162894
30
Verklein
Vergroot
Pagina terug
1/31
Pagina verder
Voorzorgsmaatregelen
2
Nederlands
VOORZORGSMAATREGELEN
Dit autonavigatiesysteem is geen vervanging voor uw eigen
beoordelingsvermogen. Plaatselijke verkeersbepalingen, uw eigen
beoordelingsvermogen en/of veilig rijden dienen altijd voorrang te hebben boven
eventuele instructies die het systeem verschaft. Volg onder geen enkele
omstandigheid de instructies van het autonavigatiesysteem indien dit zou
resulteren in een onveilige of verboden manoeuvre, indien u hierdoor in een
gevaarlijke situatie terecht zou komen, of als routes worden aanbevolen die u niet
als veilig beschouwd.
Kijk uitsluitend naar het scherm wanneer dit nodig is en als hierdoor de
veiligheid op geen enkele wijze in gevaar wordt gebracht. Als u langer naar het
scherm moet kijken, dient u eerst het voertuig op een veilige plaats langs de weg
te parkeren.
Tijdens het rijden mag u geen bestemming invoeren, instellingen veranderen
of functies oproepen waarbij u langere tijd naar het scherm moet kijken en/of de
afstandsbediening moet gebruiken. Parkeer het voertuig eerst op een veilige
plaats langs de weg alvorens u het systeem gaat bedienen.
Gebruik het autonavigatiesysteem niet wanneer u in noodgevallen de weg
moet zoeken naar een politiebureau, brandweer, ziekenhuis enz. In de database
van het systeem zijn namelijk niet de adressen van al deze diensten opgenomen.
U dient in dergelijke gevallen uw eigen kennis van het gebied te gebruiken,
verkeersborden te lezen of de weg te vragen.
De wegenkaart die op de DVD-ROM staat, bevat de meest recente informatie
beschikbaar op het moment dat de disk werd vervaardigd. Aangezien echter
voortdurend veranderingen in het wegennet, de straten enz. worden aangebracht,
is het mogelijk dat het autonavigatiesysteem niet altijd de weg naar uw
bestemming weet. In dergelijke gevallen dient u uw eigen kennis van het gebied te
gebruiken, verkeersborden te lezen of de weg te vragen.
De wegenkaart die op de DVD-ROM staat, verschaft u informatie betreffende
de route naar uw bestemming. U dient echter niet te vergeten dat het
autonavigatiesysteem geen rekening houdt met de veiligheid van de route en
andere omstandigheden die van invloed kunnen zijn op uw reisschema. Het
systeem heeft ook geen informatie over wegomleggingen, plannen voor nieuwe
wegen, eigenschappen van de weg (type wegdek, eventuele hellingsgraad,
gewicht- of hoogte-beperkingen, enz.), files, weersomstandigheden of eventuele
andere factoren die de veiligheid of de vereiste reistijd kunnen beïnvloeden.
Gebruik uw eigen beoordelingsvermogen als het autonavigatiesysteem u geen
alternatieve route kan geven.
BELANGRIJKE INFORMATIE. LEES DE ONDERSTAANDE
INFORMATIE ZORGVULDIG DOOR ALVORENS U HET
AUTONAVIGATIESYSTEEM IN GEBRUIK NEEMT.
Dit autonavigatiesysteem is bedoeld om u stap voor stap tot uw gewenste bestemming te
brengen. Lees de onderstaande voorzorgsmaatregelen nauwkeurig door zodat u het
systeem op de juiste wijze gebruikt.
3
Er zijn gevallen waarin het autonavigatiesysteem de plaats waar het voertuig
zich bevindt niet juist aangeeft. Gebruik dan uw eigen beoordelingsvermogen, met
inachtneming van de rijomstandigheden. Gewoonlijk zal het autonavigatiesysteem
de plaats waar het voertuig zich bevindt weer automatisch corrigeren. Indien dit
niet gebeurt, dient u de correctie zelf uit te voeren. In dit geval parkeert u het
voertuig eerst op een velige plaats langs de weg alvorens u het
autonavigatiesysteem gaat bedienen.
Stel de geluidssterkte van de gesproken instructies niet te hoog in, om te
voorkomen dat u geluiden van buitenaf niet meer hoort. Rijden zonder dat
geluiden van buitenaf hoorbaar zijn, kan resulteren in een ongeluk.
Bevestig de monitor zodanig dat de bestuurder van het voertuig het scherm
van de monitor in een oogopslag kan zien. Indien afstellingen vereist zijn, dient u
het voertuig eerst op een veilige plaats langs de weg te parkeren.
De monitor mag niet op een plaats worden aangebracht waar deze het zicht
van de bestuurder zou kunnen belemmeren (het zicht op de weg, spiegels,
instrumenten of rondom het voertuig), aangezien dit bijzonder gevaarlijk kan zijn
tijdens het rijden. Ook dient de monitor niet op een plaats te worden ingebouwd
waar deze de werking van de airbags kan hinderen.
Zorg dat u altijd de veiligheidsgordel draagt wanneer het voertuig in beweging
is. Dit om te voorkomen dat u bij een aanrijding tegen voorwerpen in het voertuig,
inclusief het autonavigatiesysteem, wordt geslingerd.
Zorg dat ook andere personen die van het autonavigatiesysteem gebruik
maken deze voorzorgsmaatregelen en de hiernavolgende instructies zorgvuldig
doorlezen.
Indien er zaken in de gebruiksaanwijzing zijn die u niet goed begrijpt of als de
bediening van het autonavigatiesysteem niet duidelijk is, dient u contact op te
nemen met een officiële Alpine dealer alvorens u het systeem gaat gebruiken.
Voorzorgsmaatregelen
4
a Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door alvorens u het
autonavigatiesysteem gaat bedienen en zorg ervoor dat u het systeem op
een veilige wijze gebruikt. Alpine kan niet verantwoordelijk worden gesteld
voor storingen als gevolg van het niet opvolgen van de
bedieningsaanwijzingen.
a In deze gebruiksaanwijzing wordt onder diverse hoofdjes informatie verschaft
betreffende een veilig gebruik van het autonavigatiesysteem en eventuele
gevaren als gevolg van verkeerde aansluitingen of een onjuiste bediening.
Hieronder ziet u de betekenis van deze hoofdjes/symbolen. Zorg dat u weet
wat de hoofdjes/symbolen betekenen zodat u optimaal profijt trekt van de
informatie in de gebruiksaanwijzing.
aBetekenis van de hoofdjes/symbolen
Nuttige wenken voor een veilig gebruik
Dit symbool gaat belangrijke instructies vooraf.
Indien u deze niet volgt, kan dit ernstige of zelfs
dodelijke verwondingen tot gevolg hebben.
Dit symbool gaat belangrijke instructies vooraf.
Indien u deze niet volgt, kan dit verwonding of
beschadiging tot gevolg hebben.
Waarschuwing
Opgelet
Aanvullende nuttige informatie betreffende de bediening van
het systeem.
Tips
5
NIET DEMONTEREN NOCH MODIFICEREN. Om ongevallen, brand of
elektrocutie te voorkomen.
HOU KLEINE VOORWERPEN ZOALS BATTERIJEN BUITEN HET
BEREIK VAN KINDEREN.
Om te voorkomen dat ze worden ingeslikt. Indien
dat toch gebeurt, moet u onmiddellijk een arts raadplegen.
VERVANG ZEKERINGEN DOOR EXEMPLAREN MET DE JUISTE
AMPERAGE. Om brand of elektrocutie te voorkomen.
DIT PRODUCT IS BESTEMD VOOR MOBIELE 12V-TOEPASSIN-
GEN.
Indien dit product voor andere doeleinden wordt gebruikt, kan dit brand,
elektrocutie of andere verwondingen tot gevolg hebben.
BEDIEN GEEN FUNCTIE WAARBIJ UW AANDACHT VAN EEN
VEILIG RIJGEDRAG WORDT AFGELEID. Elke functie die langdurige
aandacht vergt, mag uitsluitend worden bediend wanneer het voertuig volledig
stilstaat. Stop op een veilige plek alvorens deze functies te bedienen. Indien u dat
niet doet, kunt u een ongeval veroorzaken.
KIJK ZO WEINIG MOGELIJK NAAR DE MONITOR TIJDENS HET
RIJDEN. Door naar de monitor te kijken, kan de aandacht van de bestuurder
worden afgeleid wat tot ongevallen kan leiden.
VOLG DE ROUTE-AANWIJZINGEN NIET ALS HET NAVI-
GATIESYSTEEM U BEVEELT EEN ONVEILIG OF VERBODEN
MANOEUVER UIT TE VOEREN OF U IN EEN ONVEILIGE SITUATIE
OF OMGEVING BRENGT.
Dit product kan niet in uw plaats oordelen. Route-
aanwijzingen van dit systeem mogen nooit in strijd zijn met de lokale wegcode, uw
persoonlijk oordeel of een veilig rijgedrag.
Waarschuwing
Voorzorgsmaatregelen
6
STOP HET GEBRUIK VAN HET APPARAAT ONMIDDELLIJK INDIEN
ER EEN STORING OPTREEDT.
Indien u dat niet doet, kan dit leiden tot
verwondingen of beschadigint van het product. Stuur het apparaat voor reparatie
naar uw erkend Alpine dealer of het dichtstbijzijnde Alpine Service Centre.
STEEK GEEN HANDEN, VINGERS NOCH VREEMDE VOORWER-
PEN IN GLEUVEN NOCH OPENINGEN.
Dit kan leiden tot verwondingen of
beschadiging van het product.
GEBRUIK GEEN NIEUWE BATTERIJEN SAMEN MET OUDE.
PLAATS BATTERIJEN OP DE JUISTE MANIER. Let er bij het plaatsen
van de batterijen op dat de + en – in de juiste richting wijzigen. Barsten of lekken
kunnen brand of lichamelijk letsel tot gevolg hebben.
Opgelet
7
Inhoudsopgave
Voorzorgsmaatregelen
4 ..................................Nuttige wenken voor een veilig gebruik
5 ........................................................................... Waarschuwing
6 ........................................................................................Opgelet
Voorwoord
8 ...............................................................Autonavigatiesysteem
Benaming en functie van de onderdelen
10 ......................................................
Afstandsbediening en display
Alvorens de apparatuur in gebruik te nemen
12 ..........................................................................Hoofdapparaat
13 .................................................................. Afstandsbediening
14 ..............................................In/uitschakelen van het display
Overige informatie
15 .........................................................Verhelpen van storingen
16 ..........................................................................
Foutmeldingen
17 ............................................................. Technische gegevens
Preface
8
Voorwoord
Dit autonavigatiesysteem maakt gebruik van drie verschillende inrichtingen voor het bepalen van
de huidige positie van het voertuig en om de verplaatsing van het voertuig te volgen. Deze drie
inrichtingen zijn: een GPS (Global Positioning System) receiver die de digitale signalen van de
GPS satellieten ontvangt om de huidige positie van het voertuig te bepalen, een gyroscoop die de
richting bepaalt waarin het voertuig draait en een snelheidsmeterpulssensor die bepaalt hoe ver
het voertuig gereden heeft. Aangezien het systeem is uitgerust met een gyroscoop en een
snelheidssensor, kan het systeem ook de positie van het voertuig aangeven en de verplaatsing van
het voertuig volgen wanneer in een gebied gereden wordt waar het GPS signaal niet ontvangen
kan worden.
De wegenkaartgegevens staan op een DVD-ROM (los verkrijgbaar). Nadat u een bepaalde
bestemming heeft ingevoerd, gebruikt het autonavigatiesysteem de wegenkaartgegevens in
combinatie met de hierboven beschreven inrichtingen om de beste route voor u uit te stippelen. Op
weg naar de bestemming toont het systeem op de monitor de weg, straat e.d. waar u bent en leidt
u via gesproken instructies veilig en zeker naar uw eindadres.
Autonavigatiesysteem
GPS (Global Positioning System)
Benodigde tijd voor het bepalen van
de huidige positie
Het bepalen van de huidige positie van het
voertuig begint wanneer de contactsleutel naar
ACC of ON wordt gedraaid en stopt wanneer
de contactsleutel weer op OFF wordt gedraaid.
Wanneer de contactsleutel de eerste maal
naar ACC of ON wordt gedraaid, duurt het 1 à
2 minuten voordat de huidige positie van het
voertuig op het scherm kan worden
aangegeven.
Gyroscoop
De gyroscoop is een sensor die nauwkeurig de
hoek kan meten waarin de richting van een
voertuig verandert. Gyroscopen worden
gebruikt in traagheidsnavigatiesystemen voor
de lucht- en scheepvaart. In uw
autonavigatiesysteem wordt de gyroscoop in
combinatie met de snelheidssensor gebruikt
om op plaatsen waar de GPS signalen niet
doorkomen de positie van het voertuig te
bepalen.
Het systeem ontvangt de signalen van drie of
meer GPS satellieten (deze worden beheerd
door het Ministerie van Defensie van de
Verenigde Staten) die op een hoogte van
21.000 km rondom de aarde cirkelen en
bepaalt op basis van deze signalen via
triangulatiemeting de huidige positie van het
voertuig.
Mate van afwijking tot de ware
positie van het voertuig
Als GPS signalen van vier of meer satellieten
ontvangen kunnen worden, kan een
driedimensionale positie-berekening (hoogte,
breedtegraad, lengtegraad) voor het voertuig
worden uitgevoerd. In dit geval is de afwijking tot
de ware positie van het voertuig maximaal 30 tot
200 meter (100 tot 655 feet). Als slechts van drie
satellieten GPS signalen ontvangen kunnen
worden, kan alleen een tweedimensionale
positie-berekening (breedtegraad en
lengtegraad) worden uitgevoerd, waardoor de
afwijking iets groter is. Wanneer van minder dan
drie satellieten GPS signalen ontvangen worden,
kan het GPS de positie van het voertuig niet
bepalen. Behalve de afwijkingen als gevolg van
de eigenschappen van het GPS kan er ook een
grotere foutmarge optreden wanneer het
Ministerie van Defensie van de Verenigde
Staten opzettelijk de accuratesse van het
systeem wijzigt.
9
Plaatsen waar de GPS signalen gemakkelijk ontvangen kunnen worden
Plaatsen waar de GPS signalen niet ontvangen kunnen worden
Op de volgende plaatsen of bij de volgende omstandigheden kunnen de GPS signalen
niet ontvangen worden. In deze gevallen zorgen de gyroscoop en de snelheidssensor
voor de positie-bepaling van het voertuig zodat het autonavigatiesysteem de verplaatsing
van het voertuig kan blijven volgen.
De ontvangst van GPS signalen is
optimaal in een open omgeving, d.w.z.
op plaatsen zonder hoge gebouwen,
bomen of andere objecten die de
signalen kunnen blokkeren.
Wanneer de GPS satelliet erg laag staat (minder
dan 10° boven de horizon) kan het signaal vaak
niet ontvangen worden als gevolg van obstakels
tussen de satelliet en het voertuig.
In tunnels en
parkeergarages
Op plaatsen met veel
hoge gebouwen
Op plaatsen met veel
hoge bomen
Op de onderste weg van
een dubbeldecks
autosnelweg
Voorwoord
Benaming en functie van de onderdelen
10
BS OK
12
3
45
6
78
9
0
VOICE
ZOOM
POS.
DEST.
ROUTE
LO.PT.
POWER
OFF
ENTER
RETURN
MENU
DEST (Destination)
toets
Toont het straatinvoerscherm.
Routetoets (ROUTE)
Druk op deze toets om nogmaals
de route uit te stippelen of voor
omschakelen tussen autosnelweg-
voorkeur/normale-wegen-voorkeur
bij het zoeken van de route.
BS toets
Wist het ingevoerde teken.
Cijfertoetsen
Gebruik deze toetsen om
telefoonnummers, adresnummers of
straatnamen met nummers (b.v.,
42nd St.) in te voeren.
Raadpleeg de
GEBRUIKSAANWIJZING (geleverd
met DVD-ROM) voor
softwarebedieningsinstructies.
Draaiknop
Heeft diverse functies: in- en uitzoomen bij kaartweergave,
pagina's overlopen bij lijstweergave, cursor bedienen bij
invoer, letters verplaatsen bij tekeninvoer.
Invoertoets (ENTER)
Druk op deze toets om een oplichtende menu-
optie te selecteren.
Als u de toets indrukt totdat u een klikgeluid hoort,
wordt de gekozen opdracht uitgevoerd.
Benaming en functie van de onderdelen
Afstandsbediening en display
De bediening verschilt afhankelijk van de DVD-ROM die gebruikt wordt. Zie de gebruiksaanwijzing van de
DVD-ROM voor nadere bijzonderheden.
a Trek de handrem aan alvorens u
het menu gaat gebruiken. Indien dit
niet wordt gedaan, kunt u geen
bediening uitvoeren.
a Als u een niet toegestane
bediening uitvoert, hoort u een
pieptoon.
a Zie “Afstandsbediening” op blz. 13
voor nadere bijzonderheden
betreffende het gebruik van de
afstandsbediening.
a Stel de geluidssterkte in met de
geluidssterkteregelaar op de
monitor, etc.
Tips
Zender van afstandsbediening
Dit is de zender van de afstandsbedie-ning. Richt
dit gedeelte van de afstandsbediening naar de
monitor wanneer u bedieningssignalen uitstuurt.
Menutoets (MENU)
Druk op deze toets om het
hoofdmenu op te roepen. (Zie Tips)
Spraaktoets (VOICE)
Druk op deze toets voor gesproken instructies.
(U wordt dan tijdens het rijden via gesproken
instructies naar uw bestemming geleid.)
Inschakeltoets (POWER On)
Druk op deze toets om het beeld op het scherm te laten verschijnen.
Uitschakeltoets (Power OFF)
Druk op deze toets om het beeld te laten verdwijnen.
11
Locaaltoets (LO.PT.)
Druk op deze toets om de huidige positie van
het voertuig op het scherm aan te geven of
om belangrijke locale punten aan te geven. Bij
indrukken van de toets verschijnt het
selectiemenu voor de getoonde locale punten
op het scherm.
OK toets
Om cijfers in te voeren en het zoeken te
starten.
Zoomtoetsen (ZOOM,
55
55
5,
66
66
6)
Gebruik deze toets om de
kaartvergrotingsfactor in 13 stappen te
vergroten of te verkleinen (400 km, 200 km,
100 km, 50 km, 25 km, 12 km, 6,4 km,
3,2 km, 1,6 km, 800 m, 400 m, 200 m, 100 m)
Terugkeertoets (RETURN)
Druk op deze toets om de vorige
zoekopdracht weer in te stellen.
Zend-indicator
Deze indicator knippert wanneer
bedieningssignalen worden uitgezonden.
Positietoets (POS.)
Druk op deze toets om terug te keren naar de
huidige positie van het voertuig of om de breedte-/
lengtegraad op het scherm aan te geven.
Als u deze toets ingedrukt houdt, verandert de
aanduiding op het scherm als volgt:
Noth-up Heading-up
toets
Gebruik deze toets voor het omschakelen tussen
de wegenkaartfunctie en de gidsfunctie (met pijl).
Joystick
Gebruik de joystick om items in menu's te
kiezen of de wegenkaart in één van de acht
richtingen te schuiven.
a Stickers voor de vijf talen
(Duits, Frans, Spaans, Italiaans
en Nederlands) zijn bij de
afstandsbediening geleverd.
Kies de stickers in de gewenste
taal en bevestig hem op de
afstandsbediening.
a In de gebruiksaanwijzing staan
de toetsen op de
afstandsbediening afgebeeld in
het Engels. Als u de stickers
aanbrengt verandert de
benaming van de toetsen.
a De stickers kunnen bovenaan
of onderaan op de zijkant van
de afstandsbediening worden
bevestigd.
Tips
Voorbeelden van bevestiging
van de stickers
Stickers
Stickers
Onderkant
Bovenkant
ENTER
MENU
TERUG
STEM
VOICE
ZOOM
POS.
BEST.
ROUTE
LO.PNT.
AAN
UIT
ENTER
RETURN
MENU
Benaming en functie van de onderdelen
Alvorens de apparatuur in gebruik te nemen
12
De DVD-ROM verwijderen
Druk lichtjes op het klepje
en schuif het omlaag. De
DVD-ROM wordt half
uitgeworpen.
Als de DVD-ROM niet wordt
verwijderd, wordt hij na een tijdje
automatisch weer in de speler
getrokken.
De DVD-ROM plaatsen
Druk lichtjes op het klepje
en schuif het omlaag.
Als er al een DVD-ROM in het
hoofdapparaat zit, wordt die DVD-
ROM automatisch half uitgeworpen.
Plaats de DVD-ROM met de
labelzijde naar boven.
Nadat u de DVD-ROM gedeeltelijk
naar binnen heeft geschoven, zal
deze automatisch verder naar
binnen worden getrokken.
Sluit het klepje.
Sluit het klepje om te voorkomen dat
er stof in terechtkomt.
1
Hoofdapparaat
Alvorens de apparatuur in gebruik te nemen
DVD-ROM klepje
aZorg dat het schuifklepje dicht is,
behalve wanneer u de DVD-ROM
plaatst of uitneemt.
aDraai de contactsleutel naar ACC of
ON voordat u de DVD-ROM plaatst of
uitneemt. Plaatsen of uitnemen van de
DVD-ROM is niet mogelijk wanneer de
contactsleutel in de OFF stand staat.
aPlaats geen DVD videodiscs of kaart-
DVD-ROM.
Tips
2
1
Opgelet Sluit nooit het kleppen terwijl een
DVD-ROM wordt uitgeworpen om
te voorkomen dat de DVD-ROM
wordt gekrast of de speler
beschadigd.
Raak het oppervlak van de disk
niet met uw vingers aan.
Tips
3
aEen DVD-ROM is kwetsbaar. Zorg ervoor dat hij niet valt of wordt
gekrast.
aHou de DVD-ROM uit de buurt van stof en vocht.
Tips
13
Alvorens de apparatuur in gebruik te nemen
aDe afstandsbediening is een licht en compact apparaatje. Laat de afstandsbediening niet
vallen en stoot deze ook nergens tegen. Steek de afstandsbediening niet in uw
broekzak. Als dit wel gedaan wordt, kan de afstandsbediening beschadigd raken of
kunnen de batterijen voortijdig leeg raken.
aGebruik een droge doek om de afstandsbediening schoon te maken. (Hardnekking vuil
kan met een licht bevochtigde, goed uitgewrongen doek worden verwijderd.) Gebruik
nooit wasbenzine, terpentijn of andere sterke oplosmiddelen voor het reinigen,
aangezien de behuizing en afwerking hierdoor aangetast kunnen worden. Leg de
afstandsbediening niet op het dashboard of op een andere plaats blootgesteld aan direct
zonlicht.
Vervangen van de batterijen
Gebruik twee AA-type batterijen
Verwijder het
dekseltje.
Breng het
dekseltje weer aan.
Vervang de
batterijen.
123
Afstandsbediening
Tips
Het batterijdeksel openen.
Druk op het deksel en schuif het
in de richting van de pijltjes,
waarna het kan worden
verwijderd.
De batterijen vervangen.
Verwijder de oude batterijen en
plaats nieuwe met de (+) en (–) in
de juiste richting zoals afgebeeld
in de afstandsbediening.
Het deksel sluiten.
Duw het deksel in de richting van
het pijltje tot u een klik hoort.
Als de afstandsbediening is blootgesteld
aan directe zonnestraling, haal ze dan uit
de houder en berg ze op in het
handschoenenkastje.
Als de houder niet stevig kan worden
bevestigd met dubbelzijdige kleefband
bevestig hem dan met schroeven.
Opmerking: bevestig de dubbelzijdige
kleefband met de kant van het
blauwe beschermpapier op de
consolebox, enz.
+
+
Consolebox enz.
Afstands-
bediening
Afstands-
bedieningshouder
Dubbelzijdige
kleefband
(Maak het
bevestigingsvlak
schoon alvorens
de houder aan te
brengen.)
Bevestiging afstandsbedieningshouder
Versterkingsschroeven
Blauw
beschermpapier
Alvorens de apparatuur in gebruik te nemen
14
In/uitschakelen van het display
Het beginscherm zal automatisch verschijnen als u de contactsleutel naar ACC of ON draait, mits de monitor
in de autonavigatiesysteem-weergavestand of de extern-signaal weergavestand staat.
Als het systeem voor de eerste keer
wordt gebruikt, verschijnt het
taalkeuzemenu. Kies met de joystick
de gewenste taal (licht op). Druk
vervolgens op de ENTER toets.
Opmerking: Als u Engels als de taal instelt, kunt u kiezen voor
afstandsindicatie in M (miil) of km (kilometer). Bij de
andere talen is alleen afstandsindicatie in kilometer
beschikbaar.
Nadat het beginscherm is getoond,
verschijnt een scherm met de titel
“Lees deze informatie aandachtig!”.
U dient de informatie op dit scherm
aandachtig te lezen.
1-1
ENTER
1-2
Druk op de ENTER toets nadat u de
belangrijke informatie gelezen heeft.
De wegenkaart verschijnt op het scherm.
ENTER
Als u op de OFF toets drukt terwijl de
wegenkaart wordt getoond, wordt de
monitor uitgeschakeld.
Als u op de POWER toets drukt, verschijnt het beginscherm.
OFF
a Als er geen disk aanwezig is, verschijnt de melding “Plaats een Wegenkaart DVD
ROM”. Zie “Plaatsen van een DVD-ROM” en “Uitnemen van een DVD-ROM” op blz. 12
voor nadere bijzonderheden.
a Als de disk niet gelezen kan worden, verschijnt de melding “DVD ROM kan niet
gelezen worden. Controleer de DVD ROM.” Plaats de disk opnieuw in het station en
kijk of het probleem verholpen is. Indien dit niet het geval is, dient u contact op te
nemen met een officiële Alpine dealer.
a Als u de monitor langere tijd aan laat staan terwijl de motor niet draait, kan de accu
van het voertuig uitgeput raken.
a De bediening verschilt afhankelijk van de gebruikte disk. Zie de handleiding van de
DVD ROM voor nadere bijzonderheden.
Tips
2
3
15
En cas de problème, veuillez passer les points de la liste suivante en revue. Ce guide vous aidera
à déterminer le problème. Sinon assurez-vous que le reste du système est correctement raccordé
ou consultez votre revendeur Alpine.
Cause
Le fusible a sauté.
La température ambiante
est supérieure à 50°C.
Condensation d'humidité.
La position du véhicule a
changé après l'arrêt du
moteur.
• Déplacement en ferry-
boat.
• Rotation de la plaque
tournante d'une entrée de
parking.
• Véhicule remorqué.
Mauvaise configuration
des satellites
Positionnement
bidimensionnel seulement.
L'écran de navigation est
éteint.
Le disque est sale.
La tête de lecture est sale.
Les piles de la
télécommande sont
épuisées.
Solution
Remplacez-le par un fusible de
l'ampérage recommandé.
Réduisez la température dans le
véhicule en dessous de 50°C, en
roulant toute vitre ouverte ou en
utilisant la climatisation.
Laissez la condensation s'évaporer
(environ 1 heure).
Roulez un instant pour recevoir les
signaux GPS.
Allez dans un endroit où la réception
des signaux GPS est meilleure. (Voir
page 9.)
Appuyez sur la touche POWER de la
télécommande.
Nettoyez-le.
Nettoyez-la régulièrement.
Remplacez-les par des neuves. (Voir
page 13.)
Symptôme
Rien ne
fonctionne.
La position
actuelle du
véhicule ne
peut pas être
mesurée
correctement.
L'erreur de
calcul est trop
importante.
Pas d'affichage.
Affichage de
"Disque illisible"
pour une
certaine
opération.
Fonctionnement
discontinu.
Référence
En cas de difficulté
Référence
Référence
16
Divers messages apparaissent à l'écran quand l'aide à la navigation fonctionne. Outre les
messages qui vous indiquent le statut actuel ou vous guident, les messages d'erreur suivants
peuvent aussi apparaître. Si un de ces messages est affiché, suivez scrupuleusement les
instructions données dans la colonne de solutions.
En cas de message
Solution
Insérez un disque (vendu séparément).
Insérez le disque (vendu séparément).
Sortez le disque, vérifiez s'il était à
l'envers et nettoyez-le au besoin, puis
remettez-le en place.
Sortez le disque, laissez l’humidité
d’évaporer (1 heure environ) et
réinsérez le disque.
Quand le contrôle est terminé, l'écran
suivant apparaît automatiquement.
Garez-vous dans un lieu sûr et arrêtez-
vous. Actionnez la pédale de frein puis
effectuez l'opération souhaitée.
Message
Veuillez insérer le DVD-ROM.
DVD-ROM illisible. Veuillez
vérifier le DVD-ROM.
Vérification DVD-ROM.
Ne pas opérer pendant la
conduite.
Arrêter le véhicule et opérer.
Cause
Le disque a été enlevé.
Il n'y avait pas de disque dans le
système à la mise sous tension.
Le disque inséré ne peut pas être lu
par le système.
Le disque est sale ou à l'envers.
Le disque ne peut pas être lu à cause
de la condensation.
Vous venez juste d'insérer un disque.
Des vibrations ou un problème
similaire gêne la lecture du disque.
Vous avez appuyé sur la touche
MENU pendant la conduite du
véhicule.
Vous avez effectué une sélection de
menu pendant la conduite du véhicule.
17
Alimentation
Température de fonctionnement
(appareil pilote)
Type d'antenne
Fréquence de réception
Sensibilité de réception
Méthode de réception
Dimensions externes
Poids
Spécifications
Référence
14,4 VCC (11 – 16 V permissible)
masse négative
–10°C à +50°C (+14°F à +122°F)
Antenne plane microruban
1575,42 ±1 MHz
–130 dB max.
8 canaux parallèles
Appareil (I × H × P) 196 (7 –
3
/4) × 50 (2) × 191,5 mm (7 –
9
/16")
Télécommande (I × H × P)
4
5 (1 –
3
/
4
)
×
45 (1 –
3
/
4
)
×
135 mm (5 –
1
/
4
")
Appareil 1,7 kg (3 li. 12 on.)
Télécommande 0,07 kg (2,5 on.)
Accessoires
Produit
Connecteur d'alimentation
Cordon-rallonge RVB 13 broches
Mode d'emploi,
passeport audio, etc.
Quantité
1
1
1 jeu
Produit
Pièces de fixation
Antenne
Télécommande
Piles (AA)
Quantité
1 jeu
1 jeu
1 jeu
2
2
ALVORENS HET APPARAAT AAN TE SLUITEN
DIENT DE NEGATIEVE BATTERIJKABEL TE
WORDEN LOSGEKOPPELD om elektrocutie of
verwonding door kortsluiting te voorkomen.
ZORG ERVOOR DAT ER GEEN KABELS
VERSTRIKT RAKEN IN OMRINGENDE
VOORWERPEN. Plaats draden en kabels zoals in
de handleiding beschreven staat om te voorkomen
dat ze de bestuurder hinderen. Kabels of draden die
de beweging belemmeren van of zijn opgehangen
aan bijvoorbeeld stuurwiel, schakelpook,
rempedalen, enz. kunnen bijzonder gevaarlijk zijn.
MAAK GEEN AFTAKKINGEN IN ELEKTRISCHE
BEKABELING. Snij nooit kabelisolatie weg om
andere apparatuur te voeden. Indien u dat toch doet,
kan de maximum stroomcapaciteit van de draad
worden overschreden, wat kan leiden tot brand of
elektrocutie.
INSTALLEER HET APPARAAT NIET OP EEN
PLAATS WAAR HET DE BESTUURDER KAN
HINDEREN, ZOALS BIJVOORBEELD BIJ HET
STUURWIEL OF DE SCHAKELPOOK. Hierdoor
kunnen het zicht of de bewegingen van de
bestuurder worden gehinderd, wat tot ongevallen kan
leiden.
BESCHADIG GEEN LEIDINGEN NOCH
BEDRADING BIJ HET BOREN VAN GATEN. Bij het
boren van gaten in het chassis om het apparaat te
installeren, moet u opletten dat er geen leidingen,
tanks of elektrische bedrading worden geraakt,
beschadigd of belemmerd.
GEBRUIK GEEN BOUTEN OF MOEREN IN HET
REMSYSTEEM OF DE STUURINRICHTING VOOR
MASSAVERBINDING. Bouten of moeren in het
remsysteem of de stuurinrichting (en andere
veiligheidssystemen) of tanks mogen NOOIT worden
gebruikt voor installatie of massaverbinding. Het
gebruik van dergelijke onderdelen kan leiden tot
verlies van controle over het voertuig, brand, enz.
INSTALLEER DE MONITOR NIET IN DE BUURT
VAN EEN PASSAGIERSAIRBAG. Indien het
apparaat niet correct is geïnstalleerd, kan de airbag
eventueel niet correct functioneren en wanneer hij
toch wordt geactiveerd de monitor omhoog doen
springen en zo een ongeval en verwondingen
veroorzaken.
VERRICHT DE JUISTE AANSLUITINGEN. Indien
de aansluitingen niet correct zijn uitgevoerd, kan dit
leiden tot brand en beschadigingen.
VOORZORGSMAATREGELEN
HANDLEIDING VOOR INSTALLATIE EN AANS-
LUITING VOOR ERKENDE ALPINE DEALERS
Lees deze HANDLEIDING VOOR INSTALLATIE
EN AANSLUITING VOOR ERKENDE ALPINE
DEALERS en de GEBRUIKSAANWIJZING
aandachtig om uzelf vertrouwd te maken met elke
bediening en functie. ALPINE hoopt dat u jarenlang
plezier zult beleven aan uw nieuwe NVE-N077P.
Bij problemen met de installatie van uw toestel dient
u contact op te nemen met een erkend ALPINE
dealer.
Tips voor veilig gebruik
Lees deze handleiding aandachtig voor een veilige
bediening van dit systeem. Wij kunnen niet
aansprakelijk worden gesteld voor het niet volgen
van de instructies in deze handleiding.
Tips ter voorkoming van lichamelijk letsel bij uzelf
en anderen alsook schade zijn aangeduid met
symbolen. Hieronder vindt u een uitleg bij deze
symbolen. Om deze handleiding te begrijpen dient
u goed te weten wat ze betekenen.
Betekenis van symbolen
Dit symbool gaat belangrijke
instructies vooraf. Indien u deze
niet volgt, kan dit ernstige of zelfs
dodelijke verwondingen tot gevolg
hebben.
Dit symbool gaat belangrijke
instructies vooraf. Indien u deze
niet volgt, kan dit verwonding of
beschadiging tot gevolg hebben.
Opgelet
Waarschuwing
NIET DEMONTEREN NOCH MODIFICEREN om
ongevallen, brand of elektrocutie te voorkomen.
HOU KLEINE VOORWERPEN ZOALS
BATTERIJEN BUITEN HET BEREIK VAN
KINDEREN om te voorkomen dat ze worden
ingeslikt. Indien dat toch gebeurt, moet u onmiddellijk
een arts raadplegen.
VERVANG ZEKERINGEN DOOR EXEMPLAREN
MET DE JUISTE AMPERAGE om brand of
elektrocutie te voorkomen.
GEBRUIK HET APPARAAT UITSLUITEND IN
VOERTUIGEN MET 12V-VOEDING EN
NEGATIEVE MASSA om brand e.d. te voorkomen
(raadpleeg de dealer indien u twijfelt.).
Waarschuwing
3
Voorzorgsmaatregelen
BELANGRIJK
Opmerkinger het serienummer van uw apparaat in
de daartoe voorziene ruimte op de achterflap van
de gebruiksaanwijzing en bewaar die. Het
kenplaatje met het serienummer bevindt zich
onderaan op het toestel.
Opgelet
PLAATS DE BEDRADING ZO DAT ZE NIET
WORDT GEPLOOID NOCH GEKLEMD DOOR EEN
SCHERPE METALEN RAND. Hou kabels en draden
uit de buurt van bewegende onderdelen (zoals
bijvoorbeeld zetelrails) om te voorkomen dat die de
bedrading beschadigen. Voorzie doorvoeropeningen
in metaal van een rubberring om te voorkomen dat
de isolatie wordt ingesneden door de metalen rand
van de opening.
LAAT BEKABELING EN INSTALLATIE OVER AAN
DESKUNDIGEN. De bekabeling en installatie van dit
apparaat vergt technische kennis en ervaring. Laat
dit werk voor alle veiligheid over aan de dealer waar
u dit product hebt aangekocht.
GEBRUIK DE VOORGESCHREVEN
ONDERDELEN EN MONTEER ZE STEVIG. Gebruik
alleen de voorgeschreven accessoires. Door het
gebruik van andere onderdelen kan dit apparaat
inwendig worden beschadigd of niet goed zijn
geïnstalleerd. Loskomende onderdelen kunnen
leiden tot gevaarlijke toestanden of defecten.
INSTALLEER HET APPARAAT NIET OP
PLAATSEN WAAR HET IS BLOOTGESTELD AAN
VOCHT EN STOF. Vocht of stof in het apparaat kan
defecten veroorzaken.
Vermijd installatie op een plaats waar het apparaat
is blootgesteld aan overmatig stof of vocht.
Hierdoor kan de DVD ROM vervuilen en
onleesbaar worden.
Installeer het navigatiesysteem niet in de buurt van
een CD-speler die de ontvangst van GPS-signalen
kan storen.
Optimale installatieplaatsen voor de GPS-antenne
zijn:
op het dashboard indien de voorruit geen
metalen onderdelen (zoals verwarmings- of
antennedraden) bevat;
waar geen metalen deksel zit.
Hou de snelheidspulssensorkabel uit de buurt van
de audiokabels om ruis te voorkomen.
4
VOORZORGSMAATREGELEN 2
1. Voorbereiding 5
2. Aansluitingen 6
3-1. NVE-N077P Bedradingsschema met TME-M750 7
3-2. NVE-N077P Bedradingsschema met IVA-C800R/IVA-
M700R/CVA-1005R 8
3-3. NVE-N077P Bedradingsschema met CVA-1000R 9
3-4. NVE-N077P Bedradingsschema met TME-M006SP/
TME-M005P 10
Inhoud
3. Montage 12
4. Bevestiging 14
5
Controleer de benodigde onderdelen
Maak gereedschap en montage-instructies klaar.
1. Voorbereiding
1
2
1 Steun
5
Parkerschroef met flens
(M5 × 15)
3 Schroef met
dubbele ring
(M5 × 8)
GPS-antenne
× 3
× 2
Afstands-
bediening
Snelconnector
Voedingskabel
6 Veerring (M6)
× 4
× 4
7 Zeskantmoer met
flens (M6)
"
Parkerschroef
(M4 × 12)
! Velcrotape8 Vleugelmoer
(M6)
× 4
Antenne-
bevestigingsplaat
Afstands-
bedienings-
houder
13P RGB-verlengkabel (6 m)
Parkeer-
remhulpsnoer
2 Bodemplaat 4 Zeskantbout
(M6 × 50)
× 2
9 Velcrostrip
× 4
× 4
× 2
× 4
× 4
TangSchroevendraaier Isolatietape Potlood en gom
Parkeer het voertuig op een veilig en horizontale plek.
Zet de handrem op en trek de contactsleutel uit.
Antenne
3
4
5
De antenne op het dak monteren.
Maak de montageplaats stof- en olievrij en monteer de antenne.
Opmerkingen:
De antennemagneet is heel krachtig. Ga heel voorzichtig te werk om te
voorkomen dat het lakwerk wordt beschadigd. Hou de magneet uit de buurt
van zaken die gevoelig zijn voor magnetische velden, zoals bijvoorbeeld credit
cards, horloges, enz.
Verf de antenne niet. Hierdoor kan de ontvangstgevoeligheid immers
afnemen.
ZOOMUNGEB.
EIN AUS
ROUTE POS. ZIEL
EING.
M
EN
U
ZURUCK
STIM
M
ZOOMUNGEB.
EIN AUS
ROUTE POS. ZIEL
EING.
M
EN
U
ZURUCK
STIM
M
ZOOMUNGEB.
EIN AUS
ROUTE POS. ZIEL
EING.
M
EN
U
ZURUCK
STIM
M
ZOOMUNGEB.
EIN AUS
ROUTE POS. ZIEL
EING.
M
EN
U
ZURUCK
STIM
M
ZOOMUNGEB.
EIN AUS
ROUTE POS. ZIEL
EING.
M
EN
U
ZURUCK
STIM
M
× 2
Antenne
De antenne in het voertuig monteren.
1. Maak de montageplaats schoon.
2. Breng de antennebevestigingsplaat aan.
3. Monteer de antenne.
Opmerkingen:
Monteer de antenne op een effen ondergrond op het dashboard of de
hoedenplank.
Sommige soorten athermaan glas kunnen hoogfrequente golven hinderen. Bij
slechts ontvangst met de antenne in de auto gemonteerd, moet u de antenne
buiten monteren.
Kabelklem
Eén links en één rechts
Sleutel
Afstands-
bedieningsstickers
Verlengkabel Batterij (AA)
6
De antennekabel plaatsen.
1. Plaats de kabel met behulp van de voorziene kabelklemmen
om hem strak aan te spannen.
2. Gebruik het waterbestendige kussentje wanneer u de kabel
onder de rubberdichting plaatst.
3. Bevestig de kabel in diverse punten met behulp van de
overige kabelklemmen.
2. Aansluitingen
Koppel de negatieve (–) batterijklem los.
Opmerking:
Sommige voertuigen zijn uitgerust met een computer e.d. waarvan het
geheugen kan worden gewist wanneer de negatieve (–) batterijkabel wordt
losgekoppeld.
6
1
Snij eventueel kabels af en bevestig de snelconnectoren op de kabels.
Opmerking:
Gebruik de snelkoppelingen voor kabels die moeten worden aangesloten op de snelheidssensor, dimmer,
parkeerrem, enz..
2
Hoe aansluiten
3
12
Kabel navigatiezijde
Tang
Voorbereiding
Voertuigkabel
Aanslag
Snelconnector (meegeleverd)
Waterbestendig
kussentje
Kabelklemmen
Kabel navigatiezijde
7
3-1.
NVE-N077P Bedradingsschema met
TME-M750
* Door een verkeerde
aansluiting van de
snelheidspulsdraad kunnen
belangrijke
veiligheidsfuncties (zoals
remmen of airbags) worden
verstoord. Dat kan leiden tot
al dan niet dodelijke
ongevallen. Wij raden ten
zeerste aan de installatie
over te laten aan een erkend
Alpine dealer die daartoe
speciaal is opgeleid.
Massa (zwart)
12345
678910
(5A)
(5A)
1
TME-M750
A
A
2
3
4
5
6
7
8
9
10
1
6
5
10
TV TUNER INPUT
PHONE OUTPUT
VIDEO L RAUDIO
AUX INPUT 2
MOBILE COLOR MONITOR TME-M750
NAVIGATION INPUT
DISPLAY OUTPUT
POWER SUPPLY
VIDEO L RAUDIO
AUX INPUT 1
WIDE COLOR LCD MONITOR
POWER VOLUME
DN UP
SELECT
TME-M750
13P RGB Verlengkabel inbegrepen
MIC/SW
EX-2EX-1
GPS ANT.
Batterij Lead (geel)
Acc (contactslot)
Naar de Acc-
voedingskabel
Naar de
parkeeremsignaal-
draad
Parkeerrem (geel/blauw)
Gebruik dit voor het
aansluiten van
apparatuur met IN-
INT functie (–)
uitgang voor Audio
Mute
Naar
achteruitrijlichten
(+12V signaal)
Naar de
snelheidspuls-
signaaldraad
Naar de
verlichtingssignaal-
draad
BATTERIJ
TO DISP.
Systeemuitbreidingspoorten
POWER
Mute (roze/hemelsblauw)
Massa (zwart)
Acc (contact) (rood)
Mute (roze/hemelsblauw)
Open
Open
Batterij (geel)
Dimmer In (verlichting) (wit/blauw)
Snelheidssensor (groen/wit)
Parkeerrem (geel/blauw)
Met behulp van
een schroef
verbinden met
een metalen
onderdeel van
het chassis
GPS-antenne (meegeleverd)
Snelheidssensor (groen/wit)*
Aansluiten op VSS (digitaal of analoog 0V - 3V)
Achteruit (+) (oranje/wit)
Dimmer In (verlichting) (+) (wit/blauw)
Achteruit (oranje/wit)
Voedings-
aansluitings-
configuratie
8
3-2. NVE-N077P Bedradingsschema met
IVA-C800R/IVA-M700R/CVA-1005R
12345
678910
(5A)
(5A)
1
IVA-C800R
A
A
2
3
4
5
6
7
8
9
10
1
6
5
10
MOBIL MEDIA STATION 45WX4
IVA-C800R
DISPLAY OUTPUT
POWER SUPPLY
REMOTE OUT
NAVIGATION INPUT
FM ANNTENA
Ai-NET
VIDEO
L (MONO)
R
AUX OUTPUT
AUDIO
VIDEO
L (MONO)
R
AUX OUTPUT
AUX1
AUX2
L
R
AUDIO
SUB W.
REAR
FRONT
AUDIO
* Door een verkeerde
aansluiting van de
snelheidspulsdraad kunnen
belangrijke
veiligheidsfuncties (zoals
remmen of airbags) worden
verstoord. Dat kan leiden tot
al dan niet dodelijke
ongevallen. Wij raden ten
zeerste aan de installatie
over te laten aan een erkend
Alpine dealer die daartoe
speciaal is opgeleid.
13P RGB Verlengkabel inbegrepen
MIC/SW
EX-2EX-1
GPS ANT.
TO DISP.
Systeemuitbreidingspoorten
POWER
Massa (zwart)
Acc (contactslot)
Naar de
verlichtingssignaal-
draad
BATTERIJ
Massa (zwart)
Acc (contact) (rood)
Mute (roze/hemelsblauw)
Open
Open
Batterij (geel)
Dimmer In (verlichting) (wit/blauw)
Parkeerrem (geel/blauw)
Met behulp van
een schroef
verbinden met
een metalen
onderdeel van
het chassis
Achteruit (+) (oranje/wit)
GPS-antenne (meegeleverd)
Mute (roze/hemelsblauw)
Snelheidssensor (groen/wit)*
Aansluiten op VSS (digitaal of analoog 0V - 3V)
Gebruik dit voor het
aansluiten van
apparatuur met IN-
INT functie (–)
uitgang voor Audio
Mute
Naar de
snelheidspuls-
signaaldraad
Naar
achteruitrijlichten
(+12V signaal)
Naar de
parkeeremsignaal-
draad
Parkeerrem (geel/blauw)
Dimmer In (verlichting) (+) (wit/blauw)
Naar de Acc-
voedingskabel
Batterij Lead (geel)
Voedings-
aansluitings-
configuratie
Achteruit (oranje/wit)
Snelheidssensor (groen/wit)
9
3-3. NVE-N077P Bedradingsschema met
CVA-1000R
Zwart
(massa)
(geel)
(wit)
Optionele KCE-030N RCA naar
13-polige DIN verloopstekker
Niet aangesloten
(geel/rood)
(wit/groen)
(wit/bruin)
(geel)
(wit)
(wit/groen)
(wit/bruin)
(geel/rood)
Verlengsnoeren
inbegrepen
Geel/rood
(displaystuuringang)
12345
678910
(5A)
(5A)
1
A
A
2
3
4
5
6
7
8
9
10
1
6
5
10
VOLUME
MUTE
SOURCE
CVA-1000R
SET UPV.SEL
SYSTEM CONTROL
MONITOR / RECEIVER 35Wx4
TFT COLOR LCD
FUNC
R D S
EON
CVA-1000R
SYSTEM CONTROL
MONITOR / RECEIVER
CVA-1000R
DISPLAY OUTPUT
Ai-NET
VIDEO OUTPUT
AUX1
AUX1
POWER SUPPLY
wit/bruin
(afstandsbedieningsuitgang)
Wit/groen
(begeleidingsstuuringang)
Wit/blauw (dimmer)
Rood
(contactslot)
Geel
(batterij)
* Door een verkeerde
aansluiting van de
snelheidspulsdraad kunnen
belangrijke
veiligheidsfuncties (zoals
remmen of airbags) worden
verstoord. Dat kan leiden tot
al dan niet dodelijke
ongevallen. Wij raden ten
zeerste aan de installatie
over te laten aan een erkend
Alpine dealer die daartoe
speciaal is opgeleid.
MIC/SW
EX-2EX-1
GPS ANT.
TO DISP.
Systeemuitbreidingspoorten
POWER
Blauw (modulatorsturing)
Massa (zwart)
Batterij Lead (geel)
Acc (contactslot)
Naar de Acc-
voedingskabel
Naar de
parkeeremsignaal-
draad
Parkeerrem (geel/blauw)
Gebruik dit voor het
aansluiten van
apparatuur met IN-
INT functie (–)
uitgang voor Audio
Mute
Naar
achteruitrijlichten
(+12V signaal)
Naar de
snelheids-
pulssignaaldraad
Naar de
verlichtingssignaal-
draad
BATTERIJ
Mute (roze/hemelsblauw)
Massa (zwart)
Acc (contact) (rood)
Mute (roze/hemelsblauw)
Open
Open
Parkeerrem (geel/blauw)
Achteruit (oranje/wit)
Met behulp van
een schroef
verbinden met
een metalen
onderdeel van
het chassis
GPS-antenne (meegeleverd)
Snelheidssensor (groen/wit)*
Aansluiten op VSS (digitaal of analoog 0V - 3V)
Achteruit (+) (oranje/wit)
Geel/blauw
(parkeeremingang)
Dimmer In (verlichting) (+) (wit/blauw)
Voedings-
aansluitings-
configuratie
Snelheidssensor (groen/wit)
Dimmer In (verlichting) (wit/blauw)
Batterij (geel)
10
3-4.
NVE-N077P Bedradingsschema met
TME-M006SP/TME-M005P
12345
678910
(5A)
(5A)
1
A
A
2
3
4
5
6
7
8
9
10
1
6
5
10
TME-M006SP/TME-M005P
POWER SUPPLY
ATTENUATOR
DISPLAY OUTPUT
COLOR
TINT
HIGH
BRIGHT
LOW
LCD COLOR MONITOR
TME-M006SP/TME-M005P
AUX IN
VIDEO
L
R
NAVIGATION IN
VIDEO
AUDIO
AUDIO
POWER
LCD COLOR MONITOR
TME-M006SP
Rood
(contactslot)
(wit)
(geel)
(wit)
(geel)
Niet aangesloten
(geel/rood)
(geel/rood)
(wit/bruin)
Geel/rood
(displaystuuringang)
(wit/bruin)
Verlengsnoeren
meegeleverd
(wit/groen)
Optionele KCE-030N RCA naar
13-polige DIN verloopstekker
Wit/bruin
(afstandsbedieningsuitgang)
Geel/blauw
(parkeerremingang)
Wit/blauw
(dimmeringang)
Zwart
(massa)
* Door een verkeerde
aansluiting van de
snelheidspulsdraad kunnen
belangrijke
veiligheidsfuncties (zoals
remmen of airbags) worden
verstoord. Dat kan leiden tot
al dan niet dodelijke
ongevallen. Wij raden ten
zeerste aan de installatie
over te laten aan een erkend
Alpine dealer die daartoe
speciaal is opgeleid.
MIC/SW
EX-2EX-1
GPS ANT.
TO DISP.
Systeemuitbreidingspoorten
POWER
Massa (zwart)
Acc (contactslot)
Naar de Acc-
voedingskabel
Naar de
parkeeremsignaal-
draad
Parkeerrem (geel/blauw)
Gebruik dit voor het
aansluiten van
apparatuur met IN-
INT functie (–)
uitgang voor Audio
Mute
Naar
achteruitrijlichten
(+12V signaal)
Naar de
snelheids-
pulssignaaldraad
Naar de
verlichtingssignaal-
draad
BATTERIJ
Mute (roze/hemelsblauw)
Met behulp van
een schroef
verbinden met
een metalen
onderdeel van
het chassis
GPS-antenne (meegeleverd)
Snelheidssensor (groen/wit)*
Aansluiten op VSS (digitaal of analoog 0V - 3V)
Achteruit (+) (oranje/wit)
Batterij Lead (geel)
Massa (zwart)
Acc (contact) (rood)
Mute (roze/hemelsblauw)
Open
Open
Batterij (geel)
Dimmer In (verlichting) (wit/blauw)
Snelheidssensor (groen/wit)
Parkeerrem (geel/blauw)
Achteruit (oranje/wit)
Dimmer In (verlichting) (+) (wit/blauw)
Voedings-
aansluitings-
configuratie
11
Trek de contactsleutel uit en koppel de negatieve (–)
batterijklem opnieuw los om de installatieprocedure te
starten.
Sluit de voedingskabel aan op dit toestel.
Insteken tot u een klikgeluid hoort.
4
Wikkel isolatietape rond de uiteinden van ongebruikte
kabels.
Sluit de negatieve (–) batterijklem aan en zet het contactslot in de stand ACC of
ON. Controleer of dit correct verloopt.
(Staat het toestel aan? Is de verlichting aangeschakeld?)
U kunt de het taalkeuzemenu controleren op de monitor. (Raadpleeg de gebruiksaanwijzing voor meer
details.)
Ga na het controleren naar stap 7.
ON
5
6
Draai de contactslot in de stand OFF om het toestel uit te
schakelen na het verrichten van de controle.
7
OFF
8
12
3. Montage
Opmerking:
Het hoofdapparaat moet binnen ±5 graden ten opzichte van
het horizontale vlak in dwarsrichting en 30 graden ten
opzichte van het horizontale vlak in langsrichting worden
gemonteerd.
Minder dan 30°
a Monteren met Velcrostrips
Plaats de Velcrostrips.
Plaats twee Velcrostrips op het montagevlak met de ruwe kant naar het navigatiesysteem toe.
Druk het navigatiesysteem op de
Velcrostrips.
Verwijder de rug van de kleefzijde van de
Velcrostrips. Druk het navigatiesysteem aan op de
bevestigingsplaats.
Ga naar 5 Kabels enz. bevestigen.
a Montage op de hoedenplank
Bevestig de steunen 1 op het
apparaat.
Bevestig de steunen aan weerszijden van het
apparaat met behulp van schroeven en dubbele
ringen (M5×8) 3.
Bevestig het apparaat op de
hoedenplank
Bevestig het apparaat stevig met de zeskantbouten
(M6×50) 4, geflensde zeskantmoeren (M6) 7,
veerringen (M6) 6 en vleugelmoeren (M6) 8.
Ga naar 5 Kabels enz. bevestigen.
Vloer
4
7
6
8
1
3
3
1
2
1
2
Naargelang van de plaats van de
bevestigingsschroefopeningen kunnen de
bevestigingssteunen (links en rechts) en
weerszijden worden gebruikt.
(Onderkant)
(Onderkant)
Velcrostrips
13
a Montage op de vloer
Bevestig de steunen 1 op het
apparaat.
Bevestig de steunen aan weerszijden van het
apparaat met behulp van schroeven en dubbele
ringen (M5×8) 3.
Bevestig het apparaat op de
hoedenplank
Bevestig het apparaat stevig met de zeskantbouten
(M5×15) 5 en veerringen (M6) 6.
Waarschuwing: zorg ervoor dat er bij het boren
van gaten geen leidingen noch bedrading worden
beschadigd.
Ga naar 5 Kabels enz. bevestigen.
5
6
a Montage met vloersteunen
Bevestig de steunen 1.
Monteer de steunen 1 aan weerszijden van het
apparaat met behulp van schroeven en dubbele
ringen (M5×8) 3.
Bepaal de montagepositie van de
vloersteunen 2 voor plaatsing onder
het tapijt.
8
6
2
1
2
1
2
Naargelang van de plaats van de
bevestigingsschroefopeningen
kunnen de bevestigingssteunen
(links en rechts) en weerszijden
worden gebruikt.
3
3
1
3
3
1
Naargelang van de plaats van de
bevestigingsschroefopeningen
kunnen de bevestigingssteunen
(links en rechts) en weerszijden
worden gebruikt.
14
Snij een “x” in het tapijt met behulp
van een cutter en breng de
vloersteunen 2 aan via de onderkant
van het tapijt.
2
Monteer het apparaat op het tapijt met
behulp van tussenringen (M6) 6 en
vleugelmoeren (M6) 8.
Ga naar 5 Kabels enz. bevestigen.
8
6
Kabels enz. bevestigen.
Let erop dat de bedrading niet geklemd raakt tussen bewegende onderdelen zoals b.v. zetelrails en ook niet
wort beschadigd door uitstekende onderdelen.
Sluit de negatieve (–) batterijkabel aan.
4. Bevestiging
Zet het contact aan. Controleer of
het apparaat naar behoren
functioneert aan de hand van de
gebruiksaanwijzing.
ON
Controleer of elektrische
componenten zoals remlichten e.d.
correct functioneren.
a Bevestiging afstandsbedieningshouder
Als de afstandsbediening is blootgesteld aan
directe zonnestraling, haal ze dan uit de houder en
berg ze op in het handschoenenkastje.
Als de houder niet stevig kan worden bevestigd
met dubbelzijdige kleefband !, bevestig hem dan
met schroeven ".
3
4
5
6
1
2
* Dubbelzijdige kleefband. (Maak het bevestigingsvlak
schoon alvorens de houder aan te brengen.)
!*
Consolebox enz.
Afstands-
bediening
Afstands-
bedienings-
houder
Blauw
beschermpapier
Versterkings-
schroeven "
15
30

Hulp nodig? Stel uw vraag in het forum

Spelregels

Misbruik melden

Gebruikershandleiding.com neemt misbruik van zijn services uitermate serieus. U kunt hieronder aangeven waarom deze vraag ongepast is. Wij controleren de vraag en zonodig wordt deze verwijderd.

Product:

Bijvoorbeeld antisemitische inhoud, racistische inhoud, of materiaal dat gewelddadige fysieke handelingen tot gevolg kan hebben.

Bijvoorbeeld een creditcardnummer, een persoonlijk identificatienummer, of een geheim adres. E-mailadressen en volledige namen worden niet als privégegevens beschouwd.

Spelregels forum

Om tot zinvolle vragen te komen hanteren wij de volgende spelregels:

Belangrijk! Als er een antwoord wordt gegeven op uw vraag, dan is het voor de gever van het antwoord nuttig om te weten als u er wel (of niet) mee geholpen bent! Wij vragen u dus ook te reageren op een antwoord.

Belangrijk! Antwoorden worden ook per e-mail naar abonnees gestuurd. Laat uw emailadres achter op deze site, zodat u op de hoogte blijft. U krijgt dan ook andere vragen en antwoorden te zien.

Abonneren

Abonneer u voor het ontvangen van emails voor uw Alpine nve n 077 ps bij:


U ontvangt een email met instructies om u voor één of beide opties in te schrijven.


Ontvang uw handleiding per email

Vul uw emailadres in en ontvang de handleiding van Alpine nve n 077 ps in de taal/talen: Nederlands als bijlage per email.

De handleiding is 0,59 mb groot.

 

U ontvangt de handleiding per email binnen enkele minuten. Als u geen email heeft ontvangen, dan heeft u waarschijnlijk een verkeerd emailadres ingevuld of is uw mailbox te vol. Daarnaast kan het zijn dat uw internetprovider een maximum heeft aan de grootte per email. Omdat hier een handleiding wordt meegestuurd, kan het voorkomen dat de email groter is dan toegestaan bij uw provider.

Stel vragen via chat aan uw handleiding

Stel uw vraag over deze PDF

Uw handleiding is per email verstuurd. Controleer uw email

Als u niet binnen een kwartier uw email met handleiding ontvangen heeft, kan het zijn dat u een verkeerd emailadres heeft ingevuld of dat uw emailprovider een maximum grootte per email heeft ingesteld die kleiner is dan de grootte van de handleiding.

Er is een email naar u verstuurd om uw inschrijving definitief te maken.

Controleer uw email en volg de aanwijzingen op om uw inschrijving definitief te maken

U heeft geen emailadres opgegeven

Als u de handleiding per email wilt ontvangen, vul dan een geldig emailadres in.

Uw vraag is op deze pagina toegevoegd

Wilt u een email ontvangen bij een antwoord en/of nieuwe vragen? Vul dan hier uw emailadres in.



Info