dan de printer. Klik op Opties en toebehoren > Opties (of Driver). Selecteer Aan als
Stille modus.
EPSON Scan
Klik op Conguratie en stel Stille modus in op het tabblad Andere.
De ADF werkt niet
Er kan stof in de holte linksvoor van de scannerglasplaat zitten. Verwijder al het stof.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
140
Scannen van ADF vertraagt
Wanneer u meer dan ongeveer ADF minuten lang continu scant, wordt het scannen vertraagd om te voorkomen
dat het scannermechanisme oververhit en beschadigd raakt. Het scannen kan echter worden voortgezet. Om
opnieuw op normale scansnelheid te werken, laat u de ADF inactief gedurende minstens 30 minuten. De
scansnelheid wordt niet hersteld als de stroom uit is.
Datum en tijd zijn verkeerd
Stel de datum en tijd goed in op het bedieningspaneel. Na een stroomonderbreking door blikseminslag, of als de
stroom langere tijd uitgeschakeld was, kan de klok de verkeerde tijd aangeven.
Gerelateerde informatie
& Instellen-modus” op pagina 20
Software wordt geblokkeerd door een rewall (alleen Windows)
Maak van de toepassing een door Windows Firewall toegelaten programma in de beveiligingsinstellingen in het
Conguratiescherm.
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
141
Bijlage
Technische specicaties
Printer
specicaties
Plaatsing van spuitstuk van printkop Spuitkanaaltjes voor zwarte inkt: 400
Spuitkanaaltjes voor kleureninkt: 128 per kleur
Gewicht van
papier
Gewoon papier 64 tot 90 g/m(17 tot 24 lb)
Enveloppen Envelope #10, DL, C6: 75 tot 90 g/m (20 tot 24 lb)
Afdrukgebied
Afdrukgebied voor losse vellen
Afdrukkwaliteit kan afnemen in de gearceerde gedeelten vanwege het printermechanisme.
Normaal afdrukken
A 3.0 mm (0.12 in.)
B 3.0 mm (0.12 in.)
C 47.0 mm (1.85 in.)
D 45.0 mm (1.77 in.)
Randloos afdrukken
A 50.0 mm (1.97 in.)
B 48.0 mm (1.89 in.)
Afdrukgebied voor enveloppen
Afdrukkwaliteit kan afnemen in de gearceerde gedeelten vanwege het printermechanisme.
Gebruikershandleiding
Bijlage
142
A 3.0 mm (0.12 in.)
B 5.0 mm (0.20 in.)
C 47.0 mm (1.85 in.)
D 18.0 mm (0.70 in.)
Scannerspecicaties
Type scanner Flatbed
Foto-elektrisch apparaat CIS
Eectieve pixels 10200×14040 pixels (1200 dpi)
Maximaal documentformaat 216×297 mm (8.5×11.7 in.)
A4, Letter
Scanresolutie 1200 dpi (hoofdscan)
2400 dpi (subscan)
Outputresolutie 50 tot 4800, 7200, 9600 dpi
(50 tot 4800 dpi in stappen van 1 dpi)
Kleurdiepte Kleur
48 bits per pixel intern (16 bits per pixel per interne kleur)
24 bits per pixel extern (8 bits per pixel per externe kleur)
Grijstinten
16 bits per pixel per intern
8 bits per pixel per extern
Zwart-wit
16 bits per pixel per intern
1 bits per pixel per extern
Lichtbron LED
Interface-specicaties
Voor computer USB Hi-Speed
Faxspecicaties
Faxtype Walk-up monochroom (zwart/wit) en kleuren (ITU-T Super Group 3)
Ondersteunde lijnen Standaard analoge telefoonlijnen, PBX (Private Branch Exchange)
telefoonsystemen
Snelheid Tot 33.6 kbps
Gebruikershandleiding
Bijlage
143
Resolutie Monochroom
Standaard: 8 pel/mm×3,85 line/mm (203 pel/in.×98 line/in.)
Fine: 8 pel/mm×7,7 line/mm (203 pel/in.×196 line/in.)
Foto: 8 pel/mm×7,7 line/mm (203 pel/in.×196 line/in.)
Kleur
Fine: 200×200 dpi
Foto: 200×200 dpi
Paginageheugen Tot 100 pagina's (indien ontvangen in de ITU-T No.1 monochrome kladmodus)
Opnieuw kiezen
*
2 keer (met intervallen van 1 minuut)
Interface RJ-11-telefoonlijn RJ-11-telefoonsetaansluiting
* De specicaties variëren mogelijk per land en regio.
Wi-specicaties
Normen
IEEE802.11b/g/n
*1
Frequentiebereik 2,4 GHz
Maximaal uitgezonden
radiofrequentievermogen
17 dBm (EIRP)
Coördinatiemodi
Infrastructuur, Ad hoc
*2
, Wi-Fi Direct
*3 *4
Draadloze beveiliging
WEP (64/128bit), WPA2-PSK (AES)
*5
*1 In overeenstemming met IEEE 802.11b/g/n of IEEE 802.11b/g afhankelijk van de aankooplocatie.
*2 Niet ondersteund voor IEEE 802.11n.
*3 Niet ondersteund voor IEEE 802.11b.
*4 Simple AP-modus is compatibel met een wi-verbinding (infrastructuur) of ethernetverbinding. Raadpleeg de
Netwerkhandleiding voor meer details.
*5 Voldoet aan WPA2-standaarden met ondersteuning voor WPA/WPA2 Personal.
Ethernetspecicaties
Normen
IEEE802.3i (10BASE-T)
*1
IEEE802.3u (100BASE-TX)
IEEE802.3az (Energy Ecient Ethernet)
*2
Communicatiemodus Auto, 10Mbps Full duplex, 10Mbps Half duplex, 100Mbps
Full duplex, 100Mbps Half duplex
Aansluiting RJ-45
*1 Gebruik een kabel van categorie 5e of hoger STP (Shielded twisted pair) om radiostoring te voorkomen.
*2 Het verbonden apparaat moet voldoen aan de IEEE802.3az-normen.
Gebruikershandleiding
Bijlage
144
Beveiligingsprotocol
SSL/TLS HTTPS Server/Client, IPPS
Ondersteunde services van derden
AirPrint Afdrukken iOS 5 of later/Mac OS X v10.7.x of later
Scannen Mac OS X v10.9.x of later
Faxen Mac OS X v10.8.x of later
Google Cloud Print
Dimensies
Dimensies Opslagruimte
Breedte: 425 mm (16.7 in.)
Diepte: 360 mm (14.2 in.)
Hoogte: 230 mm (9.1 in.)
Afdrukken
Breedte: 425 mm (16.7 in.)
Diepte: 559 mm (22.0 in.)
Hoogte: 230 mm (9.1 in.)
Gewicht
*
Ongev. 6.7 kg (14.8 lb)
* Zonder de inktpatronen en de stroomkabel.
Elektrische specicaties
Model Model 100 tot 240 V Model 220 tot 240 V
Nominaal frequentiebereik 50 tot 60 Hz 50 tot 60 Hz
Nominale stroom 0.5 tot 0.3 A 0.3 A
Stroomverbruik (met USB-aansluiting) Kopiëren zonder computer: ca. 14 W
(ISO/IEC24712)
Gereedmodus: ca. 4.7 W
Slaapmodus: ca. 1.5 W
Uitschakelen: ca. 0.2 W
Kopiëren zonder computer: ca. 14 W
(ISO/IEC24712)
Gereedmodus: ca. 4.7 W
Slaapmodus: ca. 1.5 W
Uitschakelen: ca. 0.3 W
Gebruikershandleiding
Bijlage
145
Opmerking:
Controleer het label op de printer voor de juiste spanning.
Voor gebruikers in Europa: raadpleeg de volgende website voor meer informatie over stroomverbruik.
http://www.epson.eu/energy-consumption
Voor gebruikers in België kan het stroomverbruik tijdens het kopiëren variëren.
Ga naar http://www.epson.be voor de recentste specicaties.
Omgevingsspecicaties
Gebruik Gebruik de printer in het bereik weergegeven in de volgende graek.
Temperatuur: 10 tot 35 °C (50 tot 95 °F)
Luchtvochtigheid: 20 tot 80% RV (zonder condensatie)
Opslag
Temperatuur: -20 tot 40 °C (-4 tot 104 °F)
*
Luchtvochtigheid: 5 tot 85% RV (zonder condensatie)
* Opslag bij 40 °C (104 °F) is mogelijk voor één maand.
Milieuspecicaties voor de inktpatronen
Opslagtemperatuur
- 30 tot 40 °C (- 22 tot 104 °F)
*
Vriestemperatuur -16 °C (3.2 °F)
De inkt ontdooit en is na ca. 3 uur bij 25 °C (77 °F) bruikbaar.
* Opslag bij 40 °C (104 °F) is mogelijk voor één maand.
Systeemvereisten
Windows 10 (32-bit, 64-bit)/Windows 8.1 (32-bit, 64-bit)/Windows 8 (32-bit, 64-bit)/Windows 7 (32-bit, 64-
bit)/Windows Vista (32-bit, 64-bit)/Windows XP Professional x64 Edition/Windows XP (32-bit)/Windows
Server 2012 R2/Windows Server 2012/Windows Server 2008 R2/Windows Server 2008 (32-bit, 64-bit)/Windows
Server 2003 R2 (32-bit, 64-bit)/Windows Server 2003 (32-bit, 64-bit)
Mac OS X v10.11.x/Mac OS X v10.10.x/Mac OS X v10.9.x/Mac OS X v10.8.x/Mac OS X v10.7.x/Mac OS X
v10.6.8
Opmerking:
Mac OS X biedt mogelijk geen ondersteuning voor sommige toepassingen en functies.
Het UNIX-bestandssysteem (UFS) voor Mac OS X wordt niet ondersteund.
Gebruikershandleiding
Bijlage
146
Regelgevingsinformatie
Normen en goedkeuringen
Normen en goedkeuringen voor VS-model
Veiligheid UL60950-1
CAN/CSA-C22.2 No.60950-1
EMC FCC Part 15 Subpart B Class B
CAN/CSA-CEI/IEC CISPR 22 Class B
In dit apparaat is de volgende draadloze module ingebouwd.
Fabrikant: Askey Computer Corporation
Type: WLU6320-D69 (RoHS)
Dit product voldoet aan lid 15 van de FCC-regelgeving en RSS-210 van de IC-regelgeving. Epson aanvaardt geen
enkele verantwoordelijkheid wanneer aan de beschermingsvereisten
areuk
wordt gedaan ten gevolge van een
niet-geautoriseerde wijziging aan het product. De werking is onderworpen aan de volgende twee voorwaarden: (1)
het apparaat mag geen schadelijke interferentie veroorzaken, en (2) het apparaat moet elke ontvangen interferentie
accepteren, inclusief interferentie die een ongewenste werking van het apparaat kan veroorzaken.
Om radio-interferentie tijdens regulier gebruik te voorkomen, moet dit toestel voor een maximale afscherming
binnenshuis en op voldoende afstand van de ramen worden gebruikt. Voor buitenshuis geïnstalleerde onderdelen
(of de zendantennes ervan) moet een vergunning worden aangevraagd.
Normen en goedkeuringen voor Europees model
Laagspanningsrichtlijn 2006/95/EC EN60950-1
EMC-richtlijn 2004/108/EC EN55022 Class B
EN61000-3-2
EN61000-3-3
EN55024
R&TTE-richtlijn 1999/5/EC EN300 328
EN301 489-1
EN301 489-17
TBR21
EN60950-1
Voor gebruikers in Europa
Seiko Epson Corporation verklaart hierbij dat volgend model van dit apparaat voldoet aan de essentiële vereisten
en andere relevante bepalingen in richtlijn 1999/5/EC:
C531B
Alleen voor gebruik in Ierland, Verenigd Koninkrijk, Oostenrijk, Duitsland, Liechtenstein, Zwitserland, Frankrijk,
België, Luxemburg, Nederland, Italië, Portugal, Spanje, Denemarken, Finland, Noorwegen, Zweden, IJsland,
Gebruikershandleiding
Bijlage
147
Kroatië, Cyprus, Griekenland, Slovenië, Malta, Bulgarije, Tsjechië, Estland, Hongarije, Letland, Litouwen, Polen,
Roemenië en Slowakije.
Epson aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid wanneer aan de beschermingsvereisten areuk wordt gedaan
ten gevolge van een niet-geautoriseerde wijziging aan de producten.
Normen en goedkeuringen voor Australisch model
EMC AS/NZS CISPR22 Class B
Epson verklaart hierbij dat volgende modellen van dit apparaat voldoen aan de essentiële vereisten en andere
relevante bepalingen in AS/NZS4268:
C531B
Epson aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid wanneer aan de beschermingsvereisten
areuk
wordt gedaan
ten gevolge van een niet-geautoriseerde wijziging aan de producten.
Beperkingen op het kopiëren
Voor een verantwoord en legaal gebruik van de printer moet eenieder die ermee werkt rekening houden met de
volgende beperkingen.
Het kopiëren van de volgende zaken is wettelijk verboden:
Bankbiljetten, muntstukken en door (lokale) overheden uitgegeven eecten.
Ongebruikte postzegels, reeds van een postzegel voorziene brieaarten en andere ociële, voorgefrankeerde
poststukken.
Belastingzegels en
eecten
uitgegeven volgens de geldende
voorschrien.
Pas op bij het kopiëren van de volgende zaken:
Privé-eecten (zoals aandelen, waardepapieren en cheques), concessiebewijzen enzovoort.
Paspoorten, rijbewijzen, pasjes, tickets enzovoort.
Opmerking:
Het kopiëren van deze zaken kan ook wettelijk verboden zijn.
Verantwoord gebruik van auteursrechtelijk beschermd materiaal:
Misbruik van printers is mogelijk door auteursrechtelijk beschermd materiaal zomaar te kopiëren. Tenzij u op
advies van een geïnformeerd advocaat handelt, dient u verantwoordelijkheidsgevoel en respect te tonen door eerst
toestemming van de copyrighteigenaar te verkrijgen voordat u gepubliceerd materiaal kopieert.
De printer vervoeren
Als u de printer moet vervoeren voor een verhuis of reparaties, volg de onderstaande stappen om de printer in te
pakken.
Gebruikershandleiding
Bijlage
148
!
Let op:
Pas bij het sluiten van de scannereenheid op dat uw vingers niet klem komen te zitten. Anders kunt u zich
verwonden.
c
Belangrijk:
Zorg er bij opslag of transport van de printer voor dat deze niet gekanteld, verticaal of ondersteboven wordt
gehouden, anders kan er inkt lekken.
Laat de cartridges zitten. Als u de cartridges verwijdert, kan de printkop indrogen, waardoor afdrukken niet
meer mogelijk is.
1. Druk op
P
om de printer uit te zetten.
2. Zorg ervoor dat het aan/uit-lampje uit staat en haal dan het netsnoer uit het stopcontact.
c
Belangrijk:
Haal het netsnoer uit het stopcontact als het aan/uit-lampje uit staat. Als u dit niet doet gaat de printkop niet
terug naar de uitgangspositie waardoor de inkt opdroogt en afdrukken niet meer mogelijk is.
3. Koppel alle kabels los zoals het netsnoer en de USB-kabel.
4. Verwijder al het papier uit de printer.
5. Zorg dat er geen originelen in de printer steken.
6. Open de scannereenheid met het documentdeksel gesloten. Bevestig de inkpatroonhouder met tape aan het
omhulsel.
Gebruikershandleiding
Bijlage
149
7. Sluit de scannereenheid.
8. Verpak de printer zoals hieronder weergegeven.
9. Plaats de printer in de doos met de beschermende materialen.
Verwijder de tape die de inktpatroonhouder vasthoudt voordat u de printer opnieuw gebruikt. Reinig en lijn de
printkop uit als de afdrukkwaliteit lager is wanneer u opnieuw afdrukt.
Gerelateerde informatie
&
“Namen en functies van onderdelen” op pagina 12
& De printkop controleren en reinigen” op pagina 96
& “De printkop uitlijnen” op pagina 97
Hulp vragen
Technische ondersteuning (website)
Als u verdere hulp nodig hebt, kunt u naar de onderstaande ondersteuningswebsite van Epson gaan. Selecteer uw
land of regio, en ga naar de ondersteuningssectie van uw lokale Epson-website. Op de site vindt u ook de nieuwste
drivers, veelgestelde vragen en ander downloadbare materialen.
http://support.epson.net/
http://www.epson.eu/Support (Europa)
Als uw Epson-product niet goed functioneert en u het probleem niet kunt verhelpen, neemt u contact op met de
klantenservice van Epson.
Gebruikershandleiding
Bijlage
150
Contact opnemen met de klantenservice van Epson
Voordat u contact opneemt met Epson
Als uw Epson-product niet goed functioneert en u het probleem niet kunt verhelpen met de informatie in de
producthandleidingen, neem dan contact op met de klantenservice van Epson. Als uw land hierna niet wordt
vermeld, neemt u contact op met de leverancier bij wie u het apparaat hebt aangescha.
We kunnen u sneller helpen als u de volgende informatie bij de hand hebt:
Het serienummer van de printer
(Het etiket met het serienummer vindt u meestal aan de achterzijde van de printer.)
Het model van de printer
De versie van de printersoware
(Klik op About, Version Info of een vergelijkbare knop in uw toepassing.)
Het merk en het model van uw computer
Naam en versie van het besturingssysteem op uw computer
Naam en versie van de toepassingen die u meestal met de printer gebruikt
Opmerking:
Aankelijk van het apparaat kunnen de gegevens van de snelkieslijst voor fax en/of netwerkinstellingen worden opgeslagen
in het geheugen van het apparaat. Als een apparaat defect raakt of wordt hersteld is het mogelijk dat gegevens en/of
instellingen verloren gaan. Epson is niet verantwoordelijk voor gegevensverlies, voor de back-up of het ophalen van gegevens
en/of instellingen, zelfs niet tijdens een garantieperiode. Wij raden u aan zelf een back-up te maken of notities te nemen.
Hulp voor gebruikers in Europa
In het pan-Europese garantiebewijs leest u hoe u contact kunt opnemen met de klantenservice van Epson.
Hulp voor gebruikers in Australië
Epson Australia staat voor u klaar als u hulp nodig hebt. Naast de producthandleidingen beschikt u over de
volgende informatiebronnen:
Internet-URL
http://www.epson.com.au
Raadpleeg de website van Epson Australia. Hier vindt u ongetwijfeld wat u zoekt: een downloadgedeelte voor
drivers, Epson-adressen, informatie over nieuwe producten en technische ondersteuning (e-mail).
Epson-helpdesk
Telefoon: 1300-361-054
In laatste instantie kunt u voor advies altijd terecht bij de Epson-helpdesk. Onze medewerkers kunnen u helpen bij
de installatie, de conguratie en het gebruik van uw Epson-product. Ook kunt u hier documentatie over nieuwe
Epson-producten of het adres van de dichtstbijzijnde leverancier of onderhoudsmonteur aanvragen. Op tal van
vragen vindt u hier het antwoord.
Zorg ervoor dat u alle relevante informatie bij de hand hebt wanneer u belt. Hoe meer informatie u kunt geven, des
te sneller we u kunnen helpen: handleidingen van uw Epson-product, het type computer, het besturingssysteem,
toepassingen en alle informatie die u verder belangrijk lijkt.
Gebruikershandleiding
Bijlage
151
Vervoer van het apparaat
Epson raadt u aan om de verpakking van het apparaat te bewaren voor eventueel later vervoer. Ook raden wij u
aan om de inkttank vast te zetten met tape en het apparaat rechtop te houden.
Gebruikershandleiding
Bijlage
152
147

Hulp nodig? Stel uw vraag in het forum

Spelregels
1

Forum

Epson-WORKFORCE-WF-2760DWF
  • ik krijg steeds de melding dat een inktpatroon niet herkend wordt. Wil de tip van een forumbezoeker toepassen om het spuitprogramma uit te voeren en dan op glossy te printen, maar kan niet bij de opdrachttoets komen om het spuitprogramma uit te voeren. Enige dat ik in het venster te zien krijg is opmerking dat het patroon niet herkend wordt. Zelfs na aan- en uitzetten. Gesteld op 14-7-2020 om 12:09

    Reageer op deze vraag Misbruik melden

Misbruik melden

Gebruikershandleiding.com neemt misbruik van zijn services uitermate serieus. U kunt hieronder aangeven waarom deze vraag ongepast is. Wij controleren de vraag en zonodig wordt deze verwijderd.

Product:

Bijvoorbeeld antisemitische inhoud, racistische inhoud, of materiaal dat gewelddadige fysieke handelingen tot gevolg kan hebben.

Bijvoorbeeld een creditcardnummer, een persoonlijk identificatienummer, of een geheim adres. E-mailadressen en volledige namen worden niet als privégegevens beschouwd.

Spelregels forum

Om tot zinvolle vragen te komen hanteren wij de volgende spelregels:

Belangrijk! Als er een antwoord wordt gegeven op uw vraag, dan is het voor de gever van het antwoord nuttig om te weten als u er wel (of niet) mee geholpen bent! Wij vragen u dus ook te reageren op een antwoord.

Belangrijk! Antwoorden worden ook per e-mail naar abonnees gestuurd. Laat uw emailadres achter op deze site, zodat u op de hoogte blijft. U krijgt dan ook andere vragen en antwoorden te zien.

Abonneren

Abonneer u voor het ontvangen van emails voor uw Epson WORKFORCE WF-2760DWF bij:


U ontvangt een email met instructies om u voor één of beide opties in te schrijven.


Ontvang uw handleiding per email

Vul uw emailadres in en ontvang de handleiding van Epson WORKFORCE WF-2760DWF in de taal/talen: Nederlands als bijlage per email.

De handleiding is 5,03 mb groot.

 

U ontvangt de handleiding per email binnen enkele minuten. Als u geen email heeft ontvangen, dan heeft u waarschijnlijk een verkeerd emailadres ingevuld of is uw mailbox te vol. Daarnaast kan het zijn dat uw internetprovider een maximum heeft aan de grootte per email. Omdat hier een handleiding wordt meegestuurd, kan het voorkomen dat de email groter is dan toegestaan bij uw provider.

Stel vragen via chat aan uw handleiding

Stel uw vraag over deze PDF

Andere handleiding(en) van Epson WORKFORCE WF-2760DWF

Epson WORKFORCE WF-2760DWF Snelstart handleiding - Nederlands - 2 pagina's

Epson WORKFORCE WF-2760DWF Gebruiksaanwijzing - Deutsch - 158 pagina's

Epson WORKFORCE WF-2760DWF Snelstart handleiding - Deutsch, English - 2 pagina's

Epson WORKFORCE WF-2760DWF Gebruiksaanwijzing - English - 147 pagina's

Epson WORKFORCE WF-2760DWF Snelstart handleiding - Français, Italiano - 2 pagina's


Uw handleiding is per email verstuurd. Controleer uw email

Als u niet binnen een kwartier uw email met handleiding ontvangen heeft, kan het zijn dat u een verkeerd emailadres heeft ingevuld of dat uw emailprovider een maximum grootte per email heeft ingesteld die kleiner is dan de grootte van de handleiding.

Er is een email naar u verstuurd om uw inschrijving definitief te maken.

Controleer uw email en volg de aanwijzingen op om uw inschrijving definitief te maken

U heeft geen emailadres opgegeven

Als u de handleiding per email wilt ontvangen, vul dan een geldig emailadres in.

Uw vraag is op deze pagina toegevoegd

Wilt u een email ontvangen bij een antwoord en/of nieuwe vragen? Vul dan hier uw emailadres in.



Info